20250414-rv-herijken-subsidiebeleid-bijlage-3-subsidieverordening
Tekst van het document
Uiteraard mogen van de aanvrager alleen die gegevens verlangd worden die noodzakelijk zijn voor het beoordelen van de verantwoording; dit volgt uit de AVG. Artikel 21 Verantwoording subsidies van meer dan € 50.000 Bij subsidies vanaf € 50.000 wordt uitgegaan van de traditionele afrekening van subsidies; op basis van gerealiseerde kosten en baten. De vaststelling van de subsidie vindt plaats op basis van uitgevoerde activiteiten en gerealiseerde kosten. Het derde lid biedt de basis om in een subsidieregeling te bepalen dat er ook andere, waaronder meer of minder, gegevens gevraagd worden. Uiteraard mogen van de aanvrager alleen die gegevens verlangd worden die noodzakelijk zijn voor het beoordelen van de verantwoording; dit volgt uit de AVG. Artikel 22 Vaststelling subsidies van meer dan € 10.000 Het eerste lid bevat – overeenkomstig artikel 4:13 van de Awb – de termijn waarbinnen de beschikking gegeven dient te worden; wel bestaat de mogelijkheid tot verdagen (tweede lid). Het merendeel van de aanvragen zal binnen deze beslistermijn kunnen worden afgehandeld. Meer ingewikkelde aanvragen vergen soms meer tijd. De verdaging van de beslistermijn – voor de duur van ten hoogste de in het
tweede lid nader bepaalde termijn – biedt dan uitkomst. Een besluit tot verdaging op grond van het tweede lid is appellabel (dit in tegenstelling tot een mededeling op grond van artikel 4:14 van de Awb dat de – eventueel verdaagde – termijn niet gehaald wordt). Uiteraard mogen van de aanvrager alleen die gegevens verlangd worden die noodzakelijk zijn voor het beoordelen van de verantwoording; dit volgt uit de AVG. Artikel 23 Te laat ingediende verantwoording Als de subsidieontvanger verwacht de verantwoording niet tijdig of nog niet compleet aan te kunnen leveren, kan uitstel worden gevraagd. Na verlening van uitstel krijgt de subsidieontvanger de kans om de verantwoording in te dienen dan wel aan te vullen. Wordt er geen uitstel gevraagd en wordt de verantwoording te laat ingeleverd of niet aangevuld, dan kan de gemeente de subsidieontvanger een korting opleggen van 20% van het subsidiebedrag. Wordt de verantwoording in zijn geheel niet aangeleverd of aangevuld, dan kan de gemeente de subsidie op € 0 vaststellen. In beide gevallen (een korting of op € 0 vaststellen) wordt vervolgens overgegaan tot terugvordering.
Hoofdstuk 8 Overige bepalingen Artikel 24 Indexering Dit betreft de toepassing van de indexering. Artikel 25 Reserves en vermogensvorming Dit artikel behoeft geen toelichting Artikel 26 Hardheidsclausule Deze hardheidsclausule is opgenomen omdat in uitzonderlijke gevallen vasthouden aan een termijn in de ASV of de toepasselijke subsidieregeling wegens bijzondere omstandigheden onevenredig kan zijn tot de daarmee te dienen belangen. Op grond van het eerste lid kan het college van B&W dan een andere termijn vaststellen. Op grond van het tweede lid kan het college van B&W bovendien in een subsidieregeling een hardheidsclausule opnemen die ziet op nader in die subsidieregeling aangegeven bepalingen. Een te treffen voorziening, die niet in de verordening of subsidieregeling is voorzien, dient altijd binnen de doelstellingen van de subsidie te passen.
Hoofdstuk 9 Overgangs- en Slotbepalingen Artikel 27 en 28 Omdat er veel verouderde regelingen zijn en de subsidieregelingen gefaseerd worden herijkt, kan er sprake zijn van een overgangsperiode of van tegenstrijdigheid. Deze artikelen bepalen welke regelingen op welk moment van toepassing zijn. Artikel 29 en 30 Deze artikelen behoeven geen toelichting.