Inhoudelijke terugkoppeling herijking subsidiebeleid Westervoort
Tekst van het document
Inhoudelijke terugkoppeling herijking subsidiebeleid Informele avond 14 oktober 2024
Inleiding Op 14 oktober 2024 vond de informele avond plaats met de raad over de herijking van het subsidiebeleid. Het doel van de avond was om input te verzamelen van de raad (eerste verkenning) op de kaders van het gewenste subsidiebeleid. De input koppelt het college terug via dit inhoudelijk verslag. Het college gebruikt de input als basis om van daaruit het subsidiebeleid verder uit te werken en het gesprek met subsidieontvangers aan te gaan. Vraag aan de raad Het college vraagt de raad om (eventuele) feedback op het inhoudelijke verslag te geven.
Informele avond Tijdens de informele avond werden de kaders / uitgangspunten van het subsidiebeleid per categorie besproken. De raadsleden werden willekeurig opgedeeld in 2 groepen. In totaal zijn er 6 categorieën besproken: effectiviteit, inhoud, procedureel, financieel, transparantie en overig. Elke categorie had een invulkaart. De groepen werden verzocht om maximaal 3 uitgangspunten per categorie te selecteren. In dit inhoudelijke verslag wordt een overzicht gegeven van de belangrijkste uitgangspunten.
Overzicht uitgangspunten Subsidies koppelen aan gemeentelijke doelen
Inclusie stimuleren De criteria moeten transparant en toetsbaar zijn
Subsidiegeld (blijvend) op de juiste plek
Stimuleren onderlinge samenwerking Inzetten op preventie
Burgerinitiatieven mogelijk maken
Administratieve last in verhouding tot subsidiebedrag Werken met subsidieplafonds
Subsidiebedragen jaarlijks indexeren Inzicht verschaffen aan de maatschappij
De hoogte van het subsidiebedrag is proportioneel
Duidelijke criteria voor reserveopbouw
Hoe is de input van de raad verwerkt? (1/2) Uitgangspunt
Aangegeven door groep:
Subsidies koppelen aan gemeentelijke doelen
1 en 2
Subsidiegeld (blijvend) op de juiste plek
1 en 2
Stimuleren onderlinge samenwerking
1 en 2
Inclusie stimuleren
1 en 2
Inzetten op preventie
1 en 2
De criteria moeten transparant en toetsbaar zijn
1 en 2
Burgerinitiatieven mogelijk maken
1
Administratieve last in verhouding tot subsidiebedrag
1 en 2
Eventuele toelichting
Van belang voor meer saamhorigheid in de buurt.
Hoe is de input van de raad verwerkt? (2/2) Uitgangspunt
Aangegeven door groep:
Eventuele toelichting
Werken met subsidieplafonds
2
Van belang om budget niet te overschrijden.
Duidelijke criteria voor reserveopbouw
1
Belangrijk dat hier duidelijkheid in komt.
De hoogte van het subsidiebedrag is proportioneel
1 en 2
Subsidiebedragen jaarlijks indexeren
2
Inzicht verschaffen aan de maatschappij
1 en 2
Ook een vraagstuk binnen de gemeente.
Uitgangspunten - effectiviteit Subsidies koppelen aan gemeentelijke doelen We vinden het belangrijk dat verstrekte subsidies gekoppeld zijn en bijdragen aan de inhoudelijke doelen van de gemeente (bijv. preventie). Een subsidie wordt verstrekt met een specifiek doel. Dit doel staat niet op zichzelf en moet in lijn liggen met een of meerdere beleidsdoelen van de gemeente. Dit houdt in dat voor elke verstrekte subsidie het doel van de subsidie geformuleerd is en gekoppeld is aan het achterliggende maatschappelijke of gemeentelijke beleidsdoel. Hierdoor is het helder en duidelijk hoe de subsidiedoelen (en hiermee ook de activiteiten van subsidieontvangers) bijdragen aan de gemeentelijke doelen. Subsidiegeld (blijvend) op de juiste plek We vinden het belangrijk dat subsidiegeld (blijvend) op de juiste plek terecht komt. Daardoor willen we meer inzicht verkrijgen in de effecten van verstrekte subsidies en de doelmatigheid ervan. Hiervoor wil de gemeente regelmatig met partijen evalueren welke prestaties en resultaten worden bereikt en of subsidie nog nodig is. Bij het evalueren en meten van de verstrekte subsidies, maakt de gemeente onderscheid tussen grote professionele organisaties en kleinere vrijwilligersorganisaties. Door reguliere evaluatie kan de gemeente tijdig bijsturen om de effectiviteit van subsidieverstrekking te waarborgen.
Uitgangspunten - inhoud Stimuleren onderlinge samenwerking We vinden het belangrijk dat subsidieontvangers onderling met elkaar samenwerken (waar mogelijk). Samenwerking zorgt voor verbinding, afstemming tussen organisaties en kan leiden tot nieuwe initiatieven (die individueel niet van de grond zouden komen). Door samenwerking versterken we elkaar en voeren we betere in plaats van dezelfde activiteiten uit (het voortkomt de kans op dubbelingen). Samenwerking bevordert daarnaast de onderlinge kennisdeling (informatie uitwisselen). Hierover moeten subsidieontvangers blijvend met elkaar in gesprek gaan en dit moet een continu karakter krijgen. De gemeente heeft hierin een faciliterende rol. Inclusie stimuleren We vinden het belangrijk dat iedereen in de samenleving mee kan doen. Hierdoor ontstaat er meer betrokkenheid en saamhorigheid. Voor het subsidiebeleid houdt dit in dat we ernaar streven om uitsluiting te voorkomen en gesubsidieerde activiteiten openstaan voor alle doelgroepen. In het geval een aanvrager hier niet aan kan voldoen, heeft deze een inspanningsverplichting om te onderzoeken of inclusie via een andere manier (in redelijkheid) bevorderd kan worden.
Uitgangspunten - inhoud Inzetten op preventie We vinden het belangrijk om de activiteiten van verenigingen te ondersteunen die bijdragen aan preventie. Preventie is een breed begrip en draagt bij aan meerdere doelen, zoals een gezonde samenleving en het verminderen van eenzaamheid. Een goed niveau aan basisvoorzieningen is het preventieve middel om het beroep op (duurdere) voorzieningen terug te dringen. De activiteiten van lokale verenigingen kunnen hierin een belangrijke rol spelen. De criteria moeten transparant en toetsbaar zijn We vinden het belangrijk dat de criteria waarop subsidie wordt toegekend aan de voorkant helder en toetsbaar is. Een vereniging of stichting moet vooraf weten waar een aanvraag aan moet voldoen en wat er van hen wordt verwacht in het proces. De gemeente hanteert objectieve en eenduidige toetsingscriteria om aanvragen te beoordelen, af te wegen en te selecteren. Hierdoor wordt subsidieverstrekking eerlijker, duidelijker en een weloverwogen keuze. Burgerinitiatieven mogelijk maken We vinden het belangrijk dat we burgerinitiatieven mogelijk maken. Hiermee geven we ruimte aan goede ideeën van inwoners. Een voorwaarde is wel dat de initiatieven bijdragen aan de gemeentelijke doelen. Verder moet de maatschappelijke meerwaarde van het initiatief in verhouding zijn met het werk dat hiervoor verricht moet worden (zowel voor de inwoners als de gemeente).
Dit moet per geval beoordeeld worden op basis van objectieve criteria.
Uitgangspunten - procedureel Administratieve last in verhouding tot subsidiebedrag We vinden het belangrijk dat voor zowel de gemeente als de subsidieontvanger de administratieve last in verhouding staat tot het subsidiebedrag. Het vertrekpunt hierin is dat aan de kleinere subsidiebedragen minder (ambtelijke) uren worden besteed dan aan de grotere subsidiebedragen. Hierbij gaat de gemeente uit van: ➢ Het principe samenwerking op maat. Toezicht en sturing vanuit de gemeente afgestemd op het type organisatie en de hoogte van het subsidiebedrag. Ten aanzien van de hoogte van het subsidiebedrag kan een staffel gehanteerd worden; ➢ Een zo eenvoudig mogelijk proces van aanvragen en verantwoorden; ➢ Steeksproefsgewijs verstrekte subsidies controleren om meer grip te krijgen op ‘kleinere subsidiebedragen’, zonder dat hiermee de administratieve last te hoog wordt.
Uitgangspunten - financieel Werken met subsidieplafonds We vinden het belangrijk om te werken met subsidieplafonds per domein. Een subsidieplafond is het maximale bedrag dat gedurende een bepaald tijdvak beschikbaar is voor de verstrekking van een bepaalde subsidie. Het voordeel van een subsidieplafond is dat openeindregelingen worden voorkomen (als het plafond is bereikt, moet een aanvraag voor subsidie worden afgewezen en wordt de overschrijding van budget voorkomen). Een subsidieplafond wordt alleen gehanteerd als er verschillende aanvragers worden verwacht voor dezelfde activiteiten. Duidelijke criteria voor reserveopbouw We vinden het belangrijk dat er duidelijke criteria komen voor het opbouwen van reserves met subsidie. Het moet helder zijn waarvoor een reserve wordt opgebouwd (bijv. om onverwachte uitgaven te kunnen dekken) en wanneer het uitgegeven wordt. Hier moeten duidelijke criteria voor komen. Daarbij moet er een maximale grens aan reserveopbouw zitten.
Uitgangspunten - financieel De hoogte van het subsidiebedrag is proportioneel We vinden het belangrijk dat het aangevraagde subsidiebedrag in verhouding staat tot de activiteit en de subsidieontvanger. Bij het bepalen van de proportionaliteit kijkt de gemeente naar: ➢ De hoogte van het subsidiebedrag in relatie tot de vermogens- en reservepositie van de vereniging of stichting. Het is belangrijk dat er duidelijkheid komt over de hoogte van het (niet-gelabeld) eigen vermogen en wanneer een partij dan wel of niet in aanmerking komt voor subsidie. Hierbij moet ook gekeken worden welke eigen middelen een vereniging of stichting kan inzetten, zodat beter ingeschat kan worden hoeveel subsidie aanvullend nodig is (cofinanciering); ➢ De hoogte van het subsidiebedrag in verhouding tot de totale kosten van de activiteit. Naast cofinanciering kijkt de gemeente ook naar de noodzakelijke en redelijkerwijs gemaakte kosten om de (subsidiabele) activiteiten te organiseren, die bijdragen aan de gemeentelijke doelen. Subsidiebedragen jaarlijks indexeren We vinden het belangrijk dat een subsidie meebeweegt met de indexering. De kosten van verenigingen gaan namelijk ook omhoog (bijv. stijging huurtarieven). Het wordt voor een verenging dan duurder om een subsidiabele activiteit te organiseren.
In principe wordt het subsidiebedrag jaarlijks bijgesteld met een indexatie, in het geval de kosten van de activiteit stijgen. Dit moet transparant gebeuren en hier moeten eenduidige criteria voor komen.
Uitgangspunten - transparantie Inzicht verschaffen aan de maatschappij We vinden het belangrijk om met subsidieverstrekking transparant te zijn en de juiste inzichten te verschaffen aan de maatschappij. Hiervoor plaatsen we een openbaar en actueel subsidieregister (aan wie en voor welk bedrag is subsidie verstrekt) op onze website. Daarnaast rapporteert het college periodiek (bijv. jaarlijks) aan de raad over de verstrekte subsidies en de effecten hiervan. Dit moet in verhouding zijn met de werkdruk. Daarbij moet voor iedereen duidelijk zijn wat het subsidiebeleid is, welke subsidies beschikbaar zijn en welke doelen en budgetten hieraan gekoppeld zijn.