CConstaterende datWestervoort
Koppel je AI →
Document · PDF

A09-20241216-49-vka-coll-bestuursrapportage-rsd-eerste-halfjaar-2024-bijlage-bestuursrapportage

Raadsvergadering 16 december 2024, gemeente WestervoortBij agendapunt: Lijst van ingekomen stukken12.278 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

Bestuursrapportage RSD 1e halfjaar 2024

1

Inhoud 1 Voorwoord RSD Bestuursrapportage 1e halfjaar 2024 ........................................................................ 3 Opdracht RSD 2024-2026 .................................................................................................................... 4 2 Samenstelling klantenbestand ............................................................................................................. 6 3 Bestuurlijke opdracht, inclusief vertaling naar de dienstverlening.................................................... 10 3.1 Resultaat afspraken (KPI’s – update cijfers t/m 30-06-2024) ..................................................... 10 3.2 Investeer in mensen met onbenut arbeidspotentieel ................................................................ 11 3.3 Investeer in mensen duurzaam aan het werk houden ............................................................... 13 3.4 Investeer in het mee laten doen naar vermogen........................................................................ 14 3.5 Netwerkorganisatie ..................................................................................................................... 16 3.6 Integraal samenwerken ...............................................................................................................

17 3.7 Toegankelijkheid ......................................................................................................................... 19 3.8 Blijf binnen de financiële kaders van de bestuurlijke opdracht .................................................. 19 4 Dienstverlening rechtmatigheid ......................................................................................................... 20 4.1 Preventie en Handhaving ............................................................................................................ 20 4.2 Ondernemersdienstverlening ..................................................................................................... 21 4.3 Afwikkeling TOZO lening bedrijfskapitaal.................................................................................... 22 4.4 Debiteuren................................................................................................................................... 23 4.5 ROOO ........................................................................................................................................... 25 5 Trends en duiding ...............................................................................................................................

27 5.1 Instroom in de uitkering .............................................................................................................. 27 5.2 Ontwikkelingen arbeidsmarkt / Re-integratie............................................................................. 28 5.3 Ontwikkelingen rondom Participatiewet in balans ..................................................................... 29 6 Organisatie inzet................................................................................................................................. 31 6.1 Aandacht voor professionalisering.............................................................................................. 31 6.2 Digitalisering ................................................................................................................................ 31 Bijlage 1 Overzicht KPI’s tot en met 30 juni 2024 ................................................................................. 32 Bijlage 2 Overzicht Handhaving ............................................................................................................. 34

2

1 Voorwoord RSD Bestuursrapportage 1e halfjaar 2024 Met deze bestuursrapportage willen we de Liemerse raden informeren over de ontwikkelingen binnen de RSD. We kijken terug op het eerste halfjaar van de nieuwe bestuurlijke opdracht voor de RSD over 2024-2026. In deze rapportage doen we verslag van het verloop van de KPI’s, maar kijken we ook naar de omstandigheden waarin we deze opdracht hebben opgepakt en wat er in het aflopen halfjaar op ons pad is gekomen. Aan het eind van deze rapportage besteden we aandacht aan de ontwikkelingen die gaan komen en waar we op moeten anticiperen. KPI’s De vastgestelde KPI’s lopen in de pas om eind van het jaar de gestelde doelen te behalen. Omstandigheden eerste halfjaar Op basis van het ‘nader voorlopig BUIG budget 2024’ dat eind mei 2024 bekend is gemaakt, stevenen de drie Liemerse gemeenten af op een behoorlijk tekort op het BUIG-budget. Op basis van dit bericht is een bestuurlijke memo opgesteld ‘terugdringen BUIG-tekorten’. De voorgestelde maatregelen zijn mogelijk van invloed op de vastgestelde KPI’s. Hopelijk zien we in de loop van 2024 al een voorzichtig positief resultaat op het aantal te verstrekken uitkeringen en helpt het de tekorten op de BUIG terug te dringen. We zien ook bij de RSD een groter personeelsverloop. Dit volgt de landelijke tendens. Het vraagt veel aandacht en tijd om de juiste mensen te vinden en in te werken.

Dit heeft zijn weerslag op de werkdruk en prioritering van werkzaamheden. Toch merken we ook dat het aantrekken van nieuwe mensen (met een wat andere kijk op het werk) leidt tot kansen voor de toekomst. Met ingang van 1 januari 2024 heeft de RSD de betaling en terugvordering van de Bijzondere bijstand van 1Stroom overgenomen. Ontwikkelingen De data-analyse van de RSD is het afgelopen halfjaar, door de inzet van de Business Intelligence specialist, sterk verbeterd. Dit heeft geresulteerd in een dashboard waarin de Liemerse gemeenten 24/7 inzage hebben in de RSD data. Uiteraard wordt voldaan aan de AVG-richtlijnen en zijn de persoonsgegevens van inwoners beschermd. Op het gebied van integrale samenwerking worden kleine stappen gezet. We zien veel bereidheid vanuit de uitvoering om elkaar te vinden om de klant centraal te stellen. In de komende maanden hopen we hier verdere stappen te kunnen zetten. Vanuit Den Haag is de ROOO-regeling aangepast. Dit betekent dat Oekraïense burgers, die aan het werk zijn in Nederland, een eigen bijdrage moeten gaan betalen. De Liemerse gemeenten hebben deze taak bij de RSD neergelegd. Over de invulling van deze taak zijn de gesprekken gaande. De doelstelling is dit vanaf 1 november 2024 ingeregeld te hebben. Zijn er wensen voor het vervolg, verzoeken wij u deze kenbaar te maken aan de bestuurders. Met vriendelijke groet, RSD de Liemers

Wilfred Hekkers Directeur 3

Opdracht RSD 2024-2026 De RSD heeft van de gemeenteraad een bestuurlijke opdracht gekregen voor de periode van januari 2024 tot en met december 2026. In deze opdracht is door de raad richting gegeven aan wat de RSD aan extra inspanning levert voor de Liemerse inwoners. De opdracht die de RSD gekregen heeft, is:

4

De drie pijlers waarop deze bestuurlijke opdracht rust zijn:

Drie pijlers bestuurlijke opdracht 2024-2026 1

2

3

Onbenut arbeidspotentieel

Blijf aan het werk

Iedereen participeert

Investeer in mensen met onbenut arbeidspotentieel

Investeer in mensen duurzaam aan het werk houden

Investeer in het mee laten doen naar vermogen wanneer werk (nog) niet aan de orde is

Investeer over de volle breedte van onze klantgroepen waar arbeidspotentieel in zit. Heb hierbij aandacht voor klantgroepen die in de afgelopen jaren minder aandacht hebben gehad en waarvoor minder kansen zijn gecreëerd. Trajecten worden, indien nodig, doelmatig ingekocht bij het LEON.

Investeer in het duurzaam het werk houden van mensen. Beoordeel bij plaatsing de nazorgbehoefte en -noodzaak van de inwoner en zet hierop in, zodat zij aan het werk blijven en de werkgever ontzorgd wordt. Heb hierbij extra aandacht voor mensen met een arbeidsbeperking. Maak hierbij gebruik van LKS en Jobcoaching. Help inwoners met LKS bij het einde van een contract met het herplaatsen naar een nieuwe baan.

Investeer in de groep mensen met een onoverbrugbare afstand tot de arbeidsmarkt. Dit is landelijk gezien ongeveer 50% van de uitkeringsgerechtigden in de uitkering1. Investeer hierbij in participeren, perspectief en bestaanszekerheid.

Blijf investeren in een inclusieve lokale arbeidsmarkt. Heb hierbij aandacht voor mensen met een arbeidsbeperking. Maak gebruik van LKS en nieuw beschut. Zie werken als medicijn.

Investeer bij uitstroom in de nazorg op het vergroten van de zelfredzaamheid en het verkleinen van de kans op uitkeringsafhankelijkheid in de toekomst. Heb hierbij aandacht voor het voorkomen of verkleinen van een eventuele inkomensterugval. Inkomenscoaches hebben aandacht voor het gebruik van alle financiële regelingen waar recht op is en schuldhulpverlening indien nodig. Blijf daarnaast aandacht houden op het simpel switchen in de keten. Is er sprake is van een (nog) niet werkende partner, dan is er ook voor deze persoon aandacht op het voorkomen van toekomstige uitkeringsafhankelijkheid.

Stimuleer en verleid inwoners die (nog) niet kunnen werken om een bijdrage te leveren aan de maatschappij en te participeren. Sluit hierbij steeds aan bij het doenvermogen van de inwoner. Investeer hierbij op toeleiding naar activerend werk, welzijnswerk, vrijwilligerswerk, hulpverlening of wekelijkse sport en/of hobby activiteiten.

Bevorder in de begeleiding de zelfredzaamheid op alle levensgebieden en het in de eigen kracht zetten van de inwoner. Inkomenscoaches hebben aandacht voor het gebruik van alle financiële regelingen waar recht op is en schuldhulpverlening indien nodig.

1

Rapport Nederlandse Arbeidsinspectie, Spiegel bestaanszekerheid 2022 pagina 9 5

2 Samenstelling klantenbestand Bestand op 01-07-2024 De samenstelling van het bestand is op 1 juli 2024 niet significant gewijzigd ten opzichte van 1 januari 2024. We laten daarom de samenstelling van het bestand op 01-07-2024 zien. Het totale klantenbestand bedraagt op 01-07-2024 1993 klanten.

Trede indeling op 01-07-2024

300

250

200

150

100

Duiven Westervoort Zevenaar

50

0

Trede 1 – geen aanbod Trede 2a – Basis dienstverlening Trede 2b – Intensieve dienstverlening Trede 3 – Schoolgaand Trede 4 – Aanbod < 1 jaar Trede 5 – Direct bemiddelbaar Trede 6 – Betaald werk met groeipotentie Trede 6 - Betaald werk zonder groeipotentie

De treden geven aan hoeveel inspanning gepleegd moet worden voordat iemand weer terug kan keren naar de arbeidsmarkt. We zien dat zo’n 40% van het bestand op trede 2a en 2b staan. Hierbij moet een behoorlijke inspanning geleverd worden om de inwoner weer naar werk te brengen. Dit kost ook tijd. Tevens zien we dat slechts 2,4% van het bestand op trede 5 staat, waarbij de inwoner direct bemiddelbaar is voor werk. De groep die reeds aan het werk is en nog ondersteuning krijgt in de vorm van persoonlijke begeleiding of loonkostensubsidie is 20%. We verwachten dat de groep op trede 6 gaat groeien. Dit omdat de groep inwoners die blijvend afhankelijk is van voorzieningen tijdens werk groeit.

6

Leeftijdsopbouw bestand 300 250 200 150

Duiven Westervoort

100

Zevenaar 50 0 16 of 17 18 tm 26 27 tm 35 36 tm 45 46 tm 55 56 tm 66

01

02

03

04

05

06

67 of hoger (AOW) 07

In de leeftijdscategorieën valt met name op dat 30% van het bestand in de leeftijd van 56 tot en met 66 zit. Jongeren maken zo’n 18% van het bestand uit. De helft van deze jongeren heeft geen aanvullende bijstand. Zij krijgen begeleiding bij re-integratie of maken gebruik van een voorziening om aan het werk te blijven.

Migratieachtergrond

Arbeidshandicap

migratieachtergrond

arbeidshandicap

267

366

27 6

534

1192

1594

statushouder

migratie

autochtoon

LDR

NBW

MUB

geen

Van het totale bestand heeft 40% een migratieachtergrond. Ruim 13% is statushouder. Van deze groep is 13% aan het werk in dienstverband of als zelfstandige.

7

Het aandeel inwoners met een structurele functionele arbeidsbeperking stijgt gestaag. Dit heeft te maken met het feit dat jongeren met een arbeidsbeperking en mogelijkheden voor werk alleen nog naar de gemeente kunnen. Wanneer de arbeidshandicap is vastgesteld, kan de inwoner aanspraak maken op voorzieningen zolang dit nodig is. Deze groep stroomt niet uit, maar blijft onder onze verantwoordelijkheid vallen. Daarom groeit deze groep. Op 01-07-2024 zijn er 247 inwoners met arbeidshandicap die aan werk zijn. Zij ontvangen nog een aanvullende uitkering óf ondersteuning om aan het werk te blijven.

Trede 1 – geen aanbod Trede 2a – Basis dienstverlening Trede 2b – Intensieve dienstverlening Trede 3 – Schoolgaand Trede 4 – Aanbod < 1 jaar Trede 5 – Direct bemiddelbaar Trede 6 – Betaald werk met groeipotentie Trede 6 - Betaald werk zonder groeipotentie

Wanneer we kijken naar de leeftijdsopbouw verdeeld over de treden, dan valt op dat de leeftijdscategorie 56 tot 66 oververtegenwoordigd is. Trede 2a bevat alle leeftijdscategorien. Terwijl we zien dat jongeren zich vooral op trede 2b en 6 bevinden.

8

Studietoeslag Jongeren die door een structurele beperking niet in staat zijn om naast de studie te werken, kunnen een aanvraag indienen voor een studietoeslag. We zien dat het aantal inwoners, dat een studietoeslag aanvraagt en toegekend krijgt, toeneemt. De regeling is bekender onder zowel scholen als inwoners. Voor het bepalen of er sprake is van een structurele beperking en of het mogelijk is om naast de studie te werken, wordt een onafhankelijk medisch advies opgevraagd. jan Duiven

Westervoort

feb

Studietoeslag 18 jaar

mrt

april

mei

juni

1

Studietoeslag 19 jaar

2

2

3

3

3

3

Studietoeslag 20 jaar

1

1

1

2

1

2

Studietoeslag 21 jaar en ouder Totaal

5

7

7

10

8

9

8

10

12

15

12

14

Studietoeslag 17 jaar Studietoeslag 18 jaar

1 1

1

Studietoeslag 19 jaar

2

1

2 2

1

1

1

Studietoeslag 20 jaar

Zevenaar

1

Studietoeslag 21 jaar en ouder Totaal

3

4

4

4

6

7

4

5

7

5

9

12

Studietoeslag 18 jaar

1

Studietoeslag 19 jaar

2

2

2

2

3

2

Studietoeslag 20 jaar

1

3

4

4

5

4

Studietoeslag 21 jaar en ouder Totaal

12

12

11

12

14

16

16 28

17 32

17 36

18 38

23 44

22 48

1

9

3 Bestuurlijke opdracht, inclusief vertaling naar de dienstverlening 3.1 Resultaat afspraken (KPI’s – update cijfers t/m 30-06-2024) Hieronder volgt een overzicht van de resultaten tot en met 30-06-2024 op de afgesproken kritische prestatie indicatoren (KPI’s). Daarna volgt de vertaling naar hoe RSD uitvoering geeft aan de bestuurlijke opdracht. KPI’s KPI 1

250 plaatsingen naar werk/scholing/Zelfstandige: op doelstelling Tot 30 juni zijn er 156 plaatsingen gerealiseerd. Dit is 62% van de doelstelling. De verwachting is dat wij deze KPI ruimschoots gaan behalen.

KPI 2

200 inwoners werkfit gemaakt: onder doelstelling Tot 30 juni zijn er 76 klanten werkfit gemaakt. Dit is 38% van de doelstelling. Hierop zal in het komende half jaar maandelijks gestuurd worden om deze doelstelling alsnog te behalen.

KPI 3

80% duurzaam geplaatst: op doelstelling Op 30 juni is het percentage duurzame uitstroom 84%. De verwachting is dat wij dit percentage kunnen vasthouden.

KPI 4

10% stijging LKS: op doelstelling Op 30 juni is het percentage stijging LKS 16%. Dit percentage kan door de relatief kleine aantallen behoorlijk fluctueren. De verwachting is dat wij de doelstelling kunnen vasthouden.

KPI 5

30% Z&O actief begeleid: op doelstelling Op 30 juni is het percentage 41%. Dit is een prachtig resultaat. De verwachting is dat wij deze doelstelling kunnen vasthouden.

KPI 6

25% jongeren max in uitkering na een informatie- en adviesgesprek: op doelstelling Op 30 juni is dit percentage 23%. We zien hier een behoorlijke afwijking bij de gemeente Duiven (33%). Uit analyse blijkt dat er in de gemeente Duiven het afgelopen halfjaar, t.o.v. de andere gemeenten, zich meer jongeren met een arbeidsbeperking hebben gemeld. Dit heeft dit behoorlijke impact op het percentage. De verwachting is dat het percentage van gemeente Duiven de komende periode zal afnemen.

KPI 7

90% jongeren actief in begeleiding: onder doelstelling Op 30 juni is het percentage 84%. Aangezien dit een nieuwe doelstelling is in de bestuurlijke opdracht zijn we bezig met een inhaalslag. Per 1-1-2024 begonnen we op 78% en we zien een gestage stijging van dit percentage. De verwachting is dat wij eind 2024 op doelstelling zitten.

Voor een overzicht met meer informatie en grafieken verwijzen we naar bijlage 1. BUIG/LKS De tekorten op de BUIG zijn voor alle drie de gemeenten opgelopen. Eind mei heeft het Rijk de macrobudgetten naar beneden bijgesteld. Voor de drie gemeenten viel dit ruim een half miljoen euro nadelig uit. Begin oktober worden de definitieve BUIG-budgetten 2024 bekendgemaakt. Deze zal vanwege landelijke ontwikkeling en normstijging (per 1-7-2024) naar verwachting naar boven worden bijgesteld, maar dat zal zeker niet voldoende zijn om de tekorten weg te nemen.

10

 Voor Duiven zijn de geraamde kosten voor 2024 (geraamd per ultimo juni) ca. 7,1 miljoen euro. Het budget vanuit het Rijk is 6,77 miljoen. Het tekort is daarmee 5,1% (ca. 340K).  Voor Westervoort zijn de geraamde kosten voor 2024 (geraamd per ultimo juni) ca. 5,75 miljoen euro. Het budget vanuit het Rijk is 5,32 miljoen. Het tekort is daarmee 8% (ca. 420K).  Voor Zevenaar zijn de geraamde kosten voor 2024 (geraamd per ultimo juni) ca. 13,63 miljoen euro. Het budget vanuit het Rijk is 12,43 miljoen. Het tekort is daarmee 9,7% (ca. 1,2 miljoen). Belangrijke kanttekening hierbij is de LKS. Er wordt stevig ingezet op LKS vanwege de aparte financiering hiervan binnen de BUIG. LKS-kosten worden in jaar t-1 door het Rijk vergoed. Het loont dus om LKS in te zetten. In de eerste zes maanden van 2023 is door de RSD in totaal ruim negen ton aan loonkostensubsidie uitgekeerd. In de eerste zes maanden van 2024 is dit bedrag met 34% toegenomen tot ruim 1,2 miljoen euro. Dit leidt in 2024 tot hogere lasten (en daarmee een hoger tekort), maar in 2025 tot hogere Rijksontvangsten. De LKS alleen lost echter de BUIG-tekorten niet op. Daarom hebben de oplopende BUIG-tekorten grote aandacht bij de RSD en de gemeenten. Hiervoor is een plan opgesteld onder de naam ‘Focus op Werk’ en deze is op 22 augustus j.l. gedeeld, besproken en vastgesteld met de bestuurders van de RSD.

Re-integratiebudget De verwachting is dat de RSD binnen het gestelde budget blijft. De RSD merkt dat haar re-integratiepartners hun tarieven sterker verhoogd hebben dan verwacht. Middels verbeterd contractmanagement probeert de RSD deze kostenverhoging op te vangen. Ook wordt kritischer gekeken naar de inkoop van reintegratietrajecten bij onze LEON partners. Waar mogelijk maakt de RSD gebruik van trajecten uit het voorliggende veld, trajecten waarvoor landelijke of provinciale subsidies verkregen worden, of voert een RSD medewerker zelf de trajecten uit.

3.2 Investeer in mensen met onbenut arbeidspotentieel 3.2.1 Inwoners met een migratieachtergrond In eerdere projecten en trajecten is gebleken dat een groot deel van de mensen met een migratieachtergrond uiteindelijk in staat is om betaald aan het werk te gaan. Zonder gerichte ondersteuning slagen zij hier echter niet in. Daarom heeft de RSD ook in de eerste helft van 2024 veel aandacht gegeven aan deze klantgroep. De volgende zaken zijn in de eerste helft van 2024 gerealiseerd:  Het aantal contractpartners voor de re-integratie naar werk van mensen met een migratieachtergrond is met ingang van 1 januari 2024 van 3 naar 6 uitgebreid. In de eerste helft van 2024 is er nog een 7e contractpartner gespecialiseerd in het begeleiden van vrouwelijke statushouders bijgekomen.  Het aantal re-integratieproducten voor mensen met een migratieachtergrond binnen LEON is met ingang van 1 januari 2024 van 10 naar 19 vergroot.  40 mensen met een migratieachtergrond hebben deelgenomen aan project Samen. Bij project Samen kunnen mensen meedoen met laagdrempelige activiteiten. Doel is om in beweging te komen, meer te weten te komen over de Liemers en Nederland, beter Nederlands te leren spreken en mensen te leren kennen. Bij project Samen is sprake van een continue instroom en doorstroom naar een vervolgtraject. In de eerste helft van 2024 zijn 8 mensen ingestroomd en 8 mensen doorgestroomd.

 23 mensen met een migratieachtergrond hebben deelgenomen aan het project Onbenut Arbeidspotentieel Oudkomers (OAO). Dit is een intensief arbeidsmarktproject voor mensen die hun inburgering hebben afgerond maar nog niet voldoende zelfredzaam zijn. De focus lag volledig op re-integratie naar werk. 30,4% van de deelnemers is doorgestroomd naar werk. 30,4% is doorgestroomd naar een traject richting werk. Aan 14 vrouwelijke deelnemers zijn 51 zorgcertificaten uitgereikt. 4 mannelijke deelnemers hebben het officiële VCA-certificaat gehaald. Voor dit project heeft de RSD subsidie gekregen van de Arbeidsmarktregio Midden-Gelderland. Voor de RSD zaten er daarom geen kosten aan het project. 11

Binnen dit project heeft de RSD, samen met de HAN en met andere Hogescholen, een methodiek voor de activering en re-integratie van vrouwelijke statushouders/oudkomers ontwikkeld. Met behulp van de door een student van de HAN ontwikkelde praatplaat kan voortaan met vrouwelijke statushouders/oudkomers een gericht gesprek worden gevoerd over re-integratie naar werk. Ook als dit in land van herkomst nooit een optie is geweest.

3.2.2 Inwoners met een arbeidsbeperking De RSD heeft in het eerste halfjaar van 2024 op diverse manieren een impuls gegeven aan het aan het werk helpen van inwoners met een arbeidsbeperking. Door gebruik te maken van de verruimde mogelijkheden om mensen met een loonkostensubsidie uit te plaatsen, is het aantal plaatsingen met loonkostensubsidie gestegen. Door intensieve samenwerking met scholen stromen jongeren met een arbeidsbeperking vaak direct, vanuit school, door naar werk. Inwoners van 27 jaar en ouder worden bemiddeld via de reguliere bemiddelingskanalen (LEON-partners, RSD en WSP). In de meeste gevallen is er sprake van tijdelijke arbeidscontracten. Wordt een tijdelijke arbeidsovereenkomst niet verlengd, dan pakt de RSD de bemiddeling naar nieuw werk, voor het einde van het arbeidscontract, weer op. Dit is altijd maatwerk en arbeidsintensief. Werknemers met een arbeidsbeperking zijn vaak blijvend aangewezen op voorzieningen als loonkostensubsidie of jobcoaching, omdat de arbeidsbeperking blijvend is. Ook de 2 gespecialiseerde klantmanagers Nieuw Beschut Werk (NBW) hebben in de eerste helft van 2024 nauw samengewerkt met VSO- en Pro-scholen. Ook hebben ze geïnvesteerd in de samenwerking met UWV. Niet alle inwoners met een NBW indicatie zijn direct in staat om te werken.

Zo zijn er inwoners die nog moeten leren te werken, wachten op curatieve zorg, of inwoners die nog moeten leren te reizen. Deze inwoners krijgen een voortraject. Degenen die direct aan het werk kunnen, zijn geplaatst op geplaatst op een Nieuw Beschut Werk-plek, 50% bij Scalabor en 50% bij externe werkgevers. De arbeidsmarktregio heeft een aanjager aangesteld voor NBW. De rol en taak van de aanjager is om te zorgen voor geharmoniseerd beleid in de regio. Specifiek om duidelijkheid en eenduidigheid in de werkgeversdienstverlening te krijgen. Daarnaast om het instrument meer bekendheid te geven. Aantal positieve NBW adviezen op 01-07-2024 31 Aantal geplaatst op werk op 01-07-2024 23

3.2.3 Jongeren tot 27 jaar Ook in de eerste helft van 2024 was de inzet van de klantmanagers van het Jongerenloket er in de eerste plaats op gericht om jongeren zoveel mogelijk aan het werk te krijgen. Jongeren zonder al te grote problemen, zijn zo snel mogelijk met een traject naar werk of opleiding gestart. Tegelijkertijd zien we bij een groot deel van de jongeren meervoudige problematieken (schulden, (gok)verslaving, psychische problemen, problemen in de thuissituatie, eenzaamheid, keuzestress, in aanraking met justitie en ernstige ziekte). Juist door deze meervoudigheid, slagen maar weinig jongeren erin om deze problemen zonder hulp van buitenaf op te lossen. Samenwerking met andere ketenpartners is hierbij cruciaal. De samenwerking gebeurt altijd vanuit het oogpunt werk. De RSD neemt geen werkzaamheden over, maar stemt doelen af, zodat de verschillende betrokkenen elkaar niet tegenwerken. Het jongerenloket werkt veel samen met het veiligheidshuis, reclassering, revalidatie-instellingen, curatieve zorg, GGZ, begeleidende Welzijnsorganisaties, belastingdienst, bewindvoerders, gemeentelijke afdelingen, Regionaal bureau leerlingzaken, onderwijsinstellingen, taalscholen en LEON-partners. Knelpunt is dat bij de GGZ, maar ook bij andere instanties, er vaak sprake is van lange wachttijden, oplopend tot soms wel een jaar.

Ook de beoordeling van een Wajong-aanvraag bij UWV kan lang duren. 12

Ook is opnieuw veel energie gestopt in preventie. De meeste jongeren die zich melden, komen in aanmerking voor een informatie- en adviesgesprek. Doel van dit gesprek is om de jongere richting school, werk of hulpverlening te begeleiden. Een aanzienlijk deel van de jongeren is op deze manier aan een baan of een nieuwe studie geholpen. Minder dan een kwart komt alsnog in de uitkering terecht.

3.2.4 Zorgklanten (trede 1 en 2a ) De RSD heeft de opdracht gekregen om te investeren in de groep inwoners die een lange tot onoverbrugbare afstand tot de arbeidsmarkt hebben. Wanneer werk niet aan de orde is, is de opdracht om hen te helpen aan een andere vorm van participatie. De RSD heeft extra geïnvesteerd in de begeleiding van deze inwoners. De extra investering is gedaan door meer menskracht in te zetten. Hierdoor is er tijd om meer inwoners te begeleiden. We hebben inwoners geholpen om te participeren. Zowel betaald (trede 2a klanten) als onbetaald werk alsook deelname aan welzijnswerk of het weer aangaan van sociale contacten. Ook hebben we inwoners geholpen om bij het juiste loket hulp te vragen. We merken dat inwoners dat niet zo gemakkelijk vinden. Het zorglandschap is versnipperd. Soms hebben inwoners het gewoon opgegeven om hulp te vragen. We zien dat het loont als we inwoners aandacht geven en een tijdje met ze mogen oplopen! De activiteiten die we hebben ondernomen, zijn meer inwoners uitnodigen voor een gesprek. Zo hebben we inwoners individuele begeleiding kunnen bieden. We hebben inwoners door intensiever contact beter kunnen motiveren en activeren om in beweging te komen. Ook hebben we groepsactiviteiten aangeboden, waarbij inwoners kunnen leren van elkaar en nieuwe contacten opdoen. Daarnaast hebben we geïnvesteerd in de samenwerking met ketenpartners.

Bijvoorbeeld MEE cliëntondersteuning. Zo hebben we gezamenlijke gesprekken met inwoners gevoerd. Hierdoor hebben inwoners de juiste weg naar hulp kunnen vinden. Hieronder een aantal overzichten met het resultaat van de actieve begeleiding van de doelgroep trede 1 en 2a in het eerste half jaar van 2024. De inwoners die uit zijn gestroomd naar werk komen van trede 2a.

3.3 Investeer in mensen duurzaam aan het werk houden De RSD slaagt erin om kwetsbare inwoners met een vorm van een arbeidsbeperking, maar ook inwoners die al lange tijd inactief zijn, een plek op de arbeidsmarkt te bieden. Om deze plaatsing duurzaam te maken, volgen we de werknemer en ontzorgen de werkgever. Dit doen we door inwoners minimaal 6 maanden na plaatsing te volgen en actie te ondernemen wanneer nodig. Is er meer of specialistische persoonlijke ondersteuning nodig, dan kan de werknemer of werkgever persoonlijke begeleiding aanvragen. Dit kan in de vorm van het bieden van een vergoeding aan de werkgever voor de persoonlijke ondersteuning die wordt geboden binnen het bedrijf. Of door begeleiding van een RSD jobcoach of door een jobcoach van een jobcoach-organisatie in te zetten. Welke vorm gekozen wordt, is afhankelijk van de begeleidingsbehoefte van de werknemer en de mogelijkheden van de werkgever. De jobcoach kan de werknemer en werkgever ondersteunen om te zorgen dat de werknemer zo optimaal mogelijk functioneert op de werkvloer. We zien dat een toenemend aantal werknemers met een structurele beperking gebruik maakt van persoonlijke ondersteuning. Evenredig hieraan stijgen de kosten voor persoonlijke ondersteuning mee. De stijging van het gebruik van jobcoaching in 2024 ten opzichte van 2023 is 22%.

13

Door een verminderde loonwaarde bij werknemers ontstaat productieverlies. Door middel van loonkostensubsidie (LKS) compenseren we werkgevers voor dit productieverlies. Dit geldt voor werknemers met een arbeidsbeperking, maar regionaal is afgesproken dat het ook kan worden ingezet voor inwoners die langer dan één jaar werkloos zijn. Deze verruimde afspraak zorgt voor een stijging van het aantal mensen dat werkt met loonkostensubsidie. Loonkostensubsidie kan worden ingezet tot het moment dat iemand zich ontwikkelt naar 100% loonwaarde. In sommige gevallen gaat het om een kortdurende periode van loonkostensubsidie, in veel gevallen is het voor de duur van de arbeidsovereenkomst. Inwoners met een structurele beperking die onder de PW vallen, komen in aanmerking voor een voorziening van de gemeente als ze die nodig hebben om te kunnen werken of om de werkplek te bereiken. In het eerste geval gaat het om aanpassing van de werkplek en in het tweede geval om een vervoersvoorziening. Tot de zomer van 2023 heeft UWV uit coulance de regeling (Niet-)Meeneembare voorzieningen en vervoersvoorzieningen (anders dan reiskostenvergoeding of het verstrekken van een fiets) uitgevoerd. Daar ligt ook de expertise voor beoordeling van deze voorzieningen. Helaas stelt UWV hun expertise niet beschikbaar voor gemeenten, omdat dit te veel capaciteit vraagt.

De RSD heeft daarom recent zelf beleid opgesteld en er worden contractafspraken gemaakt met experts op dit thema. De eerste aanvragen zijn ontvangen. De aantallen zijn minimaal. Het betreft bijzondere situaties, die maatwerk en tijd vragen om het goed op te pakken. Dit is een landelijk beeld. Vaker is sprake van een mentale of cognitieve beperking, dan een lichamelijke beperking. Ook zien we dat het minder bekend is dat gemeenten deze taak hebben. Gemeente Duiven Westervoort Zevenaar Eindtotaal

aantal 0 1 2 3

3.4 Investeer in het mee laten doen naar vermogen wanneer werk (nog) niet aan de orde is.

3.4.1 Toeleiding naar Vrijwilligerswerk, Activerend Werk, Welzijnswerk, Hulpverlening Wanneer een inwoner door belemmerende factoren of omstandigheden geen werk kan aanvaarden, dan maakt de klantmanager, samen met de inwoner, een inschatting van wat nodig is. Vervolgens maakt de klantmanager een plan van aanpak. Bij het opstellen van het plan van aanpak is het uitgangspunt dat iemand mee doet, in beweging komt, het liefst via een traject dat gericht is op het ontwikkelen van basis-, werknemersof vakvaardigheden. Soms moet eerst hulpverlening plaatsvinden. Dan verwijzen we naar de huisarts en houden vinger aan de pols of iemand daadwerkelijk naar de huisarts gaat. Zo helpen we inwoners de drempel over om weer in beweging te komen. Is werk nooit meer aan de orde en heeft de inwoner een duurzame ontheffing? Dan kijken we of de inwoner vrijwilligerswerk kan gaan doen. Is dat door een begeleidingsbehoefte niet mogelijk of heeft de inwoner een ontwikkelvraag, dan motiveren we de inwoner om activerend werk bij de gemeente aan te vragen. In het eerste half jaar 2024 zijn 154 inwoners gestart met vrijwilligerswerk, welzijnswerk, dagbesteding, activerend werk of hulpverlening.

14

Gestart in het eerste half jaar 2024 Soort activiteit Activerend werk-ontwikkeling mogelijk Dagbesteding hoogst haalbaar Vrijwilligerswerk Welzijnsactiviteiten (geen vrijwilligerswerk) Maatschappelijk fit plaats Taalcursus Verwijzing hulpverlening Eindtotaal

aantal 11 6 32 24 1 26 55 155

Aantal personen gestart met een coachingstraject maatschappelijk fit eerste halfjaar 2024 Gemeente aantal Duiven 12 Westervoort 17 Zevenaar 48 Eindtotaal 77

3.4.2 Aandacht voor laaggeletterdheid De RSD vindt het belangrijk dat medewerkers aandacht besteden aan de taal- en digitale vaardigheden van inwoners. In het eerste kwartaal hebben we alle medewerkers opnieuw geïnstrueerd op het gebruik van de taalmeter bij nieuwe aanvragen. Met de taalmeter is snel inzichtelijk of de inwoner op het vlak van taal- of computervaardigheden zelfredzaam is. Wanneer dit niet het geval is, dan bespreken we met de inwoner een aanmelding voor een educatietraject. Ook is een voorlichting georganiseerd aan medewerkers op het herkennen van laaggeletterdheid in de spreekkamer. De medewerkers is geleerd hoe ze hun spreektaalgebruik kunnen aanpassen zodat iedereen de boodschap kan begrijpen. 26 inwoners zijn in de eerste helft van 2024 gestart met een taalcursus.

3.4.3 Investeren in participeren, perspectief bestaanszekerheid Het beoordelen van aanvragen voor een uitkering gebeurt door de Inkomenscoaches. Zij kijken echter niet alleen of er recht op uitkering bestaat, maar ook of deze inwoners gebruik maken van voorliggende voorzieningen, zoals een WW-uitkering of Toeslagenwet. Als zij geen gebruik maken, dan helpen we hen deze voorziening alsnog te verkrijgen. Daarnaast kijken zij of de inwoners de juiste toeslagen ontvangen van de belastingdienst en wanneer dit niet het geval is, helpen zij de inwoners om de toeslagen aan te vragen of te wijzigen. Daarnaast worden deze inwoners geïnformeerd over de mogelijkheid om bijzondere bijstand of inkomensondersteuning aan te vragen. Is er sprake van een problematische schuldensituatie, dan wordt de mogelijkheid van schuldhulpverlening besproken. Wanneer de inwoner hiervoor open staat, vult de Inkomenscoach samen met de inwoner een aanmeldformulier in en stuurt deze door naar de afdeling schuldhulpverlening van desbetreffende gemeente. De RSD heeft een overzicht gemaakt van de fondsen die voor Liemerse inwoners beschikbaar zijn. Deze fondsenkaart is in het werkproces van alle medewerkers met klantcontact opgenomen. Hierdoor wordt meer aandacht besteed aan het herkennen van armoedeproblematiek en een oplossingsrichting.

Voor een aantal individuele inwoners heeft dit ertoe geleid dat brillen, gebitten, gehoorapparaten, duurzame gebruiksgoederen, fietsen en laptops zijn vergoed door verschillende fondsen.

15

3.4.4 Themacontrole Op dit moment vindt er een zogenaamde themacontrole plaats bij uitkeringsgerechtigden waarvan bekend is dat zij schulden hebben. Dit is zichtbaar doordat er beslag is gelegd op de uitkering door derden of doordat de inwoner aflost op een schuld bij de gemeente. Inwoners lossen vaak af op meerdere schulden en hebben hierdoor een inkomen beneden de beslagvrije voet. In deze gevallen is het belangrijke dat zij een beroep doen op schuldhulpverlening, zodat de inwoner gaat beschikken over een inkomen dat gelijk is aan de beslagvrije voet. Ook geeft dit meer rust, omdat zij niet langer worden bestookt door schuldeisers. Hierdoor kan de inwoner zich beter focussen op zijn/haar re-integratie. Ook tijdens de themacontrole wordt gekeken of de juiste toeslagen van de belastingdienst en inkomensondersteunende regelingen worden ontvangen. We handelden 258 controles op dit thema af. Uit de al afgehandelde themacontroles is gebleken dat veel uitkeringsgerechtigden online gokken en dit niet hebben doorgegeven. Hierdoor is er te veel aan uitkering verstrekt. Hierdoor ontstaan er schulden, omdat de teveel verstrekte uitkering wordt teruggevorderd. De RSD adviseert de uitkeringsgerechtigden dan ook om direct te stoppen met gokken, omdat, zolang zij een uitkering ontvangen, dit niets oplevert.

Ook wordt geprobeerd om deze uitkeringsgerechtigde zich te laten aanmelden bij het Centraal Register Uitsluiting Kansspelen (Cruks). Wanneer zij zich hier inschrijven, kunnen ze niet meer gokken in casino’s en op Nederlandse goksites. Daarnaast verwijzen we inwoners door voor hulp bij schulden wanneer er meer schulden blijken te zijn ontstaan.

3.4.5 Alleenverdienersproblematiek Het besteedbaar inkomen van bijstandsgerechtigden bestaat uit een (aanvullende) bijstandsuitkering en toeslagen van de belastingdienst. Een samenloop van fiscaliteit, sociale zekerheid en toeslagen pakt echter voor een groep echtparen/samenwonenden met recht op een aanvullende bijstands- of IOAW-uitkering nadelig uit. Zij ontvangen namelijk lagere toeslagen van de belastingdienst. Als gevolg hiervan hebben zij een lager besteedbaar inkomen dan een vergelijkbaar huishouden met een volledige bijstands- of IOAW-uitkering en ligt dit inkomen onder het bestaansminimum. Dit wordt ook wel de toeslagenschade genoemd. Deze toeslagenschade kan worden gecompenseerd door aan deze inwoners bijzondere bijstand te verstrekken. Vanuit de RSD is een notitie geschreven om deze problematiek aan te pakken, omdat een aantal uitkeringsgerechtigden een te laag besteedbaar inkomen heeft. Van de belastingdienst zijn er door de gemeenten lijsten ontvangen waarop inwoners staan die mogelijk een te laag besteedbaar inkomen ontvangen. Daarnaast is er door de RSD een query gedraaid. Alle inwoners, die het betreft, zijn aangeschreven door de RSD met het aanbod om een berekening te laten maken door de sociaal raadslieden. De inwoners die toestemming verlenen om hun Naam Adres Woonplaats (NAW)-gegevens te delen met de sociaal raadslieden, worden door hen uitgenodigd.

Mocht blijken dat zij een te laag besteedbaar inkomen hebben, dan zal er ambtshalve een bijzondere bijstandsaanvraag worden ingediend, die door de gemeenten in behandeling wordt genomen.

3.5 Netwerkorganisatie 3.5.1 Arbeidsmarktregio en ontwikkeling regionaal werkcentrum De RSD maakt onderdeel uit van de arbeidsmarktregio Midden-Gelderland met bijbehorende opdrachten, taken en budgetten die vanuit het rijk komen. Er wordt steeds meer samen opgetrokken om te komen tot een goed werkende arbeidsmarkt waarbij werkgevers zoveel mogelijk worden voorzien van personeel en dus ook van onbenut arbeidspotentieel uit de gemeentelijke- of UWV bestanden. Ook wordt kritischer gekeken wie welke rol heeft in de werking van het arbeidsmarktsysteem en wordt doorverwezen of samengewerkt met de voorliggende organisaties. Dit is een goede opstap naar een regionaal werkcentrum, waarin de werkzoekende of werkgever centraal staat en organisaties op de achtergrond samenwerken om de vraag te bedienen. Aan de uitwerking van het werkcentrum Midden Gelderland wordt nog gewerkt.

16

In september geeft ook de RSD aan wat haar ideeën zijn over een regionaal werkcentrum. Daarnaast loopt een onderzoek naar de toekomst van het sociaal ontwikkelbedrijf. In de regio zien we dat partijen willen samenwerken, maar in de praktijk (ook) eigen belangen hebben waardoor het soms lastig is om keuzes te maken en gezamenlijk voortvarende stappen te maken. De RSD draagt in verschillende werkgroepen bij aan het vormgeven van gezamenlijke ambities en een gedeelde taal en methodiek, nieuw beschut werk, transparantie, geharmoniseerd beleid voor werkgevers en jobcoachorganisaties. Zo blijven we nauw betrokken bij alle ontwikkelingen, kunnen we deze direct toepassen ten behoeve van inwoners én brengen we de Liemerse visie in.

3.5.2 LEON Voor de ontwikkeling en bemiddeling van werkzoekenden heeft de RSD diverse mogelijkheden. RSD maakt gebruik van trajecten in het voorliggend veld, van gesubsidieerde trajecten en heeft een eigen leer- en ontwikkelnetwerk (LEON). Inkoop van re-integratie trajecten vindt plaats binnen LEON. De RSD koopt alleen trajecten in als een traject noodzakelijk is voor terugkeer naar de arbeidsmarkt, de klantmanager het niet zelf kan uitvoeren, er geen trajecten in het voorliggend veld zijn, of gesubsidieerde trajecten. Zo worden bijvoorbeeld voor klanten op trede 1 geen re-integratietrajecten bij LEON ingekocht, maar gebruik gemaakt van het voorliggend veld. Met LEON partners zijn uniforme afspraken gemaakt over de samenwerking, zonder afnameverplichting. Eind 2023 heeft een nieuwe aanbesteding plaatsgevonden. Er zijn 42 aanbieders gecontracteerd, met specialistisch of generiek aanbod. Bij 34 van de 42 LEON partners heeft inkoop plaatsgevonden. In 2024 hebben 188 inwoners een LEON activiteit afgerond en voor 291 is er een lopende inzet. De grootste inkoop wordt gedaan op de volgende onderdelen:  Diagnose: Dit is passend bij de complexe doelgroep en de expertise die het vraagt om de arbeidsbelasting vast te stellen  Modules: Dit zijn trajecten waarbij een combinatie wordt gemaakt van bijvoorbeeld werkfit, bemiddelen en coachen.

Hierdoor heeft de inwoner één gezicht/organisatie voor een begeleidingstraject  Nazorg: Hieronder valt de persoonlijk begeleiding voor inwoners die een betaalde baan hebben gevonden en een ondersteuningsnoodzaak hebben.  Werkfit: Dit zijn trajecten om mensen werkfit te maken. Resultaten worden gemonitord en besproken met de partners. Ook organiseert de RSD bijeenkomsten waarin LEON partners en klantmanagers elkaar ontmoeten. Een uniek en prettig concept, aldus de LEON partners die ook veel samenwerken met andere gemeenten.

3.6 Integraal samenwerken De RSD heeft de opdracht gekregen om zelfredzaamheid te bevorderen en hierbij integraal en sociaal domein breed samen te werken. Hierbij is werk altijd het uitgangspunt en vanuit daar kijken we naar de zelfredzaamheid. De Liemerse gemeenten willen dat iedereen mee doet en ertoe doet. Inwoners moeten zich verbonden en betrokken voelen binnen de regio. Voor de meeste inwoners van de Liemers is dat het geval, maar voor sommigen lukt dat (even) niet. Zij vinden niet altijd de weg naar werk, maatschappelijke activiteiten of sociale contacten. De RSD ondersteunt inwoners op hun weg naar werk met re-integratie trajecten en inkomen. Ongeveer 75% van het bestand van de RSD zijn inwoners die naast een vraag op werk en inkomen met problemen in andere levensdomeinen kampen. Denk bijvoorbeeld aan echtscheidingsproblematiek, opvoedingsproblematiek, schulden, psychische en lichamelijke gezondheid.

17

Deze inwoners zijn niet alleen bij de RSD bekend, maar ook bij andere gemeentelijke afdelingen. Het is noodzakelijk om de verbinding te zoeken met elkaar om deze kwetsbare groep passend te ondersteunen, ieder op zijn of haar eigen rol en taak. De RSD neemt geen taken van andere afdelingen over, maar zoekt juist de samenwerking. Bij de start van de begeleiding brengt de RSD medewerker in kaart wat de mogelijkheden van de inwoner op de arbeidsmarkt zijn, hoe zelfredzaam de inwoner is en welke belemmeringen eventueel weggenomen moeten worden alvorens aan het werk te gaan. Denk aan het ontbreken van kinderopvang of huisvestingsprobleem. Meestal kan tegelijk aan werk én aan andere problemen gewerkt worden. Werk is vaak een onderdeel van de oplossing. De RSD heeft als uitgangspunt dat wat de inwoner zelf kan doen, doet de inwoner zelf. Als dat niet lukt, dan biedt de RSD een helpende hand. Het is dan ook belangrijk om in te schatten of een inwoner zelfredzaam is. Een inwoner die zelfredzaam is, beheerst in ieder geval 5 basisvaardigheden: 1. Lezen, schrijven, rekenen 2. Digitale vaardigheden 3. Gezondheidsvaardigheden 4. Sociaal Juridische vaardigheden 5. Financiële vaardigheden De RSD brengt deze vaardigheden in kaart en schat in hoe leerbaar iemand hierin is. Als de inwoner leerbaar is op de eerste twee vaardigheden schakelen we het taalhuis in.

Tegelijk kijken we naar de hulp die iemand direct nodig heeft. Ook daarin werken we samen met ketenpartners als bijvoorbeeld MEE cliëntondersteuning, sociaal raadslieden en welzijnswerk. Wanneer maatwerkvoorzieningen nodig zijn, dan zoeken we de samenwerking met gemeentelijke collega’s of hulpverlenende instellingen. De integrale samenwerking is dan ook vooral op individueel casusniveau. Op organisatieniveau zijn er (nog) geen werkprocesafspraken. De medewerkers van de RSD sluiten aan bij Multi Disciplinaire Overleggen (MDO). Of organiseren zelf een MDO. Doel van een MDO is om doelen op elkaar af te stemmen. Hierdoor ontstaat een duidelijk plan met heldere taakafbakening. Dit voorkomt ook dat doelen van de verschillende afdelingen elkaar tegenspreken. Denk hierbij aan een ontheffing van de arbeidsverplichting vanuit de RSD, terwijl de consulent schuldhulpverlening van de inwoner vraagt om direct werk te aanvaarden. Of inspanningen vanuit de RSD om iemand op werk te plaatsen, terwijl de WMO consulent de persoon stimuleert om zich eerst thuis op de opvoeding te richten. In de dagelijkse praktijk ontbreken de kaders en procesafspraken voor samenwerking. Met name voor nieuwe medewerkers van RSD en gemeenten is het dan lastig om elkaar te vinden en te weten wie je hoe kunt benaderen en wat wel en niet in de samenwerking en gegevensuitwisseling kan.

We moeten het integraal samen op pakken om onze inwoners te kunnen bedienen. In het najaar wordt integrale samenwerking opnieuw besproken tussen gemeenten en de RSD.

18

3.7 Toegankelijkheid 3.7.1 Taalgebruik en illustraties RSD stuurt veel brieven en andere informatie naar inwoners. We weten dat binnen de Liemerse gemeenten 14% van de inwoners laaggeletterd is. De RSD is dan ook al langere tijd bezig om brieven en informatiefolders te herschrijven naar eenvoudige taal. Daarnaast maken we meer gebruik van illustraties om teksten te verduidelijken. We hebben gemerkt dat de informatie over rechten en plichten bij inwoners met een migratieachtergrond onvoldoende begrepen wordt. Daarom hebben we een nieuwe voorlichting ontwikkeld waarbij we ook gebruik maken van illustraties. En waarbij de statushouders de voorlichting in eigen taal kunnen bijwonen. In de tweede helft van dit jaar zal de voorlichting nieuwe stijl gegeven worden.

3.7.2 Digitale toegankelijkheid De website van RSD moet toegankelijk zijn voor alle inwoners. Ook inwoners die slecht kunnen zien, of inwoners met een belemmering in de motoriek of inwoners met een prikkelverwerkingsprobleem. De website van de RSD is in het eerste half jaar van 2024 getoetst op digitale toegankelijkheid. De website moet aan 29 punten voldoen. We voldoen aan 24 punten. Dit is positief. Deze punten zijn deels technisch van aard, waarbij we afhankelijk zijn van de websitebouwer. Wat we zelf konden oplossen is reeds opgelost. De PDF formulieren op de website zijn nog niet digitaal toegankelijk. Hiervoor dient eerst de onderliggende Word documenten digitaal toegankelijk te worden gemaakt. Daarna kan een digitaal toegankelijke PDF worden gecreëerd. In september vindt een hercontrole plaats. We zijn positief gestemd dat de hercontrole nog beter uitvalt dan de eerste controle.

3.8 Blijf binnen de financiële kaders van de bestuurlijke opdracht De RSD houdt middels maandrapportages haar bestuurders op de hoogte van de financiële ontwikkelingen. Conform de P&C-cyclus wordt er tweemaal per jaar een tussenrapportage ingediend en éénmaal per jaar een jaarrekening. Voor de kosten, die niet binnen de exploitatie van de RSD vallen, worden voorschotnota’s verstuurd. Zodra deze sterk afwijken, worden de financials van de betreffende gemeente hierover geïnformeerd. Vooralsnog blijft de RSD binnen de gestelde financiële kaders voor wat betreft haar begroting. Daarentegen zien we dat de tekorten op de BUIG budgetten oplopen. Om dit een halt toe te roepen, is een bestuurlijke memo opgesteld om maatregelen te nemen die dit tekort kan terugdringen. In augustus is deze memo bestuurlijk besproken en geaccordeerd. Op dit moment wordt volop gewerkt aan de te nemen maatregelen.

19

4 Dienstverlening rechtmatigheid 4.1 Preventie en Handhaving 4.1.1 Preventie Het beoordelen of er (nog) recht op uitkering bestaat, is een taak van de Inkomenscoaches. Zij beoordelen de aanvragen, verrichten heronderzoeken en pakken mutatiesignalen op. Om te zorgen dat alle inwoners, die een aanvraag hebben ingediend, op de hoogte zijn van de regels die verbonden zijn aan de PW maakt een voorlichtingsbijeenkomst over de rechten en plichten onderdeel uit van de aanvraagprocedure. Omdat statushouders de Nederlandse taal niet begrijpen, hoeven zij de voorlichtingsbijeenkomst niet te volgen. Om te zorgen dat ook zij geïnformeerd worden, ontvangen zij de belangrijkste regels in hun eigen taal. Vanaf het najaar 2024 zullen de nieuwe statushouders een voorlichtingsbijeenkomst in hun eigen taal bijwonen. Ook statushouders, die reeds een PW-uitkering ontvangen, zullen in groepjes worden uitgenodigd om te worden voorgelicht in hun eigen taal.

4.1.2 Handhaving Niet alleen de sociaal recherche handhaaft de regels. Ook de inkomenscoaches houden zich bezig met een vorm van handhaving. Begin dit jaar heeft er een themacontrole plaatsgevonden om te beoordelen of alle bijstandsgerechtigden met een vreemde nationaliteit beschikken over een geldige verblijfsvergunning. Omdat deze groep toch onder de loep werd genomen, heeft er volledige rechtmatigheidscontrole plaatsgevonden. Gebleken is dat de uitkering over het algemeen rechtmatig is verstrekt. In een enkel geval is geconstateerd dat er inkomsten waren uit gokactiviteiten. In deze gevallen is de te veel verstrekte uitkering teruggevorderd. Wanneer de inwoner de inlichtingenplicht schendt en er daardoor teveel uitkering is verstrekt, kan een boete worden overwogen. Wanneer de Inkomenscoaches het gegronde vermoeden hebben dat inwoners niet rechtmatig een uitkering aanvragen/ontvangen, wordt geschakeld met de afdeling Handhaving. De afdeling Handhaving kan dan een diepgaander onderzoek instellen. Dit heeft in het afgelopen half jaar geleid tot het beëindigen van meerdere uitkeringen en tot terugvordering van ten onrechte verstrekte uitkeringen. Voor een overzicht van aantal onderzoeken boete en maatregelen verwijzen we naar bijlage 2.

4.1.3 Sociaal Recherche Begin dit jaar is een ervaren sociaal rechercheur met pensioen gegaan. Om dit gat op te vullen zijn tijdelijk twee handhavers2 ingehuurd. Er is inmiddels een vacature uitgezet om een vaste handhaver te werven. De sociaal recherche wordt ingeschakeld wanneer diepgaander onderzoek noodzakelijk is. De medewerkers hebben verschillende mogelijkheden om onderzoek te doen. Zo kunnen zij via Internet rechercheren, posten, buurtonderzoek doen, gegevens uitwisselen met politie of andere diensten. Per casus wordt gekeken welk instrument ingezet wordt. Als het met een licht instrument kan, dan zal dat instrument worden ingezet. Bijzondere onderzoeken worden alleen ingezet wanneer er gegronde redenen zijn die een dergelijk onderzoek rechtvaardigen. Het soort onderzoeken is divers. De ene keer gaat het om de feitelijke verblijfsplaats, de andere keer om zwart werken, of een huis in het buitenland. Ook het resultaat van de onderzoeken is divers. Dit loopt uiteen van beëindigen van een uitkering, terugvorderen van een uitkering, tot het ongewijzigd voortzetten van een uitkering. Voor een overzicht van de onderzoeken en de resultaten verwijzen we naar bijlage 3.

Tussen een sociaal rechercheur en een handhaver zit verschil. Een sociaal rechercheur heeft opsporingsbevoegdheid en een handhaver niet. Alleen een sociaal rechercheur kan aangifte doen van valsheid in geschrifte bij het Openbaar Ministerie. Dit doet zich alleen voor wanneer het benadelingsbedrag hoger is dan € 50.000. Een van de vaste medewerkers is sociaal rechercheur. Dit betekent, voor de RSD, dat alle controles die moeten plaatsvinden, verricht kunnen worden. 2

20

4.1.4 Landelijke ontwikkelingen handhaving Op dit moment liggen er 2 wetsvoorstellen die invloed gaan hebben op het handhavingsbeleid. Het betreft de wetsvoorstellen “Participatiewet in balans” en “Handhaving sociale zekerheid”. Deze wetsvoorstellen zijn ingediend, omdat de Participatiewet als te streng wordt ervaren. De uitgangspunten zijn:  passend handhaven waarbij rekening wordt gehouden met het doenvermogen van de klant en de menselijke maat;  werken vanuit vertrouwen dat er geen misbruik wordt gemaakt van de uitkering;  bieden van voldoende ruimte om onderscheid te maken tussen een foutje en opzet of grove schuld. Dit betekent voor de dagelijkse praktijk dat beter uitgevraagd moet worden wat de redenen zijn dat een inwoner zich niet aan de wet heeft gehouden. Dit kost weliswaar meer tijd, maar biedt ook meer mogelijkheden voor maatwerk. Een gevolg kan zijn dat gemeenten minder geld kunnen terugvorderen. Onder de huidige wet wordt al het teveel betaalde uitkering of leenbijstand teruggevorderd. Onder de nieuwe wet moet een afweging gemaakt worden of het gevolg van het volledig terug te vorderen bedrag niet onevenredig is. Zo kan onder de nieuwe wet besloten worden dat slechts een deel teruggevorderd wordt.

Zodra duidelijk is dat de wetsvoorstellen geheel of deels worden aangenomen, zal er een nieuw handhavingsbeleidsplan worden opgesteld en ter vaststelling worden voorgelegd aan de colleges van B&W.

4.2 Ondernemersdienstverlening Startende ondernemers en ondernemers die in zwaar weer zitten, kunnen mogelijk een beroep doen op tijdelijke financiële ondersteuning voor levensonderhoud of op een bedrijfskrediet. Zij kunnen een aanspraak maken op het Besluit bijstandsverlening zelfstandigen (Bbz). Dit kan echter alleen wanneer de onderneming als levensvatbaar wordt beoordeeld. Deze beoordeling vindt plaats door een onafhankelijke partij. Ondernemers die schulden hebben, kunnen geen beroep doen op de particuliere schuldhulpverlening. Om ondernemers die met schulden kampen toch ondersteuning te bieden, is de RSD in 2021 gestart met schuldhulpverlening voor ondernemers. De RSD heeft met een aantal partijen contracten afgesloten. Deze partijen bekijken samen met de ondernemers welke acties er genomen zijn om de schulden te betalen. Dit kan zijn doordat de ondernemer op zijn/haar privé uitgaven bezuinigt of dat er in overleg met de schuldeisers akkoord word gegaan met een betaling tegen finale kwijting. In sommige gevallen wordt de ondernemer geadviseerd om zijn/haar niet rendabel te maken bedrijf te beëindigen en, nadat dit is gebeurd, zich te melden bij de particuliere schuldhulpverlening. Gebleken is dat veel ondernemers dit advies niet opvolgen.

Omdat de schuldhulpverlening voor ondernemers ook onder de Wet gemeentelijke Schuldhulpverlening (Wgs) valt, zijn er momenteel gesprekken gaande met de afdeling schuldhulpverlening van de gemeenten om de procedure te stroomlijnen. Gebleken is dat ondernemers sporadisch een beroep doen op de Bbz of de schuldhulpverlening. Al geruime tijd zijn de verwachtingen dat de ondernemers zich zullen gaan melden. De belastingdienst, die tijdens corona en ook na corona de inning van de belastingschulden heeft opgeschort, is inmiddels weer tot inning overgegaan. De RSD heeft meerdere acties uitgezet om ondernemers te bereiken. Zo zijn ondernemers die een beroep hebben gedaan op de TONK gebeld met de vraag of zij ondersteuning nodig hebben, is er voorlichting gegeven bij ondernemersverenigingen en is er een open spreekuur gearrangeerd. Maar ook dit heeft niet geleid tot meer aanvragen. Dit is niet alleen binnen de Liemers het geval, maar dit is een landelijke trend.

21

Duiven BBZ renteloos LO starter

nul per 1-1

1 per 30-6

BBZ renteloos LO starter

nul per 1-1

1 per 30-6

BBZ renteloos LO gevestigd

twee per 1-1

1 per 30-6

Westervoort Nihil Zevenaar

4.3 Afwikkeling TOZO lening bedrijfskapitaal

Gemeente Duiven Westervoort Zevenaar

aantal leningen 19 22 44

volledig afgelost 6 3 6

teruggevorderd 0 10 11

De regering heeft ondernemers, die ten gevolge van de coronacrisis in zwaar weer verkeerden, de mogelijkheid geboden om een beroep te doen op de Tijdelijke overbruggingsregeling zelfstandige ondernemers (Tozo). Deze regeling bestond uit 2 onderdelen, te weten een uitkering voor levensonderhoud en een rentedragende lening voor bedrijfskosten. 85 ondernemers hebben een rentedragende lening voor bedrijfskosten toegekend gekregen. Bij het bedenken van deze regeling was bepaald dat de rentedragende lening in 3 jaar diende te worden terugbetaald. Omdat de coronacrisis langer duurde dan verwacht, is deze periode opgerekt naar 5 jaar. Daarbij is de mogelijkheid geboden om uitstel van betaling aan te vragen. Een beperkt aantal ondernemers heeft hier gebruik van gemaakt. 15 leningen zijn inmiddels volledig afgelost. 21 keer is tot terugvordering overgegaan, omdat er niet werd afgelost en er ook geen uitstel van betaling is gevraagd. In alle overige gevallen wordt de aflossingsverplichting netjes nagekomen.

22

4.4 Debiteuren Er zijn twee soorten debiteuren, te weten: 1. inwoners die te veel uitkering of een leenbijstand hebben ontvangen (terugvordering) 2. verhaalsplichtigen (verhaal)

4.4.1 Terugvordering Door de RSD wordt er actief teruggevorderd. Dit betekent dat, waar dit mogelijk is, de te veel verstrekte uitkering of verstrekte leenbijstanden wordt teruggehaald. Tot voor kort dienden inwoners, die te veel uitkering hadden ontvangen of die een leenbijstand hadden ontvangen, het teveel betaalde bedrag c.q. de leenbijstand altijd terug te betalen. Maar door een aantal uitspraken van de Centrale Raad van Beroep is hier een wijziging in gekomen. Er dient een evenredige belangenafweging te worden gemaakt. Het evenredigheidsbeginsel bepaalt dat de voor een belanghebbende nadelige gevolgen van een besluit niet onevenredig mogen zijn in verhouding tot de met het besluit te dienen doelen. Het doel van een evenredige belangenafweging is het voorkomen van onnodige nadelige gevolgen, maar niet het in het algemeen tegengaan van nadelige gevolgen van besluitvorming. Want terugbetaling heeft immers meestal een nadelig gevolg voor de inwoner. De nieuwe werkwijze betekent, dat waar terugvordering in het verleden eigenlijk alleen maar bestond uit berekenen van hetgeen terugbetaald moest worden, er nu allerlei factoren moeten worden onderzocht voordat er tot terugvordering kan worden overgegaan. Hierbij kan gedacht worden aan:  Het denk- en doe-vermogen van de inwoner.

 Had de inwoner kunnen begrijpen dat hij/zij informatie moest verstrekken?  Is de terugvordering (mede) te wijten aan het (niet) handelen van de gemeente?  Heeft de terugvordering gevolgen voor de voortgang van het minnelijk of wettelijk schuldverleningstraject van de inwoner?  Heeft de terugvordering gevolgen voor zijn/haar sociale omstandigheden? Een gevolg hiervan is dat het vaststellen van een terugvordering veel meer tijd kost, omdat er een diepgaander onderzoek dient plaats te vinden en dat er geen of een lager bedrag kan worden teruggevorderd. Zo wordt meer maatwerk geleverd en de inwoner menselijk behandeld. Aantal nieuwe vorderingen ontstaan in 1e half jaar 2024 Soort terugvordering Duiven Westervoort Leenbijstand bijz.bijstand 41 31 Leenbijstand Statushouders Overbr.uitk. bet.ritme PW-I Fraude Inl.bur. en overig 6 10 PW-I Fraudevord.Soc. Recherche 1 Rentel.leenbyst.Bbz gevestigd Rentel.leenbyst.Bbz starters Terugvord. Ioaw 2 Terugvord. Ioaz Terugvord.algem.bijstand PW-I. 29 18 Terugvord.bijz. bijstand 4 3 Terugvord.kinderopvang 9 5 Terugvord.scholingstraject 4 Terugvord.voorschot 13 4 Terugvordering Loonkostensubsidie 1 1 Terugvordering ROOO 19 9 Verrekening UWV uitkering met PW-I 2 Wet boete PW-I 1 1 Eindtotaal 131 83

Zevenaar Eindtotaal 10 82 1 1 2 2 9 25 1 2 1 1 1 1 2 2 2 38 85 25 32 21 35 6 10 20 37 1 3 22 50 9 11 5 7 174 388 23

Redenen van ontstaan van terugvorderingen Ontstaansgrond terugvordering Achteraf ontvangen middelen Bbz Leenbijstand Administratieve fout3 Schenden inlichtingenplicht Terugvordering ROOO Overige ontstaansgronden Eindtotaal

Duiven 27

Westervoort 16

41 4 13 19 27 131

31 15 9 12 83

Zevenaar Eindtotaal 56 99 1 1 14 86 13 17 21 49 22 50 47 86 174 388

4.4.2 Verhaal Wanneer er bijstand wordt verhaald, dan wordt er geen bedrag gevraagd van de uitkeringsgerechtigde, maar van een derde. De meest voorkomende vorm van verhaal is het opleggen van een onderhoudsbijdrage. Hierbij kan gedacht worden aan de voormalige echtgeno(o)t(e) en de vader/moeder van de erkende kinderen. Op grond van het burgerlijk wetboek is de echtgeno(o)t(e)/vader/moeder onderhoudsplichtig. De verhaalsplichtige dient na draagkracht een onderhoudsbijdrage te betalen aan de gemeente. Dit betekent dat de gemeente een deel van de bijstand, dat wordt verstrekt aan de bijstandsgerechtigde, terugvraagt van de verhaalsplichtige. De RSD voert een actief verhaalsbeleid.

4.4.3 Invordering Het terugvorderen en verhalen van bijstand wil nog niet zeggen dat er ook daadwerkelijk geld wordt ontvangen. In veel gevallen komen de debiteuren hun betalingsverplichtingen na. Maar lang niet altijd betaalt men uit vrije wil. In die gevallen worden er door de RSD invorderingsmaatregelen genomen. Die bestaan uit het aanmanen, het uitvaardigen van dwangbevelen en het leggen van loonbeslagen. In lang niet alle gevallen is het mogelijk om tot invordering over te gaan. Wanneer er geen inkomstenbron bekend is of de debiteur in het buitenland verblijft, is loonbeslag niet mogelijk. In die gevallen wordt bekeken of er een deurwaarder kan worden ingeschakeld. Lang niet alle bijstand, die is teruggevorderd of verhaald, kan ook daadwerkelijk worden ingevorderd. Wanneer een debiteur wordt opgenomen in de Wet schuldsanering natuurlijke personen (WSNP) is de RSD verplicht om akkoord te gaan met een aanbod tegen finale kwijting4. Dit houdt vaak in dat maar een fractie van het uitstaande bedrag kan worden ingevorderd. Dit komt niet vaak voor. Met ingang van 1 juni 2024 vordert de RSD ook de openstaande bijzondere bijstandsvorderingen van de gemeenten Duiven en Westervoort in. Tot deze datum lag deze taak bij de gemeenten zelf. Het was een heel proces om deze invordering over te nemen. Zo moesten de lopende debiteuren hiervan op de hoogte worden gesteld.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Westervoort&id=5039a342-fa88-4cf3-97d1-2c67d0e54c95