20240408-sdl-bijlage-2-was-wordt-tabel
Tekst van het document
Huidig info
Nieuw artikel lid
sub Huidige tekst
Hoofdstuk 1: Algemene bepalingen Begripsomschrijvingen
info
artikel lid
sub Nieuwe tekst
Toelichting
Hoofdstuk 1: Algemene bepalingen 1.
In deze gemeenschappelijke regeling wordt verstaan onder:
Begripsomschrijvingen
1.
In deze gemeenschappelijke regeling wordt verstaan onder:
a.
de regeling: de gemeenschappelijke regeling Samenwerking De Liemers;
a.
b.
Samenwerking De Liemers: het openbaar lichaam als bedoeld in artikel 2, eerste lid van de regeling;
b.
c.
taakveld: het werkterrein met de kerntaken van de in artikel 4 van de regeling genoemde onderscheidenlijke diensten;
c.
d.
gemeente: de bij de regeling aangesloten gemeente;
d.
e.
gedeputeerde staten: het college van gedeputeerde staten van de provincie Gelderland;
e.
gemeente: gemeenten Duiven, Westervoort en Zevenaar;
f.
de Wet: de Wet gemeenschappelijke regelingen;
f.
regeling: de Gemeenschappelijke Regeling Samenwerking De Liemers;
g.
colleges: de colleges van burgemeester en wethouders van de bij de regeling aangesloten gemeenten;
g.
RID: Regionaal ICT en Inkoop Dienstencentrum
h.
RSD: de regionale sociale dienst;
h.
RSD: de Regionale Sociale Dienst de Liemers;
i.
RID: de regionale ICT (informatie- en communicatietechnologie) dienst;
i.
SDL: Samenwerking De Liemers: het openbaar lichaam als bedoeld in artikel 2, eerste lid van de regeling
j.
Inkoopsamenwerking: uitvoering van de inkoopprocessen van de gemeenten gezamenlijk, in
j.
Wet: de Wet gemeenschappelijke regelingen;
In de begrippenlijst is de definitie van gemeente aangepast, waarbij gekozen is om de drie gemeenten voluit te schrijven. Daarnaast is sub i, de definitie van taakveld, weggelaten. Reden hiervoor is wijziging van artikel 4 en 5 van de regeling, waardoor het niet meer relevant is als definitie.
actualisatie van de begroting: hiervan is sprake als het Algemeen Bestuur de begroting van het openbaar lichaam wijzigt zonder gevolgen voor de bijdrage per deelnemer. Er mag wel sprake zijn van aanpassingen in de programma’s of andere aanpassingen mits er geen sprake is van nieuwe uitgangspunten die nog niet eerder onder de Tot slot hebben slechts enkele aandacht zijn gebracht van de raden tekstuele aanpassingen colleges: de colleges van burgemeester en wethouders van de aan de regeling deelnemende plaatsgevonden en zijn de begrippen op alfabetische volgorde geordend. gemeenten;
Definities actualisatie van de begroting en wijziging van de begroting opgenomen in verband met de nieuwe wet gemeenschappelijke regelingen. Actualisatie kan door het gedeputeerde staten: het college van AB en wijziging volgt de procedure van Gedeputeerde Staten van de provincie Gelderland; de begroting dienst; het verlenen van arbeid voor de deelnemende gemeenten
wisselende samenstelling of individueel.
Openbaar lichaam
Hoofdstuk 2: Belang en doelstelling, taken en bevoegdheden
2.
1.
Er is een openbaar lichaam als bedoeld in artikel 8, eerste lid van de wet, genaamd Samenwerking De Liemers.
2.
3.
Openbaar lichaam
Werkorganisatie: de ambtelijke organisatie van RID en RSD samen;
l.
wijziging van de begroting: er is sprake van een wijziging van de begroting op het moment dat het Algemeen Bestuur wijzigingen doorvoert waardoor de bijdrage van de deelnemers wijzigt. Het moet gaan om items die niet eerder aan de orde zijn geweest in de begroting en om die reden ook nog niet onder de aandacht zijn gebracht bij de raden.
1.
Er is een openbaar lichaam als bedoeld in artikel 8, eerste lid van de wet, genaamd Samenwerking De Liemers.
Het openbaar lichaam heeft rechtspersoonlijkheid en is gevestigd in de daartoe door het Algemeen bestuur aangewezen gemeente.
2.
Het openbaar lichaam en is gevestigd te Duiven.
Op grond van artikel 10, lid 3 van de Wet gemeenschappelijke regelingen dient de regeling voor te schrijven waar het openbaar lichaam gevestigd is. Conform de wet is het tweede lid aangepast en de vestigingsplaats Duiven toegevoegd. Daarnaast is de rechtspersoonlijkheid al bij wet geregeld.
Het gebied waarvoor deze regeling geldt omvat het grondgebied van de bij de regeling aangesloten gemeenten.
3.
Het werkgebied van Samenwerking De Liemers omvat het grondgebied van de gemeenten.
Het derde lid is slechts tekstueel aangepast.
Hoofdstuk 2: Belang en doelstelling, taken en bevoegdheden
2.
k.
Belang en doelstelling
3.
Het doel van de Samenwerking De Liemers is het, met behoud van de bestuurlijke zelfstandigheid, vergroten van de gemeentelijke slagkracht door bundeling van ambtelijke expertise op strategisch, tactisch en operationeel niveau met als resultaat verhoogde kwaliteit, continuïteit en efficiëntie.
Belang en doelstelling
3.
1.
Het doel van de regeling is het, met behoud van de bestuurlijke zelfstandigheid, vergroten van de gemeentelijke slagkracht door bundeling van ambtelijke expertise op strategisch, tactisch en operationeel niveau met als resultaat verhoogde kwaliteit, continuïteit en efficiëntie op de in de regeling genoemd werkterreinen.
In het artikel wordt er verwezen naar het doel van Samenwerking De Liemers, maar dit dient het doel van de regeling te zijn. Lid 1 is hierop aangepast.
2.
Het belang van de samenwerking is beleidsvoorbereiding en uitvoering op het gebied van werk en sociale zekerheid en ICT
Conform artikel 10, lid 1 van de Wet gemeenschappelijke regelingen moet het belang van de regeling in de regeling zijn opgenomen. Om die reden is er een tweede lid aan het artikel toegevoegd. Inkoopsamenwerking is geen onderdeel meer van de gemeenschappelijke regeling, omdat niet alle gemeenten deze dienst afnemen. Deze dienst zal door middel van een dienstverleningsovereenkomst worden aangeboden aan de gemeenten die dat willen.
Taken en bevoegdheden
4.
1.
Ten behoeve van de in artikel 3 genoemde doelstelling verricht de Samenwerking De Liemers voor de gemeenten beleidsvoorbereidende en uitvoerende taken met betrekking tot de volgende taakvelden:
Taken en bevoegdheden
4
1
Het bestuur van Samenwerking De Liemers heeft als taak zorg te dragen voor de voorbereiding en uitvoering van beleid op het gebied van werk en sociale zekerheid, ICT en inkoop. Ter verwezenlijking hiervan kent Samenwerking De Liemers drie diensten:
a.
RSD;
a.
RSD;
b.
RID;
b.
RID;
c.
Inkoopsamenwerking;
d.
uitoefening van overige door de gemeenten overgedragen taken aan Samenwerking De Liemers.
2.
Samenwerking De Liemers zal de uitvoering van de diensten zoveel als mogelijk verrichten met andere instanties die (mede) belast zijn met de uitvoering van de wet- en regelgeving op het terrein van sociale zekerheid, maatschappelijke zorg en gesubsidieerde arbeid.
Artikel 4 is in de nieuwe versie grotendeels gewijzigd. De mandaat en delegatiebepalingen zijn uit de gemeenschappelijke regeling gehaald. Op die manier kan een mandaatbesluit gemakkelijker gewijzigd en aangepast worden, mocht dat nodig zijn. De bezwaren procedure om een gemeenschappelijke regeling te wijzigen geldt niet voor een mandaatbesluit. Er zullen daarom met de vaststelling van deze nieuwe regeling nieuwe mandaatbesluiten worden vastgesteld door de deelnemers.
2.
De colleges delegeren c.q. mandateren de bevoegdheden van regeling van de organisatie, bestuur en de bevoegdheid te besluiten tot privaatrechtelijke rechtshandelingen met betrekking tot de in artikel 4, lid 1 genoemde taken en taakvelden, nader uitgewerkt in bij deze regeling behorende delegatiebesluiten en mandatenregeling, aan de bestuursorganen van de Samenwerking De Liemers.
3.
De Samenwerking De Liemers draagt zorg en is verantwoordelijk voor de beleidsvoorbereiding van de taken bedoeld onder het eerste en tweede lid en doet daartoe voorstellen aan de colleges of als de gemeenteraden de beslissingsbevoegdheid hebben, via de colleges aan de gemeenteraden.
4.
De gemeenten verelenen hun medewerking aan de uitvoering van besluiten die de Samenwerking De Liemers neemt in verband met de uitoefening van de aan de Samenwerking De Liemers toegekende bevoegdheden.
5.
De Samenwerking De Liemers is voorts belast met de uitvoering van algemene maatregelen van bestuur, uitvoeringsregelingen en andere gemeentelijke taken en bevoegdheden op het gebied van voornoemde diensten, met de afhandeling van klachten en het voeren van verweer in bezwaar- en beroepsprocedures betrekking hebbend op regelingen op het gebied van de onder artikel 4, lid 1 genoemde taakvelden.
6.
De gemeente waar geadresseerde van een besluit, waartegen bezwaar wordt gemaakt, woonachtig is, behandelt het bezwaarschrift.
.
.
Beschrijving van de taakvelden
5.
1.
De kerntaken van de RSD luiden als volgt: de beleidsvoorbereiding en uitvoering op het terrein van: a.
de Wet werk en bijstand (Wwb), Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte werknemers (Iaow), Wet inkomensvoorziening ouderen en gedeeltelijke arbeidsongeschikte gewezen zelfstandigen (Ioaz), de Wet investeren in jongeren (Wij), de Wet sociale werkvoorziening (Wsw);
b.
andere wetten, besluiten en regelingen op het gebied van werk en inkomen, zoals het arbeidsmarktbeleid/werkgelegenheid, inkoop en re-integratie, het Bijstandbesluit Zelfstandigen (Bbz) en de uitvoering van de Wet Kinderopvang.
c.
De RSD is voorts belast met de uitvoering van de algemene maatregelen van bestuur, uitvoeringsregelingen vastgesteld op basis van de regelgeving zoals genoemd in de onderdelen a. en b. en andere gemeentelijke taken en bevoegdheden op het gebied van bovengenoemde taken, zoals sociale recherche.
d.
De taken zullen zoveel mogelijk worden uitgevoerd in samenwerking met organisaties en instanties die met de uitvoering van de sociale zekerheidswetten zijn belast.
2.
De kerntaken voor de RID luiden als volgt: a.
beleidsvoorbereiding en -uitvoering met betrekking tot beheer van centrale ICT-faciliteiten en netwerk, de werkplekken bij de gemeenten en RSD, en overige apparatuur,
Beschrijving van de taakvelden
5.
1.
Dit artikel is in de aangepaste GR komen te vervallen en samengevoegd met artikel 4 (zie voorgaand).
Voor de duidelijkheid en om herhaling te voorkomen zijn de oude artikelen 4 en 5 samengevoegd.
gegevensbeheer, geografische informatiesystemen;
b.
verzorgen van centrale inkoop van computerapparatuur en programmatuur die de gemeenten in gebruik hebben;
c.
applicatiebeheer op generieke applicaties;
d.
informatiemanagement;
e.
voeren van een servicedesk en storingsdienst.
3.
Overige dienstverlening
6.
1.
De kerntaken voor de inkoopsamenwerking zijn als volgt: a.
Leveren van professionale advisering ten aanzien van inkoop en aanbesteding;
b.
Implementeren van inkoopprocessen in de gemeenten
c.
Ontwikkelen van (gezamenlijk) inkoopbeleid;
d.
Begeleiden van inkooptrajecten voor één of voor de gezamenlijke gemeenten.
De Samenwerking De Liemers is bevoegd tot het verrichten van diensten met betrekking tot taakvelden uit deze regeling voor een of meer gemeenten, en voor gemeenten buiten het in artikel 2 lid 3 genoemde grondgebied en/of andere organisaties, indien deze daarom verzoeken en het Algemeen bestuur dit verzoek inwilligt.
Overige dienstverlening
5.
1.
De Samenwerking De Liemers is bevoegd tot het verrichten van diensten met betrekking tot taken en bevoegdheden als bedoeld in artikel 4, voor een of meer gemeenten, en voor gemeenten buiten het in artikel 2 lid 3 genoemde grondgebied of voor andere organisaties, indien deze daarom verzoeken en het Algemeen bestuur dit verzoek inwilligt.
2.
Archief
7.
De dienstverlening geschiedt in principe op basis van overeenkomst tussen de dienst en de gemeente of gemeenten, dan wel organisatie(s) die het aangaat. In deze overeenkomst wordt neergelegd welke prestaties de dienst zal leveren, de kosten die bij de gemeente, dan wel de organisatie in rekening worden gebracht en de voorwaarden waaronder tot de dienstverlening wordt overgegaan.
1.
Het Dagelijks bestuur draagt de zorg voor de archiefbescheiden van de organen van de regeling.
2.
Het Algemeen bestuur stelt regels vast betreffende de wijze waarop de in het eerste lid bedoelde zorg wordt uitgevoerd. Deze regels worden aan gedeputeerde staten meegedeeld.
3.
6.
Voor de dienstverlening worden overeenkomsten afgesloten In lid 2 wordt in het oude artikel met de Samenwerking de Liemers gesproken over ‘de dienst’. Dit is niet en de partijen die het aangaat. in artikel 1 (begripsomgschrijvingen) gedefinieerd, om die reden is dit gewijzigd naar Samenwerking de Liemers (het openbaar lichaam).
3.
De dienstverlening als bedoeld in dit artikel mag nimmer meer dan het in artikel 2.24b, eerste lid aanhef en onder b, van de Aanbestedingswet 2012 genoemde percentage bedragen en overigens ook te voldoen aan wet- en regelgeving.
In het derde lid is geëxpliciteerd dat de Samenwerking tenminste 80% van zijn werkzaamheden moet verrichten voor deelnemers en dus maximaal 20% voor derden mag werken. Anders kunnen de deelnemende gemeenten niet meer aanbestedingsvrij afnemen van de Samenwerking.
1.
Het Dagelijks bestuur draagt zorg voor de archiefbescheiden van Samenwerking De Liemers.
2.
Het Algemeen bestuur stelt regels vast betreffende de wijze waarop de in het eerste lid bedoelde zorg wordt uitgevoerd. Deze regels worden aan gedeputeerde staten meegedeeld. Hoofdstuk V van de Archiefwet 1995 is van overeenkomstige toepassing, voor zover daarvan niet bij wet of deze regeling is afgeweken.
In lid 1 is het openbaar lichaam (Samenwerking De Liemers) toegevoegd in plaats van de organen van de regeling. Vervolgens is aan lid 2 hoofdstuk V van de Archiefwet 1995 toegevoegd. Tot slot is het derde lid van het oude artikel al in de wet geregeld. Dit kan niet in de regeling geregeld worden. Om die reden is het derde lid komen te vervallen. Overigens is gedeputeerde staten geen partij bij de regeling.
Gedeputeerde staten oefenen toezicht uit op de in het eerste lid bedoelde zorg.
Hoofdstuk 3: Bestuursorganen Bestuursorganen
Archief
2.
Hoofdstuk 3: Bestuursorganen 8.
1.
De regeling kent de volgende bestuursorganen:
Bestuursorganen
7.
1.
Het bestuur van Samenwerking De Liemers bestaat uit:
Geen inhoudelijke wijzigingen, slechts tekstuele aanpassing.
Inrichting en samenstelling Algemeen bestuur
Werkwijze, besluitvorming
9.
10.
a.
het Algemeen bestuur;
a.
het Algemeen bestuur;
b.
het Dagelijks bestuur;
b.
het Dagelijks bestuur;
c.
de voorzitter.
c.
de voorzitter.
1.
Het Algemeen bestuur bestaat uit de leden van de colleges van de gemeenten, waaronder de voorzitter.
2.
1.
Het Algemeen bestuur bestaat uit de leden van de colleges van de gemeenten.
Het lidmaatschap van het Algemeen bestuur eindigt op het tijdstip waarop de zittingsperiode van het college afloopt.
2.
Het lidmaatschap van het Algemeen bestuur eindigt op het tijdstip waarop de zittingsperiode van het college afloopt.
3.
Het lidmaatschap eindigt tevens bij beëindiging van het lidmaatschap van het college waaruit het lid is aangewezen.
3.
Het lidmaatschap eindigt tevens bij beëindiging van het lidmaatschap van het college waaruit het lid is aangewezen.
4.
Bij het bestaan van één of meer vacatures blijven de resterende bestuursleden bevoegd besluiten te nemen.
4.
Bij het bestaan van één of meer vacatures blijven de resterende bestuursleden van het Algemeen bestuur bevoegd besluiten te nemen.
5.
De leden van het Algemeen bestuur kunnen te allen tijde ontslag nemen.
6.
Bij ontslag van een lid van het Algemeen Bestuur, voorziet het betreffende college zo spoedig mogelijk in de aanwijzing van een nieuw lid van het Algemeen bestuur.
1.
Het Algemeen bestuur vergadert jaarlijks minimaal twee keer en zo vaak als de voorzitter dit nodig acht of ten minste twee leden van het Algemeen bestuur zulks schriftelijk onder opgave van de te behandelen onderwerpen, verzoeken. In het laatste geval vindt de vergadering binnen twee weken plaats.
1.
Het Algemeen bestuur vergadert zo vaak als hij daartoe heeft besloten, doch jaarlijks minimaal twee maal en verder zo dikwijls als de voorzitter dit nodig acht of ten minste twee leden van het Algemeen bestuur zulks schriftelijk onder opgave van de te behandelen onderwerpen, verzoeken. In het laatste geval vindt de vergadering binnen twee weken plaats.
Inrichting en samenstelling Algemeen bestuur
Werkwijze, besluitvorming
8.
9.
Het eerste lid bepaalt dat elk college voltallig deelneemt aan het Algemeen bestuur. De laatste zinsdeel is overbodig en om die reden weggelaten.
Het artikel mist bepalingen over ontslag en de wijze van aftreden. Om die reden zijn lid 5, 6 en 7 toegevoegd.
Geen inhoudelijke opmerkingen, slechts tekstuele wijzigingen.
Tot slot is het vijfde lid overbodig. Immers, de wet is altijd van toepassing.
Positie en bevoegdheden Algemeen bestuur
11.
2.
In het Algemeen bestuur heeft elke gemeente één stem.
2.
In het Algemeen bestuur heeft elk lid van het algemeen bestuur één stem.
3.
Besluiten worden genomen met gewone meerderheid van stemmen, tenzij anders in de regeling is bepaald. Als de stemmen staken, geeft de stem van de voorzitter de doorslag.
3.
De colleges van burgemeester en wethouders wijzen alle leden uit hun midden aan tot lid van het algemeen bestuur.
4.
Het Algemeen bestuur stelt voor zijn vergaderingen en andere werkzaamheden een reglement van orde vast.
4.
Besluiten worden genomen op basis van consensus. Indien er geen consensus is dan worden besluiten van het algemeen bestuur genomen bij meerderheid van stemmen, waarbij voor de leden van het algemeen bestuur een stemverhouding geldt van 2 stemmen voor de leden uit de gemeente Zevenaar en 1 stem voor de leden uit de gemeenten Duiven en Westervoort.
5.
De bepalingen uit de wet omtrent de werkwijze van het Algemeen bestuur zijn van overeenkomstige toepassing.
5.
Besluiten worden genomen met gewone meerderheid van stemmen, tenzij anders in de regeling is bepaald, overeenkomstig de artikelen 28 tot en met 33 van de Gemeentewet.
6.
Het Algemeen bestuur kan voor zijn voor zijn vergaderingen en andere werkzaamheden een reglement van orde vaststellen.
1.
Het Algemeen bestuur staat aan het hoofd van Samenwerking De Liemers.
1.
Het Algemeen bestuur staat aan het hoofd van het openbaar lichaam.
Positie en bevoegdheden Algemeen bestuur
10.
Elk lid van het Algemeen bestuur heeft stemrecht, niet de gemeente. Het tweede lid is hierop aangepast. Dit betekent dat als elke college voltallig deelneemt, alle leden stemrecht hebben.
Conform artikel 22 van de Wet gemeenschappelijke regelingen zijn de artikelen 28 tot en met 33 van de Gemeentewet van toepassing. Deze artikelen regelen hoe besluitvorming tot stand komt. Dit is wettelijk voorgeschreven, waarvan je in de regeling niet kan afwijken. Conform artikel 32, lid 4 van de Gemeentewet wordt bij staking van stemmen het nemen van een beslissing uitgesteld tot een volgende vergadering, waarin het besluit nogmaals wordt genomen. Indien de stemmen dan alsnog staken, is het voorstel niet aangenomen (artikel 32, lid 5 van de Gemeentewet). Het is dus niet toegestaan dat bij staking van de stemmen de stem van de voorzitter doorslaggevend is. Het artikel is hierop aangepast.
2.
Aan het Algemeen bestuur komen met betrekking tot de in deze regeling omschreven taken de ingevolge artikel 4, lid 2 door de colleges aan de Samenwerking De Liemers overgedragen en opgedragen bevoegdheden toe, indien en voor zover deze in de regeling niet zijn opgedragen aan het Dagelijks bestuur of aan de voorzitter.
2.
3.
De verdeling van de taken en bevoegdheden tussen Algemeen bestuur, het Dagelijks bestuur, de voorzitter en het toezicht daarop is analoog aan die welke de Gemeentewet aangeeft voor de raad, het college van burgemeester en wethouders en burgemeester voor zover daarvan in de regeling niet wordt afgeweken.
a
het aanwijzen en zo nodig ontslaan van de leden van het Dagelijks bestuur;
4.
Het Algemeen bestuur delegeert aan het Dagelijks bestuur de bevoegdheid om in voorkomende gevallen bezwaar en beroep aan te tekenen tegen besluiten van bestuursorgvan het Algemeen bestuur.
b.
het aanwijzen en zo nodig ontslaan van de voorzitters en plaatsvervangend voorzitters van het Algemeen bestuur en het Dagelijks bestuur
5.
Tot de taken en bevoegdheden als bedoeld in het eerste lid, behoren in ieder geval:
c.
het instellen van commissies als bedoeld in de artikelen 24 en 25 van de wet;
a.
het aanwijzen en zo nodig ontslaan van de leden van het Dagelijks bestuur;
d.
het vaststellen van de begroting;
b.
het instellen van commissies als bedoeld in de artikelen 24 en 25 van de wet;
e.
het vaststellen van de jaarrekening; en
c.
het vaststellen van de begroting;
f.
het vaststellen van bestuursrapportages.
3.
Tot de taken en bevoegdheden van het Algemeen Uit de regeling volgt dat er geen bestuur, als bedoeld in het eerste lid, behoren in bevoegdheden zijn overgedragen of ieder geval: gemandateerd (zie toelichting bij artikel 4). In het tweede lid wordt deze suggestie wel gewekt. Indien de bevoegdheden concreter zijn, dient ook het tweede lig aangepast te worden.
Het Algemeen bestuur kan besluiten tot de oprichting van en de deelneming in stichtingen, maatschappen, vennootschappen, verenigingen, coöperaties en onderlinge waarborgmaatschappijen, onverminderd het bepaalde in artikel 31a van de wet.
Het derde lid is gebaseerd op het oude artikel 33 van de Wet gemeenschappelijke regelingen. Deze bepaling is met wijziging van de wet in 2015 komen te vervallen. Conform artikel 33a van de Wet gemeenschappelijke regelingen kan het algemeen bestuur delegeren, maar dat moeten ze zelf doen. Het is niet mogelijk om dit in via de regeling te regelen. Om die reden is lid 4 inhoudelijk niet toegestaan.
Lid 3 is toegevoegd aan het artikel. Het algemeen bestuur is bevoegd tot het oprichten van of deelnemen in privaatrechtelijke rechtsvormen. Tot 1 januari 2015 was het algemeen bestuur hiertoe reeds bevoegd, omdat de gemeenschappelijke regeling deze
d.
het vaststellen van de jaarrekening;
4.
Besluiten van het Algemeen Bestuur worden voor zienswijze aan de raden van de gemeenten voorgelegd als het Algemeen Bestuur dit nodig acht, tenzij wet of regeling anders voorschrijft.
mogelijkheid niet uitsloot. Per 1 januari 2015 is de systematiek van de Wet gemeenschappelijke regelingen gewijzigd. Voortaan bestaat de bevoegdheid alleen wanneer de gemeenschappelijke regeling expliciet in de mogelijkheid voorziet (art. 31a Wgr). Om die reden wordt de mogelijkheid hier open gehouden. Indien het algemeen bestuur tot oprichting of deelneming wenst over te gaan, moet wel eerst een zienswijzenprocedure bij de gemeenteraden worden gevolgd (art. 31a Wgr). In verband met de meest recente wijziging van de wet is ervoor gekozen om het AB de bevoegdheid te geven om al dan niet te besluiten tot het vragen van zienswijzen aan de raden. Het vragen van zienswijzen geldt standaard voor de begroting, wijziging daarvan, de wijziging of aanpassing van de gemeenschappelijke regeling, bij uittreding en/of bij toetreding.
e.
het vaststellen van bestuursrapportages.
5.
Ingezetenen van de deelnemende gemeenten en belanghebbenden worden bij de voorbereiding, uitvoering en evaluatie van beleid betrokken op een voor de deelnemende gemeenten of diensten gebruikelijke wijze. In dat geval is afdeling 3.4. van de Algemene wet bestuursrecht, niet meer van toepassing op de participatie. Het Algemeen Bestuur kan bovendien een andere procedure voor participatie voorschijven.
6.
Het Algemeen Bestuur kan bevoegdheden overdragen aan het Dagelijks Bestuur met uitzondering van de bevoegdheden tot het vaststellen van de begroting en wijziging en actualisatie daarvan, de vaststelling van de jaarrekening en het besluit tot oprichting van en deelneming in rechtspersonen.
7.
Het Algemeen Bestuur kan instructies geven voor de werkwijze van het Dagelijks Bestuur.
8.
Het Algemeen Bestuur beslist over alle andere aangelegenheden waarvoor de bevoegdheid niet op grond van de Wet of deze regeling aan het
Er is voor gekozen om de participatie te laten aansluiten op de regelingen bij de gemeenten zelf. Het AB kan echter ook een andere procedure voorschrijven. Dit om te voorkomen dat er een lange procedure moet worden gevolgd, terwijl dat niet nodig is.
Dagelijks Bestuur of aan de voorzitter toekomt.
Hoofdstuk 4: Het Dagelijks bestuur Samenstelling
Hoofdstuk 4: Het Dagelijks bestuur 12.
1.
Het Dagelijks bestuur bestaat in totaal uit vier leden, waarvan één de voorzitter is.
2.
Samenstelling
11.
1.
Het Dagelijks bestuur bestaat uit drie leden, waarvan één de voorzitter is.
De leden van het Algemeen bestuur wijzen uit hun midden één lid uit elke gemeente aan om zitting te nemen in het Dagelijks bestuur, bij voorkeur de burgemeesters van de gemeenten. Het Algemeen bestuur wijst ook plaatsvervangend leden van het Dagelijks bestuur aan.
2.
De voorzitter wordt aangewezen door het Algemeen bestuur zoals genoemd in artikel 14.
3.
Bij afwezigheid kan een lid van het Dagelijks bestuur worden vervangen door zijn plaatsvervanger.
3.
De leden van het Algemeen bestuur wijzen uit hun midden de drie leden aan om zitting te nemen in het Dagelijks bestuur.
4.
De leden treden af op de dag van aftreden van de leden van het Algemeen bestuur.
4.
De leden treden af op de dag dat leden van het Algemeen bestuur aftreden.
5.
De aanwijzing van leden van het dagelijks bestuur ter invulling van plaatsen die door ontslag, overlijden of om een andere reden openvallen, vindt plaats binnen acht weken na dat openvallen.
5.
De aanwijzing van leden van het Dagelijks bestuur ter invulling van plaatsen die door ontslag, overlijden of om een andere reden openvallen, vindt plaats binnen acht weken na dat openvallen.
6.
Degene, die ophoudt lid van het algemeen bestuur te zijn, houdt tevens op lid van het dagelijks bestuur te zijn.
6.
Degene, die ophoudt lid van het Algemeen bestuur te zijn, houdt tevens op lid van het Dagelijks bestuur te zijn.
7.
Het lidmaatschap eindigt tevens bij beëindiging van het lidmaatschap van het college waaruit het lid is aangewezen.
7.
Bij het bestaan van één of meer vacatures blijven de resterende bestuursleden bevoegd besluiten te nemen.
Het dagelijks bestuur zit er niet namens de gemeente, maar is een collegiaal bestuursorgaan. Uit de Tekst en Commentaar, bij artikel 14 van de Wet gemeenschappelijke regelingen, volgt dat er geen plaatsvervangers benoemd kunnen worden voor de leden van het dagelijks bestuur. Bij vervangen met een incidenteel of tijdelijk karakter kan worden volstaan met een interne vervangingsregeling binnen het dagelijks bestuur, zoals dit op gemeentelijk niveau bij het college ook gebeurt (Kamerstukken II 1998/89, 21176, 3, p. 10). Bij langdurige ontstentenis kan een adinterimbestuurder worden aangewezen op een opvolger (Kamerstukken II 1989/90, 21167, 6, p.10). Om die reden zijn de laatste zinsnedes van lid 2 en ook lid 3 niet toegestaan en zijn de komen te vervallen.
Het voormalig lid 7 is overbodig. Het lidmaatschap van het college is gekoppeld aan het lidmaatschap aan het algemeen- en dagelijks bestuur. Houdt men op lid te zijn van het college, dan eindigt ook automatisch het lidmaatschap aan het algemeenen dagelijks bestuur. Tot slot is lid 9 niet mogelijk. Als iemand geen lid meer is van het
algemeen bestuur, betekent dit ook automatisch dat die persoon geen lid meer is van dagelijks bestuur.
Werkwijze, besluitvorming
13
8.
Bij het bestaan van één of meer vacatures blijven de resterende bestuursleden bevoegd besluiten te nemen.
9.
De leden van het Dagelijks bestuur blijven na het verstrijken van de in het vierde lid bedoelde termijn hun functie waarnemen tot het tijdstip waarop de nieuwe leden zijn aangewezen.
1.
Het Dagelijks bestuur vergadert zo dikwijls als de voorzitter of een ander lid van het Dagelijks bestuur dit nodig acht zulks onder opgave van de te behandelen onderwerpen. De vergadering vindt plaats binnen twee weken nadat het verzoek is ingekomen.
2.
Werkwijze, besluitvorming
12.
1.
Het Dagelijks bestuur vergadert als de voorzitter of een ander lid van het Dagelijks bestuur dit nodig acht zulks onder opgave van de te behandelen onderwerpen. De vergadering vindt plaats binnen twee weken nadat het verzoek is ingekomen.
In de eerste vergadering van elke zittingsperiode regelen de leden van het Dagelijks bestuur onderling de werkzaamheden. De taakverdeling wordt medegedeeld aan het Algemeen bestuur en aan de gemeenten.
2.
In de eerste vergadering van elke zittingsperiode regelen de leden van het Dagelijks bestuur onderling de werkzaamheden. De taakverdeling wordt medegedeeld aan het Algemeen bestuur en aan de gemeenten.
3.
Elk lid van het Dagelijks bestuur heeft in de vergadering één stem.
3.
Elk lid van het Dagelijks bestuur heeft in de vergadering één stem.
4.
Besluiten worden genomen met gewone meerderheid van stemmen, tenzij anders in de regeling is bepaald. Als de stemmen staken, geeft de stem van de voorzitter de doorslag.
4.
Besluiten worden genomen met gewone meerderheid van stemmen, tenzij anders in de regeling is bepaald. Als de stemmen staken, geeft de stem van de voorzitter de doorslag.
5.
Het Dagelijks bestuur kan een reglement van orde voor zijn vergaderingen vaststellen. Wanneer zo'n reglement wordt vastgesteld, wordt dit ter kennisneming aan het Algemeen bestuur overgelegd.
5.
Het Dagelijks bestuur kan een reglement van orde voor zijn vergaderingen vaststellen. Wanneer zo'n reglement wordt vastgesteld, wordt dit ter kennisneming aan het Algemeen bestuur overgelegd.
Geen wijzigingen.
Taken en bevoegdheden
14
6.
De bepalingen uit de wet omtrent de werkwijze van het Dagelijks bestuur zijn van overeenkomstige toepassing.
1.
De taken en bevoegdheden van het Dagelijks bestuur zijn:
2.
13.
De bepalingen uit de wet omtrent de werkwijze van het Dagelijks bestuur zijn van overeenkomstige toepassing.
1.
De taken en bevoegdheden van het Dagelijks bestuur zijn:
a.
het voorbereiden van al hetgeen aan het Algemeen bestuur ter overweging en ter beslissing moet worden voorgelegd;
a.
het Dagelijks bestuur van Samenwerking De Liemers te voeren, voor zover niet bij of krachtens de wet of de regeling het Algemeen bestuur hiermee is belast;
b.
het uitvoeren van de besluiten van het Algemeen bestuur;
b
beslissingen van het Algemeen bestuur voor te bereiden en uit te voeren;
c.
het uitoefenen van de bevoegdheden van het bestuur met betrekking tot de in artikel 4 en 5 van deze regeling opgenomen taken;
c.
regels vast te stellen over de ambtelijke organisatie van Samenwerking De Liemers;
d.
het behartigen van de belangen van de in artikel 4 bedoelde diensten/uitvoeringsorganisaties met betrekking tot andere overheden, instellingen, bedrijven, of personen,
d.
tot privaatrechtelijke rechtshandelingen van Samenwerking De Liemers besluiten, met uitzondering van privaatrechtelijke rechtshandelingen, bedoeld in artikel 10 lid 3 van deze regeling; en
e.
het houden van toezicht op het faciliteren en het functioneren van de in artikel 4 genoemde diensten.
e.
te besluiten namens Samenwerking De Liemers, het Dagelijks bestuur of het Algemeen bestuur rechtsgedingen, bezwaarprocedures, administratief beroepsprocedures te voeren of handelingen ter voorbereiding daarop te verrichten, tenzij het Algemeen bestuur, voor zover dat het Algemeen bestuur aangaat, in voorkomende gevallen anders beslist.
Over taken en bevoegdheden welke niet onder lid 1 zijn vermeld, beslist het Algemeen bestuur tot wiens competentie deze behoren.
Hoofdstuk 5: De voorzitter De aanwijzing en vervanging
Taken en bevoegdheden
6.
2.
Als het gaat om taken en bevoegdheden die niet onder lid 1 van dit artikel zijn vermeld, is het Algemeen bestuur bevoegd.
1.
Een burgemeester wordt als voorzitter en plaatsvervangend voorzitter van het Algemeen bestuur door en uit het Algemeen bestuur aangewezen. Het voorzitterschap rouleert elke twee jaar tussen de gemeenten.
Het artikel is conform artikel 33b van de Wet gemeenschappelijke regelingen aangepast.
Hoofdstuk 5: De voorzitter 15.
1.
De voorzitter en plaatsvervangend voorzitter van het Algemeen bestuur worden door en uit het Algemeen bestuur aangewezen, bij voorkeur een burgemeester: het voorzitterschap rouleert elke twee
De aanwijzing en vervanging
14.
In het eerste lid is bepaald dat de voorzitter en diens plaatsvervanger uit en door het algemeen bestuur wordt aangewezen. Vervolgens regelt het tweede lid dat de voorzitter van het Algemeen bestuur ook voorzitter is
jaar tussen de gemeenten.
Taken en bevoegdheden voorzitter
16.
2.
De voorzitter van het Algemeen bestuur is ook voorzitter van het Dagelijks bestuur.
3.
Het Algemeen bestuur wijst uit het Dagelijks bestuur een plaatsvervangend voorzitter aan voor het Dagelijks bestuur.
1.
De voorzitter is belast met de voorbereiding en de leiding van de vergaderingen van het Algemeen bestuur en het Dagelijks bestuur.
2.
3.
van het Dagelijks bestuur. Hiermee is lid 3 overbodig en komen te vervallen.
2.
De voorzitter is tevens voorzitter van het Algemeen bestuur en voorzitter van het Dagelijks bestuur.
1.
De voorzitter is belast met de voorbereiding en de leiding van de vergaderingen van het Algemeen bestuur en het Dagelijks bestuur.
Geen wijzigingen.
De voorzitter tekent de stukken, die van het Algemeen bestuur en het Dagelijks bestuur uitgaan.
2.
De voorzitter is eerste aanspreekpunt voor de directie.
Lid 2 is extra toegevoegd. Ter verduidelijking van de taakomschrijving van de voorzitter.
De voorzitter vertegenwoordigt Samenwerking De Liemers in en buiten rechte. De voorzitter kan de vertegenwoordiging opdragen aan een door hem aan te wijzen gemachtigde.
3.
De voorzitter tekent de stukken, die van het Algemeen bestuur en het Dagelijks bestuur uitgaan.
4.
De voorzitter vertegenwoordigt Samenwerking De Liemers in en buiten rechte. De voorzitter kan de vertegenwoordiging opdragen aan een door hem aan te wijzen gemachtigde.
Taken en bevoegdheden voorzitter
Hoofdstuk 6: Commissies
Commissies
17.
Het Algemeen bestuur, Dagelijks bestuur en de voorzitter kunnen commissies van advies en/of bestuurscommissies instellen, zulks met inachtneming van artikel 24 en 25 van de wet.
15.
Het hoofdstuk over de commissie is verwijderd uit de regeling, omdat dit al in de wet gemeenschappelijke regelingen staat.
Portefeuillehoudersoverleg, samenstelling en werkwijze
Hoofdstuk 6: Informatie, verantwoording
18
1.
Per taakveld als bedoeld in artikel 5 van deze regeling (RID, RSD, Inkoop) kan het Algemeen bestuur een overleg van portefeuillehouders instellen. Dit overleg is een vaste commissie van advies, als bedoeld in artikel 24 van de wet, ten behoeve van het Dagelijks bestuur.
2.
Het overleg bestaat uit de portefeuillehouders van de gemeenten. De portefeuillehouders wijzen uit hun midden een voorzitter aan.
3.
Het overleg draagt zorg voor de advisering aan de gemeenten voor wat betreft beleidsmatige en strategische zaken op de taakvelden.
4.
Bij afwezigheid kan een portefeuillehouder worden vervangen door een ander lid van het Algemeen bestuur van dezelfde gemeente.
5.
Het lidmaatschap van het overleg eindigt op het tijdstip waarop de zittingsperiode van het college afloopt.
6.
Het lidmaatschap eindigt tevens bij beëindiging van het lidmaatschap van het college waaruit het lid is aangewezen.
7.
Bij het bestaan van één of meer vacatures blijven de resterende bestuursleden bevoegd om het Dagelijks bestuur advies te geven.
8.
Het overleg van portefeuillehouders stelt voor zijn vergaderingen en andere werkzaamheden een reglement van orde vast.
Hoofdstuk 6: Informatie, verantwoording
Informatie, verantwoording aan de gemeenten
Interne verantwoording
19.
20.
1.
Het Algemeen bestuur en het Dagelijks bestuur verstrekken zo spoedig mogelijk, doch uiterlijk binnen acht weken, schriftelijk aan de raden van de gemeenten de door hen, of de door een of meer van hun leden, gevraagde inlichtingen, in aanmerking genomen de Wet openbaarheid van bestuur (Wob).
Informatie, verantwoording 16. naar de gemeenten
1.
Het Algemeen bestuur en het Dagelijks bestuur verstrekken zo spoedig mogelijk, doch uiterlijk binnen acht weken, schriftelijk aan de raden van de gemeenten de door hen, of de door een of meer van hun leden, gevraagde inlichtingen.
In het eerste lid wordt verwezen naar de Wet openbaarheid van bestuur. Deze wet is vervangen door de Woo en altijd van toepassing. Het is daarom niet nodig om die hier op te nemen. Verder geen inhoudelijke opmerkingen.
2.
Het Algemeen bestuur en het Dagelijks bestuur geven daarnaast aan de raden en colleges ongevraagd alle informatie die voor een juiste beoordeling van het door het Algemeen bestuur en het Dagelijks bestuur gevoerde beleid nodig is.
2.
Het Algemeen bestuur en het Dagelijks bestuur geven daarnaast aan de raden en colleges ongevraagd alle inlichtingen de raden nodig hebben voor de uitoefening van hun taken.
3.
Een lid van het Algemeen bestuur verschaft de raad of het college van de gemeente waar hij als collegelid functioneert alle inlichtingen die door die raad, een of meer leden daarvan, of door het college worden verlangd.
3.
Een lid van het Algemeen bestuur verschaft de raad of het college van de gemeente waar hij als collegelid functioneert alle inlichtingen die door die raad, een of meer leden daarvan, of door het college worden verlangd.
4.
Een lid van het Algemeen bestuur is aan de raad, een of meer leden daarvan, en het college van de gemeente waar hij als collegelid functioneert verantwoording verschuldigd voor het door hem in het bestuur gevoerde beleid.
4.
Een lid van het Algemeen bestuur is aan de raad, een of meer leden daarvan, en het college van de gemeente waar hij als collegelid functioneert verantwoording verschuldigd voor het door hem in het bestuur gevoerde beleid.
1.
De leden van het Dagelijks bestuur zijn samen en ieder afzonderlijk aan het Algemeen bestuur verantwoording verschuldigd voor het door hen gevoerde bestuur.
1.
De leden van het Dagelijks bestuur zijn samen en ieder afzonderlijk aan het Algemeen bestuur verantwoording verschuldigd voor het door het Dagelijks bestuur gevoerde bestuur.
2.
De leden van het Dagelijks bestuur geven gevraagd en ongevraagd aan het Algemeen bestuur of aan een of meer leden daarvan alle informatie die voor een juiste beoordeling van het door het Dagelijks bestuur te voeren en gevoerde bestuur nodig is.
2.
De leden van het Dagelijks bestuur geven gevraagd en ongevraagd aan het Algemeen bestuur alle inlichtingen die het Algemeen bestuur voor de uitoefening van zijn taak nodig heeft.
Interne verantwoording
17.
Het Dagelijks bestuur is verantwoording verschuldigd over het gevoerde bestuur. Lid 1 is hierop aangepast. Daarnaast zijn het tweede lid en het vierde lid conform artikel 19a, lid 2 en lid 3 van de Wet gemeenschappelijke regelingen aangepast.
3.
De leden 1 en 2 zijn van overeenkomstige toepassing op de voorzitter.
Hoofdstuk 7: De netwerkdirectie en het personeel De taken en bevoegdheden van de netwerkdirectie
3.
De leden 1 en 2 zijn van overeenkomstige toepassing op de voorzitter.
4.
Het Algemeen bestuur kan besluiten een lid van het dagelijks bestuur ontslag te verlenen, indien dit lid het vertrouwen van het Algemeen bestuur niet meer bezit, onverminderd het bepaalde in artikel 19a, derde lid van de wet.
1.
De werkorganisatie van de Samenwerking De Liemers wordt aangestuurd door een directie die bestaat uit een algemeen directeur SDL, tevens directeur RSD en een adjunct directeur SDL, tevens directeur RID.
Aan het hoofd van het openbaar lichaam – Samenwerking De Liemers – staat het algemeen bestuur, niet de netwerkdirectie. De netwerkorganisatie stuurt Samenwerking De Liemers aan. Verder is de nieuwe constructie toegevoegd. Lid 2 is extra toegevoegd, waarin expliciet de taak van de algemeen directeur beschreven wordt.
Hoofdstuk 7: De directie en het personeel 21.
1.
Aan het hoofd van de werkorganisatie van de Samenwerking De Liemers staat een netwerkdirectie die bestaat uit de vier gemeentesecretarissen van de gemeenten.
De taken en bevoegdheden van de directie
18.
2.
De netwerkdirectie staat het Algemeen bestuur, het Dagelijks bestuur en de door het bestuur ingestelde commissies bij de uitoefening van hun taak terzijde.
2.
Tot de taak van de algemeen directeur SDL behoort de dagelijkse leiding van Samenwerking De Liemers. Hij/zij is ook secretaris van het Algemeen Bestuur en van het Dagelijks Bestuur.
3.
De netwerkdirectie heeft in de vergaderingen van het Algemeen bestuur en het Dagelijks bestuur een adviserende stem.
3.
De directie staat het Algemeen bestuur, het Dagelijks bestuur, de voorzitter en de ingestelde commissies bij de uitoefening van hun taak terzijde.
4.
De verantwoordelijkheden en bevoegdheden van de netwerkdirectie worden vastgelegd in een directiestatuur. Het directiestatuut wordt vastgesteld door het Algemeen bestuur. In het statuut worden in ieder geval de zorg voor een organisatiemodel, de invulling van de secretarisfunctie van het Algemeen en Dagelijks bestuur en mandatering aan leden van de netwerkdirectie geregeld.
4.
De leden van de directie hebben in de vergaderingen van het Algemeen bestuur en het Dagelijks bestuur een adviserende stem.
Het personeel
22.
Het personeel
19.
5.
De verantwoordelijkheden en bevoegdheden van de directie worden vastgelegd in een directiestatuut. Het directiestatuut wordt vastgesteld door het Algemeen bestuur. In het statuut worden in ieder geval de zorg voor een organisatiemodel en de invulling van de secretarisfunctie van het Algemeen en Dagelijks bestuur geregeld.
1.
Het Dagelijks bestuur kan beslissen tot het aangaan en beëindigen van arbeidsovereenkomsten.
1.
De Samenwerking De Liemers kan personeel aanstellen.
2.
Het personeel wordt benoemd, geschorst en ontslagen door het Dagelijks bestuur.
2.
Op het personeel is de CAO Samenwerkende Gemeentelijke Organisaties van toepassing.
3.
Op het personeel zijn de de collectieve arbeidsvoorwaardenregeling voor het gemeentepersoneel (CAR/UWO) van toepassing.
3.
De directeuren van de diensten genoemd in artikel 4, eerste lid zijn belast met de dagelijkse leiding van desbetreffende uitvoeringsorganisaties.
4.
De managers van de diensten/uitvoeringsorganisaties betreffende de taakvelden genoemd in artikel 4 zijn belast met de dagelijkse leiding van desbetreffende diensten. De manager van de RID is tevens manager betreffende het taakveld Inkoopsamenwerking.
4.
In het kader van de gemeentelijke rampenbestrijding kunnen medewerkers van de diensten zonodig worden ingezet voor de uitvoering van taken zoals die zijn vastgelegd in de gemeentelijke rampenplannen.
5.
In het kader van de gemeentelijke rampenbestrijding kunnen medewerkers van de diensten/uitvoeringsorganisaties van de taakvelden zonodig worden ingezet voor de uitvoering van taken zoals die zijn vastgelegd in de gemeentelijke rampenplannen.
Daarnaast worden ambtenaren niet meer aangesteld, maar hebben ze een arbeidsovereenkomst gekregen per 1 januari 2020. Het eerste lid is hier conform op aangepast, waarbij voormalig lid 1 en 2 zijn samengevoegd. Op 1 januari 2020 is de Wet normalisering rechtspositie ambtenaren (Wnra) in werking getreden. Sindsdien valt het personeel niet meer onder de CAR-UWO maar onder de CAO Samenwerkende Gemeentelijke Organisaties. Lid 3 is hierop aangepast.
Hoofdstuk 8: Begroting, jaarrekening en bestuursrapportage Financiën algemeen
Begroting
Hoofdstuk 8: Begroting, jaarrekening en bestuursrapportage 23.
25
1.
Het Algemeen bestuur stelt de nodige voorschriften vast met betrekking tot de organisatie van de financiële administratie en het geldelijk beheer van de Samenwerking De Liemers.
2.
Financiën algemeen
1.
Het Algemeen bestuur stelt de nodige voorschriften vast met betrekking tot de organisatie van de financiële administratie en het geldelijk beheer van de Samenwerking De Liemers.
Met betrekking tot de organisatie van de financiële administratie, het kasbeheer en de controle zijn de artikelen 212 tot en met 215 van de Gemeentewet van overeenkomstige toepassing.
2.
Met betrekking tot de organisatie van de financiële administratie, het kasbeheer en de controle zijn de artikelen 186 tot en met 213 van de Gemeentewet van overeenkomstige toepassing.
3.
De begroting, jaarrekening en jaarverslag dienen te voldoen aan het bepaalde in het Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten.
3.
De begroting, jaarrekening en het jaarverslag dienen te voldoen aan het bepaalde in het Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten.
1.
Het Dagelijks bestuur stelt jaarlijks voor 1 april een ontwerpbegroting op voor het volgende kalenderjaar en zendt deze, voorzien van een toelichting, toe aan de raden van de gemeenten. De ontwerpbegroting bevat tevens een meerjarenraming. Het bepaalde in artikel 190, eerste lid, van de Gemeentewet is van toepassing.
1.
Het Dagelijks bestuur zendt voor vóór 30 april van het jaar voorafgaande aan dat waarvoor de begroting dient, de algemene financiële en beleidsmatige kaders toe aan de raden van de gemeenten.
Begroting
20.
21.
De artikelen 186 tot en met 213 van de Gemeentewet zijn van overeenkomstige toepassing. De artikelen 212 tot en met 215 van de Gemeentewet zien op doelmatigheidsonderzoek (de inzending aan GR-en). Deze bepalingen zijn niet van overeenkomstige toepassing, zie artikel 35, lid 6 van de Wet gemeenschappelijke regelingen.
Met de aankondiging van de nieuwe Wet gemeenschappelijke regelingen – per 1 januari 2021 – verschuiven de data omtrent de begroting. Om die reden het artikel aangepast. In de regeling wordt verwezen naar de wet en niet naar specifieke data, zodat de regeling volgend jaar niet opnieuw aangepast hoeft te worden.
2.
De raden van de gemeenten geven het Dagelijks bestuur voor 1 juni hun zienswijze over de ontwerpbegroting.
2.
3.
Het Dagelijks bestuur zendt zo spoedig mogelijk na 1 juni doch uiterlijk 15 juni de opmerkingen van de raden en eventueel een nota van
3.
Het Dagelijks bestuur zendt de ontwerpbegroting tenminste twaalf weken voordat zij aan het algemeen bestuur wordt aangeboden, aan de raden. De ontwerpbegroting bevat tevens een meerjarenraming. De raden van de gemeenten kunnen bij het Dagelijks bestuur hun zienswijzen kenbaar maken over de ontwerpbegroting, binnen twaalf weken voordat zij aan het algemeen bestuur wordt aangeboden, . Het Dagelijks bestuur reageert
wijzigingen aan het Algemeen bestuur.
gemotiveerd op deze zienswijzen.
4.
Het Algemeen bestuur stelt de begroting voor 1 juli vast en zendt terstond afschriften aan de gemeenten.
4.
Het Algemeen bestuur stelt de begroting vast en zendt terstond afschriften aan de gemeenten.
5.
Het Dagelijks bestuur zendt de begroting binnen twee weken na vaststelling, doch in ieder geval voor 15 juli aan gedeputeerde staten.
5.
Het Dagelijks bestuur zendt de begroting binnen twee weken na vaststelling, doch in vóór 15 september van het jaar voorafgaande aan het jaar waarop deze ziet, aan gedeputeerde staten.
6.
Artikel 186 van de Gemeentewet is van overeenkomstige toepassing.
6.
De inkomsten van de Samenwerking De Liemers bestaan uit:
7.
De inkomsten van de Samenwerking De Liemers bestaan uit de door de gemeenten te betalen vergoeding voor de uitvoering van de basistaken van de Samenwerking De Liemers, uit de vergoeding voor de uitvoering van de aanvullende dienstverlening en eventuele andere subsidies.
a.
de door de gemeenten te betalen vergoeding voor de uitvoering van de diensten voor de uitvoering van de taken genoemd in artikel 4, lid1 van deze regeling van de Samenwerking De Liemers, en
8.
Het Algemeen bestuur stelt een reglement op dat aangeeft hoe de organisatiekosten en de kosten voor het leveren van basistaken worden toegerekend en in rekening gebracht aan de gemeenten.
b.
de vergoeding voor de uitvoering van de aanvullende dienstverlening; en
9.
Voor zover de kosten voor de aanvullende dienstverlening nog niet in rekening zijn gebracht via de systematiek van dit hoofdstuk, worden deze rechtstreeks in rekening gebracht bij die gemeente waarvoor de aanvullende dienstverlening is verplicht.
c.
eventuele andere inkomsten.
10.
Het bepaalde in dit artikel is voor wat betreft de procedurele gang van zaken van overeenkomstige toepassing op de besluiten tot wijziging van de begroting.
7.
Het Algemeen bestuur stelt een reglement op dat aangeeft hoe de organisatiekosten en de kosten voor het leveren van diensten worden toegerekend en in rekening worden gebracht aan de gemeenten.
Bestuursrapportages
26.
Jaarrekening
27.
1.
Het Dagelijks bestuur stelt ten behoeve van het Algemeen bestuur jaarlijks, minimaal één ontwerpbestuursrapportage op, die na vaststelling door het Algemeen bestuur door tussenkomst van de colleges naar de raden van de gemeenten worden gestuurd. Bij het opstellen van de rapportage wordt rekening gehouden met de planningen controlcycli van de gemeenten.
Bestuursrapportages
22.
Het Dagelijks bestuur legt over elk kalenderjaar verantwoording af over de inkomsten en uitgaven onder overlegging van de daarbij behorende bescheiden.
Jaarrekening
23.
8.
Voor zover de kosten voor de aanvullende dienstverlening nog niet in rekening zijn gebracht via de systematiek van dit hoofdstuk, worden deze rechtstreeks in rekening gebracht bij die gemeente waarvoor de aanvullende dienstverlening is verricht.
9.
Indien aanpassing van de begroting gedurende het jaar nodig is, stelt het Algemeen Bestuur vast of er sprake is van een wijziging of actualisering.
10.
Een actualisatie van de begroting wordt door het Algemeen Bestuur vastgesteld en ter informatie verstuurd naar de gemeenteraden en Provinciale Staten.
11.
Bij wijzigingen van de begroting wordt de procedure voor vaststelling van de begroting gevolgd.
1.
Hier is in verband met de recente wijziging van de wet gemeenschappelijke regelingen bepaald dat het AB bevoegd is om de begroting te actualiseren, zonder dat zienswijzen gevraagd hoeven te worden aan de raden.
Het Dagelijks bestuur stelt ten behoeve van het Algemeen bestuur jaarlijks minimaal één ontwerp-bestuursrapportage op, die na vaststelling door het Algemeen bestuur door tussenkomst van de colleges naar de raden worden gestuurd. Bij het opstellen van de rapportage wordt rekening gehouden met de planning- en control cyclus van de gemeenten.
Geen wijzigingen.
Het Dagelijks bestuur legt over elk kalenderjaar verantwoording af over de inkomsten en uitgaven onder overlegging van de daarbij behorende bescheiden. Het Dagelijks bestuur voegt bij de definitieve conceptstukken een verslag van een onderzoek naar het getrouwe beeld van de baten en lasten en van een onderzoek naar de rechtmatigheid daarvan, ingesteld door een door het Algemeen bestuur aangestelde deskundige overeenkomstig artikel 213 van de Gemeentewet.
Net als bij de begroting in artikel 25, zijn ook hier de data n.a.v. de beoogde wijziging van de Wet gemeenschappelijke regelingen vervangen door verwijzingen naar die wet.
2.
Het Dagelijks bestuur voegt daarbij een verslag van een onderzoek naar het getrouwe beeld van de baten en lasten en van een onderzoek naar de rechtmatigheid daarvan, ingesteld door een door het Algemeen bestuur ingestelde deskundige overeenkomstig artikel 213 van de Gemeentewet.
2.
De in het vorige lid bedoelde stukken worden, tezamen met de voorlopige jaarrekening, vóór 30 april van het jaar voorafgaande aan dat waarvoor de begroting dient, door het Dagelijks bestuur onder begeleiding van een nota van bemerkingen aan de colleges toegezonden uiterlijk voor de in wet bepaalde termijn volgende op het jaar waarop zij betrekking hebben.
3.
De in het vorige lid bedoelde stukken worden door het Dagelijks bestuur onder begeleiding van een nota van bemerkingen aan de colleges van burgemeester en wethouders van de gemeenten toegezonden uiterlijk op 1 maart volgende op het jaar waarop zij betrekking hebben.
3.
Het Algemeen bestuur stelt de jaarrekening van het voorafgaande jaar vast. Het Dagelijks bestuur stuurt deze jaarrekening binnen twee weken na vaststelling, doch in ieder geval voor vóór 15 juli van het jaar volgende op het jaar waarop de jaarrekening betrekking heeftaan de raden van de gemeenten en gedeputeerde staten. Van de vaststelling doet het Dagelijks bestuur ook direct mededeling aan de raden van de gemeenten.
4.
Het Algemeen bestuur stelt de jaarrekening van het voorafgaande jaar voor 1 juli vast. Het Dagelijks bestuur stuurt deze jaarrekening binnen twee weken na vaststelling, doch in ieder geval voor 15 juli aan gedeputeerde staten. Van de vaststelling doet het Dagelijks bestuur ook direct mededeling aan de raden van de gemeenten.
4.
De vaststelling van de jaarrekening verleent aan het Dagelijks bestuur décharge, behoudens later in rechte gebleken valsheid in geschrifte of andere onregelmatigheden.
5.
De vaststelling van de jaarrekening verleent aan het Dagelijks bestuur décharge, behoudens later in rechte gebleken onregelmatigheden.
5.
In de jaarrekening wordt voor elk van de gemeenten het bedrag opgenomen dat voor rekening van de desbetreffende gemeente komt, onder verrekening van vergoedingen van eventuele diensten, die gemeenten aan de Samenwerking De Liemers hebben geleverd.
6.
In de jaarrekening wordt voor elk van de gemeenten het bedrag opgenomen dat voor rekening van de desbetreffende gemeente komt, onder verrekening van vergoedingen van eventuele diensten, die gemeenten aan de Samenwerking De Liemers hebben geleverd.
Batig en nadelig saldo
28.
7.
Artikel 186 van de Gemeentewet is van overeenkomstige toepassing.
1.
Het Algemeen bestuur beslist of een batig saldo van de begroting of jaarrekening:
29.
27.
1.
Het Algemeen bestuur beslist of een batig saldo van de begroting of jaarrekening:
a.
geheel of gedeeltelijk zal worden toegevoegd aan reserves; en/of
a.
geheel of gedeeltelijk zal worden toegevoegd aan reserves; en/of
b.
geheel of gedeeltelijk aan de gemeenten zal worden uitgekeerd.
b.
geheel of gedeeltelijk aan de gemeenten zal worden uitgekeerd.
2.
Facturering
Batig en nadelig saldo
Het Algemeen bestuur beslist of een nadelig saldo van de begroting of jaarrekening:
2.
Het Algemeen bestuur beslist of een nadelig saldo van de begroting of jaarrekening:
a.
Geheel of gedeeltelijk ten laste van het volgende dienstjaar zal worden gebracht; en/of
a.
geheel of gedeeltelijk ten laste van het volgende dienstjaar zal worden gebracht; en/of
b.
Geheel of gedeeltelijk ten laste van bestaande reserves zal worden gebracht; en/of
b.
geheel of gedeeltelijk ten laste van bestaande reserves zal worden gebracht; en/of
c.
Geheel of gedeeltelijk ten laste van de gemeenten zal worden gebracht.
c.
geheel of gedeeltelijk ten laste van de gemeenten zal worden gebracht.
1.
Voorschotten voor de organisatiekosten, de dienstverlening van het basispakket en de aanvullende dienstverlening worden voor de aanvang van elk kwartaal door de Samenwerking De Liemers aan de gemeenten gefactureerd. De basis hiervoor vormt de begroting van het betreffende jaar.
2.
Facturering van de aanvullende dienstverlening wordt geregeld in de door opdrachtgever en Samenwerking De Liemers ter zake te sluiten overeenkomst.
Facturatie
25.
Geen wijzigingen.
1.
Voorschotten voor de organisatiekosten, de dienstverlening van de diensten voor de uitvoering van de in artikel 4, lid 1 bedoelde taken n en de aanvullende dienstverlening worden voor de aanvang van elk kwartaal door de Samenwerking De Liemers aan de gemeenten gefactureerd. De basis hiervoor vormt de begroting van het betreffende jaar.
2.
Facturatie van de aanvullende dienstverlening wordt geregeld in de door desbetreffende opdrachtgever en Samenwerking De Liemers ter zake te sluiten overeenkomst.
Geen inhoudelijke opmerkingen, enkel tekstuele aanpassingen.
3.
De gemeenten zullen er steeds voor zorg dragen dat de Samenwerking De Liemers over voldoende middelen beschikt om aan al zijn verplichtingen jegens derden te kunnen voldoen.
3.
De gemeenten zullen er steeds voor zorg dragen dat de Samenwerking De Liemers over voldoende middelen beschikt om aan al zijn verplichtingen jegens derden te kunnen voldoen.
4.
Indien het Algemeen bestuur blijkt dat een deelnemer weigert deze uitgaven op de begroting te zetten, doet het onverwijld aan gedeputeerde staten het verzoek over te gaan tot toepassing van de artikelen 194 en 195 Gemeentewet.
4.
Als blijkt dat een gemeente weigert de uitgaven, bedoeld in het derde lid, op de begroting te zetten, doet het Algemeen bestuur onverwijld aan gedeputeerde staten het verzoek over te gaan tot toepassing van de artikelen 194 en 195 Gemeentewet.
1.
Toetreding tot de regeling door andere colleges vindt plaats indien alle colleges daarmee instemmen, na verkregen toestemming van de raden.
Hoofdstuk 9: Toetreding, uittreding, wijziging en liquidatie Toetreding
Hoofdstuk 10: Toetreding, uittreding, wijziging en liquidatie 30.
1.
Toetreding door andere gemeenten tot de regeling vindt plaats indien alle colleges van de gemeenten in het Algemeen bestuur daarmee instemmen, na verkregen toestemming van de raden.
Toetreding
26.
2.
Het Algemeen bestuur regelt de gevolgen van toetreding.
2.
Het Algemeen bestuur regelt de gevolgen van toetreding.
3.
Aan de toetreding kunnen door de gemeenten voorwaarden worden verbonden.
3.
Aan de toetreding kunnen door het Algemeen bestuur voorwaarden worden verbonden.
4.
Het toetredingsbesluit bepaalt de datum van toetreding en wordt overeenkomstig artikel 26 van de wet bekendgemaakt.
Colleges van de gemeenten treden toe tot de regeling en het Algemeen bestuur kan voorwaarden verbinden aan de toetreding. Als elke gemeente eigen voorwaarden kan stellen, werkt dit niet praktisch en efficiënt. Het eerste en derde lid zijn hierop aangepast.
Ter verduidelijking is een extra lid toegevoegd, dat regelt dat het toetredingsbesluit de datum van toetreding bepaalt en overeenkomstig artikel 26 van de Wet gemeenschappelijke regelingen bekend wordt gemaakt. In geval van toetreding zal de gemeenschappelijke regeling aangepast moeten worden. Hiervoor geldt een procedure waarbij eerst zienswijzen en daarna toestemming van de raden is vereist.
Uittreding
31.
1.
Een gemeente kan tot uittreding uit de regeling besluiten.
2.
Uittreding
27.
1.
Een college van een van de gemeenten kan tot uittreding uit de regeling besluiten, onverminderd het bepaalde in artikel 1 van de wet.
De uittreding kan slechts plaatsvinden met ingang van de eerste januari van een jaar. Hierbij wordt een opzegperiode van drie jaar in acht genomen.
2.
Een college zendt, na toestemming van zijn raad, het besluit tot uittreding aan het Algemeen bestuur. De procedure voor uittreding vangt aan de dag nadat het Algemeen bestuur het besluit heeft ontvangen.
3.
Het Algemeen bestuur regelt de financiële en andere gevolgen van de uittreding.
3.
De uittreding gaat in op 1 januari van het jaar volgende op het verstrijken van een termijn van drie jaren na het nemen van het besluit tot uittreding.
4.
De financiële schade die door de uittreding aan de Samenwerking De Liemers is toegebracht, wordt, inclusief de hierdoor ontstane uitkeringsverplichtingen, aan de uittredende gemeente in rekening gebracht.
4.
Het Algemeen bestuur regelt de financiële en andere gevolgen van de uittreding. De wijze waarop met deze gevolgen kan en moet worden omgegaan en de voorwaarden voor uittreding worden vastgelegd in een conceptuittredingsplan.
5.
De Samenwerking De Liemers en de uittredende gemeente vragen gezamenlijk advies aan een onafhankelijke externe deskundige voor de vaststelling van de financiële schade als bedoeld in het vierde lid. Het advies van deze deskundige is voor partijen bindend. De kosten voor het inschakelen van de deskundige zijn voor rekening van de uittredende gemeente.
5.
De financiële schade die door de uittreding aan de Samenwerking De Liemers en de andere gemeenten is toegebracht, wordt, inclusief de hierdoor ontstane uitkeringsverplichtingen, aan de uittredende gemeente in rekening gebracht.
6.
De Samenwerking De Liemers en de uittredende gemeente vragen gezamenlijk advies aan een onafhankelijke externe deskundige voor de vaststelling van de financiële schade als bedoeld in het vierde lid. Het advies van deze deskundige is voor partijen bindend. De kosten voor het inschakelen van de deskundige zijn voor rekening van de uittredende gemeente.
Het artikel is ter verduidelijking tekstueel aangepast.
Wijziging
Liquidatie
32.
33
1.
De regeling inclusief taken en bevoegdheden kan worden uitgebreid/gewijzigd indien de colleges van de gemeenten en het Algemeen bestuur daarmee instemmen, na verkregen toestemming van de gemeenteraden.
2.
De bij de wet voorgeschreven toezending van de wijziging aan gedeputeerde staten, geschiedt door het Dagelijks bestuur.
1.
De regeling kan worden opgeheven bij unaniem besluit van de colleges van de gemeenten, na verkregen toestemming van de raden.
2.
In geval van opheffing stelt het Algemeen bestuur een liquidatieplan vast, de colleges van de gemeenten gehoord.
3.
Het liquidatieplan voorziet in de verplichting van de gemeenten tot deelneming in de financiële gevolgen van de opheffing.
4.
Het liquidatieplan voorziet in de gevolgen van de opheffing voor het personeel.
Wijziging en opheffing
28.
1.
De regeling kan tussentijds worden gewijzigd of opgeheven als een deelnemer hiertoe besluit.