A02-20230925-26-vka-coll-voortgangsrapportage-res-regio-arnhem-nijmegen
Tekst van het document
Kennisgeving aan de gemeenteraad Documentnummer: 201622152
Zaaknummer:
Z/23/111195
Portefeuillehouder(s): J.H.J. Sluiter Voor vragen Naam: Telefoon: E-mail:
Luc Velhorst 088-6953349 l.velhorst@1stroom.nl
Komt niet terug tot besluitvorming in de raad Onderwerp:
Voortgangsrapportage RES regio Arnhem Nijmegen 2023
Aanleiding voor deze kennisgeving Om een landelijk beeld te krijgen van de voortgang van de RES heeft het Nationaal Programma RES (NP RES) alle regio’s gevraagd om in juli 2023 een voortgangsrapportage op te leveren. In deze 2-jaarlijkse Voortgangsrapportage geeft de RES regio Arnhem Nijmegen inzicht in de vraag in hoeverre ze op koers ligt met het regionale bod voor 2030. Ook geeft de regio aan welke knelpunten/ belemmeringen zij signaleert die landelijk, provinciaal, regionaal of lokaal opgelost moeten worden. Relevant beleidskader In de RES regio Arnhem Nijmegen werken 16 gemeenten, de provincie Gelderland, drie waterschappen en netbeheerder Liander samen aan de Regionale Energie Strategie (RES). Daarbij worden bestuurlijke afspraken op regionale schaal vastgelegd, gericht op de grootschalige opwek van wind- en zonne-energie. Ook wordt in de RES gekeken naar de bovenlokale warmtestructuur en naar optimalisatie van de regionale energie-infrastructuur. Inhoud van mededeling De voortgangsrapportage RES treft u aan in de bijlage. Hierin wordt onderscheid gemaakt tussen een drietal inhoudelijke sporen: (1) elektriciteit (de grootschalige opwek van wind- en zonne-energie). (2) warmte (de bovenlokale warmteverdeling), (3) integraal programmeren. Voor elektriciteit en warmte zijn er in de RES 1.0 doelen gesteld en afspraken gemaakt.
Het belangrijkste doel is het bod om in 2030 1.62TWh (TerraWatt uur) duurzame energie op te wekken uit grootschalige opwek. Integraal programmeren is gericht op het omgaan met netcongestie en wordt de komende tijd opgestart. Voor elektriciteit is de stand van zaken zowel kwantitatief en kwalitatief weergegeven. Voor warmte wordt de stand van zaken in de voortgangsrapportage kwalitatief weergegeven. De reden daarvoor is dat er in de RES 1.0 voor warmte vooral afspraken in gang zijn gezet over bovenlokale warmtebronnen. Daarnaast is voor beide thema’s gekeken naar leermomenten, successen en knelpunten. De voortgangsrapportage is een informerend document. Er worden geen strategische en/of beleidsmatige keuzes in gemaakt.
Hieronder staan de conclusies van de voortgangsrapportage op een rijtje (p.19):
In de RES GMR AN werken16 gemeenten, driewaterschappen, de provincie en netbeheerders samen om de doelen en afspraken van de RES 1.0 te realiseren. Voor elektriciteit wordt het planMER doorgevoerd in de RES. De vervolgstap is de doorvertaling in omgevingsbeleid. Voor warmte wordt de komende tijd de bovenlokale warmteverdeling verder geconcretiseerd. Zo werken we met een aantal procesbegeleiders per cluster toe naar(bestuurlijke) afsprakenvoorde bovenlokale warmteverdeling. Ook wordt er gewerkt aan een voorstel om gemeenten in regionaal verband te ondersteunen. •Bij de kwantitatieve analyse van elektriciteit ontstaat er een enigszins tweeledig beeld. Zo is al meer dan de helft van het bod in de pijplijn, of gerealiseerd; maar liefst 56%. Dat laat zien dat we in de regio ook daadwerkelijk werk maken van de energietransitie. Tegelijkertijd zat een aanzienlijk deel van deze projecten al in de pijplijn, of was het al gerealiseerd bij aanvang van het RES-proces. Er moet dus ook nog veel gebeuren om het bod van 1.62TWh in 2030 te realiseren. •De wind/zonverhouding is al aanzienlijk beter dan bij vaststelling van de RES 1.0. We zitten nu op 26% wind en74% zon. Het streven blijft, conform afspraak in de RES 1.0, een verdeling van 50/50. Echter wordt het tijdspad om dat te realiseren steeds krapper.
Windprojecten moeten in 2025 immers vergund zijn voor realisatie in 2030 en in de ontwikkeling van dergelijke projecten is dat al erg dichtbij. Naast de gebruikelijke(soms tijdrovende) procedures, zijn er namelijk de nodige uitdagingen bijgekomen. Zo is de wespendief een sterk belemmerende factor in de ontwikkeling van windprojecten met een negatief effect op de zon/wind verhouding. Tegelijkertijd is een verdere verbetering van de zon/wind verhouding, ook met het oog op het energienet, essentieel voor het realiseren van het bod. Netcongestie heeft nu namelijk al een negatieve impact op de realisatie van projecten. Er komt daarom een startnotitie voor integraal programmeren. Met integraal programmeren werken we aan het energiesysteem van de toekomst, ook om netcongestie te voorkomen. Daarnaast werkt de RES organisatie aan het inzichtelijk maken van slimme oplossingen voor de kortere termijn. •Bij de ontwikkeling van zon op veld zijner ook de nodige uitdagingen. Een relatief klein deel is gerealiseerd(12%), een groter deel bevindt zich in de pijplijn(39%). Dat betekent ook dat de helft zich nog in de ambitiefase bevindt. Daar moeten dus ook nog veel stappen worden doorlopen voordat tot gunning en realisatie wordt over gegaan. Er zijn nu echter al initiatieven voor zon op veld die geen doorgang kunnen vinden wegens een overvol energienet.
Voor(grootschalig) zon op dak is de realisatiegraadsignificant hoger dan bij vaststelling van de RES 1.0; 43% tegenover 14% in 2021. Ook hier laat de huidige netcongestie weinig ruimte voor verdere ontwikkelingen. •We zijn in de regio goed op weg. Echter, om de resterende helft van het bod van 1.62TWh te realiseren, kunnen we niet achteroverleunen. Veel projecten waren immers al in de pijplijn bij aanvang van het RES-proces en het wordt vanwege, onder andere, de wespendief en netcongestie, maar ook de personele krapte bij gemeenten steeds complexer om projecten te realiseren, terwijl het tijdspad steeds krapper wordt. Om de ambitie van 1.62TWh te realiseren moeten we de komende tijd, kijkend naar de hierboven beschreven uitdagingen, dan ook voortbouwen op de basis die er ligt, zodat we als regio de nodige stappen zetten om het bod van 1.62TWh te realiseren en de bovenlokale warmte zo efficiënt mogelijk verdelen.
Pagina 2
Westervoort, 25 september 2023. Burgemeester en wethouders van gemeente Westervoort M. Sluiter MA drs. A.J. van Hout
Bijlagen: 201622152
Voortgangsrapportage RES regio Arnhem Nijmegen, juli 2023
Pagina 3