CConstaterende datWestland
Koppel je AI →
Document · PDF

11) Voorstel en besluit Verordening Afvalstoffenheffing Westland 2023 GETEKEND

Gemeenteraad 7 december 2022, gemeente WestlandBij agendapunt: Voorstel tot vaststelling van de Verordening Afvalstoffenheffing Westland 20231.877 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

(| \WESTLAND

RAADSVOORSTEL

ONDERWERP

Verordening Afvalstoffenheffing Westland 2023.

AANLEIDING

Het inzamelen en verwijderen van huishoudelijke afvalstoffen en grove huishoudelijke afvalstoffen

wordt kostendekkend uitgevoerd. Bij de vaststelling van de tarieven wordt rekening gehouden metdedifferentiatie naar ێn-, twee- en meerpersoonshuishoudens. Daarnaastzijn er nog afzonderlijke tarieven voor het op verzoek (direct) verwijderen van grove huishoudelijke afvalstoffen.

DOELSTELLING

Het doel van dezeheffing is het dekken van de kosten die de gemeente maakt om afval van huishoudens

Zamelen en te verwerken.

in te

ARGUMENTATIE

1. Uit de meerjarenbegroting 2023 blijkt dat de tarieven van de afvalstoffenheffing meer dan 100% tendekkendzijn.

Omdat meer dan 100% kostendekkendheid niet is toegestaan, worden de tarieven met

kos-

2,5% verlaagd. Dit

heeft een begrotingswijziging tot gevolg. De kostendekkendheid wordt na de begrotingswijziging als volgt:

TER ee

Afvalstoffenheffing

Begroting 2023 Baten

TS

11.886.200

7.3 Afval kosten taakveldenincl. (omslag)rente

230.000

2.1 Verkeer en vervoerkosten taakveld incl. (omslag)rente Inkomsten taakveld(en), excl. heffingen

-1.237.000

Netto kosten taakveld

10.879.200

Toe te rekenen kosten: 1.003.800

0.4 Overheadincl. (omslagrente)

2.220.500

Btw Opbrengstheffingen: 7.3 Afval heffingen huishoudelijk afval 7.3 Afval grofvuil 6.3 Inkomstenregeling (kwijtschelding) Totaal afvalstoffenheffing

14.487.800 18.000 -420.000 14.085.800

14.103.500

Dekkingspercentage 2023

99,9%

Dekkingspercentage 2022

100,0%

Toelichting afvalstoffenheffing: straatreiniging. De De kosten, die toegerekend worden vanuit taakveld 2.1 Verkeer en vervoer, betreffen de de riolering, verkeerd straatreiniging wordt door de gemeente uitgevoerd met het oog op het functioneren van de straatreiniging van kosten aanbieden van afval en de verkeersveiligheid. Wij schatten in dat 15% van de betrekking heeft op de afvalinzameling.

Toelichting egalisatievoorziening afval: ing afval ter dekking van Een deel van de toegerekende btw in het tarief wordt gestort in de egalisatievoorzien € 941.000. ing eventuele tekorten. Op 1 januari 2023 bedraagt het saldo van de egalisatievoorzien Samenvattend zien de opbrengsten van de afvalstoffenheffing en de kosten van het afval er spectief als volgt uit:

in meerjarenper-

2023

YAP L|

2025

2026

14.487.800

14.637.800

14.787.800

14.937.800

Afval grofvuil

18.000

18.000

18.000

18.000

Kwijtschelding

-420.000

-420.000

-420.000

-420.000

14.085.800

14.235.800

14.385.800

14.535.800

Afvalstoffenheffing (bedragen in €) Opbrengst

Afval heffingen huishoudelijk afval

Opbrengstna kwijtschelding Kosten

Taakveld 7.3 Afval

11.886.200

12.500.500

12.683.100

12.636.300

Taakveld 7.3, inkomsten

-1.237.000

-1.247.000

-1.247.000

-1.247.000

230.000

230.000

228.500

228.500

1.003.800

996.200

996.200

996.200

Taakveld 2.1 Verkeer en vervoer Overhead

Btw

2.220.500

2.335.800

2.335.800

2.335.800

Totaal kosten

14.103.500

14.815.500

14.996.600

14.949.800

99,9%

96,1%

95,9%

97,2%

Dekkingspercentage

In het bovenstaande overzicht is reeds rekening gehouden metde voorgestelde tariefsverlaging van 2,5%.

2. Op grond van delagere kosten en lagere opbrengstafvalstoffenheffing is een wijziging van de begroting 2023 noodzakelijk. Op basis van het voorstel tot tariefsverlaging wordt tevens een hieruit voortvioeiende begrotingswijziging voorbereid.

RISICO’S EN KANTTEKENINGEN

1. De stijging van de woonlasten in 2023 bedraagt 0,50%. De stijging van de woonlasten bedraagt 0,50%. Dit geldt voor eigenaren/gebruikers van woningen in een eigen woning met een gemiddelde WOZ-waarde en een (gemiddelde) waardestijging van 15%. De woonlasten voor gebruikers van woningen(huurders) dalen met 0,69%. In 2019 is de macronorm voorde laatste keer toegepast. Dit is een norm voor detotale opbrengsten OZB in Nederland. Het Rijk en de VNG hebben afgesproken dat de macronorm verdwijnt. Daarvoorin de plaats komt een benchmark, waarin de OZB, de riool- en waterzorgheffing en afvalstoffenheffing worden vergeleken. Het resultaat van de benchmark komt in de COELO-atlas die in maart 2023 uitkomt.

FINANCIEN

Conform (meerjaren)begroting.

COMMUNICATIE

Uo

Bekendmaking in elektronisch gemeenteblad en via internet.

Weehp= WESTLAND

EXTERN OVERLEG

Niet van toepassing.

VERVOLGTRAJECT

Publicatie

Burgemeester en wethouders van Westland, ecretaris, .

A.C. Spindler

B.R. Arends

(| WESTLAND

RAADSBESLUIT De raad van de gemeente Westland; gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders van 15 november 2022;

gelet op artikel 15.33 van de Wet milieubeheer;

gehoord de beraadslagingen in de vergadering van de raadscommissie Bestuur en Economie van 24 november2022:

BESLUIT:

vastte stellen de:

Verordening op de heffing en de invordering van afvalstoffenheffing WESTLAND 2023. Artikel 1

Definitie

In deze verordening wordt verstaan onder ‘gebruik maken’: gebruik makenin de zin van artikel 15.33 Wet milieubeheer.

Artikel 2

Aard van de belasting en belastbaarfeit

1. Onder de naam ‘afvalstoffenheffing’ wordt een directe belasting gehevenals bedoeldin artikel 15.33 van de Wet milieubeheer.

2. De afvalstoffenheffing bedoeld in deze verordening wordt naar afzonderlijke grondslagen geheven ter zake van het gebruik maken van een perceel ten aanzien waarvan krachtensdeartikelen 10.21 en 10.22 van de Wet mi-

lieubeheer eenverplichting tot het inzamelen van huishoudelijke afvalstoffen geldt. Artikel 3

Voorwerp van de belasting

1. Voorwerp van debelasting is een perceel. 2. Als perceel wordt aangemerkt: a. de onroerende zaak, bedoeld in artikel 16, ondera, c, d en f, van de Wet waardering onroerende zaken; b. de roerende zaak, welke duurzaam aan een plaats gebondenis; c. een gedeelte van een in onderdeel b bedoelde roerende zaak dat blijkens zijn indeling is bestemd om als afzonderlijk geheel te worden gebruikt;

d. een samenstel van twee of meer in onderdeel b bedoelde roerende zakenofin onderdeel c bedoelde gedeelten daarvandie bij dezelfde belastingplichtige in gebruik zijn en die, naar de omstandigheden beoordeeld, bij elkaar behoren.

€. het binnen de gemeente gelegen deel van de in onderdeel b bedoelde roerende zaak, van een in onderdeel c bedoeld gedeelte daarvan of van eenin onderdeel d bedoeld samenstel. Artikel 4

Belastingplicht

De belasting wordt geheven van degene die al dan niet krachtens eigendom, bezit, beperkt recht of persoonlijk recht gebruik maakt van eenperceel.

Artikel 5

Maatstaf van heffing en belastingtarief

1. De belasting bedraagt per perceel per belastingjaar:

€ 276,12;

2. De belasting als bedoeld in onderdeel 1 bedraagt, indien het perceel op 1 januari of, indien de belastingplicht later

aanvangt, bij aanvang van debelastingplicht, a. wordt gebruikt door één persoon

€ 276,12;

b. wordt gebruikt door twee personen

€ 311,76;

c. wordt gebruikt door drie personen of meer

€ 348,24.

3. In afwijking van het tweedelid is het tarief, indien het heffingstijdvak afwijkt van het kalenderjaar, gelijk aan de som van de evenredige delen van de voor de desbetreffende kalenderjaren geldendetarieven. 4. Het aantal personen, dat gebruik maakt van een perceel, wordt beoordeeld naar de situatie op het tijdstip van ontstaan van de belastingplicht. Voor de vaststelling van de gebruikssituatie is beslissend wat ter zake in de gemeentelijke basisadministratie persoonsgegevensis geregistreerd, tenzij blijkt dat de gebruikssituatie anders is. 5. Indien in de loop van het belastingjaar enige wijziging optreedt in de samenstelling van hetin lid 4 bedoelde aantal personen, wordtbij de berekening van de belasting hiermede geen rekening gehouden op de wijze als be-

doeldin artikel8. 6. De belasting voor het op verzoek verwijderen van grove huishoudelijke afvalstoffen bedraagt per afvaldeelstroom

per 3m?of minder€ 12,50.

7. De belasting voor het op verzoek direct verwijderen van grove huishoudelijke afvalstoffen bedraagt per afvaldeel-

stroom per 3m* of minder € 100,00.

Artikel 6

Belastingjaar

Hetbelastingjaar is gelijk aan het kalenderjaar.

Artikel 7

Wijze van heffing

1. De belasting, bedoeld in artikel 5, eerste lid, wordt bij wege van aanslag geheven. 2. De belasting, bedoeld in artikel 5, zesde en zevendelid, wordt geheven door middel van voldoening op aangifte

of op andere wijze. Het gevorderde bedrag wordt mondeling of langs elektronische weg, dan wel door toezending of uitreiking van de schriftelijke kennisgeving aan de belastingschuldige bekendgemaakt. Artikel 8

Ontstaan van de belastingschuld en heffing naartijdsgelang

1. De belasting, bedoeld in artikel 5, eerste lid, is verschuldigd bij de aanvang van hetbelastingjaar of, zo ditlater is, bij de aanvang van de belastingplicht. 2. Indien de belastingplicht in de loop van het belastingjaar aanvangt, is de belasting bedoeld in artikel 5, eerste lid,

verschuldigd voor zoveel twaalfde gedeelten van de voordat jaar verschuldigde belasting als erin dat jaar, na de aanvang van debelastingplicht, nog volle kalendermaanden overblijven. Het vierdelid is van overeenkomstige toepassing. 3. Indien de belastingplicht in de loop van hetbelastingjaar eindigt, bestaat aanspraak op ontheffing voor zoveel

twaalfde gedeelten van de voordat jaar verschuldigde belasting bedoeld in artikel 5, eerstelid, als er in dat jaar, na het einde vande belastingplicht, nog volle kalendermaandenoverblijven. Het vijfde lid is van overeenkomstige toepassing. 4. Bij de aanvangvan de belastingplicht op de eerste van een kalendermaand is over die maandde volle belasting verschuldigd. Bij aanvang op eenlater tijdstip wordt over de lopende kalendermaand geen belasting geheven. 5. Bij beéindiging van de belastingplicht na de eerste van een kalendermaandis over die maand devolle belasting verschuldigd.

|| WESTLAND

6. Het tweede en derde lid zijn niet van toepassing indien de belastingplichtige binnen de gemeente verhuist enaldaar van een anderperceel gebruik maakt.

7. De belasting, bedoeldin artikel 5, zesde en zevendelid, is verschuldigd bij de aanvang van de dienstverlening. Artikel 9

Termijnen en wijze van betaling

1. In afwijking vanartikel 9, eerste lid, van de Invorderingswet moeten de aanslagen wordenbetaald in twee gelijke termijnen, waarvan de eerste termijn vervalt op de laatste dag van de maand volgend op de maanddie in de dagtekening van hetaanslagbiljet is vermeld, en de tweede termijn één maandlater. 2. In afwijking van heteerstelid geldt, in geval het totaalbedrag van de op één aanslagbiljet verenigde aanslagen, of als het aanslagbiljet maar één aanslag bevat het bedrag daarvan, 3. € 100,00 of meer bedraagt, maar minderof gelijk is aan € 10.000,00, en zolang de verschuldigde bedragen door middel van automatische incasso van de betaalrekening van de belastingplichtige kunnen worden afgeschreven,

met inachtneming van hetgeen is opgenomenin hetvierde lid van dit artikel, dat de aanslagen moeten worden betaald in tien gelijke termijnen. De eerste termijn vervalt op de laatste werkdag van de maand volgend op de maand die in de dagtekening van het aanslagbiljet is vermeld. Elk van de volgende termijnen vervalt telkens één maandlater op de laatste werkdag van die maand. Indien het totaalbedrag van het aanslagbiljet minder bedraagt dan € 100,00 gelden er twee maandelijkse incassotermijnen. 4. De aanslag, bedoeld in artikel 5, zesde en zevende lid, moet worden betaald op het momentvanuitreiking van de

kennisgeving, dan wel ingeval van toezending daarvan, binnen 30 dagen na de dagtekeningvan de kennisgeving.

5. De Algemene termijnenwetis niet van toepassing op dein de voorgaande leden gestelde termijnen. Artikel 10

Kwijtschelding

Bij de invordering van de belasting voor het op verzoek (direct) verwijderen van grove huishoudelijke afvalstoffen wordt geen kwijtschelding verleend.

Artikel 11

Overgangsrecht

De ’Verordeningafvalstoffenheffing Westland 2022’ wordtingetrokken metingang vande in artikel 12, tweede lid, genoemde

datum van ingang vanheffing, met dien verstande datzij van toepassingblijft op de belastbarefeiten die zich voor die datum hebben voorgedaan.

Artikel 12

Inwerkingtreding en citeerartikel

1. Deze verordening treedt in werking met ingang van de tweede dag na die van bekendmaking. 2. De datum van ingang van de heffing is 1 januari 2023.

3. Deze verordening wordt aangehaald als ’Verordening Afvalstoffenheffing Westland 2023’. Aldus besloten doorde raadin zijn openbare vergadering van 7 december 2022,

de wrnd. griffier,

\{\

Nan

pKEDO P. van Oosten

B.R. Arends

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Westland&id=e544fe68-5b57-4e6c-8e81-6e2405472e25