2.15c) Cultuurhistorische Waardering RK begraafplaats Naaldwijk def (G21-000777)
Tekst van het document
Erfgoedvereniging Heemschut
-* .V.» ,,
-j -
-Z
•
V^
,-v^r
CULTUURHISTORISCHE WAARDERING RK BEGRAAFPLAATS NAALDWIJK ,v\ Bureau Funeraire Adviezen Amsterdam, februari 2021
Opdrachtgever: Erfgoedvereniging Bond Heemschut Nieuwezijds Kolk 28 1012 PV AMSTERDAM Contactpersoon: dhr. K. Loeff
Uitvoering: Bureau Funeraire Adviezen Jisperveldstraat 73 1024 AC Amsterdam Telefoon:
06-10816145
E-mail: Website:
info@funerair.nl www.funerair.nl
Tekst en fotografie Redactie
: Bureau Funeraire Adviezen, Leon Bok : Bureau Funeralia, René ten Dam
Foto voorzijde: Kunststenen grafmonument voor de tuinder Hendricus Bernardus Droog (1882 - 1943)
Amsterdam, februari 2021
Rapport nr. 2021-95
© Bureau Funeraire Adviezen. Alle rechten voorbehouden. Conform de algemene voorwaarden, artikel 5, mag het opgeleverde product door de opdrachtgever aangewend worden voor presentatie en publicatie, binnen de strekking van de opdracht. Indien foto's en teksten door opdrachtgever worden aangewend voor andere publicaties of andere doeleinden, dan dient Bureau Funeraire Adviezen hiervoor uitdrukkelijk toestemming te geven. Aan gebruik, anders dan voor de doelstelling van de opdracht, kan Bureau Funeraire Adviezen kosten verbinden. Ondanks alle zorg die aan de samenstelling van dit rapport is besteed, kan Bureau Funeraire Adviezen niet aansprakelijk worden gesteld voor enige schade die ontstaat of ontstaan is, doordat Bureau Funeraire Adviezen bij de uitvoering van de overeenkomst is uitgegaan van door de opdrachtgever verstrekte onjuiste en/of onvolledige gegevens.
CULTUURHISTORISCHE WAARDERING RK BEGRAAFPLAATS NAALDWIJK
2 van 20
INHOUD INHOUD.................................................................................................................................................... 3 INLEIDING.................................................................................................................................................4 1 CONTEXT, GESCHIEDENIS EN BESCHRIJVING BEGRAAFPLAATS....................................................... 5 1.1 Katholieke begraafplaatsen in Nederland en meer specifiek Zuid-Holland.................................5 1.2 Katholieke begraafplaatsen in gemeente Westland..................................................................... 6 1.3 Funeraire geschiedenis Naaldwijk.................................................................................................. 7 1.4 De katholieke begraafplaats............................................................................................................8 1.4.1 Uitbreiding van de begraafplaats............................................................................................... 9 1.4.2 Sluiting en daarna...................................................................................................................... 10 1.4.3 Huidige aanzien ........................................................................................................................
11 1.4.4 Grafmonumenten..................................................................................................................... 12 2 CULTUURHISTORISCHE WAARDERING.......................................................................................... 14 Redengevende omschrijving RK begraafplaats.............................................................................14 2.1 2.1.1 Identificerende gegevens..........................................................................................................14 2.1.2 Kadastrale gegevens:................................................................................................................ 14 2.1.3 Inleiding .................................................................................................................................... 15 2.1.4 Omschrijving ............................................................................................................................. 15 2.1.5 Waardering ............................................................................................................................... 16 3 CONCLUSIES EN AANBEVELINGEN..................................................................................................
17 VERKLARENDE WOORDENLIJST..............................................................................................................18 GERAADPLEEGDE BRONNEN EN LITERATUUR....................................................................................... 20 Literatuur ................................................................................................................................................... 20 Bronnen ..................................................................................................................................................... 20
CULTUURHISTORISCHE WAARDERING RK BEGRAAFPLAATS NAALDWIJK
3 van 20
INLEIDING Erfgoedvereniging Heemschut heeft Bureau Funeraire Adviezen verzocht om voor de katholieke begraafplaats van Naaldwijk een cultuurhistorische waardering op te stellen. Heemschut is, samen met stichting Terebinth en een groot aantal lokale organisaties, van mening dat de begraafplaats belangrijke cultuurhistorische waarden vertegenwoordigt die een nadere beschrijving, waardering en bescherming rechtvaardigen. Genoemde partijen willen aan de hand van de cultuurhistorische waardering de begraafplaats laten aanwijzen tot gemeentelijk monument met het oog op het behoud ervan. In dit rapport wordt de waardering van de begraafplaats beschreven. Dat is gedaan aan de hand van de beschikbare gegevens over de historie van de begraafplaats, de huidige situatie en door deze in context te plaatsen. De begraafplaats is eerder kort beschreven in de inventarisatie van historisch waardevolle objecten in de Gemeente Westland uit 2007. Die inventarisatie is destijds gemaakt door stichting Dorp, Stad en Land. In dit rapport wordt in het eerste hoofdstuk de geschiedenis en de context van katholieke begraafplaatsen in Nederland en meer specifiek die in Zuid-Holland beschreven. Vervolgens wordt ingegaan op de geschiedenis van de katholieke begraafplaatsen in de gemeente, alvorens in te zoomen op de funeraire geschiedenis van Naaldwijk.
Als laatste komt de geschiedenis en het huidige aanzien van de begraafplaats aan bod. In hoofdstuk 2 is een beschrijving gemaakt van de cultuurhistorische waarden aan de hand van de identificerende gegevens, een inleiding waarin kort is weergegeven waar het om gaat en wat de situering is. Vervolgens is een omschrijving gemaakt van de onderhavige objecten en hun samenhang. Tot slot is een waardering gegeven. Hoofdstuk 3 bevat een korte samenvatting en conclusie. De cultuurhistorische waardering kan gebruikt worden voor het aanwijzen van de begraafplaats als gemeentelijk monument op grond van de Erfgoedverordening gemeente Westland 2017. Op grond van deze verordening kunnen burgemeester en wethouders een gemeentelijk monument aanwijzen dat van bijzonder belang is voor de gemeente vanwege zijn schoonheid, betekenis voor de wetenschap of cultuurhistorische waarde. Ter ondersteuning van de beschrijvingen is een verklarende woordenlijst opgenomen waarin een aantal begrippen en termen die in dit rapport voorkomt, nader verklaard wordt. Het rapport sluit af met een overzicht van de gebruikte literatuur en de geraadpleegde websites, bronnen en archieven.
CULTUURHISTORISCHE WAARDERING RK BEGRAAFPLAATS NAALDWIJK
4 van 20
1
CONTEXT, GESCHIEDENIS EN BESCHRIJVING BEGRAAFPLAATS
Ten behoeve van de cultuurhistorische waardering wordt hier eerst een algemene schets gegeven van rooms-katholieke begraafplaatsen in Nederland, die in Zuid-Holland en vervolgens meer specifiek die in de gemeente Westland. Vervolgens komt de funeraire geschiedenis van Naaldwijk en specifiek die van de katholieke begraafplaats zelf aan de orde.
1.1 Katholieke begraafplaatsen in Nederland en meer specifiek Zuid-Holland Nederland telt anno 2021 1.285 katholieke begraafplaatsen. Ruim de helft daarvan is te vinden in de provincies Limburg en Noord-Brabant. Vervolgens komt Gelderland met 181 begraafplaatsen. Groningen kent met 15 het geringste aantal en in Flevoland kent men geen aparte katholieke begraafplaatsen. Ook Drenthe en Fryslân kennen weinig katholieke begraafplaatsen. In Zuid-Holland zijn er 84 te vinden. De meeste katholieke begraafplaatsen in Nederland dateren uit de negentiende eeuw, met name uit de tweede helft toen in Nederland de bisschoppelijke hiërarchie weer was hersteld. In Limburg en Noord-Brabant kennen we daarnaast veel oudere begraafplaatsen met een middeleeuwse oorsprong. De groei van gemeenschappen en het toenemende belang van de katholieke kerk heeft echter ook daar voor veel nieuwbouw en verandering gezorgd, zodat veel oorspronkelijke kerkhoven verdwenen zijn. Belangrijk was vanzelfsprekend dat de graven gewijd waren en de begraafplaats onderdeel was van de structuur rondom of bij de kerk. Na de Reformatie waren veel katholieke kerken en kerkhoven in handen gekomen van de burgerlijke gemeente of de hervormde kerk. Daarbij werden de overduidelijk katholieke onderdelen verwijderd, maar de functionele onderdelen zoals beenderhuis en ommuring bleven vaak bestaan.
Soms wisselde het kerkhof later nog van signatuur naar gelang de religieuze ontwikkelingen. Die deden zich met name voor vanaf 1795. De komst van de Fransen naar Nederland deed de Bataafse Republiek ontstaan, waarin vrijheid van geloof werd afgekondigd. Los van het feit dat in de jaren daarna kerken en kerkhoven weer in handen kwamen van de katholieken, gingen enkele grotere gemeenschappen over tot de aanleg van een eigen begraafplaats. De Franse Tijd leidde in Zuid-Holland niet direct tot een grote toename aan katholieke begraafplaatsen, want pas in 1809 werd in Aarlanderveen weer een katholieke begraafplaats in gebruik genomen. In 1817 volgden begraafplaatsen in Roelofarendsveen en Zuidbuurt. In 1819 kwam in Wateringen de eerste katholieke begraafplaats in de huidige gemeente Westland tot stand. In de grotere steden in Zuid-Holland kreeg Leiden in 1828 een eigen katholieke begraafplaats en in 1829 kwam in Den Haag de grote katholieke begraafplaats Sint Petrus Banden tot stand. Pas in 1864 volgde in Rotterdam een katholieke begraafplaats. Ruim de helft van alle katholieke begraafplaatsen die Zuid-Holland nu telt, zijn aangelegd na het herstel van de bisschoppelijke hiërarchie in Nederland in 1853. Daarmee werden ook overal de katholieke staties omgezet in parochies en was er sprake van een ware katholieke opleving, bekend als de periode van het Rijke Roomse Leven.
De meeste negentiende-eeuwse katholieke begraafplaatsen werden ingericht conform een aantal kerkelijke regels1: ^ Iedere gedoopte heeft recht op de kerkelijke begraafplaats, tenzij... ^ Het kerkhof dient opgevat te worden als een 'accessorium' wat letterlijk een uitbreiding van het kerkgebouw inhoudt ^ Het kerkhof is een heilige plaats • Een parochie beschikt over een eigen kerkhof • Standsverschillen worden tot een minimum gereduceerd • Geestelijken worden afzonderlijk van de leken begraven • Kinderen worden gescheiden van de volwassenen begraven • Grafmonumenten, opschriften en versieringen mogen niets bevatten wat niet overeenkomt met de Katholieke leer • Aparte, afgesloten ruimte voor hen aan wie de kerkelijke begrafenis wordt onthouden • Het kruis dient een centrale plek te hebben op de begraafplaats 1 Vastgelegd in canoniek recht.
CULTUURHISTORISCHE WAARDERING RK BEGRAAFPLAATS NAALDWIJK
5 van 20
,U.LĽLUJgĻ
[Vv*sS F BI I feSSrşia
rMcí! êêiēt \
«
' w 'WP.j i E7
»
’
Afbeelding 1: Luchtfoto van Sint Petrus Banden in Den Haag uit 1829. Centraal het belangrijkste gedeelte met kapel en rondom een geometrisch ontsloten hof.
Over de wijze van indeling en inrichting bestonden geen vastgestelde regels, gezien de percelen vaak niet dezelfde grootte hadden of de ligging soms een bepaalde inrichting niet toeliet. In de praktijk kwamen de voorschriften erop neer dat het kruis een centrale plaats kreeg toebedeeld, met dichtbij de graven voor priesters en andere geestelijken. Voor kinderen werd een apart vak aangelegd en ook voor ongedoopten, zelfmoordenaars of niet geïdentificeerde drenkelingen was er vaak een apart gedeelte. Zoals betamelijk in de negentiende eeuw lagen de graven meestal dicht op elkaar en werden de meeste overledenen begraven in een algemeen graf. Later in de negentiende eeuw zou het klasse-systeem de inrichting van de begraafplaatsen gaan bepalen. De eerste klasse kreeg dan de meest prominente plek, dicht bij het kruis en aan het hoofdpad. De laagste klassen kregen de minst gunstige locatie, vaak achteraf en soms middenin een grafvak. De grafcultuur in Nederland ontwikkelde zich sterk in de negentiende eeuw en werd voor katholieke begraafplaatsen zeer bepalend. Het kruis was een belangrijk element in de katholieke grafcultuur en daarmee ontstonden hoge en smalle grafmonumenten die voorzien werden van talloze christelijke symbolen en voorwerpen. Van alle katholieke begraafplaatsen in Zuid-Holland zijn er tien beschermd als rijksmonument en tien als gemeentelijk monument.
In de gemeente Westland is de particuliere grafkelder van de familie Herckenrath in Monster beschermd als rijksmonument en zijn de gemeentelijke begraafplaatsen van 'sGravenzande en die van Naaldwijk beide beschermd als gemeentelijk monument net als de katholieke begraafplaatsen van Monster en Poeldijk.
1.2 Katholieke begraafplaatsen in gemeente Westland De gemeente Westland is in 2004 ontstaan na een fusie van de gemeenten De Lier, 's-Gravenzande, Monster, Naaldwijk en Wateringen. Als regio bestond het Westland veel langer en al enkele eeuwen vormde de regio een belangrijke tuinbouwgebied voor met name de steden Den Haag en Rotterdam. De dorpen in de regio, nu gemeente, hadden niet alleen gemeen dat er tuinbouw werd bedreven, maar ook dat het overgrote deel van de bevolking katholiek was. In Wateringen werd al in 1819 door de statie een eigen begraafplaats aangelegd. Hoewel het aantal inwoners van Poeldijk geringer was dan in Wateringen, bestond het merendeel ook hier uit katholieken. De statie wist hier in 1827 een eigen kerkhof te realiseren bij de in 1780 vergrote kerk. In 1828 werd in Naaldwijk een katholiek kerkhof gerealiseerd achter de in 1790 gebouwde kerk. Hoewel het aantal katholieken in Naaldwijk zelf in de
CULTUURHISTORISCHE WAARDERING RK BEGRAAFPLAATS NAALDWIJK
6 van 20
minderheid was, kende de statie toch een groot aantal leden. Dat kwam doordat de statie ook 'sGravenzande bediende. In 1856 werd tevens in Monster een eigen kerkhof in gebruik genomen, naast de in 1831 geheel vernieuwde kerk. Als laatste katholieke begraafplaats in de huidige gemeente werd die in Kwintsheul aangelegd, in 1874. Het dorp Kwintsheul viel lange tijd onder Wateringen en Monster en werd pas in 1890 een zelfstandige parochie. Al in 1870 was een eigen kerk gebouwd en daarachter werd enkele jaren later een begraafplaats aangelegd.
rìm
śå^ğįgįg
-
Afbeelding 2: Het kerkhof van Monster kent met de priestergraven en het kruis met Corpus een belangrijk focuspunt.
De vijf katholieke begraafplaatsen in de gemeente Westland dateren dus alle uit de negentiende eeuw en hebben een aantal karakteristieken met elkaar gemeen. Ze zijn alle opgehoogd, relatief klein en kennen overwegend onregelmatige plattegronden die wijzen op uitbreidingen in het verleden. Qua grafcultuur is op alle begraafplaats de katholieke identiteit zichtbaar in het veelvuldige gebruik van het kruis als symbool en het centraal geplaatste kruisbeeld. Met name in Poeldijk is nog een gedeelte waar het negentiende-eeuwse karakter is bewaard. Op grote familiegraven staan hier hoge kruisen met zogenaamde Christuskoppen die sterk het beeld bepalen. Het groen op de begraafplaatsen verschilt sterk en is in alle gevallen ondergeschikt aan het begraven. Het zijn vooral hagen en struiken die het beeld bepalen en hogere bomen zijn vaak in de rand, buiten de begraafplaats of op andere percelen te vinden. Behalve in Naaldwijk worden alle begraafplaatsen nog gebruikt, wat ook duidelijk wordt uit de eigentijdse toepassingen van asbezorging op de begraafplaatsen; op alle in gebruik zijnde begraafplaatsen bestaat de mogelijkheid om urnen bij te zetten in een urnenmuur of in een urnentuin.
1.3 Funeraire geschiedenis Naaldwijk Naaldwijk is ontstaan op één van de oude zandruggen, de haakwal die van de duinen bij Monster tot voorbij Naaldwijk loopt. In de Romeinse tijd was er bij Naaldwijk waarschijnlijk een vlootbasis gelegerd. Vaste bewoning ontstond pas in de late zesde en zevende eeuw, welke de basis vormde voor het huidige Naaldwijk. In de twaalfde eeuw komt Naaldwijk voor in de geschreven bronnen, maar het is aannemelijk dat het dorp ouder is. Er moet toen al een houten kerkje op een lichte verhoging hebben gestaan. De
CULTUURHISTORISCHE WAARDERING RK BEGRAAFPLAATS NAALDWIJK
7 van 20
kerk was oorspronkelijke gewijd aan de Heilige Adrianus. Delen van de kerktoren dateren uit de dertiende eeuw, maar nadat in 1472 brand de kerk verwoestte, werd deze herbouwd. In de kerk bevinden zich onder meer grafzerken van de laatste deken, priesters en predikanten. Ook is er een aantal altaarstenen terug te vinden die na de reformatie zijn (her)gebruikt als grafzerk. Aan de oostzijde van het koor bevindt zich het grafmonument voor de op 5 februari 1711 overleden baron Von Schmettau, de gevolmachtigde van de koning van Pruisen die de bezittingen in het Westland beheerde. Het kerkhof werd vanzelfsprekend ook gebruikt. Hier werd begraven, ongeacht geloof. Waarschijnlijk werd bij katholieke begrafenissen wel een schepje gewijde aarde toegevoegd aan het graf. De kleine joodse gemeenschap die zich in Naaldwijk had gevormd, liet in 1793 een eigen begraafplaats aanleggen. Deze kleine begraafplaats lag ten westen van Naaldwijk, ver van de bebouwde kom. In 1827 werd duidelijk dat per 1 januari 1829 niet meer in of bij de kerk begraven mocht worden. Grotere plaatsen zoals Naaldwijk dienden een begraafplaats aan te leggen buiten de bebouwde kom. Destijds telde Naaldwijk ruim 3.000 inwoners.
Burgemeester en wethouders van Naaldwijk gingen voortvarend te werk en medio 1828 besteedden zij 'het aanleggen en ophoogen van eene begraafplaats voor deze gemeente, met het opbouwen van een muur rondom dezelve, benevens de leverantie van al de daartoe benoodigde materialen' aan. Ook werden eigenaren van graven in de kerk uitgenodigd hun eigendomsbewijs te tonen om in aanmerking te komen voor grafruimte op de nieuw aan te leggen begraafplaats in het noorden van het dorp. De Hervormde Gemeente kreeg een jaarlijkse uitkering voor het verlies van inkomsten. Overeenkomstig de klassen in de kerk en het kerkhof, kon er op de begraafplaats in vier klassen worden begraven. Op 17 januari 1829 werd het eerste lijk begraven. Net even eerder had de katholieke gemeenschap een eigen begraafplaats in gebruik genomen.
Afbeelding 3: De katholieke kerk is duidelijk aangegeven op deze kadastrale kaart. Het kerkhof lag op het perceel achter de kerk. Rechts ervan op perceel 660 lag de algemene begraafplaats.
1.4 De katholieke begraafplaats In 1790 werd aan de rand van het dorp een rooms-katholieke kerk gebouwd. Waarschijnlijk zal men niet lang daarna al gestreefd hebben naar een eigen begraafplaats, maar dat lukte pas in 1828. Achter de kerk, toevalligerwijs naast de door de gemeente aangelegde begraafplaats, werd toen door pastoor Jacobus Nicolaas Mazza een stuk grond gekocht van Jacob Cornelisz. en Cornelis Klaasz. de Groot. Voordat het stuk grond in gebruik genomen kon worden als begraafplaats, werd het eerst opgehoogd. De begraafplaats had op dat moment een omvang van 20 bij 40 meter. Niet lang daarna kon de begraafplaats door de pastoor worden ingewijd en op 17 juni 1828 vond de eerste begrafenis plaats. Volgens Van der Aa (1849) was het kerkhof "versierd met een voortreffelijk, levensgroot Christusbeeld en door eenen muur omgeven". Die muur fungeerde deels als keermuur voor het
CULTUURHISTORISCHE WAARDERING RK BEGRAAFPLAATS NAALDWIJK
8 van 20
opgehoogde kerkhof, maar het is bekend dat tegen de muur van de naastgelegen algemene begraafplaats druiven, perziken, morellen en abrikozenbomen geplant waren. Goed mogelijk dat dit ook het geval was bij de muur van het katholieke kerkhof. In 1847 werd op de begraafplaats een priestergraf aangelegd, in opdracht van de toenmalige priester. Het is bekend dat ook pastoor Mazza in dat priestergraf is bijgezet, maar zijn oude zerk is blijven liggen. Het priestergraf zelf is later verschillende keren aangepast. In 1870 werd een nieuwe kerk gebouwd, groter dan de oude. Het kerkhof was toen slechts 20 meter diep en begon waar nu het nieuwe priestergraf ligt. Het kerkhof is wellicht toen aan de noordoostzijde uitgebreid waardoor een haakvormige plattegrond ontstond. In de jaren daarna is niet alleen het priestergraf aangepast, maar werd in de zuidwestelijke hoek van de begraafplaats - op normaal grondniveau - een baarhuisje gebouwd. In 1909 overleed een van de zusters Dominicanessen die sinds 1896 in Naaldwijk de zorg op zich hadden genomen van een leer-, naai- en bewaarschool. Op de begraafplaats werd speciaal voor de zusters een klein aantal graven ingericht. Op de graven staat nu nog een eenvoudig grafkruis met op het basement de tekst "GRAF DER EERWAARDE ZUSTERS". Het graf is afgezet H met palen waartussen stangen zijn aangebracht.
1.4.1 Uitbreiding van de begraafplaats In 1931 werd aan de Molenstraat een nieuwe katholieke kerk in gebruik genomen. Die was Afbeelding 4: Het zustergraf met daarachter de algemene nodig omdat Naaldwijk vanaf 1900 flink graven. groeide, met name door ontwikkelingen in de tuinbouw. De oude kerk werd nog enkele jaren gebruikt door autobedrijf Droog, maar in 1935 werd de kerk afgebroken. Een gedeelte dat vrij kwam werd toen ingericht als begraafplaats, maar het overige terrein werd ingericht als een soort tuin, de voorhof. De kleine uitbreiding leidde tot de rechthoekige plattegrond die de begraafplaats vandaag de dag heeft. Waarschijnlijk werd toen ook vanaf het baarhuisje de lage muur met ezelsrug opgetrokken, die tot aan het begin van de begraafplaats loopt, maar dan wel steeds lager wordt. Op deze muur stond eertijds ook een eenvoudig gaashekwerk. Over de aanplant uit die tijd weten we weinig, met name ook omdat alle beplanting in de jaren tachtig van de vorige eeuw aangepast is. Eerder al werden waarschijnlijk paden opgeofferd om graven te kunnen uitgeven. Het voorterrein van de begraafplaats is in 2007 opnieuw ingericht, maar een belangrijk element aldaar is de piëta, hier geplaatst in 1949 uit dankbaarheid voor de bescherming van Naaldwijk tegen onheil tijdens de oorlog. Het beeld is vervaardigd door de beeldhouwer Albert Polydorus Termote (1887 1978).
Het beeld is op een hoog voetstuk geplaatst, bestaande uit kalksteen blokken. Dit voetstuk werd ontworpen door de bouwkundige P.P.C. Alkemade (1905-1992). De piëta is in een soort coulisse geplaatst waarvan het scherm gevormd wordt door een vijftal populieren. Het voorhof is in de loop der jaren gebruikt voor allerlei activiteiten waaronder herdenkingen, vlaggenparades en andere ceremoniële gebeurtenissen.
CULTUURHISTORISCHE WAARDERING RK BEGRAAFPLAATS NAALDWIJK
9 van 20
y i
ì 'í
MM
9fr“ '
gr?®; ____ Afbeelding 5: De voorhof gezien van de Dijkweg.
1.4.2
Sluiting en daarna
Waarschijnlijk omdat er op het kleine stukje grond zeer intensief begraven was en omdat uitbreiding in het zich uitbreidende Naaldwijk ter plekke niet mogelijk was, werd de begraafplaats in 1982 gesloten. Al in de jaren zeventig werden kinderen op de gemeentelijke begraafplaats van Naaldwijk begraven. Die begraafplaats was in 1865 in gebruik genomen aan de Geestweg. De eerste algemene begraafplaats
Q LJU I i U I I w
II — -
» m' I
i r*l- Mr. \ n ġįì* ' ? ff. iś» J*
■*sŕ.
Afbeelding 6: Overzicht van de rooms-katholieke begraafplaats aan de Dijkweg in Naaldwijk in 1985 gezien vanaf het Raoul Wallenbergplein (Historisch Archief Westland, N-000370).
CULTUURHISTORISCHE WAARDERING RK BEGRAAFPLAATS NAALDWIJK
10 van 20
naast de katholieke begraafplaats werd toen gesloten. Daarnaast werd besloten om de gemeente te verzoeken een katholiek gedeelte beschikbaar te stellen op de gemeentelijke begraafplaats. Dat werd toegestaan en voortaan kon men begraven op een katholiek deel in de 2e klasse. In bestaande familiegraven op de oude begraafplaats kon tot de sluiting nog wel begraven worden, maar daar is nauwelijks gebruik van gemaakt. Later is het aparte gedeelte op de gemeentelijke begraafplaats losgelaten en konden katholieke inwoners van Naaldwijk overal op de begraafplaats een graf uitzoeken. Nadien zijn enkele graven op de begraafplaats overgebracht naar de gemeentelijke begraafplaats. Het parochiebestuur liet in 1983 het baarhuisje slopen en mogelijk is toen een nieuw hek rondom de begraafplaats gezet inclusief een rij coniferen. Nog in 1985 lag de begraafplaats er 'strak' bij met enkele stroken gras her en der. De paden waren duidelijk te zien en de verschillende grafvakken waren duidelijk afgebakend. Nadien is de begraafplaats nauwelijks meer onderhouden. 1.4.3
Huidige aanzien
De begraafplaats kan betreden worden via een voorhof die bereikbaar is via een dubbel smeedijzeren hekwerk aan de Dijkweg. Na de ingang loopt een breed pad aan op een driehoekig gazon waarin een piëta is opgenomen met daarachter vijf populieren. Het pad loopt aan beide zijden langs het gazon naar achteren. Aan weerszijden van het pad is een uitgebreid assortiment aan struiken en heesters te vinden, zowel groenblijvend als bladverliezend. De ingang van de begraafplaats ligt achter de piëta en de populieren. Hier geeft een licht hellend pad - dat voor de helft met betonklinkers is belegd en deels met houten bielzen - toegang tot de verhoogd liggende begraafplaats. De ingang wordt gevormd door een modern stalen dubbel hek. Op het hek sluit een eenvoudig gaashekwerk aan met aan de bovenzijde een dubbele rij prikkeldraad. Dit hekwerk loopt rond de gehele begraafplaats. Direct achter de ingang ligt een klein voorplein waaraan een dubbel priestergraf ligt met daarachter een smeedijzeren kruis op voetstuk. Het kruis is afkomstig van het schip van de huidige Adrianuskerk en is hier in 2012 geplaatst. Het kruis heeft geen bijzondere kwaliteiten.
Afbeelding 7: Complex van keldergraven met op de voorgrond de zerk voor pastoor Mazza.
Achter het priestergraf ligt een complex van een aantal aaneensluitende zerken, vermoedelijk op keldergraven. De zerken zijn relatief eenvoudig en alle voorzien van teksten, waarvan één met een
CULTUURHISTORISCHE WAARDERING RK BEGRAAFPLAATS NAALDWIJK
11 van 20
ingehakt kruis. Rechts van het keldercomplex bevindt zich het grafmonument voor pastoor Jacobus Nicolaas Mazza, de bouwpastoor en verantwoordelijk voor de aanleg van het kerkhof. Hij overleed in 1830 en zijn (gebroken) zerk is het oudste grafmonument op het kerkhof. De zerk wordt opvallend genoeg niet gesierd door een priesterkelk, maar is voorzien van een gevleugelde zandloper. Verderop op de begraafplaats bevindt zich nog een graf voor een aantal zusters Dominicanessen, die destijds aan het Sint Martinusgesticht en de RK Meisjesschool waren verbonden. Op het graf staat een hardstenen kruis op basement. Het is het enige graf op de begraafplaats dat is omheind met grafpalen en stangen. De begraafplaats kent enkel zandpaden en heeft een beperkte structuur van grafvakken. Wel is in de grafvakken enigszins terug te vinden waar het algemene graven of eigen graven betreft. In de rand aan de zijde van de Verdilaan ligt nog een relatief gaaf geheel aan algemene grafmonumenten uit de jaren veertig en vijftig. De aanleg van de begraafplaats laat in de huidige situatie geen herkenbare structuur zien, zoals in de vorm van een kruisvormig padenstelsel, zoals die vaak op katholieke begraafplaatsen kan worden aangetroffen. Sommige paden zijn aangezet met behulp van coniferen, maar deze vormen door hun aanzicht geen structureel element.
Gezien de ligging van het latere priestergraf lijkt een formeel kruisvorming padenstelsel in Naaldwijk niet te zijn aangelegd. Het is aannemelijk dat een deel van de oorspronkelijke paden wegens ruimtegebrek gebruikt is als grafruimte. Rechts van de ingang, in de noordwestelijke hoek, ligt een dubbele rij kindergraven. Hiertussen lag tot september 2020 een dubbel oorlogsgraf met twee soldaten die in de meidagen van 1940 zijn gesneuveld. Beiden zijn in 2020 herbegraven op Militair Ereveld Grebbeberg. Op de begraafplaats bevinden zich verschillende bomen, meest doorgeschoten coniferen, waarvan een aantal mogelijk oorspronkelijk als grafbeplanting heeft gediend. Hierdoor oogt de begraafplaats groen, maar is door het geringe licht dat overblijft over het geheel gezien arm aan planten en grassen. Omdat ook aan de buitenzijde van de begraafplaats, deels in het talud of achter de muur, bomen en struiken zijn aangeplant of spontaan opgekomen, dragen deze wel bij aan het totaalbeeld. De gepleisterde muur aan de zuidwestelijke zijde is voorzien van teksten en andere graffiti, terwijl de pleisterlaag op verschillende plekken is verdwenen. Grote delen van de muur zijn bovendien bedekt met algen. Op de zuidwestelijke hoek zijn resten van het baarhuisje te zien. De noordoostelijke zijde bestaat uit een talud dat geheel begroeid is met klimop, struiken en bomen. 1.4.4
Grafmonumenten
Op het kerkhof zijn nog tientallen grafmonumenten te vinden. De grafmonumenten liggen of staan voor een groot deel aan paden en zijn met name stèles, waarbij * \ţF het graf zelf deels of geheel omrand is. Het merendeel betreft naoorlogse exemplaren. Het grafmonument van pastoor Mazza vormt samen met enkele vroeg twintigste-eeuwse monumenten een uitzondering. Het EJZ4BETH illustreert de hoge begraafdruk die er geweest moet zijn op de begraafplaats, waardoor de meeste graven het veld hebben moeten ruimen om plaats te maken voor nieuwe begravingen. De grafmonumenten zijn voornamelijk gemaakt van hardsteen, met daarbij R. ť-. gebruik van onder meer diabas en marmer. Ook kunststeen en keramiek komt in enige mate voor. De signatuur van de grafmonumenten is onmiskenbaar katholiek, maar niet meer op de wijze zoals dat gangbaar was in de negentiende eeuw. De grafmonumenten geven vooral een dwarsdoorsnede van de naoorlogse grafcultuur waarbij de vormen m steeds zakelijker werden en het kruis niet meer als Afbeelding 8: Grafmonument van kunststeen, zelfstandig element werd opgevat, maar afgewerkt met tegels waarin in zwarte tegels het geïncorporeerd in het totale ontwerp. Hierin is het kruis.
CULTUURHISTORISCHE WAARDERING RK BEGRAAFPLAATS NAALDWIJK
12 van 20
streven naar meer uniformiteit zichtbaar dat vanaf de jaren dertig gangbaar werd in de katholieke grafcultuur. Toevoegingen als losse kruisen, Christuskoppen, engeltjes, fotoportretjes en in enkele gevallen een corpus zijn typerend en dragen bij aan het beeld. Verschillende grafmonumenten zijn gebroken en liggen in delen uiteen. Het onderhoud van de begraafplaats oogt verder terughoudend, zowel wat betreft groen als de grafmonumenten. Op enkele kleine grafvakken op de begraafplaats staan de grafmonumenten zeer dicht op elkaar, vaak twee monumentjes per graf, verdeeld over twee rijen. Hier werd algemeen begraven en de grafmonumenten moesten klein zijn, want de andere personen in het graf hadden ook recht op een deel van de ruimte. Naast gewone stèles heeft deze restrictie ook allerlei grafmonumenten opgeleverd met een typisch vakje ervoor, dienend als bloembakje of gewoon als afbakening.
CULTUURHISTORISCHE WAARDERING RK BEGRAAFPLAATS NAALDWIJK
13 van 20
2 CULTUURHISTORISCHE WAARDERING Uit de geschiedenis en het huidige aanzien van de begraafplaats, komt naar voren dat er, behalve een enkele zerk, geen negentiende-eeuwse elementen zijn terug te vinden op de begraafplaats. Het enige structuur gevende element uit die tijd betreft waarschijnlijk het cluster keldergraven en de achterste keermuur. De meeste grafmonumenten dateren uit de tweede helft van de twintigste eeuw en laten zien hoe intensief de begraafplaats gebruikt werd. Hieronder wordt een waardering gegeven van de begraafplaats met het voorhof waaruit naar voren komt op welke wijze de begraafplaats ingeschreven kan worden als gemeentelijk monument.
2.1 Redengevende omschrijving RK begraafplaats Hierna volgt een overzicht van de identificerende gegevens, de inleiding waarin aangegeven wordt wat beschermd zou moeten worden, de omschrijving van hetgeen beschermd zou kunnen worden en de waardering waaruit blijkt wat de grond voor de bescherming is. 2.1.1
Identificerende gegevens
Naam: Adres: Plaats: Gemeente: Provincie:
RK begraafplaats Dijkweg bij 2 Naaldwijk Westland Zuid-Holland
Oorspronkelijke functie: begraafplaats Huidige functie: begraafplaats en tuin Categorie: Uitvaartcentra en begraafplaatsen Bouwtype: n.v.t. Opdrachtgever: Ontwerper: Uitvoerder: Ontwerp- / bouwjaar:
Katholieke Parochie Naaldwijk niet bekend niet bekend 1828
2.1.2 Kadastrale gegevens: Kadastrale percelen: Oppervlak: Straat: Postcode/Plaats:
D 8905 2.593 m2 Dijkweg bij 2 2671 GB NAALDWIJK
CULTUURHISTORISCHE WAARDERING RK BEGRAAFPLAATS NAALDWIJK
14 van 20
Afbeelding 9: Perceel D8905 met begraafplaats en voorhof, hier groen omlijnd.
2.1.3
Inleiding
Katholieke begraafplaats, aangelegd in 1828, met een ONREGELMATIGE OPZET op een verhoogd liggend perceel, uitgebreid rond 1935 waarbij ook het VOORHOF is ontstaan op de locatie van de oude kerk. Hier is later een PIËTA aan toegevoegd. De begraafplaats kent een PRIESTERGRAF en KELDERCOMPLEX met graven voor vooraanstaande katholieken uit Naaldwijk. Voorts zijn er enkele GRAFVAKKEN met kinder en algemene graven die voor de bescherming van belang zijn. Op de begraafplaats bevindt zich verder een ZUSTERGRAF. Aan de zuidoostelijke en zuidwestelijke wordt de begraafplaats van de omgeving afgescheiden door een MUUR. De begraafplaats met voorhof ligt tussen de Dijkweg en het Raoul Wallenbergplein. 2.1.4
Omschrijving
De begraafplaats is aangelegd ten noorden van het centrum van het toenmalige dorp op een rechthoekig perceel achter een in 1790 gebouwde katholieke kerk. De kerk werd in 1870 herbouwd en in 1935 afgebroken, waarna de begraafplaats werd uitgebreid tot de huidige omvang. Het overige terrein is na de sloop van de kerk ingericht als voorhof. De begraafplaats kan betreden worden via dit voorhof dat bereikbaar is via een dubbel smeedijzeren hekwerk aan de Dijkweg. Het voorhof bestaat uit een breed pad dat een driehoekig gazon omsluit, waarin een piëta is opgenomen van de beeldhouwer Albert Polydorus Termote (1887-1978) met daarachter vijf populieren. Aan weerszijden van het pad is een uitgebreid assortiment aan struiken, heesters en bomen te vinden, zowel groenblijvend als bladverliezend. De beplanting in dit voorhof dateert uit de jaren tachtig van de vorige eeuw. Achter de populieren komt het pad weer samen en leidt middels een lichte helling naar de verhoogd liggende begraafplaats. Achter de ingang van de begraafplaats ligt een klein voorplein met daaraan gelegen een dubbel priestergraf bestaande uit een dubbele hardstenen zerk op een bakstenen roef met aan de voorzijde twee treden. Het moderne smeedijzeren kruis dat erachter staat is voor de waardering niet van belang. Achter het priestergraf ligt een complex van hardstenen zerken op wat vermoedelijk keldergraven zijn.
Rechts van dit complex ligt de oorspronkelijke zerk voor pastoor Mazza, overleden in 1830. Een onregelmatig stelsel van onverharde paden biedt toegang tot meerdere kleine
CULTUURHISTORISCHE WAARDERING RK BEGRAAFPLAATS NAALDWIJK
15 van 20
grafvakken waaronder een met algemene graven. Nabij de algemene graven bevindt zich een graf voor zusters Dominicanessen bestaande uit een hardstenen grafkruis met daarvoor een met palen en stangen afgebakende ruimte. Rechts van de ingang bevindt zich een grafvak met een dubbele rij kindergraven, die samen met de twee rijen algemene graven aan de noordoostelijke zijde van het kerkhof een typisch beeld opleveren van een katholieke begraafplaats uit de jaren veertig tot zeventig van de twintigste eeuw. De zuidoostelijke zijde van de begraafplaats wordt op straatniveau begrensd door een gepleisterde bakstenen keermuur met daarvoor platanen. Aan de zuidwestelijke zijde loopt een lage, aflopende muur met ezelsrug. In de omranding staat enig plantsoen. Op de begraafplaats zijn geen specifieke grafmonumenten geselecteerd als waardevol, maar wel wordt de grafcultuur op het kindervak en het algemene grafvak aan de buitenrand als waardevol gezien. 2.1.5
Waardering
De OPZET van de katholieke begraafplaats van Naaldwijk met VOORHOF en PIËTA, PRIESTERGRAF, KELDERCOMPLEX, ZUSTERGRAF, enkele GRAFVAKKEN en de achterliggende MUUR zijn van algemeen belang voor Naaldwijk wegens hun schoonheid, betekenis voor de wetenschap en cultuurhistorische waarde, en meer in het bijzonder vanwege de volgende aspecten:
Cultuurhistorische waarde ^ als restant van het oorspronkelijke complex van kerk, pastorie en kerkhof, daterend uit de negentiende-eeuw; ^ als representatie van de katholieke identiteit van een deel van de inwoners van Naaldwijk ^ de monumentale piëta ter herinnering aan de oorlogsjaren; ^ als onderdeel van het genealogisch archief van Naaldwijk. Funerairhistorische waarde ^ als enige locatie in Naaldwijk met verwijzingen naar de negentiende- en twintigste-eeuwse katholieke grafcultuur Stedenbouwkundige waarde ^ als groene locatie nabij het centrum van Naaldwijk met enige natuurwaarde.
CULTUURHISTORISCHE WAARDERING RK BEGRAAFPLAATS NAALDWIJK
16 van 20
3 CONCLUSIES EN AANBEVELINGEN Uit het cultuurhistorische onderzoek komt naar voren dat de begraafplaats een overwegend twintigsteeeuwse signatuur heeft. Dat geldt eveneens voor het voorhof. Er bevinden zich op de begraafplaats zelf nog enkele verwijzingen naar oudere graven en in het bijzonder naar enkele personen die hier in de negentiende eeuw zijn begraven. Graven en grafmonumenten zijn niet individueel gewaardeerd omdat er met name sprake is van enige collectieve waarde bij twee grafvakken. Daarmee blijft ruimte bestaan voor een wijze van omgang met de grafmonumenten zoals die wenselijk wordt geacht. Wanneer de katholieke begraafplaats van Naaldwijk vergeleken wordt met andere katholieke begraafplaatsen in de gemeente, dan kennen alle begraafplaatsen een sobere katholieke signatuur, waarin vooral de twintigste-eeuwse grafcultuur vertegenwoordigd wordt. Op alle begraafplaatsen is ook zichtbaar dat er gewoekerd wordt met ruimte, maar ook dat de begraafplaatsen in veel gevallen wel een sterk onderdeel uitmaken van de omgeving, gelegen bij een kerk of zoals in Naaldwijk waar ooit een kerk stond. De funeraire waarden van de begraafplaats in Naaldwijk zijn met name van lokale waarde. De belevingswaarde van de locatie is niet te vatten in een cultuurhistorische waardering, maar speelt hier wel een rol.
Begraafplaats, muur en andere onderdelen worden niet zozeer voorgesteld als monument vanwege de intrinsieke waarde in de zin dat de onderdelen oud en waardevol zijn, maar eerder als verwijzing naar de betekenis van de locatie voor Naaldwijk en de impact die deze maakt in het dorpsbeeld. De toevoeging van twee specifieke grafvakken is gedaan omdat het beeld wat daar tot stand is gekomen, typerend is voor de wijze waarop de begraafplaats gebruikt is. Het beeld is niet uniek, maar kijkend naar de voortgaande ontwikkelingen op de andere begraafplaatsen in de gemeente, valt hier wel een waarde aan te koppelen. Een algemeen grafveld zou normalerwijs allang geruimd zijn. De keuze is hier echter gemaakt om niet meer te ruimen en de begraafplaats te sluiten, waarvan het huidige beeld het gevolg is. Het verdient aanbeveling om bij een eventuele aanwijzing tot gemeentelijk monument na te denken over de gewenste toekomst van de locatie. Dit bepaalt de wijze waarop daarna de bescherming van de genoemde waarden ten volste tot recht kunnen komen.
CULTUURHISTORISCHE WAARDERING RK BEGRAAFPLAATS NAALDWIJK
17 van 20
VERKLARENDE WOORDENLIJST In dit rapport worden begrippen en termen gebruikt waarvan niet voor iedereen onmiddellijk duidelijk is wat daarvan de betekenis is. Zeker in de context van funerair erfgoed kan de betekenis van zo'n woord anders zijn dan in het dagelijks taalgebruik. Behoud:
duidt in het algemeen activiteiten aan die worden ondernomen om verdere verandering of verslechtering van voorwerpen, locaties of bouwwerken te voorkomen. Wanneer het over gebouwen of andere bouwwerken gaat, wordt meestal de term 'monumentenzorg' gebruikt, zeker als dat behoud is uit culturele, esthetische of historische overwegingen. Verder staan begrippen als 'restauratie' en 'rehabiliteren' in relatie tot behoud. In dat geval betreft het activiteiten die ondernomen worden om een reeds in slechte staat verkerend bouwwerk weer in goede staat te brengen. Begraafplaats: terrein waar stoffelijke resten van overledenen begraven, bijgezet of verstrooid worden, niet gelegen rond een kerk. In die zin te onderscheiden van kerkhof. Bescherming: in funeraire zin het veilig stellen van begraafplaatsen, grafmonumenten en alles wat daarmee samenhangt tegen letsel of schade. Effectieve bescherming is bijvoorbeeld het afdekken van kwetsbare elementen, terwijl passieve bescherming het voornemen op papier betreft om funeraire zaken te behouden. Vaak is er de intentie om iets te beschermen, terwijl er effectief niets gedaan wordt. Funeraire cultuur: het woord cultuur verwijst in het algemeen naar het patroon van menselijke activiteiten en de symbolische structuren, die deze activiteiten een zekere betekenis geven. Het begrip cultuur wordt in verschillende betekenissen gebruikt.
In brede zin wordt het gebruikt voor alles wat door de samenleving wordt voortgebracht. In die zin wordt 'cultuur' dan tegenover 'natuur' gesteld. In meer strikte zin wordt het gebruikt voor kunstuitingen of voor kunst en wetenschap, (inclusief literatuur, architectuur en dergelijke). Met het woord 'funeraire' ervoor verwijst het naar de specifieke activiteiten, structuren en betekenissen rondom de dood. Het slaat dus op de uitingen daaromheen, zoals begrafenissen, rouw en alles wat daarmee samenhangt: begraafplaatsen, grafmonumenten en dergelijke. Het woord funerair komt oorspronkelijk van het Latijnse woord "funus" dat gebruikt werd voor de rituelen rondom het overlijden. In het Frans wordt het afgeleide woord 'funéraire' gebruikt voor alles wat te maken heeft met begrafenissen. In het Franse taalgebied kent men dan ook zogenaamde 'centre funéraire', wat wij zouden zien als een uitvaartcentrum. In de afgelopen tien jaar is het begrip 'funeraire cultuur' langzaam de aanduiding geworden voor alles wat te maken heeft met uitingen rondom de dood in de vorm van begraven, rouw (funeraire riten en rituelen) en daaruit voortvloeiend begraafplaatsen, kerkhoven en grafmonumenten (funerair erfgoed). Graf: ruimte waarin één of meerdere lijken worden begraven, de plaats waar iemand begraven ligt. Vandaag de dag wordt onderscheid gemaakt tussen algemene graven en particuliere graven.
Die laatste kennen een rechthebbende die bepaalt wie er begraven wordt, bij de eerste wordt dat bepaald door de beheerder van de begraafplaats. Grafkelder: Gewoonlijk een gemetseld graf afgedekt met een zerk. Toegankelijk via de zerk of bij grotere kelders via een trap aan de voorzijde. Vandaag de dag ook wel van gewapend beton. Grafvak: specifiek gedeelte van een begraafplaats, meestal ontsloten door paden rondom, waar rijen met gravenliggen. Een grafvak is meestal aangeduid met een nummer of letter en bevat vaak graven van eenzelfde klasse, afmeting of vormgeving. Veel oudere begraafplaatsen bestaan uit één grafvak.
CULTUURHISTORISCHE WAARDERING RK BEGRAAFPLAATS NAALDWIJK
18 van 20
Hardsteen:
Monument:
Priestergraf:
Smeedijzer:
Een harde kalksteensoort uit België die door koolstof blauwgrijs is gekleurd; staat onder veel namen bekend, zoals arduin, blauwsteen, Belgisch graniet, stinksteen en stoepsteen. Tegenwoordig ook wel geïmporteerd uit Ierland en China. verschillende betekenissen: 1. Gedenkteken, opgericht ter herinnering aan een historische persoon of gebeurtenis. Komt voor in verschillende vormen, maar veelal als zuil, naald, boog, stand- of borstbeeld, tombe, epitaaf en dergelijke. 2. Bouwwerk dat door zijn grootse, schone of kunstzinnige vormen opmerkelijk is of door de eraan verbonden historische aspecten van belang wordt geacht. Ook om zijn kunst- en bouwgeschiedenis, geschiedkunde of technologie kan het bouwwerk worden gewaardeerd. Een veelvoud van dergelijke bouwwerken kan ook als monument worden beschouwd. Ingevolge de Monumentenwet kunnen dergelijke gebouwen of objecten wettelijke bescherming genieten. een apart gelegen deel of graf, vaak ook een kelder, waar de priesters van de parochie begraven of bijgezet worden. De ligging van de priestergraven is vaak centraal op een katholieke begraafplaats gelegen en herkenbaar aan het afbeelden van priesterkelken. een betrekkelijk zuivere vorm van ijzer die gemakkelijk gesmeed kan worden en niet snel hard wordt, zodat het met de hand gevormd of gehamerd kan worden, dit in tegenstelling tot gietijzer.
Veel toegepast voor hekwerken op graven, ook wel in combinatie met gietijzer.
CULTUURHISTORISCHE WAARDERING RK BEGRAAFPLAATS NAALDWIJK
19 van 20
GERAADPLEEGDE BRONNEN EN LITERATUUR Literatuur -
Bergen, Edward van.; Geschiedenis van Naaldwijk van de vroegste tijden tot begin 20 eeuw. Naaldwijk, 1924. Bloys van Treslong Prins, mr. P.C.; Genealogische en heraldische gedenkwaardigheden in en uit de kerken der provincie Zuid-Holland. Utrecht 1922. Burg, J.W. van der: 'Waar mensen samenkomen'. Een wandeling van 200jaar door de Sint Adrianusparochie Naaldwijk, Naaldwijk: Het Westland, 1987 Hulsman, Rita; Delft & Westland. Reeks Funeraire Cultuur, Soesterberg 2003. Provinciaal Bestuur van Zuid-Holland: MIP-beschrijving gemeente Naaldwijk, Den Haag 1995 Spaargaren, Els en Beijer, Gerard (samenstellers), De straat van toen. Naaldwijk Dijkweg, deel 1 tot de Grote Woerdlaan, uitgave Historisch Archief Westland 2017 Stichting Dorp, Stad & Land (inhoud: G.M. van der Waal & N. Wennekes); Inventarisatie historisch waardevolle objecten Gemeente Westland. Deel 1. Selectie maart 2007, Rotterdam 2007 Stenvert, Ronald e.a.; Monumenten in Nederland: Zuid-Holland, Zwolle 2004. Uffelen, Aad van; Pleidooi voor behoud van de natuurwaarden op het katholieke kerkhof van Naaldwijk, Naaldwijk 2021 Veenman, C.G.M.; 90 jaar Sint-Laurentius Vereniging 1910-2000. Scouting Naaldwijk (SintLaurentius- en Meriamgroep), Naaldwijk 2000 Veen man, Kees; Het kerkhof aan de Dijkweg. Los informatieblad, ca. 1990 (later ook opgenomen in de Knipselkrant Groot NW) Veenman, Kees; De Piëta van Termote.
Los informatieblad, 1993 Vestigia, Archeologie & Cultuurhistorie, Dijkweg 8 te Naaldwijk, gemeente Westland. Cultuurhistorische Effect Rapportage, Amersfoort 2019
Bronnen -
-
Verordening van de gemeenteraad van de gemeente Westland houdende regels omtrent erfgoed, Erfgoedverordening Westland 2017 Aa, van der A.J.; Aardrijkskundig woordenboek der Nederlanden, Gorinchem 1849 Codex Iuris Canonici - Wetboek van Kerkelijk Recht: https://www■rkdocumenten■nl/rkdocs/index■php?mi=650&dos=304 Monumentaal Westland: Oude R.K. Kerkhof Naaldwijk: https://www.monumentaalwestland.nl/monumenten/rooms-katholiek-kerkhof/ Rooms katholieke begraafplaats Dijkweg te Naaldwijk, op de website van de Parochiefederatie Sint Franciscus: https://rkwestland.nl/naaldwiik/nieuws/rooms-katholieke-begraafplaats-diikweg-tenaaldwijk R.K. Begraafplaats te Naaldwijk: https://rkbn.nl/ Termen en begrippen - Dodenakkers - Funerair Erfgoed: https://www.dodenakkers.nl
CULTUURHISTORISCHE WAARDERING RK BEGRAAFPLAATS NAALDWIJK
20 van 20