CConstaterende datWestervoort
Koppel je AI →
Document · PDF

20260126-rv-principebesluit-herindeling-bijlage-4-eindrapport-financieel.

Raadsvergadering 26 januari 2026, gemeente WestervoortBij agendapunt: Principebesluit gemeentelijke herindeling Liemers5.927 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

BIJLAGE B FINANCIËLE ANALYSE VIER LIEMERSE GEMEENTEN

Nu? Of nooit! Onderzoek naar een toekomstbestendige bestuurlijke organisatie van de vier Liemerse gemeenten: Doesburg, Duiven, Westervoort en Zevenaar.

1

definitief 07 april 2025

Inhoud Hoofdconclusies

1. Financiële positie vier gemeenten 2. Eigen inkomsten

3. Algemene uitkering

2|

Hoofdconclusies financiële analyse Gemeenten in de Liemers koersen af op financieel onweer

Doesburg

Alle vier de Liemerse gemeenten hebben in 2025 nog een structureel sluitende

In Doesburg is de financiële situatie zorgelijk. In 2025 heeft de gemeente een klein

begroting, maar vanaf 2026 verslechtert hun financiële positie snel, met name door

p

de daling van de algemene uitkering. Richting 2028 heeft geen van de gemeenten

extra inkomsten, zoals een OZB-verhoging. Maar die maatregelen zijn op de lange

structureel sluitende saldi. Dit vergroot de financiële onzekerheden en zet druk op

termijn niet genoeg. Vanaf 2026 ontstaan forse tekorten, die oplopen tot -€723.000

reserves en weerstandsvermogen. Alleen Zevenaar en Duiven beschikken nog over

in 2028. Ook het weerstandsvermogen – de ruimte om financiële tegenvallers op te

enige buffers; bij Doesburg en Westervoort zijn die nagenoeg uitgeput.

vangen – t

t f t uctu

t g

t

l

l

€5.000. D t k mt

uk. I 2025 €1 7 m lj

l

g €2 3 m lj c ’ .D tl

t

f

b zu

g g

b c kb w

j

t

t

p

Volgens de provincie is structurele bijsturing noodzakelijk. Dat betekent concreet

1,3, wat voldoende is volgens de norm, maar wel kwetsbaar. Die beperkte buffer

dat gemeenten moeten gaan snijden – of nog verder snijden – in het

wordt de komende jaren zwaar aangesproken.

voorzieningenniveau. Hoewel het verhogen van inkomsten via belastingen – zoals via de OZB – een mogelijke bijsturingsmaatregel is, hebben drie van de vier

Westervoort

gemeenten deze knop recentelijk fors ingedrukt. Doesburg en Westervoort

Ook Westervoort kent een zorgelijke ontwikkeling. In 2025 is het structureel saldo

belasten hun inwoners bovendien al zwaarder dan gemiddeld met een

t f (€676.000) m

z kt

2026

pw g

belastingcapaciteit van respectievelijk 113% en 106%. Duiven en Zevenaar hebben

de jaren daarna blijven de cijfers fors negatief – m t

nog enige ruimte omdat zij hun inwoners lager belasten dan gemiddeld –

2028.

respectievelijk 98% en 89%.

3|

gp

-€2 98 m lj t k t

€1 53 m lj

k

Hoofdconclusies financiële analyse De financiële buffers slinken in rap tempo. De weerstandsratio zakt van 1,6 in 2025

Zevenaar

naar 0,80 in 2026, en belandt zelfs onder nul in 2028 (-0,45). Daarmee komt

Zevenaar heeft op dit moment de sterkste uitgangspositie van de vier gemeenten.

Westervoort volgens de provincie in de risicogroep terecht. De ruimte om

I 2025

financiële tegenvallers op te vangen of nieuw beleid te starten is dan ook

buffer is stevig. De weerstandsratio bedraagt 2,5, wat door de provincie als

nagenoeg verdwenen.

‘u t t k

’w

t uctu tb

l

c

t

l .T c

€577.000

k

t

k u

l jk

f

c ël

g t f. H t

structurele saldo verslechtert snel: van -€6 76 m lj

2026; -€6 48 m lj

Duiven

2027 en -€6 03 m lj

t k t

Duiven staat er financieel gezien op dit moment nog redelijk goed voor, met in

solvabiliteit – van 23% in 2025 naar slechts 13% in 2028. Hoewel Zevenaar nu nog

2025

p

t f t uctu

l

saldo daalt naar -€4 09 m lj €3 72 m lj

2027

l

€68.000. M

2026

-€1 95 m lj

bl jft 2028. H

tb

k w l

l

t

l

f

g t f m t-

g m

t

p

t

t

moment over voldoende weerstandsvermogen beschikt (met een ratio van 1,81 in 2025), wordt ook hier de algemene reserve de komende jaren stevig aangesproken. Tegelijkertijd waarschuwt de gemeente zelf dat er grote opgaven aankomen, zoals woningbouw en klimaatmaatregelen. Er is volgens Duiven dan ook weinig ruimte

voor nieuw beleid, en er zal op onderdelen pas op de plaats gemaakt moeten worden.

4|

g

2028. D

z

u

lt

k

enige ruimte heeft om bij te sturen, wordt ook hier een groot beroep gedaan op de reserves. Zonder maatregelen komt ook deze stevige positie onder druk te staan.

1. Financiële positie vier gemeenten Financiële duiding Voorliggend hoofdstuk geeft inzicht in de financiële positie van de gemeenten Doesburg, Duiven, Westervoort en Zevenaar in het gebied de Liemers. Het vertrekpunt van de analyse zijn de cijfers over de begroting 2025- 2028 en de jaarrekening 2023.

5|

Onzekerheden en tekorten richting 2028 in de exploitatiebegrotingen I t b l1zj

b g t g

l

pg

m

. H t “geraamd saldo”

t

l

t

door de raad is vastgesteld. In 2025 is dit saldo in Doesburg en Zevenaar een

negatief saldo (dekking vanuit de Algemene Reserve), terwijl Duiven en Westervoort in dat jaar nog een positief saldo ramen. Vanaf 2026 is het saldo in alle gemeenten sterk negatief.

X €1.000

2025

2026

2027

2028

Doesburg Geraamd saldo

-678

-993

-426

-108

Doesburg Structureel saldo

5

-1.423

-961

-723

alle gemeenten. Het structurele saldo wordt vastgesteld door de Provincie. Bij deze

Duiven Geraamd saldo

184

-3.441

-3.186

-1.364

beoordeling kijkt de Provincie niet alleen naar de cijfers, maar ook naar de mate en

Duiven Structureel saldo

68

-4.088

-3.719

-1.947

Westervoort Geraamd saldo

960

-2.517

-2.296

-1.518

Westervoort Structureel saldo

676

-2.982

-2.164

-1.528

Zevenaar Geraamd saldo

-903

-6.465

-5.445

-6.029

Zevenaar Structureel saldo

577

-6.757

-5.376

-6.029

Het saldo dat door de raad wordt vastgesteld wijkt af van het structurele saldo in

realiteitswaarde van de opgenomen bezuinigingen. Hoewel het structureel en reëel saldo volgens de provincie in 2025 in alle vier de gemeenten positief is, verslechtert dit beeld vanaf 2026. Tegen 2028 is bij geen van de gemeenten sprake van een structureel sluitende begroting. Daarnaast is bij alle gemeenten zichtbaar dat het effect van de daling van de algemene uitkering in 2026 een duidelijk negatief effect heeft op het begrotingssaldo. Deze daling, voortkomend uit wijzigingen in het Gemeentefonds, vertaalt zich direct in lagere inkomsten en dus hogere tekorten.

1. Financiële positie vier gemeenten Exploitatiebegrotingen gekenmerkt door (forse) bezuinigingen I D

bu g

t t uctu

t uctu l b zu k m t

g

l

l

g g m

g

t

t g l

g

ut

l (€5.000 p

Dt t f) m

k t ll g

u m €2 5 m lj

(w

t jg g OZB)

bj

ult

t

2025

p

t f

l

€676.000 m

k

z

vanaf 2026 negatieve structurele saldo, oplopend tot -€1 528 m lj €0 7

2028.

In Duiven is het financieel resultaat in 2025 positief. Dit wordt voornamelijk bepaald

miljoen. Ondanks deze structurele bezuinigingen verslechtert het saldo vanaf 2026

door het inboeken van structurele bezuinigingen, inkomstenverhogende

naar -€723.000

maatregelen (waaronder een stijging OZB met 8,5%) en overige

2028. D

ff ct

b zu

g g

mp

tekorten dus op korte termijn, maar blijken op lange termijn onvoldoende.

w

kk g m

t g l

m t

t t l

m

g

u m €4 1 m lj

.

w

t

Duiven o.a. bezuinigd op budget mantelzorgcompliment, innovatiebudget, In Westervoort zijn de afgelopen jaren ook veel bezuinigingen doorgevoerd om de begroting sluitend te krijgen. In 2021 verkeerde de gemeente financieel in zeer

sportvoorzieningen en klimaatadaptatie. Voor 2026 is daarnaast een taakstelling €0 5 m lj

pg

m

p

g m

pp l jk

g l g. D z

zwaar weer, met een solvabiliteitsratio van 0%. Daarop is onder toezicht van

bezuiniging wordt echter door de Provincie als niet realistisch beoordeeld, omdat

Provincie een Herstelplan opgesteld. De afgelopen jaren is de financiële situatie

het niet binnen de bevoegdheid van de gemeente ligt om deze taakstelling

verbeterd maar ook in de huidige begroting zijn ook een aantal structurele

eenzijdig door te voeren. Ondanks het positieve resultaat in 2025 en de ingeboekte

b zu

structurele bezuinigingen verslechtert het structureel saldo vanaf 2026 fors door

g

g b

kt m t

t t l

m

g pl p

t t €1 6 m lj

.

financiële onzekerheden richting 2028.

6|

c

1. Financiële positie vier gemeenten I Z

t t uctu l c t t

t c t g

l

l

t k t

2025 €6 m lj

gp

t f (€577.000) m 2028. H t g

m

Negatieve schommelingen in het eigen vermogen van de vier gemeenten l

l

Onderstaande tabel weergeeft de eigen vermogenspositie van de vier gemeenten.

vanaf 2025 negatief en neemt de komende jaren fors af. De gemeente geeft aan

Het eigen vermogen is de som van de algemene reserves, bestemmingsreserves en

hiermee het advies van de VNG over te nemen om vanaf 2026 een realistisch

het resultaat (na bestemming) van de jaarrekening. Het eigen vermogen geeft

negatief saldo op te nemen.

gemeenten ruimte om schommelingen op te vangen, investeringen te doen of c ’

ft

kk

.

Een belangrijke oorzaak hiervan is de nieuwe financieringssystematiek van het Gemeentefonds, die het voor de gemeente lastig maakt om essentiële taken zoals woningbouw, armoedebeleid en energietransitie te blijven financieren. Ook

x €1.000

2025 1/1

2025 31/12

2026

2027

2028

Doesburg

26.335

25.195

23.733

22.796

22.212

Duiven

35.301

31.879

25.281

19.244

19.030

Westervoort

7.353

7.633

4.664

2.368

849

Zevenaar

58.169

54.059

46.465

40.103

33.234

stijgende kosten, zoals hogere tarieven voor jeugdzorg en Wmo, loon- en prijsstijgingen, en oplopende bijdragen aan gemeenschappelijke regelingen, dragen bij aan de financiële druk. Om verder tekort te voorkomen, heeft Zevenaar besloten geen nieuw beleid te introduceren dat negatieve financiële gevolgen heeft.

7|

1. Financiële positie vier gemeenten Het eigen vermogen in Doesburg daalt geleidelijk van €26 3 m lj €22 2 m lj

2028. D t

ft

m l jk t m k

m t

b g

2025

t k

l g

W t

t t tm t

b c

g

m g

€7 4 m lj

. Op ll

is dat dit halverwege 2025 nog iets stijgt, maar daarna scherp daalt naar slechts

van de algemene reserve richting 2028 veroorzaakt door dekking van het nadelige

€849.000

2028. D t b

t gt

kw t b

f

c ël p

t

l

begrotingsresultaat. Hoewel de omvang van het eigen vermogen op het eerste

voren kwam. Het eigen vermogen raakt vrijwel volledig uitgeput, wat weinig ruimte

gezicht hoog lijkt, wordt dit beeld grotendeels bepaald door de omvang van de

biedt voor tegenvallers.

dekkingsreserve. Het vrij aanwendbare deel van de algemene reserve is beduidend lager (2,3 miljoen euro) en staat onder druk door het structurele karakter van de tekorten. Hierdoor kan het eigen vermogen een vertekend beeld geven van de

daadwerkelijke financiële ruimte van de gemeente.

Zevenaar beschikt aan het begin van 2025 over een relatief hoog eigen vermogen €58 2 m lj

z

l jk

.G

u

p

l gz

t t €33 2 m lj

lg

j

2028. T

l

t

t

kk g

m g

c t

z

tekorten wordt het eigen vermogen stapsgewijs aangesproken. Hierdoor neemt de In Duiven laat een forse daling zien in de ontwikkeling van het eigen vermogen van

financiële weerbaarheid van de gemeente substantieel af, hetgeen de ruimte voor

€35 3 m lj

toekomstige investeringen en het opvangen van tegenvallers aanzienlijk beperkt.

€19 m lj

2028. M t

m tu

2025

2027

afname sterk. Dit sluit aan bij het eerder gesignaleerde beeld: structurele tekorten worden opgevangen door het aanspreken van de algemene reserve. Dit heeft impact op de financiële weerbaarheid van de gemeente.

8|

1. Financiële positie vier gemeenten Weerstandsvermogen in alle gemeenten hoger dan 1 in 2025 Het weerstandsvermogen geeft de mate aan waarin de gemeente in staat is middelen vrij te maken om niet begrote financiële tegenvallers op te vangen zonder ingrijpende beleidswijzigingen. Het weerstandsvermogen geeft de u

gw

tu

w

t

c p ct t

c ’

m

momentopname. In onderstaande tabel is de weerstandscapaciteit weergegeven. De hoogte van de weerstandscapaciteit op zichzelf zegt niet veel. Hieraan kan pas

Jaar 2025

Doesburg

Westervoort

Duiven

Zevenaar

B k c ’ Gemiddeld

€1 7 m lj

€3 m lj

€7 3 m lj

€7 9 m lj

Beschikbare weerstandscapaciteit (Vrij aanwendbare deel algemene reserve)

€2 3 m lj

€4.9 m lj

€13 2 m lj

€19 4 m lj

Ratio Weerstandsvermogen

1,3

1,6

1,81

2,5

een waarde worden toegekend als deze wordt geconfronteerd met de onderkende c ’ . Een weerstandsvermogen groter dan 1 wordt door de Provincie beoordeeld l ‘m

t

c

l’. D m

t g m

t

t

m

g

l gt

dan 1. De berekening van het weerstandsvermogen vindt plaats via de formule: weerstandscapaciteit/ risicobedrag = weerstandsvermogen. In alle vier gemeenten ligt het ratio weerstandsvermogen in 2025 boven de norm

van 1, waarmee wordt voldaan aan de richtlijn en het weerstandsvermogen als voldoende wordt beoordeeld.

In Zevenaar is het ratio weerstandsvermogen het hoogst van alle gemeenten en heeft zich de afgelopen jaren sterk verbeterd. De beschikbare weerstandscapaciteit g t g

€11 9 m lj

2025 w

m

t

t

toegenomen van 1,1 naar 2,5. Deze positieve ontwikkeling is toe te schrijven aan substantiële versterking van zowel de vermogenspositie als een afname van de c p

t .

zj

lg m

g ul

zj

zj

c ’

aanzienlijk verminderd, met name door gunstige ontwikkelingen rondom de g

p

t

.H

gekwalificeerd.

9|

€19 4 m lj

w

t

tw

t

m g

l ‘u t t k

’

1. Financiële positie vier gemeenten Uit de financiële jaarcijfers blijkt dat het eigen vermogen van alle gemeenten

Het weerstandsratio van Doesburg is 1,3 in 2025 en wordt daarmee door de

richting 2028 verslechtert. Dit heeft direct gevolgen voor de hoogte van de

P

b c kb

w

t

c p c t t. W

c ’

t jg

f g l jk bl j

m

c

l “m

t

c

l” b

l .H tw

t

m g

t

voldoende om, wanneer een risico zich daadwerkelijk voordoet, de incidentele

de algemene reserve in de komende jaren verder wordt uitgeput, neemt de

lasten op te vangen. Daarbij dient vermeld te worden dat de

mogelijkheid van de gemeenten om financiële tegenvallers op te vangen af. De

bezuinigingsmaatregelen die een positieve invloed hebben op de weerstandsratio

Provincie beoordeelt dit via de zogenaamde signaleringswaarden en deelt de

hierin nog niet zijn verwerkt en het ratio iets hoger is dan hier weergegeven. Ook in

financiële kengetallen in categorieën A, B en C in, waarbij categorie A het minst

Doesburg staat het weerstandsvermogen de komende jaren sterk onder druk

risicovol is en categorie C het meest risicovol.

doordat de algemene reserve onder druk staat. De geraamde begrotingstekorten leggen een aanzienlijk beslag op de reserves.

Een duidelijk voorbeeld hiervan is de situatie in Zevenaar. Hoewel de gemeente in 2025 nog een uitstekend weerstandsratio van 2,5 heeft, wordt dit in toenemende

In Westervoort ligt het weerstandsratio iets hoger dan in Doesburg. De afgelopen

mate onder druk gezet door aanhoudende begrotingstekorten (zie tabel 1).

jaren heeft Westervoort – in opdracht van de Provincie – gewerkt aan een

Hierdoor wordt een aanzienlijk beroep gedaan op de algemene reserve, wat leidt

Herstelplan om hun financiële situatie te verbeteren. Dit Herstelplan is nu beëindigd

tot een afname van de financiële flexibiliteit. Dit heeft tevens negatieve gevolgen

10 |

pg b uw

t t

ll

u

j

lg m

(€0 5 m lj

).

voor de solvabiliteit, die daalt van 23% in 2025 naar 13% in 2028, en daarmee ook

In 2025 beschikt Westervoort mede daardoor over een ratio weerstandsvermogen

voor het weerstandsvermogen. Als gevolg hiervan verschuift het kengetal naar

van 1,6, waarmee de gemeente op dat moment voldoet aan de richtlijn dat dit

categorie C, wat als meest risicovol wordt beschouwd

minimaal 1 moet bedragen.

.

1. Financiële positie vier gemeenten De begroting van Westervoort laat echter zien dat er vanaf 2026 sprake is van een forse verslechtering. Het ratio halveert direct naar 0,80, wat al onder de norm ligt. In 2027 daalt het verder tot een zeer zorgwekkende 0,05, en in 2028 zakt het zelfs naar een negatief niveau van -0,45. Een ratio onder de 1, en zeker negatief, wordt als uiterst kwetsbaar beoordeeld en vormt een duidelijk signaal dat aanvullende maatregelen noodzakelijk zijn om de financiële weerbaarheid te herstellen. In Duiven is het weerstandsvermogen in 2025 vastgesteld op 1,81. De gemeente Du

b

ft z j

lt

w

kg b ukg m

t

m g

kt

z g

2025 l ‘ u m

t

l

’. In 2025

‘ u plu ’- regeling. Deze regeling

houdt in dat gemeenten de mogelijkheid hebben om een deel van de algemene reserve (maximaal 10%) in te zetten voor structurele uitgaven, mits zij voldoen aan bepaalde voorwaarden. Eén van deze voorwaarden is dat de solvabiliteitsratio hoger moet zijn dan 20%. De gemeente Duiven voldoet aan deze criteria in 2025 en ft

mbj

€1 8 m lj

ut

t u plu

lg m

aangewend als dekkingsmiddel. Tegelijkertijd daalt de algemene reserve hierdoor aanzienlijk. Tussen 2024 en 2025 is de algemene reserve gedaald met 26,5%.

11 |

1. Financiële positie vier gemeenten Financiële kengetallen voor Doesburg en Westervoort

De financiële positie van Doesburg oogt relatief sterk. De netto schuldquote (29%)

In het Besluit Begroting en Verantwoording (BBV) is met ingang van het

en gecorrigeerde schuldquote (21%) liggen ruim onder het gemiddelde van

begrotingsjaar 2016 een set van kengetallen voorgeschreven. Kengetallen zijn

vergelijkbare Gelderse gemeenten, wat wijst op een relatief lage schuldenlast. Ook

getallen die de verhouding uitdrukking tussen bepaalde onderdelen van de

de solvabiliteitsratio van 53% is aanzienlijk hoger dan het gemiddelde (31%) en

begroting of de financiele balans en kunnen helpen bij de beoordeling van de

wordt ingedeeld in categorie A. Dit komt mede door de omvang van de

financiele positie van een gemeente. De kengetallen dienen altijd in samenhang te

dekkingsreserve. Het vrij aanwendbare deel van de algemene reserve is fors lager.

moeten worden bezien.

Daarmee geeft de hoogte van het solvabiliteitsratio een vertekend beeld.

In onderstaande tabel zijn de kengetallen van Doesburg en Westervoort vergeleken

De gemeente heeft echter geen structurele exploitatie-ruimte en scoort op

met het gemiddelde van Gelderse gemeenten van vergelijkbare omvang. In de

belastingcapaciteit relatief hoog (113%), wat betekent dat inwoners al zwaarder

tabel zijn tevens de signaleringswaarden van de provincie opgenomen.

b l tw

g m

l .H tk

g t l ‘b l t gc p c t t’ g

ft

zc t

hoe de belastingdruk binnen een gemeente zich verhoudt tot het landelijk

Netto schuldquote

Netto schuld quote gecorrigeerd

Solvabiliteits ratio

Grondexploitatie

Structurele exploitatie ruimte

Belastingcapaciteit

Doesburg

29% A

21% A

53% A

0% A

0% B

113% C

woonlasten voor de inwoners. Een belastingcapaciteit van 100% houdt in dat de

Westervoort

58% A

54% A

13% C

0% A

0% B

106% C

woonlasten gelijk liggen aan het landelijk gemiddelde.

Gemiddelde Gelderse gemeenten <20.000

60%

51%

31%

12%

1%

107%

gemiddelde van alle gemeenten. De ruimte die een gemeente heeft om belastingen te verhogen, wordt doorgaans beoordeeld in relatie tot de totale

12 |

.

1. Financiële positie vier gemeenten Westervoort laat op meerdere financiële kengetallen een kwetsbaar beeld zien. De

Financiële kengetallen voor Duiven

solvabiliteitsratio bedraagt in 2025 slechts 13%, wat fors afwijkt van het gemiddelde

In onderstaande tabel zijn de kengetallen van Duiven vergeleken met het

van Gelderse gemeenten met vergelijkbare omvang (31%) en door de Provincie

gemiddelde van Gelderse gemeenten van vergelijkbare omvang.

w

tb

l

l ‘m

t

c

l’. O k

tt

c ul qu t (58%)

Netto schuldquote

Netto schuld quote gecorrigeerd

Solvabiliteits ratio

Grondexploitatie

Structurele exploitatie ruimte

Belastingcapaciteit

Duiven

29% A

29% A

32% B

11% A

0% B

98% B

Gemiddeld Gelderse gemeenten 20.000 – 40.000 inw.

54%

49%

36%

6%

1%

101%

gecorrigeerde schuldquote (54%) liggen rond het gemiddelde. Tegelijkertijd wijzen deze percentages op een relatief hoge schuldenlast. Daarnaast heeft Westervoort geen structurele exploitatieruimte (0%), waardoor er geen financiële ruimte is om nieuw beleid te voeren of bestaand beleid uit te

breiden zonder ingrijpende bestuurlijke keuzes. De beperkte financiële ruimte hangt nauw samen met specifieke onzekerheden waarmee de gemeente wordt geconfronteerd. Dit betreft onder andere ontwikkelingen binnen het

Duiven laat in 2025 op meerdere financiële kengetallen een gematigd beeld zien. De

Gemeentefonds, economische factoren zoals inflatie, en landelijke maatregelen

netto schuldquote bedraagt 29%, wat gunstig afwijkt van het gemiddelde van Gelderse

gericht op het beheersen van de jeugdzorgkosten. Deze externe factoren kunnen

gemeenten van vergelijkbare omvang (54%). Ook de gecorrigeerde schuldquote (29%)

zowel positieve als negatieve financiële effecten hebben, hetgeen de kwetsbaarheid

ligt duidelijk onder dit gemiddelde, wat wijst op een relatief lage schuldenlast. De

van de gemeentelijke financiën verder vergroot.

13 |

solvabiliteitsratio bedraagt echter in 2025 32% en blijft daarmee onder de eigen ambitie van 35%. Bovendien wordt verwacht dat dit percentage in 2026 verder daalt naar 26%.

1. Financiële positie vier gemeenten Op het gebied van grondexploitatie scoort Duiven met 11% beter dan gemiddeld,

Financiële kengetallen voor Zevenaar

en de belastingcapaciteit ligt met 98% iets onder het gemiddelde, wat nog enige

In onderstaande tabel zijn de kengetallen van Zevenaar vergeleken met het

ruimte biedt. De structurele exploitatieruimte bedraagt echter 0%, wat betekent dat

gemiddelde van Gelderse gemeenten van vergelijkbare omvang.

er weinig ruimte is voor nieuw beleid zonder aanvullende keuzes. D g m

t z lf m c

jft

f

c ël p

t

l “

l jk”. D

weerstandsvermogen wordt als ruim voldoende beoordeeld. Tegelijkertijd wijst Duiven op oplopende structurele problemen en een aanzienlijke toekomstige

opgave, onder andere op het gebied van woningbouw en circulaire economie. pg

g m

b t

g t t ug

z u

l jk

c ’ m tzc m

. Om

‘p

t ’

p

pl

financiële positie op langere termijn beheersbaar te houden.

Netto schuld quote gecorr.

Solvabiliteits ratio

Grondexploitatie

Structurele exploitatie ruimte

Belastingcap aciteit

Zevenaar

78% A

68% A

23% B

11% A

0% B

89% A

Gemiddeld Gelderse gemeenten 40.000 – 65.000 inw.

77%

69%

28%

9%

1%

94%

t

algemene reserve bevindt zich boven het gewenste niveau en het

D z

Netto schuldquote

b z k l jk z j

ukt m Zevenaar laat een financieel beeld zien dat onder druk staat. De netto schuldquote bedraagt in 2025 78%, wat in lijn is met het gemiddelde van vergelijkbare Gelderse gemeenten (77%). Ook de gecorrigeerde schuldquote (68%) blijft dicht bij het gemiddelde. Deze schuldpositie wordt voor een belangrijk deel verklaard door het meerjareninvesteringsplan en de investeringen in de grondexploitaties. De komende jaren zal de schuldenlast verder toenemen, mede als gevolg van aanzienlijke investeringen in de fysieke leefomgeving en onderwijshuisvesting (IHP).

14 |

1. Financiële positie vier gemeenten De solvabiliteitsratio ligt in 2025 op 23%, onder het gemiddelde van 28%, en verslechtert richting 2028 verder tot 13,3%. Dit betekent dat de eigen vermogenspositie van de gemeente afneemt en binnen afzienbare tijd in het risicogebied terechtkomt. Ook de structurele exploitatieruimte is beperkt: 0% in 2025 en afnemend naar een negatief niveau van -3,6% in 2028. Dit beperkt de mogelijkheden om nieuw beleid te financieren zonder aanvullende maatregelen. H

w l

u

g t k t

c ’

2025

g pg

g

ku

w

met de beschikbare weerstandscapaciteit, blijven de structurele begrotingssaldi fors

negatief. Zonder aanvullende inkomsten of bezuinigingen verslechtert het financiële perspectief aanzienlijk. Daarbij is sprake van aanzienlijke onzekerheden, fluctu t

b t

c ’

grondexploitaties en toekomstige investeringen.

15 |

m

g

m t

2. Eigen inkomsten Verschillen in woonlasten in vier gemeenten

Het verschil tussen de woonlasten voor huiseigenaren en voor huurders zijn de

De eigen inkomsten van gemeenten bestaan grotendeels uit

lasten aan OZB en rioolheffing indien deze wordt toegerekend aan de eigenaar. In

onroerendezaakbelasting (OZB), rioolheffing en afvalstoffenheffing. Bij een

Westervoort wordt de rioolheffing geheven aan eigenaren, terwijl de overige drie

herindeling moeten duidelijke keuzes worden gemaakt over de hoogte van deze

gemeenten die heffen van de bewoner. Dit betekent dat

tarieven. Daarbij dient rekening te worden gehouden met de kostendekkendheid

bedrag is aan OZB en rioolheffing. De rioolheffing

en de wijze van kostentoerekening voor deze heffingen. Het uitgangspunt is dat

De hoogte van de OZB is daarmee €708.

W t

W t

t €833 t

2025

t

€125.

deze tarieven maximaal kostendekkend mogen zijn. Onderstaande tabel geeft inzicht in de gemiddelde gemeentelijke woonlasten 2025 volgens het COELO. Eigenaar woning

Duiven

Doesburg

Westervoort

Zevenaar

Woonlasten eenpersoonshuishouden

877

1.010

1.053

904

Woonlasten meerpersoonshuishouden

1.025

1.208

1.096

1.010

Huurder woning

N

l

2025 €1.000 bedragen voor meerpersoonshuishoudens met een eigen

huis. De gemeenten Duiven, Westervoort en Zevenaar bewegen zich rond dit gemiddelde. In Doesburg zijn de woonlasten hoger.

De OZB is een gemeentelijke belasting op woningen en bedrijfspanden. Het is een

Woonlasten eenpersoonshuishouden

417

486

220

377

van de belangrijkste eigen inkomstenbronnen van gemeenten en wordt vaak

Woonlasten meerpersoonshuishouden

564

684

263

483

g z

2025

l

‘k

p m

t

’

t OZB-tarief te verhogen of

verlagen, kan de gemeente haar inkomsten structureel bijsturen. De tabel op de

Verschil eigenaren/ huurders (voor Duiven, Doesburg en Zevenaar is OZB)

16 |

De Vereniging Eigen Huis heeft berekend dat de gemiddelde woonlasten in

volgende pagina geeft het totaal van de gerealiseerde én geraamde OZBopbrengsten van 2022 tot en met 2026. 460

524

833 (incl.125 rioolheffing)

527

2. Eigen inkomsten Belastingdruk OZB X €1.000

2022

2023

2024

2025

2026

Duiven

6.369

6.376

6.426

7.494

7.665

Doesburg

2.220

2.299

2.405

2.774

2.774

Westervoort

3.350

3.521

3.803

3.933

4.143

Zevenaar

12.817

13.161

14.774

15.028

15.105

OZB €

Duiven

2022

406

2023

381

-6,2%

427

4,9%

621 (734-113)

0,5%

480

0%

2024

415

8,9%

445

4,2%

687 (806- 119)

10,6%

512

6,7%

2025

460

10,8%

524

17,8%

708 (833-125)

3,1%

527

2,9%

Stijging t.o.v. jaar eerder

Doesburg

Westervoort

Stijging t.o.v. jaar eerder

407

Zevenaar

Stijging t.o.v. jaar eerder

618 (725-107)

Stijging t.o.v. jaar eerder

480

De tabel laat zien dat er een paar opvallende verschillen zijn tussen de gemeenten De hogere opbrengsten in de gemeenten hebben ook te maken met een stijging van de OZB- tarief. De tabel rechtsboven weergeeft de stijging van de gemiddelde OZB vanaf 2022 in de vier gemeenten, waarbij voor de berekening cijfers van het COELO zijn gebruikt en is gekeken naar het verschil aan lasten voor huiseigenaren en huurders. Voor de gemeente Westervoort is het bedrag gecorrigeerd voor de rioolheffing.

17 |

ten aanzien van de hoogte én stijging van de OZB. Het gaat hierbij om de verschillen in fictieve opbrengst per huishouden op basis van de uitgangspunten van het COELO. Hieruit blijkt dat de gemeente Westervoort structureel de hoogste OZB p

u

u

ft

2025 b

gt

z €708

ut

g

andere gemeenten. De stijging tussen 2023 en 2024 is bovendien fors, met bijna 10,6%.

2. Eigen inkomsten In Duiven is de opbrengst in 2023 gedaald waarna de OZB in 2024 en 2025 met respectievelijk 8,9% en 10,8% is toegenomen. Dit maakt de opbrengst per huishouden

2025 (€460) l

g

l t fl

gt

pz c t

g m

t

.

Doesburg laat een sterke stijging zien in 2025 met 17,8%, de hoogste stijging in dat j

.D

m

l

pt

OZB p t t €524

k

t b l

t t

2022.

Zevenaar laat daarentegen een relatief gematigde ontwikkeling zien. De OZB blijft in 2023 gelijk en stijgt vervolgens beperkt, met slechts 2,9% in 2025. De OZB per huishouden is daarmee het meest stabiel én relatief laag ten opzichte van de andere gemeenten.

Overige belastingen Naast de algemene heffingen hanteren de vier gemeenten verschillende overige lokale belastingen. In Duiven worden toeristenbelasting en reclamebelasting geheven. Doesburg kent een breder pakket met hondenbelasting, precariobelasting, toeristenbelasting, reclamebelasting en parkeerbelasting. In Westervoort worden hondenbelasting en precariobelasting toegepast. Zevenaar voert daarnaast nog parkeerbelasting en reclamebelasting, naast precariobelasting en toeristenbelasting. Deze lokale heffingen verschillen per gemeente en sluiten

18 |

aan bij hun specifieke beleidskeuzes en inkomstenbronnen.

3. Algemene uitkering Frictiekosten en tijdelijke verdeelsleutel herindeling

Nieuwe gemeente bestaande uit Duiven, Doesburg, Westervoort en Zevenaar

Bij het vormen van een nieuwe gemeente krijgen de gemeenten te maken met

Het bedrag van deze tijdelijke verdeelmaatstaf herindeling wordt vooral bepaald

overgangskosten en incidentele frictiekosten. Voor het opvangen van deze kosten

door het aantal gemeenten dat wordt heringedeeld en het aantal inwoners dat

krijgen de gemeenten een bedrag uit het gemeentefonds, de zogenoemde

daarbij betrokken is. Het bedrag is afhankelijk van de uitkeringsfactor van het jaar

tijdelijke verdeelmaatstaf herindeling. Frictiekosten zijn lasten die zonder een

voorafgaand aan de herindeling. Het exacte bedrag kan daarom op dit moment

herindeling niet gemaakt zouden worden en die extra en tijdelijk zijn. Voorbeelden

nog niet worden berekend. Om een indicatie te geven is onderstaand het bedrag

van frictiekosten zijn kosten voor de toe-/uittreding of ontvlechting van

berekend op basis van de uitkeringsfactor 2024 (septembercirculaire 2024).

samenwerkingsverbanden, organisatieonderzoek/ -opbouw, kosten sociaal plan, verhuizing, werving nieuw personeel en afstemming beleidsvelden.

De berekening is als volgt:

[€ 2.806.000 (

tb

g) * 3 (

m

g

t

t lg m

t

) + € 66 61 *

De tijdelijke verdeelmaatstaf herindeling uit het gemeentefonds voorziet in een

11.081 (inwoners Doesburg, gerekend wordt met gemeente met minste aantal

tegemoetkoming voor de frictiekosten. Dit is een vast bedrag dat wordt uitgekeerd

inwoners) * 1,420 (uitkeringsfactor) = 13.001.700

onafhankelijk van de daadwerkelijke omvang van de frictiekosten. De uitkering is dan als volgt:

19 |

De tijdelijke verdeelmaatstaf herindeling wordt uitgekeerd over een periode van vijf

•

J

jaar. De uitkering van 20% in het jaar voorafgaand aan de herindeling wordt

•

evenredig aan de betrokken gemeenten uitgekeerd en het restantbedrag in de vier

•

Tw

jaar daaropvolgend aan de nieuwe gemeente (40% in het jaar van herindeling en

•

D

20% in elk van de volgende jaren).

•

l g ll

t j

g m

l g N uwg j

l g N uwg

t

t

m m

g

g m

€ 650.000

t

g m

€ 4.160.500 t

€ 2.080.000

j

l g N uwg

m

g m

t

€ 2.080.000

j

l g N uwg

m

g m

t

€ 2.080.000

3. Algemene uitkering Verschillen in algemene uitkering gemeenten

Voor de inkomstenclusters geldt dat bedragen in mindering worden gebracht op

Gemeenten ontvangen meer dan de helft van hun inkomsten uit het

de algemene uitkering, omdat het Rijk ervan uitgaat dat gemeenten deze

gemeentefonds. Hoeveel geld gemeenten uit het gemeentefonds krijgen, hangt

inkomsten zelf kunnen genereren, bijvoorbeeld via het heffen van

onder meer af van:

onroerendezaakbelastingen.

• De kosten van de gemeenten. Dit zijn bijvoorbeeld kosten die te maken hebben met de sociale structuur (het aantal mensen dat een uitkering krijgt) en de

Hoogte algemene uitkering nieuw te vormen gemeente

infrastructuur (stedelijkheid, bodemgesteldheid).

De hoogte van de algemene uitekering van de nieuw te vormen gemeente is niet

• Het vermogen van de gemeente om zelf belasting te heffen. Hoe groter de belastinggrondslag (WOZ- waarde), hoe lager de algemene uitkering.

• De verdeelmaatstaven die het Rijk gebruikt voor de algemene uitkering. Zoals het aantal inwoners en de oppervlakte van de gemeente.

zomaar te berekenen door de algemene uitkering van de huidige vier gemeenten bij elkaar op te tellen. Definitieve berekening van de hoogte van de algemene

uitkering van de nieuw te vormen gemeente zal plaatsvinden in de nog op te stellen 'herindelingsscan' (als onderdeel van het wetontwerp voor de herindeling’. Deze zal worden vervaardgid door de toezichthouder (Provincie Gelderland).

De algemene uitkering is gekoppeld aan verschillende uitgaven- en inkomstenclusters. Deze clusters geven inzicht in hoeveel middelen gemeenten ontvangen op basis van specifieke maatstaven voor het uitvoeren van hun taken.

De verdeling bestaat uit negen uitgavenclusters en twee inkomstenclusters.

20 |

3. Algemene uitkering Twee nieuwe gemeenten: Duiven – Westervoort én Doesburg- Zevenaar

De uitkering is dan als volgt:

Het scenario waarbij niet één, maar twee nieuwe gemeenten worden gevormd, is

•

de afgelopen jaren regelmatig genoemd. In dit geval zouden de vier gemeenten in

•

de Liemers worden ingedeeld in twee nieuwe gemeenten: één bestaande uit de

•

Tw

combinatie Duiven-Westervoort en één bestaande uit Doesburg-Zevenaar. Doordat

•

D

de hoogte van de tijdelijke verdeelmaatstaf herindeling afhankelijk is van het aantal

•

J

l g ll tw t j

g m

t

t

l g N uwg

m

g m

j

l g N uwg

m

g

€ 503.300 t

g m

€ 1.610.400 t

€ 805.200

j

l g N uwg

m

g m

t

€ 805.200

j

l g N uwg

m

g m

t

€ 805.200

gemeenten dat wordt heringedeeld (twee in plaats van vier) en het aantal inwoners dat daarbij betrokken is, zal het bedrag lager uitvallen ten opzichte van het

De berekening van een herindeling van gemeente Duiven en Westervoort is als volgt:

scenario waarin alle vier gemeenten samen één nieuwe gemeente vormen.

€ 2.806.000 (

tb

g) * 1 (

m

g

t

t lg m

t

) + € 66 61 *

15.152 inwoners Westervoort, gerekend wordt met gemeente met minste aantal De berekening van een herindeling van gemeente Doesburg en Zevenaar is als volgt: € 2.806.000 (

tb

g) * 1 (

m

g

t

t lg m

t

) + € 66 61 *

11.081 (inwoners Doesburg, gerekend wordt met gemeente met minste aantal w

) * 1 420 (u tk

g f ct ) = €5.032.600

inwoners) * 1,420 (uitkeringsfactor) = 5.417.700 De uitkering is dan als volgt: •

J t j

•

•

Tw

•

D

•

21 |

l g ll

g m

l g N uwg

j

l g N uwg

t

t m

m

g

g m

€ 541.700 t

g m

€ 1.733.600

t

€ 866.800

j

l g N uwg

m

g m

t

€ 866.800

j

l g N uwg

m

g m

t

€ 866.800

& Van de Laar. Organisatieadviesbureau met denkers én doeners voor de publieke sector. Resultaatgericht, betrokken en met energie. Zo maken wij impact op maatschappelijke opgaven, bestuurlijke ambities en organisatorische uitdagingen. In de rol van adviseur, onderzoeker, procesbegeleider of door tijdelijk ín uw organisatie te stappen, brengen wij beweging. Zo dragen onze ervaren adviseurs en jonge talenten bij aan een weerbare en wendbare publieke sector.

W j lp b j t k t k m t c ’ publieke organisaties. En we begeleiden processen om organisaties te vitaliseren. Samenwerking of fusie tot stand brengen? Wij helpen bij de vorming, evaluatie en doorontwikkeling. Wij doen kwalitatief en kwantitatief onderzoek naar de effecten van beleid en naar de sterke en verbeterpunten in organisaties en samenwerkingsverbanden.

Wij kraken onze hersens op complexe vragen. Daarbij zijn we scherp in onze analyses. En bieden we concreet handelingsperspectief in onze advisering. We steken ook graag onze handen uit de mouwen om samen met u resultaat te boeken.

Onze passie om direct maatschappelijk impact te maken zetten wij in binnen het sociaal domein. Onder andere door het ‘ t l ’ H m g g J ug . O k lp w j b j de realisatie van de transities op het gebied van klimaat en energie.

Dat doen we bijvoorbeeld door het ontwerpen van passende organisatiestructuren en sturingsconcepten. Door het versterken van leiderschap en het werken aan gewenst gedrag van medewerkers.

Staat uw vraagstuk er niet tussen? Verras ons. Wij laten ons g gut g p t m ’ t publ k m !

& Van de Laar is in vriendschap verbonden met GNGMKRS, ons label voor interim-bemiddeling, executive search & werving en selectie. & Van de Laar B.V. Emmasingel 29-11 5611 AZ Eindhoven 085 – 747 06 18

Isaac Titsinghkade 4a 1018 CA Amsterdam

Lid van de Raad van Organisatieadviesbureaus (ROA).

info@en-vdl.nl en-vandelaar.nl

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Westervoort&id=a1dc1ada-c61a-4d21-be67-d62eed823071