Antwoorden op de aanvullende vragen van D66 28 juni 2023
Tekst van het document
Antwoorden op de aanvullende vragen van D66
Vraag 1: Wanneer wordt het nieuwe plan verwacht? In de 2de helft van 2023 zal eerst het beheerkader afval worden opgesteld. De strategische elementen t.a.v. programma afval zullen daarna, na overleg met de wethouder, worden aangeboden.
Vraag 3: Deel van het antwoord is weggevallen Er worden geen extra statushouders gehuisvest. Dat is ook niet de intentie geweest van de Westlandse Flexroute. Het doel is wel om onze taakstelling versneld in te vullen om de druk op de asielketen te verlichten. Onze taakstelling is significant gestegen ten opzichte van voorgaande jaren. De taakstelling voor de eerste helft van 2023 is 135, voor de tweede helft van 2023 174 personen. (Peildatum 7 juni 2023) lopen we 23 personen voor op de taakstelling. Voor 31 december 2023 moeten er nog 151 personen geplaatst worden. Verder verwijzen we naar de schriftelijke afdoening van de rondvraag op 8 juni in de cie MO. In totaal zijn er 158 statushouders sinds 10 november 2022 in het hotel geplaatst. Daarvan zijn er ondertussen 69 uitgestroomd.
Vraag 5: Er zijn dus parkeerplaatsen geplaatst, kan een camper niet elders parkeren dan? Niet altijd. De gerealiseerde plaatsen geven ruimte aan voertuigen die langer zijn dan de gemiddelde personenauto.
Vraag 6: Het voorbeeld is duidelijk en snappen wij, maar hoeveel extra rentelasten zijn er dus geweest in 2022? De rentelasten zijn enerzijds afhankelijk van de hoofdsom aan leningen die zijn afgesloten, anderzijds van de renteontwikkelingen in de kapitaalmarkt. In de primaire begroting was uitgegaan van renteniveaus voor leningen met een looptijd langer dan een jaar van 1,30% en een financieringsbehoefte van € 8 miljoen. Voor deze aan te trekken financiering was een rentelast van € 104.000 begroot. In werkelijkheid is er gedurende het jaar in totaal € 31,5 miljoen aangetrokken. Er is een 30-jarige lening afgesloten van € 11,5 miljoen tegen een rente van 0,379% (stortingsdatum 4 maart) en er is een lening aangetrokken voor een looptijd van 1,2 jaar voor een bedrag van € 20 miljoen (stortingsdatum 31 januari 2022) en tegen een rentepercentage van -/- 0,42%. In totaal gaf dit een rentebate in 2022 van € 40.914.
Vraag 7: Graag een overzicht van wat dus niet gelukt is. Antwoord stuurt ons met een kluitje in het riet. Per programma en in de financiële hoofdlijnen is aangegeven wat wel en niet is uitgevoerd. Uit het overzicht van over te hevelen bedragen, bij de slotwijziging 2022, kan eveneens worden gezien wat niet is uitgevoerd in 2022.
Vraag 8: Dat de werkzaamheden niet volledig te duiden zijn, snappen we, maar wat is er overgebleven in het P-budget door het niet vervullen van de vacatures. Op het personeelsbudget is een overschot van € 1,7 mln. ontstaan. Dit is enerzijds gebruikt om de kosten van externe inhuur te dekken en anderzijds wordt dit overschot ingezet om de storting in de Voorziening verlofsparen te dekken.
Vraag 12: En wanneer resulteert het onderzoek tot aanleg? Is dat nog deze collegeperiode? De resultaten van het aanvullende onderzoek Naaldwijk-Honselersdijk-Den Haag met samenwerkingsovereenkomst worden Q4 ter besluitvorming aan het college en de raad voorgelegd. Na positieve besluitvorming wordt de aanleg voorzien in 2025-2026.
Vraag 19: Vanwaar is hier geen overzicht van? In de jaren hiervoor was dit er toch wel? Hoe meten we groen op dit gebied dan? Er is wel zicht op het aantal verleende kapvergunningen, een controle of alle aanvragen ook daadwerkelijk tot uitvoering zijn gekomen is er niet. Het groen kan worden gemeten op basis van het areaal saldo.
Vraag 21: Is het correct dat er dus 1100 kinderen opgroeien onder de armoedegrens? D66 concludeert dat de 1100 kinderen die gebruik maken van het kindpakket in Westland opgroeien onder de armoedegrens. Dat is niet geheel juist. Deze kinderen groeien niet per definitie op in armoede, maar in een gezin waarbij er sprake is van een laag inkomen. Armoede is volgens de Verenigde Naties “het niet kunnen voorzien in de eerste levensbehoeften”. Dat gaat over (gezond) voedsel, huisvesting, toegang tot gezondheidszorg of studiemogelijkheden. We weten niet voor hoeveel kinderen dit geldt. In Nederland hanteren we daarom geen armoedegrens, maar een lage inkomensgrens. Deze is in Westland 120% van het sociaal minimum. In Westland kennen we 1100 kinderen waarvan de ouders een inkomen hebben onder dat minimum. Zij ontvangen het kindpakket zodat ze ondanks het lage inkomen van de ouders mee kunnen doen en kunnen sporten, mee op schoolreis, overblijven op school etc.
Vraag 29: Welke 16-tal processen betreft dit? Zoals in de auditcommissie is gepresenteerd, gaat het om de volgende 16 processen: 1. Subsidiebaten 2. Inkoop 3. Prestatielevering 4. Groot Onderhoud 5. Grondexploitatie 6. Jeugd 7. Subsidielasten 8. Omgevingsvergunningen 9. PGB’s 10. Burgerzaken 11. Participatie 12. WMO 13. Belastingen 14. Wethouderspensioenen 15. Vorderingen 16. Investeringen