CConstaterende datWestland
Koppel je AI →
Document · PDF

1.56w) Waelpolder_Bijlagen bij de toelichting_Bijlage 22 Verkennend onderzoek asbest Nieuwe Vaart 11 22 ja (21-0253632)

Gemeenteraad 26 oktober 2021, gemeente WestlandBij agendapunt: Vaststelling van de afhandeling van de Lijst met Ingekomen Stukken (LIS)12.220 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

gehalte asbest (mg/kg ds)

^,5 mm 0,5-1 mm 1-2 mm 2-4 mm 4-8 mm 8-20 mm ^0 mm Totaal

asbest totaal ondergrens bovengrens (mg/kg ds)

(mg/kg ds)

0,0 0,0 0,0 0,0 0,0 0,0 0,0

0,3 1,0 0,0 0,0 0,0 0,0 1,3

0,0 0,0 0,0 0,0 0,0 0,0 ^,7

Aangetroffen type asbest Bijzonderheden waargenomen

gehalte asbest (mg/kg ds)

serpentijn asbest ondergrens bovengrens (mg/kg ds)

(mg/kg ds)

0,0 0,0 0,0 0,0 0,0 0,0 0,0

0,1 0,5 0,0 0,0 0,0 0,0 0,6

0,0 0,0 0,0 0,0 0,0 0,0 ^,7

gehalte asbest (mg/kg ds)

amfibool asbest ondergrens bovengrens (mg/kg ds)

(mg/kg ds)

0,0 0,0 0,0 0,0 0,0 0,0 0,0

0,1 0,5 0,0 0,0 0,0 0,0 0,6

0,0 0,0 0,0 0,0 0,0 0,0 0,0

: Geen : Geen

Serpentijn asbest is chrysotiel. Amfibool asbest is amosiet, crocidoliet, actinoliet, anthophylliet en tremoliet. De bepalingsgrens is bepaald voor de zeeffracties kleiner dan 4 mm. De totale bepalingsgrens is verkregen door de bepalingsgrenzen van de afzonderlijke zeeffracties te sommeren. Het materiaal is middels polarisatiemicroscopie onderzocht, de analyse is uitgevoerd conform NEN 5896. gebondenheid hecht niet hecht totaal afgerond

serpentijn asbest 0,0 0,0 0,0

amfibool asbest 0,0 0,0 0,0

totaal afgerond 0,0 0,0

Gewogen concentratie (serpentijnasbestconcentratie vermeerderd met 10 maal de amfiboolasbestconcentratie) is: ^,7 mg/kg ds De gewogen asbestconcentratie wordt berekend uit de niet-afgeronde gehalten aan serpentijn en amfibool asbest. De weergegeven resultaten zijn afgerond. Verklaring kwalitatief onderzoek zeeffractie ^,5 mm: -: geen asbest waargenomen Dit analyse-certificaat, inclusief voorblad en eventuele bijlage(n), mag niet anders dan in zijn geheel worden gereproduceerd. - De met een 'Q' gemerkte analyses zijn door RvA geaccrediteerd (registratienummer L086). - De met een 'S' gemerkte analyses zijn door RvA geaccrediteerd (L086) en op basis van het schema AS 3000 erkend. Opdrachtverificatiecode: JXUP-GAEW-KVNL-ZVKJ

Ref.: 1117553 certificaat v1

eurofins

AS3000

Omegam

^éehee'

RvALDIlS

Tabel 7 van 7 ANALYSECERTIFICAAT Projectcode Uw project omschrijving Opdrachtgever

: : :

1117553 2020.0201.6-Waelplan (Nieuwe Vaart 11) s-Gravenza BMA Milieu

Opmerkingen m.b.t. analyses

Opmerking(en) algemeen De volgende informatie is indien van toepassing verstrekt door de opdrachtgever: Projectomschrijving, Monsterreferentie(s), Opgegeven bemonsteringsdatum, Matrix, Monsterdiepte, Potnr(Barcode), Veldgegevens, Veldwaarnemingen en Bemonsteringsdata. De opgegeven bemonsteringsdatum kan van invloed zijn op de geldigheid van de resultaten. Asbest Individuele monsters van dit project zijn als asbest verdacht gekwalificeerd. De analysedeelmonsters zijn met beschermende maatregelen in het laboratorium in behandeling genomen. Opmerking bij project:

- Eurofins Omegam heeft het asbestonderzoek in dit/deze monster(s) uitgevoerd volgens de NEN 5898, en zoals beschreven in een aparte bijlage als onderdeel van dit analysecertificaat. Voor de analyseresultaten van het asbestonderzoek geldt dat Eurofins Omegam de analyse heeft uitgevoerd in de monsters die de opdrachtgever, zoals deze staan vermeld in de koptekst van dit analysecertificaat, zelf heeft genomen of laten nemen en aan Eurofins Omegam heeft aangeboden. Eurofins Omegam draagt geen verantwoordelijkheid inzake de herkomst en representativiteit alsmede de veiligheid tijdens de monsterneming.

Dit analyse-certificaat, inclusief voorblad en eventuele bijlage(n), mag niet anders dan in zijn geheel worden gereproduceerd. Opdrachtverificatiecode: JXUP-GAEW-KVNL-ZVKJ

Ref.: 1117553^ertificaa^v1

eurofins AS3000

Omegam

086

^ìehe*'4.

Bijlage 1 van 2 ANALYSECERTIFICAAT Projectcode Uw project omschrijving Opdrachtgever

: : :

1117553 2020.0201.6-Waelplan (Nieuwe Vaart 11) s-Gravenza BMA Milieu

Barcodeschema's

Monstercode Uw referentie

uw monsterref

uw diepte

uw barcode

6531461

01-1 01 (0-50)

01

0-0.5

1638141MG

6531462

01-2 01 (50-100)

01

0.5-1

1618992MG

6531463

01-3 01 (100-150)

01

1-1.5

1618986MG

6531464

02-1 02 (0-50)

02

0-0.5

1643782MG

6531465

02-2 02 (50-100)

02

0.5-1

1643783MG

6531466

02-3 02 (100-150)

02

1-1.5

1638142MG

Dit analyse-certificaat, inclusief voorblad en eventuele bijlage(n), mag niet anders dan in zijn geheel worden gereproduceerd. Opdrachtverificatiecode: JXUP-GAEW-KVNL-ZVKJ

Ref.: 1117553^ertificaaţ-v1

eurofins AS3000

Omegam

086

^ìehe*'4.

Bijlage 2 van 2 ANALYSECERTIFICAAT Projectcode Uw project omschrijving Opdrachtgever

: : :

1117553 2020.0201.6-Waelplan (Nieuwe Vaart 11) s-Gravenza BMA Milieu

Analysemethoden in Grond (AS3000) AS3000 In dit analysecertificaat zijn de met 'S' gemerkte analyses uitgevoerd volgens de analysemethoden beschreven in het "Accreditatieschema Laboratoriumanalyses voor grond-, waterbodem- en grondwateronderzoek (AS SIKB 3000)". Het laboratoriumonderzoek is uitgevoerd volgens de onderstaande analysemethoden. Deze analyses zijn vastgelegd in het geldende accreditatie-certificaat met bijbehorende verrichtingenlijst L086 van Eurofins Omegam BV. Asbestonderzoek

: Conform AS3070 prestatieblad 1 en NEN 5898

Dit analyse-certificaat, inclusief voorblad en eventuele bijlage(n), mag niet anders dan in zijn geheel worden gereproduceerd. Opdrachtverificatiecode: JXUP-GAEW-KVNL-ZVKJ

Ref.: 1117553^ertificaat-v1

BMA Milieu B.V.

Bijlage 6 Bodemprofielen

BMA Milieu Bodemonderzoek B -sanering Projectnaam: Waelplan (Nieuwe Vaart 11), 's-Gravenzande Projectcode: 2020.0201.6 02

Meetpunt:

01

Meetpunt:

Datum:

19-11-2020

Datum:

19-11-2020

Boormeester:

Menno de Heer

Boormeester:

Menno de Heer

0

0

0

0 Klei, matig zandig, matig humeus, zwak siltig, zwak puinhoudend, donkerbruin, Graafmachine

Klei, matig zandig, matig humeus, zwak siltig, zwak puinhoudend, donkerbruin, Graafmachine

Klei, matig zandig, matig siltig, zwak humeus, neutraal bruingrijs, Graafmachine

Klei, matig zandig, matig siltig, zwak humeus, zwak puinhoudend, zwak baksteenhoudend, neutraal bruingrijs, Graafmachine

-50

2

2

A

-100

-100

Klei, matig zandig, matig siltig, matig humeus, donkergrijs, Graafmachine 3

3

-150

Klei, matig zandig, matig siltig, matig humeus, zwak baksteenhoudend, zwak glashoudend, donkergrijs, Graafmachine

A

-150

Klei, sterk zandig, matig siltig, zwak humeus, donkergrijs, Graafmachine 4

-200

Legenda (conform NEN 5104)

grind

klei Grind, siltig

geur Klei, zwak siltig

Grind, zwak zandig

Klei, matig siltig

-O-

geen geur

-0-

zwakke geur

0-

matige geur

0-

sterke geur uiterste geur

Grind, matig zandig

Klei, sterk siltig

Grind, sterk zandig

Klei, uiterst siltig

olie

Grind, uiterst zandig

Klei, zwak zandig

zand

O

geen olie-water reactie

ū-

zwakke olie-water reactie

-H-

matige olie-water reactie

-Q-

sterke olie-water reactie

Klei, matig zandig

-BS-

uiterste olie-water reactie

Klei, sterk zandig

p.i.d.-waarde 0 ^

Zand, kleiïg

Zand, zwak siltig

leem Zand, matig siltig

Leem, zwak zandig

Zand, sterk siltig

Leem, sterk zandig

3

^0

3

M00

^

M000

ţ

M0000

monsters

Zand, uiterst siltig

geroerd monster

overige toevoegingen

ongeroerd monster

zwak humeus volumering

veen Veen, mineraalarm

matig humeus

Veen, zwak kleiïg

sterk humeus

Veen, sterk kleiïg

zwak grindig

Veen, zwak zandig

matig grindig

Veen, sterk zandig

sterk grindig

overig A

bijzonder bestanddeel

Ą

Gemiddeld hoogste grondwaterstand

T

grondwaterstand

^

Gemiddeld laagste grondwaterstand slib

peilbuis blinde buis

casing

1

hoogste grondwaterstand gemiddelde grondwaterstand laagste grondwaterstand zand afdichting bentoniet/mikoliet/klei afdichting

grind afdichting

ä

filter

BMA Milieu B.V.

Bijlage 7 Fotoblad

BMA Milieu B.V.

I S~ ÉKSâ rtŴ! \ ‘»ťC

Įř'j^vr

'gmm Sjįjįiţ'

v f-' ;ÇİR*

ĨW

Í®ř4ŕi i**:'

«įV ; -.- ^

ŵs ŴfctfvT-’ íir;4 S' T.SS5» ••«SjSfratî ÜIE ŕ^g^v';

«•Ŭ'Ŵ V*- fc:'

5ŵ»«-äŵ*( ŵi&CŴ Ü.' a-iSŕi.1 ĩmŭâčMm í'K'-vii

2020.0201.6 Nieuwe Vaart 11 te ’s-Gravenzande in de gemeente Westland

w

5"^

BMA Milieu B.V.

Bijlage 8 Procescertificaat protocol 2001, 2002, 2003 en 2018

Normec Certification B.V.

mmwâ

Stationsweg 2, 4191 KK Geldermalsen

PRODUCTS RvA c m

T 0345 585 000, info-cert@normec.nl

Normec

www.normec.nl

BRL SIKB 2000 Procescertificaat EC-SIK-20309 Normec Certification B.V. verklaart hierbij op basis van het certificatie onderzoek dat het proces van:

BMA Milieu B.V. Vestiging(en):

Naaldwijk Zuidweg 77

Datum uitgifte:

23-03-2020

2671 MP NAALDWIJK

Geldig tot:

27-06-2022

Telefoonnr:

0174-630743

Gecertificeerd sinds:

28-06-2007

E-mail:

info@bma-milieu.nl

KvK-nummer:

27240966

Adres:

voldoet aan de voorwaarden gesteld in:

Beoordelingsrichtlijn voor het SIKB procescertificaat Veldwerk bij Milieuhygiënisch Bodem- en waterbodemonderzoek voor het toepassingsgebied:

Protocol 2001: Plaatsen van handboringen en peilbuizen, maken van boorbeschrijvingen, nemen van grondmonsters en waterpassen (versie 6.0) Protocol 2002: Het nemen van grondwatermonsters (versie 6.0) Protocol 2003: Veldwerk bij milieuhygiënisch waterbodemonderzoek (versie 6.0) Protocol 2018: Maaiveldinspectie en monsterneming van asbest in bodem (versie 6.0) Processpecificatie Dit procescertificaat is op basis van BRL SIKB 2000, Veldwerk bij milieuhygiënisch bodem- en waterbodemonderzoek, versie 6.0, d.d. 1 februari 2018, overeenkomstig de in dit certificaat genoemde protocollen, afgegeven conform het Certificatiereglement van Normec Certification B.V. Normec Certification B.V. verklaart hierbij op basis van het uitgevoerde certificatieonderzoek dat het gerechtvaardigd vertrouwen bestaat dat de door BMA Milieu B.V. uitgevoerde processen bij voortduring voldoen aan de in dit procescertificaat vastgelegde processpecificaties en daarmee voldoet aan het voor de certificering geldende normdocument. In geval van klachten kan de opdrachtgever zich wenden tot de certificaathouder en, zo nodig, tot Normec Certification B.V.

Voor het Besluit bodemkwaliteit is de gecertificeerde organisatie een door de Minister van Infrastructuur en Waterstaat erkende organisatie, indien het certificaat is opgenomen in het overzicht van erkende bodemintermediairs op de website van Rijkswaterstaat directie Leefoŕhneving: www.bodemplus. nl. Normec

M.M-A. Prinçen

BRL SIKB 2000 Normec Certification B.V. voert gedurende de looptijd van het certificaat regelmatig controles uit. Nadruk uitsluitend in het geheel toegestaan.

BMA Milieu B.V.

Bijlage 9 Functiescheiding

BMA Milieu B.V.

De monsternemer van BMA Milieu B.V. de heer M. de Heer

verklaart dat het veldwerk onafhankelijk van de opdrachtgever is uitgevoerd conform de eisen van BRL SIKB 2000 en de daarbij horende protocollen, waarbij gebruik is gemaakt van interne functie­ scheiding onder de voorwaarden die het Besluit bodemkwaliteit hieraan stelt.

BMA Milieu B.V.

Bijlage 10 Verklarende tekst toetsingscriteria en parameters

BMA Milieu B.V.

Toetsingscriteria

Achtergrondwaarden: De achtergrondwaarden zijn bij regeling van Onze Ministers vastgestelde gehalten aan chemische stoffen voor een goede bodemkwaliteit, waarvoor geldt dat er geen sprake is van belasting door lokale verontreinigingsbronnen. Bij overschrijding van de achtergrondwaarde [AW2000] is sprake van een lichte verontreiniging in de grond. Streefwaarden: De streefwaarden geven het niveau aan waarbij sprake is van een duurzame bodemkwaliteit. Dit betekent dat de streefwaarden het niveau aangeven waarbij geen afbreuk wordt gedaan aan de functionele eigenschappen die de bodem voor mens, dier en plant heeft. Bij overschrijding van de streefwaarden [S] is sprake van een lichte ver­ ontreiniging in het grondwater. Tussenwaarde Wanneer deze waarde overschreden wordt voor een of meerdere stoffen gaat men er vanuit dat zich een risico van blootstelling aan mens of milieu zou kunnen voordoen met mogelijk schadelijke gevolgen. Dit houdt in dat een nader onderzoek in principe noodzakelijk is. Bij overschrijding van de 1/2 som achtergrond- en interventie­ waarden is er sprake van een matige verontreiniging in de grond. In het grondwater is sprake van een matige verontreiniging bij overschrijding van de 1/2 som streef- en interventiewaarden. De 1/2 som achtergrond-Zstreefen interventiewaarde wordt ook wel de tussenwaarde [T] genoemd.

Interventiewaarden: Bij overschrijding van de interventiewaarden [I] is het wenselijk een saneringsonderzoek met daaropvolgend een sanering uit te voeren. Immers de interventiewaarden bodemsanering geven het concentratieniveau voor grond en grondwater aan waarboven ernstige vermindering optreedt van de functionele eigenschappen die de bodem heeft voor mens, plant of dier. Bij overschrijding van de interventiewaarden is er sprake van een sterke veront­ reiniging. Volgens het beleid is er sprake van een ernstig geval van bodemverontreiniging wanneer in minimaal 25 m3 grond of 100 m3 grondwater voor ten minste één stof de gemiddelde concentratie hoger is dan de interven­ tiewaarde. De streef- en interventiewaarden in grond/sediment variëren met het bodemtype. Veel verontreinigende stoffen worden namelijk gebonden aan bodembestanddelen. Binding treedt met name op aan lutum [fractie < 2 pm] en organisch stof [gloeiverlies als percentage van het totale drooggewicht]. De streef- en interventiewaarden in grond/sediment zijn afhankelijk gesteld van beide genoemde bodemparameters. Voor het op de onderhavige locatie aanwezige bodemtype zijn de toetsingswaarden berekend volgens de in bovengenoemde circulaire opge­ nomen formules. De toetsingswaarden voor grondwater zijn onafhankelijk gesteld van het bodemtype.

Toelichting streefwaarden Bij het vaststellen van de streefwaarden is voor een aantal stoffen uitgegaan van achtergrondge halten die van nature aanwezig zijn of die zijn veroorzaakt door diffuse verontreiniging via de atmosfeer. Hierbij zijn boven­ grenzen genomen van achtergrondgehalten die in natuurgebieden zijn gevonden. Voor andere stoffen zijn de streefwaarden berekend uitgaande van een verwaarloosbaar risico. Daarbij is rekening gehouden met milieuhy­ giënische randvoorwaarden vanuit andere beleidsterreinen [zoals drinkwater- en warenwetnormen]. De streef­ waarden zijn met name bij curatieve [bodemsanerende] en preventieve [bodembeschermende] maatregelen van belang. Voor deze beide soorten maatregelen geven de streefwaarden respectievelijk het uiteindelijk te bereiken en het te handhaven kwaliteitsniveau aan.-0

BMA Milieu B.V.

Toelichting interventiewaarden De interventiewaarden zijn gebaseerd op een uitgebreide RIVM-studie naar zowel humaantoxicologische [risico voor de mens] als ecotoxicologische risico's [risico voor planten- en dierenleven] van bodemverontreinigende stoffen. Deze waarden geven het concentratieniveau voor verontreinigingen aan, waarboven ernstige verminde­ ring dreigt van de functionele eigenschappen die de bodem heeft voor mens, plant en dier. Blootstelling aan een verontreiniging kan via een groot aantal routes in verschillende mate plaatsvinden. Dit is afhankelijk van lokale factoren [bijv. het voorkomen van verhardingen] en bij de mens van het gedrag [bijv. consumptie van vis uit oppervlaktewater met verontreinigde waterbodem]. Voor de afleiding van de algemeen geldende interventiewaarden is uitgegaan van een "standaard" gedragspatroon, waarbij alle blootstellingsroutes een rol spelen. Gezien het bovenstaande is het mogelijk dat uit de toetsing blijkt dat er sprake is van een ernstig geval van bo­ demverontreiniging, zonder dat er bij het huidige gebruik een ontoelaatbaar risico aanwezig is. Dit is het geval als de blootstellingsroutes die tot dit risico aanleiding geven momenteel niet van toepassing zijn. Na de toetsing aan de interventiewaarden kan dan ook alleen worden aangegeven of er een saneringsnoodzaak is. De saneringsurgentie is afhankelijk van de actuele risico's.

Parameters Zware metalen; komen van nature in geringe hoeveelheden in de bodem voor, vrijwel altijd als verbinding. Verhoogde gehaltes aan zware metalen in grond en grondwater kunnen worden veroorzaakt door een groot scala aan activiteiten. Over het algemeen zijn zware metalen slecht uitloogbaar. Aromaten; worden veel gebruikt als oplosmiddel, het zijn meestal vrij vluchtige stoffen die vetten en vetachtige stoffen goed oplossen. Door de redelijke oplosbaarheid van vluchtige aromaten in water worden deze stoffen zowel in grond als grondwater aangetroffen. Benzeen, Tolueen, Ethylbenzeen en Xylenen komen voor in benzi­ ne en diesel. Polycyclische aromatische koolwaterstoffen; PAK omvatten een groot aantal verbindingen die met name in teerprodukten worden aangetroffen, of bij verbranding van bijv. steenkool ontstaan. Alifatische chloorkoolwaterstoffen; worden veelal toegepast als oplosmiddel en als ontvettingsmiddel. Bekende voorbeelden hiervan zijn trichlooretheen (Tri) en tetrachlooretheen (Per).

PCB’s; werden veelal toegepast als isolatie vloeistof in transformatoren en condensatoren, als hydraulische vloeistof, koelvloeistof, smeermiddel en weekmaker in kunststoffen en verder in verf, inkt, lak, kit en lijm Minerale olie; de schadelijkheid van minerale olie is op zich niet groot, maar indien olie in grote hoeveelheden in de bodem aanwezig is, is een normaal bodemleven of plantengroei door zuurstofgebrek niet mogelijk. De eventuele toxiciteit wordt voornamelijk bepaald door de aanwezigheid van toxische nevenbestanddelen (aroma­ ten, fenolen en lood). Als gevolg van permeatie door kunststof waterleidingbuizen van polyethyleen kan minera­ le olie aanleiding geven tot verontreiniging van het drinkwater.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Westland&id=a11ffad8-fa41-4f71-baca-012cbc728056