20230417-rv-parapluplan-parkeren-bijlage-3-regels-parapluplan.pdf
Tekst van het document
Regels Parapluplan Parkeren Westervoort
Parapluplan Parkeren Westervoort
Gegevens over het plan: Plannaam: Identificatienummer: Status: Datum: Projectnummer Buro SRO:
Parapluplan Parkeren Westervoort NL.IMRO.0293.BPPARKEREN001-VS01 Vastgesteld 17 april 2023 17.01.06
Gegevens projectbetrokkenen: Opdrachtgever: Contactpersoon opdrachtgever:
Gemeente Westervoort O. Eurlings
Gegevens Buro SRO: Projectleider Buro SRO: Bezoekadres vestiging Arnhem: Telefoon: E-mail: Internet:
M. Geerts Sweerts de Landasstraat 50, 6814 DG te Arnhem 026 – 35 23 125 arnhem@buro-sro.nl www.buro-sro.nl
2
Parapluplan Parkeren Westervoort
Inhoudsopgave Toelichting
4
Regels Hoofdstuk 1 Artikel 1 Artikel 2 Hoofdstuk 2 Hoofdstuk 3 Artikel 3 Artikel 4 Hoofdstuk 4 Artikel 5 Artikel 6
Inleidende regels Begrippen Reikwijdte en toepassing Bestemmingsregels Algemene regels Anti-dubbeltelregeling Overige regels Overgangs- en slotregels Overgangsrecht Slotregel
Parapluplan Parkeren Westervoort
5 5 6 7 8 8 8 10 10 10
3
4
Parapluplan Parkeren Westervoort
Hoofdstuk 1 Artikel 1
Inleidende regels Begrippen
1.1 plan Het bestemmingsplan 'Parapluplan Parkeren Westervoort' met identificatienummer NL.IMRO.0293.BPPARKEREN001-VS01 van de gemeente Westervoort; 1.2 bestemmingsplan De geometrisch bepaalde planobjecten met de bijbehorende regels; 1.3 afwijking Een afwijking als bedoeld in artikel 3.6, eerste lid, onder c van de Wet ruimtelijke ordening; 1.4 bevoegd gezag Bestuursorgaan dat bevoegd is tot het nemen van een besluit ten aanzien van een aanvraag om een omgevingsvergunning of ten aanzien van een al verleende omgevingsvergunning; 1.5 bouwen Het plaatsen, het geheel of gedeeltelijk oprichten, vernieuwen of veranderen en het vergroten van een bouwwerk, alsmede het geheel of gedeeltelijk oprichten, vernieuwen of veranderen van een standplaats; 1.6 bouwperceel een aaneengesloten stuk grond, waarop ingevolge de regels een zelfstandige, bij elkaar behorende bebouwing is toegelaten; 1.7 CROW Oorspronkelijke afkorting van 'Centrum voor Regelgeving en Onderzoek in de Grond-, Water- en Wegenbouw en de Verkeerstechniek, non-profit kennispartner voor (decentrale) overheden, aannemers en adviesbureaus; 1.8 beleidsregel parkeren een beleidsregel die voor de uitoefening van de in het plan opgenomen regels uitleg geeft met betrekking tot het aspect parkeren, als bedoeld in artikel 3.1.2 lid 2 onder a van het Besluit ruimtelijke ordening; 1.9 geldende bestemmingsplannen Alle bestemmingsplannen,
uitwerkingsplannen of wijzigingsplannen die in werking zijn getreden en gelegen binnen de grenzen van de gemeente Westervoort op het moment van inwerkingtreding van dit plan. 1.10 eigen terrein als bedoeld in de regeling voor parkeren en laden en lossen het terrein en/of bouwwerk dat de aanvrager in eigendom of in gebruik heeft en waarover hij duurzaam kan beschikken en die bij het te realiseren (bouw)plan en/of het bouwwerk horen; 1.11 ASVV Deze afkorting staat voor Aanbevelingen Stedelijke Verkeersvoorzieningen en betreft een uitgave van de CROW.
Parapluplan Parkeren Westervoort
5
Artikel 2
Reikwijdte en toepassing
2.1 De regels in dit plan gelden in aanvulling op c.q. als wijziging van de regels van alle bestemmingsplannen, wijzigingsplannen en uitwerkingsplannen (dan wel daarmee gelijk te stellen plannen en besluiten) van de gemeente Westervoort die op het moment van inwerkingtreding van dit plan geldend zijn, voor zover niet anders bepaald in de bestemmingsregels c.q. de algemene regels van dit plan. De overige regels in de genoemde bestemmingsplannen, wijzigingsplannen en uitwerkingsplannen blijven ongewijzigd en derhalve onverminderd van kracht. 2.2 De regels van de plannen zoals bedoeld in artikel 2.1 worden gewijzigd in die zin, dat alle regels die betrekking hebben op parkeernormen, parkeergelegenheid, laad- en losmogelijkheden, aantal parkeerplaatsen, afmetingen van parkeerplaatsen, oppervlakte van parkeerplaatsen, situering van parkeerplaatsen en/of andere parkeernormen zoals bedoeld in artikel 4, niet meer van toepassing zijn en worden vervangen door de regels zoals opgenomen in dit bestemmingsplan 'Parapluplan parkeren Westervoort'.
2.3 Voor zover de regels van de plannen zoals bedoeld in artikel 2.1 niet voorzien in bepalingen die betrekking hebben op parkeernormen, parkeergelegenheid en laad- en losmogelijkheden, aantal parkeerplaatsen, afmetingen van parkeerplaatsen, oppervlakte van parkeerplaatsen, situering van parkeerplaatsen en/of parkeernormen gelden de regels zoals opgenomen in dit bestemmingsplan 'Parapluplan parkeren Westervoort'.
6
Parapluplan Parkeren Westervoort
Hoofdstuk 2
Bestemmingsregels
Dit bestemmingsplan bevat geen bepalingen m.b.t. enkel- of dubbelbestemmingen. De parkeerregeling is opgenomen in artikel 4 onder Hoofdstuk 3 Algemene regels.
Parapluplan Parkeren Westervoort
7
Hoofdstuk 3 Artikel 3
Algemene regels Anti-dubbeltelregeling
Grond die eenmaal in aanmerking is genomen bij het toestaan van een bouwplan waaraan uitvoering is of alsnog kan worden gegeven, blijft bij de beoordeling van latere bouwplannen buiten beschouwing.
Artikel 4
Overige regels
4.1 Parkeerregeling, laden en lossen 4.1.1 Parkeren auto's en fietsen a. Een omgevingsvergunning voor het bouwen, vernieuwen of uitbreiden van een gebouw en/of een omgevingsvergunning voor de verandering van het gebruik van een (bouw)perceel wordt slechts verleend indien is aangetoond dat wordt of zal worden voldaan aan de gemiddelde parkeernormen ten aanzien van auto's en fietsen zoals opgenomen in de CROW Parkeerkencijfers 2018 (publicatie 381) of de meest recente uitgave hiervan op moment van het indienen van de aanvraag. Indien de gemeente besluit om een beleidsregel ten aanzien van parkeren vast te stellen gelden de hierin opgenomen parkeernormen zoals deze gelden op het moment van het indienen van de aanvraag; b. De benodigde parkeerplaatsen zoals bedoeld onder a. dienen te worden aangelegd en duurzaam in stand gehouden worden op eigen terrein of gronden die duurzaam daarvoor aangewend kunnen worden en welke direct aansluitend bij het gebouw/perceel zijn gelegen. Het niet voldoen aan deze voorwaarde is een vorm van strijdig gebruik van de bestemmingsomschrijving van de geldende enkelbestemming als opgenomen in het onderliggende bestemmingsplan. 4.1.2 Laden en lossen a.
Een omgevingsvergunning voor het bouwen, vernieuwen of uitbreiden van een gebouw en/of een omgevingsvergunning voor de verandering van het gebruik van een (bouw)perceel wordt slechts verleend als is verzekerd dat er in een behoefte voor het laden en lossen van goederen wordt voorzien en daarbij ook inbegrepen de bijbehorende voorzieningen en manoeuvreerruimte zoals bepaald in de ASVV uitgave 2021 (uitgegeven door CROW) of de meest recente uitgave hiervan op moment van het indienen van de aanvraag. Indien de gemeente besluit om een beleidsregel ten aanzien van laden en lossen vast te stellen gelden de hierin opgenomen normen zoals deze gelden op het moment van het indienen van de aanvraag. b. De benodigde laad- en losruimte zoals bedoeld onder a. dient te worden aangelegd en duurzaam in stand gehouden te worden op eigen terrein of gronden die duurzaam daarvoor aangewend kunnen worden en welke direct aansluitend bij het gebouw/perceel zijn gelegen. Het niet voldoen aan deze voorwaarde is een vorm van strijdig gebruik van de bestemmingsomschrijving van de geldende enkelbestemming als opgenomen in het onderliggende bestemmingsplan. 4.1.3 Afwijkingsregel a. Het bevoegd gezag kan door middel van het verlenen van een omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde onder artikel 4.1.1 en 4.1.2 indien: 1.
op andere wijze in de benodigde parkeer- of laad- en losruimte wordt voorzien, of; 2. uit (parkeer)onderzoek blijkt dat voldoende parkeer- of laad- en losgelegenheid aanwezig is in het openbaar gebied, of; 3. er door andere omstandigheden, mede verband houdende met de aard en omvang van de nieuwe functie of bouwwerk, zoals dubbelgebruik, aanwezigheidspercentages en fietsgebruik volstaan kan worden met een lagere norm.
8
Parapluplan Parkeren Westervoort
b.
De afwijking zoals bedoeld onder a. is enkel mogelijk mits: 1. het woon- en leefmilieu van de omgeving niet onevenredig wordt aangetast; dit betekent in ieder geval dat de gebruiksmogelijkheden van de aangrenzende percelen niet onevenredig mogen worden beperkt; 2. bij de omgevingsvergunning het behoud van een stedenbouwkundige eenheid en de verkeersveiligheidsbelangen in acht worden genomen.
Parapluplan Parkeren Westervoort
9
Hoofdstuk 4 Artikel 5
Overgangs- en slotregels Overgangsrecht
5.1 Overgangsrecht bouwwerken 1. Een bouwwerk dat op het tijdstip van inwerkingtreding van het bestemmingsplan aanwezig of in uitvoering is, dan wel gebouwd kan worden krachtens een omgevingsvergunning, en afwijkt van het plan, mag, mits deze afwijking naar aard en omvang niet wordt vergroot: a. gedeeltelijk worden vernieuwd of veranderd; b. na het teniet gaan ten gevolge van een calamiteit geheel worden vernieuwd of veranderd, mits de aanvraag van de omgevingsvergunning wordt gedaan binnen twee jaar na de dag waarop het bouwwerk is teniet gegaan; 2. Burgemeester en wethouders kunnen eenmalig afwijken van het eerste lid onder artikel 5.1 voor het vergroten van de inhoud van een bouwwerk als bedoeld in het eerste lid met maximaal 10%; 3. Het eerste lid onder artikel 5.1 is niet van toepassing op bouwwerken die weliswaar bestaan op het tijdstip van inwerkingtreding van het plan, maar zijn gebouwd zonder vergunning en in strijd met het daarvoor geldende plan, daaronder begrepen de overgangsbepaling van dat plan. 5.2 Overgangsrecht gebruik 1. Het gebruik van grond en bouwwerken dat bestond op het tijdstip van inwerkingtreding van het bestemmingsplan en hiermee in strijd is, mag worden voortgezet; 2.
Het is verboden het met het bestemmingsplan strijdige gebruik, bedoeld in het eerste lid onder artikel 5.2, te veranderen of te laten veranderen in een ander met dat plan strijdig gebruik, tenzij door deze verandering de afwijking naar aard en omvang wordt verkleind; 3. Indien het gebruik, bedoeld in het eerste lid onder artikel 5.2, na het tijdstip van inwerkingtreding van het plan voor een periode langer dan een jaar wordt onderbroken, is het verboden dit gebruik daarna te hervatten of te laten hervatten; 4. Het eerste lid onder artikel 5.2 is niet van toepassing op het gebruik dat reeds in strijd was met het voorheen geldende bestemmingsplan, daaronder begrepen de overgangsbepalingen van dat plan.
Artikel 6
Slotregel
Deze regels worden aangehaald als: Regels van het bestemmingsplan 'Parapluplan Parkeren Westervoort'.
10
Parapluplan Parkeren Westervoort
Parapluplan Parkeren Westervoort
11