CConstaterende datWestervoort
Koppel je AI →
Document · PDF

20251215-rv-onderzoek-vergrijzing-rekenkamer-bijlage-1-rapport

Commissie Samenleving en Bestuur 1 december 2025, gemeente WestervoortBij agendapunt: Rapport Rekenkamer over vergrijzing14.273 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

ER

Vergrijzing in Westervoort

Rapport Ipsos I&O

www.ipsos-publiek.nl

Colofon Uitgave Ipsos I&O Piet Heinkade 55 1019 GM Amsterdam

Rapportnummer 2025/126

Datum juli 2025

Opdrachtgever Rekenkamer Duiven, Doesburg en Westervoort

Auteurs

Daphne Martens Ester Hilhorst

Copyright Het overnemen uit deze publicatie is toegestaan, mits de bron duidelijk wordt vermeld.

Inhoudsopgave 1

Bestuurlijke Nota ____________________________________________________________________ 4 1.1 1.2 1.3

2

Inleiding ____________________________________________________________________________ 10 2.1 2.2 2.3 2.4 2.5 2.6

3

Wettelijke taken in het sociale domein _____________________ 20 Wettelijke taken in het fysieke domein ______________________ 21 Informatiepositie van de gemeenteraad ____________________ 22 Toetsing aan het normenkader __________________________23

Strategische en beleidsdocumenten ________________________________________________ 24 5.1 5.2 5.3 5.4

6

Wat is vergrijzing __________________________________ 13 Vergrijzing in Nederland en in Westervoort ___________________ 14 Gevolgen van vergrijzing ______________________________ 17

Wettelijke taken gemeente _________________________________________________________ 20 4.1 4.2 4.3 4.4

5

Aanleiding ______________________________________ 10 Doel en vraagstelling ________________________________ 10 Scope van het onderzoek ______________________________ 11 Normenkader ____________________________________ 11 Onderzoeksopzet __________________________________ 11 Indeling rapport ___________________________________ 11

Veranderende bevolkingssamenstelling_____________________________________________ 13 3.1 3.2 3.3

4

Het onderzoek ____________________________________ 4 De conclusies _____________________________________ 5 De aanbevelingen __________________________________ 7

Probleemanalyse ten aanzien van vergrijzing _________________ Coalitieakkoord en P&C-cyclus _________________________ Visie en beleid ___________________________________ Toetsing aan het normenkader _________________________

24 24 25 28

Uitvoering en realisatie _____________________________________________________________ 30 6.1 6.2 6.3 6.4 6.5 6.6

Verordeningen ___________________________________ 30 Ontwikkellocaties __________________________________ 31 Beschikbare capaciteit en middelen ________________________ 33 Samenwerking met maatschappelijke partners ________________ 34 Raadsinformatie voor de controlerende taak _________________ 38 Toetsing aan het normenkader _________________________ 39

Bijlage 1 Onderzoeksverantwoording ________________________________________________________ 41 Bijlage 2 Lijst geïnterviewde personen _______________________________________________________ 43 Bijlage 3 Lijst geraadpleegde bronnen ________________________________________________________ 44

1

Bestuurlijke Nota

1.1

Het onderzoek

In Nederland is sprake van vergrijzing en ontgroening. Dit geldt in de gemeente Westervoort sterker dan gemiddeld met 22% senioren. Een vergrijzende bevolkingssamenstelling kan consequenties hebben voor de gemeente en voor het beleid van de gemeente. Dit was voor de rekenkamer aanleiding om dit onderwerp op te nemen in het onderzoeksprogramma.

Doel en vraagstelling De rekenkamer van de gemeenten Duiven, Doesburg en Westervoort wil weten wat de impact van vergrijzing is op het gemeentebeleid en in hoeverre de drie gemeenten hier invulling aan geven. Het onderzoeksdoel is als volgt:

Inzicht bieden in de effecten van vergrijzing tot 2040 op het gemeentelijk beleid in het fysieke en sociale domein en in hoe de raden hierop kunnen sturen.

Scope van het onderzoek Omdat een rekenkameronderzoek als doel heeft om de kaderstellende en controlerende rol van de gemeenteraad te versterken, sluiten we aan bij de wettelijke taken of opdrachten die gemeenten hebben voor ouderen. De belangrijkste wettelijke taken in het fysieke domein liggen op het gebied van: wonen & zorg, leefomgeving en bereikbaarheid. De belangrijkste taken in het sociale domein liggen op het gebied van zorg en welzijn. Dit onderzoek heeft een toekomstgericht karakter en betreft een verkenning van ontwikkelingen rondom vergrijzing en de te verwachten effecten van vergrijzing op gemeentelijk beleid en uitvoering (inclusief de richting van financiële consequenties). We kijken ook naar voorbeelden uit de literatuur en best practices in de gemeenten Duiven, Doesburg en Westervoort, met de bedoeling dat de andere gemeenten kunnen leren van deze best practices.

Normenkader De bevindingen op de deelvragen zijn getoetst aan een normenkader. Dit is opgenomen in Bijlage 1. De normen zijn bedoeld om te toetsen of de bevindingen in lijn zijn met wat je mag verwachten van effectief overheidsbeleid in alle fasen van de beleidscyclus.

Onderzoeksopzet Om de centrale onderzoeksvraag en de deelvragen te beantwoorden zijn verschillende onderzoeksmethoden ingezet. Aan het begin van het onderzoek zijn diverse relevante landelijke en gemeentelijke documenten geraadpleegd. Vervolgens zijn interviews gehouden met ambtelijke, bestuurlijke en externe betrokkenen. Ook heeft een groepsgesprek met de raad plaatsgevonden. De concept-Nota van bevindingen is beschikbaar gesteld voor ambtelijk wederhoor. Meer informatie over deze onderzoeksmethoden staat in Bijlage 1.

Vergrijzing in Westervoort

4 van 46

1.2

De conclusies

Westervoort vergrijst sterker dan landelijk De prognose is dat het aandeel 65-plussers in Nederland zal toenemen naar 27% in 2040. In Westervoort ligt het percentage 65-plussers in 2025 op 23% en zal toenemen tot 34% in 2040. Het aantal en aandeel 80-plussers neemt ook toe. De gevolgen van vergrijzing zijn o.a. een toename van mensen met ouderdomsziekten zoals dementie en Parkinson en (daardoor) met onbegrepen gedrag. Ook neemt het aantal en aandeel eenpersoonshuishoudens toe, wat leidt tot een toenemende vraag naar seniorenwoningen.

Vergrijzing kost de overheid geld, minder werkenden om de kosten en taken te dragen Vergrijzing betekent meer werk (bijvoorbeeld in de zorg) dat door minder mensen moet worden uitgevoerd. Het beroep op mantelzorgers neemt toe, maar ook de mantelzorgers vergrijzen. Om de kosten van de vergrijzing te dragen, moeten de belastingen omhoog. Voor gemeenten geldt in belangrijke mate dat er taken in medebewind worden uitgevoerd (zoals Wmo), waarvoor de budgetten beschikbaar moeten worden gesteld door de Rijksoverheid. Het eerlijke verhaal is dat niet alles meer kan en dat de gemeente niet overal voor kan zorgen. Het is niet mogelijk om de huidige zorg in de toekomst voort te zetten. Mensen moeten zich erop voorbereiden dat ze meer zelf moeten doen, dat ze zelf hulp moeten organiseren en bieden en dat ze waar mogelijk zelf maatregelen moeten nemen, zoals het levensloopbestendig maken van hun woning.

Vergrijzing biedt ook kansen Een grotere groep ouderen kan ook voordelen meebrengen, vooral als zij steeds langer fit en gezond blijven. Ouderen blijven steeds langer na hun pensioen nog actief, waardoor er een grotere groep mensen beschikbaar komt voor vrijwilligerswerk. Deze potentie kan door verschillende partijen, waaronder de gemeente, worden benut. Daarnaast biedt vergrijzing naast kosten ook kostenvoordelen. Onderwijskosten dalen en bestedingen aan diensten als recreatie en cultuur stijgen. Ook stoten oudere mensen gemiddeld minder CO2 uit dan jongere generaties.

Verbetering mogelijk in informatiepositie raad De raad op de hoogte is van het concept vergrijzing, maar er is nog wel verbetering in (gemeentespecifieke) kennis mogelijk.

Best Practice Doesburg: raadsconferenties vergrijzing De gemeenteraad van Doesburg heeft het initiatief genomen om raadsconferenties te organiseren rondom vergrijzing. Elke raadsconferentie gaat in op een thema dat speelt binnen vergrijzing. Diverse maatschappelijke partners, met name in het sociale domein leverden een bijdrage door middel van een presentatie en/of een paneldiscussie. De volgende thema’s kwamen reeds aan bod: • Raadsconferentie 1: Effecten van vergrijzing (februari 2024). • Raadsconferentie 2: Gezond oud worden (november 2024). Andere raadsconferenties over vergrijzing zijn in voorbereiding.

Vergrijzing in Westervoort

5 van 46

Kans voor raad in aanbrengen van focus en prioritering Raadsleden ervaren dat zij wel worden geïnformeerd als het gaat om het fysieke domein (met name wonen) maar dat zij te weinig worden geïnformeerd over vergrijzing en wat dat betekent voor het sociale domein (beleid en budgetten). Er ligt een kans in het aanbrengen van focus en prioritering door de raad. Doordat er nu een veelheid is aan doorgaans algemene doelen, bestaat het risico dat de raad het zicht verliest op voortgang, realisatie en effecten van beleid.

Doelen niet allemaal even concreet Het meest concrete beleidsdoel is de voorgenomen realisatie van woningen: 740 woningen bouwen tot 2040. Er is geen meetbaar doel voor te bouwen woningen voor senioren. Andere doelen, zoals het bevorderen van de zelfredzaamheid van ouderen zijn ook weinig concreet. Overigens zie je dit ook bij andere gemeenten.

Toekomstbestendigheid beleid kan sterker De gemeente Westervoort maakt werk van actueel beleid dat rekening houdt met vergrijzing. Voorbeelden zijn de vastgestelde woonzorgvisie en de gezamenlijke toekomstvisie en transformatieagenda sociaal domein ‘Samen sterk’ van de gemeenten Duiven en Westervoort. De toekomstbestendigheid van het bestaande beleid is een aandachtspunt, door het ontbreken van (frequente) monitoring van de doelen.

Gemeente Westervoort heeft passende verordeningen, wel extra budgetten nodig De gemeente heeft een passende verordening voor huisvesting en Wmo. De gemeente Westervoort regelt de instandhoudingstermijn van sociale huurwoningen via anterieure overeenkomsten. Wel bevindt de gemeente Westervoort zich in een financieel kwetsbare positie, die ook richting de toekomst onder druk staat. Er zijn extra budgetten nodig voor bijvoorbeeld preventie en verandering. De raad heeft hiervoor bij de begrotingskeuzes geen extra middelen beschikbaar gesteld.

Concrete woningbouwlocaties maar geen budget voor wensen als ontmoetingsruimtes De gemeente heeft concrete woningbouwlocaties waar de beoogde woningen gerealiseerd kunnen worden. Daarnaast heeft de gemeente een dynamisch grondbeleid. Dit geeft de gemeente ruimte om waar nodig een actieve houding aan te nemen, regie te pakken en de instrumenten van het grondbeleid in te zetten.

Best practice Duiven: Blijfwijk Doel: Ongeacht je zorgvraag in alle levensfasen (blijven) wonen in de Blijfwijk. Locatie: Duiven-Zuid. Kenmerken: Aanwezigheid voorzieningen en zorgvoorzieningen (dagbesteding, huisartsen), aanwezigheid vergrijzende bevolking, geschikte woningvoorraad, community. Aanpak: Cultuurverandering, preventie, zorgtredenwoningen. Sterke kanten: Gebiedsgerichte benadering, domein overstijgend en alliantie met bewoners. Vertrekpunt voor de aanpak: Gezondheid, wonen en fysieke ruimte. Partners: gemeente Duiven, Vivare, Liemerije, Santé Partners, thuiszorgorganisaties en inwoners.

Vergrijzing in Westervoort

6 van 46

Best Practice Doesburg: Aanpassing openbare ruimte in afstemming met inwoners De route van de grote parkeerplaats aan de rand van het centrum van Doesburg naar het centrum was moeilijk toegankelijk door smalle stoepen. Daar is de stoep aan één kant verbreed en zijn er rollatorpaden aangelegd. Dit is een voorbeeld van hoe de gemeente Doesburg de openbare ruimte beter toegankelijk maakt voor senioren.

Budgetten maatschappelijke partners onder druk, verkrijgen transitiebudgetten een knelpunt De maatschappelijke partners in zorg en welzijn geven aan dat de budgetten onder druk staan en dat de arbeidsmarkt krap is. Er moet anders gewerkt worden. Alle partijen zien de urgentie en partijen geven aan dat zij de noodzakelijke stappen zetten om beleidsdoelen te kunnen (blijven) realiseren. Samen wordt gewerkt aan passende oplossingen. Voor inwoners betekent dit dat niet alles kan en dat er meer van mensen zelf verwacht wordt. De aandacht gaat het meest uit naar de inwoners die afhankelijk zijn van sociale huur, omdat zij gemiddeld minder zelfredzaam zijn en een grotere zorgvraag hebben. Het verkrijgen van transitiebudgetten is een knelpunt.

Gemeenteraad passend geïnformeerd bij vaststellen beleid, voortgangsberichten ontbreken De gemeenteraad krijgt via informele raadsbijeenkomsten voldoende informatie om de kaderstellende taak (vaststellen van beleid) uit te voeren. Voor de controlerende taak (bijsturen) ontvangt de raad een aantal keer per jaar de stand van zaken, bijvoorbeeld met het Dashboard sociaal domein. Het is onduidelijk in hoeverre de raad op basis hiervan kan sturen.

Best practice Westervoort en Duiven: informele raadsavonden In de gemeente Westervoort (één keer per jaar) en de gemeente Duiven (twee keer per jaar) zijn er informele avonden over het thema wonen, in de raad. Ambtenaren praten de raad dan bij over alle landelijke, regionale en lokale ontwikkelingen. Ook wordt het Dashboard Sociaal Domein vier keer per jaar gepresenteerd aan de raad. Deze avonden werken goed om de raad te informeren.

1.3

De aanbevelingen

Op basis van de uitkomsten van het onderzoek doet de rekenkamer de volgende aanbevelingen aan de gemeenteraad van Westervoort: 1.

Draag actief uit richting inwoners wat vergrijzing voor hen gaat betekenen, wat de gemeente wel kan doen en waar de gemeente zich noodgedwongen terugtrekt. Laat weten waar bewoners zelf aan zet zijn, zoals het tijdig aanpassen van hun woning. Kijk als gemeente ook naar kansen die vergrijzing biedt, zoals een grotere groep potentiële vrijwilligers. Maak duidelijk wat zij kunnen doen.

2. Zorg ervoor dat de indicatoren en doelstellingen verder gaan dan een uitvoeringsprogramma en dat die echt inzicht geven in hoe de gemeente ervoor staat, als het gaat om financiën, woningen of bijvoorbeeld gedrag van inwoners. Maak duidelijk wat het beoogde (maatschappelijke) effect is.

Vergrijzing in Westervoort

7 van 46

Een voorbeeld ter illustratie: Een indicator als ‘vergroten zelfredzaamheid’ is niet meetbaar. Een (wellicht) beoogd effect zoals minder aanvragen Wmo (als gevolg van een grotere zelfredzaamheid) is wel meetbaar. Of is bedoeld dat mensen langer zelfstandig thuis blijven wonen? Dat er meer vrijwilligers komen? Afhankelijk van wat het doel is, kunnen daaruit meerdere acties volgen. 3. Hanteer een beperkte set concrete indicatoren en doelstellingen. Dit kan een sterk middel zijn voor meerjarige sturing van de raad. Draag het college op om jaarlijks, los van de P&C-cyclus, te rapporteren op die indicatoren en doelstellingen. Hierbij kan ook gebruik gemaakt worden van regionale dashboards die ontwikkeld worden in het kader van de Woondeals. Als het gaat om indicatoren en doelstellingen kunt u denken aan: Algemeen a. Ontwikkeling inwoners b. Ontwikkeling 65-plussers en 80-plussers Fysiek domein c. Gerealiseerde woningen t.o.v. doelstelling d. Gerealiseerde sociale huur t.o.v. doelstelling e. Gerealiseerde seniorenwoningen t.o.v. doelstelling f. Planvoorraad woningen, hard en zacht, t.o.v. doelstelling g. Wachtlijst sociale huurwoning h. Gerealiseerde ontmoetingsplekken in woningbouwprojecten Sociaal domein i. Budget en realisatie Huishoudelijke ondersteuning j. Budget en realisatie Begeleiding Wmo k. Gebruik huisartsenzorg (waarstaatjegemeente.nl) l.

Gebruik wijkverpleging (waarstaatjegemeente.nl) Hanteer de stand per 1 januari van het jaar. Vraag het college om, naast een cijfermatig overzicht, een kwalitatieve beschrijving te geven van algemene en regionale ontwikkelingen en van de ervaren knelpunten bij het realiseren van doelstellingen. Vraag het college ook om aan te geven welke sturingsmogelijkheden u heeft. 4. Ontwikkel een integrale toekomstvisie als sturingsinstrument voor de raad. Maak vervolgens bij ieder voorgenomen besluit duidelijk of en hoe het bijdraagt aan de toekomstvisie. Hiervoor kan een aparte paragraaf toegevoegd worden aan de raadsvoorstellen. 5. Organiseer raadsbijeenkomsten rondom het thema vergrijzing, naar voorbeeld van de gemeente Doesburg. Elke raadsbijeenkomst kan ingaan op een thema dat speelt binnen vergrijzing. Diverse maatschappelijke partners, met name in het sociale domein kunnen een bijdrage leveren door middel van een presentatie en/of een paneldiscussie. Deze vorm van kennisdeling versterkt de informatiepositie van de raad rondom het thema vergrijzing.

Vergrijzing in Westervoort

8 van 46

6. Versnel waar mogelijk uitvoering van de regionale afspraken, ook samen met de maatschappelijke partners. Verken hoe zij hun bijdrage kunnen leveren. Wijs regionaal een trekker aan die beschikbare budgetten (zoals transitiebudgetten) aanvraagt. 7. Geef commerciële ontwikkelaars en woningbouwcorporaties de ruimte om te bouwen. Locaties zijn schaars en de opgave is groot. Zorg dat zij in hun exploitatie financiële ruimte houden om de leefomgeving passend in te richten voor een vergrijzende bevolking. Denk daarbij aan (inpandige) ontmoetingsruimtes die ook toegankelijk zijn voor de buurt, toekomstbestendige inrichting van straten en pleinen (bankjes, ommetjes, beleeftuinen). De inspiratietools van het Consortium BeterOud of het Kenniscentrum Sport en Bewegen kunnen hierbij als uitgangspunten meegegeven worden. 8. Maak duidelijk aan omwonenden van beoogde ontwikkellocaties wat het maatschappelijke belang is van het toevoegen van (senioren)woningen. Benadruk daarbij dat bouwen voor senioren zorgt voor een betere doorstroming op de woningmarkt. Maak ook duidelijk dat ontwikkelaars en woningcorporaties niet alleen woningen bouwen maar ook voorzieningen realiseren die ten gunste komen aan de omgeving en de bestaande inwoners. Maak duidelijk dat de gemeente die niet zelfstandig kan realiseren.

Vergrijzing in Westervoort

9 van 46

2

Inleiding

2.1

Aanleiding

In Nederland is sprake van vergrijzing en ontgroening. Dit geldt in de gemeenten Duiven, Doesburg en Westervoort in sterkere mate dan gemiddeld.1 In Westervoort bestaat 23% van de bevolking uit senioren (Duiven: 22%, Doesburg: 28%). Een vergrijzende bevolkingssamenstelling kan aanzienlijke consequenties hebben voor de gemeenten en hun beleid. Voor de rekenkamer was dit de aanleiding om dit onderwerp op te nemen in het onderzoeksprogramma voor 2024. De klankbordgroep van de betrokken gemeenteraden kon zich goed vinden in dit voornemen.

2.2

Doel en vraagstelling

De rekenkamer van de gemeenten Duiven, Doesburg en Westervoort wil weten wat de impact van vergrijzing is op het gemeentebeleid en in hoeverre de drie gemeenten hier invulling aan geven. Het onderzoeksdoel is als volgt:

Inzicht bieden in de effecten van vergrijzing tot 2040 op het gemeentelijk beleid in het fysieke en sociale domein en in hoe de raden hierop kunnen sturen.

Om dit doel te realiseren, stellen wij in het onderzoek de volgende onderzoeksvragen centraal: A. 1. 2. 3.

De veranderende bevolkingssamenstelling Hoe ontwikkelt zich de bevolking tot 2040? Wat is de verwachte invloed in het fysieke domein? Wat is de verwachte invloed in het sociale domein?

B. Gemeentelijk beleid en sturing 4. Heeft de gemeente een probleemanalyse ten aanzien van vergrijzing? 5. Welke sturing geven het coalitieakkoord en de P&C-cyclus? 6. Welke sturing geven visies en beleid op de effecten van vergrijzing? 7. In hoeverre is het beleid van de gemeente toekomstbestendig? 8. Heeft de gemeente passende verordeningen om te sturen op de effecten van vergrijzing? 9. Zijn er voldoende concrete locaties in beeld om te sturen op de effecten van vergrijzing? 10. Zijn er voldoende middelen en ambtelijke capaciteit om te sturen op de effecten van vergrijzing? 11. Hoe zijn maatschappelijke partners betrokken bij beleid en uitvoering en welke aanvullende stuurinstrumenten levert dit op? C. Informatievoorziening gemeenteraad 12. Welke informatie heeft de raad nodig om zinvol te kunnen controleren en sturen waar dat nodig is?

1

Jongeren en ouderen per gemeen te | CBS

Vergrijzing in Westervoort

10 van 46

2.3

Scope van het onderzoek

Omdat een rekenkameronderzoek als doel heeft om de kaderstellende en controlerende rol van de gemeenteraad te versterken, sluiten we aan bij de wettelijke taken en opdrachten die gemeenten hebben voor ouderen. De belangrijkste wettelijke taken in het fysieke domein liggen op het gebied van: wonen & zorg, leefomgeving, en bereikbaarheid. De belangrijkste taken in het sociale domein liggen op het gebied van zorg en welzijn. Dit onderzoek heeft een toekomstgericht karakter en betreft een verkenning van ontwikkelingen rondom vergrijzing en de te verwachten effecten daarvan op het gemeentelijke beleid en de uitvoering (inclusief de richting van financiële consequenties). Daarnaast kijken we naar voorbeelden uit de literatuur en best practices in gemeenten Duiven, Doesburg en Westervoort, met als doel dat de andere gemeenten hiervan kunnen leren. Voorbeelden uit de literatuur zijn aangegeven met het symbool: De best practices zijn aangegeven met het symbool:

2.4

Normenkader

De bevindingen op de deelvragen zijn getoetst aan een normenkader dat is opgenomen in Bijlage 1. De normen zijn bedoeld om te beoordelen of de bevindingen in lijn zijn met wat je mag verwachten van effectief overheidsbeleid in alle fasen van de beleidscyclus. We hanteren de volgende kleurcodering om de scores op de toetsingscriteria weer te geven. Deze zijn niet bedoeld om af te rekenen, maar om verbetermogelijkheden te signaleren: : er is geen verbeterpotentieel : er is verbeterpotentieel : verbeteringen zijn noodzakelijk N.t.b. : (nog) niet te beoordelen

2.5

Onderzoeksopzet

Om de centrale onderzoeksvraag en de deelvragen te beantwoorden zijn verschillende onderzoeksmethoden ingezet. Aan het begin van het onderzoek zijn diverse relevante landelijke en gemeentelijke documenten geraadpleegd. Vervolgens zijn interviews gehouden met ambtelijk, bestuurlijke en externe betrokkenen. Ook heeft een groepsgesprek met de raad plaatsgevonden. De concept-Nota van bevindingen is beschikbaar gesteld voor ambtelijk wederhoor. Meer informatie over deze onderzoeksmethoden staat in Bijlage 1. Wanneer de bevindingen zijn gebaseerd op interviews, is dat aangegeven met het symbool:

Vergrijzing in Westervoort

11 van 46

2.6

Indeling rapport

Het rapport start met de bestuurlijke nota, waarin een korte beschrijving van het onderzoek, de conclusies en aanbevelingen zijn opgenomen. Hoofdstuk 3 beschrijft de veranderende bevolkingssamenstelling en de betekenis hiervan voor het gemeentelijk beleid. Hoofdstuk 4 gaat in op de beschikbare beleidsdocumenten, en hoofdstuk 5 behandelt de uitvoering en realisatie, inclusief de samenwerking met maatschappelijke partners en de informatievoorziening aan de gemeenteraad. De toelichting op de onderzoeksopzet, de interviewlijst en de lijst met geraadpleegde bronnen zijn te vinden in de bijlagen 1 tot en met 3.

Vergrijzing in Westervoort

12 van 46

3

Veranderende bevolkingssamenstelling

In dit hoofdstuk staan de volgende deelvragen centraal: • Hoe ontwikkelt zich de bevolking tot 2040? • Wat is de verwachte invloed in het fysieke domein? • Wat is de verwachte invloed in het sociale domein? Paragraaf 3.1 beschrijft wat vergrijzing inhoudt. Paragraaf 3.2 gaat in op vergrijzing en de demografische gevolgen van vergrijzing in Nederland en in Westervoort. Paragraaf 3.3 schetst zowel positieve als negatieve gevolgen van vergrijzing.

3.1

Wat is vergrijzing

Vergrijzing is een term die verwijst naar het steeds ouder worden van een bevolking. Zowel het aandeel ouderen als de gemiddelde leeftijd nemen toe. Als er sprake is van vergrijzing in een samenleving, dan is er (op termijn) vaak ook sprake van een bevolkingsdaling, doordat er meer alleenstaanden zijn en (relatief) minder kinderen geboren worden. Er zijn twee belangrijke oorzaken voor de vergrijzing in Nederland. Ten eerste kende Nederland, net als veel andere westerse landen, vlak na de Tweede Wereldoorlog een geboortegolf (de babyboom). In de jaren zestig en zeventig van de twintigste eeuw daalde het geboortecijfer sterk, mede door een toename van het gebruik van anticonceptiemiddelen. Hierdoor is het aandeel ouderen in de bevolking sterk gestegen. Rond 2040 zullen de meeste babyboomers overleden zijn, en neemt de vergrijzing als gevolg van de babyboom geleidelijk af. Een andere oorzaak van de vergrijzing is de toegenomen levensverwachting, dankzij verbeteringen in volksgezondheid, geneeskunde en voeding. De gemiddelde levensverwachting van mannen steeg tussen 1950 en 2018 van 70 naar 80 jaar; voor vrouwen nam deze toe van 73 naar 83 jaar. De toekomstige ontwikkeling van de bevolking is afhankelijk van de levensverwachting, het geboortecijfer en het migratiesaldo (immigratie minus emigratie). Nederland kent momenteel een zogenaamde dubbele vergrijzing.

Dit houdt in dat niet alleen het aandeel ouderen stijgt (o.a. als gevolg van de babyboom), maar ook dat de gemiddelde leeftijd binnen de groep ouderen toeneemt door de stijgende levensverwachting. De groep 80-plussers, die gemiddeld vaker zorg nodig heeft, wordt daarmee groter. Een gevolg hiervan is de toename van ouderdomsziekten zoals dementie. Naast dubbele vergrijzing is er ook sprake van driedubbele vergrijzing2: mensen blijven langer zelfstandig wonen, wat betekent dat er meer passende woningen en zorgvoorzieningen nodig zijn voor deze groeiende groep ouderen. Het Sociaal Cultureel Planbureau (SCP) 3 beschrijft de levensloop met vier fasen: 1. jeugdfase 2. werkzame fase 3. fase van pensionering / vitale levensfase 4. zorgafhankelijke of zorgbehoevende fase

2 3

Driedubbele vergrijzing: we moeten haast maken SCP (2024): Investeren in vitale ouderen

Vergrijzing in Westervoort

13 van 46

De derde levensfase begint op het moment dat iemand AOW-gerechtigd is of (eerder) met pensioen gaat en eindigt wanneer men langdurig afhankelijk wordt van anderen voor dagelijkse handelingen zoals aankleden en wassen – het begin van de vierde levensfase. De derde levensfase wordt ook wel aangeduid als de 'vitale fase’. De afgelopen decennia is deze fase langer geworden, terwijl de vierde levensfase relatief korter is geworden. In absolute aantallen groeien beide groepen, omdat de bevolking veroudert.

3.2

Vergrijzing in Nederland en in Westervoort

De vergrijzing in Nederland, gemeten aan het aandeel 65-plussers, is sinds ongeveer 2010 toegenomen. In Westervoort komt deze ontwikkeling sterker tot uiting dan gemiddeld in Nederland (zie Figuur 3-1). Figuur 3-1 - Ontwikkeling en prognose percentage 65-plussers vanaf 1995 (CBS, prognose 2017-2040) 40

34 27

30 23 20 21

13 10

0

6 1995

2000

2005

2010

2015

Nederland

2020

2025

2030

2035

2040

Westervoort

De prognose is dat het aandeel senioren in Nederland stijgt naar 27% in 2040. In Westervoort ligt dit aandeel in 2025 op 23% en stijgt naar 34% in 2040.4 Het aandeel jongeren (0-19 jaar) blijft in zowel Nederland als in Westervoort de komende 15 jaar redelijk stabiel, terwijl het aandeel 20-64-jarigen daalt. Er vindt een verschuiving plaats van 20-64-jarigen naar 65-plussers (zie Figuur 3-2).

4

CBS: Regionale prognose 2017-2040; bevolking, intervallen, regio-indeling 2015

Vergrijzing in Westervoort

14 van 46

Figuur 3-2 - Prognose leeftijdssamenstelling 2040 in Nederland en Westervoort (CBS, prognose 2017-2040) Nederland

Westervoort

100% 13%

15%

6% 20%

12%

27%

23%

80%

60%

34%

63% 62%

61%

63% 59%

57%

52%

49%

40%

20% 24%

24%

21%

22%

1995

2010

2024

2040

31%

25%

20%

18%

2010

2024

2040

0% 0-19 jaar

1995 20-64 jaar

65+

In Nederland is de vergrijzing het sterkst aan de randen van het land: Zeeland, de NoordHollandse kust, Texel, Groningen, Drenthe en Zuid-Limburg én in de regio Arnhem-Nijmegen waar Westervoort zich bevindt (zie Figuur 3-3). Figuur 3-3 - Percentage 65-plussers, 1 januari 2024, CBS

Westervoort

Vergrijzing in Westervoort

15 van 46

Met 23%5 65-plussers behoort Westervoort tot de één-na-hoogste categorie (22 tot 27%) wat betreft het aandeel senioren. De verwachting is dat Westervoort in 2040 15.200 inwoners telt, waarvan ongeveer 5.150 inwoners 65 jaar of ouder zijn (34%)6. Ook in Doesburg en Duiven is er sprake van sterke vergrijzing. De prognose voor Doesburg is dat het in 2040 om 34% 65-plussers (circa 3.950 65plussers) en in Duiven om 33% 65-plussers (circa 8.300 65-plussers).

Bevolkingsprognose In dit onderzoek wordt de Regionale Prognose 2017-2040 (regio-indeling 2015) van het CBS gebruikt. Deze prognose geeft de mogelijkheid om uitsplitsingen te maken voor leeftijdsgroepen op gemeenteniveau. Recentere bevolkings- en huishoudensprognoses van het CBS (2019 en 2022) zijn volgens het CBS onvoldoende betrouwbaar op gemeenteniveau. Voor Nederland als geheel komt de totale prognose in 2019 en 2022 als gevolg van het migratiesaldo iets hoger uit dan de prognose uit 2017 en het aandeel 65-plussers binnen de totale bevolking juist enkele procenten lager. Ondanks deze kleine verschillen met de prognoses van 2019 en 2022, geeft de prognose uit 2017 op gemeenteniveau een goed beeld geeft van de ontwikkeling tot 2040.

Dubbele vergrijzing en dementie Binnen de groep van 65-plussers neemt ook de leeftijdsgroep 75 jaar en ouder toe. In deze leeftijdsgroep is er meer vraag naar wonen met zorg. In Nederland neemt de leeftijdsgroep 75+ in de komende vijftien jaar sterk toe van 1.707.350 in 2024 tot 2.563.200 inwoners van 75 jaar en ouder in 2040 (een toename van 799.000 75-plussers). Dit betekent dat het aantal 75-plussers in vijftien jaar tijd met de helft toeneemt. In de regio Arnhem als geheel (cijfers voor Westervoort niet beschikbaar) is sprake van een toename van 75-plussers van 42.930 in 2024 naar 66.490 75-plussers in 2040. Dit betekent dat het aantal 75-plussers in vijftien jaar tijd met iets meer dan de helft (met 55%) groeit.7 Alzheimer Nederland heeft veel cijfers over dementie.8 Met de toename van vergrijzing neemt ook het aantal dementerenden toe. Gemiddeld is 8% van de 65-plussers dementerend. Voor Westervoort betekent dit een stijging van circa 280 mensen met dementie in 2024 naar ongeveer 410 in 2040 – een toename van 40% tot 50%. Dit leidt tot meer druk op de zorg én op mantelzorgers.

5

Zie: Ranglijst: inwoners naar leeftijdsgroep per gemeente in Nederland (stand 1 januari 2024) (allecijfers.nl) CBS: Regionale Prognose 2017-2040; bevolking; intervallen; regio-indeling 2015 7 ABF Primos Demografie 2024: Primos Online - Bevolking - ABF-regio Arnhem 8 Feiten en cijfers over dementie | Alzheimer Nederland 6

Vergrijzing in Westervoort

16 van 46

Toename aantal huishoudens voor alleenstaanden Niet alleen groeit het aantal ouderen, ook het aantal eenpersoonshuishoudens neemt toe. De verwachting is dat Nederland in 2040 3.998.930 eenpersoonshuishoudens telt.9 Dit type huishouden groeit het sterkst (zie figuur 3-4). Deze trend is ook zichtbaar in Westervoort. Figuur 3-4 - Prognose aantal huishoudens in Nederland (x1000), ABF Primos (2023) 5000 3999

4000 3349 3000

2342

2497

2000

2036 2072

1000

614

686 43

52

0 Alleenstaand

Paar zonder thuiswonend(e) kind(eren)

Gezin met thuiswonend(e) kind(eren) 2024

3.3

Eenoudergezin

Overig huishouden

2040

Gevolgen van vergrijzing

Zoals geschetst in paragraaf 3.2, kenmerkt een toenemend aandeel ouderen (65+) in de bevolking een vergrijzende samenleving. Dit heeft verschillende directe gevolgen, zoals druk op pensioenen, druk op gezondheidszorg en veranderingen in de woonomgeving, maar ook gevolgen voor de samenleving op lange termijn. Deze paragraaf beschrijft zowel de negatieve effecten van vergrijzing als de positieve effecten.

Nadelige effecten van vergrijzing Een nadelig effect van vergrijzing is dat vergrijzing de samenleving, in het huidige systeem, geld kost. Veel westerse landen kennen een sociaal zekerheidsstelsel dat gefinancierd wordt door een omslagstelsel. Hierbij betalen de werkenden belasting, waaruit voorzieningen en uitkeringen worden betaald, zoals AOW en Wmo. Dit merken gemeenten ook. Om de kosten van de vergrijzing te dragen, moeten de belastingen omhoog. Dit wordt steeds moeilijker wanneer de werkende generatie relatief of zelfs absoluut krimpt. Ook wordt het lastiger om de vertrekkende vakmensen te vervangen. Dit verschijnsel kan de economische groei remmen. Innovatie (bijvoorbeeld robotisering) en het anders inrichten van zorg en ondersteuning zijn onvermijdelijk in een vergrijzende samenleving.

9

ABF Primos Demografie 2024: Prognose van bevolking en huishoudens naar kenmerken in een toekomstig jaar

Vergrijzing in Westervoort

17 van 46

Een ander gevolg van vergrijzing is de toename van zorgvragen en aan ouderdomsgerelateerde zorgkosten, door bijvoorbeeld dementie. Dit zorgt voor druk op de gezondheidszorg en op zorgverleners, zoals mantelzorgers. De druk op mantelzorgers wordt hoger door langer thuiswonende ouderen. Zorginstellingen en overheden leunen met hun beleid meer en meer op mantelzorgers. Hierdoor zijn er steeds meer overbelaste mantelzorgers.

Dit is problematisch, omdat mantelzorgers vaak ook nog betaald werk verrichten en hierdoor noodgedwongen minder uren gaan werken of zelf uitvallen. Dit kan een negatieve invloed op de arbeidsmarkt hebben.10 Naast toenemende druk zorgt vergrijzing ook voor veranderingen in de woonomgeving. Door gezinsverdunning en een toenemende behoefte aan huisvesting voor senioren verandert de vraag naar woningen. Deze veranderingen vereisen doordachte planning en beleid, om ervoor te zorgen dat ouderen comfortabel en veilig kunnen wonen. Dit is ook belangrijk om minder zichtbare gevolgen van vergrijzing, zoals eenzaamheid, aan te pakken. Onderzoek en beleid dragen verschillende oplossingen aan die de (negatieve) gevolgen van vergrijzing op kunnen vangen. Voorbeelden van oplossingen zijn: • Realiseren van woningen die passend zijn bij de behoefte van senioren, waardoor zij langer thuis kunnen wonen en waardoor zij bij het verlaten van hun gezinswoning ruimte vrijmaken voor gezinnen. Hierbij ook aandacht voor geclusterd wonen om zorg gemakkelijker te organiseren.

• Bevorderen van de (voortgezette) deelname van ouderen aan het economische, sociale, politieke en culturele leven zodat de kennis, ervaring en vaardigheden van de ouderen voor de maatschappij behouden blijven, en zodat welbevinden, gezondheid en autonomie van ouderen verbeteren (bevorderen van werk, vrijwilligerswerk, ontmoeten, mantelzorg, voorzorgcirkels11). • Communiceren van de mogelijkheden aan voorzieningen vanuit de gemeente voor bijvoorbeeld mantelzorgers, om later dure zorg te voorkomen. • Zorgen voor een zorg- en welzijnsstelsel dat voor iedereen toegankelijk is met minder kosten en personele inzet (kostenbeheersing, voldoende zorgpersoneel, langer zelfstandig thuis wonen, preventie, herijking sociaal domein). • Herverdelen van lasten tussen de generaties (bijvoorbeeld belastingen, pensioenstelsel). De eerste drie oplossingsrichtingen zijn vooral op lokaal niveau zichtbaar en vallen binnen de invloedsfeer van de gemeente. Samen met maatschappelijke partners kunnen gemeenten dit bevorderen. De vierde oplossingsrichting is van groot belang voor de gemeentelijke begroting en inzet, maar hier is de gemeente mede afhankelijk van landelijke regelgeving en ontwikkelingen. De vijfde oplossingsrichting ligt met name binnen de invloedssfeer van de Rijksoverheid.

Voordelen van vergrijzing Een grotere groep ouderen kan echter ook voordelen meebrengen, vooral als zij steeds langer fit en gezond blijven. Als mensen pas later ‘oud’ worden, zijn zij na hun pensioen (ook als de

10 11

Mantelzorg zet rem op loon en carrière Wat zijn voorzorgcirkels | NLZVE

Vergrijzing in Westervoort

18 van 46

pensioenleeftijd omhoog gaat) nog jaren actief. Dit houdt bijvoorbeeld in dat er een grotere groep mensen beschikbaar is voor vrijwilligerswerk, wat een positieve invloed kan hebben op gemeenschappen en sociale cohesie. Een ander positief effect van vergrijzing is dat oudere mensen gemiddeld minder CO2 uitstoten dan jongere mensen. Hiermee kan vergrijzing een positieve impact op het klimaat hebben. In een van de raadsgesprekken werd opgemerkt dat het in sommige wijken weer begint te leven, nu veel mensen met pensioen gaan. Dit biedt kansen voor sociale activiteiten en het meer omkijken naar elkaar. Movisie ontwikkelde een toolkit met informatie over hoe het potentieel van een groeiende groep ouderen te ‘verzilveren’. 12 Hierbij spelen vier partijen een grote rol: senioren zelf, vrijwilligersorganisaties, maatschappelijke organisaties en de gemeente. Een gemeente heeft hierin een aantal keuzes en taken: • • • • • •

Het bepalen van de visie (nota over ouderenbeleid, notitie voor het collegeprogramma). Bepalen van de rol van de gemeente (als opdrachtgever, als co-creator). Bepalen van de procesorganisatie (opstarten/deelnemen aan een samenwerkingsverband). Randvoorwaarden bieden (bijv. budget, praktische ondersteuning). Waarderen van mensen die actief zijn (bijv. vrijwilligersdag). Aandacht houden voor de diversiteit onder ouderen.

Naast de kosten die bij verschillende oplossingsrichtingen van vergrijzing komen kijken, zijn er ook een aantal kostenvoordelen te onderscheiden. Denk hierbij aan bijvoorbeeld dalende onderwijskosten en een stimulering van de dienstensector (meer bestedingen aan diensten als recreatie en cultuur). Hoewel de kostenvoordelen niet altijd opwegen tegen de uitdagingen die vergrijzing met zich meebrengt, bieden ze wel mogelijkheden voor een andere toewijzing van middelen en economische transities die kunnen helpen om de (financiële) gevolgen van vergrijzing te verzachten.

Toekomstscenario’s Er kan een positief en negatief toekomstscenario onderscheiden worden voor vergrijzing. 13 In een positief toekomstscenario nemen mensen zo lang mogelijk actief deel aan de samenleving en wordt werk meer over de levensloop uitgesmeerd. Tijd en inkomen zijn daarmee anders over een levensloop verdeeld. In dit scenario worden ook bepaalde zorgtaken succesvol overgenomen door technologie (zorgrobots, AI, etc.)14. In een negatief scenario wordt actieve deelname aan de maatschappij voor verschillende bevolkingsgroepen belemmerd, bijvoorbeeld door beperkte doorstroming in het onderwijs, discriminatie op de arbeidsmarkt en obesitas onder jonge generaties. Daarnaast is er een tekort aan zorgprofessionals en wordt er een groot beroep gedaan op mantelzorgers. Om richting een positief toekomstscenario te gaan, is het belangrijk in te zetten op bijvoorbeeld preventieve gezondheidsmaatregelen, een hoge arbeidsparticipatie en technologie.

12

Toolkit verzilveren Demos, bulletin over bevolking en samenleving, jaargang 33, nummer 3, maart 2017, p. 1-4 14 What-The-Future-Aging.pdf 13

Vergrijzing in Westervoort

19 van 46

4

Wettelijke taken gemeente

In dit hoofdstuk ligt de focus op de wettelijke taken van de gemeente in het sociale domein (4.1) en het fysieke domein (4.2). Aandachtspunt daarbij is of de raad hiervan op de hoogte is of kan zijn (4.3).

4.1

Wettelijke taken in het sociale domein

Gemeenten voeren namens de Rijksoverheid de Wmo15 (Wet maatschappelijke ondersteuning) uit. De Wet maatschappelijke ondersteuning heeft als doel ervoor te zorgen dat mensen zo lang mogelijk thuis kunnen blijven wonen. Gemeenten zijn verantwoordelijk om ondersteuning te bieden aan mensen die niet op eigen kracht zelfredzaam zijn. Dit omvat onder andere: • Beschikbaar stellen faciliteiten om langer zelfstandig thuis te kunnen wonen, zoals huishoudelijke hulp of een traplift. • Begeleiding en dagbesteding: ondersteuning om mensen te helpen bij hun dagelijkse activiteiten en om hen actief te laten deelnemen aan de samenleving. • Tijdelijke ontlasting van mantelzorgers. • Het bieden van beschermde woonomgeving voor mensen met een psychische stoornis: een veilige plek bieden voor mensen met psychische problemen. • Opvang bij huiselijk geweld en voor daklozen: hulp bieden aan mensen die te maken hebben met huiselijk geweld of dakloos zijn. • Welzijnswerk: met de invoering van de Wmo deed de term ‘participatiesamenleving’ zijn intrede. Vanaf die tijd is het accent verschoven van het organiseren van activiteiten naar het ondersteunen van initiatieven van burgers. Elke gemeente organiseert de toegang tot ondersteuning op haar eigen wijze. Sommige gemeenten kiezen voor het Wmo-loket. Veel gemeenten kiezen sociale wijkteams waar mensen terecht kunnen met hun hulpvraag.

Wat het wijkteam precies doet, verschilt per gemeente. De toegang tot Wmo-faciliteiten is geregeld in wetgeving. Gemeenten mogen momenteel niet zelfstandig een inkomensafhankelijke eigen bijdrage vragen voor huishoudelijke hulp. Er ligt echter een wetsvoorstel om dit per 1 januari 2027 mogelijk te maken. 16 De Wmo is een zogenaamde medebewindstaak. Dit houdt in dat gemeenten landelijk beleid uitvoeren binnen een vastgesteld budget, maar dat zij beperkte sturingsmogelijkheden hebben om kosten en risico’s te beheersen17. Veel gemeenten ervaren dat de beschikbare middelen onvoldoende zijn om hun Wmo-taken adequaat uit te voeren18.

15

Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo) | Zorg en ondersteuning thuis | Rijksoverheid.nl.

16

Invulling van de inkomens- en vermogensafhankelijke eigen bijdrage in de Wmo per 1 januari 2027 | Nieuwsbericht | Rijksoverheid.nl 17 Medebewindstaken: balans is zoek, meer inzicht nodig | Divosa 18 Position Paper Opmerkingen van de VNG op de Begroting van het Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport | VNG

Vergrijzing in Westervoort

20 van 46

4.2

Wettelijke taken in het fysieke domein

Gemeenten hebben zich in de regionale woondeals met het ministerie van BZK (nu: ministerie van VRO) en de provincie gecommitteerd aan het opstellen van een woonzorgvisie voor hun gemeente. Deze afspraak komt voort uit de programma’s een Thuis voor iedereen 19 en het programma Wonen en zorg voor ouderen 20. Beide programma’s maken deel uit van de Nationale Woon- en Bouwagenda. Het programma Wonen en zorg voor ouderen regelt dat: • Van de 900.000 woningen die tot en met 2030 gebouwd worden, minstens 290.000 woningen voor ouderen geschikt zijn. • Ouderen in een voor hen geschikte woning kunnen wonen. Door een toename van het aantal verhuisbewegingen van ouderen beoogt het programma ook doorstroming in de algehele woningvoorraad. • Naast de woning ook de leefomgeving passend is voor ouderen. Het Kenniscentrum Sport en bewegen heeft hiervoor een inspiratietool ontwikkeld.21 De opgave van 290.000 voor ouderen geschikte woningen is verbijzonderd per regio 22. Voor de regio Arnhem-Nijmegen als geheel (waar Duiven, Doesburg en Westervoort deel van uitmaken) komt de totale opgave tot 2030 op 13.960 nieuwe woningen die geschikt zijn voor ouderen.

Hiervan zijn bijna 2.000 verpleegzorgeenheden, ruim 8.000 nultredenwoningen (woningen zonder drempels en trappen, meestal appartementen) en bijna 4.000 geclusterde woningen (nultredenwoningen gecreëerd in samenhangend project vaak met gemeenschappelijke ruimte) (zie Tabel 4-1). Tabel 4-1 - Capaciteitsopgave t/m 2030 ouderen (nultreden, geclusterd, verpleegzorg), MinVWS (2023) Factsheet Wonen en zorg voor ouderen Verpleegzorg Regio Arnhem-Nijmegen

Geclusterd

Nultreden

Totaal

Aandeel

Aantal

Aandeel

Aantal

Aandeel

Aantal

Aandeel

Aantal

5%

1.960

5%

3.900

5%

8.100

5%

13.960

Openbare voorzieningen en seniorvriendelijke buurten Naast de bouwopgave zijn gemeenten op grond van de Wegenwet belast met het aanleggen, onderhouden en beheren van straten, wegen, parkeerplaatsen, voetpaden en fietsroutes binnen de gemeentegrenzen. Een toenemend aantal senioren en mensen met ouderdom gerelateerde aandoeningen maakt dat gemeenten nadenken over de inrichting van de openbare ruimte. Voor specifieke deelgebieden kan maatwerk nodig zijn voor deze doelgroep. Uitgangspunt is dat openbare voorzieningen bereikbaar moeten zijn voor de doelgroep.

Programma een thuis voor iedereen (overheid.nl). Programma Wonen en zorg voor ouderen (overheid.nl). 21 Inleiding - Inspiratietool leefomgeving senioren (kenniscentrumsportenbewegen.nl). 22 Min VWS (juni 2023) Factsheet Wonen en zorg voor ouderen. 19

20

Vergrijzing in Westervoort

21 van 46

Het Kenniscentrum Sport en Bewegen heeft een inspiratietoolkit voor een seniorvriendelijke leefomgeving23. Het gaat daarbij om: • Fysieke inrichting van de openbare ruimte (hardware). • Aanbod van activiteiten in de openbare ruimte met inzet van professionals en vrijwilligers (software). • Organisatie van fysieke inrichting en aanbod door goede samenwerking en burgerparticipatie (orgware). Het consortium BeterOud24, een samenwerkingsverband van ouderen, professionals en organisaties (zoals het Kenniscentrum Sport en Bewegen, het Nationaal Ouderenfonds en Vilans), geeft een top 10 voor een seniorvriendelijke buurt: 1. Voorzieningen. 2. Speciale looproutes. 3. Overzichtelijke openbare ruimte. 4. Openbare toiletten. 5. Bankjes en tafels. 6. Gemeenschappelijke tuin. 7. Buurtvoorziening. 8. Toegankelijk openbaar vervoer. 9. Verblijfsruimte met uitzicht op straat. 10. Beweegtuinen.

4.3

Informatiepositie van de gemeenteraad

Uit het groepsgesprek met de raad kwam naar voren dat de raad op de hoogte is van het concept vergrijzing, de omvang en de gevolgen van vergrijzing. Er is tijdens het gesprek een aantal zaken genoemd waarmee de gemeente kan sturen op vergrijzing, zoals preventie, aanpassen van de leefomgeving en het bestrijden van eenzaamheid. In het raadsgesprek wordt de voorspelbaarheid van vergrijzing in de gemeente genoemd. Westervoort was in de jaren ’80 een groeikern, waardoor er in die tijd veel jonge mensen zijn komen wonen. Deze mensen zijn/gaan komende jaren met pensioen en zullen in 2040 85-plussers zijn. In het begin was de groeikern gericht op sociale woningbouw, welke invloed je terugziet in de sociale structuur van Westervoort. In combinatie met de kwetsbare financiële positie van de gemeente leidt dit tot extra risico’s. De raad is zich ervan bewust dat vergrijzing impact zal hebben op het beroep dat mensen zullen gaan doen op de gemeente en dat de gemeente daarin keuzes zal moeten maken. Hoewel een belangrijk deel van het gemeentelijk budget gaat naar het sociaal domein, gaven raadsleden tijdens het raadsgesprek aan dat zij niet goed weten hoe zij hierop kunnen sturen en wat de impact van vergrijzing op de budgetten is. Raadsleden ervaren dat ze beter worden geïnformeerd als het gaat om het fysieke domein (wonen).

23 24

Fysieke omgeving en voorzieningen-1 - Inspiratietool leefomgeving senioren Top 10 seniorvriendelijke woonomgeving

Vergrijzing in Westervoort

22 van 46

Best Practice Doesburg: Raadsconferenties vergrijzing De gemeenteraad van Doesburg heeft het initiatief genomen om raadsconferenties te organiseren rondom vergrijzing. Elke raadsconferentie gaat in op een thema dat speelt binnen vergrijzing. Diverse maatschappelijke partners met name in het sociale domein leverden een bijdrage door middel van een presentatie en/of een paneldiscussie. De volgende thema’s kwamen reeds aan bod: • •

Raadsconferentie 1: Effecten van vergrijzing (februari 2024) Raadsconferentie 2: Gezond oud worden (november 2024)

Andere raadsconferenties over vergrijzing zijn in voorbereiding.

4.4

Toetsing aan het normenkader

In onderstaande tabel is het normenkader opgenomen. Hierin wordt de relatie gelegd tussen de normen en de beoordeling. Norm De raad heeft voldoende inzicht in de omvang van vergrijzing De raad heeft voldoende inzicht in wat de vergrijzing gaat betekenen voor gemeentelijk beleid

Beoordeling De gemeenteraad in Westervoort lijkt redelijk goed op de hoogte te zijn van wat de omvang van vergrijzing is, maar er is nog wel verbetering in (gemeentespecifieke) kennis mogelijk. De gemeenteraad in Westervoort heeft niet op elk vlak voldoende inzicht in wat vergrijzing voor gemeentelijk beleid gaat betekenen. Raadsleden ervaren dat zij wel worden geïnformeerd als het gaat om het fysieke domein (met name wonen) maar dat zij te weinig worden geïnformeerd over vergrijzing en wat dat betekent voor het sociale domein (beleid en budgetten).

: er is geen verbeterpotentieel : er is verbeterpotentieel : verbeteringen zijn noodzakelijk N.t.b. : (nog) niet te beoordelen

Vergrijzing in Westervoort

23 van 46

5

Strategische en beleidsdocumenten

Dit hoofdstuk geeft antwoord op de volgende onderzoeksvragen: • Heeft de gemeente een probleemanalyse ten aanzien van vergrijzing? • Welke sturing geven het coalitieakkoord en de P&C-cyclus? • Welke sturing geven visies en beleid op de effecten van vergrijzing? • In hoeverre is het beleid van de gemeente toekomstbestendig?

5.1

Probleemanalyse ten aanzien van vergrijzing

Deze paragraaf laat de probleemanalyse van de gemeente Westervoort ten aanzien van vergrijzing zien. De veronderstelling is dat het gemakkelijker is om te sturen op vergrijzing als in beeld is wat het voor de gemeente gaat betekenen.

Gezamenlijke toekomstvisie en transformatievisie sociaal domein: Samen sterk In de gezamenlijke toekomstvisie en transformatieagenda sociaal domein ‘Samen sterk’ van de gemeenten Duiven en Westervoort geven de gemeenten aan dat het toekomstbeeld uitdagend is, met noodzaak voor fundamentele veranderingen. Door vergrijzing zal het beroep dat mensen doen op voorzieningen in de tweedelijnsgezondheidszorg waarschijnlijk toenemen. Het moet blijken of het aanbod dat al bestaat in de nulde en eerste lijn voldoende is om voorzieningen in de tweede lijn te ontlasten. Door de afname van zorg in de nulde lijn, is het urgent om samen met partners te zoeken naar innovatieve oplossingen voor het verlenen van zorg binnen de beschikbare budgetten. Drie opgaven in het sociaal domein waar de gemeente Westervoort de komende jaren op gaat focussen zijn innovatie, preventie en inkoop en regio en bewaking. Met betrekking op vergrijzing worden bij de opgave ‘innovatie’ een aantal speerpunten en acties genoemd. Speerpunt is het combineren van oplossingen in de wijk en ondersteunen van zelfstandig wonende ouderen. Acties zijn o.a. indicering van huishoudelijke hulp, prestatieafspraken over levensloopbestendig maken van de bestaande woningvoorraad, een bewustwordingscampagne en onderzoek.

Raadsleden geven aan dat het document Samen sterk een dynamisch document zou moeten zijn, omdat de werkelijkheid steeds verandert. Daarnaast zou de gemeente rondom dit thema een aanjagende rol moeten hebben, door gesprekken met inwoners te voeren en initiatieven te omarmen.

5.2

Coalitieakkoord en P&C-cyclus

Gemeenten sturen op het realiseren van strategische doelen en een efficiënte uitvoering via de Planning- en -Control-cyclus, afgekort P&C. Het coalitieakkoord wordt opgesteld na de verkiezingen en vormt de inhoudelijke basis van de P&C-cyclus.

Het coalitieakkoord en het thema vergrijzing Het coalitieakkoord van de gemeente Westervoort heeft aandacht voor ouderen. Er wordt bijvoorbeeld genoemd dat initiatieven en activiteiten gericht op maatschappelijke activering van de steeds groter wordende groep Westervoortse ouderen actief moeten worden ondersteund. Ook moet zorg dichtbij de inwoners worden georganiseerd. In het coalitieakkoord wordt centrale clustering van zorgfuncties op de nieuw te bouwen ‘zorgboulevard’ genoemd.

Vergrijzing in Westervoort

24 van 46

Daarnaast wordt de behoefte en noodzaak van oudere inwoners om door te stromen naar meer passende woningen genoemd om daarmee ruimte te maken voor gezinnen. Voor zover wettelijk is toegestaan maakt de gemeente Westervoort afspraken met de woningbouwcorporaties om voorrang aan eigen jongeren en ouderen te geven.

Vergrijzing in de programmabegroting 2025-2028 Vergrijzing wordt genoemd in de programmabegroting als één van de factoren die bijdraagt aan de toenemende vraag naar maatwerkvoorzieningen in het sociaal domein. De programmabegroting gaat niet in op specifieke maatregelen of beleidsdoelen met betrekking tot ouderenbeleid. Ook worden ouderen niet expliciet genoemd. Wel worden er taken en voorzieningen beschreven die ook relevant zijn voor ouderen, zoals Wmo. De begroting gaat niet in op details over de specifieke invulling van deze voorzieningen voor ouderen.

5.3

Visie en beleid

De gemeente Westervoort heeft diverse visies en beleidsstukken die ingaan op de gevolgen van vergrijzing. We bespreken in deze paragraaf visies en beleid in zowel het fysieke als het sociale domein. Visies en beleid zijn bestuurlijk bindend, wat betekent dat gemeenten zichzelf de opdracht geven om de doelen te realiseren. Als de raad een visie heeft vastgesteld, dan kan het college daar in beginsel niet van afwijken.

Seniorenbeleid De gemeente Westervoort heeft geen specifieke stukken over seniorenbeleid en voert ook geen specifiek beleid voor ouderen uit. Beleidsdoelstellingen rondom ouderen en vergrijzing zitten voornamelijk verweven in andere beleidsstukken.

Omgevingsvisie De omgevingsvisie van de gemeente Westervoort bevat vijf thema’s: ‘een duurzaam thuis’, ‘gezonde, sociale en veilige leefomgeving’, ‘vitale economie’, ‘bereikbaarheid’ en ‘klaar voor de toekomst’. In het document wordt een aantal ambities voor de middellange termijn (tot 2030) en de lange termijn (na 2030) benoemd. Op middellange termijn wil de gemeente bijvoorbeeld participatie van inwoners en andere maatschappelijke partners bevorderen, het stimuleren en faciliteren van vitale wijken, dorpen en buurten, zelfstandigheid bevorderen, positieve gezondheid als randvoorwaarde nemen en met het beheer van de openbare ruimte bijdragen aan een gezonde, sociale en veilige omgeving. Op de lange termijn wil de gemeente o.a. aanvullende voorzieningen creëren, onder andere om in te spelen op vergrijzing. Het vervolg op de omgevingsvisie is het schrijven van programma’s die zorgen voor de vertaling van de omgevingsvisie naar uitvoering. Thema’s waarin de omgevingsvisie specifiek ingaat op ouderen en vergrijzing zijn ‘een duurzaam thuis’, ‘gezonde, sociale en veilige leefomgeving’ en ‘bereikbaarheid’. In het thema ‘een duurzaam thuis’ streeft de gemeente Westervoort naar een evenwichtig woningaanbod dat aansluit op de wensen en behoeften van de inwoners van de gemeente.

Het accent voor de aanvullende woonbehoefte in Westervoort ligt voor de inbreidingslocaties voornamelijk op éénen tweepersoonshuishoudens, die dichtbij (centrum)voorzieningen liggen. Bij de uitbreidingslocaties zal het accent liggen op duurdere woningen om de huidige, vrij eenzijdige, opbouw van de woningvoorraad evenwichtiger te maken.

Vergrijzing in Westervoort

25 van 46

In het thema ‘gezonde, sociale en veilige leefomgeving’ neemt de gemeente Westervoort gezondheid als randvoorwaarde voor het handelen, de ontwikkelingen en de plannen in de fysieke leefomgeving. Het uitgangspunt is dat iedereen die wil maximaal gezond kan leven en wonen in de gemeente Westervoort. De gemeente heeft oog voor de toename van het aantal ouderen en de afname van het aantal jongeren. In het thema ‘bereikbaarheid’ heeft de gemeente Westervoort aandacht voor de toegankelijkheid van de openbare ruimte en de bereikbaarheid van voorzieningen voor mensen met een beperking, in welke vorm dan ook (bijv. rolstoel of rollator).

Nota grondbeleid In de nieuwe Nota Grondbeleid 2024 kiest de gemeente Westervoort voor dynamisch grondbeleid. Dit betekent dat de gemeente bij ieder ruimtelijk initiatief een afweging maakt welke houding, rol en inzet van instrumenten het meest geschikt is. Dit geeft de gemeente ruimte om waar nodig een actieve houding aan te nemen, regie te pakken en de instrumenten van het grondbeleid in te zetten. Grondbeleid is voor de gemeente Westervoort een middel om de ambities uit de omgevingsvisie waar te maken. Bij grote woningbouwprojecten en nieuwe bedrijventerreinen heeft de gemeente een actieve houding en voert als het mogelijk is actief grondbeleid.

Woonvisie 2021-2030 De Woonvisie 2021-2030 heeft aandacht voor vergrijzing. De gemeente Westervoort streeft naar een meer vitaal, open, zorgzaam en duurzaam woon- en leefmilieu waarin vergrijzing op een goede manier is gefaciliteerd. Om te voorkomen dat de bevolking door vergrijzing uit balans raakt, bevordert de gemeente een woningvoorraad die voldoende kansen biedt voor zowel jongeren als ouderen uit de gemeente. De gemeente Westervoort heeft in de woonvisie 18 doelen gesteld, met daarbij maatregelen voor de korte termijn. Het meest concrete doel is: We willen tot 2040 740 woningen bouwen. Ten aanzien van de woningen voor senioren is het doel minder specifiek of meetbaar: Zorgen voor voldoende geschikte huisvesting voor ouderen en mensen met een zorgvraag. Ook staat in de woonvisie wat het streefprogramma is voor woningbouw in inbreidings- en kleinere locaties (<50 woningen) en uitbreiding- en grotere locaties (50 woningen of meer), uitgesplitst naar prijspeil, type woning en doelgroep. De gemeente Westervoort heeft volgens het regionale woningmarktonderzoek 25 een woningbehoefte van 570 nieuwe woningen tot 2040. De gemeente streeft naar een plancapaciteit van 130 procent en daarmee naar 740 extra woningen in 2040. De maximale inbreidingscapaciteit is ca. 350 woningen, waarvan de meeste plannen in 2021 nog niet waren vastgesteld.

In de Woonvisie worden geen locaties voor uitbreiding en aantallen voor nieuwbouwwoningen vastgesteld. Hoeveel van de 740 extra woningen geschikt moeten zijn voor senioren, wordt ook niet concreet benoemd in de Woonvisie.

25

Regionaal woningmarktonderzoek 2019 en gemeentelijke inventarisatie april 2021

Vergrijzing in Westervoort

26 van 46

Woonzorgvisie De gemeente Westervoort heeft in december 2024 de woonzorgvisie vastgesteld. De woonzorgvisie van de gemeente Westervoort sluit aan bij een aantal ambities en doelen voor de leefomgeving vanuit de omgevingsvisie (thema’s duurzaam thuis en gezonde, sociale en veilige leefomgeving). De woonzorgvisie kent vier thema’s: wonen, passende zorg en ondersteuning, leefbaarheid en fysieke omgeving. De woonzorgvisie kwantificeert de opgave voor komende jaren: tot 2030 komt dit neer op maximaal 200 nultredenwoningen, maximaal 225 geclusterde woningen en maximaal 50 zorggeschikte woningen of woningen in een woonzorgcentrum. De vraag naar zorg op afroep komt neer op een toename van 75 richting 2030. Deze cijfers gaan echter enkel over de verwachte opgave, er worden geen concrete en/of meetbare doelen genoemd. Het hoe, waar en door wie dit gerealiseerd kan worden wordt niet duidelijk in de woonzorgvisie. De uitwerking hiervan wordt vastgelegd in een uitvoeringsprogramma. Dit uitvoeringprogramma is in ontwikkeling.

Regionale Woondeal Gemeenten hebben in regionaal verband afspraken gemaakt over de verdeling van woningen. In de Regionale Woondeal26 is afgesproken dat de gemeente Westervoort tussen 2023 en 2030 530 woningen bijbouwt (bruto). Gemiddeld moet de gemeente Westervoort daarmee 88 woningen per jaar toevoegen. Dit is minder dan de aantallen waar in de Woonvisie 2021-2030 naar gestreefd wordt. De afgelopen 10 jaar (2013-2024) zijn er gemiddeld 39 woningen per jaar toegevoegd in Westervoort. Komende jaren is de bouwopgave daarmee ruim twee keer zo groot als de afgelopen 10 jaar, zoals blijkt uit onderstaande figuur. Tabel 5-1 Woningbouwopgave gemeente Westervoort (BAG) 2013-2024 Gerealiseerde woningen 2013-2024

389

Gemiddeld per jaar toegevoegd

+39

2023-2030 In totaal toe te voegen 2023-2030 (Regionale Woondeals) (bruto)

530

Gemiddeld per jaar toe te voegen (2023-2030)

+88

In de Regionale Woondeal is afgesproken dat gemeenten 30% sociale huur realiseren via toegelaten instellingen. Dit brengt woningcorporaties in positie om mee te praten bij de ontwikkeling van nieuwe wijken. Immers, de ontwikkelaars moeten de woningen na realisatie kunnen verkopen aan de woningcorporatie. In samenwerking met woningcorporaties, zorg- en welzijnspartijen, bewonersorganisaties en de provincie Gelderland hebben de gemeenten van de GMR regionale woonzorgafspraken gemaakt over het huisvesten van ouderen én inwoners die (tijdelijk) meer ondersteuning nodig hebben. Dit zijn de zogenaamde aandachtsgroepen van het woonzorgbeleid.

26

Woondeal 2.0 Regio Arnhem-Nijmegen

Vergrijzing in Westervoort

27 van 46

Mobiliteitsvisie Het Mobiliteitsplan Westervoort 2016-2026 loopt op zijn einde, waardoor de gemeente Westervoort op moment van schrijven een nieuw mobiliteitsplan heeft opgesteld dat in de raad besproken gaat worden. In juni 2024 is het Ambitieplan Mobiliteit vastgesteld door de gemeenteraad. De drie belangrijkste thema’s en de bijbehorende ambities zijn: • Verkeersveiligheid (daling in verkeersongevallen). • Actieve mobiliteit (inwoners stimuleren vaker lopend of fietsend te gaan). • Bereikbaarheid (bereikbaarheid van huidige en toekomstige woonwijken en bedrijventerreinen). In de Mobiliteitsvisie wordt duidelijk op welke manier de gemeente de ambities waar gaat maken en wat daarvoor nodig is tot 2040. De belangrijkste onderzoeken en aanpassingen voor de eerste vier jaar (2026-2029) komen in een uitvoeringsagenda te staan. De gemeente probeert door middel van de STOMP-benadering (Stappen, Trappen, OV, MaaS, Privévoertuig) een verandering in het mobiliteitsgebruik binnen de gemeente te bewerkstelligen. Voor een betere en veiligere woonomgeving, is het belangrijk om naar mogelijkheden voor fietsers en voetgangers te kijken. Geïnterviewden geven aan dat vergrijzing als thema en de gevolgen voor de gemeente soms sterker naar voren mogen komen in beleid en visie, zodat de raad hier beter op kan sturen.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Westervoort&id=cd21b196-7ec5-433d-9a2c-4b3530b0c939