21-0128155 Regionale Energie Strategie 1.0
Tekst van het document
Energiestrategie regio Rotterdam Den Haag
M'l-îlí
Imi
mm
Regionale Energiestrategie Rotterdam Den Haag
įį*ź«W ■BShMĮ .V- įįĩjŴËpS®*0
- '. Û
„ÜtŵiíS ïï
ļ
[Tekst] [Tekst]
Button naar hoofdstuk 6 Energiesysteem
2
Aanklikbare buttons
Button naar
Deze pdf is
Button naar hoofdstuk 5 Brandstoffen
Interactief
Button naar hoofdstuk 4 Elektriciteit Button naar hoofdstuk 3 Warmte
Button naar hoofdstuk In lopende tekst, niet aanklikbaar: 3 Warmte
het hoogstedelijke karakter 1 Begrip, wordt eenmalig per hoofdstuk/paragraaf gemarkeerd; staat in de begrippenlijst in
1.1
Inleiding
1.2
Context
1.3
Het energiesysteem nader bekeken
hoofdstuk 9 (via inhoudsopgave)
O Icoon warmte o Icoon elektriciteit O Icoon brandstoffen
Linkjes naar paragrafen binnen het hoofdstuk Icoon energiesysteem invulling van de randvoorwaarden I Interne link (
heen) of (O terug) naar ander
gedeelte van de RES
LEESWIJZER
RES Rotterdam Den Haag 1.0
inhoudsopgave
3
De Regionale Energiestrategie 1.0 (RES) van de regio Rotterdam Den Haag is
passende, integrale afwegingen te maken. We baseren de mogelijkheden
af. Met tomeloze inzet, enthousiasme en inlevingsvermogen zijn we er met
voor duurzame opwek van elektriciteit op de draagkracht van het landschap
23 gemeenten, 4 waterschappen en de provincie Zuid-Holland, onder hoge
en stellen niet onze elektriciteitsvraag voorop. De RES moet leiden tot een
tijdsdruk, in geslaagd een realistische en ambitieuze strategie te bepalen
betaalbare, betrouwbare, veilige en schone energievoorziening voor iedereen
voor de energietransitie in de regio.
in de regio Rotterdam Den Haag.
Trots geven we de RES 1.0 vrij voor besluitvorming in colleges, gemeente
De RES beschrijft de gezamenlijke ambities voor het jaar 2030. Wat doen we
raden, Provinciale Staten en de algemene besturen van de waterschappen.
al? Welke uitgangspunten hanteren we? Welke bijdrage gaan we als regio
We sluiten de fase van verkennen en visievorming af en markeren de start
leveren aan de landelijke doelen uit het Klimaatakkoord? Wat is de voorkeurs
van de realisatiefase op weg naar 2030.
route voor de warmtetransitie? Welke situaties lenen zich goed voor het duurzaam opwekken van elektriciteit en welke rol zien we voor duurzame
Met de RES nemen we onze verantwoordelijkheid. Na instemming met het
brandstoffen? Daarbij brengen we onderlinge verbanden in beeld in het
Klimaatakkoord eind 2019 zetten we ook de stap om de RES vast te stellen.
energiesysteem van de toekomst.
Zo houden we de regie op de transitie dichtbij en blijven we in positie om Het RES-proces leert ons ook waar we nog niet goed aan de slag kunnen. Niet alle randvoorwaarden zijn ingevuld. Middelen zijn schaars, de druk op decentrale overheden om de uitvoering van het Klimaatakkoord op te pakken De energieregio Rotterdam Den Haag bestaat uit de gemeenten
is hoog en op elementen ontbreken passende instrumenten en wetgeving.
Albrandswaard, Barendrecht, Brielle, Capelle aan den IJssel, Delft,
Met de RES doen we dus ook een appèl op het Rijk om tot passende wet- en
Den Haag, Hellevoetsluis, Krimpen aan den IJssel, Lansingerland,
regelgeving te komen en werk te maken van de voorwaarden die door de
Leidschendam-Voorburg, Maassluis, Midden-Delfland, Nissewaard,
Vereniging Nederlandse Gemeenten gesteld zijn aan deelname aan het
Pijnacker-Nootdorp, Ridderkerk, Rijswijk, Rotterdam, Schiedam,
Klimaatakkoord. Zorg ervoor dat de transitie haalbaar en betaalbaar kan.
Vlaardingen, Wassenaar, Westland, Westvoorne, Zoetermeer, Waterschap Hollandse Delta, Hoogheemraadschap van Schieland en de Krimpenerwaard, Hoogheemraadschap van Delfland, Hoogheemraadschap van Rijnland en de Provincie Zuid-Holland.
RES Rotterdam Den Haag 1.0
Voorwoord
4
beleid. Partijen zijn aan zet om met inwoners, en lokale stakeholders dat proces ter hand te nemen. Waterschappen, provincie en gemeenten dragen ieder naar hun eigen bevoegdheden en mogelijkheden bij aan de ambitie. Waar komt die energieopwekking uiteindelijk terecht? Een participatief proces met integrale afwegingen en aandacht voor lokaal eigendom. Een voort varende aanpak is nodig om tijdig de vruchten te kunnen plukken. Voor 2025 dienen vergunningen afgegeven te zijn voor de ontwikkeling van zonne- en windenergie. Zo halen we voor 2030 onze ambities. Soms is daar wat extra's voor nodig: nieuw beleid op bijvoorbeeld besparing en lokaal eigendom, maar ook afspraken om het samenspel tussen inwoners, markt, overheid en maat schappelijke spelers te stroomlijnen. Succes maken we niet als overheden alleen. Juist in samenwerking met private partijen, maatschappelijke partners en onze inwoners kunnen we verder komen. Daar zetten we ons ook de komende tijd volledig voor in.
Stephan Brandligt Voorzitter Stuurgroep Energiestrategie regio Rotterdam Den Haag
RES Rotterdam Den Haag 1.0
Met besluitvorming over de RES 1.0 zijn we niet klaar. De RES is een advies en bevat een strategie. Deze vraagt vertaling naar (lokale) projecten en (ruimtelijk)
5
We werken samen aan de energietransitie In onze regio werken decentrale overheden samen met deskundigen van net
We willen in Nederland in 2030 de helft minder CO2 uitstoten ten opzichte van
werkbeheerders, maatschappelijke organisaties en ondernemingen. Samen
1990. In 2050 moet de uitstoot zelfs met 950Zo zijn afgenomen. Deze nationale
bespreken ze de mogelijkheden, kansen en voorwaarden voor de noodzakelijke
doelstelling is vastgelegd in het Klimaatakkoord. De decentrale overheden
energietransitie. Dit heeft eind 2019 geresulteerd in het rapport "Energieper-
(in onze regio 23 gemeenten, 4 waterschappen en de provincie Zuid-Holland)
spectief 2050; een toekomstbeeld met de leidende principes betaalbaar, betrouw
hebben zich verbonden aan het Klimaatakkoord. In de Regionale Energie
baar, veilig, schoon en voor iedereen". Vervolgens is deze RES 1.0 ontwikkeld
Strategie (RES) vertaalt de energieregio Rotterdam Den Haag de afspraken uit
op basis van technisch-inhoudelijke onderzoeken en data van de deelnemende
het Klimaatakkoord in regionale ambities en oplossingsrichtingen. De RES is
partijen en o.a. het Kadaster. Participatie van inwoners, maatschappelijke organi
een strategie voor de regio en brengt de plannen van decentrale overheden
saties en initiatiefnemers is essentieel voor het draagvlak van de energietransitie.
bij elkaar. De RES wordt gebruikt om lokaal beleid en plannen verder uit te
Daarom worden zij samen met marktpartijen, door de bestuurders, ambtenaren
werken en in verbinding te brengen met de (inter)nationale opgave. Hoe dat
en volksvertegenwoordigers betrokken bij het ontwikkelen van de RES.
gebeurt bepaalt iedere partij zelf.
Haalbare aanpak voor unieke regio De energieregio Rotterdam Den Haag is uniek (zie figuur I). Hier wonen circa 2,4 miljoen mensen, liggen twee grote steden, enkele landelijke gemeenten, een wereldhaven en een toonaangevend glastuinbouwcluster. De open gebieden dragen nadrukkelijk bij aan de aantrekkelijke leef-, woon- en werk omgeving. Door de grote concentratie van werkgelegenheid en economische activiteit is er beperkte ruimte voor duurzame energieopwekking. Tegelijkertijd rrm
biedt de regio volop kansen voor het benutten van rest- en aardwarmte. ■pHN wi
_
We kiezen in deze regio voor een haalbare aanpak, die past bij het landschap, de inwoners, de bedrijven en de regionale kwaliteiten. We zoeken naar verbindings
(ftĩWjĮ! ■f.f ’
mogelijkheden tussen energiemaatregelen en andere maatschappelijke opgaven,
fļftijļi j/j
rekening houdend met bestaand beleid. Zo wordt in het kader van het Omgevings
mm,ft k i' f -Jjk lí
beleid actief afstemming gezocht en heeft het Rotterdamse Havenindustrieel
: -;'v "f"
Complex, met een separate gebiedsopgave, ook een stevig partnerschap in dit
į|sf,ş Ĵäfį '
ătm
,rf'
'
-
- ; ;
;
- i -
7/B
, iv fJvm r.: .Ŵ
proces.
RES Rotterdam Den Haag 1.0
Samenvatting: RES Rotterdam Den Haag in het kort
6
KENMERKEN (bron: CBS, MRDH) BBBB
tt tt tt tt
,ģl
f t*
frrl
c
infrastructuur
36.500
recreatie
Nedeťiand: 34.500
BBBB BBBB BBBB BBB BBBB BBB BBBB BBB
åjà .
2.390.416
1903 mensen
175
1.125.446
128.000 bedrijven
inwoners
per km2
nationaliteiten
huishoudens
en instellingen
bos en natuur
bruto regionaal product per inwoner
31o7ū agrarisch
binnenwater
verdeling oppervlak
AANDEEL REGIO ROTTERDAM DEN HAAG T.O.V. NEDERLAND (bron: CBS, Klimaatmonitor) 3 /o
13,7 /o
^^22 /o
f naar aantal inwoners
| regio
43 /o
Nederland
naar oppervlakte (zonder buitenwater)
naar warmtegebruik
ELEKTRICITEITSVRAAG PER SECTOR (07o)
naar oppervlakte glastuinbouw
naar elektriciteitsgebruik
(VERWACHTE) VERWARMINGSVRAAG GEBOUWDE OMGEVING verwarmingsvraag 2017
42,4 2030 (14,0 TWh)
verwarmingsvraag 2030
2016 (12,2 TWh)
23,0
15
20
X 1000 GWh
(VERWACHTE) ELEKTRICITEITSVRAAG GEBOUWDE OMGEVING
25,2 21,3 20,9
:
woningen
elektriciteitsvraag 2017
utiliteit* elektriciteitsvraag 2030
glastuinbouw* 0
woningen
utiliteit
glastuinbouw
verkeer
industrie
5
10
X 1000 GWh
* voor een klein aantal gemeenten is de energievraag voor utiliteit niet compleet; hierdoor valt de echte energievraag iets hoger uit dan weergegeven. ** voor glastuinbouw is het gebruik van 2020 weergegeven in plaats van het gebruik van 2017.
Figuur I Gebiedskenmerken energieregio Rotterdam Den Haag. De energieregio Rotterdam Den Haag bestaat uit de gemeenten Albrandswaard, Barendrecht, Brielle, Capelle aan den IJssel, Delft, Den Haag, Hellevoetsluis, Krimpen aan den IJssel, Lansingerland, Leidschendam-Voorburg, Maassluis, Midden-Delfland, Nissewaard, Pijnacker-Nootdorp, Ridderkerk, Rijswijk, Rotterdam, Schiedam, Vlaardingen, Wassenaar, Westland, Westvoorne, Zoetermeer, Waterschap Hollandse Delta en de Hoogheemraadschappen van Schieland en de Krimpenerwaard, van Delfland en van Rijnland. En de Provincie Zuid-Holland
RES Rotterdam Den Haag 1.0
.
bebouwd
u
Warmte in de RES
©
Bestaand distributienet Bestaand hoofdnet
In voorbereiding
Besparen, o.a. door isoleren, is een belangrijke eerste stap. We stre
ven regionaal naar een besparing van 200Zo of meer in de gebouwde omgeving
WarmtelinQ
en 3007o of meer in de glastuinbouw. We willen de beschikbare rest- en aard
Initiatieven
warmte benutten in een toekomstbestendige energiemix. Momenteel pro
Verlenging WarmtelinQ naar Leiden Warmtesysteem Oostland
duceren 12 geothermiebronnen ca. 4,8 PJ. De potentie van aardwarmte in de
Warmtesysteem Westland
regio wordt geschat op 23 tot 33 PJ. Ook zijn er legio kansen voor lokale warmte
Ontwikkeling geothermie Den Haag-Delft
bronnen, zoals aquathermie, zonthermie en warmte-koudeopslag.
Verkenningen Warmtesysteem/geothermie r
4 ^
Voorne-Putten
De gemeenten werken aan de warmtetransitie voor de gebouwde omgeving
Optimaliseren benutten transportleidingen R'damse regio
en maken de Transitievisies Warmte. Regionaal dragen we bij aan de ontwik
Warmtesysteem oostzijde Rotterdamse regio
keling van een gemeentegrensoverschrijdende Regionale Structuur Warmte. Altijd wordt eerst nagegaan hoe de warmtetransitie lokaal wordt vormgegeven en vervolgens wordt, bij inzet op warmtenetten, bekeken of aan de warmte vraag voldaan kan worden met lokale bronnen. We werken als regio gezamenlijk aan een optimale regionale warmtestructuur met de laagste maatschappelijke kosten. We kiezen voor een mix waarbij we hoogwaardige bronnen inzetten voor een hoogwaardige vraag en schaarse bronnen selectief inzetten. Elektrificatie van de verwarmingsvraag wordt waar mogelijk voorkomen. Duurzame brand stoffen kunnen worden ingezet in gebouwen die moeilijk en duur te isoleren zijn, en waar warmtenetten niet mogelijk zijn. In de regio wordt alleen ingezet Hi
iu Km
Figuur II Sleutelprogramma's
op groengas als andere bronnen veel duurder zijn. Met sleutelprogramma's, deels lopende initiatieven en deels nieuwe ver kenningen zoals te zien in figuur II, gaan we als eerste aan de slag. We zetten ook in op passende wet- en regelgeving en financiële instrumenten om andvoorwaarden te borgen.
RES Rotterdam Den Haag 1.0
-------
7
8
In onze regio zien we kansen om 2,8-3,2 TWh duurzame elektriciteit op te wekken. Figuur III laat de opbouw van de regionale inzet zien. Daarmee
kleine daken 0,55 TWh
dragen we 8 á 9 0Zo bij aan de nationale opgave uit het Klimaatakkoord. bandbreedte
We zetten zeer stevig in op zonne-energie op daken en parkeerplaatsen in stedelijk gebied, namelijk 4007o van het geschikte dakoppervlak benutten we voor zonne-energie. We benutten waterbassins in de glastuinbouw voor zonnepanelen. En we gaan op zoek naar mogelijkheden voor zonne-energie en aanvullend circa 27 extra windmolens, op basis van de draagkracht van het landschap. We zoeken bijvoorbeeld langs infrastructurele lijnen. Opwekking van duur zame elektriciteit in Natura 2000 en Natuurnetwerk Nederland gebieden doen we niet. De regionale inzet is gebaseerd op de draagkracht van het landschap
extra zoeklocaties 1,2 TWh
pijplijn o.b.v. windconvenant 0,60 TWh pijplijn hard 0,42 TWh
die is uitgewerkt in 10 verhaallijnen op basis van het volgende afwegingskader: 1 Ruimtelijke kwaliteit: Opwekking van duurzame energie alleen dáár waar
gerealiseerd
het kan met behoud of versterking van het landschap. Daar waar kansen worden gezien, wordt het zoekgebied nader uitgewerkt. Dit ruimtelijke frame is leidend. 2 Brede haalbaarheid en doelbereik: De haalbaarheid van zoekgebieden is
RES1.0
bandbreedte
Figuur III Opbouw regionale inzet voor 2030
getoetst aan ruimtelijke en milieutechnische beleidskaders en financiële haalbaarheid.
Langs de verhaallijnen (Stedelijk gebied, Glastuinbouw, Infrastructuur, Open
3 Draagvlak: In het nader onderzoeken van zoekgebieden speelt het peilen
landschap, Wateren en waterwegen, Recreatief landschap, Natuurgebied,
van draagvlak en daar waar mogelijk/wenselijk vergroten of versterken
Stadsrandzone, Bedrijventerreinen, Overig) zijn zoekgebieden geduid. Waar
dan ook een belangrijke rol. Dit vraagt een inspanning van decentrale
de regionale inzet beslag krijgt, is nog onderwerp van onderzoek. In de
overheden.
zoekgebieden vindt onder regie van gemeenten verder onderzoek plaats om
4 Netimpact en systeemefficiëntie: analyse van gevolgen op de netimpact
inpassing van duurzame elektriciteitsproductie te concretiseren. In een
op het niveau van kosten, doorlooptijd en ruimtebeslag van de net-
gebiedsgerichte aanpak, met participatie van de belanghebbenden, gaan
infrastructuur.
we deze grootschalige elektriciteitsopwekking uitwerken.
RES Rotterdam Den Haag 1.0
Elektriciteit in de RES
9
efficiënt energiesysteem zijn technologische, economische, culturele, juridi sche en (markt)aanpassingen nodig. Om al deze aanpassingen te stroomlijnen,
transporteren van duurzame brandstoffen zoals groengas en waterstof en een
hanteren we vijf principes: We streven naar energie-efficiëntie en energie
uitgebreide energie-infrastructuur met een relatief grote capaciteit. Duur
besparing; We zetten hoogwaardige energie hoogwaardig in; We streven
zame brandstoffen kunnen breed in het energiesysteem worden ingezet maar
naar een balans tussen de energievraag en de energieproductie; We houden
zijn nu nog beperkt beschikbaar. De samenwerkende partijen in onze regio
rekening met de eigenschappen van de nieuwe energiebronnen; We zien het
hebben de ambitie om het gebruik van groengas en waterstof richting 2030 en
belang in van opslag en omzetting.
2050 flink te verhogen. Vooral waterstof geproduceerd uit duurzame elektri citeit (groene waterstof) moet een grote rol gaan spelen. We kiezen ervoor
RANDVOORWAARDEN
om schaarse duurzame brandstoffen zo hoogwaardig mogelijk in te zetten. De RES-regio werkt de komende twee jaar aan het in beeld brengen van het programma van vergunningen, procedures, investeringen en (innovatieve)
VERTROUWEN
PUBLIEKE BELANGEN BORGEN
projecten die de transitie naar duurzame brandstoffen mogelijk moeten
betaalbaar
maken.
betrouwbaar duurzaam rechtvaardig
in borgen van de publieke belangen
Het energiesysteem is een complex geheel Onze regio werkt aan een betaalbare, betrouwbare, veilige en schone energievoorziening voor iedereen in 2050. Bij het maken van plannen en het realiseren van energieprojecten borgen we de publieke belangen zoals
MIDDEL
genoemd in figuur IV. Elke verandering moet voldoen aan de (gestandaar diseerde) veiligheidseisen. De RES steunt op de aanpak van o.a. de veiligheidsregio's, de provincie en het Rijk. We zetten in op passende wet- en regelgeving en financiële instrumenten om randvoorwaarden te borgen. Energiebronnen, transport en gebruikers zijn in het energiesysteem via allerlei
verantwoordelijkheid op de juiste plek effectieve wet en regelgeving effectieve financiële instrumenten
wegen met elkaar verbonden. De RES 1.0 bevat ook een kwalitatieve analyse van de systeemsamenhang. Voor een toekomstbestendig, veerkrachtig en Figuur IV Randvoorwaarden
zorgvuldig democratisch proces transparantie haalbare oplossingen
RES Rotterdam Den Haag 1.0
Duurzame brandstoffen in de RES Onze regio heeft een goede uitgangssituatie voor het produceren en
u
10
paptiûipatie in pes in ENepsiepesio rotteppam pen haas 66VM0NĒES
BepeudEN
participatie De veranderingen door de energietransitie zijn straks zichtbaar en hebben impact op het dagelijks leven. Bij participatie praten inwoners, bedrijven en maatschappelijke organisaties mee over de verduurzamingsplannen.
iSeries
uitvoerinô van pe rés
eepeidveN
SLUIT AAN SI J B6STAANP6 INITIATIEVEN
obŵa**'s
iffi /fl
ONTWIKKEL NIEUW BELEIP
iNFoeMeeeu ’ veAăen BĉANTWOOPPEN
13 S6M66NteeAP6N t WATĚBSCHAPSBĒSTUR6N PeOVINÛIALB STATEN
EAAPRLÉEÔ LOKALE BELANŴHEBBENPEN
Q i m ít
INITIATIEFNEMERS STAPTEN PROJECTEN IéPEBE T- JAAe V6BNI6UWEN VERLEEN VERŴUNNINŴEN
Als iedereen zich vertegenwoordigd voelt in de besluitvorming, draagt dit bij
MEPE--EĪŴENAARSCHAP
aan acceptatie en draagvlak. We besteden in de regio veel aandacht aan participatie zoals door het informeren en raadplegen van inwoners tot en SOÛIAAL
TOEKOMST^?
met het stimuleren van mede-eigenaarschap van een energieproject. We hebben ervoor gekozen om lokaal te doen wat kan. Regionaal wordt
| pAgTI&IRATIĉ
opgepakt wat gemeentegrensoverschrijdend is (figuur V, praatplaat partici patie). De gemeenten communiceren op de manier die bij de lokale situatie past. De regio stimuleert onderling overleg en samenwerking. Transparante, gestructureerde communicatie bevordert de samenwerking, verbondenheid en vertrouwen in de regio. We streven naar doelgroepgerichte,
www.resrotterdamdenhaag.nl
begrijpelijke en laagdrempelig communicatie. We houden ook rekening met de lange doorlooptijd, de (inter)nationale klimaatactualiteit en politieke en
Figuur V Voorzijde praatplaat 'Participatie in de RES'
technologische ontwikkelingen.
RES 1.0: nu en verder
Gemeenteraden, Provinciale Staten en de algemene besturen van de water
Decentrale overheden bepalen hoe de RES wordt vertaald naar het lokale
schappen besluiten in 2021 over de vaststelling van deze RES 1.0. De RES
(omgevings)beleid en de bijbehorende acties en instrumenten. Het streven is
wordt elke twee jaar geactualiseerd. Door de RES vast te stellen, scharen de
dat ten laatste op 1 januari 2025 de uitgewerkte plannen voor elektriciteits
samenwerkende partijen zich achter de verwoorde ambitie en zetten ze zich
productie zijn vergund zodat uiterlijk dan met de uitvoering wordt begonnen.
in onderlinge samenwerking in om deze te realiseren.
Meer informatie, video's en bronnen via www.resrotterdamdenhaag.nl
RES Rotterdam Den Haag 1.0
We werken aan transparante communicatie en bevorderen
SAMENWEPKEN AAN ST12ATESIE'
B6W0NĒPS
Inhoudsopgave
11
Interactief
1 RES Rotterdam Den Haag
2 Inzet van de regio
Elektriciteit
Brandstoffen
RES Rotterdam Den Haag 1.0
STAND VAN ZAKEN, AMBITIE, VERVOLG
3 Warmte
Waar staan we nu?
Waar willen we naartoe?
Hoe komen we daar?
VERANTWOORDING, ONDERBOUWING, VERDIEPING
Hoe is de RES tot stand gekomen?
Op welke feiten en onderzoeken is de RES gebaseerd?
Begrippen Bronnen
(D® ®@
STAND VAN ZAKEN AMBITIE VERVOLG
12
13
De RES vertaalt de doelstellingen uit
1 RES Rotterdam Den Haag Over de context van de energieregio Rotterdam Den Haag en het RES-proces. Deze RES is gemaakt door 23 gemeenten, 4 waterschappen, de provincie en de netbeheerders, in samenwerking met vele anderen. In dat licht gaat het ook over het samenspel van productie, transport, omvorming, opslag, distributie en gebruik van energie, kortweg het energiesysteem.
1.1
Inleiding
1.2
Context
1.3
Het energiesysteem nader bekeken
het Klimaatakkoord naar de regio. Bij de keuzes in de energietransitie zijn Ľ^a^betaalbnarheid en maatschappelijk drOagVlak essentieel. '
j*
'til
14
Inleiding
Gemeenteraden, Provinciale Staten en de algemene besturen van de waterschappen besluiten in 2021 over de vaststelling van de RES. De RES
In Nederland werken 30 energieregio's aan de verduurzaming van de energie
wordt daarna elke twee jaar geactualiseerd, op grond van nieuwe inzichten,
voorziening, de zogeheten energietransitie. Verduurzaming is nodig om de
ervaringen en technieken. Deze RES 1.0 is een tussenstap op weg naar
uitstoot van broeikasgassen sterk te verminderen. Nederland heeft als doel
2030 en vervolgens 2050.
om in 2030 de helft minder CO2 uit te stoten ten opzichte van 1990. In 2050 moet de uitstoot met 950Zo zijn afgenomen. Deze doelstelling is afgesproken in
Door de RES vast te stellen scharen de samenwerkende decentrale over
het Klimaatakkoord dat het kabinet op 29 juni 2019 publiceerde. Het Klimaat-
heden in de energieregio Rotterdam Den Haag zich gezamenlijk achter de
akkoord is de Nederlandse uitwerking van de afspraken die 55 landen maak
verwoorde ambitie en zetten ze zich in onderlinge samenwerking in om
ten tijdens de Klimaatconferentie in Parijs (2015).
deze te realiseren.
Eind 2019 hebben de decentrale overheden (gemeenten, provincies, water schappen) zich aan het Klimaatakkoord verbonden. Per regio stellen ze een Regionale Energie Strategie (RES) op, waarin ze de nationale afspraken uit het Klimaatakkoord vertalen naar de eigen regio. In een RES staan de keuzes die de energieregio's maken over hoe ze de CO2-doelstellingen willen bereiken: waar en hoe ze het best duurzame elektriciteit kunnen opwekken, welke warmtebronnen ze kunnen gebruiken en hoe duurzame brandstoffen een rol kunnen spelen. Bij deze keuzes speelt betaalbaarheid een belangrijke rol, evenals betrokkenheid van de inwoners en maatschappelijk draagvlak. Deze RES is het resultaat van de samenwerking van 23 gemeenten, 4 waterschappen, de provincie en de netbeheerders. Omdat participatie een essentieel onderdeel is van het energietransitie-proces, hebben de bestuurders, ambtenaren en volksvertegenwoordigers ook inwoners, maatschappelijke organisaties, initiatiefnemers en marktpartijen betrokken bij het maken van de RES.
RES Rotterdam Den Haag 1.0
1.1
9 ©H3H&# Context
Welke inzet de betrokken partijen leveren, hangt af van hun rol. Gemeenten betrekken inwoners (participatie) en de gevestigde organisaties binnen de
Deze RES beschrijft de visie van de energieregio Rotterdam Den Haag. Hij
gemeentegrenzen, ze begeleiden de uitvoering van projecten en plannen, ze
bevat ambities en oplossingsrichtingen voor de komende decennia, voor tal
zorgen voor adequate informatie en ondersteuning en ze bieden regelingen
van sectoren en activiteiten - van de gebouwde omgeving tot de productie
aan en verlenen vergunningen. Dit gebeurt allemaal in samenspraak met de
van elektriciteit, van energienetwerken tot energiebesparingen. Daarmee
provincie Zuid-Holland, die de plannen inpast in bestaande provinciale (ruim
biedt de RES een perspectief aan alle partijen die een rol spelen in de regio
telijke) kaders. Waterschappen dragen bij aan plannen met hun terreinen,
nale energievoorziening. De oplossingsrichtingen zijn ontwikkeld op basis van
wateren en bedrijfsmiddelen; ze zetten hun assets bijvoorbeeld in om energie
technisch-inhoudelijke onderzoeken en analyses (met data van o.a. de deel
te produceren, zoals bijvoorbeeld aquathermie en duurzame brandstoffen
nemende partijen en het Kadaster), waarna in samenspraak met betrokken
uit de afvalwaterzuivering. Netbeheerders zorgen voor tijdige investeringen
partijen gedeelde conclusies zijn getrokken.
en aanpassingen in het elektriciteitsnet, zodat zonnepanelen en windmolens kunnen worden aangesloten. En als partners in het ontwikkelproces van de
De ambities en oplossingsrichtingen uit deze RES worden vertaald naar de
regionale energiehuishouding, houden netbeheerders bij hun adviezen en
lokale context waarbij inspraak mogelijk is en blijft. Ze krijgen een plek in het
investeringen rekening met de toenemende vraag naar en het aanbod van
(omgevings)beleid van de publieke partijen. Het streven is dat ten laatste op
duurzaam opgewekte elektriciteit.
1 januari 2025 de uitgewerkte plannen zijn vergund (Klimaatakkoord, p. 164), zodat uiterlijk dan met de uitvoering wordt begonnen. Gemeenten, provincie en waterschappen bepalen uiteindelijk zelf hoe de RES wordt vertaald naar het eigen (omgevings)beleid en de bijbehorende instrumenten. Dit maatwerk en deze flexibiliteit maken het mogelijk om rekening te houden met de lokale context. Vaststelling van de RES betekent dat alle partijen een inzet leveren om de
«fIS/fflS
gezamenlijke ambitie te behalen. Betrokken partijen hebben ook afgesproken de rekening niet onderling of naar de toekomst door te schuiven. Dit vraagt om zorgvuldige afwegingen en om grote onderlinge solidariteit.
■-V*. ■sįi-’-ŕ.-i-’. -
RES Rotterdam Den Haag 1.0
1.2
15
16
1.3
Het energiesysteem nader bekeken
Nationaal Programma RES (Unie van Waterschappen, IPO, VNG en het Rijk) in kaart of de plannen landelijk optellen tot de nationale doelstellingen (Klimaatakkoord p. 162). Het Planbureau voor de Leefomgeving maakt
Voor veel dagelijkse bezigheden, zoals televisiekijken, douchen en autorijden, is energie nodig. Er zijn verschillende energiedragers
analyses. Zij leggen alle RES'en naast elkaar en rekenen ze door.
voor dit energiegebruik: elektriciteit, warmte en brandstoffen. Zo gebruiken
Ook buigen het Rijk en de decentrale overheden zich over de invulling van
televisies elektriciteit, wordt douchewater verwarmd met aardgas of via een
de randvoorwaarden
warmtenet en rijden auto's (nu nog vaak) op benzine of diesel.
die de regio stelt. Dit betreft de benodigde financiële
middelen om de ambities tot uitvoering te kunnen brengen, maar vooral passende (Rijks)wetgeving en stimuleringsinstrumenten.
Om energie te kunnen gebruiken, zetten we energiebronnen om in een van deze, voor de mens bruikbare, energiedragers. Uiteindelijk komen alleen
Om de doelstellingen uit de RES te behalen, komt het aan op nadere uit
energiedragers bij de eindgebruiker terecht. Bij de productie van energie
werking en realisatie: elke partij moet - binnen zijn of haar mandaat - de af
dragers kan omvorming plaatsvinden binnen één type (brandstof olie wordt
gesproken acties uitvoeren. De rol van de regiopartijen is om dit te faciliteren,
omgezet in benzine) of tussen twee typen (elektriciteit wordt omgezet in
door de afspraken en plannen uit de RES te monitoren én door de RES iedere
waterstof). Het samenspel van productie, transport, omvorming, opslag,
twee jaar te actualiseren. Hoewel de manier waarop nog uitwerking vergt,
distributie en gebruik van energie noemen we het energiesysteem.
vindt hierover afstemming en coördinatie O plaats op regionaal niveau.
In figuur 1.1 is het energiesysteem schematisch weergegeven.
Op basis van nieuwe inzichten, actualiteiten en innovaties wordt een RES 2.0 ontwikkeld, waarschijnlijk gereed in 2023. In dit ontwikkelproces krijgen alle betrokkenen volop ruimte voor inbreng. Daarnaast is het ook nodig om de
Energiebron of energiedrager?
voortgang te monitoren. De eerste stap in dit kader is het opstellen van een op actie gericht programma, dat de concretere doorvertaling van de ambities uit
Energiebronnen en energiedragers bevatten allebei energie. Er is
de RES naar activiteiten omvat.
wel een belangrijk verschil: bij een energiedrager moet je er eerst energie in stoppen voordat je die er weer uit kunt halen. En energie bronnen zijn niet direct bruikbaar voor de mens. Energiebronnen zijn bijvoorbeeld de zon, de wind, bodemwarmte, fossiele brandstoffen en uranium. Energiedragers zijn elektriciteit, waterstof en groengas, en warm/heet water (in deze RES aangeduid als 'warmte'). Energie dragers die een vlam nodig hebben om ze te kunnen gebruiken, noemen we in deze RES brandstoffen.
RES Rotterdam Den Haag 1.0
Op basis van deze RES en die van alle andere energieregio's brengt het
ÏÔJĨĽfc ENERGIEDRAGER
OMVORMING EN OPSLAG
TRANSPORT EN DISTRIBUTIE
ENERGIEGEBRUIK
Ondanks efficiëntieverbeteringen waardoor het elektriciteitsverbruik van individuele apparaten afneemt, zal de totale elektriciteitsvraag
zon wind
kracht en licht elektriciteit
naar verwachting toenemen (Energieperspectief 2050, juli 2019). Dit komt doordat er meer elektrische toepassingen bijkomen, waaronder auto's en
batterij
warmtepompen, in plaats van toepassingen van (fossiele) brandstoffen. warmte voor gebouwen en glastuinbouw biomassa biogassen
brandstoffen
Vanwege het hoogstedelijke karakter en de bijhorende grote energievraag,
reservoir
heeft deze RES-regio ten opzichte van veel andere RES-regio's uitgebreide transport
elektriciteitsnetten, met een relatief grote capaciteit. Dit heeft als voordeel dat het aansluiten van grootschalige zon en wind tot 2030 naar verwachting niet
geothermie aquathermie restwarmte
warmte
reservoir warmte voor industrie
leidt tot onoplosbare knelpunten. Op de langere termijn is dat wel het geval, want door de groeiende vraag naar elektriciteit is uitbreiding en verzwaring van het elektriciteitsnet noodzakelijk.
V
restwarmte
ì
Figuur 1.1 Schematische weergave van het energiesysteem
De Rotterdamse haven is momenteel een cruciaal logistiek knoop
©
punt voor fossiele brandstoffen, niet alleen voor Zuid-Holland en
Nederland, maar voor heel Europa. Chemie en raffinage zijn kernactiviteiten van het haven- en industriecomplex. Deze industrietakken zetten aardolie om in allerlei producten, waaronder kerosine, benzine en diesel. De transitie Het energieverbruik van de haven valt buiten de scope van de RES, maar is
naar een duurzame economie is een grote uitdaging: in plaats van olie zullen
in het energiesysteem onlosmakelijk verbonden met de regio. Vandaar dat
biogrondstoffen als basis gebruikt worden voor veel producten, dus ook voor
de uitwisseling van energie tussen de haven en de regio, bijvoorbeeld in de
brandstoffen. De Rotterdamse haven zal naar verwachting een belangrijke
vorm van warmte, wel is meegenomen in de RES. Vanwege het grote aantal O
rol blijven vervullen in het energiesysteem.
inwoners en de grote verscheidenheid aan functies is de ruimte in deze regio schaars. Ook voor de energietransitie is veel ruimte nodig, bijvoorbeeld voor
Gezien de hoge bevolkingsdichtheid in de regio, de beperkte ruimte voor
elektriciteitsproductie en voor de uitbreiding van de energie-infrastructuren.
duurzame energieproductie en de beschikbaarheid van relatief weinig
Deze ruimtelijke druk vraagt om keuzes voor het gebruik.
biomassareststromen die geschikt zijn voor het produceren van groengas, is het duidelijk dat een deel van de elektriciteit en brandstoffen van buiten de regio moet komen.
RES Rotterdam Den Haag 1.0
ENERGIEBRON
17
u
18
Hoogspanningsstation TenneT O
deze regio, met name in hoog
Hoogspanningsstation Stedin
stedelijk gebied en in de glastuinbouw
Elektriciteitsnet TenneT
sector. Tegelijk is er een grote potentie voor
Hoogspanningsnet Stedin en Westland Infra
aanbod van warmte, dankzij de aanwezig
Warmteleidingen
--------
Bestaand distributienet
heid van mogelijkheden voor geothermie
Bestaand hoofdnet
en de vele restwarmtebronnen in het
Gasleidingen
Rotterdamse Havengebied. Daarnaast zijn
Aardgasleiding
er kansen voor het benutten van lokale
CO2-leiding Overige leidingen
mm.
mm
warmtebronnen, zoals oppervlaktewater, afvalwater en drinkwater (aquathermie). Hierdoor heeft de regio veel mogelijkheden om met behulp van warmtenetten te voor zien in de vraag naar duurzame warmte. Figuur 1.2 toont bestaande energienetwerken in de regio: een uitgebreide warmte-infrastructuur en uitgebreide elektriciteits- en gasnetten met een relatief grote capaciteit.
10 km
Figuur 1.2 Energie-infrastructuur
RES Rotterdam Den Haag 1.0
De vraag naar warmte is groot in
Elektriciteit
19
brandstof voorzien (brandstoffentransitie). Deze transities zijn met elkaar
Met de energietransitie bedoelen we alle inspanningen om de CÜ2-uitstoot
verweven. Net zoals het energiesysteem, dat bestaat uit meerdere, met
van het energiesysteem te verminderen. Dat kan onder andere door minder
elkaar verweven systemen. Deze transities leiden in de toekomst tot nieuwe
energie te gebruiken (energiebesparing). Maar omdat dit onvoldoende op
systemen, die op een nieuwe manier gekoppeld zijn met elkaar.
levert om de CO2-reductiedoelen te behalen, richt de energietransitie zich ook op het vervangen van fossiele brandstoffen door CO2-arme energie
Door over te stappen op andere energiebronnen en -dragers veroorzaakt
bronnen. De transitie vraagt ook innovaties en nieuwe technieken, naast het
de energietransitie fundamentele veranderingen in het energiesysteem:
inzetten op de bestaande oplossingsrichtingen.
^ Nieuwe vormen van energieproductie en -opslag hebben een grote ruimtelijke impact en vinden veelal lokaal plaats
Kernenergie is op dit moment geen onderdeel van het Klimaatakkoord. Op dit
De ruimtelijke impact van deze nieuwe vormen is groter dan voor de
moment vindt er een landelijke marktconsultatie plaats onder welke voor
productie en opslag van energiedragers uit fossiele brandstoffen, want die
waarden marktpartijen bereid zijn te investeren in kerncentrales in Nederland,
hebben een grotere energiedichtheid en worden deels buiten Nederland
welke publieke ondersteuning daarvoor nodig is en in welke regio's er belang
gewonnen. Figuur 1.3 toont enkele voorbeelden van de ruimtelijke impact
stelling is voor de realisering van een kerncentrale. Omdat de ontwikkeling
van onderdelen van het energiesysteem. Omdat die impact groot is, moet
van nieuwe vormen van kernenergie en de bouw van kernenergiecentrales
in de energietransitie ook rekening worden gehouden met de ruimtelijke
erg langzaam gaat, kan kernenergie niet ingezet worden om het doel van
aspecten, zowel boven als onder de grond. Hier ligt een duidelijke rol voor
2030 (490Zo minder CO2-uitstoot) te halen. Om deze reden maakt kernenergie
gemeenten.
vooralsnog geen onderdeel uit van de scope van de RES 1.0. Voor de periode tot 2050 kan kernenergie wel een rol gaan spelen. Indien er op landelijk niveau
^ Hernieuwbare energie is minder stuurbaar
wordt aangestuurd op kernenergie wordt dit onderdeel van de RES, gezien het
Nieuwe vormen van energie zijn niet altijd beschikbaar op het juiste
dan onderdeel uitmaakt van het energiesysteem.
moment, in de juiste hoeveelheid of in de juiste vorm. Bijvoorbeeld in de winter is de vraag naar warmte groter dan het aanbod. Deze mismatch
De energietransitie is niet één transitie. Het zijn meerdere transities tegelijk,
speelt op korte termijn (seconden), middellange termijn (weken) en lange
waarbij - naast consumenten - veel (inter)nationale instanties en bedrijven zijn
termijn (seizoenen). Het aanbod van sommige energiebronnen (zon, wind)
betrokken, en keuzes O nodig zijn. Zo veranderen we de manier waarop we
is weersafhankelijk. Het aanbod van restwarmte hangt af van het betref
elektriciteit opwekken (elektriciteitstransitie), de manier waarop we onze huizen
fende primaire productieproces. Geothermie kan continu energie leveren.
verwarmen (warmtetransitie) en de manier waarop we de maatschappij van
In alle gevallen is er een structurele mismatch tussen energieaanbod en
RES Rotterdam Den Haag 1.0
Energietransitie
20
48 m
RES Rotterdam Den Haag 1.0
H2
ÍSÿiM
OVV Ifr/
«jŕ-' mm
BSO
KŴŴ'1
1ha
Figuur 1.3 Ruimtelijke weergave energiesysteem
Ŵ P
21
RES Rotterdam Den Haag 1.0
energievraag. Dit alles vraagt een andere verdeling van het aanbod en het gebruik van energie en vooral ook om nieuwe manieren van omvorming en PRODUCTIE
opslag. Ook nu probeert de energiesector al steeds beter te voldoen aan
marktpartijen en energiebedrijven zoals' llniper Engie
de fluctuerende energievraag (met name die van elektriciteit), o.a. door conversie, vraagsturing en opslag. ^ Er vindt een verschuiving plaats van de ene naar de andere energiedrager Elektriciteit is steeds vaker een alternatief voor fossiele brandstoffen, bij
OMVORMING EN OPSLAG
GEBRUIK
voorbeeld in het vervoer en om te verwarmen (in combinatie met lucht- of bodemwarmte). Ondanks energiebesparing leidt dit tot een toenemende vraag naar (op termijn duurzame) elektriciteit. Overstappen naar nieuwe energiedragers vergt ook aanpassingen aan de gebruikerskant; bij de overstap op een warmtenet is in woningen bijvoorbeeld een ander verwarmingssysteem nodig. Deze verschuivingen vragen om veranderingen: in gedrag, technieken, regels en wetten en in de rollen van overheden en marktpartijen. Het geen opgave voor één partij, maar voor vele.
Energietransitie van en voor iedereen
TRANSPORT
DISTRIBUTIE
partijen zoals: TenneT, Gasunie HVC, WBR, Eneco,
Het energiesysteem bestaat uit de onderdelen productie, transport, omvor ming, opslag, distributie en gebruik van energie. Voor elke onderdeel bestaat aparte wet- en regelgeving en bij elk onderdeel zijn (direct en indirect) andere partijen betrokken (zie figuur 1.4). De RES-regio speelt vooral een rol in de ruimtelijke ordening en bij het borgen van de publieke belangen. Het Rijk en/of de EU reguleren veel andere zaken, zoals de energiebelasting, de SDE-stimuleringssubsidie, de vrije leverancierskeuze, de aansluitplicht voor elektriciteit en gas. Ook voor warmtenetten bestaat een apart wettelijk kader, dat op dit moment wordt herzien.
Figuur 1.4 Verhouding productie-gebruik-distributie
22
2 Inzet van de regio De unieke kenmerken en de ambitie van de regio worden in dit hoofdstuk beschreven. De gekozen regionale oplossingen, inzet op besparingen en duurzame energieproductie, passen bij het land schap, bij de mensen en bij de regionale kwaliteiten Ook wordt ingegaan op de rol van participatie en communicatie en op de randvoorwaarden om de ambities te verwezenlijken.
Een unieke regio
n mo
Ambitie van de regio 2.2.1
Belangrijkste keuzes warmte
2.2.2 Belangrijkste keuzes elektriciteit 2.2.3 Belangrijkste keuzes brandstoffen 2.2.4 Belangrijkste keuzes energiesysteem Participatie en communicatie Voorwaarden en risico's Samenwerking en governance
inwo
n andere ana
23
Een unieke regio
een afname van meer dan 200Zo in de vraag naar energie. Gemeenten zijn de eerstaangewezen partij om deze energiebesparing te realiseren, bijvoorbeeld via de Transitievisie Warmte (TVW). De regio zet in op het ondersteunen van
ca. 2,4 miljoen mensen, liggen twee grote steden, bevindt zich een wereld
deze opgave door het vormgeven van een actieprogramma richting de RES 2.0.
haven en een internationaal toonaangevend glastuinbouwcluster (figuur 2.1 Gebiedskenmerken
). Er is sprake van een grote concentratie van werk
In de regio zijn veel mogelijkheden voor (her)gebruik van warmte. Zo is er in
gelegenheid en economische activiteit. Van het totale oppervlak (1.256,40 km2)
de haven een groot potentieel aan bodem- en restwarmte, dat kan worden
is meer dan driekwart bebouwd: 969 km2 (MRDH, 2020). Ook kent de regio
ingezet voor de energievoorziening.
enkele landelijke gemeenten. Hier liggen open gebieden van grote regionale waarde (natuur en recreatie), die nadrukkelijk bijdragen aan de aantrekkelijke
De regio koestert open gebieden met grote ruimtelijke kwaliteiten. Dat weegt
leef-, woon- en werkomgeving. Door alle bedrijvigheid in de regio is er maar
zwaar bij de keuzes van oplossingen en locaties voor (nieuwe) duurzame
beperkte ruimte voor duurzame energieopwekking. Tegelijkertijd biedt de
energievoorzieningen. Elk onderdeel van het energiesysteem kent een ruimte
regio volop kansen voor het benutten van rest- en aardwarmte.
beslag, zichtbaar of minder zichtbaar doordat het bijvoorbeeld onder de grond komt. Denk bijvoorbeeld aan kabels voor elektriciteit, leidingen voor warmte,
Regionale uitgangspunten
hoogspanningsstations, zonnepanelen, windmolens en aardwarmtestations,
De regio streeft naar een betaalbare, betrouwbare, veilige en schone energie
maar ook isolatie van woningen en transformatorhuisjes in woonwijken.
voorziening voor iedereen in 2050. Aan dit streven liggen enkele belangrijke punten ten grondslag:
De afwegingen moeten zorgvuldig gebeuren, rekening houdend met de natuur, de inwoners en andere belangrijke factoren. Leidend is de zoge
Doen wat past bij de regio
noemde draagkracht van het landschap: het landschappelijke karakter van
De RES is gericht op wat past bij de regio en de regionale kwaliteiten. Dat
de steden, dorpen en de omliggende gebieden is het vertrekpunt. Door de
geldt voor de inhoud (het type oplossingen en kansen), de ruimte (doen
nog aanwezige open landschappen zoveel mogelijk te ontzien, wil de regio
wat past bij het landschap) en de organisatie (de manier waarop we samen
het ruimtelijk contrast behouden dat bestaat tussen dynamische, stedelijke
werken aan plannen en realisatie).
gebieden en tussengelegen open gebieden. Nieuwe activiteiten krijgen een
In deze sterk verstedelijkte regio zijn er veel mogelijkheden om energie te
den op meerdere manieren te gebruiken. Zo biedt het grote dakoppervlak in
besparen. Zo kan het isoleren van gebouwen tot minimaal label C leiden tot
stedelijke gebieden kansen voor de opwekking van zonne-energie.
plek in bestaand stedelijk gebied, bijvoorbeeld door de ruimte in deze gebie
D e n H a a g 1.0
De aard en omvang van de regio Rotterdam Den Haag zijn uniek. Hier wonen
RES R o tte rd a m
2.1
24
BBBB
..A
l
frrl
infrastructuur
Nederland: 34.500
c
BBBB BBBB BBBB BBB BBBB BBB BBBB BBB
bos en natuur
m m
36.500 bruto regionaal product per inwoner
2.390.416
1903 mensen
175
1.125.446
128.000 bedrijven
inwoners
per km2
nationaliteiten
huishoudens
en instellingen
31o7ū agrarisch
recreatie
binnenwater
verdeling oppervlak
AANDEEL REGIO ROTTERDAM DEN HAAG T.O.V. NEDERLAND (bron: CBS, Klimaatmonitor) 3r
13,7 r
^^22 r
f
r
Nederland
naar oppervlakte (zonder buitenwater)
naar aantal inwoners
| regio
43 r
naar warmtegebruik
ELEKTRICITEITSVRAAG PER SECTOR (07o)
naar oppervlakte glastuinbouw
naar elektriciteitsgebruik
(VERWACHTE) VERWARMINGSVRAAG GEBOUWDE OMGEVING
45,8
verwarmingsvraag 2017
42,4 2030 (14,0 TWh)
verwarmingsvraag 2030
2016 (12,2 TWh)
23,0
u utiliteit
20
X 1000 GWh
(VERWACHTE) ELEKTRICITEITSVRAAG GEBOUWDE OMGEVING
25,2
woningen
15
21,3 20,9
:
woningen
elektriciteitsvraag 2017
utiliteit*
8,2
7,2
elektriciteitsvraag 2030
glastuinbouw* 0
glastuinbouw
verkeer
Figuur 2.1 Gebiedskenmerken energieregio Rotterdam Den Haag
industrie
5
10
X 1000 GWh
* voor een klein aantal gemeenten is de energievraag voor utiliteit niet compleet; hierdoor valt de echte energievraag iets hoger uit dan weergegeven. ** voor glastuinbouw is het gebruik van 2020 weergegeven in plaats van het gebruik van 2017.
D e n H a a g 1.0
tt tt tt tt
tt*
bebouwd
RES R o tte rd a m
KENMERKEN (bron: CBS, MRDH)
25
rond het Havenindustrieel Complex O (HIC) en het glastuinbouwcluster Een belangrijk deel van het RES-afwegingsproces bestaat uit overleg met
De RES bundelt wat er al is (bestaande lokale plannen) met wat er aanvullend
andere regio's en andere overheden. Door in zulke processen samen te werken als regio, staan we sterker. De RES stelt ons in staat om bij grote spelers de kracht van de regio onder de aandacht te brengen, de juiste
is een warmte-infrastructuur aangelegd, er zijn afspraken gemaakt (zoals het
randvoorwaarden te scheppen en belemmeringen weg te nemen.
windconvenant) en er is beleid geformuleerd dat zich richt op een succesvolle energietransitie.
2.2
Ambitie van de regio
De transitie naar een duurzaam energiesysteem biedt vele kansen voor de
De manier waarop regio Rotterdam Den Haag de nationale doelstellingen uit
regio en brengt positieve neveneffecten met zich mee. Het resultaat is een
het Klimaatakkoord heeft vertaald is niet alleen ambitieus, maar ook realis
aantrekkelijk en gezond leefklimaat, een concurrerend ondernemersklimaat
tisch en haalbaar. De gekozen regionale oplossingen, waarmee we door het
en nieuwe economische bedrijvigheid. Ook biedt de energietransitie enorme
stimuleren van besparingen en door duurzame energieproductie een bijdrage
mogelijkheden voor innovatie. Dit wordt onderschreven door de Roadmap
leveren aan het verminderen van de CO2-uitstoot, passen bij het landschap,
Next Economy, een langetermijnvisie van Metropoolregio Rotterdam Den
bij de inwoners, bij de bedrijven en bij de regionale kwaliteiten. Alleen dan
Haag (MRDH, 2016) in samenwerking met de vooraanstaande Amerikaanse
houden de keuzes
econoom Jeremy Rifkin. Deze visie gaat over de transities die nodig zijn om de nieuwe economie voor onze regio te realiseren en over het belang van investeringen in de energietransitie. Stimuleren van synergie en samenwerking In de plannen voor een duurzame energievoorziening streven we naar synergie met andere maatschappelijke opgaven. Over gemeentegrenzen heen leggen we een verbinding met plannen en beleid op het gebied van onder meer economie, ruimtelijke kwaliteit, mobiliteit, werkgelegenheid en ecologie/ natuur. De RES is een onderdeel van de puzzel die gelegd moet worden om een aantrekkelijk leefklimaat te behouden, met oog voor de verschillende opgaven. Daarom zoeken we aansluiting bij gebiedsgerichte opgaven, zoals
stand.
D e n H a a g 1.0
moet en kan gebeuren om de regionale ambities te verwezenlijken. Ook geven we handreikingen voor de manier waarop. Er gebeurt al veel in de regio: er
.
RES R o tte rd a m
Focussen op de kansen en de kracht van de regio en aansluiten bij wat er al is
26
Belangrijkste keuzes
•I inzetten op besparing, isoleren en lage(re)temperatuur-
toekomstbestendige energiemix •I samenwerken aan een optimale regionale warmtestructuur met de laagste maatschappelijke kosten •I regie bij de gemeenten
brandstoffen •I voor de warmtetransitie eerst inzetten op vraagreductie en, waar passend, op realisatie van regionale warmte-infrastructuur; inzet van brandstoffen in woningen en gebouwen in de periode tot 2030 is het sluitstuk van de warmtetransitie •I duidelijkheid bieden aan initiatiefnemers, hun activiteiten actief ondersteunen en benodigde acties uitwerken
•I uitwerken toekomstbeeld langs de zeven sleutelprogramma's •I inzetten op passende wet- en regelgeving en financiële instrumenten om randvoorwaarden te borgen Energiesysteem ^ streven naar energie-efficiëntii en energiebesparing Elektriciteit
•I streven naar balans tussen energievraag en energieproductie
•I inzetten op 2,8-3,2 TWh duurzame opwek als bijdrage aan de
•I rekening houden met de eigenschappen van nieuwe energie
nationale opgave
bronnen en de (on)mogelijkheden van opslag en omzetting
•I inzetten op plekken met behoud of versterking van ruimtelijke kwaliteit; tevens beschouwen we de haalbaarheid vanuit netimpact, de bredere haalbaarheid en het draagvlak •I zeer stevig inzetten op zonne-energie op daken en parkeerplaatsen (stedelijk gebied), benutten van waterbassins in de glastuinbouw voor zonnepanelen en aanvullende windmolens op basis van de draagkracht van het landschap
Overkoepelend •I uitwerken van de samenwerking voor ontwikkeling en realisatie richting RES 2.0 •I regionaal informatie delen in en over lokale projecten en ont
•I opwekking van duurzame elektriciteit in de natuur doen we niet
wikkelingen, inclusief (financiële) participatie; ook bedoeld om
•I uitwerken van grootschalige opwekking van duurzame elektrici
voortgang en doelbereik te monitoren en zo nodig in onderling
teit in integrale gebiedsgerichte aanpakken met participatie van de belanghebbenden
overleg bij te sturen
D e n H a a g 1.0
verwarming •I inzetten op de beschikbare rest- en aardwarmte en een
•I zo hoogwaardig mogelijk inzetten van schaarse duurzame
RES R o tte rd a m
Brandstoffen Warmte
27
Belangrijkste keuzes warmte
Warmtekeuzes volgens het Energieperspectief 2050
De regio heeft een grote potentie voor het gebruik van warmte. Naast een veelheid aan lokale bronnen zijn ook aardwarmte en restwarmte volop aanwe
Energiebesparing heeft de hoogste prioriteit; volgens het Energie perspectief 2050 en deze RES. Daarnaast gebruiken we zoveel mogelijk warmte uit lokale en regionale bronnen, zodat de
ten. De gemeenten zijn, in lijn met het Klimaatakkoord, de regisseurs van de
elektriciteitsvraag minimaal blijft. We kiezen voor een mix waarbij
warmtetransitie voor de gebouwde omgeving. Voor individuele gemeenten
we hoogwaardige bronnen inzetten voor een hoogwaardige vraag
begint dit met het opstellen van een Transitievisie Warmte, hierin worden de
en schaarse bronnen selectief inzetten. Elektrificatie van de ver-
keuzes gemaakt over hoe de warmtetransitie wordt vormgegeven. Regionaal
warmingsvraag wordt waar mogelijk voorkomen. Duurzame brand
wordt bijgedragen aan de ontwikkeling van een gemeentegrensoverschrij-
stoffen kunnen worden ingezet in gebouwen die moeilijk en duur
dende Regionale Structuur Warmte (RSW). Bij het organiseren en in de toe
te isoleren zijn, en waar warmtenetten niet mogelijk zijn. In de regio
komst realiseren van deze bovengemeentelijke warmtestructuur is de lokale
wordt dus alleen ingezet op groengas als andere bronnen veel
vraag het vertrekpunt. Altijd wordt eerst verkend hoe de warmtetransitie
duurder zijn.
lokaal wordt vormgegeven en welke rol warmtenetten hierin hebben, naast alternatieven zoals all-electric en groengas. En vervolgens wordt bij inzet op warmtenetten bekeken of aan de warmtevraag voldaan kan worden met
Op regionaal niveau gaan we bijdragen aan de warmtetransitie van de
lokale bronnen.
gebouwde omgeving en de glastuinbouw. We focussen op een regionale warmte-infrastructuur en gaan uit van wat er in de regio al gebeurt. Focus
Besparen blijft voor warmte een belangrijke eerste stap. We zetten in op
ligt daarom in deze RES 1.0 op bronnen die een bovengemeentelijke rol
besparing van 200Zo of meer in de gebouwde omgeving en 3007o of meer in de
spelen, aanvullend op gemeentelijke bronnen. Het potentiële aanbod van
glastuinbouw. De RES 1.0 sluit aan bij de keuzes uit het Energieperspectief
deze bovengemeentelijke bronnen, geothermie en restwarmte, is in deze
2050 (juli 2019).
regio groot - een ideale uitgangspositie om warmte uit te wisselen, zowel binnen als buiten de regio. Daarvoor is een regionale warmte-infrastructuur nodig en een betrouwbaar systeem voor het opslaan en distribueren van warmte.
D e n H a a g 1.0
zig. Inzet van deze bronnen vraagt om een grootschalige bovengemeentelijke warmtestructuur. De regio heeft de ambitie om deze mogelijkheden te benut
RES R o tte rd a m
2.2.1
28
Voor 2030 betekent dit: o We zetten stevig in op zonne-energie in het stedelijk gebied, namelijk voor bijna de helft van de resterende opgave:
waar onvoldoende lokale warmtebronnen aanwezig zijn. De ambitie is om
o
400Zo van het geschikte dakoppervlak benutten we voor zonne-energie
minder warmte te verbruiken (isoleren) en daarmee ook in te (kunnen) zetten
o
Dat zijn ongeveer 122.000 woningen (uitgaande van een gemiddelde
op lage(re) temperatuur verwarming. De lokale vraag en de lokale bronnen
van 60 m2 dakoppervlak) en bijna 5000 grote daken (uitgaande van het
gaan onderdeel uitmaken van de geïntegreerde structuur van distributie- en transportnetten. Ook bij veranderingen in de lokale vraag of het lokale aanbod is het daardoor mogelijk om optimaal gebruik te maken van de (regionaal) beschikbare warmte.
gemiddelde groot dakoppervlak in onze regio à 1930 m2) o
We zoeken naar 68 hectare overkapping met zonnepanelen van parkeerplaatsen
o In het glastuinbouw gebied zetten we in op het benutten van waterbassins: ongeveer 347 bassins in 10 jaar met 350.000 (drijvende) panelen (uit
Voorwaarde voor succes is dat de publieke belangen (betaalbaarheid,
gaande van de gemiddelde oppervlakte van een waterbassin in onze
betrouwbaarheid, duurzaamheid en rechtvaardigheid) zijn geborgd. Dit vraagt
regio à 1885 m2)
om aanvullende en/of nieuwe wet- en regelgeving, financiële instrumenten en voldoende kennis en kunde bij de betrokken partijen.
2.2.2 Belangrijkste keuzes elektriciteit De regionale inzet is gebaseerd op de draagkracht van het landschap in onze regio. We onderzoeken alleen kansen voor duurzame energieopwekking waar bij de ruimtelijke kwaliteit behouden blijft of versterkt wordt. Zo dragen we met 2,8-3,2 TWh bij aan de nationale doelstelling van 35 TWh hernieuwbare energie op land. Dat is 8 à 9 procent van de doelstelling in het Klimaatakkoord.
«6 YìPfe.Ég BBuţn
mlm
Gezien het hoogstedelijke karakter van de regio zetten we stevig in op opwekking van zonne-energie in het stedelijk gebied (op daken en parkeer plaatsen) en is voor duurzame opwekking in de natuur juist geen draagvlak. Daarnaast wordt gezocht naar waar draagkracht in het landschap is voor windmolens.
■imvåü
•tel
D e n H a a g 1.0
ontwikkelen. Hiermee maken we ook warmtenetten mogelijk in de gemeenten
RES R o tte rd a m
Door proactief samen te werken en de ontwikkeling van vraag en aanbod te coördineren kan deze regio een optimale bovengemeentelijk warmtestructuur
9 ©H3H&#
29
Belangrijkste keuzes brandstoffen
Duurzame brandstoffen zijn schaars. De RES-regio kiest ervoor om duur zame brandstoffen zo hoogwaardig mogelijk in te zetten. Hiervoor is een brandstoffen in woningen en gebouwen ziet de regio als het sluitstuk van de warmtetransitie. Eerst wordt ingezet op vraagreductie en het realiseren van de regionale warmte-infrastructuur voor buurten waar dit een goede oplossing is. De RES-regio wil met haar visie duidelijkheid geven aan initiatiefnemers. Tevens wil zij initiatieven die bijdragen aan deze visie actief ondersteunen. Om ervoor te zorgen dat brandstoffen hun beoogde rol in het toekomstige ^ Er zijn 89 windmolens gerealiseerd. Dat worden er in 2030 zo'n 144 (uit
energiesysteem kunnen vervullen kan het zijn dat er aanvullende acties nodig
gaande van het opgesteld vermogen zoals bekend en wanneer het
zijn vanuit de RES-regio. De RES-partners werken de komende twee jaar aan
onbekend is, is gerekend met turbines van 3,6 MW). Daarvan zijn
het in beeld brengen van het programma van vergunningen, procedures,
28 windmolens al voorzien in het SER Energieakkoord en staan op de lijst
investeringen en projecten die de transitie naar duurzame brandstoffen
van het convenant van de Stadsregio Rotterdam en het Havenconvenant.
mogelijk moeten maken en leggen dat programma vast in de RES 2.0.
Dat betekent dat er nog voor circa 27 windmolens naar draagkracht in het landschap wordt gezocht.
2.2.4
Belangrijkste keuzes energiesysteem
De RES-regio werkt aan een betaalbare, betrouwbare, veilige en schone Het inpassen van grootschalige elektriciteitsopwekking (wind en zon) werken
energievoorziening voor iedereen in 2050. Bij het maken van plannen en het
we uit in integrale, gebiedsgerichte aanpakken. Samen met belanghebbenden,
realiseren van energieprojecten borgen we de publieke belangen: betaalbaar
passende participatie en buurgemeenten. Dat kost meer tijd, maar verdient
heid, betrouwbaarheid, duurzaamheid, rechtvaardigheid en vertrouwen.
zich altijd terug in kwaliteit. Dit vraagt om een lokaal proces, waarbij lokale
Elke verandering moet voldoen aan de (gestandaardiseerde) veiligheidseisen.
kennis, de mogelijkheid om eigen afwegingen te maken in samenhang met
De RES steunt op de aanpak van o.a. de veiligheidsregio's O, de provincie en
andere opgaven - en gesprekken met omwonenden, bedrijven en andere
het Rijk.
belanghebbenden, essentieel zijn. Hierbij maken we gebruik van een afwe gingskader met vier frames: de ruimtelijke kwaliteit, de brede haalbaarheid, de impact op het net en het draagvlak. Regionaal richten we ons ook op samenwerking, kennisontwikkeling en -deling.
D e n H a a g 1.0
'ladder' van inzet opgesteld die in paragraaf 5.2 is weergegeven. De inzet van
RES R o tte rd a m
2.2.3
30
^ We houden rekening met de eigenschappen van de nieuwe energiebronnen
technologische, economische, culturele, juridische en (markt)aanpassingen
Duurzame energiebronnen zijn minder stuurbaar dan fossiele bronnen.
nodig. Om al deze aanpassingen te stroomlijnen, hanteren we vijf principes.
De hoeveelheid zonne- en windenergie is variabel en gedeeltelijk onzeker; restwarmte en geothermie zijn juist continu beschikbaar, maar bewegen niet mee met de vraag. Daarom streven we naar een mix van bronnen,
benadrukken wat bij het maken van keuzes belangrijk is en wat moet worden
zodat de betrouwbaarheid van de energieproductie toeneemt.
meegewogen. ^ We zien het belang in van opslag en omzetting ^ We streven naar energie-efficiëntie en energiebesparing
Opslag en omzetting worden ingezet naast andere oplossingen, want
We gebruiken zo min mogelijk energie, onder meer door goed te isoleren en
omzettingen en opslag kosten ook energie, geld en ruimte. Tegelijk biedt
energiezuinige apparaten te gebruiken. Dit draagt bij aan het wooncomfort
opslag ook de kans om de belasting op de energienetten te verlagen en dus
en beperkt de kosten en de ruimtelijke impact van de energietransitie.
verzwaring te voorkomen. We maken keuzes vanuit een integrale benade ring. Vanuit de regio pleiten we voor de juiste prijsprikkels om opslag
^ We zetten hoogwaardige energie hoogwaardig in We zetten energiedragers slim in. Verbranding van waterstof gebeurt bij hoge temperaturen. Het is energetisch niet efficiënt om hier woningen mee te verwarmen tot 20oC. Daarom gebruiken we deze hoogwaardige energie eerst voor processen op hoge temperatuur, en daarna de energie die over blijft voor het verwarmen van woningen (cascaderen). ^ We streven naar een balans tussen de energievraag en de energieproductie In het bestaande energiesysteem draaien we door de afstemming tussen die twee vooral aan de productieknop: bij meer vraag, produceren we meer. In het toekomstige systeem is de energieproductie minder stuurbaar. Daarom moeten we manieren ontwikkelen om ook aan de vraagknop te draaien: bij minder productie verkleinen we de vraag. Binnen de regio zal er geen volledige balans mogelijk zijn. Er zal dus ook uitwisseling van energie met andere regio's plaatsvinden. Dit geldt voor alle energiedragers.
systemen rendabel te maken.
D e n H a a g 1.0
Deze principes gelden voor de energietransitie als geheel. De RES 1.0 is daar van een onderdeel, net als de volgende RES'en voor deze regio. De principes
RES R o tte rd a m
Voor een veerkrachtig, efficiënt en toekomstbestendig, energiesysteem zijn
u
Participatie en communicatie
In paragraaf 7.1
is, ingedeeld naar directe en indirecte communicatie,
RES R o tte rd a m
2.3
31
beschreven hoe de RES tot stand is gekomen. De energietransitie brengt grote maatschappelijke veranderingen met zich Communicatie, participatie en kennisdeling staan niet op zichzelf en zijn altijd verweven met de inhoud. Deze middelen dragen bij aan de doelmatigheid
bedrijven en maatschappelijke organisaties mee over de verduurzamings-
van het beleidsproces, de besluitvorming en de uitvoering. Transparante,
plannen. Deze gesprekken leveren belangrijke informatie en inzichten op die
gestructureerde communicatie bevordert samenwerking, verbondenheid en
we meewegen in de keuzes die we tijdens de transitie maken. Als iedereen
vertrouwen in de regio. We streven naar doelgroepgerichte, begrijpelijke en
zich vertegenwoordigd voelt in de besluitvorming, draagt dit bij aan acceptatie
laagdrempelig communicatie.
en draagvlak. We moeten het samen doen. We besteden in de regio veel aandacht aan participatie tijdens de ontwikkeling
p’AKTiûiP’ATie in pes in eNei?Ĝ.ieieeĜdo i?ott6i?pam pĉn haaô eevMONefcS
van de RES én aan participatie tijdens de (toekomstige) uitvoering van de RES. Met de term 'participatie' bedoelen we alle mogelijke vormen van betrokken
SAMENWGPKEN
B6W0NĒPS
BepeudEN
AAN ST!?ATĉĠ»Iĉ'
iSATies
SLUIT AAN BIJ BĒSTAANPĒ INITIATIEVEN
obŵa**'s
heid van belanghebbenden: van informeren en raadplegen van alle inwoners over het RES-proces tot meebeslissen over en mede-eigenaar worden van een energieproject. We onderscheiden in het participatieproces twee soorten
uitvoérinô van pe rés
ONTWIKKEL NIEUW BELEIP
iNFoeMeeeu
’VeAŮĒN
13 S6M66NteeAP6N t WATĚBSCHAPSBĒSTURĒN PeOtflNÛIALB STATEN
EAAPRLÉEÔ LOKALE BELANŴHEBBENPEN
BEANTWOOPPĒN
i m ít
INITIATIEPNE/VIERS STAPTEN PROJECTEN IéPEBE T- JAAe veenieuwen
communicatie:
VERLEEN VERŴUNNINŴEN
MEPE--EĪŴENAARSCHAP
^ directe (rechtstreekse) communicatie, met betrokken partijen (ambte naren en bestuurders van gemeenten, waterschappen en provincie) en
SOCIAAL
ITOEKOMST^
volksvertegenwoordigers; ofwel ten behoeve van het regionale proces ofwel ten behoeve van de democratische besluitvorming.
| pAgTI&IRATIĉ
^ indirecte (niet-rechtstreekse) communicatie met inwoners; ofwel ten behoeve van het regionale proces ofwel om informatie te verstrekken over energie-gerelateerde onderwerpen. Deze vorm van communicatie wordt gedaan door de gemeenten. www.resrotterdamdenhaag.nl