Bestemmingsplan Bedrijventerrein ABC De Strijp Poeldijk Bijlagen [25-0007563]
Tekst van het document
4
VRAAG VAN AGRI & FOOD ............................................................................. 17 4.1 KWANTITATIEVE RUIMTEVRAAG VAN AGRI & FOOD 4.2 VERVANGINGSVRAAG 4.3 KWALITATIEVE VRAAG 4.4 CONCLUSIE
5
AANBOD AAN BEDRIJVENTERREINEN .............................................................. 23 5.1 ACTUEEL AANBOD 5.2 PLANCAPACITEIT 5.3 CONCLUSIE
6
BEHOEFTE AAN BEDRIJVENTERREINEN ............................................................. 25
7
MOGELIJKHEDEN IN BESTAAND STEDELIJK GEBIED.......................................... 27
BIJLAGE 1 AFBAKENING AGRI & FOOD BIJLAGE 2 PLANCAPACITEIT BEDRIJVENTERREINEN
INLEIDING
7
INLEIDING
ABC Westland Beheer en Beheersstichting Loswal de Bonnen zijn voornemens om twee bedrijventerreinen, gelegen in Westland en Hoek van Holland, verder te ontwikkelen. Het gaat om: • uitbreiding van bedrijventerrein ABC Westland in zuidelijke richting met ca. 12 ha uitgeefbaar terrein. • de nieuwe ontwikkeling van bedrijventerrein Loswal de Bonnen van ca. 17 ha uitgeefbaar terrein. Beide terreinen zijn bestemd voor (agro-)logistieke bedrijven. Dit onderzoek betreft een onderbouwing van de voorgenomen plannen aan de criteria van de Ladder voor Duurzame Verstedelijking. Er wordt – met een verwijzing naar Besluit ruimtelijke ordening (Bro) art 3.1.6. lid 2 - getoetst of er behoefte is aan de voorgenomen uitbreiding van het areaal bedrijventerrein met ca 29 ha1. De nieuwe ontwikkeling van bedrijventerrein Loswal de Bonnen ligt binnen bestaand stedelijk gebied. De uitbreiding van ABC Westland ligt buiten bestaand stedelijk gebied. Een motivering waarom niet binnen het bestaand stedelijk gebied in de behoefte kan worden voorzien, is daarom onderdeel van deze onderbouwing. Deze Ladder heeft betrekking op de periode 2021-2031.
FIGUUR 1 VOORGENOMEN UITBREIDING ABC WESTLAND EN ONTWIKKELING LOSWAL DE BONNEN Bron: ABC Westland en Notitie 210211
1
Art 3.1.6 Bro: “De toelichting bij een bestemmingsplan dat een nieuwe stedelijke ontwikkeling
mogelijk maakt, bevat een beschrijving van de behoefte aan die ontwikkeling, en, indien het bestemmingsplan die ontwikkeling mogelijk maakt buiten het bestaand stedelijk gebied, een motivering waarom niet binnen het bestaand stedelijk gebied in die behoefte kan worden voorzien.”
8
BELANGRIJKSTE CONCLUSIES
BELANGRIJKSTE CONCLUSIES
Dit Ladderonderzoek betreft de voorgenomen uitbreiding van bedrijventerrein ABC Westland met 12 ha (gemeente Westland) en de voorgenomen ontwikkeling van bedrijventerrein Loswal de Bonnen met 17 ha (gemeente Rotterdam). Deze terreinen liggen in de Metropoolregio Rotterdam Den Haag (MRDH) en maken deel uit van de Greenport West-Holland. Voor beide terreinen bestaat de doelgroep uit bedrijven in de agri & foodsector. Het onderzoeksgebied voor dit Ladderonderzoek bestaat vanwege de sterke economische en functionele samenhang uit de Metropoolregio Rotterdam Den Haag (MRDH). De relevante beleidskaders van de provincie Zuid-Holland, de MRDH en de gemeenten Westland en Rotterdam bevatten geen belemmeringen voor de uitbreiding van ABC Westland en de ontwikkeling van Loswal de Bonnen. In kwantitatief opzicht is het beleid gericht op het langjarige streven naar balans in vraag naar en aanbod van bedrijventerreinen, waarbij nieuwe ontwikkelingen gewenst zijn en mogelijk blijven. In kwalitatieve zin staan het zorgvuldig omgaan met de schaarste ruimte, toekomstbestendigheid en duurzaamheid centraal. Op basis van de verwachte vraag en de harde plancapaciteit bestaat er in de MRDH van 2021 tot 2031 een behoefte aan ca. 50 tot 70 ha bedrijventerrein voor de agri & food sector. METHODE
VRAAG PLANCAPACITEIT
BEHOEFTE
Werkgelegenheid
190 ha
120 ha
70 ha
Toegevoegde waarde
169 ha
120 ha
49 ha
Historische uitgifte
178 ha
120 ha
58 ha
BEHOETE AAN BEDRIJVENTERREINEN IN DE AGRI&FOOD SECTOR IN DE MRDH VOOR 2021-20231
De voorgenomen ontwikkelingen sluiten bovendien goed aan op de vestigingscriteria van bedrijven in de agri & food sector. Er bestaat dus zowel in kwantitatief als in kwalitatief opzicht voldoende behoefte om de ontwikkeling van ca. 29 ha bedrijventerrein op ABC Westland en Loswal de Bonnen gericht op agri & food te realiseren. Gegeven deze behoefte en de actuele krapte op de markt voor bedrijventerrein en de markt voor bedrijfsruimten worden geen (nadelige) ruimtelijke effecten verwacht. De uitbreiding van ABC Westland ligt buiten bestaand stedelijk gebied. De Ladder voor Duurzame Verstedelijking vereist dan dat - als er sprake is van een actuele regionale behoefte - geanalyseerd dient te worden in hoeverre in die behoefte kan worden voorzien in bestaand stedelijk gebied. De analyse laat zien dat binnen
BELANGRIJKSTE CONCLUSIES
bestaand stedelijk gebied in het onderzoeksgebied geen alternatief beschikbaar is voor de voorgenomen uitbreiding van ca. 12 ha op ABC Westland. De voorgenomen ontwikkelingen voldoen aan de eisen van de Ladder voor Duurzame Verstedelijking.
9
10
LOCATIES EN PLANCONCEPTEN
1 LOCATIES EN PLANCONCEPTEN
LOCATIES
Bedrijventerrein ABC Westland, is een bestaand bedrijventerrein van 60 ha in het hart van Westland (Figuur 2). Onderwerp van het Ladderonderzoek is de voorgenomen uitbreiding in zuidelijke richting met ca. 12 ha netto uitgeefbaar terrein (Figuur 3). Het uitbreidingsgebied ligt tussen de Arckelweg en het Wenpad. Bedrijventerrein Loswal de Bonnen, betreft een nieuwe ontwikkeling van 17 ha netto uitgeefbaar terrein aan de Nieuwe Waterweg in Hoek van Holland (Figuur 4).
FIGUUR 2 REGIONALE SITUERING ABC WESTLAND EN BEDRIJVENTERREIN LOSWAL DE BONNEN Bron: Openstreetmaps
Beide plangebieden liggen in de Metropoolregio Rotterdam Den Haag (MRDH). In deze regio werken 23 gemeenten samen aan het realiseren van een duurzame en internationaal concurrerende metropoolregio. De MRDH beschikt over een aantrekkelijk landschap met een infrastructureel netwerk dat woonkernen, werklocaties en voorzieningen goed verbindt.2 Beide plangebieden liggen tevens in de Greenport West-Holland. De Greenport heeft internationaal een toppositie op het gebied van productie en handel voor 2 Bron: MRDH, https://mrdh.nl/wie-zijn-we
LOCATIES EN PLANCONCEPTEN
11
groenten en sierteeltproducten; dat is mede mogelijk dankzij de nabijheid van twee mainports (Rotterdamse haven en luchthaven Schiphol) en een efficiënt logistiek systeem.3 PLANCONCEPTEN
Het plangebied ABC Westland wordt op basis van een samenwerkingsovereenkomst met de gemeente Westland ontwikkeld als een uitbreiding van bedrijventerrein ABC Westland met ca. 12 hectare. ABC Westland is met name bestemd voor (agro-)logistieke bedrijvigheid en voor bedrijven in de – aan de agribusiness gerelateerde – fresh & foodsector. ABC Westland werkt aan duurzaamheid door het gebruik van duurzame energie (ca. 30% van eigen verbruik gevestigde bedrijven) en een gesloten keten van water- en energieverbruik.
FIGUUR 3 VOORGENOMEN UITBREIDING ABC WESTLAND Bron: vertrouwelijke notitie ABC Westland Beheer dd 22 juni 2021
Het ambitiedocument Duurzaam bedrijventerrein Loswal de Bonnen beschrijft de ontwikkeling van Loswal de Bonnen tot een duurzaam bedrijventerrein van ca. 17 hectare. De bestemmingsplanwijziging voor Loswal de Bonnen is in gang gezet en voorziet een ruimteaanbod voor bedrijvigheid in de agri & foodsector. 3 Bron: Greenport West-Holland: https://greenportwestholland.nl/over-greenport/
12
LOCATIES EN PLANCONCEPTEN
FIGUUR 4 INRICHTINGSPLAN LOSWAL DE BONNEN Bron: notitie 210211
CONCLUSIE LOCATIES
Beide plangebieden hebben een goede situering, gegeven de doelgroep van bedrijven in de agri & foodsector. Belangrijk is de ligging in de Greenport WestHolland. De Greenport heeft internationaal een toppositie op het gebied van productie en handel voor groenten en sierteeltproducten. De bereikbaarheid van beide terreinen is goed. Bedrijventerrein Loswal De Bonnen is bereikbaar via de provinciale weg N223 die Hoek van Holland verbindt met de A4 en via de N213 die Hoek van Holland verbindt met de A20. Bedrijventerrein ABC Westland is bereikbaar via de provinciale weg N211 en de A4.
BELEIDSKADERS
13
2 BELEIDSKADERS
Ten behoeve van de Ladderonderbouwing is de beleidscontext voor beide terreinen geanalyseerd (Tabel 1). Daarbij is met name gekeken naar beleidsdocumenten van de provincie Zuid-Holland, de MRDH, de gemeente Rotterdam en de gemeente Westland. BELEIDSDOCUMENT RELEVANTE ONDERDELEN Omgevingsvisie Zuid-
De provincie Zuid-Holland zet in op drie beleidslijnen ten aanzien van de
Holland 2021
ontwikkeling van bedrijventerreinen: 1.
Het in evenwicht houden en, waar nodig, brengen van de vraag naar en het aanbod van bedrijventerreinen;
2.
Het beter benutten van bedrijventerreinen en, indien noodzakelijk, het ontwikkelen van nieuwe locaties die kwalitatief toegevoegde waarde hebben ten opzichte van de bestaande voorraad.
3.
Het verduurzamen van bedrijventerreinen waarbij ze zich tevens voorbereiden op toekomstige ontwikkelingen.
Specifiek voor de Greenports is het beleid gericht op versnelling van de transitie naar toekomstbestendige en duurzame terreinen die op mondiale schaal toonaangevend en innovatief zijn. De versnelde transitie heeft onder meer als thema’s het gebruik van nieuwe warmtebronnen, circulariteit in de tuinbouwketen en anticipatie op klimaatverandering. MRDH Strategie
Met het oog op regionale afspraken over bedrijventerreinen, zijn de volgende
Werklocaties 2019-
uitgangspunten relevant voor de planlocaties:
2030 (2019)
•
Marktevenwicht op de langere termijn. Vraag en aanbod zijn op de schaal van de MRDH kwantitatief en kwalitatief vrij goed in balans. Een rem op nieuwe ontwikkelingen is onnodig en onwenselijk; onder meer vanwege het tekort aan klassieke kleinschalige terreinen in de Haagse regio.
•
Het stimuleren en borgen van verduurzaming en de transitie naar een circulaire economie
Ontwerp-
•
Bedrijven in een hoge milieucategorie, op grote kavels, of met veel
Omgevingsvisie
logistieke bewegingen, passen bij uitstek op grootschalige
Rotterdam (2021)
bedrijventerreinen of gezoneerde industrieterreinen. •
De ruimte op bedrijventerreinen in Rotterdam wordt steeds schaarser. De opgave is dan ook om de resterende ruimte op bedrijventerreinen te beschermen en efficiënter te gebruiken voor bedrijven die alleen op deze bedrijventerreinen passen.
Omgevingsvisie Westland (2020)
•
Westland wil toekomstbestendige bedrijventerreinen, met voldoende bedrijvenlocaties en evenwicht in vraag en aanbod van bedrijfskavels en – locaties. Er is behoefte aan duurzame (nieuwe) bedrijvenlocaties.
14
BELEIDSKADERS
•
Westland investeert waar nodig in bestaande werklocaties om deze beter te laten aansluiten bij wensen zoals multifunctionaliteit en duurzaamheid.
•
De berekende vraag van circa 30 hectare tot 2030 kan worden opgevangen op twee of drie grootschalige locaties: − Bovendijk (4,5 ha) − Loswal de Bonnen (Hoek van Holland, circa 18 ha) − Uitbreiding van ABC Westland (12 ha netto)
•
De ontwikkeling van ABC Westland is gecombineerd met de realisatie van een gedeelte van de ecologische verbinding uit het Natuur Netwerk Nederland. Er wordt rekening gehouden met een groenstrook van 50 meter breed, langs de Wennetjessloot.
•
De gemeente maakt samen met de bedrijventerreinen een plan van aanpak om de terreinen klimaatadaptief in te richten.
TABEL 1 BELEIDSDOCUMENTEN EN RELEVANTE ONDERDELEN
CONCLUSIES BELEIDSKADER
De relevante beleidskaders van de provincie Zuid-Holland, de MRDH en de gemeenten Westland en Rotterdam bevatten geen belemmeringen voor de uitbreiding van ABC Westland en de ontwikkeling van Loswal de Bonnen. In kwantitatief opzicht gaat om het langjarige streven naar balans in vraag naar en aanbod van bedrijventerreinen, waarbij nieuwe ontwikkelingen gewenst zijn en mogelijk blijven. In meer kwalitatieve zin staan het zorgvuldig omgaan met de schaarse ruimte, toekomstbestendigheid en duurzaamheid centraal.
AFBAKENING ONDERZOEKSGEBIED
15
3 AFBAKENING ONDERZOEKSGEBIED
Voor het afbakenen van het onderzoeksgebied is gebruik gemaakt van verhuisbewegingen van bedrijven. Uit diverse onderzoeken blijkt dat het merendeel van de bedrijfsmigratie plaatsvindt over korte afstand. 94% van de bedrijven verhuist binnen de eigen regio (Ruimtelijk Planbureau; Pellenbarg en Van Steen). Daarbij zijn bedrijven in de agri & foodsector veelal honkvast. Door grote investeringen op productielocaties breiden bedrijven eerder uit op bestaande locaties dan dat zij kiezen voor verplaatsing; dat zou kapitaalverlies betekenen. Wanneer bedrijven wel verplaatsen, is dit meestal over kleine afstand vanwege behoud van personeel. Ook in Westland en Rotterdam verhuisden bedrijven in de periode 2011-2021 grotendeels binnen de eigen gemeente4. In de Randstedelijke provincies is de gemiddelde verhuisafstand korter dan in de overige provincies 5. In de MRDH ligt de gemiddelde verhuisafstand van bedrijven op zeven à acht kilometer en van alle bedrijfsverplaatsingen vindt 86% plaats binnen de MRDH.
FIGUUR 5 AFBAKENING ONDERZOEKSGEBIED Bron: MRDH
4 Bron: Vastgoeddata (2021) 5 Bron: CBS (2013), https://www.cbs.nl/nl-nl/achtergrond/2013/33/bedrijven-verhuizen-vooral-binnen-eigen-gemeente
16
AFBAKENING ONDERZOEKSGEBIED
De plangebieden liggen ook in de Greenport West-Holland. Nederland kent inmiddels zeven Greenports; naast West-Holland zijn er de Greenports in Aalsmeer, Duin- en Bollenstreek, Noord-Holland Noord, Boskoop, Venlo en het Gelders rivierengebied. Het zijn ruimtelijk-economisch tuinbouwclusters met hechte netwerken van toeleveranciers, tuinders en afnemers. Bedrijven werken samen met overheden en wetenschap aan economische versterking en innovatie. Gegeven de ruimtelijk-economische en functionele samenhang is de MRDH een logisch onderzoeksgebied. CONCLUSIE
Het onderzoeksgebied voor dit Ladderonderzoek bestaat uit de Metropoolregio Rotterdam Den Haag (MRDH).
VRAAG VAN AGRI & FOOD
17
4 VRAAG VAN AGRI & FOOD
AGRI & FOODSECTOR
De agri & foodsector omvat de gehele voedselketen. De kern van deze sector bestaat uit de primaire productie van (grondstoffen voor) levensmiddelen en de verwerking hiervan in de voedingsmiddelenindustrie. Bij de primaire productie moet met name gedacht worden aan de boerenbedrijven op het gebied van akkerbouw en het fokken en houden van dieren. De verwerking van de primaire producten – zoals vlees, zuivel, suiker, groente en fruit en verschillende halffabricaten – vindt plaats in de voedingsmiddelenindustrie. De groot- en detailhandel en ontwikkeling en onderzoek vormen samen met de twee kernactiviteiten de keten van agri & food. Het gaat om de speciaal voor voedingsmiddelen bestemde (agro-)logistiek, handel en financiële dienstverlening en om onderzoek en ontwikkeling op het gebied van de landbouw en de voedingsmiddelenindustrie. Zie ook bijlage 1 voor een nadere afbakening van de agri & foodsector.
FIGUUR 6 AFBAKENING AGRI&FOOD Bron: CBS, Monitor Topsectoren (2018)
4.1 KWANTITATIEVE RUIMTEVRAAG VAN AGRI & FOOD De netto vraag naar bedrijventerreinen6 voor de agri & foodsector in de MRDH is in beeld gebracht langs drie lijnen: 1. Prognose van de ontwikkeling van de werkgelegenheid. 2. Prognose van de ontwikkeling van de toegevoegde waarde. 3. Historische uitgifte aan bedrijventerreinen.
6 Behoudens de netto vraag is er de vervangingsvraag. Die komt in hoofdstuk 5 aan de orde.
18
VRAAG VAN AGRI & FOOD
METHODE 1: PROGNOSE WERKGELEGENHEIDSGROEI • • •
• •
•
In de MRDH was in 2019 sprake van ca. 129.400 banen in de agri & food7. Sinds 2010 is de werkgelegenheid in deze sectoren met ca. 11% zeer fors gegroeid. Robotisering en automatisering zijn echter van steeds grotere invloed op de werkgelegenheid. Dit speelt met name in de logistieke sector, een belangrijke component binnen de agri&food. Wij stellen de jaarlijkse groeiprognose van de werkgelegenheid daarom naar beneden bij ten opzichte van de ontwikkeling in de laatste tien jaar. Wij gaan uit van een jaarlijkse groei van 0,8%. Een jaarlijkse groei van 0,8% betekent dat de werkgelegenheid in het onderzoeksgebied toeneemt met ca. 10.900 banen tot 2031. De terreinquotiënt geeft het ruimtegebruik per werkzame persoon op een bedrijventerrein. Voor de agri&food in de MRDH hanteren wij een terreinquotiënt van 174 m².8 De toename van ca. 9.480 arbeidsplaatsen leidt tot 2031 tot een vraag naar bedrijventerreinen van ca. 190 ha.
METHODE 2: ONTWIKKELING VAN DE TOEGEVOEGDE WAARDE •
•
In de periode 2010-2019 is de toegevoegde waarde van agri & food in de MRDH met 9% toegenomen, ofwel ca. 0,9% per jaar. De toegevoegde waarde bedroeg in 2019 ruim € 17 miljard en was gemiddeld over de genoemde periode € 456/m2. Het ruimtegebruik van de sector agri & food in de MRDH nam in deze periode met 66% veel sterker toe en bedroeg in 2019 ca. 17 mln m². Dit kwam met name door een sterke stijging van het ruimtegebruik in 2010. Vanwege deze uitschieter laten wij het jaar 2010 buiten de analyse. Voor de verdere berekening gaan wij uit van de ontwikkeling van het ruimtegebruik in de periode 2011-2019: die bedroeg 21%.
REGIO
ONTW. TOEGEVOEGDE TOEGEVOEGDE
RUIMTEGEBRUIK
GEM.
WAARDE
VESTIGINGEN
TOEGEVOEGDE
WAARDE (X €1.000)
WAARDE PER M²
2010-2019
2019
2019
2010-2019
MRDH
9%
7.475.189
17.395.545
456
Westland
-9%
1.004.818
1.438.372
717
Hoek van Holland
23%
25.303
57.588
575
TABEL 2 ONTWIKKELING TOEGEVOEGDE WAARDE EN RUIMTEGEBRUIK IN DE AGRI&FOOD Bron: bewerking Bureau Stedelijke Planning o.b.v. Lisa
7 Zie bijlage 1 voor de afbakening van agri&food 8 Gebaseerd op de terreinquotiënt van de logistiek en groothandel in de MRDH (bron: Behoefteraming
bedrijventerreinen Zuid-Holland, concept 30 juni 2021)
VRAAG VAN AGRI & FOOD
•
•
•
19
In lijn met de ontwikkeling van de toegevoegde waarde in de periode 20102019 gaan wij ervan uit de toegevoegde waarde in de agri & food tot 2031 ook jaarlijks met ca. 0,9% toeneemt. Daarnaast gaan wij ervan uit dat de toegevoegde waarde per m2 de komende periode gelijk blijft. Afgezien van een sterke daling in 2010, is de toegevoegde waarde per m² redelijk constant gebleven (Figuur 7). Tot 2031gaan wij daarom uit van een toegevoegde waarde per m² van € 456, op basis van het gemiddelde van de periode 2011-2019. Deze uitgangspunten leiden tot een netto vraag van ca. 169 ha aan bedrijventerreinen in de agri & food sector tot 2031 in de MRDH. 700 600 500 400 300 200 100 0 2010
2011
2012
2013
2014
2015
2016
2017
2018
2019
FIGUUR 7 TOEGEVOEGDE WAARDE PER M² AGRI & FOOD IN MRDH 2010-2019 Bron: LISA, bewerking Bureau Stedelijke Planning
METHODE 3: HISTORISCHE UITGIFTE
In de periode 2005-2019 was de gemiddelde uitgifte van bedrijventerreinen in de MRDH ca. 35,5 ha per jaar (Figuur 8). In de eerste helft van deze periode lag de uitgifte onder dit gemiddelde, terwijl die in de afgelopen vijf jaar (2016-2020) met ca. 47 ha per jaar fors hoger was. De periode 2005-2019 kende zowel jaren met hoogconjunctuur als jaren met laagconjunctuur. Per saldo geeft de gemiddelde uitgifte over deze periode een representatief beeld van de toekomstige economische ontwikkeling in de regio. Extrapolatie van de historische uitgifte naar de toekomst resulteert in een vraag naar bedrijventerreinen van ca. 355 ha tot 2031.
FIGUUR 8 GEMIDDELDE JAARLIJKSE UITGIFTE IN NETTO HA IN MRDH Bron: Behoefteraming bedrijventerreinen Zuid-Holland, concept (30 juni 2021)
•
De sector agri & food heeft een substantieel aandeel in de totale bedrijventerreinen gerelateerde werkgelegenheid in de MRDH. De
20
•
•
VRAAG VAN AGRI & FOOD
geconstateerde vraag naar bedrijventerreinen komt in belangrijke mate van agri & food bedrijvigheid. De werkgelegenheid in agri & food bedraagt ca. 43% van de totale bedrijventerreinen gerelateerde werkgelegenheid in de MRDH. Daarnaast heeft ca.57% van de uitgifte op bedrijventerreinen sinds 2010 plaatsgevonden op terreinen die geschikt zijn voor agri & food. Dit betrof echter niet alleen uitgifte voor bedrijven binnen de sector agri & food, maar ook uit andere sectoren zoals de (grootschalige) logistiek. Wij gaan er daarom van uit dat ca. 50% van de geconstateerde vraag tot 2031 zich richt op agri & food.9 Op basis van een vraag naar bedrijventerreinen van ca. 355 ha, bedraagt de vraag naar agri & food in de MRDH ca. 178 ha tot 2031.
VERGELIJKING MET PROGNOSE PROVINCIE ZUID-HOLLAND
De provincie Zuid-Holland heeft de vraag naar bedrijventerreinen onlangs opnieuw laten onderzoeken. Het conceptrapport 10 dateert van juni 2021 en geeft de stand van zaken weer per 1 januari 2021. De netto ruimtevraag is berekend op basis van de WLO-scenario’s en komt uit op 133 tot 325 ha in de MRDH in de periode 20212030. Daar wordt een vervangingsvraag van ruim 44 ha bij opgeteld. De totale ruimtevraag komt dan uit op 177 tot 369 ha. De confrontatie van deze totale ruimtevraag met het harde planaanbod (298 ha) leidt tot een behoefte in de MRDH in de periode 2021 tot 2030 van -121 tot +71 ha bedrijventerrein. Het is van belang om te concluderen dat de verkenning van de provincie betrekking heeft op alle bedrijventerreinen, terwijl de door ons uitgevoerde analyse de sector agri & food betreft. De methodiek voor de vraagraming in de provinciale raming lijkt op de eerste onderzoekslijn in dit rapport en is gebaseerd op de langjarige WLO-scenario’s, met de daaruit voortvloeiende werkgelegenheidsontwikkeling. De feitelijke vraagraming laat zich echter slecht vergelijken met de in dit rapport gehanteerde methodiek. In de rapportage van de provincie zijn de WLO-scenario’s aangepast met behulp van langjarige historische ontwikkelingen in Zuid-Holland. De onderliggende data van deze aanpassing zijn ons niet bekend.
4.2 VERVANGINGSVRAAG Een deel van de bedrijventerreinen in het onderzoeksgebied is economisch, ruimtelijk of technisch verouderd. Een aantal van deze verouderde terreinen wordt getransformeerd naar andere functies. In het geval van transformatie is
9 Wij gaan er hierbij van uit dat het ruimtegebruik voor agri & food niet substantieel afwijkt van het gemiddelde
ruimtegebruik in bedrijventerreinen gerelateerde sectoren. Het ruimtegebruik per werknemer voor alle bedrijventerreinen gerelateerde sectoren ligt op ca. 400 m² en voor logistiek ca. 415 tot 425 m² (bron: Rebis Provincie Limburg, bewerking Stec Groep 2018). Aangezien agri & food ook voor een substantieel deel uit logistiek bestaat, is de verwachting dat het ruimtegebruik voor agri & food eerder boven dan onder het gemiddelde ligt. Dan is een aandeel van 50% een vrij conservatieve inschatting. 10 Bron: Behoefteraming Bedrijventerreinen Provincie Zuid-Holland (2021
VRAAG VAN AGRI & FOOD
21
sprake van een vermindering van de voorraad en dus een toename van de vraag naar bedrijventerreinen. Dit is de zogenoemde vervangingsvraag. In het onderzoeksgebied bestaan transformatieplannen voor ca. 65 ha bedrijventerrein. Deze plannen betreffen echter geen transformaties van bedrijventerreinen die specifiek gericht zijn op de agri & food sector. Wij rekenen daarom geen vervangingsvraag in de vraagraming voor de agri & foodsector.
4.3 KWALITATIEVE VRAAG Allerlei ontwikkelingen zorgen dat de voedselindustrie volop in beweging is. Consumenten stellen hogere eisen aan voedselproducten en het belang van de voedselkwaliteit en -veiligheid is toegenomen. Ook hecht een deel van de consumenten waarde aan duurzaamheid en dierenwelzijn, terwijl ook lage kosten belangrijk zijn. In samenhang hiermee zijn belangrijke vestigingscriteria voor agri & food: • Bereikbaarheid: bereikbaarheid is een van de belangrijkste locatiefactoren. Een locatie dichtbij de snelweg, in het bijzonder de belangrijke logistieke corridors in het land, is veelal doorslaggevend in vestigingsbeslissingen. • Clustering agri & food: voor innovatieve agri & food bedrijven is het aantrekkelijk om te vestigen in één van de Greenports. • Grote en regelmatige verkaveling: in de sector is sprake van schaalvergroting om efficiënter te kunnen produceren. Onder druk van de internationale concurrentie zet de schaalvergroting in de productie zich voort. Dit heeft geleid tot een vraag naar grotere en vierkante kavels. Een regelmatige kavelstructuur maakt uitbreiding mogelijk. • Battle for talent: de veranderingen in het agrofoodcluster hebben ook gevolgen voor de vereiste vaardigheden van werknemers en de behoefte aan personeel. Nabijheid van voldoende personeel met de juiste kwaliteiten is daarom van toenemend belang.
Mede om deze reden is de clustering van (inter-)nationale werknemers en bedrijven in de agri & food sector aantrekkelijk. Beide bedrijventerreinen hebben een goede bereikbaarheid, via provinciale verbindingen met de A4 en de A20. Deze snelwegen zijn belangrijke schakels in de verbinding met de mainports Rotterdam en Schiphol. De plangebieden zijn gelegen in de Greenport West-Holland. De Greenport heeft internationaal een toppositie op het gebied van productie en handel voor groenten en sierteeltproducten. Tot slot is ook de ligging in de Randstad en de nabijheid van een groot potentieel aan medewerkers aantrekkelijk. De voorgenomen uitbreiding van ABC Westland en de ontwikkeling van Loswal de Bonnen sluiten goed aan op de vestigingscriteria van bedrijven in de agri & food sector.
22
VRAAG VAN AGRI & FOOD
4.4 CONCLUSIE De vraag naar bedrijventerreinen voor agri & food in de MRDH in de periode 20212031 is op basis van drie ramingslijnen in beeld gebracht (Tabel 3). Deze bedraagt naar verwachting 169 tot 190 ha. METHODE
VRAAG NAAR AGRI&FOOD (HA)
Prognose werkgelegenheid
190
Toegevoegde waarde
169
Historische uitgifte
178
TABEL 3 VRAAG NAAR AGRI&FOOD IN MRDH TOT 2031
De ontwikkeling van de bedrijventerreinen ABC Westland en Loswal de Bonnen sluit ook in kwalitatieve zin goed aan op de vestigingscriteria van bedrijven in de agri & food sector.
AANBOD AAN BEDRIJVENTERREINEN
23
5 AANBOD AAN BEDRIJVENTERREINEN
In de Ladderonderbouwing dient als aanbodinventarisatie te worden meegerekend: • het actuele aanbod van bestaande bedrijventerreinen en bedrijfspanden • de harde plancapaciteit, dat wil zeggen het aanbod waarvoor een (ontwerp)bestemmingsplan is vastgesteld. Aanbod waarvoor nog geen (ontwerp)bestemmingsplan is vastgesteld, geldt als zachte plancapaciteit. Of en wanneer het zachte aanbod ontwikkeld wordt is onzeker. Dit zachte aanbod wordt verder niet meegenomen in de aanbodanalyse.
5.1 ACTUEEL AANBOD Het totale aanbod van bedrijfspanden op bedrijventerreinen in de MRDH bedraagt ca. 482.000 m² bvo.11 Dat is ca. 2,1% van de totale voorraad, hetgeen een zeer krappe aanbod/voorraadverhouding is. Deze aanbod/voorraadverhouding wordt vaak de leegstand genoemd, hoewel feitelijk niet altijd sprake is van leegstand. Een frictieleegstand van ca. 5% à 6% wordt over het algemeen gezien als een gezonde leegstand die nodig is voor een noodzakelijke investerings- en verhuisdynamiek. In elke gemeente binnen de MRDH ligt het aanbod onder of rond het frictieniveau12. Het actuele aanbod van kavels op bestaande bedrijventerreinen waar ook agri & foodbedrijven terecht kunnen, bedraagt maximaal 20 ha.13 Dat is minder dan de geraamde jaaruitgifte. Dit duidt op een krappe marktsituatie.
5.2 PLANCAPACITEIT Er bestaat ca. 298 ha aan harde plancapaciteit op bedrijventerreinen (Tabel 4). Dit betreft direct en niet-direct uitgeefbaar areaal aan bedrijventerreinen dat is vastgelegd in (ontwerp)bestemmingsplannen. De harde plancapaciteit is geanalyseerd op basis van geschiktheid voor de agri & food sector7Bijlage 2. De harde plancapaciteit voor agrologistiek bedraagt ca. 120 ha. In de praktijk blijkt dat een groot deel van deze terreinen gericht is op andere vormen van bedrijvigheid. Naar verwachting zal dus niet al het uitgeefbare areaal toekomen aan agrologistiek.
11 Bron: Behoefteraming bedrijventerreinen Zuid-Holland (concept 30 juni 2021), peildatum juni 2021 12 Bron: CBS (2019) 13 Bestaande uit: voormalig veilingterrein Bleiswijk max 8 ha, Nieuw Reijerwaard max 7 ha en ABC Westland max 5
ha. Zie ook hoofdstuk 7 en bijlage 2.
24
GEMEENTE
AANBOD AAN BEDRIJVENTERREINEN
HARDE PLANCAPACITEIT
Den Haag
6,7 ha
Lansingerland
8 ha
Midden-Delfland
23,3 ha
Pijnacker-Nootdorp
14,2 ha
Rijswijk
5 ha
Westland
25,8 ha
Zoetermeer
17 ha
Capelle aan den IJssel
3 ha
Krimpen aan den IJssel
5,5 ha
Lansingerland
23,8 ha
Maassluis
2,5 ha
Rotterdam
23,7 ha
Schiedam
3,9 ha
Barendrecht
2 ha
Brielle
2 ha
Nissewaard
1,4 ha
Hellevoetsluis
49,4 ha
Ridderkerk
80,4 ha
Totaal onderzoeksgebied
297,6 ha
Totaal agri & food sector
120,2 ha
TABEL 4 PLANCAPACITEIT BEDRIJVENTERREINEN ONDERZOEKSGEBIED Bron: Behoefteraming bedrijventerreinen Zuid-Holland (2021), bewerking Bureau Stedelijke Planning
5.3 CONCLUSIE Het actuele aanbod van bedrijfspanden op bedrijventerreinen in de MRDH ligt ruim onder de gewenste frictieleegstand en kavelaanbod voor de agri & foodsector bedraagt minder dan een jaarbehoefte. De markt voor bedrijfspanden en bedrijventerreinen is zonder meer krap te noemen. De harde plancapaciteit aan bedrijventerreinen in de MRDH omvat bijna 298 ha, waarvan ca. 120 ha voor de agri & foodsector.
BEHOEFTE AAN BEDRIJVENTERREINEN
6 BEHOEFTE AAN BEDRIJVENTERREINEN
KWANTITATIEVE BEHOEFTE
De confrontatie van de verwachte vraag, zoals geraamd in hoofdstuk 4, en de harde plancapaciteit, zoals geraamd in hoofdstuk 5, leidt tot een behoefte van ca. 50 tot 70 ha aan bedrijventerrein voor de agri & foodsector in de MRDH tot 2031 (Tabel 5). METHODE
VRAAG PLANCAPACITEIT
BEHOEFTE
Werkgelegenheid
190 ha
120 ha
70 ha
Toegevoegde waarde
169 ha
120 ha
49 ha
Historische uitgifte
178 ha
120 ha
58 ha
TABEL 5 BEHOEFTE AAN BEDRIJVENTERREINEN VOOR AGRI&FOOD IN MRDH TOT 2031
KWALITATIEVE BEHOEFTE
Beide bedrijventerreinen hebben een goede bereikbaarheid, via provinciale verbindingen met de A4 en de A20. Deze snelwegen zijn belangrijke schakels in de verbinding met de mainports Rotterdam en Schiphol. De plangebieden zijn gelegen in de Greenport West-Holland. De Greenport heeft internationaal een toppositie op het gebied van productie en handel voor groenten en sierteeltproducten. Tot slot is ook de ligging in de Randstad en de nabijheid van een groot potentieel aan medewerkers aantrekkelijk. De voorgenomen uitbreiding van ABC Westland en de ontwikkeling van Loswal de Bonnen sluiten goed aan op de vestigingscriteria van bedrijven in de agri & food sector. De ontwikkelingen voorzien in de kwalitatieve behoefte.
RUIMTELIJKE EFFECTEN
De voorziene ontwikkeling van beide terreinen zal geen negatieve ruimtelijke effecten hebben op het functioneren van de bedrijventerreinenmarkt. De behoefte aan agri & food bedrijventerreinen is ruim voldoende om de toevoeging van 29 ha op resp. ABC Westland en Loswal de Bonnen als een markttechnisch en planologisch verantwoorde ontwikkeling te beschouwen. Bovendien ligt de leegstand van bestaande bedrijfsruimten in de MRDH onder het frictieniveau. Het is dan ook wenselijk dat er nieuw aanbod op de markt komt. De beide plangebieden sluiten bovendien goed aan bij de hedendaagse vestigingseisen van bedrijven. Het zijn moderne terreinen met een gunstige
BEHOEFTE AAN BEDRIJVENTERREINEN
ligging voor bedrijven in agri & food, door de ligging in de Greenport West-Holland en nabij de logistieke as A4 en A20, die in verbinding staat met de mainports Rotterdam en Schiphol. Ook bestaat er weinig vergelijkbaar aanbod. CONCLUSIE •
• •
•
Op basis van de verwachte vraag en de harde plancapaciteit bestaat er in de MRDH van 2021 tot 2031 een behoefte aan ca. 50 tot 70 ha bedrijventerrein voor de agri & food sector. De voorgenomen ontwikkeling sluit goed aan op de vestigingscriteria van bedrijven in de agri & food sector. Er bestaat zowel in kwantitatief als in kwalitatief opzicht voldoende behoefte om de ontwikkeling van ca. 29 ha bedrijventerrein op ABC Westland en Loswal de Bonnen gericht op agri & food te realiseren. Gegeven deze behoefte en de actuele krapte op de markt voor bedrijventerrein en de markt voor bedrijfsruimten worden geen (nadelige) ruimtelijke effecten verwacht.
MOGELIJKHEDEN IN BESTAAND STEDELIJK GEBIED
7 MOGELIJKHEDEN IN BESTAAND STEDELIJK GEBIED
Loswal de Bonnen is gelegen in bestaand stedelijk gebied. De uitbreiding van ABC Westland ligt buiten bestaand stedelijk gebied. De Ladder voor Duurzame Verstedelijking vereist dan dat – als er sprake is van een actuele regionale behoefte – geanalyseerd dient te worden in hoeverre in die behoefte kan worden voorzien in bestaand stedelijk gebied. Wanneer blijkt dat de ontwikkeling niet mogelijk is binnen het bestaand stedelijk gebied van de betreffende regio, dan is het toegestaan op uitleglocaties te bouwen. BESTAAND VASTGOED
In het onderzoeksgebied bestaat vrijwel geen leegstand van bedrijfspanden op terreinen die geschikt zijn voor agri & food. De huidige leegstand op bedrijventerreinen in de MRDH ligt onder het gewenste frictieniveau van ca. 5 à 6%. Het huidige aanbod biedt te weinig ruimte voor de noodzakelijke investeringsen verhuisdynamiek op de bedrijventerreinenmarkt. Op basis van een inventarisatie van de terreinen geschikt voor agrologistiek is geconstateerd dat slechts één geschikt pand op een kavel van ca. 1,5 ha beschikbaar is (Funda in Business, september 2021). Het is echter lastig om nieuwe eindgebruikers in te passen in een bestaand bedrijfspand, aangezien deze veelal op maat zijn gemaakt voor de eerste gebruiker. Het is daarom de vraag of het bestaande pand aantrekkelijk is voor nieuwe gebruikers in de agri & food sector. Het bestaande aanbod is in ieder geval onvoldoende om in de ruimtebehoefte van de agri & foodsector te voorzien. MOGELIJKHEDEN OP BESTAANDE BEDRIJVENTERREINEN
In de MRDH is in het bestaand stedelijk gebied geanalyseerd in hoeverre er locaties ten behoeve van agri & foodbedrijven beschikbaar zijn die voldoende omvang hebben om als alternatief te dienen voor de voorgenomen uitbreiding van ABC Westland met ca. 12 ha. Een deel van deze kavels is al meegenomen in de behoefteraming van deze Ladderonderbouwing; daaruit volgde al de conclusie dat uit de som van vraagprognose en aanbodinventarisatie per saldo een behoefte ontstaat aan extra bedrijventerrein. •
Het voormalige bloemenveilingterrein in Bleiswijk is in 2016 verkocht en ontwikkeld tot een logistiek terrein. Op het terrein is ca. 8 ha hard planaanbod beschikbaar. Het terrein ligt aan de N209 en A12. Er is een verruiming van de
MOGELIJKHEDEN IN BESTAAND STEDELIJK GEBIED
•
•
•
• •
agrologistieke bestemming naar een algemene logistieke bestemming.14 De doelgroep wordt dus verbreed en het terrein is niet meer alleen bestemd voor agri & food bedrijven. Het beschikbaar planaanbod is daarnaast te klein om de ontwikkeling van 12 ha op te vangen. Op het bedrijventerrein Honderdland in Westland was op 1 januari 2021 ca. 9,8 ha hard planaanbod beschikbaar. Het gebied is gelegen binnen Greenport West-Holland. Het terrein ligt aan de N213, die is verbonden met de A20. Fase 1 is volledig ontwikkeld, onder andere met agro‐logistieke bedrijven. Momenteel wordt fase 2 ontwikkeld. Alle kavels van fase 2 zijn echter per oktober 2021 verkocht.15 Op het terrein Trade Park Westland Mars is ca. 11 ha hard planaanbod beschikbaar. Het terrein is omringd door diverse N-wegen. De A20 ligt op ca. 5 km afstand. Het uitgeefbaar areaal is specifiek bestemd voor de functie veilingbedrijf en gerelateerde functies en sluit onvoldoende aan op agri & food bedrijven. Het terrein Lelyterrein-Weverskade in Maassluis heeft ca. 2,5 ha hard planaanbod beschikbaar voor de ontwikkeling van de Lely Campus. Dit is echter al ten dele bedoeld voor de uitbreiding van Lely (een specialist in technische hulpmiddelen voor de agrarische sector), en daarnaast voor het aantrekken van gerelateerde bedrijven en toeleveranciers. De resterende 2,5 ha is dus feitelijk niet meer beschikbaar.
Op het terrein Hoog Zestienhoven in Rotterdam zijn alle beschikbare kavels in optie uitgegeven. Op het terrein Nieuw-Reijerwaard in Ridderkerk zijn beperkt kavels beschikbaar. Op dit moment is zo’n 46% van de beschikbare bouwgrond uitgegeven of gereserveerd en er lopen onderhandelingen over 45% van de grond.16
Er zijn geen alternatieve mogelijkheden op bestaande bedrijventerreinen binnen het onderzoeksgebied om de voorziene ontwikkeling van 12 ha door uitbreiding van ABC Westland op te vangen. CONCLUSIE
Er bestaat binnen bestaand stedelijk gebied in het onderzoeksgebied geen alternatief voor de voorgenomen uitbreiding van ca. 12 ha op ABC Westland. De voorgenomen ontwikkeling voldoet aan de eisen van de Ladder voor Duurzame Verstedelijking.
14 Bron: https://www.bloemenkrant.nl/nieuws/algemeen/15321/passende-bestemming-voor-veilingterrein-royal-
floraholland-bleiswijk15 Bron: Van Batenburg Bedrijfsmakelaars (peildatum, oktober 2021) 16 Bron: https://www.deschakelbarendrecht.nl/nieuws/algemeen/53818/goed-jaar-voor-nieuw-reijerwaard
MOGELIJKHEDEN IN BESTAAND STEDELIJK GEBIED
BIJLAGE 1 AFBAKENING AGRI & FOOD
Bron: CBS, Monitor Topsectoren 2018
MOGELIJKHEDEN IN BESTAAND STEDELIJK GEBIED
HARDE PLANCAPACITEIT (HA)
BIJLAGE 2 PLANCAPACITEIT BEDRIJVENTERREINEN
PROFILERING EN GESCHIKHEID VOOR AGROLOGISTIEK
GEMEENTE
BEDRIJVENTERREIN
Den Haag
Forepark
1,6
Den Haag
Hoornwijck
1,6 Gemengd bedrijventerrein, kantoren
Den Haag
Middenweg
3,5
Lansingerland Veiling Bleiswijk
Groothandel, verhuur van roerende goederen en ov. Zak. Dienstv., vervoer en opslag Groothandel, verhuur van roerende goederen en ov. Zak. Dienstv., vervoer en opslag
8 Bloemenveiling (Agri&food)
MiddenDelfland
Harnaschpolder
MiddenDelfland
Hooipolder
PijnackerNootdorp
BP Heron
3,3 Gemengd bedrijventerrein
PijnackerNootdorp
Boezem Oost
9,3 Gemengd bedrijventerrein
PijnackerNootdorp
Boezemvaart
1,6 Gemengd bedrijventerrein
15,3 Gemengd bedrijventerrein 8 Transformatie naar woningbouw
Rotterdam Nieuw Oranjekanaal (Hoek van H.)
Voor gebruik door handel, nijverheid 6 commerciële en niet-commerciële dienstverlening en industrie.
Rijswijk
t Haantje
5
Westland
ABC Westland
5 Agri&Food
Westland
Honderdland
9,8
Westland
TP Westland Mars
11 Internationale sierteelt
Zoetermeer
Hoornerhage
1,4 Klassiek bedrijventerrein
Zoetermeer
Lansinghage
2,8 Idem
Bedrijfsmatige activiteiten als maatschappelijke, kantoor- en dienstenfuncties Agrologistieke sector, met een internationaal werkterrein
MOGELIJKHEDEN IN BESTAAND STEDELIJK GEBIED
Oosterheem betreft kleinschalige kantoren, bedrijven en maatschappelijke en commerciële 9 voorzieningen aan weerszijden van de Willem Dreeslaan.
Zoetermeer
Oosterhage
Zoetermeer
Rokkeveen Oost
1,7 Klassiek bedrijventerrein
Zoetermeer
Zoeterhage
2,1 Idem.
Capelle a/d IJssel
Fascinatio
Krimpen a/d IJssel
Stormpolder
3
Rond de woonwijk Fascinatio is een strook met kantoor- en bedrijfsruimten ontstaan.
Gemengd bedrijventerrein. Het terrein ligt aan het water en biedt dus goede kansen op het gebied 5,5 van de ontwikkeling van bijzondere werk- en woonmilieus.
Lansingerland Leeuwenhoekweg
1,5 Gemengd bedrijventerrein
Lansingerland Oudeland
22,3 Gemengd bedrijventerrein
Maassluis
LelyterreinWeverskade
2,5 Agri&Food
Rotterdam
Hoog Zestienhoven
3,5 Gemengd bedrijventerrein, ook Agri&Food (Noten)
Rotterdam
Nesselande
4,2 Gemengd bedrijventerrein
Rotterdam
Rotterdam Airport BP
5,7 Gemengd bedrijventerrein
Rotterdam
Spaanse Polder
4,3 HMC (maakindustrie/logistiek/distributie)
Schiedam
s-Gravelande
3,9 Maakindustrie en logistiek/distributie
Barendrecht
Spoorzone
Bestemd en geschikt voor gebruik door handel, 2 nijverheid commerciële en niet-commerciële dienstverlening en industrie
Brielle
Seggelant
Lokale bedrijven die in meer of mindere mate 2 dienstbaar zijn aan de omgeving en de industrie. Ingenieursbureaus & autodealers
Nissewaard
BT Zuidland
1,4 Transport en nijverheid
Hellevoetsluis Kickersbloem 3
Industrieel werkmilieu. Doelgroep is lokale grootschalige bedrijvigheid. Deels HMC, dient als 49,4 uitwijkmogelijkheid voor de wat zwaardere bedrijvigheid
Ridderkerk
80,4
Nieuw-Reijerwaard
Totaal
297,6
Totaal agrologistiek
120,2
Alleen bestemd voor AGF of AGF-gerelateerde bedrijven
PLANCAPACITEIT BEDRIJVENTERREINEN MRDH (11-08-2021) Bron: Behoefteraming bedrijventerreinen Zuid-Holland (Stec Groep, concept 30 juni 2021)
Verkeersonderzoek uitbreiding ABC Westland Effecten actualisatie van uitgangspunten
Lijst met aanpassingen Versie
Datum
Sweco Nederland B.V. Onderwerp
Beschrijving van de wijziging
Projectnummer
Modelstudie Uitbreiding ABC Westland actualisatie 51017114
Klant Versie
Gemeente Westland 4
Datum Auteur
28-11-2024 Wim van der Hoeven
Herzien
Vrijgegeven door
Gecontroleerd door
Roemer Dolman
Vrijgegeven door
Martijn van Rij
2/41
Inhoudsopgave 1
Inleiding ......................................................................................................................... 4 1.1 Situatie ................................................................................................................ 4 1.2 Leeswijzer ........................................................................................................... 6
2
Uitgangspunten en varianten ........................................................................................ 7 2.1 Referentievariant 2040 ........................................................................................ 7 2.2 Planvariant 2040 uitbreiding ABC Westland ....................................................... 7 2.2.1 Arbeidsplaatsen en inwoners................................................................. 7 2.2.2 Vrachtverkeer......................................................................................... 8 2.3 Overige varianten ................................................................................................ 9 2.4 Cordonmatrices ................................................................................................... 9
3
Verkeersdoorstroming varianten ................................................................................. 11 3.1 Studiegebied ..................................................................................................... 11 3.2 Effect uitbreiding ABC Westland in ochtendspits 2040 ..................................... 12 3.3 Effect uitbreiding ABC Westland in avondspits 2040 ........................................ 14 3.4 Ontwikkelingen van 2020 naar 2030 ................................................................. 15 3.5 Effect ongelijkvloerse kruisingen Lozerlaan in 2040 ......................................... 18 3.6 Rotondeverkenner ............................................................................................. 20
4
Conclusies ................................................................................................................... 25
Sweco | Verkeersonderzoek uitbreiding ABC Westland Effecten actualisatie van uitgangspunten Projectnummer 51017114 Datum 28-11-2024
Versie 4
Document referentie NL24-648800269-112997
3/41
1
Inleiding
1.1
Situatie
Het bedrijventerrein ABC Westland bevindt zich aan de noordkant van de gemeente Westland, tegen Den Haag aan, tussen Poeldijk en De Uithof. Het terrein is 20 ha groot en wordt ontsloten via twee in- en uitgangen op de Paul Captijnlaan. Belangrijke routes voor het (vracht)verkeer naar het hoofdwegennet lopen via de N211 en de N213. Deze kunnen direct bereikt worden door over de Paul Captijnlaan naar de Nieuweweg te rijden, maar andere routes via de Arckelweg naar de Wateringseweg en de Vogelaer worden ook regelmatig gebruikt. Het bedrijventerrein ABC Westland heeft al eerder plannen gemaakt om uit te breiden en daartoe Sweco gevraagd onderzoek te doen naar de gevolgen voor de verkeersafwikkeling in de omgeving (zie rapportage 20211109 Rapport Verkeersstudie Uitbreiding ABC Westland definitief). Dit geactualiseerde onderzoek gaat uit van een enigszins gewijzigde omvang van die uitbreiding, maar ook van een actualisatie van de gebiedsontwikkelingen in de regio. Verder is het studiegebied voor het onderzoek van de verkeersafwikkeling veel groter gemaakt, niet alleen de direct ontsluitende wegen, maar ook de verdere hoofdstructuur tot en met de Lozerlaan.
Figuur 1 Ligging bedrijventerrein ABC Westland met wegen studiegebied en toegangspoorten
Het bedrijventerrein ABC Westland wil uitbreiden met een extra 7,31 ha aan de zuidoostkant; dit was eerder 7,5 ha. Dit gebied sluit aan op het bestaande terrein en wordt daarlangs ontsloten, dus over bestaand terrein naar de bestaande in- en uitgangen. Dit onderzoek gaat in op de gevolgen van die uitbreiding voor het verkeer in de omgeving.
Sweco | Verkeersonderzoek uitbreiding ABC Westland Effecten actualisatie van uitgangspunten Projectnummer 51017114 Datum 28-11-2024
Versie 4
Documentreferentie NL24-648800269-112997
4/41
20,0 ha bvo = 100%
7,31 ha bvo = 36,6%
Figuur 2 Huidig terrein en uitbreiding ABC Westland
Vraag is nu in de eerste plaats hoeveel verkeer er door die uitbreiding verwacht mag worden in de spitsen van 2040. Vervolgens of die hoeveelheid verkeer tot knelpunten leidt op de wegen in de omgeving en zo ja wanneer. Deze beide vragen worden beantwoord door gebruik te maken van statische en dynamische verkeersmodellen van de jaargemiddelde werkdag voor deze omgeving. Met deze modellen wordt de verkeersafwikkeling in beeld gebracht voor scenario’s in 2030 en 2040, deels zonder uitbreiding van ABC Westland (Referentie) en deels met uitbreiding van ABC Westland (Plan), inclusief een gevoeligheidsanalyse voor de ongelijkvloerse Lozerlaan/ Erasmusweg. Vergeleken wordt verder met het basisjaar 2020. Ten slotte worden ook de verkeerscijfers voor omgevingseffecten afgeleid als uitgangspunten voor de milieumodellen. Dit gebeurt voor het veronderstelde jaar van realisatie van de uitbreiding, 2030. Dergelijke verkeerscijfers hebben betrekking op de jaargemiddelde weekdag, volgens een standaardprocedure afgeleid uit het basisjaar 2020 en het prognosejaar 2030, speciaal voor deze studie opgesteld. Deze gegevens worden in GIS-formaat (shapes) separaat opgeleverd en hier verder niet beschreven.
Sweco | Verkeersonderzoek uitbreiding ABC Westland Effecten actualisatie van uitgangspunten Projectnummer 51017114 Datum 28-11-2024
Versie 4
Documentreferentie NL24-648800269-112997
5/41
Het statische model is het Verkeersmodel Metropoolregio Rotterdam Den Haag (V-MRDH) van de gezamenlijke overheden, waaronder de gemeenten Westland en Den Haag en de provincie Zuid-Holland. Dit model geldt voor deze overheden als referentie voor de omvang van mobiliteit en verkeer. Daarmee toetsen zij hun plannen inzake ruimtelijke ordening en infrastructuur op de consequenties voor de omvang van het verkeer en de effecten voor de omgeving. Van dit model is de meest actuele versie 3.0 toegepast. Om de doorstroming te kunnen beoordelen is gevraagd om een simulatiemodel te ontwikkelen in microscopische vorm, zodat de afwikkeling op de kwetsbare onderdelen van het wegennet optimaal beoordeeld kan worden. Een toelichting op de structuur en werking van beide modelvormen is te vinden in bijlage 1. Door de kenmerken van de activiteiten van ABC Westland in de huidige situatie en met de uitbreiding in de modellen in te brengen worden de gevolgen ervan zichtbaar in termen van verkeersstromen van/naar het bedrijventerrein en van de doorstroming op de wegen die extra verkeer krijgen te verwerken. Op deze manier worden antwoorden ontwikkeld op de vragen over verkeersintensiteiten en doorstroming.
1.2
Leeswijzer
In het volgende hoofdstuk wordt ingegaan op de statische modelprognose met het V-MRDH en de verwerking van de resultaten richting de dynamische simulaties. In hoofdstuk 3 wordt het verkeer uit die prognose gesimuleerd in een micromodel en de doorstroming bepaald en beoordeeld. In hoofdstuk 4 ten slotte worden conclusies getrokken. Verder omvat dit rapport vier separate memo’s over specifieke aanvullende vragen, documenten die als bijlagen zijn toegevoegd. Bijlage 1 legt in een algemeen toegankelijke beschrijving uit wat een verkeersmodel inhoudt en hoe het wordt toegepast in deze verkeersstudie om doorstromingsproblemen in de spitsen te onderzoeken. Bijlage 2 geeft het beeld van de ontwikkeling van de logistieke activiteiten en het gerelateerde vrachtverkeer van ABC Westland. Bijlage 3 beschrijft de aandelen van het aan ABC Westland gerelateerde verkeer in de totale verkeersstromen op de wegen in de omgeving. Bijlage 4 geeft een overzicht van de uitgevoerde tellingen bij de poorten van ABC Westland in het voorjaar van 2024.
Sweco | Verkeersonderzoek uitbreiding ABC Westland Effecten actualisatie van uitgangspunten Projectnummer 51017114 Datum 28-11-2024
Versie 4
Documentreferentie NL24-648800269-112997
6/41
2
Uitgangspunten en varianten
2.1
Referentievariant 2040
Het verkeer in 2040 is berekend met het V-MRDH 3.0, de meest actuele versie van dit model. Daarbij maken we gebruik van een specifiek voor Westland aangepaste versie, waarin actuele ruimtelijke gegevens zijn ingevoerd om beter aan te kunnen sluiten bij de omvang van ABC Westland. Deze gegevens zijn verzameld met tellingen in april/mei 2024. Deze worden beschreven in bijlage 4. In deze rapportage wordt de nadruk gelegd op de verkeersafwikkeling rond ABC Westland in de ochtend- en avondspitsen. Een uitgebreide analyse van de totale omvang van het verkeer is te vinden in bijlage 3, inclusief een beschouwing op de vergelijking met genoemde tellingen. Ook worden daar op wegen in de omgeving de aandelen van het verkeer van en naar ABC Westland weergegeven. Die aandelen blijken al snel sterk af te nemen met toename van de afstand, gegeven de grote hoeveelheden verkeer met andere herkomsten en bestemmingen op de drukke verkeersassen N211 en N464 en de verdere verdeling over meerdere routes. Uit die vergelijking blijkt dat het model de totale omvang van het verkeer van en naar ABC Westland groter inschat dan de tellingen aangeven. Alleen voor het vrachtverkeer komen de tellingen wat hoger uit. Daarom worden de vrachtwagenstromen waar nodig gecorrigeerd. De personenautostromen worden in het model ongemoeid gelaten. Samen een worst-casebenadering.
De ABC Westland zones 3282 en 3284 in de standaardreferentie 2040 Hoog van het V-MRDH 3.0 zijn als volgt gevuld met arbeidsplaatsen. Tabel 1 Arbeidsplaatsen in de standaard referentie 2040 van het V-MRDH 3.0
Om tot de feitelijke omvang van de werkgelegenheid te komen, namelijk 2.000 arbeidsplaatsen, zijn al in een eerder stadium in die specifieke Westland-versie van het V-MRDH alle deelgroepen van categorieën met een factor 1,77 (2000/1128) opgehoogd. Dit heeft geleid tot de volgende aantallen. Tabel 2 Arbeidsplaatsen in de specifieke Westland referentie 2040 in het V-MRDH 3.0
2.2
Planvariant 2040 uitbreiding ABC Westland
2.2.1
Arbeidsplaatsen en inwoners
ABC Westland verwacht dat in de uitbreiding 731 extra arbeidsplaatsen gecreëerd worden, relatief evenveel als in bestaande bedrijven: honderd arbeidsplaatsen per hectare. Daarvan zijn er tweehonderd voor arbeidsmigranten die ook binnen ABC Westland gehuisvest worden. Deze huisvesting gaat in totaal vierhonderd plaatsen omvatten; van de bewoners gaan er dus naar verwachting tweehonderd buiten ABC Westland werken. Sweco | Verkeersonderzoek uitbreiding ABC Westland Effecten actualisatie van uitgangspunten Projectnummer 51017114 Datum 28-11-2024
Versie 4
Documentreferentie NL24-648800269-112997
7/41
In het model gaan we er daarom vanuit dat we rekening moeten houden met de mobiliteit van tweehonderd extra inwoners in het migrantenhotel die elders werken. Van de 731 arbeidsplaatsen zullen er tweehonderd niet leiden tot extra mobiliteit van/naar ABC Westland in de spitsen, dus wordt in het V-MRDH model uitgegaan van 531 extra arbeidsplaatsen als voeding voor de simulatiemodellen om de verkeersafwikkeling te onderzoeken. De buiten de spitsen ontbrekende mobiliteit van die weggelaten tweehonderd op ABC Westland werkende bewoners van de arbeidsmigrantenlocatie heeft naar aangenomen mag worden geen significante invloed op de aantallen verkeersbewegingen van motorvoertuigen. Het autobezit van migranten ligt duidelijk zoveel lager dat het plausibel is te veronderstellen dat mobiliteit voor een belangrijk deel bestaat uit het reizen als passagier van een personenauto. In het woon-werkverkeer van arbeidsmigranten is het gebruikelijk samen te reizen met busjes voor personenvervoer, waardoor het spitsverkeer in het model zelfs wat overschat wordt. Gegeven het ontbreken van harde informatie over deze mobiliteit nemen we aan dat alles overziende per saldo de verkeersstromen door die migrantenlocatie betrouwbaar beschreven worden door in het V-MRDH uit te gaan van tweehonderd inwoners die buiten ABC werken. De genoemde aantallen zijn als volgt toegedeeld aan ABC Westland zone 3284.
Tabel 3 Uitbreiding arbeidsplaatsen en inwoners ABC Westland
Op basis van deze uitgangspunten zijn met het V-MRDH prognoses voor 2040 opgesteld met en zonder de uitbreiding. Deze prognoses zijn consistent met de standaardaanpak in dit model. In bijlage 3 worden allerlei details gegeven over de toename van het verkeer door de uitbreiding van ABC Westland, met onder meer overzichten van het aandeel van het verkeer van en naar ABC Westland op de wegen in de omgeving.
2.2.2
Vrachtverkeer
Het verkeer door de poorten van ABC Westland is in april en mei van 2024 uitgebreid geteld. ABC Westland heeft volgens die tellingen in de huidige situatie een ritproductie van vrachtverkeer van 1.302 ritten per etmaal. Dit wordt geproduceerd op 20 ha netto bedrijfsterrein. Conform de opgave van ABC Westland (zie bijlage 2) mag verwacht worden dat de omvang van het vrachtverkeer toeneemt naar rato van de toename van het oppervlak. Er komt 7,31 hectare bij, wat een extra aantal vrachtwagenritten betekent van 1302*7,31/20 = 476 totaal of 238 per richting. Dit wijkt af van de aantallen vrachtwagenritten in het V-MRDH. Die aantallen worden voor de spitsen gecorrigeerd in het simulatiemodel. Daarbij wordt uitgegaan van de verdeling uit de tellingen voor elk uur van de spitsperioden. In totaal komt en gaat volgens de tellingen over de vier spitsuren samen 26% van het vrachtverkeer over het etmaal. Per gemiddeld spitsuur is dat 6,6%. In de huidige omvang van het vrachtverkeer zonder de geplande uitbreiding betekent dat in de spitsen gemiddeld 1302*6,6% = 86 totaal ofwel 43 vrachtwagens per richting per uur, verdeeld over beide in- en uitgangen van ABC Westland volgens de tellingen. Een kleine 80% gebruikt in de huidige situatie de poort bij de Arckelweg.
Sweco | Verkeersonderzoek uitbreiding ABC Westland Effecten actualisatie van uitgangspunten Projectnummer 51017114 Datum 28-11-2024
Versie 4
Documentreferentie NL24-648800269-112997
8/41
Bij uitbreiding met 7,31 ha ontstaat een extra vrachtverkeersstroom van 476 over het etmaal. Uitgaande van de tellingen wordt een toename van het aantal vrachtwagens van gemiddeld 6,6%*476 = ruim 31 totaal of 16 per uur per richting verwacht. Deze worden in het simulatiemodel toegekend aan de zuidelijk poort van ABC Westland, de kant waar de uitbreiding plaatsvindt.
2.3
Overige varianten
Ter completering van de analyses zijn ook de volgende varianten doorgerekend en worden die in dit rapport beschreven: •
Basisjaar 2020: het verkeer in het studiegebied voor het jaar waarvoor het V-MRDH getoetst is aan tellingen en andere waarnemingen.
•
Planjaar 2030: de situatie waarin de extra verkeersproductie van de uitbreiding van ABC Westland is toegevoegd aan de referentie van het V-MRDH. Dit is nuttig om na te gaan hoe de verkeersafwikkeling zich over de jaren ontwikkelt.
•
Gevoeligheidsanalyse verkeer 2040 op netwerk 2020: hoe zou de doorstroming er uitzien als het verkeer van 2040 niet meer netwerk krijgt dan er in 2020 beschikbaar is, dus met name dat het ongelijkvloers maken van het kruispunt Lozerlaan/Erasmusweg niet gerealiseerd is.
2.4
Cordonmatrices
Uit de prognoses in par. 2.3 worden de verkeersstromen afgeleid die gebruik maken van het studiegebied in dit onderzoek, het netwerk van ontsluitingsroutes in de directe omgeving van ABC Westland. Dit betreft de Paul Captijnlaan, de Arckelweg de N211 Nieuweweg/Lozerlaan en de N464 Wateringseweg, inclusief het ingesloten gebied (zie figuur 3).
Figuur 3 Regionaal wegennetwerk rond ABC Westland in het V-MRDH 3.0 en cordon
Sweco | Verkeersonderzoek uitbreiding ABC Westland Effecten actualisatie van uitgangspunten Projectnummer 51017114 Datum 28-11-2024
Versie 4
Documentreferentie NL24-648800269-112997
9/41
De verkeersstromen worden afgeleid voor elke relatie tussen herkomsten en bestemmingen in het studiegebied. Deels zijn dit voedingsgebieden binnen de uitsnede, deels zijn dit de in- en uitgangen van dat gebied, liggend op het cordon zoals ingetekend in Figuur 2. Deze verkeersstromen samen vormen een verplaatsingenmatrix, een tabel met de aantallen ritten van auto’s en vrachtwagens van en naar elk van die gebieden en poorten. De verdere analyse is gebaseerd op voor elke variant vier van dergelijke tabellen (verplaatsingenmatrices) voor personenauto en voor vrachtwagen, zowel voor de ochtendspits tussen 7 en 9 uur als voor de avondspits tussen 16 en 18 uur.
Sweco | Verkeersonderzoek uitbreiding ABC Westland Effecten actualisatie van uitgangspunten Projectnummer 51017114 Datum 28-11-2024
Versie 4
Documentreferentie NL24-648800269-112997
10/41
3
Verkeersdoorstroming varianten
3.1
Studiegebied
In het microsimulatiepakket Vissim is het wegennet van het aangegeven studiegebied, de uitsnede uit het statische model, gemodelleerd met alle details die daarbij relevant zijn. Dit omvat de vormgeving, inrichting en regeling van de kruispunten en wegvakken. Dit levert een beeld van het wegennet zoals opgenomen in Figuur 4.
Figuur 4 Ontsluitende wegen ABC Westland in simulatieprogramma Vissim, 2020
Verder zijn de over de spits gemiddelde verplaatsingspatronen, de verkeersstromen tussen de inen uitgangen van het wegennet in de uitsnede, verdeeld naar acht kwartieren van de spitsperioden in de ochtend en avond. Deze verdeling is gemaakt aan de hand van gedetailleerde telcijfers die de verdeling over kwartieren beschrijven. Met behulp van tellingen is ook een aanloopperiode gemodelleerd, het opbouwen van de verkeersbelasting in het uur voor het begin van de eigenlijke spitsperioden, en een uitloopperiode van ook weer een uur na de kern van de spits, en het netwerk ook weer kan ontladen. Dit zorgt ervoor dat er al direct voldoende belasting op de wegen is als de spits begint, om 7 respectievelijk 16 uur. De totale simulatieperiode beslaat zo per spits 4 uur, ’s ochtends van 6-10 en ’s middags van 15-19 uur.
Sweco | Verkeersonderzoek uitbreiding ABC Westland Effecten actualisatie van uitgangspunten Projectnummer 51017114 Datum 28-11-2024
Versie 4
Documentreferentie NL24-648800269-112997
11/41
3.2
Effect uitbreiding ABC Westland in ochtendspits 2040
Centraal in deze studie staat de situatie die in 2040 ontstaat als dan de uitbreiding van ABC Westland gerealiseerd is. De situaties zonder en met uitbreiding worden daarbij met elkaar vergeleken. In de simulaties worden de vertragingen in het wegennet weergegeven als snelheidsreducties ten opzichte van de maximum snelheden op de wegvakken. Relevant wordt de vertraging als gemiddeld over de twee-uursspitsperioden nog maar 60% van die snelheid gehaald kan worden; de wegvakken waar dat voor geldt krijgen een gele kleur aan de kant van de betreffende richting. Daalt de gemiddelde snelheid tot onder de 40% dan wordt de markering oranje en met minder dan 20% van de snelheid krijgt het wegvak een rode kleur. Voor de ochtendspits tussen 7 en 9 uur treden er rond de grotere kruispunten vertragingen op, die echter over het algemeen niet veel meer zijn dan wat rond kruispunten toch al onvermijdelijk is; op drukke momenten zonder vertraging doorrijden is gemiddeld niet realistisch. De aandelen van het verkeer van en naar ABC Westland is op de grote wegen N211 en N464 beperkt (bijlage 3). De bijdrage aan de bestaande knelpunten is dus ook niet groot. In het verlengde daarvan is ook het effect van de uitbreiding van ABC Westland minimaal, zie de vergelijking van de situaties zonder en met uitbreiding van ABC Westland in 5.
Er zijn op basis van de gekozen intervallen van 20% geen veranderingen gevonden in de verkeersafwikkeling, de verschillen spelen zich binnen deze intervallen af.
Sweco | Verkeersonderzoek uitbreiding ABC Westland Effecten actualisatie van uitgangspunten Projectnummer 51017114 Datum 28-11-2024
Versie 4
Documentreferentie NL24-648800269-112997
12/41
Figuur 5 Verkeersafwikkeling in de ochtendspits 2040 zonder (boven) en met (onder) uitbreiding van ABC Westland
In het algemeen zijn voor dergelijke kruisingen normale verstoringen zichtbaar, zoals op de rotonden Paul Captijnlaan-Nieuweweg en Arckelweg-Wateringseweg. De uitbreiding van ABC Westland veroorzaakt deze niet en vergroot ze ook niet substantieel.