CConstaterende datWestland
Koppel je AI →
Document · PDF

1e termijn wethouder Van der Stee begroting 2026 [25-0187014]

Gemeenteraad 12 november 2025, gemeente WestlandBij agendapunt: Algemene Beschouwingen - 1e termijn schriftelijk raad en college2.517 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Eerste termijn wethouder Van der Stee Programmabegroting 2026 Voorzitter, Voor ons ligt de begroting 2026, de laatste van deze bestuursperiode. Een goed moment om ook kort terug te kijken op de afgelopen vier jaar. We kunnen met recht trots zijn op de financiële stand van zaken van onze gemeente. Westland staat er financieel gezond voor, met een structureel sluitende begroting en een stevige weerstandspositie. De afgelopen periode zijn belangrijke verbeteringen doorgevoerd in de manier waarop wij investeringen voorbereiden, ramen en verantwoorden. De raad heeft meer inzicht gekregen in de financiële doorwerking van grote projecten en in de samenhang tussen beleidsdoelen en middelen. Het Meerjaren Perspectief Gebiedsontwikkeling (MPG) is samengevoegd tot één integraal document, waarmee het overzicht en de bestuurlijke samenhang zijn versterkt. Tegelijk hebben we stevig geïnvesteerd in onze buitenruimte, onderwijshuisvesting en sportvoorzieningen/investeringen die zichtbaar bijdragen aan de leefbaarheid in onze dorpen. Ook is in deze collegeperiode het masterplan voor de Flora Campus in gang gezet: een belangrijke stap voor de toekomst van de Greenport en de kennisinfrastructuur van Westland. Dat onze financiële huishouding op orde is, blijkt ook uit de recente beoordeling van de VNG-monitor financiën. Op basis van de jaarrekening 2024 kreeg Westland de maximale score: een 10.

Daarnaast heeft onze accountant vastgesteld dat er duidelijke vooruitgang is geboekt in de interne beheersing. De jaarrekening 2024 is significant verbeterd ten opzichte van voorgaande jaren, waardoor het aantal correcties merkbaar is afgenomen. Ik wil in dat kader ook de auditcommissie bedanken voor de constructieve samenwerking in de afgelopen jaren, en in het bijzonder voor de prettige en open manier waarop zij met het college, en met mij als wethouder financiën, heeft samengewerkt. Ik wil ook de fracties bedanken voor de waardering die zij in hun bijdragen hebben uitgesproken voor de inzet van het college en de ambtelijke organisatie bij de totstandkoming van deze begroting. Het is goed om te merken dat die waardering breed wordt gedeeld. De begroting is het resultaat van intensieve samenwerking tussen bestuur, organisatie en gemeenteraad, waarbij we gezamenlijk werken aan een financieel solide en toekomstgericht Westland. Tot slot wijs ik erop dat de septembercirculaire 2025, die nog niet in deze begroting is verwerkt, naar verwachting extra financiële ruimte biedt: incidenteel circa 10 miljoen euro en structureel 2,7 miljoen euro. Deze middelen worden verwerkt bij de tweede Afwijkingenrapportage 2025. Met dat fundament kunnen we met vertrouwen vooruitkijken. In dat vertrouwen hoort ook een open en transparante samenwerking tussen gemeenteraad en college.

De raad is en blijft het hoogste orgaan in onze lokale democratie. Het college waardeert de kritische en betrokken rol die de gemeenteraad speelt bij de besluitvorming over investeringen en financiële keuzes. Die rol helpt ons om zorgvuldige besluiten te nemen en samen te werken aan een bestuurscultuur waarin inhoud en vertrouwen centraal staan. In dat kader is in de nieuwe financiële verordening extra aandacht besteed aan het budgetrecht van de gemeenteraad bij investeringsbesluiten, zodat de gemeenteraad op het juiste moment en met volledig inzicht zijn kaderstellende rol kan vervullen. Ik richt mij op de onderdelen die binnen mijn portefeuille vallen: Financiën, Ruimtelijke Ordening, Grondzaken, Vergunningen en Toezicht & Handhaving.

1. Financiële positie en begroting 2026–2029 De begroting 2026 is structureel en reëel sluitend. Dat is een stevig uitgangspunt in een periode waarin de investeringsdruk groot is, de rentelasten stijgen en we tegelijkertijd veel ambities willen realiseren. De financiële kengetallen blijven binnen de door de raad vastgestelde normen en tonen een evenwichtig beeld tot en met 2029. De gemeenteraad heeft terecht aandacht gevraagd voor de ontwikkeling van de schuldquote en de investeringsruimte na 2029. Een deel van de toekomstige kapitaallasten van grote projecten, zoals de Flora Campus en de Verdilaan, valt inderdaad buiten de huidige meerjarenraming, omdat deze lasten pas ontstaan nadat de projecten zijn afgerond en in gebruik worden genomen. Deze effecten zijn echter wel onderdeel van de financiële projectramingen en van de meerjarige investeringsplanning. Daarbij is in de begroting ook inzicht gegeven in de verwachte kapitaallasten op langere termijn. Zo kan de gemeenteraad zien hoe de financiële effecten zich ontwikkelen, ook na afloop van de huidige meerjarenperiode. Via de reguliere planning- en controlcyclus wordt de gemeenteraad daarover structureel geïnformeerd. De fractie van GroenLinks/PvdA vroeg of de hogere uitkering uit het gemeentefonds plotseling tot stand komt. Dat is niet het geval.

De ontwikkeling van de algemene uitkering verloopt geleidelijk en volgt de landelijke systematiek. De hoogte van de uitkering is gebaseerd op objectieve maatstaven zoals het aantal inwoners, de hoeveelheid gebouwen en de aard van voorzieningen. Deze gegevens worden periodiek geactualiseerd door het Rijk, waardoor de effecten over meerdere jaren worden uitgesmeerd. De VNG-norm van 130 procent voor de netto-schuldquote geldt voor Westland als richtinggevend kader, geen harde bovengrens. Wij sturen niet op één getal, maar op de balans tussen investeringsruimte, financiële draagkracht en structurele dekking. Die benadering biedt ruimte om te investeren in maatschappelijke opgaven, zonder dat de financiële positie uit balans raakt. GBW heeft gevraagd om de toekomstige kapitaallasten meer structureel te dekken uit dividendinkomsten van gemeentelijke deelnemingen. Alle reguliere inkomsten van de gemeente, inclusief dividend, vloeien echter in dezelfde algemene middelen. Er is dus geen sprake van geoormerkte geldstromen: de gemeenteraad bepaalt binnen het totaal van structurele en incidentele middelen hoe deze worden ingezet. In de begroting 2026 is sprake van een positieve structurele exploitatieruimte. De dotatie aan de reserve Verdilaan is terecht als incidenteel aangemerkt, omdat het een tijdelijke dekking betreft voor toekomstige investeringen.

Dividend kan daarbij tijdelijk worden aangewend als financieringsbron, maar niet als apart of structureel bestemd geld. Een structurele dekking van vaste lasten is alleen mogelijk binnen de reguliere begrotingsruimte of via aanpassing van structurele inkomsten, zoals de OZB. Er is ook gevraagd naar de actualisatie van het Cebeon-rapport. Na oplevering zijn verdiepende gesprekken gevoerd met referentiegemeenten om de uitkomsten beter te kunnen duiden, waardoor het rapport iets later aan de gemeenteraad is aangeboden. Daarmee is de vergelijking met andere gemeenten verbeterd. Het rapport laat zien waar mogelijke ombuigingen of efficiënties te vinden zijn, maar er is op dit moment geen noodzaak om te bezuinigen. Het Cebeon-rapport is bedoeld als inhoudelijke bron voor een volgend college en een nieuwe gemeenteraad om eventueel andere beleidskeuzes te maken. Voor deze collegeperiode en het voorliggende financieel meerjarenperspectief is geen bezuinigingsopgave aan de orde. De eerder afgesproken 2 procent-taakstelling is inmiddels volledig gerealiseerd en structureel verwerkt in deze begroting. Daarmee is de operatie afgerond en geborgd in onze financiële koers.

Tot slot is gevraagd naar de positie van Juva en de vastlegging van dividenduitkeringen. De meerjarige dividendafspraken zorgen voor rust en voorspelbaarheid. Tegelijk houdt de gemeente als aandeelhouder invloed via de aandeelhoudersvergadering. De tarieven van Juva staan onder toezicht van de ACM en kunnen niet eenzijdig worden verhoogd om dividend te garanderen. 2. Grote projecten: Flora Campus en Verdilaan/De Naald De Flora Campus is een investering in de toekomst van Westland. Het project heeft grote betekenis voor onze economie en kennisinfrastructuur: het brengt onderwijs, innovatie en ondernemerschap samen en versterkt de Greenportpositie. De financiële kaders zijn vastgelegd en de lasten die binnen de planperiode vallen zijn opgenomen in de begroting. De lasten die na 2029 ontstaan, zijn opgenomen in de projectramingen en worden via de reguliere rapportages gevolgd. Het college ziet geen aanleiding voor een aanvullende berekening van kapitaallasten. De bestaande instrumenten, de investeringsplanning, de jaarstukken en de afwijkingenrapportages, bieden voldoende inzicht in de financiële doorwerking. Vier jaar vooruitkijken is, met de wisselende dagkoersen, bijvoorbeeld bij de algemene uitkering, al complex genoeg. Rond De Naald en het gebied Verdilaan is in de gemeenteraad terecht aandacht gevraagd voor zorgvuldige besluitvorming.

Het college werkt aan een integraal plan voor het gehele Verdigebied, waarin het theater, verkeer, voorzieningen en openbare ruimte in samenhang worden bekeken. Voor 2026 is een voorbereidingskrediet opgenomen, zodat de planvorming zorgvuldig kan plaatsvinden. Pas na vaststelling van dat plan zal de gemeenteraad worden gevraagd te besluiten over uitvoering en financiële verplichtingen. De motie van het CDA over het bestemmen van het perceel Naaldhorst (motie nr. 11) acht het college overbodig. Over de locatie vinden al gesprekken plaats met betrokken partijen, waaronder de Woongroep Initiatief Naaldwijk en Arcade, over een mogelijk woonconcept. De keuze tussen koop en huur is nog onderwerp van gesprek. Gesprekken met Pieter van Foreest zijn nog niet aan de orde. De locatie heeft nu een maatschappelijke bestemming, die op termijn moet worden aangepast. 3. Ruimtelijke Ordening en Grondzaken De ruimtelijke ontwikkeling van Westland vraagt om regie, kwaliteit en samenwerking. De gemeente neemt steeds vaker vroegtijdig de regie bij gebiedsontwikkelingen, zowel ruimtelijk als financieel. Dat doen we via ontwikkelafspraken, inzet van gemeentelijke grondposities en tijdige participatie. De motie van D66 over regie bij gebiedsontwikkelingen (motie nr. 16) wordt ontraden.

De motie is technisch niet uitvoerbaar in de voorgestelde vorm, omdat ze strijdig is met de verantwoordelijkheidsverdeling onder de Omgevingswet. De gemeenteraad stelt de kaders, maar het college is verantwoordelijk voor de uitvoering binnen die kaders. Wel is toegezegd dat het college in 2026 met een nadere uitwerking komt over hoe regie en sturing bij gebiedsontwikkelingen worden versterkt, binnen de mogelijkheden van de wet. In samenhang daarmee organiseert het college in het tweede kwartaal van 2026 een raadsavond over de werking van de Omgevingswet en de Omgevingstafel Westland, zodat de gemeenteraad goed inzicht houdt in rollen, verantwoordelijkheden en de praktijk van uitvoering. Daarnaast bereidt het college een bespreeknotitie (vraag GBW) voor over de werking van de Omgevingstafel en de aanbevelingen uit het 213a-onderzoek Gebiedsontwikkelingen. Deze komt in het tweede kwartaal van 2026 naar de gemeenteraad, zodat de nieuwe gemeenteraad de uitkomsten in samenhang kan bespreken. De motie van Westland Verstandig over bewoning boven bedrijfsunits (motie nr. 7) wordt door het college overbodig geacht. De bestaande instrumenten, zoals de omgevingsvergunning en de Omgevingstafel, bieden al voldoende ruimte om dergelijke initiatieven te beoordelen. Er is geen separaat onderzoek nodig. Daarbij moet worden meegewogen dat er blijvende vraag is naar

bedrijfsruimte en dat bewoning in gemengde gebieden zorgvuldig moet worden afgewogen met oog op milieuzonering en bedrijfscontinuïteit. De motie van het CDA over starterswoningen aan de locatie Olsthoorn (motie nr. 12) wordt ontraden. De locatie ligt in de provinciale groenblauwe zone en binnen het Duurzaam Glastuinbouwgebied. Binnen deze begrenzing is woningbouw niet toegestaan, tenzij dit direct of indirect bijdraagt aan de glastuinbouwfunctie, bijvoorbeeld door groen, water of uitplaatsing. De provincie wijzigt deze begrenzing niet vóór 2030. Overleg over bijstelling is daarom niet zinvol. Wel zijn binnen deze zone uitplaatskavels mogelijk, conform gemeentelijk en provinciaal beleid. Er is een duidelijke behoefte aan circa duizend uit te plaatsen woningen, die binnen dat kader een plek moeten krijgen. 4. Toezicht en Handhaving Een veilige en leefbare gemeente vraagt om zichtbare en doelgerichte uitvoering. De boa’s en toezichthouders van Westland werken dagelijks aan naleving op het gebied van bouwen, milieu, veiligheid en openbare orde. De beschikbare capaciteit zetten we risicogericht in, zodat de inzet maximaal bijdraagt aan veiligheid en leefbaarheid. De motie van Westland Verstandig over inzet van boa’s voor controle op fatbikes (motie nr. 1) wordt door het college omarmd.

De wens om te onderzoeken of en hoe boa’s kunnen bijdragen aan handhaving op opgevoerde fatbikes wordt gedeeld. De gemeente bekijkt daarbij eerst of boa’s hiervoor bevoegd zijn. De overige onderdelen van de motie sluiten aan bij bestaande werkzaamheden: boa’s treden al op bij verkeersovertredingen, gevaarlijk gedrag en het aanspreken van jongeren in de openbare ruimte. De gemeenteraad heeft nieuw beleid voor Vergunningen, Toezicht en Handhaving goedgekeurd, met een breed kader dat ruimte biedt voor invulling door het college. De Westlandse VVD vraagt zich af hoe dit beleid in de praktijk wordt nageleefd. De gemeente Westland werkt continu aan het verbeteren van de uitvoering van vastgesteld beleid, zodat inwoners en ondernemers dit daadwerkelijk merken. De nieuwe Uitvoerings- en Handhavingsstrategie VTH richt zich op een betere samenwerking tussen beleid en uitvoering, met als doel een sterke, leefbare gemeente. Belangrijke speerpunten zijn:    

Vereenvoudiging van procedures en betere afstemming tussen domeinen. Risicogericht toezicht en handhaving, op basis van analyses en prioriteiten. Integrale en klantgerichte benadering, met duidelijke communicatie binnen wettelijke kaders. Jaarlijkse uitvoering via een implementatieplan, gekoppeld aan beleidsdoelen.

Er is aandacht voor knelpunten die voortkomen uit landelijke/provinciale regelgeving of nietrealiseerbare initiatieven. Waar mogelijk worden deze bestuurlijk onder de aandacht gebracht. De huidige dienstverlening binnen de VTH-keten is over het algemeen goed, met heldere toelichting bij afwijzingen. Dit draagt bij aan realistisch verwachtingsmanagement en goede communicatie. Op 17 december vindt een raadsinformatiebijeenkomst plaats. Dit moment wordt benut om de verbinding tussen beleid en uitvoering verder te verdiepen.

5. Financiële sturing en begrotingskwaliteit De gemeenteraad vraagt aandacht voor de kwaliteit en transparantie van de begroting. Dat waarderen we. De motie van D66 over een SMART-formulering van de begroting (motie nr. 21) wordt door het college ontraden. Het verplicht stellen van strikt meetbare en tijdgebonden doelstellingen voor alle actiepunten zou te beperkend werken en onvoldoende ruimte laten om in te spelen op maatschappelijke ontwikkelingen. Bovendien ligt er al een aangehouden motie bij de Kadernota over dit onderwerp; de motie “Maatschappelijke paragraaf”. Het is verstandig die eerst te bespreken voordat nieuwe stappen worden gezet. Over de post onvoorzien: de keuze om deze op € 1 te zetten komt voort uit het principe van transparant en doelgericht begrotingsbeheer. Kleine of acute uitgaven kunnen via reguliere begrotingswijzigingen aan de raad worden voorgelegd. 6. Ondersteuning van ondernemers en herbestemming De VVD vroeg terecht aandacht voor het vestigingsklimaat en de herbestemming van leegstaande kassen (ook vraag van Westland Verstandig) en bedrijfspanden. Ondernemers zijn de ruggengraat van onze lokale economie, en hun initiatieven verdienen ruimte. In onze dienstverlening via het bedrijvenloket worden vragen van ondernemers getoetst aan ons gemeentelijk als provinciaal beleid.

Wanneer dit niet past, kijken wij bij de omgevingstafel of het wenselijk is en pragmatisch haalbaar is. Provinciale Staten hebben opdracht gegeven om een tuinbouwvisie voor het Zuid Hollandse grondgebied te ontwikkelen. Dit wordt lange termijnvisie die ook over de bomen en bollenteelt en de glastuinbouw gebieden buiten Westland gaat. De provinciale visie moet in 2026 gereed zijn, wij hebben hierover goede contacten. Maar deze visie is niet ruimtelijk van aard, en vergelijkbaar met onze visie “hart voor Glas”. Wij werken zelf aan ruimtelijke visies voor de 17 tuinbouwgebieden in Westland en we streven naar besluitvorming in 2027. Zodat er tijd is om met de provincie in gesprek te gaan over de vormgeving van de Greenport in Westland. Provinciale Staten heeft namelijk in haar omgevingsbeleid, verordening en Ruimtelijk Economische Verkenning aangegeven tot 2030 de contouren van het duurzame glastuinbouwgebied niet te willen wijzigen.” 7. Slot De begroting 2026 laat zien dat Westland financieel gezond is en tegelijk vooruitkijkt. Grote projecten worden zorgvuldig gefaseerd, ruimtelijke keuzes worden integraal afgewogen en handhaving blijft zichtbaar en effectief. De gemeenteraad vraagt terecht aandacht voor de financiële horizon, de ruimtelijke regie, het ondernemersklimaat en de uitvoeringskracht van onze organisatie. Die aandacht delen we.

Onze koers blijft:  een solide financiële basis met oog voor de lange termijn;  discipline en fasering bij grote investeringen;  actieve regie op ruimtelijke ontwikkeling en kwaliteit;  ruimte en ondersteuning voor ondernemerschap;  en een handhaving die betrouwbaar, zichtbaar en effectief blijft. Zo houden we Westland financieel sterk, ruimtelijk in balans en bestuurlijk betrouwbaar. Dank u wel.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Westland&id=b03459f5-b4a1-4f9f-8b67-7f6aa0ff27ae