1.56zg) Waelpolder_Bijlagen bij de toelichting_Bijlage 32 Verkennend onderzoek Dijckerwaal 14 22 januari 20 (21-0253666)
Tekst van het document
BMA Milieu Bodemonderzoek t, -sanering
Opdrachtgever
: ONW C.V. T.a.v. dhr. M. de Jong Postbus 16075 2500 BB DEN HAAG
Rapportnummer
: VOA.2020.0201.10
Datum
: 22 januari 2021
Verkennend onderzoek asbest Project Waelplan Dijckerwaal 14 ‘s-Gravenzande Gemeente Westland
Normec
Normeç
mmwă BMA Milieu B.V. * Zuidweg 77 * 2671 MP Naaldwijk Tel. (0174) 63 07 43 * E-mail: info@bma-milieu.nl * www.bma-milieu.nl IBAN: NL97 RABO 0342 9797 36 * BIC: RABONL2U * BTW nr. NL805523868B01 * KvK nr. 272.40.966
V
8RLSIKB 2000
BMA Milieu B.V.
Inhoudsopgave 1.
Inleiding en doel van het onderzoek
1
Algemeen Aanleiding en doelstelling Referentiekader Opbouw van het rapport
1 1 1 1
1.1 1.2 1.3 1.4 2.
3.
4.
5.
blz.
Beschikbare gegevens en onderzoeksopzet
2
2.1 2.2 2.3
2 2 3
Situering van het terrein Beschikbare gegevens Onderzoekshypothese en -opzet
Veldwerkzaamheden
4
3.1 3.2 3.3 3.4 3.5
4 4 4 4 4
Uitgevoerde werkzaamheden Samenstelling van de bodem Zintuiglijke waarnemingen Maaiveld inspectie Afwijkingen BRL 2000, protocol 2018
Laboratoriumonderzoek
5
4.1 4.2 4.3
5 5 5
Uitgevoerde analyses Toetsingscriteria, interpretatie asbest en toetsing analyseresultaten Bespreking resultaten
Evaluatie
6
5.1 5.2
6 6
Algemeen Conclusies en aanbevelingen
Literatuurlijst
8
Tabellen
Tabel 1 Tabel 2 Tabel 3 Tabel 4
Onderzoeksopzet Zintuiglijke afwijkingen aan het bodemmateriaal Samenstelling monsters en uitgevoerde analyses Overzicht totaal gewogen gehalte aan asbest
Bijlagen
Bijlage 1 Bijlage 2 Bijlage 3 Bijlage 4 Bijlage 5 Bijlage 6 Bijlage 7 Bijlage 8 Bijlage 9
Regionale situatie Situatieschets Monsternemingsformulier asbest in bodem Analysecertificaten Bodemprofielen en dwarsdoorsnede Fotoblad Procescertificaat protocol 2001, 2002, 2003 en 2018 Functiescheiding Verklarende tekst toetsingscriteria en parameters
3 4 5 5
BMA Milieu B.V.
1.
Inleiding en doel van het onderzoek
1.1
Algemeen
De heer M. de Jong van ONW C.V. verzocht aan milieuadviesbureau BMA Milieu B.V. een verken nend onderzoek naar asbest te verrichten op een locatie gelegen aan de Dijckerwaal 14 te ‘s-Gravenzande in de gemeente Westland. De regionale ligging en een overzicht van de onderzoekslocatie zijn weergegeven in respectievelijk bijlage 1 en 2.
1.2
Aanleiding en doelstelling
Aanleiding tot het uitvoeren van het bodemonderzoek is de voorgenomen aanvraag tot verlening van een omgevingsvergunning voor de bouw van woningen. Doel van het bodemonderzoek is het vaststel len van de milieuhygiënische kwaliteit van de bodem.
1.3
Referentiekader
BMA Milieu B.V. is ISO-9001:2015 gecertificeerd voor bodemonderzoek en milieuadviezen. Het managementsysteem van BMA Milieu B.V. is door Normec Certification geëvalueerd en goedge keurd volgens de Beoordelingsrichtlijn voor het procescertificaat Veldwerk bij milieuhygiënisch bo demonderzoek BRL SIKB 2000 (protocollen 2001, 2002, 2003 en 2018). Onder de activiteiten van deze procescertificaten vallen het plaatsen van handboringen en peilbuizen, maken van boorbeschrijvingen, nemen van grondmonsters en waterpassen (2001), het nemen van grondwatermonsters (2002) en veldwerk bij milieuhygiënisch waterbodemonderzoek (2003), de maaiveldinspectie en monsterne ming van asbest in bodem (2018) en de overdracht van de monsters, inclusief de daarbij behorende veldwerkregistratie, aan een erkend laboratorium of de opdrachtgever. Het procescertificaat is opgeno men in bijlage 8. Volledigheidshalve moet gemeld worden dat onderhavig bodemonderzoek, zoals ieder milieukundig bodemonderzoek, steekproefsgewijs is uitgevoerd. Dit betekent dat het onderzoek gebaseerd is op het verrichten van een beperkt aantal gaten en het nemen van een beperkt aantal monsters voor onderzoek in het laboratorium. Het is niet uitgesloten dat er lokaal afwijkingen in de bodem voorkomen, welke op de plaats van de uitgevoerde gaten niet zijn waargenomen.
Tevens dient opgemerkt te worden dat het bodemonderzoek een momentopname is en derhalve een bepaalde tijd geldig is (afhankelijk van het onderzoek en het bevoegd gezag). Met name op plaatsen waar tijdens bedrijfsactiviteiten verontreinigende stoffen worden gebruikt, gevormd of opgeslagen, kan de bodemkwaliteit worden beïnvloed. Als onafhankelijk adviesbureau is BMA Milieu B.V. op geen enkele juridische, financiële of andere wijze verbonden met de onderzoekslocatie.
1.4
Opbouw van het rapport
De beschikbare gegevens en de onderzoekopzet zijn beschreven in hoofdstuk 2. De veldwerkzaamheden en het laboratoriumonderzoek worden beschreven in hoofdstukken 3 en 4. De evaluatie is opgeno men in hoofdstuk 5.
VOA.2020.0201.10 Project Waelplan Dijckerwaal 14 te ‘s-Gravenzande in de gemeente Westland 22 januari 2021
1
BMA Milieu B.V.
2.
Beschikbare gegevens en onderzoeksopzet
2.1
Situering van het terrein
De onderzoekslocatie maakt deel uit van het project Waelplas en is gelegen aan de Dijckerwaal 14 te ‘s-Gravenzande in de gemeente Westland, betreft een locatie met een oppervlakte van circa 50. De lo catie staat kadastraal bekend als gemeente ‘s-Gravenzande, sectie K, nummers 6542 en 6543 (beide gedeeltelijk). De locatie is momenteel braakliggend. De regionale ligging van het terrein is weergege ven in bijlage 1. Voor de situering van de onderzoekslocatie wordt verwezen naar bijlage 2. 2.2
Beschikbare gegevens
Project Waelplan bestaat uit de deelgebieden Waelplas (oost- en westzijde) en Waelpolder. Ter plaatse van Waelplan zijn recentelijk historische vooronderzoeken (Waelpolder kenmerk: HO.2019.0041, d.d. 23 april 2019 en HO.2019.0041-2, d.d. 22 juli 2020 en Waeplas kenmerk: HO.2019.0053, d.d. 21 mei 2019 en HO.2019.0053-2, d.d. 27 juli 2020) en milieukundige bodemonderzoeken (Waelplas oostzijde kenmerk: MKB.2019.0138, d.d. 25 februari 2020, Waelpolder kenmerk: MKB.2019.0170, d.d. 18 fe bruari 2020 en Waelplas westzijde kenmerk: MKB.2019.0291, d.d. 4 juni 2020) en een verkennend onderzoek asbest aan de Nieuwe Vaart 11 (kenmerk: VOA.2019.0018, d.d. 18 februari 2019) uitge voerd welke tussentijds zijn (her)beoordeeld door ODH. -
-
-
Beoordeling voor- en verkennend (asbest) bodemonderzoeken Waelpolder en Nieuwe Vaart 11 te ’s-Gravenzande (kenmerk: ODH-2020-00118555, zaaknummer: 00588060, d.d. 21 september 2020; o Toetsrapport verkennend asbest bodemonderzoek Nieuwe Vaart 11 (zaaknummer: 00588060, kenmerk: ODH-2020-00118473, d.d. 21 september 2020); o Toetsrapport vooronderzoek Waelpolder (zaaknummer: 00588060, kenmerk: ODH2020-00118487, d.d. 21 september 2020); o Toetsrapport verkennend bodemonderzoek, verkennend asbestbodemonderzoek en nader bodemonderzoek Waelpolder (zaaknummer: 00578788, kenmerk: ODH-202000057053, d.d. 8 juni 2020) - rapport is in hoofdlijnen beoordeeld; Beoordeling vooronderzoek, verkennend- en nader bodemonderzoek, locatie Waelplas (oost zijde) te ’s-Gravenzande (kenmerk: ODH-2020-00123099, zaaknummer: 00588533, d.d. 28 sep tember 2020; o Toetsrapport vooronderzoek Waelplas (zaaknummer: 00588533, kenmerk: ODH2020-00123080, d.d. 28 september 2020); o Toetsrapport verkennend bodemonderzoek, verkennend asbestbodemonderzoek en nader bodemonderzoek Waelplas oostzijde (zaaknummer: 00588533, kenmerk: ODH2020-00124737, d.d. 28 september 2020); Beoordeling vooronderzoek, verkennend- en nader bodemonderzoek, locatie Waelplas (west zijde) te ’s-Gravenzande (kenmerk: ODH-2020-00118523, zaaknummer: 00588531, d.d.
29 sep tember 2020; o Toetsrapport vooronderzoek Waelplas (zaaknummer: 00588533, kenmerk: ODH2020-00123080, d.d. 28 september 2020); o Toetsrapport verkennend bodemonderzoek, verkennend asbestbodemonderzoek en nader bodemonderzoek Waelplas westzijde (zaaknummer: 00588531, kenmerk: ODH2020-00129030, d.d. 28 september 2020).
Aangezien het historisch vooronderzoek van Waelpolder als niet voldoende is beoordeeld is het mili eukundig bodemonderzoek slechts op hoofdlijnen beoordeeld. Vooruitlopend op de definitieve beoor deling wordt alvast aanvullend verkennend onderzoek asbest uitgevoerd ter plaatse van voormalige verhardingen (zoals ook uit de beoordelingen blijkt van Waelplas).
VOA.2020.0201.10 Project Waelplan Dijckerwaal 14 te ‘s-Gravenzande in de gemeente Westland 22 januari 2021
2
BMA Milieu B.V.
Gezien de (voormalige) aanwezigheid van glastuinbouw en de aangetroffen puin bijmengingen in de grond ter plaatse van onderhavige onderzoekslocatie, dient de onderzoekslocatie als verdacht voor as best te worden beschouwd. Verder zijn er geen aanwijzingen dat in de bodem asbest aanwezig zou kunnen zijn als gevolg van het gebruik van asbesthoudende bouwstoffen, stortingen van asbesthoudend afval of opgetreden calamitei ten waarbij asbest vrijgekomen is (zoals branden, explosies, storm, etc.). Derhalve wordt vooralsnog geen aanwezigheid van asbest in en op de bodem verwacht.
2.3
Onderzoekshypothese en -opzet
Voor de onderzoeksopzet wordt er vanuit dat de te onderzoeken voormalige verhardingen/puinlagen ‘verdacht’ zijn voor asbest in de bovengrond (grond onder de voormalige erfverharding/puinlaag). Als onderzoeksstrategie wordt de strategie voor een ‘verdachte locatie met plaatselijke bodembelasting met duidelijke verontreinigingskern’ (tabel 6 uit de NEN 5707) gebruikt. In tabel 1 wordt een systematische beschrijving weergegeven van de uit te voeren veldwerkzaamheden en de te verrichten analyses. Tabel 1______ Onderzoeksopzet terreindeel
veldwerk
analyses
Dijckerwaal 14 (aanvullend verkennend onderzoek asbest - volgens tabel 6 uit de NEN 5707) voormalige verhardingen/ puin lagen (circa 50 m2)
2 gaten (30 x 30 cm) tot ongeroerde ondergrond (max. 1,0 m-mv)
1x asbest in grond (NEN 5898)
De werkzaamheden worden uitgevoerd onder het procescertificaat ‘Veldwerk bij milieuhygiënisch bo demonderzoek’ BRL SIKB 2000 en bijbehorend protocol 2018 ‘maaiveldinspectie en monsterneming van asbest in bodem’. Indien de grond meer dan 50 % (puin)bijmengingenfàodemvreemde materialen bevat, vallen de werkzaamheden niet onder de BRL SIKB 2000, protocol 2018.
V0A.2020.0201.10 Project Waelplan Dijckerwaal 14 te ‘s-Gravenzande in de gemeente Westland 22 januari 2021
3
BMA Milieu B.V.
3.
Veldwerkzaamheden
3.1
Uitgevoerde werkzaamheden
Het veldwerk is op 4 november 2020 door een gecertificeerde medewerker van BMA Milieu (dhr. M. de Heer) uitgevoerd. Ter plaatse is het maaiveld geïnspecteerd op asbest en is de contactzone door middel van het graven van twee gaten tot 1,0 m-mv onderzocht. De gaten zijn (handmatig) gegraven met behulp van een schep. Voor nadere gegevens over de situering van de proefgaten wordt verwezen naar bijlage 2. Het monsternemingsformulier asbest in bodem is opgenomen in bijlage 3. Enkele foto’s van de locatie en de aangetroffen materialen zijn opgenomen in bijlage 6.
3.2
Samenstelling van de bodem
Voor een indruk van de samenstelling van de bodemopbouw ter plaatse wordt verwezen naar de bo demprofielen (bijlage 5). Over het algemeen wordt in de bovengrond zand met een zwakke puin bij menging aan puin aangetroffen. Op basis van bovengenoemde bodemopbouw valt onderhavig onderzoek onder de NEN 5707+C2:2017 (landbodem en partijen grond en droge baggerspecie met minder dan 50% puin(granulaat)).
3.3
Zintuiglijke waarnemingen
De waargenomen afwijkingen aan het bodemmateriaal staan vermeld in tabel 2. Bij de niet in de tabel vermelde boringen zijn geen afwijkingen geconstateerd. De volledige bodemprofielen zijn opgenomen in bijlage 6. Tabel 2______Zintuiglijke afwijkingen aan het bodemmateriaal gat
traject ( m-mv)
gat 01 gat 02
0,00 - 0,50 0,00 - 0,50
waargenomen bijzonderheden zwak puinhoudend zwak puinhoudend
aangetroffen asbestver dacht materiaal -
geen asbestverdacht materiaal aangetroffen
3.4
Maaiveld inspectie
Ter plaatse van onderhavige onderzoekslocatie is een maaiveldinspectie uitgevoerd. Er zijn geen asbestverdachte materialen aangetroffen. De maaiveld inspectie-efficiëntie is geschat op 70 - 90%.
3.5
Afwijkingen BRL 2000, protocol 2018
Ten aanzien van de veldwerkzaamheden zijn geen afwijkingen ten opzichte van BRL 2000, protocol 2018, te vermelden.
V0A.2020.0201.10 Project Waelplan Dijckerwaal 14 te ‘s-Gravenzande in de gemeente Westland 22 januari 2021
4
BMA Milieu B.V.
4.
Laboratoriumonderzoek
4.1
Uitgevoerde analyses
Ten behoeve van de analyses zijn de monsters bij het laboratorium van Omegam B.V. te Amsterdam aangeleverd. Dit laboratorium is geaccrediteerd door de Raad voor Accreditatie conform ISO/IEC 17025:2005 onder nr. L 086. Een overzicht van het monster en de uitgevoerde analyse staat vermeld in tabel 3. Tabel 3______ Samenstelling monsters en uitgevoerde analyses analysemonsters 01-1
deelmonster(s)
analyse
01 (0,00 - 0,50)
asbest (NEN 5898)
De analysemonsters zijn geselecteerd op basis van de zintuiglijke waarnemingen. Op basis van deze waarnemingen zijn de meest verdachte monsters geselecteerd en geanalyseerd.
4.2
Toetsingscriteria, interpretatie asbest en toetsing analyseresultaten
De analyseresultaten zijn getoetst aan de circulaire bodemsanering van 1 juni 2013. De interventie waarde voor asbest is vastgesteld op 100 mg/kg ds. (serpentijnasbestconcentratie vermeerderd met 10 maal de amfiboolasbestconcentratie). Voor verkennend onderzoek asbest wordt A x de interventie waarde (50 mg/kg ds.) gehanteerd als criterium voor nader onderzoek. De analysecertificaten zijn opgenomen in bijlage 4. Een overzicht van het totaal gewogen gehalte aan asbest is weergegeven in tabel 4. Tabel 4 monster
Overzicht totaal gewogen gehalte aan asbest totaal gewogen gehalte aan asbest
overschrijding criterium nader onderzoek
16 mg/kg ds.
nee
01-1
4.3
Bespreking resultaten
Het zintuiglijk zwak puinhoudende deelmonster 01-1 (0,00 - 0,50) bevat zintuiglijk geen asbest. Ana lytisch wordt wel asbest aangetoond, echter wordt het criterium voor nader onderzoek asbest van 50 mg/kg ds. niet overschreden (16 mg/kg ds.).
VOA.2020.0201.10 Project Waelplan Dijckerwaal 14 te ‘s-Gravenzande in de gemeente Westland 22 januari 2021
5
BMA Milieu B.V.
5.
Evaluatie
5.1
Algemeen
De heer M. de Jong van ONW C.V. verzocht aan milieuadviesbureau BMA Milieu B.V. een verken nend onderzoek naar asbest te verrichten op een locatie gelegen aan de Dijckerwaal 14 te ‘s-Gravenzande in de gemeente Westland. De regionale ligging en een overzicht van de onderzoekslocatie zijn weergegeven in respectievelijk bijlage 1 en 2. Aanleiding tot het uitvoeren van het bodemonderzoek is de voorgenomen aanvraag tot verlening van een omgevingsvergunning voor de bouw van woningen. Doel van het bodemonderzoek is het vaststel len van de milieuhygiënische kwaliteit van de bodem. De werkzaamheden uit onderhavig onderzoek zijn door BMA Milieu B.V. uitgevoerd onder het pro cescertificaat ‘Veldwerk bij milieuhygiënisch bodemonderzoek’ BRL SIKB 2000 en de bijbehorend protocol 2018 ‘maaiveldinspectie en monsterneming van asbest in bodem’.
5.2
Conclusies en aanbevelingen
Gezien de resultaten van het onderzoek wordt geconcludeerd dat de opgestelde hypothese ‘verdacht’ juist is. Ter plaatse van de voormalige verharding nabij de woning is analytisch asbest aangetroffen, echter wordt het criterium voor nader onderzoek asbest niet overschreden. Ons inziens vormen de resultaten van dit onderzoek, gezamenlijk met de eerder uitgevoerde bodemon derzoeken, milieuhygiënisch gezien geen belemmering voor de voorgenomen aanvraag tot verlening van een omgevingsvergunning voor de bouw van woningen. Aanbevolen wordt onderhavige rappor tage af te stemmen met het bevoegd gezag (Omgevingsdienst Haaglanden).
functie
naam
handtekening
versie
ing. J. Luiten definitief controle 7 vrijgave
H. van Malsen
V0A.2020.0201.10 Project Waelplan Dijckerwaal 14 te ‘s-Gravenzande in de gemeente Westland 22 januari 2021
6
BMA Milieu B.V.
VOA.2020.0201.10 Project Waelplan Dijckerwaal 14 te ‘s-Gravenzande in de gemeente Westland 22 januari 2021
BMA Milieu B.V.
Literatuurlijst 1.
NEN 5725:2017, Strategie voor het uitvoeren van vooronderzoek bij verkennend en nader onderzoek, Ne derland Normalisatie-instituut, 1 oktober 2017.
2.
NEN 5740:2009+A1:2016, Strategie voor het uitvoeren van verkennend bodemonderzoek - Onderzoek naar de milieuhygiënische kwaliteit van bodem en grond, Nederland Normalisatie-instituut, 1 april 2016.
3.
NEN 5707+C2:2017, Protocol voor onderzoek naar asbest in bodem, Nederland Normalisatie-instituut, 1 december 2017.
4.
NEN 5897+C2:2017, Inspectie en monsterneming van asbest in bouw- en sloopafval en recyclinggranulaat, Nederland Normalisatie-instituut, 1 december 2017.
5.
NEN 5898:2015+0:2016, Bepaling van het gehalte aan asbest in grond, waterbodem, bouw- en sloopafval en granulaat, Nederland Normalisatie-instituut, 1 augustus 2016.
6.
NTA 5755:2010, Strategie voor het uitvoeren van nader onderzoek - Onderzoek naar de aard en omvang van bodemverontreiniging, Nederland Normalisatie-instituut, 1 juli 2010.
7.
Besluit bodemkwaliteit (Bbk), 22 november 2007, versie per 24 mei 2016.
8.
Regeling bodemkwaliteit (Rbk), 13 december 2007, versie per 30 november 2018.
9.
Circulaire bodemsanering per 1 juli 2013.
10. Nota Vergunningverlening, Toezicht en Handhaving 2018-2021, kenmerk: PZH-2017-630244766, d.d. 19 december 2017, opgesteld door Gedeputeerde Staten van Zuid-Holland. 11. Provinciale milieuverordening Zuid-Holland (negende tranche), Provincie Zuid-Holland, 2014. 12. SIKB BRL 2000: Veldwerk milieuhygiënisch bodem- en waterbodemonderzoek, versie 5, 12 december 2013. 13. Wijzigingsblad bij BRL 2000, versie 3, 10 maart 2016. 14. Protocol 2001, 'Plaatsen van handboringen en peilbuizen, maken van boorbeschrijvingen, nemen van grond monsters en waterpassen', versie 3.2, 12 december 2013. 15. Protocol 2002, 'Het nemen van grondwatermonsters', versie 4, 12 december 2013. 16. Protocol 2003, ‘Veldwerk bij milieuhygiënisch waterbodemonderzoek’, versie 2.2, 10 maart 2016. 17. Protocol 2018, 'Maaiveldinspectie en monsterneming van asbest in bodem', versie 3.2, 10 maart 2016. 18. Wet houdende regelen inzake bescherming van de bodem (Wet bodembescherming - Wbb), 3 juli 1986 en Wet houdende wijziging van de Wet bodembescherming en enkele andere wetten in verband met wijzigin gen in het beleid inzake bodemsaneringen, 15 december 2005.
V0A.2020.0201.10 Project Waelplan Dijckerwaal 14 te ‘s-Gravenzande in de gemeente Westland 22 januari 2021
8
BMA Milieu B.V.
Bijlage 1 Regionale situatie
113.00
īuìnveltí't Arend&duin
' Hoein-
Hijslsrwld
jy, iwä») V- .-i-y
ï;
VS
^.r.r—i*ri' sburgerweg
fîosíľj
-ŕ
Prinsŕnl
Polder V : Waoìblo. .
11J lí'
:^
Eeiįlusl
Baa k wo ni ng
ţįįĝn W* W®3 ms-Gravenzande - :
MűrJ-i-U.Lİ-.LIİ.
ĩįm&įĘĶMes ŕ3u Kreek/ -
.
Vŗ-ļ.,4feT)e Bairtwianftį -
. .
.
vv,
Vŕárhei
V
««5
VV* - į-1. 'Zãndeíéttìl
mm
Sţgįŭìpè Hoeksteen ÍAVAj
w Naatdwij í-V 'íri'ľF.^-ţř—-. '
feîgSSM®!
iMggsapS
Platluis
Ig^.ĮSĩ.ļ'iMi rifipn r. locatie ™.L'İ.'
J'
,ţ-ļ
.
Hwsnblwm
.
yjgm ř'ŵfèiSraf
?:bŕŞ. Oiiwendiÿck
BMA Milieu B.V.
třļį M- - -- -
Projectnummer : 2020.0201
.jįįgac;
Regionale situatie
Opdrachtgever : ONW C.V. Project
: Waelplas te ‘s-Gravenzande
Schaal
: 1:25.000
BMA Milieu B.V.
Bijlage 2 Situatieschets
GW-IX
GW-XIV
^ /-GW-VIII
K
puindepot
GW-I
I (tijdelijke school)
GW-V
GW-XII \
GW-IV 19GB
GW-V
nieuwbouw (tijdelijke school)
GW-X 'm
\
.gronddepot
recentelijk onderzocht MKB.2018.0012 V0A.2019.0018
■zandbaan gronddepot
nieuw hek buren
a ES1
Legenda: grens onderzoekslocatie gedempte watergang
Opdr.gever:
is onlangs/wordt momenteel gesloopt boring gat peilbuis nulpunt (vast meetpunt)
Onderzoekslocatie:
Waelpolder te
s —Gravenza nde
Datum:
Schaal:
:1 500
Projectnummer:
020.020
Tek. nr.:
BMA Milieu B.V.
Bijlage 3 Monsternemingsformulier asbest in bodem
iMonsternemingsplan asbest in bodem (brl 2000, v6.o, Protocol2018V6.0) Proicctgcgevcns Proiectnummer: Locatieadres/Gemeente: Opdrachtgever: Onderzoeksdoel: Soort onderzoek: Projectleider BMA Milieu: Gecertificeerde veldwerker(s): Veldwerker(s) in opleiding: Assistent-veldwerker: Uitvoeringsdatum:
2020.0201-10 Waelplan (Dijckerwaal 14), ťs-Gravenzande ONW C.V. Herinrichting van de locatie Verkennend onderzoek asbest J. Luiten J. do ZecCTW t M. de Heer
U'-W ' ITjZX?
Vooronderzoek en Veiligheid onderzoekshvpothese verwachte samenstelling bodem terreinverkenning:
onverdacht ì verdacht kleiner! groter dan 50 0Zo bodemvreemdmateriaal braakliggend (gras)
wat is de aard en mate van begroeiing?
1úO 0Zo, — begroeiing kort (gemaaid) (lang) (toelichting: nee (voormalige verharding)
bevinden zich op de locatie verhardingen? zijn tijdens de inspectie asbestverdachte materialen aangetroffen? vooronderzoek verricht CNEN 5707) bestaat de kans dat de bodem asbest bevat boven de vigerende norm ío.b.v. vooronderzoek)? sprake van aanvullend/nader onderzoek? zijn de werkzaamheden vooraf aan uitvoering besproken met een hoger veiligheidkundige of arbeidshygiënist? wordt er gebruik gemaakt van ingehuurd personeel en/ of materieel?
nee ia nee
TĨCvĵ feĩ Tl QA
2 dagen-vooraf), V&G plan) nee fel nee 1 ja, zie risicoschatting met plan van aanpak
nee / ja, dan ingehuurd personeel en
Ondcrzockslocatie in-situ circa 50 m2 nee / ja, (rekening houdende met perceelsgrenzen, vegetatie, (historische) bebouwing, verhardingslagen, (gedempte) sloten en (gedumpt) puin opdelen in ruimtelijke eenheden nee 1 įa, in ... eenheden van maximaal 1.000 m2 situatieschets (tussen 1:100-1:1000) nee / ja (evt. met ruimtelijke eenheden, maaiveld inspectieraster, graafplan) codering: sleuf 1, sleuf 2 etc. gat 1, gat 2 etc. aanvullende instructies: grondmonster aanleveren in emmers, plaatmateriaal aanleveren in dubbel verpakte monsterzakken - beide met asbest stickers
beschikbaarheid: oppervlakte onderzoekslocatie opdeling in deelgebieden
Toetsing voorbereiding afwijkingen van protocol 2018 of NEN 5707 akkoord paraaf veldwerker akkoord paraaf projectleider akkoord paraaf kwaliteitsverantwoordelijke ingehuurd personeel voorgelicht en onderricht op veiligheidsaspecten. deco-unit gekeurd/geschikt vochtmeter gekeurd/geschikt
(6êŜ)/ ja, zie opmerkingen. Į~J\oĄ J. Luiten jJ/ H. van Marien
j
bedrijf: dhr: keuring: keuringApb '7rZ?.C\
paraaf: paraaf:
Monsternemingsverslag asbest in bodem Proiectifegevens Proįectnummer: Locatieadres/gemeente: Gecertificeerde veldwerker(s): Veldwerker(s) in opleiding: Assistent-veldwerker: Uitvoeringsdatum:
2020.0201-10 Waelplan (Dijckerwaal 14), ‘s-Gravenzande Jrdo Zeeuw 1M. de Heer
U- i
20*7 .0
Maaiveld inspectie RE........ is er sprake van een groot( noį l ja, dan mag worden afgeweken van de standaard systematiek, hetzij schalige situatie 1 ha) door in één richting te inspecteren hetzij door een steekproefsgewijze inspectie van het maaiveld is er sprake van meer dan 100 ^neêy ja, dan kunnen steekproefsgewijs inspectievlakken (rasters) van cm2 aan asbestverdacht minimaal 5 m x 5 m worden geïnspecteerd (zie voor aantal inspectievakken materiaal per m2 tabel 7 of 8^NEŅ^5707) neerslag:^ 10 mmVlO mm ner uur: reuen /hagel/sneeuw/mist weersomstandigheden tijd : Gļ. :00 ^3.G:Ō(Ĩ i zicht: f 50 metëïy < 50 meter tijdstip + zicht < 50 0Zo 50 HVegetatüV verRardirrsëri 1 waterplassen 1 sneeuw! anders bedekking maaiveld vegetatie verwijderd/gemaaid ja /(^e^ĵbedekkinğsgraad < 75 0ZoV^75 0zo) indien grasŕlarijV, kort (gemaaid), inspectie kan uitgevoerd worden ~—a -V—v— ~s------- ---------------- ------------------“--------------------------------maaiveldinspectie uitgevoerd ia KjieeV)..
zijn de (deel)gebieden in ja I nee stroken (1,5 m) geïnspecteerd b V* nee/ja, gemiddeld gemeten percentage bodemvocht meting: zijn maatregelen noodzakelijk schatting inspectie-efficiëntie zand droog, los en geen vegetatie 90 — 100 Vo maaiveld s^ancl) vochtig, vast en matige vegetatie fO-90% klei droog, los en geen vegetatie klei vochtig, vast en matige vegetatie 50 - 70 Vo geschatte dichtheid toplaag kg/m3 asbest “verdacht” totaal....... .............gram, vindplaats.................. y............... materiaal (maaiveld) type materiaaksgolfplaat, plaat, leiding, dalŷéaekking, ....................... monstercode......ľľ\,.............. barcode .. ................ totaal.....................graìm vindplaats../............................. asbest ‘Verdacht” materiaal (maaiveld) type materiaal: golfplaat, plaat, lejdmg, dakbedekking, ....................... monstercode..........................Nbárcode........................... totaal.....................gram, viĩícipikate..................................... asbest “verdacht” type materiaal: golfplaa/laat, leiding, dakbedekking, ....................... materiaal (maaiveld) monstercode........................... barcodeX....................... totaal.................. ./gram, vindplaats....... ľ\....................... asbest “verdacht” type materiaal: ġolfįlaat, plaat, leiding, dakbedekking, .......................
materiaal (maaiveld) monstercode........................... barcode............ľ\........
Graven van gaten en/ of sleuven RE....... proefvakken /rasters neerslag^ 10 mnfr/ >10 mm per dag; regen /hagel/sneeuw tij dstip: Q TüXy^ bodemvocht meting 1 bodemvocht:2-li íb “/o bodemvocht meting 2 tįjdstip:0:oO Vo bodemvocht: UTh \ bodemvocht meting 3 tijdstip: ą.OO bodemvöcht: O b \ Vo bodemvocht meting 4 tijdstip:0'Oö bodemvocht: 1\ 73 Vo gaten 1 sleuven ì beringen bodemmonsters
nee fja, zie boorstaat'/ dwarsdoorsnede
boring I gat 1 steur nummer: ..1... diepte van O toC^bm-mv (uitgraven per 5 à 10 cm) (afgezeefde fractie van gehele gat/sleuf)
lengte sleuf:
cm, opmerking:
breedte sleuf: geschatte dichtheid: monstergewicht: v-İí?ì
cm, opmerking: kg í m3, opmerking: kg (excl. emmer 1 min. 10 kg drooggewicht)
afgezeefde fractie 020 mm): O ,\ ?
kg, type materiaalp.V.ri.0........
asbest verdacht materiaal aangetroffeifneìD/ja type materiaal: golfplàat plaat, leiding, dakbedekking, kit (bitumen), spuitasbest*....................................................... grootte materiaal: lxl 1 5x^\/ /füxlO ì MOxlO cm verzamelmonster monstercode ........................ /T...............'sbgrcode .............................................
bering í gat 1 stoof nummer: 2*... diepte van o. totCįbm-mv
lengte sleuf: 2)0 breedte sleufíįfb geschatte dichtheid: vĴÕO
cm, opmerïang: cm, opmerking: kg 1 m3, opmerking:
monstergewicht: x Z kg (excl. emmer 1 min. 10 kg drooggewicht) afgezeefde fractie O20^ìhm): kg, type materiaal 2S.................. asbest verdacht materiaal aangetroffen(nee»/ ia type materiaal: golfplaat, plaat, leiding, dakbedekking, kit (bitumen), spuitasbèst........... .......................................... grootte materiaal: lxl 1 5x5^7/10x10 I MOxlO cm verzamelmonster monstercode .......................... /............. .""barcode .............................................
cm, opmerking: lengte sleuf: breedte sleuf: cm, opmerking: geschatte dichtheid: kg 1 m3, opmerking: monstergewicht: kg (excl. emmer 1 min. 10 kg drooggewicht) afgezeefde fractie 020 mm): kg, type materiaal....................... asbest verdacht materiaal aangetroffen nee 1 ja type materiaal: golfplaat, plaat, leiding, dakbedekking, kit (bitumen), spuitasbest,...................................................... grootte materiaal: lxl I 5x5 ! 10x10 l MOxlO cm verzamelmonster gram monstercode ............................................. barcode ............................................. lengte sleuf: cm, opmerking: boring 1 gat! sleuf breedte sleuf: cm, opmerking: nummer:........ diepte geschatte dichtheid: kg ì m3, opmerking: van ... tot.. m-mv monstergewicht: kg (excl. emmer 1 min. 10 kg drooggewicht) afgezeefde fractie 020 mm): kg, type materiaal....................... asbest verdacht materiaal aangetroffen nee í ja type materiaal: golfplaat, plaat, leiding, dakbedekking, kit (bitumen), spuitasbest,...................................................... grootte materiaal: lxl ì 5x5 i 10x10 ì ^0x10 cm verzamelmonster gram monstercode ............................................. barcode ............................................. lengte sleuf: cm, opmerking: boring 1 gat í sleuf nummer:........
breedte sleuf: cm, opmerking: diepte geschatte dichtheid: kg 1 m3, opmerking: van ... tot.. m-mv monstergewicht: kg (excl. emmer 1 min. 10 kg drooggewicht) afgezeefde fractie 020 mm): kg, type materiaal....................... asbest verdacht materiaal aangetroffen nee ! ja type materiaal: golfplaat, plaat, leiding, dakbedekking, kit (bitumen), spuitasbest,...................................................... grootte materiaal: lxl ì 5x5 1 10x10 i ^0x10 cm verzamelmonster gram monstercode ............................................. barcode .............................................
boring 1 gat 1 sleuf nummer:........ diepte van ... tot... m-mv
Is de, in een gat of sleuf, totaal [Nëèÿ Ja, dan dient dit materiaal te worden verzameld en het gewicht door een aangetroffen hoeveelheid asbest erkend laboratorium te worden bepaald. Indien dit niet mogelijk is dient het verdacht materiaal groter dan 0,7 gewicht, ter plaatse, indicatief te worden bepaald. kg Foto’s genomen? 1 Jă&nee, omdat....... Aanbieden monsters aan KlļâìBòyąţoŗļųm tOmcgam) ; Spoel de emmers aan de buitenzijde af met water totdat al het aanhangende materiaal is verwijderd.______ Voorzie de verpakkingen (van asbestverdachte monsters) van de waarschuwing: “Voorzichtig, bevat asbest”; hiertoe kan men gebruik maken van de standaard stickers.___________________________________ Bied het asbestverdachte materiaal en/of de grond(meng)monsters eenduidig gecodeerd en verpakt conform de vigerende veiligheidsregels aan het laboratorium aan (17.00 u, koelkast bedrijfsruimte BMA). Afwijkingen monstername (BKL 200Ó-protocol .2 MS) zijn er afwiikingen geconstateerd neēľÿ ja, te weten: iįeByja, bodem bevat (in zijn geheel) meer dan 50 Vo bodemvreemdmateriaal afzeven grove fractie ^20 mm) was niet mogelįjk Jneeyja, omdat......... hoeveelheid monstermateriaal ^ 10 kg grond)
^e^ja, omdat.........
uitleggen van monstermateriaal in lagen van 2 cm
(nee)f ja, omdat.........
Opmerkingen t.a.v. BRL 2000-protocol 2018 75 “/^maaiveld blijft Maaiveldinspectie was i.v.m. de bedekkingsgraad bedekkingsgraad < 15Vo jiÊtdacht voor asbest) ^—^ wel ("met'ftiogelijk delen van de locatie/ bodemlagen met > 50oZo ( n.v.tTĮįja, bemonsterd o.b.v. NEN 5897:20157C1:2016 bodemvreemd materiaal ziin apart gehouden
Toetsing uitvoering Afwijkingen van protocol 2018 ofNEN 5707 Voor akkoord Paraaf veldwerker(s)* Voor akkoord Paraaf projectleider
C Nee/Ŭa, namelijk....
2^
* De monsternemer verklaart dat het veldwerk bí afhankelijk van de opdrachtgever is uitgevoerd conform de eisen van BRL SIKB 2000 en de daarbij horende protocollen, waarbij gebruik is gemaakt 'an interne functiescheiding onder de voorwaarden die het Besluit bodemkwaliteit hieraan stelt.
Opmerkingen
Checklist verplichte materia en Standaard spade, hark, folie, grondboor (0 min. 12 cm), monsterschep (lxb min. 10x5 cm), monsteremmers en -zakken, markeerAafzetlint, weegschalen, zeven (maaswijdte 20 en 40 mm), asbest stickers, meetlinť-wiel, piketten en werkwater (drinkwaterkwaliteit) Aanvullende veiligheidseisen afspoelbare/wegwerp overalls/laarzen/schoenen, veiligheidshelm, veiligheidsschoenen, P3-overdrukmasker met filter en laadapparaten, volgelaatsmasker, kraan met overdrukcabine, deco-unit, plakband, stickers ‘voorzichtig, bevat asbest’ en ‘asbesthoudend aťvaľ, zakken met ‘asbest gevaarlijk’ bijlage : situatieschets en boorstaten
BMA Milieu B.V.
Bijlage 4 Analysecertificaten
s-jf eurofins
■JļfVĩ"**, AS3000
Omegam
UvA L ŨÕB
^éehee'
BMA Milieu T.a.v. de heer J.J.C. Luiten Zuidweg 77 2671 MP NAALDWIJK
Uw kenmerk Ons kenmerk Validatieref. Opdrachtverificatiecode Bijlage(n)
2020.0201.10-Waelplan (Dijckerwaal 14) s-Gravenza Project 1109797 1109797_certificaat_v1 OMKX-BTHR-GTJF-FXEF 3 tabel(len) + 2 bijlage(n)
Amsterdam, 6 november 2020
Hierbij zend ik u de resultaten van het laboratoriumonderzoek dat op uw verzoek is uitgevoerd in de door u aangeboden monsters. De resultaten hebben uitsluitend betrekking op de monsters, zoals die door u voor analyse ter beschikking werden gesteld. Het onderzoek is, met uitzondering van eventueel uitbesteed onderzoek, uitgevoerd door Eurofins Omegam volgens de methoden zoals ze zijn vastgelegd in het geldende accreditatie-certificaat L086 en/of in de bundel "Analysevoorschriften Eurofins Omegam". De in dit onderzoek uitgevoerde onderzoeksmethoden van de geaccrediteerde analyses zijn in een aparte bijlage als onderdeel van dit analyse-certificaat opgenomen. De methoden zijn, voor zover mogelijk, ontleend aan de accreditatieprogramma's/schema's en NEN- EN- en/of ISO-voorschriften. Ik wijs u erop dat het analyse-certificaat alleen in zijn geheel mag worden gereproduceerd. Ik vertrouw erop uw opdracht volledig en naar tevredenheid te hebben uitgevoerd. Heeft u naar aanleiding van deze rapportage nog vragen, dan verzoek ik u contact op te nemen met onze klantenservice. Hoogachtend, namens Eurofins Omegam,
Ing. J. Tukker Manager productie
Op dit certificaat zijn onze algemene voorwaarden van toepassing. Dit analyse-certificaat mag niet anders dan in zijn geheel worden gereproduceerd.
T +31-(0)20-597 66 80 Eurofins Omegam B.V. H.J.E. Wenckebachweg 120 NL-1114 AD Amsterdam-Duivendrecht CSOmegam@eurofins.com Nederland www.eurofins.nl
IBAN NL 16 BNPA 0227667980 BIC BNPANL2A BTW nr. NL8139.67.132.B01 KvK nr. 34215654
eurofins
AS3000
Omegam
RvALDIlS
^éehee' Tabel 1 van 3
ANALYSECERTIFICAAT Projectcode Uw project omschrijving Opdrachtgever
1109797 2020.0201.10-Waelplan (Dijckerwaal 14) s-Gravenza BMA Milieu
Monstercode Uw referentie Opgegeven bemonsteringsdatum
6511444 01-1 01 (0-50) 04/11/2020
Asbestonderzoek Initialen analist Datum geanalyseerd
: A.S. : 06-11-2020
Analyse is uitgevoerd conform NEN 5898 (S). Massa aangeleverde monster : 17040 Droge massa aangeleverde monster : 14024 Percentage droogrest : 82,3 Type zeving : nat
zeeffractie (mm) ^,5 mm 0,5-1 mm 1-2 mm 2-4 mm 4-8 mm 8-20 mm ^0 mm Totaal
zeeffractie (mm)
g g m/m “/o
massa percentage massa percentage aantal massa asbest zeeffractie zeeffractie onderzocht onderzocht asbest houdend materiaal (gram) (m/m “/o) (gram) (m/m /) (deeltjes) (mg) 13601,2 98,4 13,3 0,10 n.v.t. n.v.t. 50,3 0,4 8,6 17,10 0 0,0 65,2 0,5 20,4 31,29 0 0,0 36,8 0,3 36,8 100,00 0 0,0 34,2 0,2 34,2 100,00 0 0,0 38,5 0,3 38,5 100,00 2 1748,5 0,2 0,0 0,2 100,00 0 0,0 13826,4 100,0 152,0 2 1748,5
gehalte asbest (mg/kg ds)
^,5 mm 0,5-1 mm 1-2 mm 2-4 mm 4-8 mm 8-20 mm ^0 mm Totaal
asbest totaal ondergrens bovengrens (mg/kg ds)
(mg/kg ds)
0,0 0,0 0,0 0,0 13 0,0 13
0,0 0,0 0,0 0,0 19 0,0 19
0,0 0,0 0,0 0,0 16 0,0 16
Aangetroffen type asbest Bijzonderheden waargenomen
gehalte asbest (mg/kg ds)
serpentijn asbest ondergrens bovengrens (mg/kg ds)
(mg/kg ds)
0,0 0,0 0,0 0,0 13 0,0 13
0,0 0,0 0,0 0,0 19 0,0 19
0,0 0,0 0,0 0,0 16 0,0 16
gehalte asbest (mg/kg ds)
amfibool asbest ondergrens bovengrens (mg/kg ds)
(mg/kg ds)
0,0 0,0 0,0 0,0 0,0 0,0 0,0
0,0 0,0 0,0 0,0 0,0 0,0 0,0
0,0 0,0 0,0 0,0 0,0 0,0 0,0
: Serpentijn : Geen
Serpentijn asbest is chrysotiel. Amfibool asbest is amosiet, crocidoliet, actinoliet, anthophylliet en tremoliet. De bepalingsgrens is bepaald voor de zeeffracties kleiner dan 4 mm. De totale bepalingsgrens is verkregen door de bepalingsgrenzen van de afzonderlijke zeeffracties te sommeren. Het materiaal is middels polarisatiemicroscopie onderzocht, de analyse is uitgevoerd conform NEN 5896. gebondenheid hecht niet hecht totaal afgerond
serpentijn asbest 16 0,0 16
amfibool asbest 0,0 0,0 0,0
totaal afgerond 16 0,0
Gewogen concentratie (serpentijnasbestconcentratie vermeerderd met 10 maal de amfiboolasbestconcentratie) is: 16 mg/kg ds De gewogen asbestconcentratie wordt berekend uit de niet-afgeronde gehalten aan serpentijn en amfibool asbest. De weergegeven resultaten zijn afgerond. Verklaring kwalitatief onderzoek zeeffractie ^,5 mm: -: geen asbest waargenomen Dit analyse-certificaat, inclusief voorblad en eventuele bijlage(n), mag niet anders dan in zijn geheel worden gereproduceerd. - De met een 'Q' gemerkte analyses zijn door RvA geaccrediteerd (registratienummer L086). - De met een 'S' gemerkte analyses zijn door RvA geaccrediteerd (L086) en op basis van het schema AS 3000 erkend. Opdrachtverificatiecode: OMKX-BTHR-GTJF-FXEF
Ref.: 1109797 certificaat v1
eurofins
AS3000
Omegam
RvALDIlS
^éehee'
Tabel 2 van 3 ANALYSECERTIFICAAT Projectcode Uw project omschrijving Opdrachtgever
1109797 2020.0201.10-Waelplan (Dijckerwaal 14) s-Gravenza BMA Milieu
Monstercode Uw referentie Opgegeven bemonsteringsdatum
6511444 01-1 01 (0-50) 04/11/2020
Asbestonderzoek - productidentificatie zeeffractie (mm) 8-20 mm
materiaal
gebondenheid
asbestsoort
cement, vlakke plaat
hecht
chrysotiel
percentage (m/m “/o) 10-15
Dit analyse-certificaat, inclusief voorblad en eventuele bijlage(n), mag niet anders dan in zijn geheel worden gereproduceerd. - De met een 'Q' gemerkte analyses zijn door RvA geaccrediteerd (registratienummer L086). - De met een 'S' gemerkte analyses zijn door RvA geaccrediteerd (L086) en op basis van het schema AS 3000 erkend. Opdrachtverificatiecode: OMKX-BTHR-GTJF-FXEF
Ref.: 1109797 certificaat v1
eurofins
AS3000
Omegam
^éehee'
RvALDIlS
Tabel 3 van 3 ANALYSECERTIFICAAT Projectcode Uw project omschrijving Opdrachtgever
: : :
1109797 2020.0201.10-Waelplan (Dijckerwaal 14) s-Gravenza BMA Milieu
Opmerkingen m.b.t. analyses
Opmerking(en) algemeen De volgende informatie is indien van toepassing verstrekt door de opdrachtgever: Projectomschrijving, Monsterreferentie(s), Opgegeven bemonsteringsdatum, Matrix, Monsterdiepte, Potnr(Barcode), Veldgegevens, Veldwaarnemingen en Bemonsteringsdata. De opgegeven bemonsteringsdatum kan van invloed zijn op de geldigheid van de resultaten. Asbest Individuele monsters van dit project zijn als asbest verdacht gekwalificeerd. De analysedeelmonsters zijn met beschermende maatregelen in het laboratorium in behandeling genomen. Opmerking bij project:
- Eurofins Omegam heeft het asbestonderzoek in dit/deze monster(s) uitgevoerd volgens de NEN 5898, en zoals beschreven in een aparte bijlage als onderdeel van dit analysecertificaat. Voor de analyseresultaten van het asbestonderzoek geldt dat Eurofins Omegam de analyse heeft uitgevoerd in de monsters die de opdrachtgever, zoals deze staan vermeld in de koptekst van dit analysecertificaat, zelf heeft genomen of laten nemen en aan Eurofins Omegam heeft aangeboden. Eurofins Omegam draagt geen verantwoordelijkheid inzake de herkomst en representativiteit alsmede de veiligheid tijdens de monsterneming.
Dit analyse-certificaat, inclusief voorblad en eventuele bijlage(n), mag niet anders dan in zijn geheel worden gereproduceerd. Opdrachtverificatiecode: OMKX-BTHR-GTJF-FXEF
Ref.: 1109797^ertificaa^v1
eurofins AS3000
Omegam
086 ^ìehe*'4. Bijlage 1 van 2 ANALYSECERTIFICAAT
Projectcode Uw project omschrijving Opdrachtgever
: : :
1109797 2020.0201.10-Waelplan (Dijckerwaal 14) s-Gravenza BMA Milieu
Barcodeschema's
Monstercode Uw referentie
uw monsterref.
uw diepte
uw barcode
6511444
01
0-0.5
1618818MG
01-1 01 (0-50)
Dit analyse-certificaat, inclusief voorblad en eventuele bijlage(n), mag niet anders dan in zijn geheel worden gereproduceerd. Opdrachtverificatiecode: OMKX-BTHR-GTJF-FXEF
Ref.: 1109797^ertificaaţ-v1
eurofins AS3000
Omegam
086 ^ìehe*'4. Bijlage 2 van 2 ANALYSECERTIFICAAT
Projectcode Uw project omschrijving Opdrachtgever
: : :
1109797 2020.0201.10-Waelplan (Dijckerwaal 14) s-Gravenza BMA Milieu
Analysemethoden in Grond (AS3000) AS3000 In dit analysecertificaat zijn de met 'S' gemerkte analyses uitgevoerd volgens de analysemethoden beschreven in het "Accreditatieschema Laboratoriumanalyses voor grond-, waterbodem- en grondwateronderzoek (AS SIKB 3000)". Het laboratoriumonderzoek is uitgevoerd volgens de onderstaande analysemethoden. Deze analyses zijn vastgelegd in het geldende accreditatie-certificaat met bijbehorende verrichtingenlijst L086 van Eurofins Omegam BV. Asbestonderzoek
: Conform AS3070 prestatieblad 1 en NEN 5898
Dit analyse-certificaat, inclusief voorblad en eventuele bijlage(n), mag niet anders dan in zijn geheel worden gereproduceerd. Opdrachtverificatiecode: OMKX-BTHR-GTJF-FXEF
Ref.: 1109797^ertificaat-v1
BMA Milieu B.V.
Bijlage 5 Bodemprofielen
Legenda (conform NEN 5104) grind )OOOOO( oooooo ļnnnnnr
klei
I
geur
Grind, siltig
Klei, zwak siltig
ooooooo IOOOOOO OOOOOO0
Grind, zwak zandig
IOOOŨOC .. oooooo lOOOOOC - -
Grind, matig zandig
Klei, sterk siltig
«J «J «J u u u lOOOOOC oooooo
Grind, sterk zandig
Klei, uiterst siltig
Klei, matig siltig
O
geen geur
-0-
zwakke geur
-0
matige geur
^
sterke geur uiterste geur
olie
Grind, uiterst zandig
Klei, zwak zandig
zand
-O
geen olie-water reactie
■H-
zwakke olie-water reactie
-S
matige olie-water reactie
-H-
sterke olie-water reactie
Klei, matig zandig
M uiterste olie-water reactie
Klei, sterk zandig
p.i.d.-waarde
Zand, kleiïg
0 M
Zand, zwak siltig
leem
0
^0
0
^00
0
^000 ^0000
Zand, matig siltig
Leem, zwak zandig
0
Zand, sterk siltig
Leem, sterk zandig
monsters geroerd monster
Zand, uiterst siltig
overige toevoegingen z
zwak humeus
—
matig humeus
ongeroerd monster
veen Veen, mineraalarm
Veen, zwak kleiïg
—
sterk humeus
Veen, sterk kleiïg
zwak grindig
Veen, zwak zandig
matig grindig
overig A
bijzonder bestanddeel
4
Gemiddeld hoogste grondwaterstand
^
grondwaterstand
^
Gemiddeld laagste grondwaterstand
■Hl
slib
water Veen, sterk zandig
o oc
sterk grindig
BMA Milieu Bodemonderzoek B -sanering Projectnaam: Waelplan (Dijckerwaal 14), 's-Gravenzande Projectcode: 2020.0201.10 Meetpunt:
01
Meetpunt:
02
Datum:
4-11-2020
Datum:
4-11-2020
Boormeester:
Menno de Heer
Boormeester:
Menno de Heer
0
z .ū. . ? . . . D! ? ....................y
ļ 0
Zand, matig grof, matig humeus, matig kleiig, zwak siltig, zwak puinhoudend, neutraalbruin, Schep, Gat 30cm x 30cm
*............ 100
'ú
50
Zand, matig grof, zwak kleiig, zwak siltig, zwak humeus, lichtbruin, Edelmanboor
.....................' į\
n ~ ...................í
akker
0
Z : ................
50
Zand, matig grof, zwak kleiig, matig siltig, zwak humeus, lichtbruin, Edelmanboor
\.W: 100
Zand, matig grof, matig humeus, matig kleiig, zwak siltig, zwak puinhoudend, neutraalbruin, Schep, Gat 30cm x 30cm
00
BMA Milieu B.V.
Bijlage 6 Fotoblad
BMA Milieu B.V.
V '«
'}
mm. ■/ti&iO
ešb'Sį; ,
mm
rãĒĒSSŘS*î
i
üįļļį® ÇÇĨĶ --
^Ľ—
*mdĒ
™: ’
mãÊ‘4W-
ĚÊÊM ■ ŵ;jx y sass ,'- ìsuttt»
ļ2021.0201 Dijckerwaal 14 te ‘s-Gravenzande in de gemeente Westland
z
||ĒŞb
I
BMA Milieu B.V.
Bijlage 7 Procescertificaat protocol 2001, 2002, 2003 en 2018
mmwâ
Normec Certification B.V. Stationsweg 2, 4191 KK Geldermalsen
PRODUCTS RvA c m
T 0345 585 000, info-cert@normec.nl
Normec
www.normec.nl
BRL SIKB 2000 Procescertificaat EC-SIK-20309 Normec Certification B.V. verklaart hierbij op basis van het certificatie onderzoek dat het proces van:
BMA Milieu B.V. Vestiging(en):
Naaldwijk Zuidweg 77
Datum uitgifte:
23-03-2020
2671 MP NAALDWIJK
Geldig tot:
27-06-2022
Telefoonnr:
0174-630743
Gecertificeerd sinds:
28-06-2007
E-mail:
info@bma-milieu.nl
KvK-nummer:
27240966
Adres:
voldoet aan de voorwaarden gesteld in:
Beoordelingsrichtlijn voor het SIKB procescertificaat Veldwerk bij Milieuhygiënisch Bodem- en waterbodemonderzoek voor het toepassingsgebied:
Protocol 2001: Plaatsen van handboringen en peilbuizen, maken van boorbeschrijvingen, nemen van grondmonsters en waterpassen (versie 6.0) Protocol 2002: Het nemen van grondwatermonsters (versie 6.0) Protocol 2003: Veldwerk bij milieuhygiënisch waterbodemonderzoek (versie 6.0) Protocol 2018: Maaiveldinspectie en monsterneming van asbest in bodem (versie 6.0) Processpecificatie Dit procescertificaat is op basis van BRL SIKB 2000, Veldwerk bij milieuhygiënisch bodem- en waterbodemonderzoek, versie 6.0, d.d. 1 februari 2018, overeenkomstig de in dit certificaat genoemde protocollen, afgegeven conform het Certificatiereglement van Normec Certification B.V. Normec Certification B.V. verklaart hierbij op basis van het uitgevoerde certificatieonderzoek dat het gerechtvaardigd vertrouwen bestaat dat de door BMA Milieu B.V. uitgevoerde processen bij voortduring voldoen aan de in dit procescertificaat vastgelegde processpecificaties en daarmee voldoet aan het voor de certificering geldende normdocument. In geval van klachten kan de opdrachtgever zich wenden tot de certificaathouder en, zo nodig, tot Normec Certification B.V.
Voor het Besluit bodemkwaliteit is de gecertificeerde organisatie een door de Minister van Infrastructuur en Waterstaat erkende organisatie, indien het certificaat is opgenomen in het overzicht van erkende bodemintermediairs op de website van Rijkswaterstaat directie Leefoŕhneving: www.bodemplus. nl. Normec
M.M-A. Prinçen
BRL SIKB 2000 Normec Certification B.V. voert gedurende de looptijd van het certificaat regelmatig controles uit. Nadruk uitsluitend in het geheel toegestaan.
BMA Milieu B.V.
Bijlage 8 Functiescheiding
BMA Milieu B.V.
De monsternemer van BMA Milieu B.V. de heer M. de Heer
verklaart dat het veldwerk onafhankelijk van de opdrachtgever is uitgevoerd conform de eisen van BRL SIKB 2000 en de daarbij horende protocollen, waarbij gebruik is gemaakt van interne functie scheiding onder de voorwaarden die het Besluit bodemkwaliteit hieraan stelt.
BMA Milieu B.V.
Bijlage 9 Verklarende tekst toetsingscriteria en parameters
BMA Milieu B.V.
Toetsingscriteria
Achtergrondwaarden: De achtergrondwaarden zijn bij regeling van Onze Ministers vastgestelde gehalten aan chemische stoffen voor een goede bodemkwaliteit, waarvoor geldt dat er geen sprake is van belasting door lokale verontreinigingsbronnen. Bij overschrijding van de achtergrondwaarde [AW2000] is sprake van een lichte verontreiniging in de grond. Streefwaarden: De streefwaarden geven het niveau aan waarbij sprake is van een duurzame bodemkwaliteit. Dit betekent dat de streefwaarden het niveau aangeven waarbij geen afbreuk wordt gedaan aan de functionele eigenschappen die de bodem voor mens, dier en plant heeft. Bij overschrijding van de streefwaarden [S] is sprake van een lichte ver ontreiniging in het grondwater. Tussenwaarde Wanneer deze waarde overschreden wordt voor een of meerdere stoffen gaat men er vanuit dat zich een risico van blootstelling aan mens of milieu zou kunnen voordoen met mogelijk schadelijke gevolgen. Dit houdt in dat een nader onderzoek in principe noodzakelijk is. Bij overschrijding van de 1/2 som achtergrond- en interventie waarden is er sprake van een matige verontreiniging in de grond. In het grondwater is sprake van een matige verontreiniging bij overschrijding van de 1/2 som streef- en interventiewaarden. De 1/2 som achtergrond-Zstreefen interventiewaarde wordt ook wel de tussenwaarde [T] genoemd.
Interventiewaarden: Bij overschrijding van de interventiewaarden [I] is het wenselijk een saneringsonderzoek met daaropvolgend een sanering uit te voeren. Immers de interventiewaarden bodemsanering geven het concentratieniveau voor grond en grondwater aan waarboven ernstige vermindering optreedt van de functionele eigenschappen die de bodem heeft voor mens, plant of dier. Bij overschrijding van de interventiewaarden is er sprake van een sterke veront reiniging. Volgens het beleid is er sprake van een ernstig geval van bodemverontreiniging wanneer in minimaal 25 m3 grond of 100 m3 grondwater voor ten minste één stof de gemiddelde concentratie hoger is dan de interven tiewaarde. De streef- en interventiewaarden in grond/sediment variëren met het bodemtype. Veel verontreinigende stoffen worden namelijk gebonden aan bodembestanddelen. Binding treedt met name op aan lutum [fractie < 2 pm] en organisch stof [gloeiverlies als percentage van het totale drooggewicht]. De streef- en interventiewaarden in grond/sediment zijn afhankelijk gesteld van beide genoemde bodemparameters. Voor het op de onderhavige locatie aanwezige bodemtype zijn de toetsingswaarden berekend volgens de in bovengenoemde circulaire opge nomen formules. De toetsingswaarden voor grondwater zijn onafhankelijk gesteld van het bodemtype.
Toelichting streefwaarden Bij het vaststellen van de streefwaarden is voor een aantal stoffen uitgegaan van achtergrondge halten die van nature aanwezig zijn of die zijn veroorzaakt door diffuse verontreiniging via de atmosfeer. Hierbij zijn boven grenzen genomen van achtergrondgehalten die in natuurgebieden zijn gevonden. Voor andere stoffen zijn de streefwaarden berekend uitgaande van een verwaarloosbaar risico. Daarbij is rekening gehouden met milieuhy giënische randvoorwaarden vanuit andere beleidsterreinen [zoals drinkwater- en warenwetnormen]. De streef waarden zijn met name bij curatieve [bodemsanerende] en preventieve [bodembeschermende] maatregelen van belang. Voor deze beide soorten maatregelen geven de streefwaarden respectievelijk het uiteindelijk te bereiken en het te handhaven kwaliteitsniveau aan.-0
BMA Milieu B.V.
Toelichting interventiewaarden De interventiewaarden zijn gebaseerd op een uitgebreide RIVM-studie naar zowel humaantoxicologische [risico voor de mens] als ecotoxicologische risico's [risico voor planten- en dierenleven] van bodemverontreinigende stoffen. Deze waarden geven het concentratieniveau voor verontreinigingen aan, waarboven ernstige verminde ring dreigt van de functionele eigenschappen die de bodem heeft voor mens, plant en dier. Blootstelling aan een verontreiniging kan via een groot aantal routes in verschillende mate plaatsvinden. Dit is afhankelijk van lokale factoren [bijv. het voorkomen van verhardingen] en bij de mens van het gedrag [bijv. consumptie van vis uit oppervlaktewater met verontreinigde waterbodem]. Voor de afleiding van de algemeen geldende interventiewaarden is uitgegaan van een "standaard" gedragspatroon, waarbij alle blootstellingsroutes een rol spelen. Gezien het bovenstaande is het mogelijk dat uit de toetsing blijkt dat er sprake is van een ernstig geval van bo demverontreiniging, zonder dat er bij het huidige gebruik een ontoelaatbaar risico aanwezig is. Dit is het geval als de blootstellingsroutes die tot dit risico aanleiding geven momenteel niet van toepassing zijn. Na de toetsing aan de interventiewaarden kan dan ook alleen worden aangegeven of er een saneringsnoodzaak is. De saneringsurgentie is afhankelijk van de actuele risico's.
Parameters Zware metalen; komen van nature in geringe hoeveelheden in de bodem voor, vrijwel altijd als verbinding. Verhoogde gehaltes aan zware metalen in grond en grondwater kunnen worden veroorzaakt door een groot scala aan activiteiten. Over het algemeen zijn zware metalen slecht uitloogbaar. Aromaten; worden veel gebruikt als oplosmiddel, het zijn meestal vrij vluchtige stoffen die vetten en vetachtige stoffen goed oplossen. Door de redelijke oplosbaarheid van vluchtige aromaten in water worden deze stoffen zowel in grond als grondwater aangetroffen. Benzeen, Tolueen, Ethylbenzeen en Xylenen komen voor in benzi ne en diesel. Polycyclische aromatische koolwaterstoffen; PAK omvatten een groot aantal verbindingen die met name in teerprodukten worden aangetroffen, of bij verbranding van bijv. steenkool ontstaan. Alifatische chloorkoolwaterstoffen; worden veelal toegepast als oplosmiddel en als ontvettingsmiddel. Bekende voorbeelden hiervan zijn trichlooretheen (Tri) en tetrachlooretheen (Per).
PCB’s; werden veelal toegepast als isolatie vloeistof in transformatoren en condensatoren, als hydraulische vloeistof, koelvloeistof, smeermiddel en weekmaker in kunststoffen en verder in verf, inkt, lak, kit en lijm Minerale olie; de schadelijkheid van minerale olie is op zich niet groot, maar indien olie in grote hoeveelheden in de bodem aanwezig is, is een normaal bodemleven of plantengroei door zuurstofgebrek niet mogelijk. De eventuele toxiciteit wordt voornamelijk bepaald door de aanwezigheid van toxische nevenbestanddelen (aroma ten, fenolen en lood). Als gevolg van permeatie door kunststof waterleidingbuizen van polyethyleen kan minera le olie aanleiding geven tot verontreiniging van het drinkwater.