CConstaterende datWestland
Koppel je AI →
Document · PDF

1.56t) elpolder_Bijlagen bij de toelichting_Bijlage 19 Milieukundig bodemonderzoek Nieuwe Vaart 11 (21-0253626)

Gemeenteraad 26 oktober 2021, gemeente WestlandBij agendapunt: Vaststelling van de afhandeling van de Lijst met Ingekomen Stukken (LIS)40.730 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 3

BMA Milieu

t,

Bodemonderzoek -sanering

Opdrachtgever

:

ONW C.V. T.a.v. dhr. M. de Jong Postbus 16075 2500 BB DEN HAAG

Rapportnummer

:

MKB.2018.0012

Datum

:

8 juni 2018

Milieukundig bodemonderzoek Nieuwe Vaart 11 ‘s-Gravenzande Gemeente Westland

Normec

■ III ISO 9001

ISO 9001

BMA Milieu B.V. B Zuidweg 75 B 2671 MP Naaldwijk Tel. (0174) 63 07 43 B E-mail: info@bma-milieu.nl B www.bma-milieu.nl Rabobank: 34.29.79.736 B IBAN: NL97 RABO 0342 9797 36 B BIC: RABONL2U BTW nr. 805523868B01 B KvK nr. 272.40.966

mnwā □ŵ«

■■BB BRLSIKB 2000

BMA Milieu B.V.

Inhoudsopgave

blz.

1.

Inleiding en doel van het onderzoek 1.1 Algemeen 1.2 Aanleiding en doelstelling 1.3 Referentiekader 1.4 Opbouw van het rapport

1 1 1 1 1

2.

Beschikbare gegevens, onderzoekshypothese en onderzoeksopzet 2.1 Beschikbare gegevens 2.2 Onderzoeksopzet 2.3 Conceptueel model 2.4 Onderzoeksvragen nader bodemonderzoek

3 3 4 5 6

3.

Veldwerkzaamheden 3.1 Uitgevoerde werkzaamheden 3.2 Samenstelling van de bodem 3.3 Zintuiglijke waarnemingen 3.4 Grondwater 3.5 Afwijkingen BRL 2000, protocol 2001/2002/2018

7 7 7 9 10

4.

Laboratoriumonderzoek 4.1 Uitgevoerde analyses 4.2 Toetsingscriteria grond en grondwater 4.3 Interpretatie van de analyseresultaten gronden grondwater 4.4 Toetsingscriteria, interpretatie asbest en toetsing analyseresultaten 4.5 Bespreking resultaten 4.6 Aanpassingen op het conceptueel model

11 11 13 13 16 17 18

5.

Evaluatie 5.1 Algemeen 5.2 Conclusies en aanbevelingen

19 19 19

Literatuurlijst

7

21

Tabellen Tabel 1 Tabel 2 Tabel 3 Tabel 4 Tabel 5 Tabel 6 Tabel 7

Onderzoeksopzet Uitgevoerde werkzaamheden Zintuiglijke waarnemingen Metingen grondwater Samenstelling monsters en uitgevoerde analyses Overzicht gemeten verontreinigingen in grond en grondwater Overzicht totaal gewogen gehalte aan asbest

Bijlagen Bijlage 1 Bijlage 2 Bijlage 3 Bijlage 4 Bijlage 5 Bijlage 6 Bijlage 7 Bijlage 8 Bijlage 9 Bijlage 10 Bijlage 11

Regionale situatie Locatie en boringen Toetsing analyseresultaten Analysecertificaten Bodemprofielen Foto’s Historische informatie Monsternemingsformulier asbest Procescertificaat protocol 2001, 2002, 2003en 2018 Functiescheiding Verklarende tekst toetsingscriteria en parameters

5 7 7 9 11 14 16

BMA Milieu B.V.

1.

Inleiding en doel van het onderzoek

1.1

Algemeen

De heer M. de Jong van ONW C.V. verzocht aan milieuadviesbureau BMA Milieu B.V. een milieu­ kundig bodemonderzoek te verrichten op een locatie gelegen aan de Nieuwe Vaart 11 te ‘s-Gravenzande in de gemeente Westland. Het milieukundig bodemonderzoek bestaat uit actualiserend verken­ nend bodemonderzoek (o.b.v. de NEN 5740), nader bodemonderzoek (NTA 5755) en verkennend/na­ der onderzoek naar asbest (NEN 5707:2015+0:2016). De regionale ligging en een overzicht van de onderzoekslocatie zijn weergegeven in respectievelijk bijlage 1 en 2.

1.2

Aanleiding en doelstelling

Aanleiding tot het uitvoeren van het onderzoek is de voorgenomen realisatie van een (tijdelijke) brug, toekomstige woningbouw op de locatie en de controle van de voormalige stortlocatie door ODH (briefkenmerk: ODH-2017-0137165, zaaknummer: 00498499, d.d. 2 januari 2018). Doel van het on­ derzoek is het vaststellen van de milieuhygiënische kwaliteit en dikte van de afdeklaag en de exacte omvang en kwaliteit van het stortmateriaal.

1.3 Referentiekader BMA Milieu B.V. is ISO-9001:2015 gecertificeerd voor bodemonderzoek en milieuadviezen. Het managementsysteem van BMA Milieu B.V. is door Normec Certification geëvalueerd en goedge­ keurd volgens de Beoordelingsrichtlijn voor het procescertificaat Veldwerk bij milieuhygiënisch bo­ demonderzoek BRL SIKB 2000 (protocollen 2001, 2002, 2003 en 2018). Onder de activiteiten van deze procescertificaten vallen het plaatsen van handboringen en peilbuizen, maken van boorbeschrijvingen, nemen van grondmonsters en waterpassen (2001), het nemen van grondwatermonsters (2002) en veldwerk bij milieuhygiënisch waterbodemonderzoek (2003), de maaiveldinspectie en monsterne­ ming van asbest in bodem (2018) en de overdracht van de monsters, inclusief de daarbij behorende veldwerkregistratie, aan een erkend laboratorium of de opdrachtgever. Het procescertificaat is opgeno­ men in bijlage 8. Volledigheidshalve moet gemeld worden dat onderhavig bodemonderzoek, zoals ieder milieukundig bodemonderzoek, steekproefsgewijs is uitgevoerd. Dit betekent dat het onderzoek gebaseerd is op het verrichten van een beperkt aantal boringen en het nemen van een beperkt aantal monsters voor onder­ zoek in het laboratorium. Het is niet uitgesloten dat er lokaal afwijkingen in de bodem voorkomen, welke op de plaats van de uitgevoerde boringen niet zijn waargenomen.

Tevens dient opgemerkt te worden dat het bodemonderzoek een momentopname is en derhalve een bepaalde tijd geldig is (afhankelijk van het onderzoek en het bevoegd gezag). Met name op plaatsen waar tijdens bedrijfsactiviteiten verontreinigende stoffen worden gebruikt, gevormd of opgeslagen, kan de bodemkwaliteit worden beïnvloed. Als onafhankelijk adviesbureau is BMA Milieu B.V. op geen enkele juridische, financiële of andere wijze verbonden met de onderzoekslocatie.

1.4 Opbouw van het rapport De resultaten van het vooronderzoek, de onderzoekshypothese en de onderzoeksopzet van het verken­ nend bodemonderzoek zijn beschreven in hoofdstuk 2. De veldwerkzaamheden en het laboratoriumon­

MKB.2018.0012 Nieuwe Vaart 11 te ‘s-Gravenzande in de gemeente Westland 8 juni 2018

1

BMA Milieu B.V.

derzoek van het verkennend bodemonderzoek worden beschreven in hoofdstukken 3 en 4. Het concep­ tueel model en onderzoeksopzet nader bodemonderzoek wordt beschreven in hoofdstuk 5. De veldwerkzaamheden en het laboratoriumonderzoek van het nader bodemonderzoek worden beschreven in hoofdstukken 6 en 7. De evaluatie, alsmede toetsing van de hypothese, is opgenomen in hoofdstuk 8.

MKB.2018.0012 Nieuwe Vaart 11 te ‘s-Gravenzande in de gemeente Westland 8 juni 2018

2

BMA Milieu B.V.

2.

Beschikbare gegevens, onderzoekshypothese en onderzoeksopzet

2.1 Beschikbare gegevens In overleg met de opdrachtgever wordt geen volledig vooronderzoek conform de NEN 5725 uitge­ voerd. Bij de opdrachtgever en bij BMA Milieu is reeds bekend (mede op basis van eerder uitgevoerde onderzoeken) dat ter plaatse van onderhavige onderzoekslocatie sprake is van een voormalige stort­ plaats. In verband met herinrichtingsplannen en de eigendomsoverdracht is in 2003 en 2004 verkennend bo­ demonderzoek uitgevoerd. Vervolgens zijn de glastuinbouwopstallen eind 2006/begin 2007 gesloopt en is de locatie sinsdien braakliggend. De voormalige stortlocatie is gelegen op het kadastrale perceel ’s-Gravenzande, sectie K, nummer 6107 (grootte: 14.815 m2). De voormalige stortplaats heeft, ons inziens op basis van oud kaartmateri­ aal, een oppervlakte van circa 8.000 m2 (circa 235 m x 34 m) (en niet de door ODH genoemde 30 m x 170 m = 6.000 m2). De regionale ligging en een overzicht van de onderzoekslocatie zijn weergegeven in respectievelijk bijlage 1 en 2. Uit (historisch) kaartmateriaal en luchtfoto’s blijkt dat ter plaatse van onderhavige onderzoekslocatie in de periode 1960-1970 stapsgewijs een waterpartij is gedempt. Het historisch kaartmateriaal en luchtfoto’s zijn opgenomen in bijlage 7. In de periode van 1950 tot 1972 is op de locatie puin, potgrond en tomatenloof gestort.

De stortplaats is aangegeven op de (voormalige) zoneringskaart van Gemeente ’s-Gravenzande, d.d. 27 februari 1998, opgesteld door De Straat Milieu-adviseurs. Boven het afvalpakket is een pakket van circa 0,5 meter grond aangebracht. De grond was afkomstig van het Hoogheemraadschap van Delfland. Voor zover bekend is er destijds geen vergunning voor de stort afgegeven. Bij Gemeente Westland is geen aanvullende informatie over de stort voorhanden. Op de locatie zijn de onderstaande onderzoeken verricht. - In opdracht van Provincie Zuid-Holland is een ‘Meldingsonderzoek Nieuwe Vaart 11 te ’s-Gravenzande’, uitgevoerd door SGS Ecocare B.V. d.d. september 1990, kenmerk: 10170; - In opdracht van Provincie Zuid-Holland is een onderzoek gedaan naar de stortplaats door Verhoeve Milieu West B.V. d.d. 3 oktober 2002 met kenmerk: Advies/VMW/GVE/25030/ 210.B157; - In opdracht van Provincie Zuid-Holland zijn medio 5 mei 2003 metingen verricht naar de grondwaterkwaliteit buiten en in de stortplaats. Zowel de monsterneming als de analyses zijn verricht door SGS Ecocare B.V.; - In opdracht van de toenmalige eigenaar is een aanvullende bodemonderzoek Nieuwe Vaart 11 uit­ gevoerd door BMA Milieu, d.d. 21 november 2003, kenmerk: AO.20030183; - In opdracht van de IOPW is een verkennend bodemonderzoek Nieuwe Vaart 11 uitgevoerd door BMA Milieu, d.d.

22 september 2004, kenmerk: NEN.20040219; - In opdracht van de Ontwikkelingsmaatschappij Het Nieuwe Westland C.V. is een afperkend bo­ demonderzoek Nieuwe Vaart 11 uitgevoerd door BMA Milieu, d.d. 13 februari 2007, kenmerk: AO.20040219. De resultaten van de onderzoeken zijn hieronder samengevat. In de bodemlaag van 0,5 tot circa 3,0 m-mv worden bijmengingen van puin, plastic en plantenresten aangetroffen. De bodemlaag van 1,0 tot 1,5 m-mv is overwegend matig verontreinigd met lood en zink. Het gehalte aan EOX overschrijdt plaatselijk de triggerwaarde. De gehaltes aan PAK en overige zware metalen zijn overwegend licht verhoogd.

MKB.2018.0012 Nieuwe Vaart 11 te ‘s-Gravenzande in de gemeente Westland 8 juni 2018

3

BMA Milieu B.V.

In het grondwater ter plaatse van de stort wordt lokaal een matige verontreiniging van zink aangetrof­ fen. De gehalte aan chroom, lood en nikkel worden licht verhoogd aangetoond. Het gehalte aan EOX is licht verhoogd. De monitoringspeilbuizen rondom de stort zijn in 2000 en 2001 in opdracht van Provincie Zuid-Holland bemonsterd. Plaatselijk worden matig tot sterk verhoogde gehaltes aan arseen, chroom, nikkel en zink aangetoond. De analyseresultaten geven echter in de tijd een wisselend beeld. Vermoedelijk vindt er geen uitloging vanuit de stortlaag naar het grondwater plaats. De bovengrond ter plaatse van boring 001 en 008 (Verhoeve Milieu West B.V ) is sterk verontreinigd met zink en matig verontreinigd met lood. Het overig deel van de bovengrond is ten hoogste licht ver­ ontreinigd. De sterke verontreiniging van zink in de bovengrond is globaal afgeperkt (BMA Milieu B.V.). De op­ pervlakte waarover de verontreiniging wordt aangetroffen bedraagt circa 1.200 m2, waarvan circa 800 m2 in de toekomst bebouwd wordt. In de bodemlaag van 0,5 tot 1,0 m-mv worden (zeer) lichte veront­ reinigingen van PAK en minerale olie gemeten. In verband met de aanwezigheid van de stort zijn diverse bodemonderzoeken verricht, welke opgeno­ men zijn in het door BMA milieu B.V. opgestelde saneringsplan. In verband met de uitbreiding van een kas, is door BMA Milieu B.V.

een deelsaneringsplan (isolatievariant) opgesteld, welke door Pro­ vincie Zuid-Holland is beschikt (Wbb code: ZH051900007B40). Uit het verkennend bodemonderzoek uit 2004 (welke geen betrekking heeft op de voormalige stort­ plaats) blijkt dat in de grond en het grondwater ten hoogste lichte verontreinigingen aangetoond. Uit het afperkend bodemonderzoek uit 2007 blijkt dat een, tijdens sloopwerkzaamheden aangetroffen olieverontreiniging, is afgeperkt. Analytisch is een matige verontreiniging aangetoond. Door Omgevingsdienst Haaglanden is ter plaatse van onderhavige onderzoekslocatie op 23 november 2017 een eerste controle uitgevoerd. Deze controle staat beschreven in een brief met kenmerk: ODH2017-00137165, zaaknummer: 00498499, d.d. 2 januari 2018. Uit deze brief blijkt dat, in verband met wijzigingen van het terrein (van glastuinbouw naar braakliggend (varkensland)), een nader bodemon­ derzoek en nader onderzoek asbest op de voormalige stortplaats uitgevoerd dient te worden.

Voormalige eigenaar Uit informatie afkomstig van de voormalige eigenaar (tijdens uitvoering van de werkzaamheden), blijkt dat het stortmateriaal stapsgewijs is aangebracht. Ter plaatse is materiaal opgebracht dat op dat moment voorhanden was. Plaatselijk zouden, tot circa 4,0 m-mv, vaten met PCB’s zijn gedumpt.

2.2 Onderzoeksopzet In overleg met de opdrachtgever en op basis van bovengenoemde controlebrief van Omgevingsdienst Haaglanden, wordt onderzoek verricht naar de milieuhygiënische kwaliteit en dikte van de afdeklaag de milieuhygiënische kwaliteit en omvang (horizontaal en verticaal) van de stortlocatie. Tevens wordt de eerder aangetoonde minerale olieverontreiniging geactualiseerd. Op het overige deel van de locatie wordt, op verzoek van de opdrachtgever, actualiserend verkennend bodemonderzoek uitgevoerd. Gezien de ligging van de locatie in (voormalig) glastuinbouwgebied gaan wij er voor de onderzoeks­ opzet van het “overige deel van de locatie” vanuit dat deze ‘verdacht’ is voor organochloorbestrijdingsmiddelen (OCB’s) in de bovengrond en arseen in het grondwater. Als onderzoeksstrategie wordt de strategie voor een ‘kleinschalig onverdachte niet-lijnvormige locatie’ (ONV-NL uit de NEN 5740)

MKB.2018.0012 Nieuwe Vaart 11 te ‘s-Gravenzande in de gemeente Westland 8 juni 2018

4

BMA Milieu B.V.

gebruikt. Deze onderzoeksstrategie wordt in eerste instantie als voldoende beschouwd om een eventu­ ele bodemverontreiniging met bestrijdingsmiddelen en arseen te constateren. Voor de onderzoeksopzet voor het deel van de locatie ter plaatse van de eerder aangetoonde minerale olieverontreinigingen en de voormalige stortlocatie is de onderzoeksopzet gebaseerd op de NTA 5755 en de NEN 5707:2015+0:2016 (nader onderzoek asbest voor 8 ruimtelijke eenheden (RE’s)). In tabel 1 wordt een systematische beschrijving weergegeven van de uit te voeren veldwerkzaamheden en de te verrichten analyses.

Tabel 1______ Onderzoeksopzet

eerder aangetoonde minerale olieverontreiniging overige deel onderzoekslocatie (circa 7.000 m2)

voormalige stortlocatie (8 RE’s van elk max. 1.000 m2) basispakket grondwater

veldwerk boring tot 2,0 m-mv 7

boring met peilbuis 1

analyses

12

3

1

boring (tot onderzijde stortmateriaal) 40

voormalige stortlocatie (circa 8.000 m2)

basispakket grond

boring tot 0,5 m-mv -

sleuven (tot onderzijde stortmateriaal) 8 x 5 sleuven*

3x minerale olie, org. stof (grond) 1x minerale olie, aromaten (grondwater) 2x basispakket, OCB’s (bovengrond) 2x basispakket (ondergrond) 1x basispakket, arseen (grondwater) 10x basispakket, OCB’s (afdeklaag) 20x basispakket, OCB’s (stortmateriaal) 5x basispakket, OCB’s (naastliggende grond) 5x basispakket, OCB’s (ondergrond) (8x) asbest in grond (NEN 5898)

barium, cadmium, kobalt, koper, kwik, lood, molybdeen, nikkel, zink, som PAK, som PCB’s, minerale olie, lutum en organisch stofgehalte barium, cadmium, kobalt, koper, kwik, lood, molybdeen, nikkel, zink, vluchtige aromatische en gehalogeneerde koolwaterstoffen en minerale olie de sleuven hebben een minimale breedte van 0,3 m en een minimale lengte van 2,0 m

De boringen/sleuven van het onderzoek ter plaatse van de voormalige stortlocatie worden zoveel als mogelijk gecombineerd.

2.3 Conceptueel model Op basis van de beschikbare informatie en eerder uitgevoerde bodemonderzoeken is, naar aanleiding van het aantreffen van bodemverontreiniging, een conceptueel (denk)model opgesteld. Hierin wordt een beschrijving aangereikt welke is gebaseerd op gegevens van de bron(nen), aard en mate, verspreidingsroutes en potentiële risico’s en receptoren van de (vermoedelijk) aangetroffen bodemverontreini­ ging. Op basis van het opgestelde conceptueel model en de hierin geconstateerde hiaten worden de onder­ zoeksvragen geformuleerd, de onderzoekstechnieken en de -strategie bepaald. Na uitvoering van het nader onderzoek wordt, op basis van de verkregen informatie, het conceptueel model bijgewerkt. Het conceptueel model is een instrument voor de communicatie en de besluitvorming door het be­ voegd gezag, opdrachtgever / probleemhebber en indien van toepassing ook voor het saneringsontwerp en de uitvoering van de sanering. De resultaten uit het vooronderzoek en verkennend bodemonderzoek leveren voldoende informatie op om een conceptueel model op te stellen. Het conceptueel model is hieronder weergegeven in een korte beschrijving:

MKB.2018.0012 Nieuwe Vaart 11 te ‘s-Gravenzande in de gemeente Westland 8 juni 2018

5

BMA Milieu B.V.

Aangetroffen minerale olieverontreiniging - Uit het afperkend bodemonderzoek (kenmerk: AO.20040219, d.d. 13 februari 2007) blijkt dat een, tijdens sloopwerkzaamheden aangetroffen olieverontreiniging, is afgeperkt; - Uit de zintuiglijke waarnemingen blijkt dat de boven- en ondergrond matige tot sterke bij­ mengingen met puin en koolas bevat; - Vanaf maaiveld (plaatselijk vanaf 0,5 m-mv) tot maximaal 1,0 m-mv wordt een zwakke tot matige oliegeur en olie-waterreactie waargenomen; - Analytisch is in de grond een matige verontreiniging aangetoond; - Het grondwater is niet verontreinigd met minerale olie en aromaten, derhalve wordt uitge­ gaan van een immobiele verontreiniging; - Op basis van Wet bodembescherming is vooralsnog geen sprake van een geval van ern­ stige bodemverontreiniging. Voormalige stortplaats - Uit bovengenoemde eerder uitgevoerde bodemonderzoeken (zie Ş 2.1), de controlebrief van Omgevingsdienst Haaglanden (inclusief de hierin benoemde beschikking met ken­ merk: DWM/133539, d.d. 21 maart 1997) en het historisch kaartmateriaal/luchtfoto’s blijkt dat het oostelijke deel van de locatie Nieuwe Vaart 11 een voormalige stortplaats betreft; - De voormalige stortplaats heeft een oppervlakte van circa 8.000 m2 (circa 235 m x 34 m); - In de bodemlaag van 0,5 tot circa 3,0 m-mv worden bijmengingen van puin, plastic en plantenresten aangetroffen.

De bodemlaag van 1,0 tot 1,5 m-mv is overwegend matig ver­ ontreinigd met lood en zink; - In de bovengrond zijn matige verontreinigingen met lood en sterke verontreinigingen met zink aangetoond. - Uit de beschikking (kenmerk: DWM/133539, d.d. 21 maart 1997) blijkt dat, op basis van Wet bodembescherming, sprake is van een geval van ernstige bodemverontreiniging waar­ bij sanering niet urgent is.

2.4

Onderzoeksvragen nader bodemonderzoek

Op basis van het conceptueel model en de hierin aangetroffen hiaten zijn de volgende onderzoeksvra­ gen geformuleerd:

Aangetroffen minerale olieverontreiniging - Wat is de actuele mate van de minerale olieverontreiniging? - Wat is de actuele omvang van de minerale olieverontreiniging? - Is er sprake van een geval van ernstige bodemverontreiniging? Zo ja: - Wat is de saneringsnoodzaak? Voormalige stortplaats - Wat is de milieuhygiënische kwaliteit en dikte van de afdeklaag? - Wat is de milieuhygiënische kwaliteit van het stortmateriaal? - Wat is de omvang van de voormalige stortplaats?

MKB.2018.0012 Nieuwe Vaart 11 te ‘s-Gravenzande in de gemeente Westland 8 juni 2018

6

BMA Milieu B.V.

3.

Veldwerkzaamheden

3.1

Uitgevoerde werkzaamheden

Het veldwerk is in de periode van 23 april tot en met 2 mei 2018 door gecertificeerde medewerkers (dhr. J. Groenheide, R. Barendrecht en dhr. J. de Zeeuw) van BMA Milieu uitgevoerd. Ter plaatse zijn veertig sleuven gegraven en zesentwintig boringen uitgevoerd, waarvan twee boringen zijn afgewerkt als peilbuis. In tabel 2 staan de uitgevoerde boringen vermeld. Voor nadere gegevens over de plaats van de sleuven, boringen en de peilbuizen wordt verwezen naar bijlage 2.

Tabel 2

Uitgevoerde werkzaamheden sleuven

boringen

eerder aangetoonde minerale 57 -66 o lieverontreiniging overige deel onderzoekslocatie 41 - 56 (circa 7.000 m2) voormalige stortlocatie 1 - 40 1 - 40 (circa 8.000 m2) bovenkant filter is 0,5 meter minus grondwaterspiegel geplaatst

peilbuizen Pb 58

fílterstelling m-mv 1,20 - 2,20*

Pb 46

1,00 - 2,00*

-

-

De boringen en sleuven van het onderzoek ter plaatse van de voormalige stortlocatie zijn gecombi­ neerd.

3.2

Samenstelling van de bodem

Voor een indruk van de samenstelling van de bodemopbouw ter plaatse wordt verwezen naar de boorbeschrijvingen (bijlage 5). Over het algemeen wordt in de boven- en ondergrond zand en/of klei aan­ getroffen.

3.3

Zintuiglijke waarnemingen

De waargenomen afwijkingen aan het bodemmateriaal staan vermeld in tabel 3. Bij de niet in de tabel vermelde boringen zijn geen afwijkingen geconstateerd.

Tabel 3_______ Zintuiglijke waarnemingen boring

traject waargenomen bijzonderheden ( m-mv) voormalig*e stortlocatie (RE 1) Sleuf 1 0,30 - 0,70 zwak plastic-, baksteen- en glashoudend 0,70 - 1,10 matig slib- en sterk veenhoudend, plantenresten Sleuf 2 0,30 - 0,70 zwak plastic-, baksteen- en glas- en matig koolashoudend 0,70 - 1,30 matig glas-, sterk baksteen- en uiterst sterk puinhoudend Sleuf 3 0,30 - 0,60 zwak puin- en plastichoudend Sleuf 4 0,30 - 0,70 zwak puin-, baksteen- en ijzerhoudend 1,00 - 2,30 zwak ijzer-, matig baksteen- en uiterst sterk puinhoudend, zwakke oliegeur, uiter­ ste olie-water reactie Sleuf 5 0,00 - 0,70 zwak puin- en baksteenhoudend 0,70 - 2,50 zwak ijzer-, matig baksteen- en uiterst sterk puinhoudend, zwakke oliegeur, uiter­ ste olie-water reactie

MKB.2018.0012 Nieuwe Vaart 11 te ‘s-Gravenzande in de gemeente Westland 8 juni 2018

asbestverdacht materiaal ja ja ja

7

BMA Milieu B.V.

Vervolg tabel 3 voormalig*e stortlocatie (RE 2) Sleuf 7 0,50 - 0,90 matig glas- en puin- en sterk plastichoudend 0,90 - 1,80 plantenresten Sleuf 8 0,30 - 0,60 zwak baksteen-, puin- en koolas- en matig plastichoudend 0,60 - 1,50 sterk plastic- en glashoudend, plantenresten Sleuf 9 0,20 - 0,70 zwak baksteen- en puin- en matig plastichoudend 0,70 - 1,50 sterk plastic- en uiterst sterk glashoudend, plantenresten Sleuf 10 0,00 - 0,70 matig puinhoudend 0,70 - 1,20 matig plastic- en sterk glashoudend, plantenresten voormalig*e stortlocatie (RE 3) Sleuf 11 0,00 - 0,50 zwak puinhoudend 0,50 - 1,00 zwak plastic-, matig puin en glashoudend 1,00 - 1,25 zwak puinhoudend 1,25 - 1,50 sterk plastichoudend, plantenresten Sleuf 12 0,50 - 0,70 zwak puinhoudend 0,70 - 1,20 matig puin, sterk hout- en ijzerhoudend (olievat) 1,20 - 1,70 zwak plastic- en glas- en uiterst sterk slibhoudend, plantenresten 1,70 - 2,20 plantenresten Sleuf 13 0,50 - 1,00 1,00 - 2,00 matig glas- en puinhoudend, gestaakt op verharding Sleuf 14 0,80 - 1,70 matig glas- en puinhoudend, sterk plastichoudend Sleuf 15 0,50 - 1,90 zwak glas- en plastic-, matig puin- en baksteenhoudend voormalig*e stortlocatie (RE 4) Sleuf 16 0,00 - 0,50 zwak puinhoudend Sleuf 17 0,90 - 2,00 zwak plastic- en ijzer-, matig baksteen- en sterk puinhoudend, asbestverdacht ma­ teriaal aangetroffen Sleuf 18 0,80 - 1,80 zwak plastic-, matig baksteen- en

sterk puinhoudend, brokken beton, gestaakt op beton brokken Sleuf 19 1,00 - 2,20 zwak glas-, matig baksteen- en sterk puinhoudend, brokken beton, gestaakt op betonbrokken Sleuf 20 0,00 - 0,50 sterk puinhoudend 0,50 - 0,90 matig baksteen-, sterk glas- en puinhoudend 0,90 - 1,90 matig puinhoudend, plantenresten voormalig*e stortlocatie (RE 5) Sleuf 21 0,00 - 0,50 sterk puinhoudend 0,50 - 1,00 zwak glas-, matig baksteen- en sterk puinhoudend 1,00 - 1,50 matig puinhoudend, plantenresten Sleuf 22 0,00 - 0,40 zwak puin-, aardewerk- en glashoudend 1,00 - 1,50 zwak baksteen- en puinhoudend, plantenresten Sleuf 23 1,00 - 2,30 zwak baksteen- en plastic- en matig puinhoudend, gestaakt: max.

diepte kraan Sleuf 24 0,00 - 0,60 zwak puin- en plastichoudend 0,70 - 1,70 matig plastichoudend, plantenresten Sleuf 25 0,00 - 0,40 zwak puinhoudend 0,40 - 0,80 zwak puinhoudend 0,80 - 1,30 zwak puin-, aardewerk- en baksteenhoudend voormalig*e stortlocatie (RE 6) Sleuf 26 0,00 - 0,50 zwak puinhoudend 0,50 - 0,80 zwak hout-, plastic- en zwak puinhoudend 0,80 - 1,70 zwak glas-, matig plastic- en slibhoudend, plantenresten Sleuf 27 0,00 - 0,30 zwak puinhouden 1,00 - 1,70 zwak puin-, matig plastic- en sterk glashoudend Sleuf 28 0,80 - 1,30 zwak hout- en matig puinhoudend 1,30 - 2,00 zwak glas-, matig plastic- en baksteenhoudend Sleuf 29 0,50 - 1,70 zwak puin- en matig plastichoudend, plantenresten Sleuf 30 0,00 - 0,90 zwak glashoudend

MKB.2018.0012 Nieuwe Vaart 11 te ‘s-Gravenzande in de gemeente Westland 8 juni 2018

ja ja (0,00-0,50) ja ja ja (1,50-2,00) ja (1,30-1,80) ja (1,50-2,00) ja ja ja ja -

8

BMA Milieu B.V.

Vervolg tabel 3 voormaligfe stortlocatie (RE 7) Sleuf 31 0,00 - 0,50 zwak puinhoudend 0,80 - 1,50 plantenresten Sleuf 32 0,00 - 0,50 zwak puinhoudend 0,50 - 1,00 zwak beton-, sterk puin- en baksteenhoudend, plantenresten 1,00 - 1,50 sterk puin-, glas- en baksteenhoudend, plantenresten, geen oliegeur, matige oliewater reactie Sleuf 33 0,50 - 1,50 sterk glas- en puinhoudend 1,50 - 2,50 uiterst sterk baksteenhoudend Sleuf 34 0,50 - 1,00 zwak baksteen- en puinhoudend 1,00 - 1,80 zwak plastichoudend, plantenresten overige deel onderzoekslocatie (circa 7.000 m2) 47 0,00 - 0,50 zwak grind- en baksteen- en matig puinhoudend 49 0,00 - 0,50 zwak koolashoudend 52 0,00 - 0,40 zwak koolashoudend 56 0,00 - 0,50 zwak baksteenhoudend eerder aangetoonde minerale olieverontreiniging 57 0,00 - 0,50 zwak puinhoudend 0,70 - 1,10 sterk puinhoudend, zwakke oliegeur, sterke olie-water reactie 1,10 - 1,60 uiterst sterk puinhoudend, zwakke oliegeur, sterke olie-water reactie 58 0,00 - 0,50 zwak puinhoudend 0,85 - 1,30 matig puinhoudend, zwakke oliegeur, zwakke olie-water reactie 1,30 - 1,70 zwak puinhoudend, zwakke oliegeur, zwakke olie-water reactie 61 0,50 - 1,00 zwak puinhoudend 64 0,70 - 0,90 zwakke oliegeur, zwakke olie-water reactie 1,10 - 1,50 sterk puinhoudend, zwakke oliegeur, zwakke olie-water reactie 65 0,00 - 0,50 zwak puinhoudend 1,00 - 1,50 sterk puinhoudend, zwakke oliegeur, matige

olie-water reactie (olie komt uit drai­ nage

ja ja -

Per ruimtelijke eenheid is een maaiveldinspectie uitgevoerd. Ter plaatse van ruimtelijke eenheid RE 1, RE 2, RE 3, RE 4 en RE 6 is asbestverdacht materiaal aangetroffen (tussen 30 en 390 gram). Van het asbestverdacht materiaal is per ruimtelijke eenheid een verzamelmonster samengesteld.

3.4 Grondwater De grondwatermonsters zijn op 14 mei 2018 door een gecertificeerde medewerker (dhr. J. de Zeeuw) van BMA Milieu genomen. Om representatieve grondwatermonsters te verkrijgen is na het plaatsen van de peilbuizen en voor de monstername een hoeveelheid water afgepompt gelijk aan minimaal vijf­ maal de inhoud van het filterdeel van de peilbuis. Tevens wordt hierbij gestreefd naar een stabiel geleidingsvermogen. De grondwatermonsters zijn in voorbehandelde flessen opgeslagen. Van het grond­ water is de grondwaterstand (m-mv), de zuurgraad (pH), het geleidingsvermogen (EC) en de troebel­ heid (NTU) bepaald (tabel 4). Tabel 4______ Metingen grondwater peilbuisnummer Pb 46 Pb 58

grondwaterstand m-mv 0,47 0,58

PH 7,2 7,1

EC as/cm 950 1.290

troebelheid NTU 27,3 99,5

pompdebiet ml/min 200 150

Bij voorkeur dient de troebelheid < 10 NTU te bedragen. In onderhavig geval is hier echter van afge­ weken. Er is ruimschoots vijfmaal de inhoud van het filterdeel van de peilbuis (circa 3,1 liter) afge­ pompt (4 liter).

MKB.2018.0012 Nieuwe Vaart 11 te ‘s-Gravenzande in de gemeente Westland 8 juni 2018

9

BMA Milieu B.V.

3.5 Afwijkingen BRL 2000, protocol 2001/2002/2018 Ten aanzien van de monsterneming zijn geen afwijkingen ten opzichte van BRL 2000, protocol 2001, 2002 en/of 2018, te vermelden.

MKB.2018.0012 Nieuwe Vaart 11 te ‘s-Gravenzande in de gemeente Westland 8 juni 2018

10

BMA Milieu B.V.

4.

Laboratoriumonderzoek

4.1 Uitgevoerde analyses Ten behoeve van de analyses zijn de monsters bij het laboratorium van Omegam B.V. te Amsterdam aangeleverd. Dit laboratorium is geaccrediteerd door de Raad voor Accreditatie conform ISO/IEC 17025:2005 onder nr. L 086. De monsters zijn conform AS3000 voorbehandeld en geanalyseerd. Het mengen van de monsters heeft plaatsgevonden in het laboratorium. De samenstelling van de (meng)monsters en de uitgevoerde analyses staan vermeld in tabel 5. Tabel 5_______Samenstelling monsters en uitgevoerde analyses analysemonsters voormalige stortlocatie (RE 1) grond sleuf 5 (1,7-2,2) asbestverzamelmonster sleuf 5-VM 11,7-2,2) maaiveld VM RE1 voormalige stortlocatie (RE 2) grond sleuf 9 10,2-0,7) asbestverzamelmonster sleuf 9-VM 10,2-0,7) maaiveld VM RE2 voormalige stortlocatie (RE 3) grond sleuf 14 10,8-1,7) asbestverzamelmonster sleuf 14-VM(0,8-1,7) maaiveld VM RE3 voormalige stortlocatie (RE 4) grond sleuf 20 10,0-0,5) asbestverzamelmonster sleuf 20-VM10,0-0,5) maaiveld VM RE4 voormalige stortlocatie (RE 5) grond sleuf 23 11,5-2,0) voormalige stortlocatie (RE 6) grond sleuf 28 10,8-1,3) asbestverzamelmonster sleuf 28-VM10,8-1,3) maaiveld VM RE6 voormalige stortlocatie (RE 7) grond sleuf 31 10,0-0,5) asbestverzamelmonster sleuf 31-VM10,0-0,5) voormalige stortlocatie (RE 8) grond sleuf 39 10,0-0,5)

deelmonster(s)

analyse

Sleuf 5 11,70 - 2,20)

asbest 1NEN 5898)

Sleuf 5 11,70 - 2,20)

asbest 1NEN 5898) asbest 1NEN 5898)

Sleuf 9 10,20 - 0,70)

asbest 1NEN 5898)

Sleuf 9 10,20 - 0,70)

asbest 1NEN 5898) asbest 1NEN 5898)

Sleuf 14 10,80 - 1,70)

asbest 1NEN 5898)

Sleuf 14 10,80 - 1,70)

asbest 1NEN 5898) asbest 1NEN 5898)

Sleuf 20 10,00 - 0,50)

asbest 1NEN 5898)

Sleuf 20 10,00 - 0,50)

asbest 1NEN 5898) asbest 1NEN 5898)

Sleuf 23 11,50 - 2,00)

asbest 1NEN 5898)

Sleuf 28 10,80 - 1,30)

asbest 1NEN 5898)

Sleuf 28 10,80 - 1,30)

asbest 1NEN 5898) asbest 1NEN 5898)

Sleuf 31 10,00 - 0,50)

asbest 1NEN 5898)

Sleuf 31 10,00 - 0,50)

asbest 1NEN 5898)

Sleuf 39 10,00 - 0,50)

asbest 1NEN 5898)

MKB.2018.0012 Nieuwe Vaart 11 te ‘s-Gravenzande in de gemeente Westland 8 juni 2018

11

BMA Milieu B.V.

Vervolg tabel 5 voormalige stortlocatie ±8.000 m2 grond (afdeklaag) Sleuf 5-1 Sleuf 5 (0,00 - 0,50) Sleuf 10-1 Sleuf 10 (0,00 - 0,50) Sleuf 20-1 Sleuf 20 (0,00 - 0,50) Sleuf 21-1 Sleuf 21 (0,00 - 0,50) Sleuf 24-1 Sleuf 24 (0,00 - 0,50) Sleuf 26-1 Sleuf 26 (0,00 - 0,50) Sleuf 27-1 Sleuf 27 (0,00 - 0,30) Sleuf 32-1 Sleuf 32 (0,00 - 0,50) grond (stortmateriaal) Sleuf 2-3 Sleuf 2 (0,70 - 1,20) Sleuf 4-4 Sleuf 4 (1,50 - 2,00) Sleuf 5-4 Sleuf 5 (1,20 - 1,70) Sleuf 9-3 Sleuf 9 (0,70 - 1,20) Sleuf 11-2 Sleuf 11 (0,50 - 1,00) Sleuf 12-4 Sleuf 12 (1,20 - 1,70) Sleuf 14-3 Sleuf 14 (0,80 - 1,30) Sleuf 17-3 Sleuf 17 (0,90 - 1,40) Sleuf 19-3 Sleuf 19 (1,00 - 1,50) Sleuf 20-2 Sleuf 20 (0,50 - 0,90) Sleuf 21-2 Sleuf 21 (0,50 - 1,00) Sleuf 26-3 Sleuf 26 (0,80 - 1,30) Sleuf 27-3 Sleuf 27 (1,00 - 1,50) Sleuf 29-2 Sleuf 29 (0,50 - 1,00) Sleuf 32-3 Sleuf 32 (1,00 - 1,50) Sleuf 33-2 Sleuf 33 (0,50 - 1,00) Sleuf 34-2 Sleuf 34 (0,50 - 1,00) grond (naastliggende grond) Sleuf 3-4 Sleuf 3 (0,90 - 1,40) Sleuf 6-2 Sleuf 6 (0,50 - 1,00) Sleuf 16-2 Sleuf 16 (0,50 - 1,00) Sleuf 35-2 Sleuf 35 (0,50 - 1,00) Sleuf 39-2 Sleuf 39 (0,50 - 1,00) grond (ondergrond) Sleuf 4-5 Sleuf 4 (2,30 - 2,60) Sleuf 14-5 Sleuf 14 (1,70 - 2,00) Sleuf 21-4 Sleuf 21 (1,50 - 1,80) Sleuf 26-5 Sleuf 26 (1,70 - 2,20) Sleuf 32-4 Sleuf 32 (1,50 - 2,00) eerder aangetoonde minerale olieverontreiniging grond (kern) 57-3 57 (0,70 - 1,10)

grond (verticaal) 57-5 57 (1,60 - 2,10) grond (horizontaal) MM5 59 (1,00 - 1,50), 60 (1,00 - 1,50), 61 (1,00 - 1,50), 62 (1,20 - 1,50), 63 (1,00 - 1,50) grondwater Pb 58 overige deel onderzoekslocatie (circa 7.000 m2) bovengrond MM1 47 (0,00 - 0,50), 49 (0,00 - 0,50), 56 (0,00 - 0,50) MM2 41 (0,00 - 0,50), 45 (0,00 - 0,50), 48 (0,00 - 0,50), 51 (0,00 - 0,50), 53 (0,00 - 0,50), 55 (0,00 - 0,50) ondergrond MM3 42 (0,50 - 1,00), 46 (0,50 - 1,00) MM4 51 (0,50 - 1,00), 56 (0,50 - 1,00) grondwater Pb 46 basispakket grond

basispakket, OCB’s basispakket, OCB’s basispakket, OCB’s basispakket, OCB’s basispakket, OCB’s basispakket, OCB’s basispakket, OCB’s basispakket, OCB’s basispakket, OCB’s basispakket, OCB’s basispakket, OCB’s basispakket, OCB’s basispakket, OCB’s basispakket, OCB’s basispakket, OCB’s basispakket, OCB’s basispakket, OCB’s basispakket, OCB’s basispakket, OCB’s basispakket, OCB’s basispakket, OCB’s basispakket, OCB’s basispakket, OCB’s basispakket, OCB’s basispakket, OCB’s basispakket, OCB’s basispakket, OCB’s basispakket, OCB’s basispakket, OCB’s basispakket, OCB’s basispakket, OCB’s basispakket, OCB’s basispakket, OCB’s basispakket, OCB’s basispakket, OCB’s

minerale olie, org. stof minerale olie, org. stof minerale olie, org. stof

minerale olie en aromaten

basispakket, OCB’s basispakket, OCB’s

basispakket basispakket basispakket, arseen

barium, cadmium, kobalt, koper, kwik, lood, molybdeen, nikkel, zink, som PAK, som PCB’s, minerale olie, lutum en organisch stofgehalte

MKB.2018.0012 Nieuwe Vaart 11 te ‘s-Gravenzande in de gemeente Westland 8 juni 2018

12

BMA Milieu B.V.

basispakket grondwater

barium, cadmium, kobalt, koper, kwik, lood, molybdeen, nikkel, zink, vluchtige aromatische en gehalogeneerde koolwaterstoffen en minerale olie

De analysemonsters zijn samengesteld op basis van de zintuiglijke waarnemingen. Op basis van deze waarnemingen zijn de meest verdachte monsters geselecteerd en geanalyseerd. In het kader van integriteit en transparantie bieden wij u de mogelijkheid de juistheid en authenticiteit van de analysecertificaten, die in het kader van dit project zijn uitgevoerd, te controleren. U kunt dit doen door met de opdrachtverificatiecode, linksonder op het analysecertificaat van Omegam Laborato­ ria, via de website www.omegam.nl een verificatie uit te voeren.

4.2 Toetsingscriteria grond en grondwater De analyseresultaten zijn getoetst aan de Circulaire bodemsanering en Besluit Bodemkwaliteit. Om de mate van verontreiniging weer te geven wordt in dit rapport de onderstaande terminologie gebruikt: - Niet verontreinigd: De gemiddelde gehalten van de gemeten stoffen overschrijden niet de bijbe­ horende achtergrondwaarde voor grond of streefwaarde voor grondwater. - Lichte verontreinigingen zijn verontreinigingen waarbij de gemiddelde gehalten van één of meer stoffen de bijbehorende achtergrondwaarde voor grond of streefwaarde voor grondwater over­ schrijden. - Matige verontreinigingen zijn verontreinigingen waarbij de gemiddelde gehalten van één of meer stoffen de bijbehorende tussenwaarde overschrijden. - De tussenwaarde is de helft van de som van de achtergrondwaarde en de interventiewaarde voor grond of de helft van de som van de streefwaarde en de interventiewaarde voor grondwater. Over­ schrijding van de tussenwaarde is het criterium voor het uitvoeren van nader onderzoek. - Sterke verontreinigingen zijn verontreinigingen waarbij de gemiddelde gehalten van één of meer stoffen de bijbehorende interventiewaarde overschrijden. - De achtergrond-, streef-, en interventiewaarden zijn opgenomen in Bijlage B van de Regeling bodemkwaliteit en de Circulaire bodemsanering.

- Er is sprake van een nieuw geval van bodemverontreiniging indien deze is ontstaan na 1 januari 1987. Voor een ‘nieuw’ geval van bodemverontreiniging geldt normaliter een saneringsplicht. - Er is sprake van een geval van ernstige bodemverontreiniging indien meer dan 25 m3 grond en/of het grondwater in een bodemvolume van meer dan 100 m3 gemiddeld boven de interventie­ waarde is verontreinigd. In enkele specifieke situaties, bij gevoelige functies, kan bij gehalten on­ der de interventiewaarde ook sprake zijn van een geval van ernstige verontreiniging.

4.3

Interpretatie van de analyseresultaten grond en grondwater

De analyseresultaten van de grond(meng)monsters zijn vergeleken met de berekende bodemspecifieke toetsingswaarden. Voor de gehanteerde lutum- en organische stof percentages wordt verwezen naar de volledige toetsing welke is opgenomen in bijlage 3. De analysecertificaten zijn opgenomen in bijlage 4. Een overzicht van de gemeten verontreinigingen is weergegeven in tabel 6.

MKB.2018.0012 Nieuwe Vaart 11 te ‘s-Gravenzande in de gemeente Westland 8 juni 2018

13

BMA Milieu B.V.

Tabel 6______ Overzicht gemeten verontreinigingen in grond en grondwater analysemonsters

í achtergrondwaarde (AW2000) grond í streefwaarde (S) grondwater voormalige stortlocatie ±8.000 m2 grond (afdeklaag) Sleuf 5-1 cadmium, koper, kwik, lood, minerale olie, PCB's, hexachloorbenzeen, DDE, DDD, DDT, drins, OCB’s Sleuf 10-1 cadmium, koper, kwik, lood, nikkel, PAK, PCB's, hexachloorbenzeen, DDE, DDD, drins, OCB’s Sleuf 20-1 lood, zink, minerale olie, PCB's, hexachloorbenzeen, DDE, DDD, drins Sleuf 21-1 kwik, lood, zink, PAK, PCB's, P-HCH, yHCH, DDD, drins, OCB’s Sleuf 24-1 cadmium, koper, kwik, lood, PAK, PCB's, hexachloorbenzeen, P-HCH, DDD, chloordaan, drins Sleuf 26-1 cadmium, kwik, lood, PAK, PCB's, hexachloorbenzeen, DDD, a-endosulfan, drins, OCB’s Sleuf 27-1 cadmium, koper, kwik, lood, PAK, PCB's, hexachloorbenzeen, DDD, drins Sleuf 32-1 cadmium, kwik, lood, minerale olie, PCB's, PAK, DDE, DDD, DDT, drins, OCB’s grond (stortmate­ riaal) Sleuf 2-3 cadmium, koper, lood, minerale olie, PAK, hexachloorbutadieen, a-HCH, DDD, a-endosulfan Sleuf 4-4 kwik, lood, zink, minerale olie, PAK, PCB's, hexachloorbenzeen, DDD, a-endosulfan, drins Sleuf 5-4 koper, kwik, lood, molybdeen, nikkel, PAK, a-HCH, P-HCH, heptachloor, heptachloorepoxide, DDD, a-endosulfan, chloordaan Sleuf 9-3 cadmium, koper, kwik, lood, PAK, P-HCH, DDE, DDD, drins, OCB’s Sleuf 11-2 kwik, lood, zink, minerale olie, PAK, PCB's, hexachloorbenzeen, DDD, drins Sleuf 12-4 cadmium, kwik, molybdeen, a-HCH,

PHCH, heptachloor, heptachloorepoxide, DDD, a-endosulfan, chloordaan, drins Sleuf 14-3 koper, kwik, lood, nikkel, zink, minerale olie, PAK, PCB's, DDD, a-endosulfan Sleuf 17-3 cadmium, koper, kwik, lood, PAK, PCB's, DDD, drins Sleuf 19-3 koper, kwik, lood, zink, minerale olie, PAK, hexachloorbenzeen, DDD, drins, OCB’s Sleuf 20-2 koper, minerale olie, PCB's, hexachloor­ benzeen, DDD, drins, OCB’s Sleuf 21-2 cadmium, kobalt, oper, kwik, nikkel, mine­ rale olie, PAK, PCB's, DDD, chloordaan, drins, Sleuf 26-3 cadmium, koper, kwik, molybdeen, mine­ rale olie, PAK, PCB's, DDD, chloordaan, drins Sleuf 27-3 cadmium, kobalt, koper, kwik, lood, nik­ kel, minerale olie, PAK, PCB's, DDD

MKB.2018.0012 Nieuwe Vaart 11 te ‘s-Gravenzande in de gemeente Westland 8 juni 2018

í tussenwaarde (T) (matig verontreinigd)

í interventiewaarde (I) (sterk verontreinigd)

PAK

zink

zink

PAK

-

-

-

zink

zink

zink

-

zink

zink

-

zink

-

-

minerale olie

koper, lood, zink, PAK, PCB's -

zink

-

PCB's

-

PAK

lood

zink

lood

zink

-

zink

14

BMA Milieu B.V.

Vervolg tabel 6 Sleuf 29-2

Sleuf 32-3 Sleuf 33-2 Sleuf 34-2

kwik, lood, minerale olie, PAK, a-HCH, PHCH, heptachloor, heptachloorepoxide, DDD, a-endosulfan, chloordaan, drins cadmium, kwik, lood, minerale olie, PAK, PCB's, P-HCH, DDD kwik, lood, zink, minerale olie, PAK, DDD kwik, lood, zink, minerale olie, PAK, PCB's, DDD

grond (naastliggende grond) Sleuf 3-4 Sleuf 6-2 Sleuf 16-2 Sleuf 35-2 Sleuf 39-2 grond (ondergrond) Sleuf 4-5 Sleuf 14-5 PCB's Sleuf 21-4 Sleuf 26-5 Sleuf 32-4 kobalt, nikkel, P-HCH eerder aangetoonde minerale olieverontreiniging grond (kern) 57-3 grond (verticaal) 57-5 grond (horizontaal) MM5 grondwater Pb 58 overige deel onderzoekslocatie (circa 7.000 m2) bovengrond MM1 kwik, PAK, PCB's, hexachloorbenzeen, DDD, drins MM2 PCB's, DDD, drins ondergrond MM3 MM4 grondwater Pb 46 analytisch geen verontreiniging aangetoond

zink

PCB's

zink

-

-

-

-

minerale olie

-

-

-

-

-

-

-

-

-

-

-

-

-

-

-

Van enkele van de analysemonsters is de conserveringstermijn voor droge stof, vanwege de lange doorlooptijd van het veldwerk, overschreden. Diverse gehaltes zijn verhoogd in verband met storingen in de monstermatrix. Door het laboratorium is aangegeven dat van één van de geanalyseerde grond monsters (asbest) onvoldoende monstermateriaal is aangeleverd (circa 7,5 kg natgewicht). Door BMA Milieu zijn alle monsters aangeleverd met een natgewicht van minimaal 14,9 kg. Voor het betreffende monster is door BMA Milieu 16,1 kg (natgewicht) grond aangeleverd.

MKB.2018.0012 Nieuwe Vaart 11 te ‘s-Gravenzande in de gemeente Westland 8 juni 2018

15

BMA Milieu B.V.

4.4 Toetsingscriteria, interpretatie asbest en toetsing analyseresultaten De analyseresultaten zijn getoetst aan de circulaire bodemsanering van 1 juni 2013. De interventie­ waarde voor asbest is vastgesteld op 100 mg/kg d.s. (serpentijnasbestconcentratie vermeerderd met 10 maal de amfiboolasbestconcentratie). De toetsing is opgenomen in bijlage 3 en de analysecertificaten zijn opgenomen in bijlage 4. Een over­ zicht van het totaal gewogen gehalte aan asbest is weergegeven in tabel 7.

Tabel 7

Overzicht totaal gewogen gehalte aan asbest

sleuf | totaal gewogen gehalte aan asbest voormalige stortlocatie (RE 1) grond sleuf 5 (1,7-2,2) < 0,8 mg/kg ds. } 62,9 mg/kg ds. asbestverzamelmonster sleuf 5-VM (1,7-2,2) 62,1 mg/kg ds. maaiveld 1,1 mg/kg ds. VM RE1* voormalige stortlocatie (RE 2) grond sleuf 9 (0,2-0,7) 41 mg/kg ds. } 121,8 mg/kg ds. asbestverzamelmonster sleuf 9-VM (0,2-0,7) 80,8 mg/kg ds. maaiveld VM RE2* 50,1 mg/kg ds. voormalige stortlocatie (RE 3) grond sleuf 14 (0,8-1,7) 32 mg/kg ds. } 33,4 mg/kg ds. asbestverzamelmonster sleuf 14-VM(0,8-1,7) 1,4 mg/kg ds. maaiveld VM RE3* 34,1 mg/kg ds. voormalige stortlocatie (RE 4) grond sleuf 20 (0,0-0,5) 41 mg/kg ds. } 831,5 mg/kg ds. asbestverzamelmonster sleuf 20-VM(0,0-0,5) 790,5 mg/kg ds. maaiveld VM RE4* 41,1 mg/kg ds. voormalige stortlocatie (RE 5) grond sleuf 23 (1,5-2,0) 1,8 mg/kg ds. voormalige stortlocatie (RE 6) grond sleuf 28 (0,8-1,3) 55 mg/kg ds. } 93,3 mg/kg ds. asbestverzamelmonster sleuf 28-VM(0,8-1,3) 38,3 mg/kg ds. maaiveld VM RE6* 55,1 mg/kg ds. voormalige stortlocatie (RE 7) grond sleuf 31 (0,0-0,5) < 0,1 mg/kg ds. } 0,8 mg/kg ds. asbestverzamelmonster sleuf 31-VM(0,0-0,5) 0,7 mg/kg ds. voormalige stortlocatie (RE 8) grond sleuf 39 (0,0-0,5) < 0,1 mg/kg ds.

overschrijding interventiewaarde

nee

nee

ja

nee

nee

nee

ja nee

nee

nee

nee

nee

nee

concentratie berekend a.h.v. aangetroffen plaatmateriaal en oppervlakte maaiveld, i.c.m. concentratie asbest in grond (fijne fractie).

MKB.2018.0012 Nieuwe Vaart 11 te ‘s-Gravenzande in de gemeente Westland 8 juni 2018

16

BMA Milieu B.V.

4.5 Bespreking resultaten Voormalige stortlocatie (RE 1) Het gehalte aan asbest in de grond overschrijdt niet de interventiewaarde. Het gehalte aan asbest op het maaiveld overschrijd niet de interventiewaarde. Voormalige stortlocatie (RE 2) Het gehalte aan asbest in de grond overschrijdt wel de interventiewaarde. Het gehalte aan asbest op het maaiveld overschrijd niet de interventiewaarde.

Voormalige stortlocatie (RE 3) Het gehalte aan asbest in de grond overschrijdt niet de interventiewaarde. Het gehalte aan asbest op het maaiveld overschrijd niet de interventiewaarde. Voormalige stortlocatie (RE 4) Het gehalte aan asbest in de grond overschrijdt wel de interventiewaarde. Het gehalte aan asbest op het maaiveld overschrijd niet de interventiewaarde.

Voormalige stortlocatie (RE 5) Het gehalte aan asbest in de grond overschrijdt niet de interventiewaarde. Op het maaiveld is geen asbestverdacht materiaal aangetroffen.

Voormalige stortlocatie (RE 6) Het gehalte aan asbest in de grond overschrijdt niet de interventiewaarde. Het gehalte aan asbest op het maaiveld overschrijd niet de interventiewaarde. Voormalige stortlocatie (RE 7) Het gehalte aan asbest in de grond overschrijdt niet de interventiewaarde. Op het maaiveld is geen asbestverdacht materiaal aangetroffen.

Voormalige stortlocatie (RE 8) Het gehalte aan asbest in de grond overschrijdt niet de interventiewaarde. Op het maaiveld is geen asbestverdacht materiaal aangetroffen.

Voormalige stortlocatie ±8.000 m2 Grond (afdeklaag) In de bovengrond (afdeklaag) zijn analytisch matige verontreinigingen met PAK en matige tot sterke verontreinigingen met zink aangetoond. De overige geanalyseerde parameters zijn ten hoogste licht verontreinigd.

Grond (stortmateriaal) In het stortmateriaal zijn analytisch matige verontreinigingen met minerale olie, matige tot sterke ver­ ontreinigingen met lood, zink en PCB’s en sterke verontreinigingen met koper en PAK aangetoond. De overige geanalyseerde parameters zijn ten hoogste licht verontreinigd.

Grond (naastliggende grond) In de naastliggende grond zijn analytisch geen verontreinigingen aangetoond.

Grond (ondergrond) In de ondergrond zijn analytisch ten hoogste lichte verontreinigingen aangetoond.

Eerder aangetoonde minerale olieverontreiniging Grond (kern) In de kern is analytisch een matige verontreiniging met minerale olie aangetoond.

MKB.2018.0012 Nieuwe Vaart 11 te ‘s-Gravenzande in de gemeente Westland 8 juni 2018

17

BMA Milieu B.V.

Grond (verticaal) In de verticaal afperkende grond is analytisch geen minerale olieverontreiniging aangetoond.

Grond (horizontaal) In de horizontaal afperkende grond is analytisch geen minerale olieverontreiniging aangetoond.

Grondwater In het grondwater zijn analytisch geen verontreinigingen met minerale olie en aromaten aangetoond.

Overige deel onderzoekslocatie (circa 7.000 m2) Bovengrond In de bovengrond zijn analytisch ten hoogste lichte verontreinigingen aangetoond.

Ondergrond In de ondergrond zijn analytisch geen verontreinigingen aangetoond.

Grondwater In het grondwater zijn analytisch geen verontreinigingen aangetoond.

4.6 Aanpassingen op het conceptueel model Op basis van de verkregen informatie en antwoorden is onderstaand het conceptueel model bijgewerkt. Aangetroffen minerale olieverontreiniging - De eerder, tijdens sloopwerkzaamheden aangetroffen olieverontreiniging, is geactuali­ seerd; - Uit de zintuiglijke waarnemingen blijkt dat de boven- en ondergrond zwakke tot sterke bijmengingen met puin bevat; - Vanaf 0,7 tot maximaal 1,7 m-mv wordt een zwakke oliegeur en zwakke tot sterke oliewaterreactie waargenomen; - Analytisch is in de grond een matige verontreiniging aangetoond; - Het grondwater is niet verontreinigd met minerale olie en aromaten, derhalve wordt uitge­ gaan van een immobiele verontreiniging; - Op basis van Wet bodembescherming is geen sprake van een geval van ernstige bodem­ verontreiniging. Aangetroffen lood- en zinkverontreiniging ten noordwesten van de huidige woning - Uit onderhavig bodemonderzoek blijkt dat de omvang van de stortplaats, op basis van zin­ tuiglijke waarnemingen, een oppervlakte heeft van circa 7.000 m2 (circa 200 m x 35 m); - In de bodemlaag van minimaal 0,0 tot maximaal 2,3 m-mv worden bijmengingen van aar­ dewerk, baksteen, beton, glas, ijzer, hout, koolas, puin, plastic en plantenresten aangetrof­ fen.

Plaatselijk worden tevens asbestverdachte materialen aangetroffen; - In het stortmateriaal zijn analytisch matige verontreinigingen met minerale olie, matige tot sterke verontreinigingen met lood, zink en PCB’s en sterke verontreinigingen met koper en PAK aangetoond. Plaatselijk wordt de interventiewaarde voor asbest overschreden; - In de bovengrond (afdeklaag) zijn matige verontreinigingen met lood (eerder verrichte on­ derzoeken) en PAK en matige tot sterke verontreinigingen met zink aangetoond. Plaatse­ lijk wordt de interventiewaarde voor asbest overschreden; - In de naastliggende grond zijn analytisch geen verontreinigingen aangetoond; - In de ondergrond zijn analytisch ten hoogste lichte verontreinigingen aangetoond; - Uit de beschikking (kenmerk: DWM/133539, d.d. 21 maart 1997) blijkt dat, op basis van Wet bodembescherming, sprake is van een geval van ernstige bodemverontreiniging waar­ bij sanering niet urgent is. Dit wordt met onderhavig bodemonderzoek bevestigd.

MKB.2018.0012 Nieuwe Vaart 11 te ‘s-Gravenzande in de gemeente Westland 8 juni 2018

18

BMA Milieu B.V.

5.

Evaluatie

5.1

Algemeen

De heer M. de Jong van ONW C.V. verzocht aan milieuadviesbureau BMA Milieu B.V. een milieu­ kundig bodemonderzoek te verrichten op een locatie gelegen aan de Nieuwe Vaart 11 te ‘s-Gravenzande in de gemeente Westland. Het milieukundig bodemonderzoek bestaat uit actualiserend verken­ nend bodemonderzoek (o.b.v. de NEN 5740), nader bodemonderzoek (NTA 5755) en verkennend/na­ der onderzoek naar asbest (NEN 5707:2015+0:2016). De regionale ligging en een overzicht van de onderzoekslocatie zijn weergegeven in respectievelijk bijlage 1 en 2. Aanleiding tot het uitvoeren van het onderzoek is de voorgenomen realisatie van een (tijdelijke) brug, toekomstige woningbouw op de locatie en de controle van de voormalige stortlocatie door ODH (briefkenmerk: ODH-2017-0137165, zaaknummer: 00498499, d.d. 2 januari 2018). Doel van het on­ derzoek is het vaststellen van de milieuhygiënische kwaliteit en dikte van de afdeklaag en de exacte omvang en kwaliteit van het stortmateriaal. De werkzaamheden uit onderhavig onderzoek zijn door BMA Milieu B.V.

uitgevoerd onder het pro­ cescertificaat ‘Veldwerk bij milieuhygiënisch bodemonderzoek’ BRL SIKB 2000 en bijbehorend pro­ tocol 2001 ‘het plaatsen van handboringen en peilbuizen, maken van boorbeschrijvingen, nemen van grondmonsters en waterpassen’, protocol 2002 ‘het nemen van grondwatermonsters’ en protocol 2018 ‘maaiveldinspectie en monsterneming van asbest in bodem’.

5.2 Conclusies en aanbevelingen Aangetroffen minerale olieverontreiniging De eerder, tijdens sloopwerkzaamheden aangetroffen olieverontreiniging, is geactualiseerd. Uit de zin­ tuiglijke waarnemingen blijkt dat de boven- en ondergrond zwakke tot sterke bijmengingen met puin bevat. Vanaf 0,7 tot maximaal 1,7 m-mv wordt een zwakke oliegeur en zwakke tot sterke olie-waterreactie waargenomen. Analytisch is in de grond een matige verontreiniging aangetoond. Het grondwater is niet verontreinigd met minerale olie en aromaten, derhalve wordt uitgegaan van een immobiele ver­ ontreiniging. Op basis van Wet bodembescherming is geen sprake van een geval van ernstige bodem­ verontreiniging. Aangetroffen lood- en zinkverontreiniging ten noordwesten van de huidige woning Uit onderhavig bodemonderzoek blijkt dat de omvang van de stortplaats, op basis van zintuiglijke waarnemingen, een oppervlakte heeft van circa 7.000 m2 (circa 200 m x 35 m). In de bodemlaag van minimaal 0,0 tot maximaal 2,3 m-mv worden bijmengingen van aardewerk, baksteen, beton, glas, ij­ zer, hout, koolas, puin, plastic en plantenresten aangetroffen. Plaatselijk worden tevens asbestverdachte materialen aangetroffen. In het stortmateriaal zijn analytisch matige verontreinigingen met mi­ nerale olie, matige tot sterke verontreinigingen met lood, zink en PCB’s en sterke verontreinigingen met koper en PAK aangetoond.

Plaatselijk wordt de interventiewaarde voor asbest overschreden. In de bovengrond (afdeklaag) zijn matige verontreinigingen met lood (eerder verrichte onderzoeken) en PAK en matige tot sterke verontreinigingen met zink aangetoond. Plaatselijk wordt de interventie­ waarde voor asbest overschreden. In de naastliggende grond zijn analytisch geen verontreinigingen aangetoond. In de ondergrond zijn analytisch ten hoogste lichte verontreinigingen aangetoond. Uit de beschikking (kenmerk: DWM/133539, d.d. 21 maart 1997) blijkt dat, op basis van Wet bodembescher­ ming, sprake is van een geval van ernstige bodemverontreiniging waarbij sanering niet urgent is. Dit wordt met onderhavig bodemonderzoek bevestigd.

MKB.2018.0012 Nieuwe Vaart 11 te ‘s-Gravenzande in de gemeente Westland 8 juni 2018

19

BMA Milieu B.V.

Overige deel onderzoekslocatie (circa 7.000 m2) Gezien de resultaten van het onderzoek wordt geconcludeerd dat de opgestelde hypothese ‘verdacht’ juist is. Ter plaatse zijn in de grond overschrijdingen van de achtergrondwaarde vastgesteld. Voor de lichte verontreinigingen behoeft geen nader onderzoek te worden aanbevolen. Algemeen Vooralsnog vormen de resultaten van dit onderzoek milieuhygiënisch gezien een belemmering voor het de voorgenomen herinrichting (woningbouw). Aanbevolen wordt onderhavige rapportage en de te nemen vervolgstappen af te stemmen met Omgevingsdienst Haaglanden (ODH, uitvoeringsdienst milieutaken voor o.a. gemeente Westland). De mogelijk bij bouwactiviteiten vrijkomende of aan te voeren grond is voor hergebruik onderhevig aan wettelijke bepalingen (Besluit Bodemkwaliteit). De gemeente waar de grond wordt toegepast is in dergelijke gevallen het bevoegd gezag.

functie

naam

projectleider

ing. J. Luiten

controle 7 vrijgave

H. van Malsen

handtekening

versie

definitief

MKB.2018.0012 Nieuwe Vaart 11 te ‘s-Gravenzande in de gemeente Westland 8 juni 2018

20

BMA Milieu B.V.

Literatuurlijst 1.

NEN 5725:2009, Strategie voor het uitvoeren van vooronderzoek bij verkennend en nader onderzoek, Ne­ derland Normalisatie-instituut, 1 januari 2009.

2.

NEN 5740:2009+A1:2016, Strategie voor het uitvoeren van verkennend bodemonderzoek - Onderzoek naar de milieuhygiënische kwaliteit van bodem en grond, Nederland Normalisatie-instituut, 1 april 2016.

3.

NEN 5707:2015+0:2016, Protocol voor onderzoek naar asbest in bodem, Nederland Normalisatie-instituut, 1 augustus 2016.

4.

NEN 5897:2015+0:2016, Inspectie en monsterneming van asbest in bouw- en sloopafval en recyclinggranulaat, Nederland Normalisatie-instituut, 1 augustus 2016.

5.

NEN 5898:2015+0:2016, Bepaling van het gehalte aan asbest in grond, waterbodem, bouw- en sloopafval en granulaat, Nederland Normalisatie-instituut, 1 augustus 2016.

6.

NTA 5755:2010, Strategie voor het uitvoeren van nader onderzoek - Onderzoek naar de aard en omvang van bodemverontreiniging, Nederland Normalisatie-instituut, 1 juli 2010.

7.

Besluit bodemkwaliteit (Bbk), 22 november 2007.

8.

Regeling bodemkwaliteit (Rbk), 13 december 2007.

9.

Circulaire bodemsanering; 1 juli 2013.

10. Nota Vergunningverlening, Toezicht en Handhaving 2018-2021, kenmerk: PZH-2017-630244766, d.d. 19 december 2017, opgesteld door Gedeputeerde Staten van Zuid-Holland. 11. Provinciale milieuverordening Zuid-Holland (negende tranche), Provincie Zuid-Holland, 2014. 12. SIKB BRL 2000: Veldwerk milieuhygiënisch bodem- en waterbodemonderzoek, versie 5, 12 december 2013. 13. Wijzigingsblad bij BRL 2000, versie 3, 10 maart 2016. 14. Protocol 2001, 'Plaatsen van handboringen en peilbuizen, maken van boorbeschrijvingen, nemen van grond­ monsters en waterpassen', versie 3.2, 12 december 2013. 15. Protocol 2002, 'Het nemen van grondwatermonsters', versie 4, 12 december 2013. 16. Protocol 2003, ‘Veldwerk bij milieuhygiënisch waterbodemonderzoek’, versie 2.2, 10 maart 2016. 17. Protocol 2018, 'Maaiveldinspectie en monsterneming van asbest in bodem', versie 3.2, 10 maart 2016. 18. Wet houdende regelen inzake bescherming van de bodem (Wet bodembescherming - Wbb), 3 juli 1986 en Wet houdende wijziging van de Wet bodembescherming en enkele andere wetten in verband met wijzigin­ gen in het beleid inzake bodemsaneringen, 15 december 2005.

MKB.2018.0012 Nieuwe Vaart 11 te ‘s-Gravenzande in de gemeente Westland 8 juni 2018

21

BMA Milieu B.V.

Bijlage 1 Regionale situatie

Ė\TJİ5 (.ongŕ Sfüft.

iļ*

'

tòxjŅŞůünfiÉflvftG

0Ū5G

r^Tj^lļ Btřfg)ut.l

:' Pttnseflbffi 'V

:2ŴÇ;\ A--'^ť ~'

Ba ai( woning

Síļŕs-Gravenzà nde ÉgŠ\#

‘í. |5į

fĝįíék iHfufcfsflp* i

v?

jįst, . \*

ŵ;.\īg

SļŗZaníieŵlt-

\Naatdwijk locatie

ĮĞïSŵ

ţïįļĮ'' '

äHSįŕ Om'JitNjck'

y/' *RŴţWfPţi S?

"ťį

Ŗ&İÜĴ&

i' jį

t

Nismvtndserie

Molm

1

^,v'

■fML ĵö ■Mprs* ZāpSĒ^Iĩ

ñĵŕSer Hei Oíii

ft--

BMA Milieu B.V.

r^O

/5f 1 \ \ yy l Vj

Gerŗļ'M

We5ttond|í

Projectnummer : 2018.0012

Regionale situatie

Opdrachtgever : ONW C.V. Project

: Nieuwe Vaart 11, ‘s-Gravenzande

Schaal

: 1:25.000

BMA Milieu B.V.

Bijlage 2 Locatie en boringen

OÛ

< CL ^

CD — Q

BMA Milieu B.V.

Bijlage 3 Toetsing analyseresultaten

Project

2018.0012-Nieuwe Vaart 11 te s-Gravenzande

Certificaten

762530

Toetsing

T.12 - Beoordeling kwaliteit van grond volgens Wbb

Toetsversie

BoToVa 3.0.0

Toetsdatum: 14 mei 2018 09:48

Monsterreferentie

5658251

Monsteromschrijving

Sleuf 2-3

Analyse

Eenheid

Analyseres.

Gestand.Res.

Toetsoordeel

AW

T

I

Lutum/Humus Organische stof

V (m/m ds)

4.0

10

Lutum

V (m/m ds)

5.0

25

barium (Ba)

mg/kg ds

86

240

@

cadmium (Cd)

mg/kg ds

0.48

0.73

1.2 AW

0.6

6.8

13

kobalt (Co)

mg/kg ds

4.5

12

-

15

102.5

190

koper(Cu)

mg/kg ds

33

58

1.5 AW

40

115

190

kwik (Hg) (niet vluchtig)

mg/kg ds

0.07

0.09

-

0.15

18.075

36

lood (Pb)

mg/kg ds

110

160

3.2 AW

50

290

530

molybdeen (Mo)

mg/kg ds

< 1.5

1.0

-

1.5

95.75

190

nikkel (Ni)

mg/kg ds

12

28

-

35

67.5

100

zink (Zn)

mg/kg ds

250

490

1.1 T

140

430

720

mg/kg ds

140

350

1.8 AW

190

2595

5000

3.3 AW

1.5

20.75

40

-

0.02

0.51

1

Metalen ICP-AES

Minerale olie minerale olie (florisil clean-up) Polycyclische koolwaterstoffen naftaleen

mg/kg ds

0.07

0.07

fenantreen

mg/kg ds

0.55

0.55

anthraceen

mg/kg ds

0.17

0.17

fluoranteen

mg/kg ds

1.1

1.1

benzo(a)antraceen

mg/kg ds

0.55

0.55

chryseen

mg/kg ds

0.72

0.72

benzo(k)fluoranteen

mg/kg ds

0.48

0.48

benzo(a)pyreen

mg/kg ds

0.53

0.53

benzo(ghi)peryleen

mg/kg ds

0.35

0.35

indeno(1,2,3-cd)pyreen

mg/kg ds

0.4

0.4

mg/kg ds

4.9

4.9

PCB - 28

mg/kg ds

< 0.001

0.0018

PCB - 52

mg/kg ds

< 0.001

0.0018

PCB - 101

mg/kg ds

< 0.001

0.0018

PCB - 118

mg/kg ds

< 0.001

0.0018

PCB - 138

mg/kg ds

< 0.001

0.0018

PCB - 153

mg/kg ds

< 0.001

0.0018

PCB - 180

mg/kg ds

< 0.001

0.0018

mg/kg ds

0.005

0.012

Sommaties som PAK (10) Polychloorbifenylen

Sommaties som PCBs (7)

Pagina 1 van 14

Pagina 2 van 14 Organochloorbestrijdingsmiddelen 2,4-DDD (o,p-DDD)

mg/kg ds

0.007

4,4-DDD (p,p-DDD)

mg/kg ds

0.04

0.018 0.10

2,4-DDE (o,p-DDE)

mg/kg ds

< 0.001

< 0.0018

4,4-DDE (p,p-DDE)

mg/kg ds

0.005

0.012

2,4-DDT (o,p-DDT)

mg/kg ds

< 0.001

< 0.0018

4,4-DDT (p,p-DDT)

mg/kg ds

0.004

0.010

aldrin

mg/kg ds

< 0.001

< 0.0018

dieldrin

mg/kg ds

< 0.001

< 0.0018

endrin

mg/kg ds

< 0.001

< 0.0018

telodrin

mg/kg ds

< 0.001

< 0.0018

isodrin

mg/kg ds

< 0.001

< 0.0018

heptachloor

mg/kg ds

< 0.001

< 0.0018

heptachloorepoxide (cis)

mg/kg ds

< 0.001

< 0.0018

0.32

-

0.0007

2.00035

4

4

heptachloorepoxide (trans)

mg/kg ds

< 0.001

< 0.0018

alfa-endosulfan

mg/kg ds

< 0.002

0.0035

3.9 AW

0.0009

2.00045

alfa - HCH

mg/kg ds

< 0.002

0.0035

3.5 AW

0.001

8.5005

17

beta - HCH

mg/kg ds

< 0.001

< 0.0018

-

0.002

0.801

1.6

gamma - HCH (lindaan)

mg/kg ds

< 0.001

< 0.0018

-

0.003

0.6015

1.2

delta - HCH

mg/kg ds

< 0.001

< 0.0018

@ 0.0085

1.00425

2

hexachloorbenzeen

mg/kg ds

< 0.003

0.0052

-

endosulfansulfaat

mg/kg ds

< 0.002

< 0.0035

@ 1.2 AW

0.003

hexachloorbutadieen

mg/kg ds

< 0.002

0.0035

chloordaan (cis)

mg/kg ds

< 0.001

< 0.0018

chloordaan (trans)

mg/kg ds

< 0.001

< 0.0018

som DDD

mg/kg ds

0.047

0.12

5.9 AW

0.02

17.01

34

som DDE

mg/kg ds

0.006

0.014

-

0.1

1.2

2.3

som DDT

mg/kg ds

0.005

0.012

-

0.2

0.95

1.7

som drins (3)

mg/kg ds

0.002

< 0.0052

-

0.015

2.0075

4

som c/t heptachloorepoxide

mg/kg ds

0.001

< 0.0035

-

0.002

2.001

4

som chloordaan

mg/kg ds

0.001

< 0.0035

-

0.002

2.001

4

som OCBs (landbodem)

mg/kg ds

0.071

0.18

-

0.4

Monsterreferentie

5658252

Monsteromschrijving

Sleuf 4-4 Analyseres.

Gestand.Res.

Toetsoordeel

AW

T

I

Sommaties

Analyse

Eenheid

Lutum/Humus Organische stof

V (m/m ds)

8.1

10

Lutum

V (m/m ds)

2.0

25

barium (Ba)

mg/kg ds

44

170

@

cadmium (Cd)

mg/kg ds

0.26

0.35

-

0.6

6.8

13

kobalt (Co)

mg/kg ds

< 3

< 7.4

-

15

102.5

190

koper (Cu)

mg/kg ds

21

36

-

40

115

190

kwik (Hg) (niet vluchtig)

mg/kg ds

0.12

0.16

1.1 AW

0.15

18.075

36

lood (Pb)

mg/kg ds

41

58

1.2 AW

50

290

530

molybdeen (Mo)

mg/kg ds

< 1.5

< 1.0

-

1.5

95.75

190

nikkel (Ni)

mg/kg ds

7

20

-

35

67.5

100

zink (Zn)

mg/kg ds

180

370

2.6 AW

140

430

720

mg/kg ds

1300

1600

8.4 AW

190

2595

5000

Metalen ICP-AES

Minerale olie minerale olie (florisil clean-up) Polycyclische koolwaterstoffen naftaleen

mg/kg ds

< 0.05

< 0.035

fenantreen

mg/kg ds

0.81

0.81

anthraceen

mg/kg ds

0.19

0.19

fluoranteen

mg/kg ds

0.96

0.96

benzo(a)antraceen

mg/kg ds

0.45

0.45

chryseen

mg/kg ds

0.62

0.62

benzo(k)fluoranteen

mg/kg ds

0.35

0.35

benzo(a)pyreen

mg/kg ds

0.48

0.48

benzo(ghi)peryleen

mg/kg ds

0.37

0.37

indeno(1,2,3-cd)pyreen

mg/kg ds

0.4

0.4

Pagina 2 van 14

Pagina 3 van 14 Sommaties som PAK (10)

mg/kg ds

4.7

4.7

PCB - 28

mg/kg ds

< 0.001

< 0.00086

PCB - 52

mg/kg ds

0.002

0.0025

PCB - 101

mg/kg ds

0.004

0.0049

PCB - 118

mg/kg ds

0.001

0.0012

3.1 AW

1.5

20.75

40

1.7 AW

0.02

0.51

1

Polychloorbifenylen

PCB - 138

mg/kg ds

0.009

0.011

PCB - 153

mg/kg ds

0.007

0.0086

PCB - 180

mg/kg ds

0.004

0.0049

mg/kg ds

0.028

0.034

0.032

Sommaties som PCBs (7)

Organochloorbestrijdingsmiddelen 2,4-DDD (o,p-DDD)

mg/kg ds

0.026

4,4-DDD (p,p-DDD)

mg/kg ds

0.089

0.11

2,4-DDE (o,p-DDE)

mg/kg ds

0.003

0.0037

4,4-DDE (p,p-DDE)

mg/kg ds

0.048

0.059

2,4-DDT (o,p-DDT)

mg/kg ds

0.002

0.0025

4,4-DDT (p,p-DDT)

mg/kg ds

0.01

0.012

aldrin

mg/kg ds

0.003

0.0037

dieldrin

mg/kg ds

0.01

0.012

endrin

mg/kg ds

< 0.001

< 0.00086

telodrin

mg/kg ds

< 0.001

< 0.00086

isodrin

mg/kg ds

< 0.001

< 0.00086

heptachloor

mg/kg ds

< 0.001

< 0.00086

heptachloorepoxide (cis)

mg/kg ds

< 0.001

< 0.00086 < 0.00086

0.32

-

0.0007

2.00035

4

heptachloorepoxide (trans)

mg/kg ds

< 0.001

alfa-endosulfan

mg/kg ds

0.011

0.014

15 AW

0.0009

2.00045

4

alfa - HCH

mg/kg ds

< 0.001

< 0.00086

-

0.001

8.5005

17

beta - HCH

mg/kg ds

< 0.001

< 0.00086

-

0.002

0.801

1.6

gamma - HCH (lindaan)

mg/kg ds

< 0.001

< 0.00086

-

0.003

0.6015

1.2

delta - HCH

mg/kg ds

< 0.001

< 0.00086

@ 0.0085

1.00425

2

hexachloorbenzeen

mg/kg ds

0.039

0.048

endosulfansulfaat

mg/kg ds

< 0.002

< 0.0017

5.7 AW @

hexachloorbutadieen

mg/kg ds

< 0.001

< 0.00086

-

0.003

chloordaan (cis)

mg/kg ds

< 0.001

< 0.00086

chloordaan (trans)

mg/kg ds

< 0.001

< 0.00086

Sommaties som DDD

mg/kg ds

0.12

0.14

7.1 AW

0.02

17.01

34

som DDE

mg/kg ds

0.051

0.063

-

0.1

1.2

2.3

som DDT

mg/kg ds

0.012

0.015

-

0.2

0.95

1.7

som drins (3)

mg/kg ds

0.014

0.017

1.1 AW

0.015

2.0075

4

som c/t heptachloorepoxide

mg/kg ds

0.001

< 0.0017

-

0.002

2.001

4

som chloordaan

mg/kg ds

0.001

< 0.0017

-

0.002

2.001

4

som OCBs (landbodem)

mg/kg ds

0.25

0.31

-

0.4

Monsterreferentie

5658253

Monsteromschrijving

Sleuf 5-4 Toetsoordeel

AW

T

I

Analyse

Eenheid

Analyseres.

Gestand.Res.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Westland&id=fc1b2a44-4cae-4bba-ac49-a5b284f3ee0c