20240127-rv-woonzorgvisie-bijlage-1-woonzorgvisie
Tekst van het document
WOONZORGVISIE GEMEENTE WESTERVOORT Een visie op hoofdlijnen, voorbereidend op het volkshuisvestelijk programma
VOORWOORD Het is prettig en veilig wonen in Westervoort. Voor u ligt de woonzorgvisie van de gemeente Westervoort. Een visie waarin we inspelen op de woonvragen en zorgbehoeftes van onze inwoners van jong tot oud. We willen wonen en zorg beschikbaar houden voor iedereen. We zoeken naar een goede balans tussen vraag en aanbod, ook in overleg met de regio. We behouden voldoende intramurale woonzorgplekken, maar zetten vooral ook in op een plek voor iedereen in de wijk om elkaar te ontmoeten en om naar elkaar om te zien. Belangrijk vinden we namelijk het behoud van de hechte samenleving, waarin mensen elkaar de helpende hand toesteken als dat nodig is. De woonzorgvisie is tot stand gekomen door gesprekken met inwoners, belangenverenigingen, zorgpartijen, de lokale welzijnsorganisatie, woningcorporaties en vastgoedpartijen. Met de woonzorgvisie geven we gezamenlijk richting aan hoe wij binnen de gemeente wonen en zorg zien de komende jaren. En wat er nodig is om fijn te kunnen blijven wonen. Gemeenten hebben een belangrijke taak in het maken van samenhangend beleid zodat ouderen, volwassenen en jongeren met een ondersteuningsvraag langer, meer of weer zelfstandig in de wijk kunnen wonen. Deze verandering vraagt niet alleen een andere manier van stenen stapelen of op een andere plek zorg verlenen. Het vraagt verandering in denken en (samen) doen van alle betrokkenen.
Met als uitgangspunt dat we er naar toe willen dat iedereen zo lang en veel mogelijk zelf de regie over zijn leven heeft. We willen met deze woonzorgvisie een beweging in gang zetten om samen met alle woon- en zorgpartners meer gebiedsgericht te gaan werken. Vanuit de woonzorgvisie kunnen we stappen gaan maken voor de lokale prestatieafspraken en de uitvoering hiervan. We bedanken alle partners voor hun inbreng en betrokkenheid! Graag willen we deze samenwerking voortzetten in de toekomst!
Wethouder Jan Derksen
Wethouder Laura Kaper
Pagina 1 van 36
INLEIDING Nederland staat voor de uitdaging om de groeiende groep ouderen te faciliteren in hun woon-, zorgen welzijnsbehoeften. Naar schatting zijn er in 2040 ongeveer twee keer zoveel 75plussers dan nu. Veruit de meeste mensen kunnen gelukkig heel lang zonder hulp zelfstandig blijven wonen. Maar voor het deel dat dit niet kan, moeten er meer geschikte woningen dan wel zorg aan huis worden geboden. Dit, terwijl het nu al een grote uitdaging is voor gemeenten, corporaties en zorgorganisaties om ook geschikte woningen te vinden of beschikbaar te houden voor mensen met een zorg- en/of ondersteuningsbehoefte. Woningen zijn vaak niet geschikt om (langer) thuis te wonen omdat de woningen niet levensloopbestendig zijn en aanpassingen erg kostbaar zijn, de benodigde zorg er niet geleverd kan worden, omdat de omgeving onvoldoende voorzieningen biedt of/en omdat het gedrag van deze inwoners op weerstand van de buurt stuit. Op meerdere plekken zoeken gemeenten, corporaties, zorg- en welzijnsorganisaties naar nieuwe vormen die wonen en zorg combineren. In huis, maar ook in de omgeving met fysieke inrichting en (collectieve) diensten. Ook in Westervoort spelen deze trends. De verhuizingsbereidheid onder ouderen is laag, onder andere doordat er te weinig geschikte woningen voor hen zijn. Een gevolg daarvan is dat er voor jongeren weinig woningen vrij komen en ze geen woning kunnen vinden.
Dat alles vraagt om gerichte en op elkaar afgestemde acties op het gebied van wonen, zorg én welzijn. Een woonzorgvisie helpt om de lokale opgaven en urgentie in kaart te brengen en deze te vertalen naar ambities, keuzes en uitvoeringsprogramma’s voor wonen en zorg. Met een woonzorgvisie werken gemeenten en hun partners aan een gezamenlijke aanpak door op basis van de lokale woonzorgopgave ambities te vertalen naar concrete prestatieafspraken over wonen, welzijn en zorg. Deze woonzorgvisie dient in samenhang te worden gezien met de Woonvisie 2021 Westervoort. Deze woonzorgvisie is een nadere uitwerking van de woonvisie specifiek op het onderdeel wonen en zorg In deze woonzorgvisie benoemen we de woon- en zorgbehoeften, maar de wijze waarop deze wordt ingevuld, moet nog verder worden uitgewerkt. De daadwerkelijke uitvoering, met alle deelaspecten, behoren tot een volgende fase. Gemeente Westervoort behoort tot de ‘Groene Metropool Regio Arnhem-Nijmegen’ (hierna: GMR). De GMR is aangewezen als koploper in het kader van het programma ‘een thuis voor iedereen’. Dat houdt in dat de GMR als eerste regio een regionale woonzorgvisie schrijft. De afspraken die in de woondeals gemaakt zijn, zijn verder uitgewerkt in de regionale woonzorgvisie. De regionale woonzorgvisie is vooral gericht op het verdeelvraagstuk binnen de regio.
De regionale woonzorgvisie bestaat daarom naast de lokale woonzorgvisie, maar er vindt wel een wisselwerking plaats. In de regionale woonzorgvisie gaat het vooral over een eerlijke verdeling van de huisvestingsopgave voor aandachtsgroepen en ouderen
Leeswijzer
We kiezen ervoor om in hoofdstuk 1 meteen de ambities van de woonzorgvisie te omschrijven, gekoppeld aan de vier thema’s van de woonzorgvisie. In hoofdstuk 2 worden de trends en ontwikkelingen nader aangegeven. In hoofdstuk 3 wordt de opgave voor de woonzorgvisie beschreven en een afbakening van de doelgroepen. Hoofdstuk 4 gaat nader in op het participatieproces en de uitvoering.
Pagina 2 van 36
INHOUDSOPGAVE Voorwoord .....................................................................................................................................1 Inleiding..........................................................................................................................................2 Leeswijzer ...........................................................................................................................................2 Hoofdstuk 1: De visie ......................................................................................................................4 Vier thema’s van de woonzorg visie ...................................................................................................5 1.
Wonen ........................................................................................................................................6
2.
Passende zorg en ondersteuning ................................................................................................7
3.
Leefbaarheid ...............................................................................................................................9
4.
Fysieke omgeving .....................................................................................................................10
Hoofdstuk 2: Trends en ontwikkelingen ........................................................................................13 Tekort aan woningen ........................................................................................................................13 Ouderen ............................................................................................................................................13 Verschuiving in de zorg .....................................................................................................................14 Demografische verandering .............................................................................................................15 Hoofdstuk 3: Inzicht in de woonzorgopgave ..................................................................................16 Wat zijn de aandachtsgroepen .........................................................................................................16 Wat is de huisvestingsopgave? .........................................................................................................17 Hoofdstuk 4: Participatie en Uitvoering.........................................................................................20 BIjlage 1: begrippenlijst en bronvermelding ..................................................................................22 Bijlage 2: Relatie tot bestaand
beleid ............................................................................................24 Bijlage 3: Verslagen participatiebijeenkomsten .............................................................................26
Pagina 3 van 36
HOOFDSTUK 1: DE VISIE Waarom een woonzorgvisie? Voor steeds meer mensen is het moeilijk passende woonruimte te vinden. Sommige mensen hebben nog minder kansen, omdat ze zich in een kwetsbare situatie bevinden. Zij zijn afhankelijk van zorg of begeleiding, of moeten hun leven (opnieuw) opbouwen. Denk aan uitstromers uit instellingen, daken thuisloze mensen en arbeidsmigranten. Deze mensen behoren tot de ‘aandachtsgroepen’ op de woningmarkt, omdat zij elkaar op dit moment verdringen en concurreren met regulier woningzoekenden om de schaarse betaalbare woningen.
Een deel van deze groepen heeft tijdelijk of structureel zorg en/of ondersteuning nodig. Mensen willen of kunnen vaak niet verhuizen naar waar zorg geboden kan worden, maar blijven graag wonen in hun eigen omgeving. Maar of het zelfstandig wonen een ‘succes’ zal zijn, hangt af van de mate waarin zij ondersteund kunnen worden. Waar de ene persoon aanpassingen in de woning nodig heeft, is er voor de andere een dagelijkse structurering nodig of ondersteuning van de mantelzorg. Dit vraagt om een variatie in woonvormen, woningen, omgeving en soms ook een arrangement aan zorg en/of ondersteuning. Door een woonzorgvisie vast te stellen kan de gemeente anticiperen op de groeiende specifieke woonvraag, veranderende demografische ontwikkelingen en andere toekomstige uitdagingen op het gebied van wonen en zorg. Dit helpt bij het creëren van een duurzaam en toekomstbestendig (woon)beleid.
Doel woonzorgvisie Met behulp van deze woonzorgvisie creëren we inzicht in de actuele en toekomstige woonzorgontwikkelingen en willen we een beweging in gang zetten om de samenwerking tussen wonen, welzijn en zorg tot stand te brengen. We krijgen een beeld bij de aantallen van woningen die we nodig hebben voor onze aandachtsgroepen. Dit bekijken we in samenhang met de nodige voorzieningen op het gebied van zorg, leefbaarheid en welzijn. In de woonzorgvisie komen het sociaal en het fysieke domein samen. Naast een geschikte woning en leefomgeving, is goede samenwerking en afstemming met onze welzijns- en zorgorganisaties en woningcorporatie essentieel. Dit om (weer) zelfstandig wonen mogelijk te maken en te houden. Hiermee sluiten we aan bij een aantal ambities en doelen voor de leefomgeving vanuit de Omgevingsvisie Westervoort Duurzaam Thuis:
Pagina 4 van 36
• •
Mogelijk maken van de aanvullende woonbehoefte op inbreiding- en uitbreidingslocaties Realiseren van passende en betaalbare woningen aansluitend op de woonvraag van de groeiende groep één- en tweepersoonshuishoudens • Een toegankelijke woonomgeving en woonmogelijkheden voor zelfstandig wonende ouderen en zorgdoelgroepen/ Aandacht voor woonvragen van specifieke doelgroepen. Een gezonde, sociale en veilige leefomgeving. • Een gezonde samenleving met aandacht voor de medemens en elkaar • Participatie van inwoners en andere maatschappelijke partners • Een groene omgeving die bijdraagt aan de lichamelijke en geestelijke gezondheid • Stimuleren en faciliteren van vitale wijken, dorpen en buurten • Zelfstandigheid bevorderen • Positieve gezondheid als randvoorwaarde voor alle ontwikkelingen in de fysieke leefomgeving • Met het beheer van de openbare ruimte waar mogelijk bijdragen aan een gezonde, sociale en veilige leefomgeving
Vier thema’s van de woonzorg visie
Met de woonzorgvisie wordt de beweging in gang gezet voor een vernieuwende aanpak om te komen tot een meer gebiedsgerichte benadering1. In deze beweging wordt gewerkt aan 4 thema’s die de basis vormen voor de op te stellen gebiedsaanpakken. Een gebiedsaanpak met een andere manier van samenwerken ten aanzien van wonen en zorg voor elkaar. Dit is een brede beweging die ook per gebied een verschillende aanpak met zich mee kan brengen. We hanteren in Westervoort de volgende 4 thema’s. Per thema formuleren we een ambitie en beschrijven we vervolgens waar we per thema op in willen zetten. De inzet binnen deze vier thema’s zal voor nu nog meer abstract zijn, in hoofdstuk 4 geven we een eerste aanzet hoe we dit willen gaan oppakken. 1. Wonen Ambitie: Er zijn voldoende passende en aantrekkelijke woningen en woonvormen voor alle aandachtsgroepen. 2. Passende zorg en ondersteuning Ambitie: Inwoners wonen op een prettige en veilige manier, in voldoende 3. Leefbaarheid gezondheid en langer zelfstandig. 3. Leefbaarheid Ambitie: Inwoners leven veilig, prettig en gezond in elkaars nabijheid in een samenleving waarin iedereen mee kan doen. 4. Fysieke omgeving Ambitie: Een leefomgeving die sociaal, veilig, gezond en toegankelijk is voor iedereen. Gebiedsgericht: wijken, buurten en kernen zijn verschillend van aard en dit vraagt ook om andere prioriteiten en aanpakken.
We gebruiken hier dus de term gebiedsgericht. De ene keer zal de aanpak op buurtniveau zijn en de andere keer meer op wijkniveau of wellicht straatniveau. Maatwerk hierin is gewenst. 1
Pagina 5 van 36
1. Wonen
Ambitie: Er zijn voldoende passende en aantrekkelijke woningen en woonvormen voor alle aandachtsgroepen. Aanbod van wonen en zorg Het aanbod van wonen en zorg is primair gericht op de vraag en behoefte vanuit de eigen inwoners. Er is in overleg met de gemeente wel ruimte om een bijdrage te leveren aan een vraag vanuit andere gemeenten voor wonen met zorg voor aandachtsgroepen. De mogelijkheden voor huisvesting binnen of buiten de eigen gemeente verschillen en daar moeten we oog voor hebben. Uitgangspunt is dat we wonen en zorg in de eigen gemeente aanbieden waar we dat kunnen. Waar nodig doen we dat in Liemers verband of binnen de Groene Metropoolregio Arnhem-Nijmegen. Bewustwording en zelfstandig thuis wonen We willen onze inwoners bewust maken van wat er komt kijken bij zo lang mogelijk zelfstandig thuis wonen. Het is essentieel dat inwoners nadenken en voorbereidingen treffen voordat het daadwerkelijk nodig is. Zo voorkomen we dat er acuut aanpassingen nodig zijn of dat inwoners niet in hun eigen leefomgeving kunnen blijven wonen. We streven ernaar dat inwoners zelf de regie nemen over hun woonsituatie en willen het onderwerp “langer zelfstandig thuis wonen” onder de aandacht brengen bij onze inwoners. Dit vraagt om andere en of meer ondersteuning aan huis: voorzieningen én hulpverleners aan huis zoals de huisarts, wijkverpleging, verpleeghuispersoneel.
Ze moeten anders werken en dat kost meer geld. Daarvoor onderzoeken we de beste manier om dit te doen en maken we afspraken met onze samenwerkingspartners. Op de lange termijn hopen we met deze bewustwording dat de ondersteuningsbehoefte en dus ook de kosten voor de gemeente minder zullen worden. Doorstroming op de woningmarkt We stimuleren inwoners om te verhuizen naar een voor hun betaalbare en geschikte woning waar ze langer zelfstandig kunnen wonen. Dit bevordert de doorstroming op de woningmarkt. Passende woningen zijn financieel bereikbaar voor de doelgroep en geschikt voor benodigde zorg en ondersteuning. Het gaat niet alleen om het bouwen van nieuwe woningen, maar ook om het matchen van de juiste mensen met de juiste woningen. Vernieuwende concepten We zetten vanuit deze visie zoveel mogelijk in op vernieuwende woonzorgconcepten in nieuwbouwontwikkelingen om ruimte te bieden aan het “samen leven met en zorgen voor elkaar”. We stimuleren ook geclusterde woonvormen: complexen waarin verschillende type bewoners met elkaar samenleven en elkaar helpen. Aparte woningen met een gezamenlijke ontmoetingsruimte en met een centrale rol voor iemand die mensen verbindt en de boel draaiende houdt. En waarbij mensen/ouderen die intensieve zorg nodig hebben, niet hoeven te verhuizen, maar in het complex zelf de zorg en ondersteuning kunnen krijgen.
Nieuwbouw We willen woningen die zo veel mogelijk aanpasbaar en/of levensloopbestendig worden gebouwd. Dit betekent dat aanpassingen vanwege zorg- of ondersteuningsvragen eenvoudig en relatief goedkoop kunnen plaatsvinden. Hierdoor zijn de woningen geschikt voor meerdere doelgroepen. Ook willen we flexwoningen toewijzen aan aandachtsgroepen en houden we bij woningbouwprojecten rekening met een goede mix van doelgroepen. Dat betekent voor de toekomst adaptief programmeren.
Pagina 6 van 36
Bestaande bouw We blijven ook inzetten op woningaanpassingen en woon(zorg)concepten in de bestaande sociale huurwoningvoorraad. Woningaanpassingen kunnen ervoor zorgen dat ouderen of inwoners met een lichamelijke beperking langer zelfstandig thuis kunnen blijven wonen. Daarnaast maken we afspraken over de manier waarop huurwoningen worden toegewezen aan woningzoekenden. Beleidsregels voor woningsplitsing worden verkend, evenals varianten zoals woningruil, deelwonen, meergeneratiewoningen, hospitaverhuur en flexwonen. We hebben ook oog voor mantelzorgers en onderzoeken de mogelijkheid van pre-mantelzorg. We willen de flexibiliteit binnen de bestaande woningvoorraad dus zoveel mogelijk optimaliseren en ons beleid hierop aanpassen. Risico’s •
• • • • • •
Met de huidige krapte op de woningmarkt verwachten we dat meer mensen hun huidige woning levensloopgeschikt zullen maken. Hiervoor zullen zij mogelijk een groter beroep doen op de voorzieningen voor woningaanpassingen uit de Wmo. Dit brengt een financieel risico voor de gemeente met zich mee. In de bouw is sprake van een personeelstekort. Dit zorgt ervoor dat de bouwversnelling mogelijk niet haalbaar is. Beperkte bereidheid bewoners om door te stromen naar een geschikte woning en woonomgeving of om hun woning aan te passen. Netcongestie werkt vertragend voor de woningbouw. Daarnaast kan dit gevolgen hebben voor de duurzaamheidsdoelstellingen. Een woning zonder aardgas gebruikt ongeveer vier keer zoveel elektriciteit. Het is moeilijk om initiatiefnemers te vinden voor het bouwen en of verhuren van specifieke woningen. (Traditionele) nieuwbouw is duur. Bezwaar en beroepsprocedures duren lang en zorgen voor vertraging.
2. Passende zorg en ondersteuning
Inwoners wonen op een prettige en veilige manier, in voldoende gezondheid en langer zelfstandig. Ouderen Ouderdom brengt vaak verlies van waardevolle relaties met zich mee, een belangrijke oorzaak van eenzaamheid. Het is belangrijk om eenzaamheid tegen te gaan en te investeren in een zinvolle dagbesteding. Om mensen te kunnen laten participeren in hun omgeving zal er meer een beroep worden gedaan om hulpmiddelen zoals een rolstoel of een scootmobiel. We verwachten dat het aantal inwoners met dementie de komende jaren zal gaan stijgen. Het is belangrijk om te investeren in mantelzorgers en casemanagers dementie om het mogelijk te maken dat mensen met dementie thuis kunnen blijven wonen of in hun eigen buurt/woonomgeving. Overstijgend vanuit de aandachtgroepen Voor inwoners die tot een aandachtsgroep behoren is meer nodig dan alleen een dak boven het hoofd om prettig te kunnen wonen. Voldoende passende zorg en begeleiding zijn voor hen randvoorwaarden om zelfstanding in een wijk te wonen en om leefbaarheid en woongenot van hun buren/ buurt te behouden. Voorbeelden hiervan zijn huishoudelijke ondersteuning, hulp bij dagelijkse bezigheden en ondersteuning om de dag te structureren. We zien dat de arbeidsmarkt voor zorg- en begeleidend personeel gespannen is. Er is nu al een tekort aan personeel en dit zal in
Pagina 7 van 36
de toekomst toenemen. Om de zorg en begeleiding overeind te houden, zullen we als gemeente (soms moeilijke) keuzes met elkaar moeten maken. Sterke sociale basis Onder de sociale basis verstaan we de vrij toegankelijke formele en informele activiteiten en voorzieningen gericht op het elkaar ontmoeten en ondersteunen, ontplooien en ontspannen die zorgen dat mensen kunnen samenleven en meedoen. De sociale basis gaat dan ook over het omzien naar elkaar in de wijken, buurten en dorpen. Maar ook over het autonoom kunnen leiden van het leven met eigen regie en een netwerk vanuit die basis. We hebben een sterk netwerk van zorgpartners waar inwoners laagdrempelige met hun hulpvraag naar toe kunnen en waar zij direct ondersteuning kunnen krijgen. Met de toenemende schaarste in de zorg wordt een sterke sociale basis steeds belangrijker, omdat steeds meer problemen met elkaar moeten worden opgelost. We zetten ons in op het faciliteren van een sterke sociale basis in een buurt waar mensen in deze buurt naar elkaar omkijken en elkaar steunen. Dit komt voort uit onze visie Samen Sterk. Mantelzorg en vrijwilligers Een deel van de inwoners is afhankelijk van mantelzorgers en vrijwilligers. We waarderen hun inzet enorm.
We voorzien in de toekomst een terugloop in het aantal mantelzorgers en vrijwilligers waardoor inwoners minder worden ondersteund en de mantelzorgers en vrijwilligers, die er nog wel zijn, intensiever worden belast. Wij hechten er veel waarde aan dat mantelzorgers en vrijwilligers zich gesteund voelen in het werk dat zij doen. We willen beleid voeren om de ondersteuning van mantelzorgers en vrijwilligers te waarborgen. Preventie en een gezond leven Het investeren in gezondheid door preventie is een belangrijke voorwaarde om langer zelfstandig thuis te wonen. Hierbij gaat het niet alleen om lichamelijke gezondheid, maar ook dagelijks functioneren, participatie en mentale gezondheid. De nadruk ligt daarom op het proberen te voorkomen van gezondheidsproblemen door een gezonde leefstijl te stimuleren. Er is in de gemeente een lokaal akkoord Bewegen Ontmoeten Sporten en Spelen (BOSS) gesloten waar samen met maatschappelijke partners uitvoering aan wordt gegeven. Daarnaast zetten we onder andere in op informatievoorziening, bewustwording en geschiktheid van de fysieke leefomgeving. We zetten daarbij niet alleen in op individuele maatregelen, maar gaan in samenwerking met stakeholders op zoek naar collectieve oplossingen voor de fysieke leefomgeving. Risico’s • De behoefte aan mantelzorg zal de komende jaren fors toenemen.
Het aantal mantelzorgers is toegenomen, maar deze groei zal waarschijnlijk niet voldoen aan de toekomstige behoefte. Daarnaast bestaat het risico dat mantelzorgers overbelast raken door het beroep dat op hen wordt gedaan. Als mantelzorgers overbelast raken, zal er een groter beroep worden gedaan op Wmo-voorzieningen. • Er is een tekort aan medewerkers in de zorg. Dit zorgt ervoor dat de zorg in de toekomst mogelijk niet beschikbaar is zoals dat nu nog is. • De opgave om inwoners langer zelfstandig te laten wonen, is een financieel risico voor de gemeente. Langer thuiswonende ouderen betekent waarschijnlijk ook meer gebruik van voorzieningen uit de Wmo. Denk aan thuisondersteuning, huishoudelijke hulp, ondersteuning bij wonen, vervoer en begeleiding (individueel en groep). Daarbij neemt naar verwachting ook het beroep op algemene voorzieningen, vrijwilligers- en mantelzorgondersteuning toe. De
Pagina 8 van 36
•
gemeentelijk bijdrage/ subsidie voor welzijnsondersteuning en dagbesteding kan hierdoor toenemen. Er zullen andere financieringsmodellen ingevoerd moeten worden (door zorgkantoren) die zorgorganisaties stimuleren om samen te werken, ook met het informele netwerk. De uitstroom van beschermd wonen naar zelfstandig wonen stagneert. Mensen verblijven nu langer dan noodzakelijk in beschermd wonen. Dit heeft tot gevolg, dat mensen die een indicatie hebben voor beschermd wonen, niet kunnen worden opgevangen, omdat er geen plaatsen zijn.
3. Leefbaarheid
Inwoners leven veilig, prettig en gezond in elkaars nabijheid in een samenleving waarin iedereen kan meedoen. Leefbaarheid Leefbaarheid is een cruciaal aspect van onze omgeving, en het verschilt sterk per individu. Terwijl sommigen verlangen naar rust en stilte, genieten anderen juist van de dynamiek van een bruisende stad. Voor de leefbaarheid van een buurt spelen diverse factoren een rol: 1. Fysieke omgeving 2. Sociale omgeving 3. Eenzaamheid 4. Alleenwonenden Leefbaarheid draait om de kracht en capaciteit van een buurt om nieuwe verbindingen aan te gaan en bewoners positief met elkaar te verbinden. Samenwerking en aandacht voor deze aspecten zijn essentieel om onze buurten leefbaar te houden, omdat we moeten omzien naar elkaar om hulp en ondersteuning in de toekomst mogelijk te houden. Leefbaarometer Volgens de leefbaarometer is de leefbaarheid in de gemeente Westervoort sinds 2014 toegenomen. Om ervoor te zogen dat de leefbaarheid zich positief blijft ontwikkelen zetten we in op community building. We willen dat inwoners in staat zijn om naar elkaar om te zien en elkaar te ondersteunen.
Pagina 9 van 36
Leefbarometer Westervoort 2022
Voorzieningen Daarnaast is het voor inwoners belangrijk dat voorzieningen bereik- en beschikbaar zijn. We werken samen met verenigingen en zorgorganisaties om dit te bewerkstelligen. Risico’s • We leven in een geïndividualiseerde samenleving. Het naar elkaar omkijken is geen vanzelfsprekendheid meer. Om wijken leefbaar te houden, is het belangrijk dat inwoners rekening houden met elkaar en omzien naar elkaar. • De samenleving vergrijst. De vrijwilligers van nu worden ouder en hebben straks zelf hulp nodig. De dan werkenden zijn al met te weinig om alle banen te vervullen, laat staan ook voor hun naasten te zorgen en/of vrijwilligerswerk te doen.
4. Fysieke omgeving
Een leefomgeving die sociaal, veilig, gezond en toegankelijk is voor iedereen. Inrichting Door de woonomgeving levensloopbestendig (bereikbaar, toegankelijk en veilig) in te richten, worden ouderen en andere aandachtsgroepen ondersteund om langer zelfstandig thuis te blijven wonen, te bewegen en sociale contacten op te doen. We werken samen met inwoners en (zorg)partners aan vitale wijken. Een toekomstbestendige woningvoorraad in leefbare en vitale wijken, waarin het voor iedereen prettig wonen is. We stemmen de woonopgave dus af op de leefomgeving, zodat deze uitnodigt tot bewegen en ontmoeten. Hierbij kan gedacht worden aan toegankelijke loop- en beweegroutes (rollator bestendig), maar ook aan de aanwezigheid van openbaar vervoer. Voorzieningen in de wijk De nabijheid van voorzieningen zoals winkels, apotheek, huisarts, ontmoetingsplekken, laagdrempelige steunpunten en een sociaal wijkteam worden gezien als mogelijkheden om de sociale samenhang in een wijk of kern te versterken. Voorzieningen kunnen niet in alle dorpen/ kernen en wijken in gelijke mate aanwezig zijn. We streven naar een aanbod van voorzieningen in iedere kern passend bij de omvang van de kern en de behoefte van de inwoners. De gemeente stimuleert en faciliteert activiteiten en voorzieningen door en voor elkaar, zowel in de vorm van gebouwen, als in de openbare ruimte.
Een ontmoetingsruimte vervult veel functies. Het is een centrale plek in de buurt of wijk die mensen met elkaar verbindt, die eenzaamheid helpt voorkomen, en waar mensen met of zonder zorgvraag ongedwongen samen kunnen komen. We stimuleren wooncirkels Een wooncirkel is een gewone buurt. Kern van de wooncirkel is een ontmoetingsplek voor (buurt)bewoners. Daarnaast is er een cluster van woningen waar mensen ondersteuning krijgen. In de cirkel wonen mensen zelfstandig. Als zij zorg of ondersteuning nodig hebben, kunnen zij (naast de eigen ambulante ondersteuning) leunen op de aanwezige expertise in de kern. In een wooncirkel zorgen ontmoetingsplekken voor verbindingen tussen bewoners (hier kunnen ze ook terecht met vragen, zijn voorzieningen en begeleiding makkelijk toegankelijk, wonen allerlei mensen, met en zonder begeleiding, door en naast elkaar en woont iedereen op een maximaal aantal minuten van elkaar.
Pagina 10 van 36
Bron: Leviaan
Als zij zorg of ondersteuning nodig hebben, kunnen zij (naast de eigen ambulante ondersteuning) leunen op de aanwezige expertise in de kern. In een wooncirkel zorgen ontmoetingsplekken voor verbindingen tussen bewoners. Hier kunnen ze ook terecht met vragen, zijn voorzieningen en begeleiding makkelijk toegankelijk, wonen allerlei mensen, met en zonder begeleiding, door en naast elkaar en woont iedereen op een maximaal aantal minuten van elkaar. Het bijzondere aan een wooncirkel is dat die niet is gekoppeld hoeft te zijn aan één specifieke woningcorporatie of zorgaanbieder. De deuren van de ontmoetingsplek staan open voor alle bewoners; ongeacht of zij wel of geen zorg ontvangen. De woningen eromheen kunnen beschikbaar worden gesteld door verschillende corporaties. Bovenstaande thema’s komen samen in de beweging “Blijfwijk”. De “Blijfwijk” is een plek waar mensen zorgen voor elkaar en zorg ontvangen die bij hen past. Waar mensen met hulp van elkaar, vrijwilligers en professionals hun hele leven kunnen blijven wonen. Daarom noemen we het een 'Blijfwijk': Een wijk waar mensen naar elkaar omkijken en iedereen erbij hoort. Risico’s • Investeringen in de fysieke omgeving kosten veel geld, dus hierin moeten duidelijke keuzes gemaakt worden, samen met de corporaties en ontwikkelaars.
• Fysieke inrichting voor ouderen en jongeren kan elkaar bijten, het is zoeken naar een voor beide groepen passende inrichting. Wat is nodig voor de ambities vanuit de vier thema’s: Samenwerken. De huidige en toekomstige opgaven waar we voor staan, zijn groot. Daarbij is er niet één knop waar we aan kunnen draaien die alles oplost. Interventies op verschillende domeinen (fysiek, sociaal et cetera) zijn nodig. Er is vergaande samenwerking nodig tussen de gemeente, zorgaanbieders, welzijnspartijen, corporaties en bewoners(organisaties). Dit vraagt vertrouwen en transparantie om met elkaar te communiceren over elkaars mogelijkheden en financiële middelen. Hier ligt een rol voor de gemeente. Als gemeente gaan we hier de komende jaren een verbindende en coördinerende rol in spelen. Onze rol ligt vooral in het aanjagen, verbinden en faciliteren. Als gemeente brengen we partijen in het sociale en woondomein samen om integraal en sector overstijgende samenwerkingen te bewerkstelligen. We hebben elkaar nodig.
Pagina 11 van 36
Met deze woonzorgvisie zetten we als gemeente een eerste stap. We nodigen alle betrokkenen uit om met elkaar aan de slag te gaan, te experimenteren en te leren van het doen. We zorgen dat de juiste partijen aangehaakt zijn (en blijven) door hen uit te nodigen voor bestaande of nieuwe overleggen. We grijpen regelmatige overleggen met elkaar aan om onze voortgang, knelpunten of het niet nakomen van afspraken te bespreken. Tot slot zorgen we voor een gezamenlijk begrip van de opgave. Dit betekent dat we alle ketenpartners (inclusief niet-investerende partijen zoals inwoners, huurdersorganisaties en cliëntenbelangenorganisaties) nadrukkelijk betrekken bij plannen die volgen uit deze woonzorgvisie. Initiatieven vanuit de samenleving De verhouding tussen de gemeente en de inwoners is aan het veranderen. De gemeente neemt een nieuwe rol aan en legt daarmee meer verantwoordelijkheid neer bij de inwoners. De gemeente richt zich meer dan voorheen op het vangnet zijn voor inwoners die zichzelf niet kunnen redden. We willen ruimte geven aan initiatieven vanuit de samenleving zodat we beter aansluiten op de specifieke wensen uit de samenleving. Voorbeelden hiervan zijn onder andere een gezamenlijke woongemeenschap of een ‘knarrenhof’. Inwoners met onbegrepen gedrag Een mooi voorbeeld van samenwerken geldt voor onze inwoners met onbegrepen gedag.
Voor deze groep is contact gelegd met lokale partners zoals Regionale Instelling voor Beschermend en Begeleid Wonen (RIBW), de Regionale Sociale Dienst (RSD) en de huisartsen. Er is ingezet op nauwe verbindingen met Boa’s, het wijk opbouwwerk van Santé Partners, politie, het sociaal loket van de gemeente, Zorgbemiddeling/bemoeizorg, Vivare, GGZ instellingen en verslavingszorg. Het resultaat is een sluitend netwerk voor inwoners met onbegrepen gedrag. Dat betekent concreet dat inwoners sneller in beeld zijn, eerder worden begeleid en dat de juiste zorg sneller naar de juiste plek wordt gebracht. Daarnaast voorkomt dit overlast in de buurt. Dergelijke netwerken zijn noodzakelijk. Prestatieafspraken Jaarlijks maakt de gemeente afspraken met huurdersverenigingen en corporaties over de sociale huurvoorraad en aanpalende thema’s. Woningbouwcorporaties spelen een belangrijke rol in het tot uitvoering brengen van deze visie. Om activiteiten beter op elkaar af te stemmen nodigen we op onderwerpen die gerelateerd zijn aan wonen en zorg de lokale zorg- en welzijnspartijen uit. Zo worden de prestatieafspraken uitgebreid naar prestatieafspraken wonen en zorg.
Pagina 12 van 36
HOOFDSTUK 2: TRENDS EN ONTWIKKELINGEN De uitdagingen op het gebied van wonen en zorg worden beïnvloed door demografische en maatschappelijke veranderingen, in combinatie met politieke besluitvorming en verschuivingen in het zorgstelsel. We signaleren diverse trends en ontwikkelingen die ons een sterk gevoel van urgentie en noodzaak geven om actie te ondernemen.
Tekort aan woningen
Naast de algemene woningnood is er ook een aanzienlijk tekort aan geschikte woningen voor specifieke doelgroepen. Veel ouderen wonen vaak in een ruime woning die eigenlijk beter geschikt is voor andere huishoudens. Hierdoor wordt de beschikbare woningvoorraad niet optimaal benut. Om de doorstroming te bevorderen, zijn er meer woningen nodig die geschikt zijn voor 1-2 persoons huishoudens. Bovendien draagt een gebrek aan doorstroming bij aan de krapte op de woningmarkt. Ouderen wonen vaak in woningen die minder geschikt zijn om langdurig zelfstandig en passend te wonen, vooral gezien de veranderingen in het zorglandschap. Het is essentieel dat we aandacht besteden aan deze uitdagingen en streven naar een betere afstemming van de beschikbare woningen op de behoeften van verschillende bevolkingsgroepen. Er is een groeiende behoefte aan nieuwe woonzorgconcepten en geschikte woonvormen. De vergrijzing zorgt voor een toenemende vraag naar woningen die geschikt zijn voor 1-2 persoons huishoudens, zowel in de huur- als koopsector. Daarnaast is er een duidelijke behoefte aan geclusterde woonzorgconcepten die een verbindende schakel vormen tussen zelfstandig wonen en wonen in een instelling met 24-uurs zorg. Deze behoefte geldt niet alleen voor ouderen, maar ook voor mensen met een psychische of verstandelijke beperking.
Naast deze passende woonvormen blijft een specifiek woonzorgaanbod noodzakelijk om mensen die niet zelfredzaam zijn, zo goed mogelijk hun plek te geven in de samenleving. Het is van groot belang dat we blijven investeren in innovatieve oplossingen om aan deze diverse behoeften te voldoen.
Ouderen
Het landelijk beleid geeft aan dat er geen tot weinig verpleeghuisplekken meer bijkomen. Zorg leveren zoals we dat nu doen, is in de toekomst niet meer mogelijk. Geclusterde woningen kunnen hier een uitkomst bieden. In een geclusterde woning wonen mensen zelfstandig maar toch samen, met gedeelde voorzieningen als een huiskamer en ontmoetingsruimte - liefst in het complex of anders op korte afstand in de buurt.
Pagina 13 van 36
Ontmoeten en activiteiten zijn belangrijke middelen tegen vereenzaming en halen door hun preventieve werking de druk van de al overbelaste zorg. Steeds meer mensen met een zorg- en ondersteuningsvraag wonen zelfstandig. Waar ontmoeting in verpleeghuizen vanzelfsprekend is, kan dit in de wijken een uitdaging zijn. De digitalisering van de samenleving gaat ontzettend snel. Niet elke inwoner kan dit tempo volgen. Dit maakt hen kwetsbaar doordat zij bijvoorbeeld moeite kunnen hebben met het regelen van hun financiën, afspraken maken met instanties en zorginstellingen. Zij moeten voor dergelijke zaken vaker een beroep doen op hun netwerk. Mensen die een beperkt netwerk hebben worden hierdoor extra kwetsbaar. Wanneer dit sociale netwerk niet sterk genoeg is, of helemaal ontbreekt, komen mensen in de knel.
Verschuiving in de zorg
De afgelopen decennia hebben we een duidelijke trend gezien waarbij de verantwoordelijkheden en bevoegdheden op het gebied van zorg steeds meer verschuiven van nationale overheden naar lokale gemeenten. Deze verschuiving is deels ingegeven door de wens om zorg dichter bij de burger te brengen en maatwerk te leveren op lokaal niveau. Gemeenten zijn beter gepositioneerd om de behoeften van hun inwoners te begrijpen en kunnen flexibeler inspelen op veranderingen in de lokale zorgvraag. Een belangrijk voorbeeld van deze verschuiving is te zien in de decentralisatie van taken op het gebied van jeugdzorg, ouderenzorg en maatschappelijke ondersteuning. Gemeenten hebben nu de verantwoordelijkheid om deze taken uit te voeren en hebben daardoor meer zeggenschap over de manier waarop zorg wordt geleverd en gefinancierd. De arbeidsmarkt voor zorgpersoneel staat onder druk. Er is momenteel al een tekort aan zorgmedewerkers, en de verwachting is dat dit tekort alleen maar zal toenemen. Ouderen wonen langer zelfstandig, waardoor zij vaker een beroep doen op mantelzorgers en vrijwilligers. Tegelijkertijd wordt verwacht dat het aantal mantelzorgers en vrijwilligers de komende jaren juist zal afnemen. Er is sprake van dubbele vergrijzing. Dit houdt in dat er niet alleen meer ouderen zijn, maar ouderen gemiddeld ook ouder worden.
De gemiddelde leeftijd waarop ouderen echter hulp nodig hebben stijgt niet mee, met als gevolg dat de groep hulpbehoevende ouderen groter en kwetsbaarder is/wordt dan ooit. Naast de dubbele vergrijzing, hebben we te maken met ontgroening: er komen steeds minder jonge mensen bij. Deze combinatie leidt ertoe dat er onvoldoende mensen beschikbaar zijn om de zorg binnen het huidige systeem te kunnen bieden. Desondanks willen we de noodzakelijke zorg blijven leveren aan kwetsbare inwoners. Dit dwingt ons om keuzes te maken in wat we wel en niet kunnen doen. Samenwerking met zorgpartijen en woningcorporaties wordt meer dan ooit cruciaal om de uitdagingen van vergrijzing en ontgroening het hoofd te bieden. Daarnaast moet er een groter beroep worden gedaan op de inwoners en hun netwerk. Veel zorg wordt aan huis geboden. Verpleeghuiszorg is alleen toegankelijk voor mensen met een zware zorgbehoefte. Ook de zorg voor mensen met een psychische aandoening of mensen met een verstandelijke beperking wordt aan huis geboden. Hierdoor zal in toenemende mate een beroep op Wmo-voorzieningen worden gedaan. Dit draagt bij aan stijgende kosten voor de gemeente. We zien dat de opvang van aandachtsgroepen steeds meer lokaal in de wijk wordt georganiseerd. Zo kunnen zij zo zelfstandig mogelijk wonen en onderdeel zijn van de samenleving.
Pagina 14 van 36
Demografische verandering
Het aantal 65-plussers in gemeente Westervoort is met 22,3% iets boven het landelijk gemiddelde van 20,2%. De komende jaren bereikt de vergrijzing een hoogtepunt met een landelijk gemiddelde van 25,4% in 2040. Als iets verder naar de toekomst wordt gekeken dan laten de bevolkingsprognoses laten zien dat tot 2040 de bevolking blijft groeien, daarnaast blijft de groep ouderen groter worden als gevolg van de naoorlogse babyboom. Wanneer verder dan 2040 wordt gekeken zien we deze groep ouderen langzaam krimpen en neemt het percentage jongeren in de samenleving toe. Na 2040 is het onzeker of het bevolkingsaantal blijft groeien, er is zelfs een kans op krimp.
Pagina 15 van 36
HOOFDSTUK 3: INZICHT IN DE WOONZORGOPGAVE Dit hoofdstuk bestaat uit twee onderdelen. Het eerste deel geeft inzicht in de aandachtsgroepen. Het tweede deel geeft inzicht in de huisvestingsopgave van deze aandachtsgroepen.
Wat zijn de aandachtsgroepen
Volgens de Wet Versterking Regie op de Volkshuisvesting moeten gemeenten in hun woonzorgvisie aandacht besteden aan de woonbehoefte van ouderen en een aantal ‘aandachtsgroepen’, namelijk: • • • • • • • • • • • • •
Mantelzorgverleners en ontvangers Mensen met een verstandelijke, lichamelijke of zintuigelijke beperking of psychische kwetsbaarheid die wegens ernstige chronische en medische redenen andere huisvesting nodig hebben (Dreigend) dakloze mensen, inclusief uitstroom maatschappelijke opvang, bankslapers en mensen op niet-conventionele woonplekken Uitstromers uit beschermd wonen Uitstromers uit de klinische geestelijke gezondheidszorg Uitstromers vrouwenopvang en slachtoffers mensenhandel Uitstromers jeugdzorg (incl. kwetsbare jongeren die uitstromen vanuit jeugdzorg zodra ze 18 worden) Uitstromers (jeugd)detentie en forensische zorg Uitstappende sekswerkers Arbeidsmigranten Studenten Woonwagenbewoners Statushouders
De aandachtsgroepen waar we ons bij de uitvoering van deze woonzorgvisie op zullen richten, zijn de volgende groepen: • Ouderen • Mantelzorgverleners en ontvangers • Mensen met een verstandelijke, lichamelijke of zintuigelijke beperking of psychische kwetsbaarheid die wegens ernstige chronische en medische redenen andere huisvesting nodig hebben • (Dreigend) dakloze mensen, inclusief uitstroom maatschappelijke opvang, bankslapers en mensen op niet-conventionele woonplekken • Uitstromers uit beschermd wonen • Uitstromers uit de klinische geestelijke gezondheidszorg • Uitstromers vrouwenopvang en slachtoffers mensenhandel • Uitstromers jeugdzorg (incl. kwetsbare jongeren die uitstromen vanuit jeugdzorg zodra ze 18 worden) • Uitstromers (jeugd)detentie en forensische zorg • Uitstappende sekswerkers De overige aandachtsgroepen nemen we niet specifiek mee in deze woonzorgvisie. Voor deze aandachtgroepen geldt dat het niet vanzelfsprekend is dat er een specifieke zorgbehoefte of ondersteuningsvraag aanwezig is. Ook is voor deze doelgroepen landelijke regelgeving en regionaal beleid van toepassing en worden deze al in onze gemeentelijke processen geborgd.
Pagina 16 van 36
•
•
• •
Voor arbeidsmigranten is de Wet Goed Verhuurderschap (2023) van toepassing en het ‘Huisvestingsbeleid voor internationale werknemers’. In de woonvisies 2021-20230 is hierover opgenomen dat regionale afstemming een goede ontwikkeling is, omdat de huisvesters van arbeidsmigranten zich voor mogelijkheden oriënteren op de hele regio. We erkennen dat wij een huisvestingsopgave hebben voor deze doelgroep en willen dat de huisvesting van deze groep goed geregeld wordt. Voor statushouders geldt het verplichte inburgeringstraject en heeft de gemeente een wettelijke taakstelling als het om huisvesting gaat. Nadere afspraken zijn vastgelegd in de prestatieafspraken met wooncorporatie Vivare. Om de huisvesting van statushouders gelijkmatig te verdelen ten opzichte van andere woningzoekenden, spannen de gemeenten zich in om het aantal verzoeken zoveel mogelijk te spreiden gedurende het jaar. De woonbehoefte van de woonwagenbewoners van Westervoort is in 2019 in regionaal verband in beeld gebracht. Het woonwagenbeleid is onderdeel van de Woonvisie Westervoort 2021. Van studenten is in Westervoort vrijwel geen sprake en zien wij op dit moment geen huisvestingsopgave.
Sommige van deze aandachtsgroepen hebben recht op voorrang bij een sociale huurwoning. Deze staan opgenomen in de urgentieregeling van de Huisvestingsverordening Gemeente Westervoort 2024. Om onze (kwetsbare) inwoners zo lang mogelijk zelfstandig te laten wonen, is een passend en dekkend aanbod nodig van wonen met begeleiding nodig. Er is sprake van een grote verscheidenheid van inwoners met een psychische kwetsbaarheid en dat geldt ook voor hun woonwensen, een gevarieerd aanbod van woonvarianten is nodig om aan deze wensen te voldoen.
Wat is de huisvestingsopgave?
1. Aandachtsgroepen die in aanmerking komen voor urgentie De verwachte jaarlijkse vraag naar woonruimte in de GMR en in de gemeente Westervoort, wanneer we uitgaan van een verdeling op basis van inwonertal, zijn in beeld gebracht. Hierbij zijn de aantallen voor Westervoort afgerond en weergegeven in een bandbreedte. • • • • • • • • • •
Mantelzorgverleners en ontvangers Mensen met medische urgentie Uitstroom uit maatschappelijke opvang Uitstromers uit beschermd wonen Uitstromers uit de klinische geestelijke gezondheidszorg Uitstromers vrouwenopvang en slachtoffers mensenhandel Uitstromers jeugdzorg (incl. kwetsbare jongeren die uitstromen vanuit jeugdzorg zodra ze 18 worden) Uitstromers (jeugd)detentie en forensische zorg Uitstappende sekswerkers Statushouders
Naast bovengenoemde groepen zijn er ook (dreigend) daklozen in de regio, die bijvoorbeeld tijdelijk verblijven bij kennissen of familie of bivakkeren in inadequate huisvesting. Om te voldoen aan de landelijke ambitie om het aantal daklozen voor het jaar 2030 terug te brengen naar 0, betekent dit dat in de regio per jaar mensen vanuit deze groep moeten worden gehuisvest. Als ook deze groep naar rato van inwonertal wordt verdeeld over de gemeenten in de regio betekent dit een aanvullende huisvestingsopgave in Westervoort. Deze groep overlapt deels met de groep die in de regio in aanmerking komt voor ‘sociale urgentie’. Pagina 17 van 36
Jaarlijkse woningbehoefte voor aandachtsgroepen die in aanmerking komen voor urgentie, inclusief sociale urgentie: tussen de 30 en 45 woonruimtes. 2. Overige groepen met een zorg- of ondersteuningsvraag Naast de groepen die in aanmerking komen voor urgentie voor een sociale huurwoning zijn er ook groepen die vanwege hun zorg- of ondersteuningsvraag behoefte hebben aan een bijzondere woonvorm. Hieronder is weergegeven welke toename van de vraag naar woonruimte er vanuit deze groepen wordt verwacht. Het gaat hierbij niet om een jaarlijkse vraag, maar om de totale toename van de vraag in de periode 2022 - 2030. Toename van de vraag van mensen met een verstandelijke en lichamelijke beperking (WLZ) en mensen met een psychische kwetsbaarheid (doelgroep Beschermd wonen): Toename van de vraag van mensen met een verstandelijke en Maximaal 25 tot 2030 lichamelijke beperking (WLZ) en mensen met een psychische kwetsbaarheid (doelgroep Beschermd wonen): maximaal 15 tot 2030
3. Huisvesting ouderen/ senioren In het rijksbeleid worden de volgende typen huisvesting voor senioren onderscheiden: • Nultredenwoning • Geclusterd wonen voor senioren • Zorggeschikte woningen2 Een groot deel van de senioren woont in een reguliere, niet specifiek voor ouderen bedoelde woning. Vaak is dit de woning waar mensen al jaren wonen. We nemen hier geen uitbreidingsopgave voor reguliere woningen voor senioren op; dit valt binnen de reguliere woningmarktprognoses. Vraag naar zorg voor ouderen In opdracht van de provincie Gelderland is onlangs een analyse uitgevoerd om de toekomstige vraag naar zorg voor ouderen in beeld te brengen. Onderstaande tabel toont de verwachte toename van de vraag in de periode 2022-2030. De vraag naar verpleegzorg kan worden ingevuld in een verpleeghuis of intramuraal woonzorgcentrum, maar ook in een zorggeschikte woning, een geclusterde woonvorm voor ouderen of in een reguliere woning. Ook de vraag naar zorg op afroep kan in verschillende woonvormen worden ingevuld.
Zorg op afroep: 75 richting 2030
In hetzelfde onderzoek is ook gekeken hoeveel inwoners van de gemeente Westervoort kampen met mobiliteitsbeperkingen. Het huidige aanbod aan aanpasbare en geschikte woningen lijkt ruim voldoende om dit aantal mensen te huisvesten. Niet al deze woningen worden in praktijk echter bewoond door mensen met mobiliteitsbeperkingen. 2
In de bijlage zijn de bijbehorende definities opgenomen.
Pagina 18 van 36
Ook is onderzocht welke toename van de vraag naar specifieke woonruimte voor senioren er wordt verwacht. Ook hier gaat het niet om een jaarlijkse vraag naar woonruimte, maar om een uitbreidingsopgave voor de periode 2022 – 2030.
Toename vraag naar ouderenhuisvesting (2022-2030): Nultredenwoning: maximaal 200 woningen Geclusterd wonen: maximaal 225 woningen Zorggeschikte woning /woonzorgcentrum: maximaal 50
De opgave is nadrukkelijk meer dan een nieuwbouwopgave. Het is van belang om ook kansen in de bestaande voorraad te benutten: door aanpassing van woningen, het toevoegen van ontmoetingsruimten en afspraken over toewijzing. Hierbij is het van belang om te beseffen dat de opgave ouderenhuisvesting een lange termijn opgave betreft. Ouderenhuisvesting bouw je niet voor een kortdurende piek; de behoefte blijft na 2030 hoog. We merken hierbij op dat het verstandig is om meer woningen voor ouderen toe te voegen dan de hierboven gepresenteerde aantallen. Dat heeft te maken met het volgende: • In de raming is voor de vraag naar zorggeschikte woningen gekeken naar het aantal ouderen dat behoefte heeft aan een dergelijke woning vanwege een intensieve zorgvraag (Wlz). Er zijn echter ook ouderen die uit voorzorg willen verhuizen naar een zorggeschikte woning, of er willen blijven wonen nadat zijn of haar partner die hier is komen wonen vanwege een Wlz-indicatie is overleden. Om ook aan deze vraag tegemoet te kunnen komen, is het wenselijk om een wat ruimer aanbod te realiseren dan alleen het aantal dat strikt noodzakelijk is voor mensen met een Wlz-indicatie. • Een deel van het zorggeschikte aanbod moet in de koopsector en particuliere huur worden gerealiseerd. In die segmenten kan minder worden gestuurd op wie er komt wonen.
Ook om die reden is er enig ‘overaanbod’ nodig om te zorgen dat alle mensen met intensieve zorgvraag hier een plekje kunnen krijgen. • Van de huidige voorraad ‘geschikte woningen’ of nultredenwoningen wordt een deel bewoond door mensen zonder mobiliteitsbeperkingen. Dat zal ook in de toekomst zo zijn. Het is daarom verstandig om ook in de toekomst te zorgen voor een ruim aanbod aan nultredenwoningen. In veel gemeenten zien we dat er (voorlopig) ruim voldoende nultredenwoningen in de voorraad zijn om het aantal mensen met een mobiliteitsbeperking te kunnen huisvesten. In die gevallen gaat het er dus vooral om na te denken over manieren om ervoor te zorgen dat toegankelijke woningen (vaker) terecht komen bij de mensen die een dergelijke woning nodig hebben. Disclaimer: We zien deze cijfers niet als een doel op zich. Maar deze cijfers geven wel inzicht in de opgave waar we de komende jaren voor staan.
Pagina 19 van 36
HOOFDSTUK 4: PARTICIPATIE EN UITVOERING Participatie
De woonzorgvisie is in verschillende fasen tot stand gekomen. Na het verkennen van de landelijke, regionale en lokale ontwikkelingen hebben we een plan van aanpak opgesteld. Aan de hand van (landelijk) onderzoek, relevante literatuur en diverse (regio) analyses hebben we daarna een analyse gemaakt van de kwantitatieve opgaven op het gebied van wonen, zorg en welzijn. Vervolgens hebben we de kwalitatieve opgaven in kaart gebracht. Dit samen met partners zoals zorg- en welzijnsorganisaties, de woningcorporatie, de ouderenbond en inwoners. Daarna hebben we met onze stakeholders samen ambities geformuleerd en prioriteiten gesteld. Eind november 2023 hebben we met de inwoners van de gemeente Westervoort gesprekken gevoerd over hoe onze inwoners de woonzorgopgave zien en wat de gemeenten hierover wilden meegeven. Vervolgens hebben we op 23 januari 2024 een bijeenkomst georganiseerd voor de stakeholders van de beide gemeenten. We hebben daarvoor corporaties, zorginstellingen, welzijnsorganisaties en ander woon- en of zorgvertegenwoordigers uitgenodigd. Deze bijeenkomst is gevolgd door een vervolggesprek met bepaalde stakeholders en een extra navraag voor cijfers om een goede indruk te krijgen van de totale opgave. Op 25 maart 2024 hebben we opnieuw een stakeholderbijeenkomst georganiseerd, in aanwezigheid van de wethouders van beide gemeenten.
In deze bijeenkomst zijn de professionele woon-, zorg- en welzijnsorganisaties betrokken om input te geven op vragen als: welke woonwensen leven er vanuit de aandachtsgroepen? Welke voorzieningen zijn er nodig in de buurt? Wat is er nodig om zo lang en prettig mogelijk zelfstandig te kunnen blijven wonen? Wij wilden graag van de deelnemers weten wat hun beeld is bij prettig wonen met de juiste zorg in een passende woning. De uitkomsten en verslagen van de participatie zijn in bijlage 3 opgenomen. Hieronder worden de belangrijkste thema’s vanuit de participatie nader geduid.
Pagina 20 van 36
Uitvoering
De opgehaalde informatie uit de participatie dient als uitgangspunt om verder uitvoering te geven aan deze woonzorgvisie. De uitkomsten van de participatie vormen de basis om de gesprekken met onze partners aan te gaan en deze te concretiseren in afspraken en te nemen maatregelen. Deze woonzorgvisie geeft aan ‘wat’ wij als gemeente willen gaan doen. Voor de uitwerking van onze ambities, is een planmatige werkwijze nodig in samenwerking met onze ketenpartners. Samen met onze partners maken wij afspraken over onze verdere samenwerking, en werken wij de aanpak van de opgaven verder uit. De uitwerking wordt vastgelegd in een uitvoeringsprogramma, dat als aanvulling dient op deze visie. Het uitvoeringsprogramma zal acties bevatten op het gebied van wonen, inrichting van de buitenruimte, maar ook samenleven, welzijn, gezondheid en het inrichten van zorg. Er is dan ook veel overlap met verschillende domeinen en tussen organisaties. Dit betekent actief samenwerken om de gestelde doelen en ambities te halen. Binnen de gemeente, maar ook met onze partners. Kortom, een domein overstijgende aanpak. Wat willen we meegeven voor de uitvoering? • Stel gebiedsvisies vast gericht op het verstreken van de kwaliteit van de woningen, de kwaliteit en inrichting van de openbare ruimte (groen, spelen en parkeren), de verkeersveiligheid en de aanwezige/bereikbare (zorg)voorzieningen.
• Zorg voor consensus over de opgave, maar blijf niet hangen in analyses. • Maak gebruik van wat er al is en versterk wat goed gaat. • Breng doorstroming op gang, verleid mensen tot verhuizing • Zorg voor een goede verspreiding van het welzijnswerk • Zorg voor bewustwording van de woonsituatie • Zorg voor een cultuur waarin voor en met elkaar gezorgd wordt • Denk na over: wat maakt een thuis? • Zet in op preventie en een gezond leven • Mantelzorgers moeten worden gestimuleerd en gemotiveerd, niet gedwongen • Financiering is vaak onduidelijk, ontschotting is gewenst • Zorg voor een goede mix van bewoners: vitaal/zorgbehoevend; jong/oud; lichte zorg/langdurige zorg. • Creëer samen nieuwe oplossingen en nieuwe type woonvormen. Meer geclusterde woonvormen, een community waar naar elkaar wordt omgekeken, ondersteun dit en stel voorwaarden. Denk daarbij aan de inzet van: o Een vast aanspreekpunt voor bewoners binnen het complex die bijdraagt aan de gemeenschapszin (hospitality/community manager, coach). o Het gebruik van technologie/domotica om een open sfeer te creëren, juist ook voor mensen met dementie. o De buurtfunctie van het complex: voorzieningen zijn ook beschikbaar voor buurt/wijkbewoners.
• Samenwerking is de sleutel; zorg voor het formaliseren van samenwerkingen op projecten en initiatieven voor wonen en zorg, inclusief een overkoepelend overleg met alle stakeholders in de gemeente. • Werk vanuit een integrale aanpak zodat nieuwe oplossingen worden gevonden • Bied ruimte voor inwoners initiatieven en oplossingen gericht op inwonersparticipatie zodat de regie bij de inwoners zelf ligt. • Zorg dat welzijn, de voorliggende voorzieningen, voldoende aanwezig zijn. • Zorg voor wederkerigheid, een bewoner mag ook iets terug doen voor de gemeenschap. Pagina 21 van 36
BIJLAGE 1: BEGRIPPENLIJST EN BRONVERMELDING • • • • • • • • •
BW= Beschermd wonen MO= maatschappelijke opvang VG= mensen met een verstandelijke beperking WLZ= Wet langdurige zorg Ketenpartners= gemeente, corporaties, zorg- en welzijnpartners, ontwikkelaars en het zorgkantoor WMO= Wet maatschappelijke opvang Geclusterd wonen voor ouderen= een zelfstandige, levensloopgeschikte woning in een complex met andere woningen, bedoeld voor senioren Geclusterd wonen andere doelgroepen= betreft zowel groepswonen als wonen in geclusterde appartementen , met 24- uurs aanwezige en oproepbare begeleiding Gespikkeld wonen= wonen in een reguliere (zelfstandige), niet geclusterde woning in de nabijheid van een woonvorm waarvandaan zorg en begeleiding geboden kan worden.
Aandachtsgroep Arbeidsmigrante n (short en mid stay)
(Dreigend) dakloze mensen
Mantelzorgers en mantelzorgontva ngers
Mensen met een medische urgentie Sociaal urgenten
Statushouders Uitstappende sekswerkers Uitstroom (jeugd)detentie en forensische zorg
Definitie / afbakening voor woningtoewijzing met urgentie Bron voor cijfers Onderdaan van een andere lidstaat van de EU die zijn hoofdverblijf niet in Woonbehoefteonderzoek NL heeft en in Nederland verblijft om Companen, GMR 2023 tijdelijke werkzaamheden te verrichten. Heeft betrekking op de woonbehoefte voor tijdelijke arbeidsmigranten, gebaseerd op het aantal werkplekken (binnen de woningmarktregio) dat door tijdelijke EU- arbeidsmigranten wordt ingevuld. Woningzoekenden die buitenslapen, mensen die verblijven in maatschappe- Schatting o.b.v. CBS lijke opvang (woningzoekenden aan wie wegens dakloosheid een statistiek voorziening voor opvang is verleend als bedoeld in artikel 1.1.1, eerste lid, van de Wet maatschappelijke ondersteuning 2015), mensen in nietconventionele woonplekken vanwege een gebrek aan huisvesting (zoals op een vakantiepark) en mensen die uit nood verblijven bij familie en vrienden. Van deze totale groep worden woningzoekenden aan wie wegens dakloosheid een voorziening voor opvang is verleend als bedoeld in artikel 1.1.1, eerste lid, van de Wet maatschappelijke ondersteuning 2015 (MO) aangemerkt als urgent woningzoekenden. Woningzoekenden die wegens het langdurige en intensieve karakter van de Urgenties Entree regio mantelzorg behoefte hebben aan andere woonruimte zodat zij deze kunnen 2022 t.b.v. woonzorgvisie ontvangen of verlenen.
Voor de urgentiecategorie zijn in de ministeriele Arnhem-Nijmegen regeling nadere criteria opgenomen voor de minimale afstand tussen mantelzorgontvanger en – verlener, intensiteit van de mantelzorg, verwachte duur, etc. Woningzoekenden die op grond van ernstige en chronische medische Urgenties Entree regio redenen (lichamelijke, verstandelijke of zintuigelijke beperking of psychische 2022 t.b.v. woonzorgvisie kwetsbaarheid of rolstoelafhankelijkheid) andere woonruimte behoeven Arnhem-Nijmegen Iemand die door een ernstig psychisch of sociaal probleem niet meer in zijn huidige woning kan blijven wonen. Enkel medisch urgenten zijn een wettelijk urgente groep. Deze aantallen worden meegenomen onder de categorie ‘mensen met een lichamelijke, verstandelijke of zintuigelijke beperking of psychische kwetsbaarheid en rolstoelafhankelijken’ Houders van een verblijfsvergunning als bedoeld in artikel 8, onderdeel a, b, Woonbehoefteonderzoek c, of d, van de Vreemdelingenwet 2000, op basis van de gemeentelijke Companen, GMR 2023 taakstelling bedoeld in artikel 28 van de Huisvestingswet. Woningzoekenden die deelnemen aan een programma gericht op duurzaam Geen betrouwbare cijfers stoppen met sekswerk waarbinnen begeleiding van sekswerkers plaatsvindt beschikbaar; groep is bij het vinden van ander werk, een andere woning of juiste zorg.
meegenomen binnen uitstroom MO Woningzoekenden die een inrichting of voorziening als bedoeld in art 1, Geen betrouwbare cijfers onder b, van de Beginselenwet justitiële jeugdinrichtingen, een beschikbaar; groep is penitentiaire inrichting als bedoeld in art. 1, onder b, van de Penitentiaire meegenomen binnen beginselenwet of een instelling voor forensische zorg als bedoeld in artikel uitstroom MO 1.1, eerste lid, van de Wet forensische zorg verlaten Pagina 22 van 36
Uitstroom uit Beschermd wonen Uitstroom uit jeugdzorg met verblijf
Woningzoekenden die een voorziening voor beschermd wonen als bedoeld in artikel 1.1.1, eerste lid, van de Wet maatschappelijke ondersteuning 2015 verlaten Woningzoekenden die de leeftijd van achttien jaar maar niet de leeftijd van drieëntwintig jaar hebben bereikt en die een accommodatie, gesloten accommodatie of voorziening voor pleegzorg als bedoeld in artikel 1.1 van de Jeugdwet verlaten. Uitstroom uit Woningzoekenden die een verblijf in een instelling als bedoeld in artikel klinische GGZ 1.1.1 van de Wet langdurige zorg verlaten waar zij geneeskundige geestelijke zorg ontvingen of woningzoekenden die in verband met geneeskundige zorg als bedoeld in artikel 10, onderdeel g, van de Zorgverzekeringswet in een instelling verbleven in verband met zorg zoals psychiaters en klinisch-psychologen die plegen te bieden en deze verlaten. Uitstroom uit Woningzoekenden aan wie wegens dakloosheid een voorziening voor Maatschappelijke opvang is verleend als bedoeld in artikel 1.1.1, eerste lid, van de Wet opvang (MO) maatschappelijke ondersteuning 2015 (MO) worden aangemerkt als urgent woningzoekenden.