20260622-rv-wijz-opw-wtv-nrd-oost-bijlage-12
Tekst van het document
VERKENNEND EN NADER BODEMONDERZOEK Hamersestraat in Westervoort
TITELBLAD
Opdrachtgever:
NTP B.V. Twenteweg 30 7532 ST Enschede
Rapportnummer:
221022/R01
Status rapport:
Definitief
Datum:
11 april 2024
Projectomschrijving:
Nader bodemonderzoek Hamersestraat in Westervoort
Auteur: Gecontroleerd door: Ortageo Nederland B.V. Vestiging: Einsteinstraat 12a 7601 PR Almelo Tel: E-mail:
Verklaring van onafhankelijkheid Ortageo en alle bij dit onderzoek betrokken medewerkers hebben geen financiële en / of juridische belangen met betrekking tot de opdrachtgever en/of het eigendom van de locatie waarop dit bodemonderzoek betrekking heeft. De veldwerkers hebben verklaard dat zij het veldwerk onafhankelijk van de opdrachtgever hebben uitgevoerd conform de eisen van BRL SIKB 2000 en de daarbij horende protocollen (eventuele afwijkingen daarop zijn in dit rapport benoemd). Met het oogpunt op het voorkomen van misbruik van parafen, zijn deze niet opgenomen in dit rapport. In het veldwerkverslag onderschrijven de veldwerker(s) deze verklaring van onafhankelijkheid met hun paraaf.
INHOUDSOPGAVE 1 2
Inleiding ........................................................................................................................................................... 1 Beschikbare informatie .................................................................................................................................. 2 2.1 Bronnen .................................................................................................................................................... 2 2.2 Algemene gegevens................................................................................................................................. 2 2.3 Reeds uitgevoerd bodemonderzoek ......................................................................................................... 3 2.4 Lokale bodemopbouw en geohydrologie .................................................................................................. 4 3 Onderzoeksstrategie....................................................................................................................................... 5 3.1 OCB-verontreiniging .................................................................................................................................
5 3.2 PFAS ........................................................................................................................................................ 6 3.3 Voormalige sloten..................................................................................................................................... 6 4 Veldwerkzaamheden ....................................................................................................................................... 8 4.1 Uitvoering ................................................................................................................................................. 8 4.2 Resultaten ................................................................................................................................................ 8 5 Laboratoriumonderzoek ............................................................................................................................... 10 5.1 Analyseprogramma ................................................................................................................................ 10 5.2 Analyseresultaten ...................................................................................................................................
11 6 Interpretatie verontreinigingssituatie OCB en PFAS ................................................................................. 13 6.1 OCB ....................................................................................................................................................... 13 6.2 PFAS ...................................................................................................................................................... 13 7 Samenvatting, conclusies en aanbevelingen ............................................................................................. 14
Bijlagen 1) Situatietekening met onderzoekspunten 2) Bodemprofielbeschrijvingen 3) Analysecertificaten 4) Overschrijdingstabellen 5) Foto’s onderzoekslocatie Disclaimer
221022/R01
1
INLEIDING
In opdracht van NTP B.V. is door Ortageo Nederland B.V. een nader bodemonderzoek uitgevoerd op de locatie Hamersestraat in Westervoort. De aanleiding voor het onderzoek is de aangetoonde OCB-verontreiniging waardoor de locatie niet geschikt is voor de ontwikkeling van de locatie naar woningbouw en de beoordeling van de omgevingsdienst op het uitgevoerde verkennend bodemonderzoek. Het doel van het onderzoek is om: • de OCB-verontreiniging in verticale richting af te perken; • te bepalen wat het gehalte PFAS is (in de bovengrond); • een voormalige slootbodem analytisch te onderzoeken; • het bepalen van de gezondheidsrisico’s van de OCB-verontreiniging (risicobeoordeling); • het vaststellen of OCB ook in het grondwater aanwezig is; • het verkrijgen van inzicht in nog enkele andere mogelijke slootdempingen. De eerste vier bullits zijn door de omgevingsdienst aangedragen. Op basis van het nader bodemonderzoek kan een plan van aanpak worden opgesteld. Bovendien ontstaat hiermee meer inzicht in de kosten voor een eventuele bodemsanering en in de milieuhygiënische belemmeringen van de bodemverontreiniging op de voorgenomen herinrichting en het voorgenomen gebruik van de locatie. Dit rapport geeft de beschikbare informatie weer in hoofdstuk 2. In hoofdstuk 3 is de onderzoekstrategie beschreven.
De veldwerkzaamheden zijn in hoofdstuk 4 en het laboratoriumonderzoek is in hoofdstuk 5 beschreven. Het rapport wordt afgesloten met een interpretatie van de verontreinigingssituatie (hoofdstuk 6) en de samenvatting, conclusies en aanbevelingen (hoofdstuk 7). Een uitgebreide toelichting op de achtergrond, de werkwijze en het wettelijk kader van milieukundig bodemonderzoek is via deze link in te zien.
221022/R01
1/15
2
BESCHIKBARE INFORMATIE
2.1
Bronnen
In onderstaande tabel zijn de in het kader van het vooronderzoek geraadpleegde bronnen weergeven. Tabel 1: Geraadpleegde bronnen Nr.
Bron
Verwijzing/toelichting
1
Topografische kaart, kadastrale gegevens
Kadaster, opgenomen in bijlage 1
2
schriftelijke informatie van opdrachtgever
Verwerkt in dit hoofdstuk
3
Gemeente Westervoort
Verwerkt in dit hoofdstuk
Internetbronnen:
4
5
A. Actuele luchtfoto's en straatoverzichten
www.google.nl/maps en app.pdok.nl/viewer
B. Historische topografische kaarten
www.topotijdreis.nl
C. TNO-NITG (gegevens bodemopbouw / grondwater)
www.dinoloket.nl
D. Informatie hoogteligging
www.ahn.nl
E. Basisregistraties Adressen en Gebouwen (BAG)
bagviewer.kadaster.nl
Locatiebezoek, foto's onderzoekslocatie
Uitgevoerd voorafgaand aan de veldwerkzaamheden, foto's opgenomen in bijlage 7
Rapporten: 6
A. Verkennend bodemonderzoek op de locatie aan de Hamersestraat ong. te Westervoort
2.2
Algemene gegevens
Hunneman milieu-advies Raale BV, 230320/dh/sh, 16 juni 2013
De situering van de onderzoekslocatie is op onderstaande afbeelding aangegeven. Afbeelding 1: Luchtfoto onderzoekslocatie
221022/R01
2/15
De algemene gegevens over de locatie zijn weergegeven in de volgende tabel. Tabel 2: Algemene locatiegegevens Geografische gegevens Adres
Hamersestraat ong. in Westervoort
Kadastrale aanduiding
Gemeente Westervoort, sectie A, nummers 5711 en 7412
Oppervlakte
Circa 35.000 m²
Gebruik en inrichting Gebruik
Agrarisch
Bebouwing
Geen
Terreinverharding
Geen, weiland
2.3
Reeds uitgevoerd bodemonderzoek
Door Hunneman is een verkennend bodemonderzoek uitgevoerd (kenmerk 230320_02/dh/sh d.d. 30 juni 2023). Daarin is ook een vooronderzoek opgenomen. Dat rapport is beoordeeld door de omgevingsdienst (briefkenmerk ODRA23AV1171 d.d. 26 september 2023). Uit de rapportage en de beoordeling van de ODRA blijken de volgende aandachtspunten: OCB-verontreiniging (zie afbeelding volgende pagina) Op het westelijk deel is de bovengrond van 0 tot 0,3 m -mv heterogeen matig tot sterk verontreinigd met OCB. In horizontale richting is tot aan de perceelsgrenzen sprake van een mogelijke sterke verontreiniging. Verder onderzoek is in horizontale richting niet nodig. Ter plaatse van vier onderzoekspunten is de laag van 0,3 tot 0,5 m -mv analytisch onderzocht. In twee punten is sprake van een lichte verontreiniging en in twee punten is OCB nog sterk verhoogd aanwezig. In verticale richting is hiermee de verontreiniging onvoldoende afgeperkt. De ODRA geeft verder aan niet in alle boringen de verontreiniging is afgeperkt tot de achtergrondwaarde en dat daarom de afperking niet volledig is. Afbeelding 2: Overzicht onderzoekspunten en globale aanduiding verontreiniging
Legenda: Verontreiniging 0-0,3 m -mv (rood is sterk, oranje is matig en geel is licht) Verontreiniging 0,3-0,5 m -mv (rood is sterk, oranje is matig en geel is licht)
221022/R01
3/15
Gedempte sloten Er is sprake van twee mogelijke gedempte sloten. In een raai loodrecht op de sloot zijn drie boringen uitgevoerd. De laag van 0 tot 1,5 m -mv van de middelste boringen is analytisch onderzocht. De ODRA geeft aan dat de oorspronkelijke slootbodem onderzocht moet worden op het standaard-grondpakket, aangevuld met OCB. Risicobeoordeling Er moet een risicobeoordeling worden uitgevoerd om te bepalen of er risico’s zijn voor de volksgezondheid en ecologie.
2.4
Lokale bodemopbouw en geohydrologie
In onderstaande tabel is weergegeven hoe de bodem op de onderzoekslocatie tot de maximaal onderzochte diepte van 2,0 m –mv gemiddeld is opgebouwd. Tabel 3: Globale bodemopbouw Diepte (m –mv)
Hoofdbestanddeel
Bijzonderheden
0 – 1,0
Klei
Matig siltig, zwak humeus
1,0 – 2,0
Klei
Matig siltig
De grondwaterstand bedraagt circa 1,0 m -mv. Regionaal gezien is de stromingsrichting van het freatisch grondwater noordelijk. Er is sprake van inzijging. Er is sprake van oppervlaktewater nabij de onderzoekslocatie. De locatie ligt niet in het intrekgebied van een grondwaterwinning of een grondwaterbeschermingsgebied. Voor zover bekend wordt er op en in de directe omgeving van de locatie niet op relevante schaal grondwater door bedrijven en particulieren onttrokken.
221022/R01
4/15
3
ONDERZOEKSSTRATEGIE
3.1
OCB-verontreiniging
De onderzoeksstrategie is bepaald aan de hand van de NTA 5755. In dit protocol speelt het conceptueel model een centrale rol. Het conceptueel model is een schematische beschrijving en/of visualisatie van de (veronderstelde) verontreinigingssituatie. De volgende aspecten spelen daarin een rol: • bron, aard, mate en verdeling van de verontreiniging • bodemopbouw • mogelijke verspreiding (geochemie, geohydrologie) • mogelijke risico’s (gebruikers, bedreigde objecten) Het conceptueel model wordt gebruikt om de onderzoeksstrategie te bepalen. Het onderzoek richt zich op het verkrijgen van de nog ontbrekende informatie. Gaandeweg het nader bodemonderzoek kan indien nodig het conceptueel model worden bijgesteld op basis van de onderzoeksresultaten totdat de verontreinigingssituatie voldoende in beeld is gebracht. Voor deze locatie is een conceptueel model slechts beperkt uitgewerkt. Er hoeft immers alleen in verticale richting afperkend onderzoek plaats te vinden. Daarnaast heeft de ODRA aangegeven dat afperking nodig is voor alle boringen. We gaan er hierbij vanuit dat bedoeld wordt dat het alle boringen betreft waar de interventiewaarde in individuele monsters is overschreden. Op basis van afbeelding 2 zijn dat negen onderzoekpunten. In het grondwater is OCB niet onderzocht.
Onderzoek naar OCB in het grondwater is nu opgenomen om te voorkomen dat stagnatie ontstaat indien dit alsnog nodig is en omdat dit in de NTA ook wordt aangegeven. Voor het bepalen van het aantal peilbuizen op alleen het gedeelte met verhoogde gehalten aan OCB, is uitgegaan van de strategie voor een diffuus belaste niet-lijnvormige locatie met een heterogeen verdeelde verontreinigende stof op schaal van monsterneming' (VED-HE-NL) bij een oppervlakte van circa 12.000 m2. In de onderstaande tabel zijn de verschillende aspecten van het conceptueel model op basis van de beschikbare informatie over de verontreiniging ingevuld. Tabel 4: Conceptueel model Aspect
Gegevens
Vermoedelijke bron van verontreiniging
De vroegere fruitteelt op locatie
Lokaal of diffuus
Diffuus
Aard en mate van verontreiniging
Homogeen verspreidde sterke verontreiniging met OCB
Vermoedelijke compartimentering
Bovengrond / geroerde bodemlaag / ophooglaag
Verwachte schaalgrootte van de verontreiniging in de grond
> 500 m2
Verwachte schaalgrootte van de verontreiniging in het grondwater
Er word geen verontreiniging in het grondwater verwacht
Verdeling van de verontreiniging
Heterogeen op schaalniveau van de monsterpunten (immobiel)
Mogelijke verspreidingsroutes
Er word geen verspreiding verwacht, immobiele verontreinigingssituatie
Mogelijke natuurlijke afbraak/omzetting
Nee
Mogelijke risico’s
• •
Blootstelling mens door direct contact / ingestie Ecologische risico’s door blootstelling plant/dier aan verontreiniging in onverharde bovengrond
Het onderzoek is bedoeld om de omvang van de bodemverontreiniging in beeld te brengen. Ook wordt getoetst of de verontreinigingssituatie onaanvaardbare risico's voor de gezondheid oplevert.
221022/R01
5/15
Er worden in de NTA 5755 drie typen verontreinigingssituaties onderscheiden: a) lokale bron, immobiele verontreiniging b) lokale bron, mobiele verontreiniging c) diffuse bron(nen), immobiele verontreiniging De verontreiniging wordt beschouwd als een immobiele verontreiniging die diffuus verspreid is. De horizontale omvang van de verontreiniging is tijdens het verkennend bodemonderzoek, welke door Hunneman (bron 6A) is uitgevoerd, reeds in kaart gebracht. Betreffende de aangetoonde OCB verontreiniging wordt uitgegaan van een zogenaamde historische verontreiniging (ontstaan vóór 1987). Het nader bodemonderzoek beoogt de omvang en de risico's van de verontreiniging te bepalen. Tabel 5: Onderzoeksstrategie Aspect
Invulling
Afperken verontreiniging in:
Grond
Analyseparameter(s)
OCB
Verwachte schaalgrootte
> 500 m2
Rasterafstand
10 m (grootschalig)
Diepte boringen / peilbuizen verticale afperking
2 à 2,5 m-mv
Afperking in het veld op basis van:
Niet mogelijk, verontreiniging niet visueel waarneembaar
3.2
PFAS
Sinds 8 juli 2019 heeft het Ministerie verplicht dat grond die wordt afgevoerd en elders wordt toegepast, onderzocht is op PFAS. Omdat op deze locatie (mogelijk) grond moet worden afgevoerd, is inzicht gewenst. In tegenstelling tot het aantal voorgeschreven standaard-grond-analyses bij een strategie, is er voor PFAS geen richtlijn. Voor inzicht in PFAS wordt daarom uitgegaan van het volgende: • als PFAS aanwezig is, is dit een gevolg van atmosferische depositie. Voor het bepalen van het aantal analyses is daarom uitgegaan van de strategie voor een 'diffuus belaste niet-lijnvormige locatie met een homogeen verdeelde verontreinigende stof op schaal van monsterneming' (VED-HO-NL); • westelijk terreindeel: hier zijn voor de OCB-afperking boringen uitgevoerd. Van de daarbij vrijkomende monsters van de bovengrond zijn PFAS-analyses uitgevoerd; • oostelijk terreindeel: hier zijn verdeeld over de oppervlakte elf boringen uitgevoerd. Van de bovengrond zijn enkele PFAS-analyses uitgevoerd.
3.3
Voormalige sloten
Door de ODRA is aangegeven dat de oorspronkelijke slootbodem geanalyseerd moet worden. Onderstaand is de raai weergegeven van de meest westelijke sloot. Het profiel is gelijk aan de twee andere slootraaien. Er is geen verschil in de bodemopbouw en er is geen slootbodem waargenomen. Het profiel komt echter ook overeen met het bodemprofiel in andere diepere boringen. Een voormalige sloot lijkt gedempt te zijn met gebiedseigen grond of is niet aangeboord en er is ook geen voormalige slootbodem waargenomen. Afbeelding 3: Boorprofielen raai meest westelijke gedempte sloot
221022/R01
6/15
Omdat geen slootdempingen zijn waargenomen is gekeken naar de ligging van de voormalige sloten. Hieruit blijken meerdere potentiële plekken voor de mogelijke ligging. In onderstaande afbeeldingen is dit weergegeven. Geconcludeerd wordt dat mogelijk niet op de juiste plekken onderzoek naar de slootdemping heeft plaatsgevonden hetgeen wellicht een reden is dat er geen demping is waargenomen. Anderzijds lijkt gezien de ouderdom van enkele dempingen en het gebruik (landbouwgrond) niet onlogisch dat dempingen met gebiedseigen grond hebben plaatsgevonden. In onderstaande afbeeldingen is de hoogteligging weergegeven. In het verlengde van de kavelgrens van nr. 51 is duidelijk een verlaging te zien (circa 20 cm dieper dan omliggende grond). De ligging wijkt wel af van de onderzochte sloot. Alleen de raai van de boringen 59/60/61 lijkt wel op de demping gesitueerd. Deze demping is demping A. Verder lijkt nog een demping te zien welke niet is onderzocht (demping B). Afbeelding 4: Ligging mogelijk dempingen (bron AHN.nl)
Demping B
Demping A
Rond 1906 lijken de sloten al gedempt omdat op de kaarten na 1906 geen sloten meer zijn te zien. Rond 1905 zijn de volgende sloten nog te zien. Afbeelding 5: Ligging mogelijk dempingen (bron: Hunneman)
Demping B
Demping D
Demping C
Demping A (deels) en demping C lijken te zijn onderzocht middels raaien. Hier is dus geen demping en geen slootbodem waargenomen. Demping B en D lijken niet te zijn onderzocht. Demping A is op deze kaart niet zichtbaar.
221022/R01
7/15
4
VELDWERKZAAMHEDEN
4.1
Uitvoering
Algemeen In onderstaande tabel zijn de uitvoeringsdata en de verantwoordelijke monsternemers van het veldonderzoek weergegeven. De onderzoekspunten zijn weergegeven op de situatietekening in bijlage 2. Tabel 6: Uitvoeringsgegevens Datum
Werkzaamheden
Beoordelingsrichtlijn/ protocol
27-2-2024
Uitvoeren handboringen, plaatsen peilbuizen, maken boorbeschrijvingen, nemen grondmonsters en inmeten
2000/2001
5-3-2024
Nemen van grondwatermonsters
2000/2002
Erkende organisatie
Verantwoordelijk medewerker
Ortageo Nederland B.V.
R. van Eijken F. Regeling F. Regeling
De bij het onderzoek opgeboorde grond is laagsgewijs beoordeeld en beschreven (textuur, kleur, humusgehalte). Daarnaast is gelet op het voorkomen van bodemvreemde bijmengingen in de grond, zoals puin, slakken, kolengruis en op kleurafwijkingen die kunnen duiden op de aanwezigheid van bodemverontreiniging. De monstername voor onderzoek naar PFAS is uitgevoerd conform specifieke eisen volgens veldwerk-protocol 'bemonstering PFASverbindingen in grond- en grondwater' vastgesteld door expertisecentrum PFAS (juli 2019). In de volgende tabel is een overzicht van het uitgevoerde veldwerkprogramma weergegeven. Tabel 7: Overzicht veldwerkprogramma Onderdeel
Aantal
Diepte (m –mv)
Nummers
11
0,5
Oostzijde: 10, 11, 12, 13, 14, 15, 16, 17, 18, 19, 20
18
2,0
A01, A02, A03 B01, B02, B03 en B04, B05, B06 C01, C02, C03 D01, D02, D03 en D04, D05, D06
Boringen
6
2,0
W02, W04 t/m W08
Boringen met peilbuis
3
1,5 – 2,5
W01, W03, W09
PFAS Boringen Slootdempingen
Boringen in raaien
OCB
4.2
Resultaten
In bijlage 3 zijn de uitgetekende bodemprofielen weergegeven. Bodemopbouw In de volgende tabel is weergegeven hoe de bodem op de onderzoekslocatie tot de maximaal onderzochte diepte is opgebouwd. Opgemerkt wordt dat deze classificatie conform de NEN 5104 voor milieukundig onderzoek is beschreven. Het betreft geen classificatie voor civieltechnische hergebruiksmogelijkheden; hiervoor dienen de boorbeschrijvingen op de juiste wijze geïnterpreteerd te worden en kan (aanvullend) civieltechnisch onderzoek nodig zijn. Tabel 8: Gemiddelde bodemopbouw Diepte (m -mv)
Hoofdbestanddeel
Nadere omschrijving
0 – 1,0
Klei
Matig siltig, zwak humeus
1,0 – 2,0
Klei
Matig siltig
221022/R01
8/15
Visueel waargenomen bijzonderheden Er zijn geen waarnemingen gedaan die wijzen op de mogelijke aanwezigheid van een verontreiniging in de grond en/of het grondwater. Wel is de ondergrond plaatselijk zwak roesthoudend. In de raaien die zijn uitgevoerd om slootdempingen te achterhalen, zijn dezelfde waarnemingen gedaan als door Hunneman. Er zijn indicaties waargenomen voor de aanwezigheid van een voormalige sloot op de plekken waar deze aanwezig kunnen zijn geweest. Ook is nergens een slootbodem waargenomen. Wel is in W03 (peilbuis) van 2,1 tot 2,5 een kleilaag aanwezig met daarin sporen slib. Dit kan mogelijk wel op een sloot duiden. Grondwater Tijdens de bemonstering van het grondwater zijn visueel waarnemingen gedaan en metingen verricht. De resultaten daarvan zijn weergegeven in onderstaande tabel. De zuurgraad en het geleidingsvermogen zijn als normaal te beschouwen voor de onderzochte locatie. Tabel 9: Bijzonderheden en resultaten veldmetingen grondwater Peilbuis
Monstercode
Filterstelling (m –mv)
W01
W01-1-1
1,5 – 2,5
W03
W03-1-1
1,5 - 2,5
W09
W09-1-1
1,5 - 2,5
221022/R01
Waargenomen bijzonderheden
Grondwaterstand (m -mv)
Zuurgraad (pH)
Geleidingsvermogen (µs/cm)
Troebelheid (NTU)
Geen
0,66
6,8
466
9,2
Geen
0,36
6,8
416
8,5
Geen
0,51
6,7
493
7,5
9/15
5
LABORATORIUMONDERZOEK
5.1
Analyseprogramma
Op basis van de visuele waarnemingen (grondsoort, kleur, aard en hoeveelheid bodemvreemde bijmengingen e.d.) en de ruimtelijke verdeling van de onderzoekspunten zijn grond(meng)monsters samengesteld. In de volgende tabel is een overzicht van de samenstelling van de (meng)monsters en het uitgevoerde analyseprogramma weergegeven. Opgemerkt wordt dat in boring W03 een laag met slibresten is waargenomen zodat hiervan een monsters is geanalyseerd op OCB én op het standaardpakket voor grond. Ook is de bovenliggende laag op OCB en het standaardpakket geanalyseerd omdat dit mogelijk dempingsmateriaal betreft. C-M7 is een mengmonster van de mogelijke voormalige sloten A en C waarvan het dempingsmateriaal in het verkennend onderzoek op het standaardpakket is geanalyseerd, maar niet op OCB. Daarom is C-M7 in dit onderzoek alleen op OCB geanalyseerd. Tabel 10: Samenstelling (meng)monsters en analyseprogramma Onderdeel
Monstercode
Traject (m -mv)
Deelmonsters
Waargenomen bijzonderheden
Analysepakket
W01-2
0,5 - 1,0
W01-2
Geen
OCB
W02-2
0,5 - 1,0
W02-2
Geen
OCB
W03-2
0,5 - 1,0
W03-2
Geen
OCB
W03-4
1,5 - 2,0
W03-4
Geen
OCB + standaardpakket grond
W03-5
2,1 - 2,5
W03-5
Sporen slib
OCB + standaardpakket grond
W04-2
0,5 - 1,0
W04-2
Geen
OCB
W05-2
0,5 - 1,0
W05-2
Geen
OCB
W06-2
0,6 - 1,1
W06-2
Geen
OCB
W07-2
0,5 - 1,0
W07-2
Geen
OCB
W08-2
0,5 - 1,0
W08-2
Geen
OCB
W09-2
0,5 - 1,0
W09-2
Geen
OCB
W01-1
1,5 - 2,5
W01-1-1
Geen
OCB
W03-1
1,5 - 2,5
W03-1-1
Geen
OCB
W09-1
1,5 - 2,5
W09-1-1
Geen
OCB
M1
0,0 – 0,5
12-1, 13-1, 14-1, 15-1, 16-1, 20-1
Geen
PFAS2
M2
0,0 – 0,5
10-1, 11-1, 17-1, 18-1, 19-1
Geen
PFAS
M3
0,0 – 0,5
W01-1, W02-1, W03-1, W06-1
Geen
PFAS
M4
0,0 – 0,5
W04-1, W05-1, W07-1, W08-1, W09-1
Geen
PFAS
B-M5
0,4 - 1,6
B02-2, B02-3, B05-2, B05-3
Geen
Standaardpakket grond +OCB
C-M7
0,5 - 1,5
A02-2, C02-2, C02-3
Geen
OCB
D-M8
0,5 - 1,0
D02-2, D05-2
Geen
Standaardpakket grond +OCB
A/C-M10
1,2 - 2,0
A02-3, C02-4
Geen
Standaardpakket grond1 +OCB
B-M6
1,6 - 2,0
B02-4, B05-5
Geen
Standaardpakket grond +OCB
D-M9
1,1 - 1,6
D02-3, D05-3
Geen
Standaardpakket grond +OCB
OCB
Verticale afperking
Verificatie grondwater PFAS
Bovengrond
Slootdempingen Mogelijke demping
Mogelijke slootbodem 1
Metalen (Ba, Cd, Co, Cu, Hg, Pb, Mo, Ni, Zn), PCB, PAK, minerale olie, lutum, organische stof en droge stofgehalte
2
PFAS-verbindingen conform Bodemplus advieslijst d.d. 12 juli 2019
.
221022/R01
10/15
5.2
Analyseresultaten
Opgemerkt wordt dat vooralsnog is aangesloten bij het wettelijke kader van het recente onderzoek van Hunneman omdat het huidige onderzoek een aanvulling is op dat onderzoek en hiermee de resultaten beter vergelijkbaar zijn. De analysecertificaten van het laboratoriumonderzoek zijn opgenomen in bijlage 4. De toetsingstabellen zijn opgenomen in bijlage 5. Grond In de toetsingstabellen zijn de gemeten gehalten in de grond aan de hand van de analytisch vastgestelde percentages lutum en organische stof omgerekend naar de 'standaard bodem' (25% lutum en 10% organische stof). Dit zijn de gestandaardiseerde gemeten gehalten (GSSD). In deze paragraaf zijn de resultaten samengevat. In een aantal tabellen is tussen haakjes een index opgenomen (zie 'kader'). De index geeft inzicht in de verhouding tussen de gestandaardiseerde meetwaarde en de achtergrondwaarde/streefwaarde respectievelijk de interventiewaarde. Een index van 0 komt overeen met de achtergrondwaarde/streefwaarde; een index van 0,5 komt overeen met de tussenwaarde en een index van 1 komt overeen met de interventiewaarde. Een index boven 1 geeft aan met welke factor de interventiewaarde wordt overschreden. Legenda behorende bij volgende tabellen Legenda
Betekenis
Terminologie
Gehalte/concentratie > interventiewaarde
Sterk verontreinigd
Interventiewaarde > gehalte/concentratie > tussenwaarde
Matig verontreinigd
Tussenwaarde > gehalte/concentratie > achtergrond-/streefwaarde
Licht verontreinigd
Gehalte/concentratie < achtergrond-/streefwaarde
'Schoon'
Tabel 11: Overschrijdingstabel analyseresultaten grond Monstercode
Overschrijding van de (gemeten gehalte in mg/kg d.s.)
Traject (m -mv)
Waargenomen bijzonderheden
achtergrondwaarde
tussenwaarde
interventiewaarde
W01-2
0,5 - 1,0
Geen
-
-
-
W02-2
0,5 - 1,0
Geen
OCB DDE (som)
-
-
W03-2
0,5 - 1,0
Geen
-
-
-
W03-4
1,5 - 2,0
Geen
-
-
-
W03-5
2,1 - 2,5
Sporen slib
-
-
-
W04-2
0,5 - 1,0
Geen
-
-
-
W05-2
0,5 - 1,0
Geen
-
-
-
W06-2
0,6 - 1,1
Geen
-
-
-
W07-2
0,5 - 1,0
Geen
DDE (som)
-
-
W08-2
0,5 - 1,0
Geen
-
-
-
W09-2
0,5 - 1,0
Geen
-
-
-
OCB
Voormalige sloten Demping B-M5
0,4 - 1,6
Geen
Nikkel
-
-
C-M7
0,5 - 1,5
Geen
-
-
-
D-M8
0,5 - 1,0
Geen
Nikkel
-
-
A/C-M10
1,2 - 2,0
Geen
-
-
-
B-M6
1,6 - 2,0
Geen
-
-
-
D-M9
1,1 - 1,6
Geen
-
-
-
Slootbodem
-
= geen parameters in gehalten boven de betreffende toetsingswaarden aangetoond
De mogelijke slootdempingen vallen indicatief in klasse ‘landbouw/natuur’.
221022/R01
11/15
Voor PFAS-verbindingen zijn in het 'Handelingskader voor hergebruik van PFAS houdende grond en baggerspecie' voorlopige achtergrondwaarden en toepassingswaarden vastgesteld. Deze waarden worden gehanteerd bij het toepassen van diffuus met PFAS verontreinigde grond. Er zijn nog geen interventiewaarden vastgesteld maar wel zogeheten Indicatieve Niveaus voor Ernstige Verontreiniging (INEV). Deze zijn bedoeld om vast te stellen of sprake is van een lokale verontreiniging waarvoor sanering noodzakelijk is. De toetsingsresultaten van de grondanalyses op PFAS zijn in de volgende tabel samengevat weergegeven waarbij ook de eventuele bodemvreemde bijmengingen in het (meng)monster zijn weergegeven. Tabel 12: Overzicht analyseresultaten en toepassingsbeperkingen PFAS Gehalte (in µg/kg d.s.)Fout! Verwijzingsbron niet gevonden.
Monstercode
Traject (m -mv)
PFOA-som
PFOS-som
Overige PFASFout!
Beperking voor toepassing eldersFout! Verwijzingsbron niet gevonden.
Verwijzingsbron niet gevonden.
Achtergrondwaarde:
1,9
1,4
1,4
Geen beperking
Toepassingsnorm:
7,0
3,0
3,0
Toepasbaar als klasse wonen/industrie
INEV4:
60
59
Niet toepasbaar, in beginsel noodzaak sanering
M1
0,0-0,5
0,8
4,0
-
Toepasbaar als klasse wonen/industrie
M2
0,0-0,5
0,8
3,8
-
Toepasbaar als klasse wonen/industrie
M3
0,0-0,5
0,6
0,6
-
Geen beperking
M4
0,0-0,5
0,7
0,5
PFBA (0,2)
Geen beperking
1
bij een organisch stofgehalte tussen 10% en 30% is een bodemtypecorrectie toegepast
2
hoogste gehalte van een individuele stof
3
uitgegaan is van toepassing buiten grondwaterbeschermingsgebied. Voor toepassing binnen grondwaterbeschermingsgebied mogen de gehalten aan PFAS niet hoger zijn dan de aldaar aanwezige gebiedskwaliteit. Als deze niet bekend is of vast te stellen is, dan geldt de bepalingsgrens van 0,1 µg/kg d.s.
4
Indicatief Niveau voor Ernstige Verontreiniging
Zoals uit bovenstaande tabel blijkt is in het oostelijk terreindeel een gehalte aan PFOS aangetoond boven de achtergrondwaarde waardoor voor hergebruik van de grond toepassingsbeperkingen gelden. Voor het westelijke terreindeel gelden geen toepassingsbeperkingen, buiten dat de grond niet in grondwaterbeschermingsgebieden hergebruikt mag worden. Grondwater In het grondwater op locatie zijn geen verontreinigingen met OCB aangetoond.
221022/R01
12/15
6
INTERPRETATIE VERONTREINIGINGSSITUATIE OCB EN PFAS
6.1
OCB
Ter plaatse van het westelijk deel van de onderzoekslocatie is sprake van een sterke verontreiniging met OCB in grond. Omdat de verontreiniging is te relateren aan de fruitteelt welke hier plaats heeft gevonden tussen 1940 en 1980 is sprake van een historische bodemverontreiniging (ontstaan vóór 1987). De oppervlakte bedraagt circa 11.000 m2. De grondverontreiniging is afgeperkt op 0,5 m -mv. Hiermee wordt de hoeveelheid sterk verontreinigde grond geschat op circa 6.500 m3. In het grondwater zijn geen verontreinigingen met OCB aangetoond. De interventiewaardecontour is weergegeven op onderstaande afbeelding en in de tekening in bijlage 1. Afbeelding 2: Omvang verontreiniging (bron: Kadaster)
Sanscrit-risico-beoordeling Voor bodemverontreinigingen met onaanvaardbare risico's voor de gezondheid geldt de regeling 'Toevalsvondst in de bodem'. Deze geldt voor historische verontreinigingen die vóór 1 januari 1987 zijn veroorzaakt. De eigenaar moet onaanvaardbare risico's wegnemen. Er is sprake van onaanvaardbare risico's bij overschrijding van de MTRhumaan (Maximaal Toelaatbaar Risico), de TCL-waarde (toelaatbare concentratie in lucht) en/of de geurdrempels. Om te bepalen of er onaanvaardbare risico's zijn, is de module Sanscrit uit de Risicotoolboxbodem gebruikt. Met deze applicatie kan worden berekend of de gehalten in de bodem leiden tot een ongewenst blootstellingsniveau. De beoordeling is gebaseerd op de maximaal aangetoonde gehalten die zijn aangetoond boven de interventiewaarde. Het rapport van de risicobeoordeling is opgenomen als bijlage 5. Uitgaande van de huidige bodemgebruiksvorm (natuur) is de conclusie van de risicobeoordeling dat er géén sprake is van actuele humane, ecologische of verspreidingsrisico's. Er hoeven op korte termijn geen maatregelen te worden genomen.
6.2
PFAS
Ter plaatse van het oostelijke deel van de locatie is een achtergrondwaarde-overschrijding met PFOS aangetoond. In overleg met NTP heeft geen uitsplitsing van de mengmonsters of aanvullend onderzoek plaatsgevonden, omdat bij de geplande werkzaamheden geen grond van het terrein zal worden afgevoerd en het gehalte PFAS voldoet voor het beoogde gebruik ‘wonen’.
221022/R01
13/15
7
SAMENVATTING, CONCLUSIES EN AANBEVELINGEN
In opdracht van NTP B.V. is door Ortageo Nederland B.V. een nader bodemonderzoek uitgevoerd op de locatie Hamersestraat in Westervoort. Aanleiding en doel De aanleiding voor het uitvoeren van een nader bodemonderzoek is de tijdens voorgaand (verkennend) bodemonderzoek aangetoonde sterke verontreiniging met OCB in de grond. Het doel van het nader bodemonderzoek is het verkrijgen van meer inzicht in de verontreinigingssituatie en het bepalen van de omvang van de verontreiniging(en) met betrekking tot OCB in de grond. Op basis van het nader bodemonderzoek kan een plan van aanpak worden opgesteld. Bovendien ontstaat hiermee meer inzicht in de kosten voor een eventuele bodemsanering en in de milieuhygiënische belemmeringen van de bodemverontreiniging op de voorgenomen herinrichting en het voorgenomen gebruik van de locatie. Wettelijk kader Het onderzoek is uitgevoerd conform de vigerende NEN-normen en voldoet aan de geldende wet- en regelgeving betreffende de kwaliteit van de uitvoering van milieuhygiënisch bodemonderzoek. Strategie De onderzoeksstrategie voor de afperking van de verontreiniging met OCB is bepaald aan de hand van de NTA 5755. Als PFAS aanwezig is, is dit een gevolg van atmosferische depositie.
Voor het bepalen van het aantal analyses is daarom uitgegaan van de strategie voor een 'diffuus belaste niet-lijnvormige locatie met een homogeen verdeelde verontreinigende stof op schaal van monsterneming' (VED-HO-NL). Voor de slootdempingen is sprake van maatwerk. Resultaten en conclusies Op basis van het uitgevoerde onderzoek blijkt het volgende: OCB • Ter plaatse van het westelijk deel van de onderzoekslocatie is sprake van een sterke verontreiniging met OCB in grond. Omdat de verontreiniging is te relateren aan de fruitteelt welke hier plaats heeft gevonden tussen 1940 en 1980 is sprake van een historische bodemverontreiniging (ontstaan vóór 1987). De oppervlakte bedraagt circa 11.000 m2. De grondverontreiniging is afgeperkt op 0,5 m -mv. Hiermee wordt de hoeveelheid sterk verontreinigde grond geschat op circa 6.500 m 3. In het grondwater zijn geen verontreinigingen met OCB aangetoond. • Uitgaande van de huidige bodemgebruiksvorm (natuur) is de conclusie van de risicobeoordeling dat er géén sprake is van actuele humane, ecologische of verspreidingsrisico's. Er hoeven bij het huidige gebruik op korte termijn geen maatregelen te worden genomen. PFAS • Op het oostelijk terreindeel is een gehalte aan PFOS aangetoond boven de achtergrondwaarde waardoor voor hergebruik van de grond toepassingsbeperkingen gelden.
In overleg met NTP is geen uitsplitsing van de mengmonsters of aanvullend onderzoek uitgevoerd, omdat bij de geplande werkzaamheden geen grond van het terrein zal worden afgevoerd en het gehalte PFAS wel voldoet voor het beoogde gebruik ‘wonen’. • Voor het westelijke terreindeel gelden geen toepassingsbeperkingen, buiten dat de grond niet in grondwaterbeschermingsgebieden hergebruikt mag worden. Slootdempingen • Visueel zijn er geen aanwijzingen gevonden voor mogelijke slootdempingen op de tracés die verdacht waren. Ook zijn geen slootbodems waargenomen. Ook komt het bodemprofiel overeen met de omliggende bodem. Mogelijke voormalige sloten lijken gedempt met gebiedseigen grond. Dit komt overeen met het onderzoek van Hunneman. • Plaatselijk is nikkel zeer licht verhoogd, maar verder zijn geen verontreinigingen aangetoond. • Buiten de mogelijke slootdempingen is in één van de boringen voor de OCB-afperking sprake van sporen slib. Omdat dit vanuit mogelijke slootdempingen het meest verdachte monster is, is deze grond separaat geanalyseerd. Er zijn geen verontreinigingen aangetoond.
221022/R01
14/15
Aanbevelingen Op 1 januari 2024 is de Omgevingswet in werking getreden. Met de invoering van de Omgevingswet zijn de Wet bodembescherming (Wbb), de Circulaire bodemsanering en het Besluit uniforme saneringen (BUS) ingetrokken. Hiermee is de beoordelingssystematiek voor een ‘geval van ernstige bodemverontreiniging’ en de bijbehorende afweging van de saneringsnoodzaak verdwenen. Of voor een locatie een saneringsnoodzaak geldt, wordt door de gemeente vastgelegd in het Omgevingsplan. Een saneringsnoodzaak kan gelden voor een 'bodemgevoelige locatie'. Een bodemgevoelige locatie is een gebouw (inclusief terrein grenzend daaraan) waar personen meer dan 2 uur per dag aaneengesloten aanwezig zijn maar kan bijvoorbeeld ook een speeltuin of moestuin zijn. Het bouwen op een bodemgevoelige locatie is niet toegestaan wanneer de toelaatbare kwaliteit wordt overschreden. In dat geval moeten sanerende of andere beschermende maatregelen worden getroffen. Tot het moment dat een gemeente de toelaatbare kwaliteit heeft gedefinieerd in het Omgevingsplan, geldt dat de bodemkwaliteit onvoldoende is als meer dan 25 m 3 grond boven de interventiewaarde verontreinigd is. Dit is vastgelegd in de zogenaamde bruidsschat: een aantal regels die met het ingaan van de Omgevingswet automatisch onderdeel worden van het tijdelijke deel van het Omgevingsplan.
Deze regels mogen in de komende jaren door de gemeente worden geschrapt, overgenomen of vervangen door eigen regels. Voor deze locatie is sprake van een bodemsanering, waarschijnlijk in de vorm van isolatie doordat ophoging gaat plaatsvinden. De bodemsanering dient tenminste vier weken vooraf te worden gemeld via het Digitaal Stelsel Omgevingswet (DSO) als zgn. milieubelastende activiteit 'saneren van de bodem' en 'graven in bodem met een kwaliteit boven de interventiewaarde'. Bij deze melding dient dit bodemonderzoek en een plan van aanpak van de sanering te worden verstrekt. De graafwerkzaamheden moeten worden uitgevoerd door een BRL SIKB 7000 erkende aannemer en milieukundig worden begeleid door een BRL SIKB 6000 erkende organisatie. Aanbevolen wordt om een plan van aanpak voor de ontgraving op te stellen.
221022/R01
15/15
BIJLAGE 1 Situatietekening met onderzoekspunten en verontreinigingssituatie
221022
co n to u rin te rv e n tie w a a rd e
C :\O R T \2 2 1 0 2 2 \T e k e n in g e n \2 2 1 0 2 2 _ V 1 .0 \2 2 1 0 2 2 _ V 1 .0 .a p rx
BIJLAGE 2 Bodemprofielbeschrijvingen
221022
221022
Meetpunt: 10
Meetpunt: 11
Datum meting: 26-2-2024 Veldwerker: Frank Regeling Peilen in cm t.o.v. referentievlak 0
Datum meting: 26-2-2024 Veldwerker: Frank Regeling Peilen in cm t.o.v. referentievlak 0
0
braak Klei, matig siltig, zwak humeus, grijsbruin
1 50
50
50
50
Meetpunt: 13
Datum meting: 26-2-2024 Veldwerker: Frank Regeling Peilen in cm t.o.v. referentievlak 0
Datum meting: 26-2-2024 Veldwerker: Roel van Eijken Peilen in cm t.o.v. referentievlak 0
weiland Klei, zwak siltig, zwak humeus, grijsbruin
1 50
50
50
Meetpunt: 15
Datum meting: 26-2-2024 Veldwerker: Roel van Eijken Peilen in cm t.o.v. referentievlak 0
Datum meting: 26-2-2024 Veldwerker: Roel van Eijken Peilen in cm t.o.v. referentievlak 0
Klei, matig siltig, zwak humeus, donkerbruin
1 50
50
50
Meetpunt: 17
Datum meting: 26-2-2024 Veldwerker: Roel van Eijken Peilen in cm t.o.v. referentievlak 0
Datum meting: 26-2-2024 Veldwerker: Frank Regeling Peilen in cm t.o.v. referentievlak 0
Klei, matig siltig, zwak humeus, donkerbruin
1 50
50
50
Meetpunt: 19
Datum meting: 26-2-2024 Veldwerker: Roel van Eijken Peilen in cm t.o.v. referentievlak 0
Datum meting: 26-2-2024 Veldwerker: Roel van Eijken Peilen in cm t.o.v. referentievlak 0
Klei, matig siltig, zwak humeus, donker grijsbruin
1 50
Projectlocatie:
50
0
Nader onderzoek OCB en PFAS aan de Hamersestraat in Westervoort
weiland Klei, matig siltig, zwak humeus, grijsbruin
1 50
braak Klei, matig siltig, zwak humeus, grijsbruin
50
weiland
0
1
Meetpunt: 18
0
weiland Klei, matig siltig, zwak humeus, donkerbruin
50
weiland
0
1
Meetpunt: 16
0
braak Klei, matig siltig, zwak humeus, grijsbruin
50
weiland
0
1
Meetpunt: 14
0
weiland Klei, zwak siltig, zwak humeus, grijsbruin
1
Meetpunt: 12
0
0
50
Projectcode: 221022 Pagina: 1 / 6
Meetpunt: 20
Meetpunt: A01
Datum meting: 26-2-2024 Veldwerker: Roel van Eijken Peilen in cm t.o.v. referentievlak 0
Datum meting: 26-2-2024 Veldwerker: Frank Regeling Peilen in cm t.o.v. referentievlak 0
0
weiland Klei, sterk zandig, zwak humeus, donkerbruin
1 50
50
0
braak Klei, zwak siltig, zwak humeus, grijsbruin
1 50
60
Klei, matig siltig, zwak humeus, licht oranjegrijs
2 100 120
Klei, matig siltig, lichtgrijs 3 150
160
Zand matig fijn, zwak siltig, grijsbruin 4 200
200
Meetpunt: A02
Meetpunt: A03
Datum meting: 26-2-2024 Veldwerker: Frank Regeling Peilen in cm t.o.v. referentievlak 0
Datum meting: 26-2-2024 Veldwerker: Frank Regeling Peilen in cm t.o.v. referentievlak 0
0
Klei, zwak siltig, zwak humeus, grijsbruin
1 50
braak
Klei, matig siltig, zwak humeus, licht oranjegrijs
2 100
braak Klei, zwak siltig, zwak humeus, grijsbruin
1 50
60
0
60
Klei, matig siltig, zwak humeus, licht oranjegrijs
2 100
120
120
Klei, matig siltig, lichtgrijs
Klei, matig siltig, lichtgrijs
3 150
3 150
160
160
Zand matig fijn, zwak siltig, grijsbruin
Zand matig fijn, zwak siltig, grijsbruin
4
4 200
200
200
200
Meetpunt: B01
Meetpunt: B02
Datum meting: 27-2-2024 Veldwerker: Frank Regeling Peilen in cm t.o.v. referentievlak 0
Datum meting: 27-2-2024 Veldwerker: Frank Regeling Peilen in cm t.o.v. referentievlak 0
0
weiland Klei, zwak siltig, zwak humeus, grijsbruin
1
0
weiland Klei, zwak siltig, zwak humeus, grijsbruin
1
40
Klei, matig siltig, zwak humeus, zwak roesthoudend, licht oranjebruin
50 2
50
60
Klei, matig siltig, zwak humeus, zwak roesthoudend, licht oranjebruin
2 100
100 3 3 150
150
150
160
Klei, matig siltig, grijsbruin
Klei, matig siltig, licht bruingrijs
4 200
Projectlocatie:
4 200
200
Nader onderzoek OCB en PFAS aan de Hamersestraat in Westervoort
200
Projectcode: 221022 Pagina: 2 / 6
Meetpunt: B03
Meetpunt: B04
Datum meting: 27-2-2024 Veldwerker: Frank Regeling Peilen in cm t.o.v. referentievlak 0
Datum meting: 27-2-2024 Veldwerker: Frank Regeling Peilen in cm t.o.v. referentievlak 0
0
weiland Klei, zwak siltig, zwak humeus, donkerbruin
1 50
50
50
50
100
Klei, matig siltig, zwak humeus, zwak roesthoudend, licht oranjebruin
2 100 3 150
160
Klei, matig siltig, grijsbruin
4
4 200
200
110
Klei, matig siltig, grijsbruin
3 150
weiland Klei, zwak siltig, zwak humeus, grijsbruin
1
Klei, matig siltig, zwak humeus, zwak roesthoudend, licht oranjebruin
2
0
200
200
Meetpunt: B05
Meetpunt: B06
Datum meting: 27-2-2024 Veldwerker: Frank Regeling Peilen in cm t.o.v. referentievlak 0
Datum meting: 27-2-2024 Veldwerker: Frank Regeling Peilen in cm t.o.v. referentievlak 0
0
weiland Klei, zwak siltig, zwak humeus, grijsbruin
1
0
weiland Klei, zwak siltig, zwak humeus, grijsbruin
1
40
Klei, matig siltig, zwak humeus, licht grijsbruin
50 2
50
90
Klei, matig siltig, zwak humeus, zwak roesthoudend, licht oranjegrijs
100 3
150
160
Klei, matig siltig, zwak humeus, zwak roesthoudend, licht oranjegrijs
100 3
130
4
60
2
Klei, matig siltig, zwak humeus, licht bruingrijs
140
Klei, sterk siltig, lichtgrijs
150 4
Klei, matig siltig, lichtgrijs 5 200
200
200
200
Meetpunt: C01
Meetpunt: C02
Datum meting: 27-2-2024 Veldwerker: Frank Regeling Peilen in cm t.o.v. referentievlak 0
Datum meting: 27-2-2024 Veldwerker: Frank Regeling Peilen in cm t.o.v. referentievlak 0
0
weiland Klei, zwak siltig, zwak humeus, grijsbruin
1 50
50
50
50
100
Klei, matig siltig, zwak humeus, licht grijsbruin
2 100
3 150
3 150
160
160
Klei, sterk siltig, lichtgrijs
Klei, sterk siltig, lichtgrijs
4 200
Projectlocatie:
weiland Klei, zwak siltig, zwak humeus, grijsbruin
1
Klei, matig siltig, zwak humeus, licht grijsbruin
2
0
4 200
200
Nader onderzoek OCB en PFAS aan de Hamersestraat in Westervoort
200
Projectcode: 221022 Pagina: 3 / 6
Meetpunt: C03
Meetpunt: D01
Datum meting: 27-2-2024 Veldwerker: Frank Regeling Peilen in cm t.o.v. referentievlak 0
Datum meting: 26-2-2024 Veldwerker: Frank Regeling Peilen in cm t.o.v. referentievlak 0
0
weiland Klei, zwak siltig, zwak humeus, grijsbruin
1 50
50
50
50
100
weiland Klei, matig siltig, zwak humeus, grijsbruin
1
Klei, matig siltig, zwak humeus, licht grijsbruin
2
0
Klei, matig siltig, zwak humeus, licht grijsbruin
2 100
110
Klei, matig siltig, lichtgrijs
3 3 150
150
160
160
Klei, sterk siltig, lichtgrijs
Zand matig fijn, zwak siltig, grijsbruin
4
4 200
200
200
200
Meetpunt: D02
Meetpunt: D03
Datum meting: 26-2-2024 Veldwerker: Frank Regeling Peilen in cm t.o.v. referentievlak 0
Datum meting: 26-2-2024 Veldwerker: Frank Regeling Peilen in cm t.o.v. referentievlak 0
0
weiland Klei, matig siltig, zwak humeus, grijsbruin
1 50
50
100
50
50
Klei, matig siltig, zwak humeus, licht grijsbruin
2 100
110
110
Klei, matig siltig, lichtgrijs
Klei, matig siltig, lichtgrijs
3 150
3 150
160
160
Zand matig fijn, zwak siltig, grijsbruin
Zand matig fijn, zwak siltig, grijsbruin
4
4 200
200
200
200
Meetpunt: D04
Meetpunt: D05
Datum meting: 26-2-2024 Veldwerker: Frank Regeling Peilen in cm t.o.v. referentievlak 0
Datum meting: 26-2-2024 Veldwerker: Frank Regeling Peilen in cm t.o.v. referentievlak 0
0
braak Klei, zwak siltig, zwak humeus, bruingrijs
1 50
50
Klei, zwak siltig, zwak humeus, bruingrijs
Klei, matig siltig, zwak humeus, licht grijsbruin
2 100
110
Klei, matig siltig, lichtgrijs
Klei, matig siltig, lichtgrijs
3
3
150
150 4
200
Projectlocatie:
braak
50
50
110
0
1
Klei, matig siltig, zwak humeus, licht grijsbruin
2 100
weiland Klei, matig siltig, zwak humeus, grijsbruin
1
Klei, matig siltig, zwak humeus, licht grijsbruin
2
0
4 200
200
Nader onderzoek OCB en PFAS aan de Hamersestraat in Westervoort
200
Projectcode: 221022 Pagina: 4 / 6
Meetpunt: D06
Meetpunt: W01
Datum meting: 26-2-2024 Veldwerker: Frank Regeling Peilen in cm t.o.v. referentievlak 0
Datum meting: 26-2-2024 Veldwerker: Frank Regeling Peilen in cm t.o.v. referentievlak 0
0
braak Klei, zwak siltig, zwak humeus, bruingrijs
1 50
50
100
50
50
Klei, matig siltig, zwak humeus, lichtbruin
2 100
110
Klei, matig siltig, lichtgrijs
3
3
140
150
Klei, sterk siltig, lichtgrijs
150 4
4 200
200
braak Klei, matig siltig, zwak humeus, donker bruingrijs
1
Klei, matig siltig, zwak humeus, licht grijsbruin
2
0
200
200
Zand matig fijn, zwak siltig, donkergrijs
5 250
250
300
350
400
Meetpunt: W02
Meetpunt: W03
Datum meting: 26-2-2024 Veldwerker: Roel van Eijken Peilen in cm t.o.v. referentievlak 0
Datum meting: 26-2-2024 Veldwerker: Roel van Eijken Peilen in cm t.o.v. referentievlak 0
0
weiland Klei, matig siltig, zwak humeus, donker grijsbruin
1 50
50
50
50
100
weiland Klei, matig siltig, zwak humeus, donker grijsbruin
1
Klei, sterk siltig, zwak humeus, lichtbruin
2
0
Klei, sterk siltig, zwak humeus, lichtbruin
2 100
3
3 140
Klei, sterk siltig, lichtgrijs
150 4 200
150
150
Klei, sterk siltig, resten hout, lichtgrijs
4 200
200
210
Klei, matig zandig, zwak humeus, sporen slib, donker zwartbruin
5 250
250
300
350
400
Projectlocatie:
Nader onderzoek OCB en PFAS aan de Hamersestraat in Westervoort
Projectcode: 221022 Pagina: 5 / 6
Meetpunt: W04
Meetpunt: W05
Datum meting: 26-2-2024 Veldwerker: Roel van Eijken Peilen in cm t.o.v. referentievlak 0
Datum meting: 27-2-2024 Veldwerker: Frank Regeling Peilen in cm t.o.v. referentievlak 0
0
weiland Klei, zwak siltig, zwak humeus, donker grijsbruin
1 50
50
50
100
2 100
3
110
Klei, matig siltig, zwak humeus, licht grijsbruin
3 150
150
150
150 Klei, sterk siltig, lichtgrijs
Klei, sterk siltig, lichtgrijs
4
4 200
200
200
200
Meetpunt: W06
Meetpunt: W07
Datum meting: 27-2-2024 Veldwerker: Frank Regeling Peilen in cm t.o.v. referentievlak 0
Datum meting: 27-2-2024 Veldwerker: Frank Regeling Peilen in cm t.o.v. referentievlak 0
0
weiland Klei, zwak siltig, zwak humeus, grijsbruin
1 50
weiland Klei, zwak siltig, zwak humeus, grijsbruin
1
Klei, matig siltig, zwak humeus, lichtbruin
2
0
Klei, matig siltig, zwak humeus, licht grijsbruin
2 100
weiland Klei, zwak siltig, zwak humeus, grijsbruin
1 50
50
60
0
Klei, matig siltig, zwak humeus, licht grijsbruin
2 100 3
3 150
150
160
160
Klei, sterk siltig, lichtgrijs
Zand matig fijn, zwak siltig, grijsbruin
4
4 200
200
200
200
Meetpunt: W08
Meetpunt: W09
Datum meting: 27-2-2024 Veldwerker: Frank Regeling Peilen in cm t.o.v. referentievlak 0
Datum meting: 26-2-2024 Veldwerker: Roel van Eijken Peilen in cm t.o.v. referentievlak 0
0
weiland Klei, zwak siltig, zwak humeus, grijsbruin
1 50
50
50
50
100
braak Klei, zwak siltig, zwak humeus, grijsbruin
1
Klei, matig siltig, zwak humeus, licht grijsbruin
2
0
Klei, sterk siltig, zwak humeus, sporen schelpen, neutraalbruin
2 100
110
Klei, sterk siltig, lichtgrijs
3 3 150
150
160
160
Zand matig fijn, zwak siltig, grijsbruin 4 200
Zand matig fijn, zwak siltig, licht bruingrijs
4 200
200
250
250
300
350
400
Projectlocatie:
Nader onderzoek OCB en PFAS aan de Hamersestraat in Westervoort
Projectcode: 221022 Pagina: 6 / 6
BIJLAGE 3 Analysecertificaten
221022
SGS Environmental Analytics Correspondentieadres Steenhouwerstraat 15 · 3194 AG Rotterdam Tel.: +31 (0)10 231 47 00 · Fax: +31 (0)10 416 30 34 www.sgs.com/analytics-nl
Analyserapport
Ortageo Nederland B.V. Dieter Leeferink Einsteinstraat 12a 7601 PR Almelo
Uw projectnaam Uw projectnummer SGS rapportnummer
Blad 1 van 9
: Hamersestraat Westervoort : 221022 : 14035747, versienummer: 1.
Rotterdam, 06-03-2024
Geachte heer/mevrouw, Hierbij ontvangt u de analyse resultaten van het laboratoriumonderzoek ten behoeve van uw project 221022. Het onderzoek werd uitgevoerd conform uw opdracht. De gerapporteerde resultaten hebben uitsluitend betrekking op de door SGS geteste monsters en zoals door SGS ontvangen zijn. De door u aangegeven omschrijvingen voor de monsters, het project en de monsternamedatum (indien aangeleverd) zijn overgenomen in dit analyserapport. SGS is niet verantwoordelijk voor de gegevens verstrekt door de opdrachtgever. Het onderzoek is uitgevoerd door SGS Environmental Analytics, gevestigd aan de Steenhouwerstraat 15 in Rotterdam (NL). Indien het onderzoek is uitgevoerd door derden is dit in het rapport aangegeven. Dit analyserapport bestaat inclusief bijlagen uit 9 pagina's. In geval van een versienummer van '2' of hoger vervallen de voorgaande versies. Alle bijlagen maken onlosmakelijk onderdeel uit van het rapport. Alleen vermenigvuldiging van het hele rapport is toegestaan. Voor meer informatie, omtrent bijvoorbeeld meetonzekerheid of gebruikte analysemethoden, kunt u contact opnemen met de afdeling Customer Support. Wij vertrouwen er op u met deze informatie van dienst te zijn. Hoogachtend,
René Eugster Business Unit Manager
SGS Environmental Analytics IS GEACCREDITEERD VOLGENS DE DOOR DE RAAD VOOR ACCREDITATIE GESTELDE CRITERIA VOOR TESTLABORATORIA CONFORM EN ISO/IEC 17025:2017 ONDER NR. L 028.
SGS Environmental Analytics – Vestiging van SGS Nederland BV, Malledijk 18 - P.O. Box 200, NL-3200 AE Spijkenisse - Nederland. Al onze werkzaamheden worden uitgevoerd onder de algemene voorwaarden gedeponeerd bij de kamer van koophandel te Rotterdam inschrijving handelsregister : 24226722.
Blad 2 van 9
Analyserapport Ortageo Nederland B.V. Dieter Leeferink Projectnaam Hamersestraat Westervoort Projectnummer 221022 Rapportnummer 14035747 - 1
Orderdatum 28-02-2024 Startdatum 28-02-2024 Rapportagedatum 06-03-2024
Nummer
Monstersoort
Monsterspecificatie
001 002 003 004 005
Grond (AS3000) Grond (AS3000) Grond (AS3000) Grond (AS3000) Grond (AS3000)
W01-2 W02-2 W03-2 W04-2 W05-2
Analyse
Eenheid
Q
monster voorbehandeling droge stof gewicht artefacten aard van de artefacten
gew.-% g -
S S S S
Ja 78.5 <1 geen
Ja 75.6 <1 geen
Ja 77.8 <1 geen
Ja 75.6 <1 geen
Ja 75.8 <1 geen
CHLOORBENZENEN hexachloorbenzeen
µg/kgds
S
<1
<1
<1
<1
<1
S S S S S S S S S
<1 <1 1) 1.4 <1 <1 1) 1.4 <1 5.4 1) 6.1 1) 8.9
37 130 1) 167 2.1 13 1) 15.1 7.4 750 1) 757.4 1) 939.5
2.1 7.2 1) 9.3 <1 <1 1) 1.4 <1 45 1) 45.7 1) 56.4
<1 <1 1) 1.4 <1 <1 1) 1.4 <1 3.9 1) 4.6 1) 7.4
<1 <1 1) 1.4 <1 <1 1) 1.4 <1 6.3 1) 7 1) 9.8
S S S S
<1 <1 <1 1) 2.1
<1 <1 <1 1) 2.1
<1 <1 <1 1) 2.1
<1 <1 <1 1) 2.1
<1 <1 <1 1) 2.1
S
<1 1) 1.4
<1 1) 1.4
<1 1) 1.4
<1 1) 1.4
<1 1) 1.4
S S S S S S S S S
<1 <1 <1 <1 <1 1) 2.8 <1 <1 <1 1) 1.4
<1 <1 <1 <1 <1 1) 2.8 <1 <1 <1 1) 1.4
<1 <1 <1 <1 <1 1) 2.8 <1 <1 <1 1) 1.4
<1 <1 <1 <1 <1 1) 2.8 <1 <1 <1 1) 1.4
<1 <1 <1 <1 <1 1) 2.8 <1 <1 <1 1) 1.4
S S S S
<1 <1 <1 <1
<1 <1 <1 <1
<1 <1 <1 <1
<1 <1 <1 <1
<1 <1 <1 <1
CHLOORBESTRIJDINGSMIDDELEN o,p-DDT µg/kgds p,p-DDT µg/kgds som DDT (0.7 factor) µg/kgds o,p-DDD µg/kgds p,p-DDD µg/kgds som DDD (0.7 factor) µg/kgds o,p-DDE µg/kgds p,p-DDE µg/kgds som DDE (0.7 factor) µg/kgds som DDT,DDE,DDD (0.7 µg/kgds factor) aldrin µg/kgds dieldrin µg/kgds endrin µg/kgds som aldrin/dieldrin/endrin µg/kgds (0.7 factor) isodrin µg/kgds som aldrin/dieldrin (0.7 µg/kgds factor) telodrin µg/kgds alpha-HCH µg/kgds beta-HCH µg/kgds gamma-HCH µg/kgds delta-HCH µg/kgds som a-b-c-d HCH (0.7 factor) µg/kgds heptachloor µg/kgds cis-heptachloorepoxide µg/kgds trans-heptachloorepoxide µg/kgds som heptachloorepoxide (0.7 µg/kgds factor) alpha-endosulfan µg/kgds hexachloorbutadieen µg/kgds endosulfansulfaat µg/kgds trans-chloordaan µg/kgds
001
002
003
004
De met S gemerkte analyses zijn geaccrediteerd en vallen onder de AS3000-erkenning.
Paraaf : SGS Environmental Analytics IS GEACCREDITEERD VOLGENS DE DOOR DE RAAD VOOR ACCREDITATIE GESTELDE CRITERIA VOOR TESTLABORATORIA CONFORM EN ISO/IEC 17025:2017 ONDER NR. L 028.
SGS Environmental Analytics – Vestiging van SGS Nederland BV, Malledijk 18 - P.O. Box 200, NL-3200 AE Spijkenisse - Nederland. Al onze werkzaamheden worden uitgevoerd onder de algemene voorwaarden gedeponeerd bij de kamer van koophandel te Rotterdam inschrijving handelsregister : 24226722.
005
Blad 3 van 9
Analyserapport Ortageo Nederland B.V. Dieter Leeferink Projectnaam Hamersestraat Westervoort Projectnummer 221022 Rapportnummer 14035747 - 1
Orderdatum 28-02-2024 Startdatum 28-02-2024 Rapportagedatum 06-03-2024
Nummer
Monstersoort
Monsterspecificatie
001 002 003 004 005
Grond (AS3000) Grond (AS3000) Grond (AS3000) Grond (AS3000) Grond (AS3000)
W01-2 W02-2 W03-2 W04-2 W05-2
Analyse
Eenheid
Q
001
002
003
004
005
cis-chloordaan som chloordaan (0.7 factor) Som organochloorbestrijdingsmidd elen (0.7 factor) waterbodem som organochloorbestrijdingsmidd elen (0.7 factor) landbodem
µg/kgds µg/kgds µg/kgds
S S
<1 1) 1.4 1) 20.8
<1 1) 1.4 1) 951.4
<1 1) 1.4 1) 68.3
<1 1) 1.4 1) 19.3
<1 1) 1.4 1) 21.7
µg/kgds
S
19.4
1)
950
1)
66.9
1)
17.9
1)
De met S gemerkte analyses zijn geaccrediteerd en vallen onder de AS3000-erkenning.
Paraaf : SGS Environmental Analytics IS GEACCREDITEERD VOLGENS DE DOOR DE RAAD VOOR ACCREDITATIE GESTELDE CRITERIA VOOR TESTLABORATORIA CONFORM EN ISO/IEC 17025:2017 ONDER NR. L 028.
SGS Environmental Analytics – Vestiging van SGS Nederland BV, Malledijk 18 - P.O. Box 200, NL-3200 AE Spijkenisse - Nederland. Al onze werkzaamheden worden uitgevoerd onder de algemene voorwaarden gedeponeerd bij de kamer van koophandel te Rotterdam inschrijving handelsregister : 24226722.
20.3
1)
Blad 4 van 9
Analyserapport Ortageo Nederland B.V. Dieter Leeferink Projectnaam Hamersestraat Westervoort Projectnummer 221022 Rapportnummer 14035747 - 1
Orderdatum 28-02-2024 Startdatum 28-02-2024 Rapportagedatum 06-03-2024
Monster beschrijvingen
001
*
De monstervoorbehandeling en analyses zijn uitgevoerd conform Accreditatieschema AS3000, dit geldt alleen voor de analyses die worden gerapporteerd met het "S" kenmerk.
002
*
De monstervoorbehandeling en analyses zijn uitgevoerd conform Accreditatieschema AS3000, dit geldt alleen voor de analyses die worden gerapporteerd met het "S" kenmerk.
003
*
De monstervoorbehandeling en analyses zijn uitgevoerd conform Accreditatieschema AS3000, dit geldt alleen voor de analyses die worden gerapporteerd met het "S" kenmerk.
004
*
De monstervoorbehandeling en analyses zijn uitgevoerd conform Accreditatieschema AS3000, dit geldt alleen voor de analyses die worden gerapporteerd met het "S" kenmerk.
005
*
De monstervoorbehandeling en analyses zijn uitgevoerd conform Accreditatieschema AS3000, dit geldt alleen voor de analyses die worden gerapporteerd met het "S" kenmerk.
Voetnoten 1
De sommatie na verrekening van de 0.7 factor voor <-waarden volgens BoToVa.
Paraaf : SGS Environmental Analytics IS GEACCREDITEERD VOLGENS DE DOOR DE RAAD VOOR ACCREDITATIE GESTELDE CRITERIA VOOR TESTLABORATORIA CONFORM EN ISO/IEC 17025:2017 ONDER NR. L 028.
SGS Environmental Analytics – Vestiging van SGS Nederland BV, Malledijk 18 - P.O. Box 200, NL-3200 AE Spijkenisse - Nederland. Al onze werkzaamheden worden uitgevoerd onder de algemene voorwaarden gedeponeerd bij de kamer van koophandel te Rotterdam inschrijving handelsregister : 24226722.
Blad 5 van 9
Analyserapport Ortageo Nederland B.V. Dieter Leeferink Projectnaam Hamersestraat Westervoort Projectnummer 221022 Rapportnummer 14035747 - 1
Orderdatum 28-02-2024 Startdatum 28-02-2024 Rapportagedatum 06-03-2024
Nummer
Monstersoort
Monsterspecificatie
006 007 008 009
Grond (AS3000) Grond (AS3000) Grond (AS3000) Grond (AS3000)
W06-2 W07-2 W08-2 W09-2
Analyse
Eenheid
Q
monster voorbehandeling droge stof gewicht artefacten aard van de artefacten
gew.-% g -
S S S S
Ja 76.4 <1 geen
Ja 77.3 <1 geen
Ja 76.9 <1 geen
Ja 75.5 <1 geen
CHLOORBENZENEN hexachloorbenzeen
µg/kgds
S
<1
<1
<1
<1
S S S S S S S S S
<1 2.7 1) 3.4 <1 <1 1) 1.4 <1 21 1) 21.7 1) 26.5
2.7 27 1) 29.7 <1 2.0 1) 2.7 <1 110 1) 110.7 1) 143.1
<1 <1 1) 1.4 <1 <1 1) 1.4 <1 6.9 1) 7.6 1) 10.4
<1 1.3 1) 2 <1 <1 1) 1.4 <1 5.5 1) 6.2 1) 9.6
S S S S
<1 <1 <1 1) 2.1
<1 <1 <1 1) 2.1
<1 <1 <1 1) 2.1
<1 <1 <1 1) 2.1
S
<1 1) 1.4
<1 1) 1.4
<1 1) 1.4
<1 1) 1.4
S S S S S S S S S
<1 <1 <1 <1 <1 1) 2.8 <1 <1 <1 1) 1.4
<1 <1 <1 <1 <1 1) 2.8 <1 <1 <1 1) 1.4
<1 <1 <1 <1 <1 1) 2.8 <1 <1 <1 1) 1.4
<1 <1 <1 <1 <1 1) 2.8 <1 <1 <1 1) 1.4
S S S S S
<1 <1 <1 <1 <1
<1 <1 <1 <1 <1
<1 <1 <1 <1 <1
<1 <1 <1 <1 <1
CHLOORBESTRIJDINGSMIDDELEN o,p-DDT µg/kgds p,p-DDT µg/kgds som DDT (0.7 factor) µg/kgds o,p-DDD µg/kgds p,p-DDD µg/kgds som DDD (0.7 factor) µg/kgds o,p-DDE µg/kgds p,p-DDE µg/kgds som DDE (0.7 factor) µg/kgds som DDT,DDE,DDD (0.7 µg/kgds factor) aldrin µg/kgds dieldrin µg/kgds endrin µg/kgds som aldrin/dieldrin/endrin µg/kgds (0.7 factor) isodrin µg/kgds som aldrin/dieldrin (0.7 µg/kgds factor) telodrin µg/kgds alpha-HCH µg/kgds beta-HCH µg/kgds gamma-HCH µg/kgds delta-HCH µg/kgds som a-b-c-d HCH (0.7 factor) µg/kgds heptachloor µg/kgds cis-heptachloorepoxide µg/kgds trans-heptachloorepoxide µg/kgds som heptachloorepoxide (0.7 µg/kgds factor) alpha-endosulfan µg/kgds hexachloorbutadieen µg/kgds endosulfansulfaat µg/kgds trans-chloordaan µg/kgds cis-chloordaan µg/kgds
006
007
008
009
De met S gemerkte analyses zijn geaccrediteerd en vallen onder de AS3000-erkenning.
Paraaf : SGS Environmental Analytics IS GEACCREDITEERD VOLGENS DE DOOR DE RAAD VOOR ACCREDITATIE GESTELDE CRITERIA VOOR TESTLABORATORIA CONFORM EN ISO/IEC 17025:2017 ONDER NR. L 028.
SGS Environmental Analytics – Vestiging van SGS Nederland BV, Malledijk 18 - P.O. Box 200, NL-3200 AE Spijkenisse - Nederland. Al onze werkzaamheden worden uitgevoerd onder de algemene voorwaarden gedeponeerd bij de kamer van koophandel te Rotterdam inschrijving handelsregister : 24226722.
Blad 6 van 9
Analyserapport Ortageo Nederland B.V. Dieter Leeferink Projectnaam Hamersestraat Westervoort Projectnummer 221022 Rapportnummer 14035747 - 1
Orderdatum 28-02-2024 Startdatum 28-02-2024 Rapportagedatum 06-03-2024
Nummer
Monstersoort
Monsterspecificatie
006 007 008 009
Grond (AS3000) Grond (AS3000) Grond (AS3000) Grond (AS3000)
W06-2 W07-2 W08-2 W09-2
Analyse
Eenheid
Q
006
som chloordaan (0.7 factor) Som organochloorbestrijdingsmidd elen (0.7 factor) waterbodem som organochloorbestrijdingsmidd elen (0.7 factor) landbodem
µg/kgds µg/kgds
S
1.4 1) 38.4
µg/kgds
S
37
1)
1)
007 1)
1.4 1) 155
153.6
1)
008 1)
1.4 1) 22.3
20.9
1)
009 1)
1.4 1) 21.5
20.1
1)
De met S gemerkte analyses zijn geaccrediteerd en vallen onder de AS3000-erkenning.
Paraaf : SGS Environmental Analytics IS GEACCREDITEERD VOLGENS DE DOOR DE RAAD VOOR ACCREDITATIE GESTELDE CRITERIA VOOR TESTLABORATORIA CONFORM EN ISO/IEC 17025:2017 ONDER NR. L 028.
SGS Environmental Analytics – Vestiging van SGS Nederland BV, Malledijk 18 - P.O. Box 200, NL-3200 AE Spijkenisse - Nederland. Al onze werkzaamheden worden uitgevoerd onder de algemene voorwaarden gedeponeerd bij de kamer van koophandel te Rotterdam inschrijving handelsregister : 24226722.
Blad 7 van 9
Analyserapport Ortageo Nederland B.V. Dieter Leeferink Projectnaam Hamersestraat Westervoort Projectnummer 221022 Rapportnummer 14035747 - 1
Orderdatum 28-02-2024 Startdatum 28-02-2024 Rapportagedatum 06-03-2024
Monster beschrijvingen
006
*
De monstervoorbehandeling en analyses zijn uitgevoerd conform Accreditatieschema AS3000, dit geldt alleen voor de analyses die worden gerapporteerd met het "S" kenmerk.
007
*
De monstervoorbehandeling en analyses zijn uitgevoerd conform Accreditatieschema AS3000, dit geldt alleen voor de analyses die worden gerapporteerd met het "S" kenmerk.
008
*
De monstervoorbehandeling en analyses zijn uitgevoerd conform Accreditatieschema AS3000, dit geldt alleen voor de analyses die worden gerapporteerd met het "S" kenmerk.
009
*
De monstervoorbehandeling en analyses zijn uitgevoerd conform Accreditatieschema AS3000, dit geldt alleen voor de analyses die worden gerapporteerd met het "S" kenmerk.
Voetnoten 1
De sommatie na verrekening van de 0.7 factor voor <-waarden volgens BoToVa.
Paraaf : SGS Environmental Analytics IS GEACCREDITEERD VOLGENS DE DOOR DE RAAD VOOR ACCREDITATIE GESTELDE CRITERIA VOOR TESTLABORATORIA CONFORM EN ISO/IEC 17025:2017 ONDER NR. L 028.
SGS Environmental Analytics – Vestiging van SGS Nederland BV, Malledijk 18 - P.O. Box 200, NL-3200 AE Spijkenisse - Nederland. Al onze werkzaamheden worden uitgevoerd onder de algemene voorwaarden gedeponeerd bij de kamer van koophandel te Rotterdam inschrijving handelsregister : 24226722.
Blad 8 van 9
Analyserapport Ortageo Nederland B.V. Dieter Leeferink Projectnaam Hamersestraat Westervoort Projectnummer 221022 Rapportnummer 14035747 - 1
Orderdatum 28-02-2024 Startdatum 28-02-2024 Rapportagedatum 06-03-2024
Analyse
Monstersoort
Relatie tot norm
monster voorbehandeling
Grond (AS3000)
droge stof
Grond (AS3000)
gewicht artefacten
Grond (AS3000)
aard van de artefacten
Grond (AS3000)
hexachloorbenzeen
Grond (AS3000)
o,p-DDT
Grond (AS3000)
p,p-DDT
Grond (AS3000)
som DDT (0.7 factor)
Grond (AS3000)
o,p-DDD
Grond (AS3000)
p,p-DDD
Grond (AS3000)
som DDD (0.7 factor)
Grond (AS3000)
o,p-DDE
Grond (AS3000)
p,p-DDE
Grond (AS3000)
som DDE (0.7 factor)
Grond (AS3000)
som DDT,DDE,DDD (0.7 factor)
Grond (AS3000)
aldrin
Grond (AS3000)
dieldrin
Grond (AS3000)
endrin
Grond (AS3000)
som aldrin/dieldrin/endrin (0.7 factor) isodrin
Grond (AS3000)
Grond: NEN-EN 16179. Grond (AS3000): AS3000 en NEN-EN 16179 Grond: NEN-EN 15934. Grond (AS3000): AS3010-2 en NEN-EN 15934 AS3000 Idem AS3020-2 AS3020-1 Idem Idem Idem Idem Idem Idem Idem Idem Idem Idem Idem Idem Idem