CConstaterende datWestervoort
Koppel je AI →
Document · PDF

20260622-rv-wijz-opw-wtv-nrd-west-bijlage-3

Commissie Ruimte en Financien 9 juni 2026, gemeente WestervoortBij agendapunt: Gewijzigde vaststelling omgevingsplanwijziging 'Westervoort-Noord, Westelijk deel'22.662 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 3

3.6 de oppervlakte van een bouwwerk tussen de buitenwerkse gevelvlakken en/of het hart van de scheidingsmuren, neerwaarts geprojecteerd op het gemiddelde niveau van het afgewerkte bouwterrein ter plaatse van het bouwwerk. 3.7 de oppervlakte van een overkapping tussen de buitenzijde van de afdekking van de overkapping, neerwaarts geprojecteerd op het gemiddelde niveau van het afgewerkte bouwterrein ter plaatse van de overkapping. 3.8 overige bepalingen bij toepassing van het bepaalde ten aanzien van het bouwen worden ondergeschikte bouwonderdelen, als plinten, pilasters, kozijnen, gevelversieringen, ventilatiekanalen, schoorstenen, liftschachten, gevel- en kroonlijsten, luifels, balkons en overstekende daken buiten beschouwing gelaten, mits de overschrijding van bouwgrenzen niet meer dan 1 m bedraagt.

74

Westervoort Noord, westelijk deel

Hoofdstuk 2 Artikel 4

Functieregels Dienstverlening

4.1 Functieomschrijving Een als 'Dienstverlening' aangewezen locatie heeft de volgende functies: a. dienstverlening; b. horeca in de categorie I van de Staat van Horeca-activiteiten ter plaatse van de aanduiding 'horeca van categorie 1', met dien verstande dat tevens zalenverhuur (zonder regulier gebruik ten behoeve van feesten en muziek-/dansevenementen) als bedoeld in categorie II van de Staat van Horeca-activiteiten en een galerie is toegestaan; met bijbehorende gebouwen, bouwwerken geen gebouwen zijnde, wegen en (fiets)paden, parkeervoorzieningen, groenvoorzieningen, water en (nuts)voorzieningen voor de waterhuishouding, tuinen en erven en daarmee naar aard en omvang vergelijkbaar gebouwen en voorzieningen. 4.2 Beoordelingsregels binnenplanse omgevingsplanactiviteiten bouwwerken 4.2.1 Gebouwen Het bouwen van gebouwen is niet toegestaan. 4.2.2 Bouwwerken geen gebouwen zijnde De bouwhoogte van bouwwerken geen gebouwen zijnde bedraagt maximaal 2 m.

Artikel 5

Gemengd

5.1 Gemengd Een als 'Gemengd' aangewezen locatie heeft de volgende functies: a. maatschappelijke voorzieningen; b. gestapelde woningen; c. aan huis verbonden beroep met dien verstande dat de oppervlakte beperkt is tot een maximum van 60 m²; met bijbehorende gebouwen, bouwwerken geen gebouwen zijnde, wegen en (fiets)paden, parkeervoorzieningen, groenvoorzieningen, water en (nuts)voorzieningen voor de waterhuishouding, tuinen en erven en daarmee naar aard en omvang vergelijkbaar gebouwen en voorzieningen. 5.2 Beoordelingsregels binnenplanse omgevingsplanactiviteiten bouwwerken 5.2.1 Algemeen a. Het aantal woningen binnen de functies 'Woongebied' en 'Gemengd' gezamenlijk bedraagt niet meer dan 390. b. Het aantal woningen mag ter plaatse van de aanduidingen 'minimum aantal wooneenheden' en 'maximum aantal wooneenheden' niet minder en niet meer bedragen dan het ter plaatse van de aanduiding aangegeven minimum en maximum. 5.2.2 Gebouwen Voor het bouwen van gebouwen gelden de volgende regels: a. gebouwen zijn uitsluitend toegestaan binnen het bouwvlak; b. de bouwhoogte bedraagt maximaal de ter plaatse van de aanduiding 'maximum bouwhoogte (m)' aangegeven bouwhoogte;

Westervoort Noord, westelijk deel

75

c. d.

bebouwingspercentage maximaal het ter plaatse van de aanduiding 'maximum bebouwingspercentage (%)' aangegeven bebouwingspercentage; bijbehorende bouwwerken bij woningen zijn niet toegestaan.

5.2.3 bouwwerken geen gebouwen zijnde De bouwhoogte van bouwwerken, geen gebouwen zijnde, bedraagt: a. maximaal 6 m voor lichtmasten, vlaggenmasten en speelvoorzieningen; b. maximaal 3 m voor overige bouwwerken geen gebouwen zijnde. 5.3 Beoordelingsregels binnenplanse omgevingsplanactiviteit geluid 5.3.1 Gezamenlijk geluid a. Het gezamenlijk geluid op basis waarvan de benodigde karakteristieke gevelwering op grond van het Besluit bouwwerken leefomgeving moet worden berekend betreft de waarde zoals aangegeven in bijlage 3 van het akoestisch onderzoek vermeerderd met 8 dB. Dit akoestisch onderzoek is opgenomen in bijlage 7 bij de motivering; b. Als voor (een van) de relevante geluidbronnen een geluidproductieplafond is vastgesteld, betreft het gezamenlijk geluid de waarde zoals in een akoestisch onderzoek berekend rekening houdend met de geluidproductieplafond(s). 5.3.2 Geluidluwe gevel Bij de aanvraag om omgevingsvergunning voor de activiteit bouwen moet voor de woningen worden aangetoond dat sprake is van een geluidluwe gevel.

Artikel 6

Groen

6.1 Functieomschrijving Een als 'Groen' aangewezen locatie heeft de volgende functies: a. groenvoorzieningen, bermen en beplanting; b. parken en plantsoenen; c. (fiets)paden, wegen; d. parkeervoorzieningen uitsluitend op als 'parkeerterrein' aangewezen locaties; e. speelvoorzieningen, water en nutsvoorzieningen en (nuts)voorzieningen voor de waterhuishouding; met bijbehorende bouwwerken geen gebouwen zijnde, wegen en verhardingen en met inachtneming van de keur van het waterschap. 6.2 Beoordelingsregels binnenplanse omgevingsplanactiviteiten bouwwerken 6.2.1 Gebouwen Het bouwen van gebouwen is niet toegestaan. 6.2.2 Bouwwerken geen gebouwen zijnde De bouwhoogte van bouwwerken, geen gebouwen zijnde, bedraagt: a. maximaal 8 m voor speelvoorzieningen; b. maximaal 10 m voor de wegaanduiding, geleiding, beveiliging en regeling van het verkeer; c. maximaal 6 m voor overige bouwwerken.

Artikel 7

Verkeer

7.1 Functieomschrijving Een als 'Verkeer' aangewezen locatie heeft de volgende functies:

76

Westervoort Noord, westelijk deel

a.

wegen en straten, wandel- en fietspaden met een functie voornamelijk gericht op verblijf alsmede de afwikkeling van het doorgaande verkeer; b. parkeer-, groen- en speelvoorzieningen; c. waterhuishoudkundige doeleinden, waterberging en waterlopen; d. nutsvoorzieningen waaronder (ondergrondse) containers; met bijbehorende bouwwerken geen gebouwen zijnde. 7.2 Beoordelingsregels binnenplanse omgevingsplanactiviteiten bouwwerken 7.2.1 Gebouwen Uitsluitend gebouwen voor het openbare nut zijn toegestaan met een maximum oppervlak van 50 m2 en een maximale bouwhoogte van 4 m. 7.2.2 Bouwwerken geen gebouwen zijnde De bouwhoogte van bouwwerken, geen gebouwen zijnde, bedraagt: a. maximaal 8 m voor speelvoorzieningen; b. maximaal 10 m voor de wegaanduiding, geleiding, beveiliging en regeling van het verkeer; c. maximaal 6 m voor overige bouwwerken.

Artikel 8

Water

8.1 Functieomschrijving Een als 'Water' aangewezen locatie heeft de volgende functies: a. waterhuishoudkundige doeleinden, waterberging en waterlopen; b. paden, wegen en parkeervoorzieningen; c. groen- en speelvoorzieningen; d. vlonders; met bijbehorende bouwwerken geen gebouwen zijnde waaronder bruggen, steigers, dammen en/of duikers. 8.2 Beoordelingsregels binnenplanse omgevingsplanactiviteiten bouwwerken 8.2.1 Gebouwen Het bouwen van gebouwen is niet toegestaan. 8.2.2 Bouwwerken geen gebouwen zijnde De bouwhoogte van bouwwerken geen gebouwen zijnde anders dan voor de waterwegaanduiding, geleiding of tolheffing, bedraagt: a. maximaal 8 m voor bruggen en viaducten; b. maximaal 4 m voor overige bouwwerken geen gebouwen zijnde.

Artikel 9

Wonen

9.1 Functieomschrijving Een als 'Wonen' aangewezen locatie heeft de volgende functies: a. het bestaande aantal woningen; b. aan huis verbonden beroep met dien verstande dat de oppervlakte beperkt is tot een maximum van 60 m² van het hoofdgebouw en/of het aangebouwde bijgebouw; met bijbehorende gebouwen, bouwwerken geen gebouwen zijnde, wegen en (fiets)paden, parkeervoorzieningen, groenvoorzieningen, water en (nuts)voorzieningen voor de waterhuishouding, tuinen en erven en daarmee naar aard en omvang vergelijkbaar gebouwen en voorzieningen.

Westervoort Noord, westelijk deel

77

9.2 Beoordelingsregels binnenplanse omgevingsplanactiviteiten bouwwerken 9.2.1 Hoofdgebouwen Voor het bouwen van hoofdgebouwen gelden de volgende regels: a. hoofdgebouwen zijn uitsluitend toegestaan binnen het bouwvlak; b. de afstand tot de zijdelingse bouwperceelsgrens is bij vrijstaande woningen aan twee zijden minimaal 3 m; c. de goot- en bouwhoogte bedraagt maximaal de ter plaatse van de aanduiding 'maximum goothoogte (m), maximum bouwhoogte (m)' aangegeven goothoogte respectievelijk bouwhoogte. 9.2.2 Bijbehorende bouwwerken Voor het bouwen van bijbehorende bouwwerken gelden de volgende regels: a. gebouwd op het zij- en achtererf en minimaal 1 m achter (het verlengde van) de voorgevel van het hoofdgebouw, met dien verstande dat bijbehorende bouwwerken in de vorm van erkers tot vóór (het verlengde van) de voorgevel van het hoofdgebouw mogen worden gebouwd, mits: 1. de horizontale diepte maximaal 1,50 m bedraagt; 2. de diepte van de overblijvende, niet met gebouwen bebouwde gronden minimaal 2,5 m bedraagt; 3. voor zover de erker wordt gebouwd tegen de voorgevel van het hoofdgebouw de breedte maximaal 2/3 van de breedte van die gevel bedraagt; 4. de bouwhoogte maximaal 3 m bedraagt dan wel de hoogte van de eerste bouwlaag van het hoofdgebouw + 0,30 m; b.

gezamenlijke oppervlakte maximaal 50 m2, en waarbij geldt dat het bebouwingspercentage van het bouwperceel maximaal 50% mag zijn met dien verstande dat altijd 20 m2 mag worden gebouwd; c. goothoogte maximaal 3 m dan wel de hoogte van de eerste bouwlaag van het hoofdgebouw + 0,30 m; d. bouwhoogte maximaal de bouwhoogte van het hoofdgebouw - 2 m, waarbij geldt dat de bouwhoogte in ieder geval 3 m mag bedragen en maximaal 6 m mag bedragen, en waarbij geldt dat indien tot: 1. 1 m uit de perceelsgrens wordt gebouwd, de maximale bouwhoogte 4 m mag bedragen; 2. 2 m uit de perceelsgrens wordt gebouwd, de maximale bouwhoogte 5 m mag bedragen; e. bij gestapelde woningen mogen bijbehorende bouwwerken uitsluitend aan het hoofdgebouw aangebouwd worden. 9.2.3 Bouwwerken geen gebouwen zijnde Voor het bouwen van bouwwerken geen gebouw zijnde gelden de volgende regels: a. de bouwhoogte van erf- en terreinafscheidingen vóór (het verlengde van) de voorgevel van het hoofdgebouw mag niet meer bedragen dan 1 m; b. de bouwhoogte van erf- en terreinafscheidingen achter (het verlengde van) de voorgevel van het hoofdgebouw mag niet meer bedragen dan 2 m; c. de bouwhoogte van overige bouwwerken geen gebouwen zijnde mag niet meer bedragen dan 2 m.

9.2.4 Zwembaden Het bouwen van onoverdekte zwembaden is toegestaan tot een maximaal oppervlak van 100 m², waarbij een minimale afstand van 5 m tot een naburige perceelsgrens moet worden aangehouden indien op het naburige perceel de functie wonen is toegestaan. 9.3 Beoordelingsregels binnenplanse omgevingsplanactiviteit afwijkend bouwen 9.3.1 Algemeen Het college van burgemeester en wethouders kan een omgevingsvergunning verlenen en daarmee toestaan dat wordt afgeweken van: a. artikel 9.2.1 onder a voor het bouwen tot maximaal 5 meter buiten het bouwvlak, met inachtneming het gestelde in artikel 9.2.1 onder b;

78

Westervoort Noord, westelijk deel

b. c.

d.

artikel 9.2.1 onder c voor het bouwen tot een maximale goothoogte van 6 m en een maximale bouwhoogte van 11 m; artikel 9.2.2 onder a voor het verkleinen van de afstand van een bijbehorend bouwwerk tot (het verlengde van) de voorgevel van het hoofdgebouw dan wel voor het bouwen van een bijbehorend bouwwerk vóór (het verlengde van) de voorgevel van het hoofdgebouw; artikel 9.2.2 onder b voor het vergroten van de gezamenlijke bebouwde oppervlakte tot maximaal 135 m2.

9.3.2 Beoordelingsregels De vergunning van artikel 9.3.1 kan alleen worden verleend als: a. de belangen van de eigenaren en/of gebruikers van betrokken en nabijgelegen gronden niet onevenredig worden geschaad; b. het straat- en bebouwingsbeeld niet onevenredig worden geschaad. 9.4 Beoordelingsregels binnenplanse omgevingsplanactiviteit bedrijf aan huis 9.4.1 Algemeen Het college van burgemeester en wethouders kan een omgevingsvergunning verlenen en daarmee toestaan dat een aan huis verbonden bedrijf wordt toegestaan waarvan de oppervlakte beperkt is tot een maximum van 60 m² van het hoofdgebouw en/of het aangebouwde bijgebouw. 9.4.2 Beoordelingsregels De vergunning van artikel 9.4.1 kan alleen worden verleend als: a. de belangen van de eigenaren en/of gebruikers van betrokken en nabijgelegen gronden niet onevenredig worden geschaad; b. het straat- en bebouwingsbeeld niet onevenredig worden geschaad.

Artikel 10

Woongebied

10.1 Functieomschrijving 10.1.1 Algemeen Een als 'Woongebied' aangewezen locatie heeft de volgende functies: a. wonen; b. aan huis verbonden beroep met dien verstande dat de oppervlakte beperkt is tot een maximum van 60 m² van het hoofdgebouw en/of het aangebouwde bijgebouw; met bijbehorende gebouwen, bouwwerken geen gebouwen zijnde, wegen en (fiets)paden, parkeer- en verkeervoorzieningen, speel- en groenvoorzieningen, water en voorzieningen voor de waterhuishouding, nutsvoorzieningen, tuinen en erven en daarmee naar aard en omvang vergelijkbaar gebouwen en voorzieningen. 10.1.2 Buurtfuncties Locaties aangewezen als 'specifieke vorm van woongebied - buurtfuncties' hebben aanvullend op het bepaalde in artikel 10.1.1 ook de functie maatschappelijke voorzieningen, uitgezonderd scholen. 10.2 Beoordelingsregels binnenplanse omgevingsplanactiviteiten bouwwerken 10.2.1 Algemeen a. Op locaties aangewezen als 'Woongebied' mogen uitsluitend bouwwerken ten dienste van de functie worden gebouwd.

Westervoort Noord, westelijk deel

79

b. c.

Het aantal woningen binnen de functies 'Woongebied' en 'Gemengd' gezamenlijk bedraagt niet meer dan 390. Het aantal woningen mag ter plaatse van de aanduidingen 'minimum aantal wooneenheden' en 'maximum aantal wooneenheden' niet minder en niet meer bedragen dan het ter plaatse van de aanduiding aangegeven minimum en maximum. Indien geen aanduiding 'minimum aantal wooneenheden' en 'maximum aantal wooneenheden' is opgenomen, zijn geen woningen toegestaan.

10.2.2 Verdeling woningtypen Van het aantal woningen binnen de functies 'Woongebied' en 'Gemengd' gezamenlijk betreft: a. minstens 25% en maximaal 35% van de woningen betreft gestapelde woningen; b. minstens 35% en maximaal 45% van de woningen betreft aaneengebouwde woningen en kwadrantwoningen; c. minstens 15% en maximaal 30% van de woningen betreft twee-aaneengebouwde woningen, geschakelde woningen en/of vrijstaande woningen. 10.2.3 Hoofdgebouwen Voor het bouwen van hoofdgebouwen gelden de volgende regels: a. als hoofdgebouw mogen worden gebouwd: 1. grondgebonden woningen, waaronder begrepen:  vrijstaande woningen;  twee-aaneengebouwde woningen;  aaneengebouwde woningen en rug-aan-rugwoningen;  geschakelde woningen; 2. ter plaatse van de aanduiding 'gestapeld' zijn uitsluitend gestapelde woningen en rug-aanrugwoningen toegestaan; b. de voorgevel van het hoofdgebouw mag niet minder dan 1 m en niet meer dan 6 m achter de voorste perceelsgrens worden gebouwd, met dien verstande dat dit niet geldt voor rug-aan-rugwoningen en gestapelde woningen; c. met betrekking tot de afstand van het hoofdgebouw tot de zijdelingse perceelsgrens gelden de volgende regels: 1.

bij vrijstaande woningen mag de afstand tot de zijdelingse perceelsgrens aan beide zijden niet minder bedragen dan 3 m, met dien verstande dat bij zijdelingse perceelsgrenzen die grenzen aan de openbare ruimte de afstand niet minder dan 1 m mag bedragen; 2. bij twee-aaneengebouwde en geschakelde woningen mag de afstand tot de zijdelingse perceelsgrens aan één zijde niet minder bedragen dan 3 m; 3. bij aaneengebouwde woningen mag de afstand van de hoekwoning tot de zijdelingse perceelsgrens aan één zijde niet minder bedragen dan 1 m, met dien verstande dat bij zijdelingse perceelsgrenzen die grenzen aan de openbare ruimte de afstand minder dan 1 m mag bedragen; d. de afstand van een hoofdgebouw tot de achterste bouwperceelsgrens bedraagt minimaal 6 m, met dien verstande dat bij rijwoningen de afstand minimaal 5 m bedraagt en bij rug-aan-rug woningen en kwadrantwoningen 0 m . In het geval de achterste bouwperceelsgrens een wisselende afstand heeft, de langste afstand bepalend is; e. de goothoogte en bouwhoogte mogen niet meer bedragen dan aangegeven ter plaatse van de aanduiding 'maximum goothoogte; maximum bouwhoogte'; f. met betrekking tot de diepte van woningen gelden de volgende regels: 1. de diepte van vrijstaande woningen mag niet meer bedragen dan 15 m; 2. twee-aaneengebouwde en geschakelde woningen mag niet meer bedragen dan 12 m; 3.

de diepte van aaneengebouwde woningen mag niet meer bedragen dan 11 m;

80

Westervoort Noord, westelijk deel

g. h.

i.

aaneengebouwde woningen mogen worden gebouwd in rijen van maximaal 8 aaneengebouwde woningen; bij een rij van meer dan 6 aaneengebouwde woningen dient sprake te zijn van: 1. een rooilijnverspringing van minimaal 0,5 m; en/of 2. een verschil in goothoogte van minimaal 0,5 m; en/of 3. een verschil in bouwhoogte van minimaal 0,5 m; en/of 4. twee verschillende kaprichtingen; bij meer dan 3 naast elkaar gelegen rijen aaneengebouwde woningen binnen hetzelfde functievlak, dient: 1. een van de rijen ten opzichte van de naastgelegen rij een rooilijnverspringing te hebben van minimaal 3 m; of 2. er tussen twee rijen een openbare ruimte aanwezig te zijn met een breedte van minimaal 10 m.

10.2.4 Bijbehorende bouwwerken Voor het bouwen van bijbehorende bouwwerken gelden de volgende regels: a. gebouwd op het zij- en achtererf en minimaal 1 m achter (het verlengde van) de voorgevel van het hoofdgebouw, met dien verstande dat aan- en uitbouwen in de vorm van erkers tot vóór (het verlengde van) de voorgevel van het hoofdgebouw mogen worden gebouwd, mits: 1. de horizontale diepte maximaal 1,50 m bedraagt; 2. de diepte van de overblijvende, niet met gebouwen bebouwde gronden minimaal 2,5 m bedraagt; 3. voor zover de erker wordt gebouwd tegen de voorgevel van het hoofdgebouw de breedte maximaal 2/3 van de breedte van die gevel bedraagt; 4. de bouwhoogte maximaal 3 m bedraagt dan wel de hoogte van de eerste bouwlaag van het hoofdgebouw + 0,30 m; en met dien verstande dat veranda's tot vóór (het verlengde van) de voorgevel van het hoofdgebouw mogen worden gebouwd, mits: 5. de voorgevel grenst aan een groene grens of groene zone zoals vastgelegd in het beeldkwaliteitsplan dat is opgenomen in bijlage 1; 6. de horizontale diepte maximaal 2 m bedraagt; 7. de bouwhoogte maximaal 3 m bedraagt dan wel de hoogte van de eerste bouwlaag van het hoofdgebouw + 0,30 m; a. gezamenlijke oppervlakte maximaal 50 m2, en waarbij geldt dat het bebouwingspercentage van het bouwperceel maximaal 50% mag zijn met dien verstande dat altijd 20 m2 mag worden gebouwd; b.

goothoogte maximaal 3 m dan wel de hoogte van de eerste bouwlaag van het hoofdgebouw + 0,30 m; c. bouwhoogte maximaal de bouwhoogte van het hoofdgebouw - 2 m, waarbij geldt dat de bouwhoogte in ieder geval 3 m mag bedragen en maximaal 6 m mag bedragen, en waarbij geldt dat indien tot: 1. 1 m uit de perceelsgrens wordt gebouwd, de maximale bouwhoogte 4 m mag bedragen; 2. 2 m uit de perceelsgrens wordt gebouwd, de maximale bouwhoogte 5 m mag bedragen; d. bij gestapelde woningen zijn bijbehorende bouwwerken niet toegestaan. 10.2.5 Bouwwerken, geen gebouwen zijnde bij grondgebonden woningen Voor het bouwen van bouwwerken geen gebouw zijnde bij grondgebonden woningen gelden de volgende regels: a. de bouwhoogte van erf- en terreinafscheidingen vóór (het verlengde van) de voorgevel van het hoofdgebouw mag niet meer bedragen dan 1 m; b. de bouwhoogte van erf- en terreinafscheidingen achter (het verlengde van) de voorgevel van het hoofdgebouw mag niet meer bedragen dan 2 m; c. de bouwhoogte van pergola's mag niet meer bedragen dan 6 m; d. de bouwhoogte van overige bouwwerken geen gebouwen zijnde mag niet meer bedragen dan 2 m.

Westervoort Noord, westelijk deel

81

10.2.6 Overige bouwwerken, geen gebouwen zijnde Voor het bouwen van bouwwerken geen gebouw zijnde, niet behorende bij grondgebonden woningen gelden de volgende regels: a. de bouwhoogte van overige bouwwerken geen gebouw zijnde mag niet meer bedragen dan: 1. 2 m voor erf- en terreinafscheidingen; 2. 8 m voor speelvoorzieningen; 3. 10 m voor de wegaanduiding, geleiding, beveiliging en regeling van het verkeer; 4. 6 m voor overige bouwwerken. 10.2.7 Overdekte parkeervoorzieningen Ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van woongebied - overdekt parkeren' is het bouwen van overdekte parkeervoorzieningen toegestaan waarbij de bouwhoogte niet meer mag bedragen dan aangegeven ter plaatse van de aanduiding 'maximum bouwhoogte (m)'. 10.2.8 Beeldkwaliteit a. Het is verboden een bouwwerk te bouwen, tenzij wordt voldaan aan het beeldkwaliteitsplan zoals opgenomen in bijlage 1. b. Het is verboden om gronden met de functie 'Woongebied' te gebruiken voor het wonen in een woning, tenzij is voorzien in de realisatie en instandhouding van de overgang privé-openbaar op het desbetreffende perceel op basis van het beeldkwaliteitsplan zoals opgenomen in bijlage 1. c.

Het college van burgemeester en wethouders kan een omgevingsvergunning verlenen en daarmee toestaan dat wordt afgeweken van het beeldkwaliteitsplan en/of de minimale termijn van instandhouding van de overgang privé-openbaar, mits dit niet leidt tot stedenbouwkundige bezwaren. 10.2.9 Bouwen in 'Geluidszone - industrielawaai' Bij het bouwen van hoofdgebouwen ter plaatse van de aanduiding 'geluidzone – industrielawaai', dient, indien dichterbij het perceel van IJsselkade 1 wordt gebouwd dan is ingetekend in het stedenbouwkundig plan (bijlage 1), door middel van een akoestisch onderzoek te worden aangetoond dat de geluidbelasting op de gevel de grenswaarde van 55 dB(A) niet overschrijdt. 10.2.10 Voorwaardelijke verplichting trillingen a. Ter plaatse van de aanduiding 'overige zone - trillingszone' mag uitsluitend gebouwd worden als kan worden aangetoond dat aan de standaardwaarden conform artikel 5.87a Bkl kan wordt voldaan. b. Het college van burgemeester en wethouders kan een omgevingsvergunning verlenen en daarmee toestaan dat sprake is van een hogere waarden dan de standaardwaarden conform artikel 5.87a Bkl, mits wordt onderbouwd dat het voldoen aan de standaardwaarde redelijkerwijs niet mogelijk is.

10.3 Specifieke functieregels 10.3.1 Inrichtingsplan Het is verboden om gronden met de functie 'Woongebied' te gebruiken voor het wonen in een woning, tenzij binnen 2 jaar na verlening van de eerste omgevingsvergunning voor het bouwen is voorzien in de realisatie en instandhouding van een door de gemeente goedgekeurd inrichtingsplan. 10.3.2 Verboden activiteiten De volgende activiteiten zijn in ieder geval verboden het bouwen van woningen en het gebruiken van gronden en gebouwen voor de functie wonen op bouwpercelen waarvan de achterste perceelsgrens grenst aan gronden met de functie Verkeer.

82

Westervoort Noord, westelijk deel

10.3.3 Geluidzone - Industrielawaai Ter plaatse van de aanduiding 'geluidzone - industrielawaai' is het bouwen van woningen alleen toegestaan als deze geen geluidbelasting op de gevel hoger dan 55 dB(A) hebben. 10.4 Beoordelingsregels binnenplanse omgevingsplanactiviteit bedrijf aan huis 10.4.1 Algemeen Het college van burgemeester en wethouders kan een omgevingsvergunning verlenen en daarmee toestaan dat een aan huis verbonden bedrijf wordt toegestaan waarvan de oppervlakte beperkt is tot een maximum van 60 m² van het hoofdgebouw en/of het aangebouwde bijgebouw. 10.4.2 Beoordelingsregels De vergunning van artikel 10.4.1 kan alleen worden verleend als: a. de belangen van de eigenaren en/of gebruikers van betrokken en nabijgelegen gronden niet onevenredig worden geschaad; b. het straat- en bebouwingsbeeld niet onevenredig worden geschaad. 10.5 Beoordelingsregels binnenplanse omgevingsplanactiviteit verdeling woontypen 10.5.1 Algemeen Het college van burgemeester en wethouders kan een omgevingsvergunning verlenen en daarmee toestaan dat van de percentages zoals opgenomen in artikel 10.2.2 wordt afgeweken. 10.5.2 Beoordelingsregels De vergunning van artikel 10.5.1 kan alleen worden verleend als de afwijking past binnen het gemeentelijk en regionaal volkshuisvestelijk beleid. 10.6 Beoordelingsregels binnenplanse omgevingsplanactiviteit geluid 10.6.1 Gezamenlijk geluid a.

Het gezamenlijk geluid op basis waarvan de benodigde karakteristieke gevelwering op grond van het Besluit bouwwerken leefomgeving moet worden berekend betreft de waarde zoals aangegeven in bijlage 3 van het akoestisch onderzoek. Dit akoestisch onderzoek is opgenomen in bijlage 7 bij de motivering; b. Als voor (een van) de relevante geluidbronnen een geluidproductieplafond is vastgesteld, betreft het gezamenlijk geluid de waarde zoals in een akoestisch onderzoek berekend rekening houdend met de geluidproductieplafond(s). 10.6.2 Geluidluwe gevel a. Bij de aanvraag om omgevingsvergunning voor de activiteit bouwen moet voor de woongebouwen/woningen die in het akoestisch onderzoek (bijlage 7 bij de motivering) zijn aangeduid met nummers 17, 18, 91 en 92 worden aangetoond dat sprake is van een geluidluwe gevel.

Artikel 11

Waterstaat - Waterstaatwerk

11.1 functieomschrijving Een als 'Waterstaat - Waterkering' aangewezen locatie heeft de volgende functies: a. de bescherming, het onderhoud en de verbetering van de waterkering, met bijbehorende bouwwerken geen gebouwen zijnde zoals duikers, keerwanden en merktekens. 11.2 Beoordelingsregels binnenplanse omgevingsplanactiviteit bouwen Bij omgevingsvergunning kan worden afgeweken van het bepaalde in artikel 21.2.1 voor het bouwen overeenkomstig de andere functies, mits advies is verkregen van de beheerder van de waterkering.

Westervoort Noord, westelijk deel

83

11.2.1 Algemeen In afwijking van het bepaalde bij de overige functies mag alleen ten behoeve van deze functie worden gebouwd. 11.2.2 gebouwen Gebouwen mogen niet worden gebouwd. 11.2.3 bouwwerken geen gebouwen zijnde De bouwhoogte van bouwwerken geen gebouwen zijnde mag niet meer bedragen dan 3 m. 11.3 Beoordelingsregels binnenplanse omgevingsplanactiviteit bouwen Bij omgevingsvergunning kan worden afgeweken van het bepaalde in artikel 21.2.1 voor het bouwen overeenkomstig de andere functies, mits advies is verkregen van de beheerder van de waterkering. 11.4 omgevingsvergunning voor het uitvoeren van een werk, geen bouwwerk zijnde, of van werkzaamheden 11.4.1 omgevingsvergunningplichtige werken Het is verboden zonder of in afwijking van een omgevingsvergunning op de in artikel 11.1 bedoelde gronden de volgende werken, geen bouwwerken zijnde, en werkzaamheden uit te voeren: a. het ontgronden, vergraven, afgraven, egaliseren, diepploegen, woelen en mengen en ophogen van gronden; b. het aanleggen, verbreden en verharden van wegen, paden, parkeervoorzieningen en andere oppervlakteverhardingen; c. het aanleggen, verdiepen, verbreden en dempen van sloten, watergangen en overige waterpartijen; d. het aanleggen van ondergrondse of bovengrondse transport-, energie- en/of communicatieleidingen en daarmee verband houdende constructies, installaties en apparatuur; e.

het aanbrengen of verwijderen van diepwortelende beplantingen, het bebossen en aanplanten van gronden en het rooien en/of kappen van bos of andere houtgewassen. 11.4.2 beoordelingsregels Een omgevingsvergunning als bedoeld in artikel 11.4.1 kan alleen worden verleend als: a. Het bevoegd gezag een advies heeft ingewonnen van de beheerder van de waterkering. 11.4.3 uitzonderingen Een omgevingsvergunning als bedoeld in artikel 11.4.1 1 is niet nodig voor: a. werken, geen bouwwerken zijnde, en werkzaamheden die het normale onderhoud, gebruik en beheer betreffen; b. werken, geen bouwwerken zijnde, en werkzaamheden die op het moment van het van kracht worden van het plan in uitvoering zijn of uitgevoerd kunnen worden op grond van een voor dat tijdstip aangevraagde dan wel verleende omgevingsvergunning.

84

Westervoort Noord, westelijk deel

Hoofdstuk 3 Artikel 12

Algemene regels Anti-dubbeltelregel

Grond die eenmaal in aanmerking is genomen bij het toestaan van een bouwplan waaraan uitvoering is gegeven of alsnog kan worden gegeven, blijft bij de beoordeling van latere bouwplannen buiten beschouwing.

Artikel 13

Aanvraagvereisten

De aanvraagvereisten, bedoeld in paragraaf 22.5.2 van dit plan, zijn van overeenkomstige toepassing op een omgevingsvergunning die is vereist op grond van dit hoofdstuk.

Artikel 14

Algemene bouwregels

14.1 Ondergronds bouwen Ondergronds bouwen is uitstluitend toegestaan onder hoofdgebouwen waarbij een maximale bouwdiepte van 3 m is toegestaan, , met dien verstande dat ondergronds bouwen niet is toegestaan ter plaatse van de functie 'Waterstaat - Waterstaatwerk'.

Artikel 15

Algemeen gebruiksverbod

Het is verboden zonder omgevingsvergunning gronden of bouwwerken te gebruiken anders dan overeenkomstig de aan de locatie toegedeelde functies.

Artikel 16

Beoordelingsregels binnenplanse omgevingsplanactiviteit afwijken grenzen

16.1 Algemeen Het college van burgemeester en wethouders kan een omgevingsvergunning verlenen en daarmee toestaan dat wordt afgeweken van functiegrenzen, de bouw(perceels)grenzen en/of aanduidingsgrenzen tot maximaal 2,5 m. 16.2 Beoordelingsregels De vergunning van artikel 16.1 kan alleen worden verleend als er verschillen blijken te zijn tussen perceels- en/ of kadastrale grenzen en de situatie in het veld, al dan niet na inmeting.

Artikel 17

Overige regels

17.1 Parkeernormen In afwijking van artikel 4.1.1a van het bestemmingsplan 'Parapluplan Parkeren Westervoort', vastgesteld op 19 juni 2023, gelden ten aanzien van de parkeernormen de volgende regels: a. Een omgevingsvergunning voor het bouwen, vernieuwen of uitbreiden van een gebouw en/of een omgevingsvergunning voor de verandering van het gebruik van een (bouw)perceel wordt slechts verleend indien is aangetoond dat wordt of zal worden voldaan aan de parkeernormen ten aanzien van auto's zoals opgenomen in bijlage 2.

Westervoort Noord, westelijk deel

85

Hoofdstuk 4 Artikel 18

Overgangsregels Overgangsrecht

18.1 Overgangsrecht bouwwerken 18.1.1 Algemeen Een bouwwerk dat op het tijdstip van inwerkingtreding van dit artikel aanwezig of in uitvoering is, danwel gebouwd kan worden krachtens een omgevingsvergunning, en afwijkt van dit plan, mag, mits deze afwijking naar aard en omvang niet wordt vergroot, a. gedeeltelijk worden vernieuwd of veranderd; b. na het teniet gaan ten gevolge van een calamiteit geheel worden vernieuwd of veranderd, mits de aanvraag van de omgevingsvergunning voor het bouwen wordt gedaan binnen twee jaar na de dag waarop het bouwwerk is teniet gegaan. 18.1.2 Afwijken bij omgevingsvergunning Het bevoegd gezag kan eenmalig in afwijking van het bepaalde in 18.1.1 een omgevingsvergunning verlenen voor het vergroten van de inhoud van een bouwwerk als bedoeld in 18.1.1 met maximaal 10 %. 18.1.3 Uitzondering Het bepaalde in 18.1.1 is niet van toepassing op bouwwerken die weliswaar bestaan op het tijdstip van inwerkingtreding van dit artikel, maar zijn gebouwd zonder omgevingsvergunning en in strijd zijn met het omgevingsplan zoals dat gold voor inwerkingtreding van dit plan, daaronder begrepen de overgangsbepalingen in het omgevingsplan. 18.2 Overgangsrecht gebruik 18.2.1 Algemeen Het gebruik van grond en bouwwerken dat bestond op het tijdstip van inwerkingtreding van dit artikel en hiermee in strijd is, mag worden voortgezet.

18.2.2 Strijdig gebruik Het is verboden het met dit plan strijdige gebruik, bedoeld in 18.2.1, te veranderen of te laten veranderen in een ander met dit hoofdstuk strijdige gebruik, tenzij door deze verandering de afwijking naar aard en omvang wordt verkleind. 18.2.3 Onderbroken gebruik Indien het gebruik, bedoeld in 18.2.1, na het tijdstip van inwerkingtreding van dit artikel voor een periode langer dan een jaar wordt onderbroken, is het verboden dit gebruik daarna te hervatten of te laten hervatten. 18.2.4 Uitzondering Het bepaalde in 18.2.1 is niet van toepassing op het gebruik dat reeds in strijd was met het omgevingsplan voor inwerkingtreding van dit artikel, daaronder begrepen de overgangsbepalingen van het omgevingsplan.

86

Westervoort Noord, westelijk deel

Bijlagen bij de regels

Westervoort Noord, westelijk deel

87

Bijlage 1

88

Beeldkwaliteitsplan

Westervoort Noord, westelijk deel

Bijlage 2

Parkeeronderzoek

Westervoort Noord, westelijk deel

89

90

Westervoort Noord, westelijk deel

Westervoort Noord, westelijk deel

91

92

Westervoort Noord, westelijk deel

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Westervoort&id=d8d8a861-089a-4bd2-9502-8b2fbd34f4c4