20220531-rv-klapstraat-185-wonen-op-erf-van-lindner-bijlage-1-10-mer-beoordeling.pdf
Tekst van het document
Aanmeldnotitie vormvrije m.e.r.-beoordeling
Westervoort, Klapstraat 185
September 2021
Status: definitief
Aanmeldnotitie vormvrije m.e.r.-beoordeling Westervoort, Klapstraat 185
AANMELDNOTITIE VORMVRIJE M.E.R.-BEOORDELING ‘WESTERVOORT, KLAPSTRAAT 185’
Naam:
Aanmeldnotitie vormvrije m.e.r.-beoordeling Westervoort, Klapstraat 185
Datum:
September 2021
Versie:
Definitief
Opsteller:
Dhr. K. Bechtel
BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies
1
Aanmeldnotitie vormvrije m.e.r.-beoordeling Westervoort, Klapstraat 185
INHOUDSOPGAVE HOOFDSTUK 1 INLEIDING .................................................................................... 3 HOOFDSTUK 2 KENMERKEN VAN HET VOORNEMEN ................................................... 6 HOOFDSTUK 3 BESCHRIJVING VAN DE MILIEUEFFECTEN .............................................. 7 HOOFDSTUK 4 CONCLUSIE ................................................................................ 11
BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies
2
Aanmeldnotitie vormvrije m.e.r.-beoordeling Westervoort, Klapstraat 185
HOOFDSTUK 1
INLEIDING
Centraal gelegen in de kern Westervoort, bevindt zich aan de Klapstraat 185-185a een voormalig boerenerf. Ter plaatse staat de oorspronkelijke boerderij die verbouwd is tot woning en dat in het verleden deel in gebruik is geweest als huisartspraktijk. Deze woning beschikt over een zeer ruim en groen opgezet erf. Initiatiefnemer is voornemens om ter plaatse van het perceel aan de Klapstraat 185-185a (hierna: projectgebied) over te gaan tot herontwikkeling en ter plaatse woningen te realiseren waar in de kern Westervoort behoefte naar is. Concreet ziet het voornemen toe op het splitsen van de bestaande woning in twee wooneenheden, het bouwen van een appartementengebouw met 16 appartementen, acht rijwoningen, verdeeld over twee rijen en een schuur waarbinnen de bergingen van de appartementen zijn voorzien. Daarnaast wordt voorzien in de bijbehorende parkeervoorzieningen. Een belangrijk onderdeel van het voornemen, is om de nieuwe bebouwing een landelijke uitstraling te geven en dit nieuwe woongebied groen op te zetten. Op deze manier wordt gerefereerd aan het oorspronkelijke boerenerf. In afbeelding 1 is de ligging van het projectgebied weergegeven.
Afbeelding 1: Ligging projectgebied (Bron: ArcGIS)
Omdat deze voorgenomen herontwikkeling niet in overeenstemming is met het geldende bestemmingsplan is een bestemmingsplanherziening noodzakelijk. In het bestemmingsplan wordt aangetoond dat de voorgenomen ontwikkeling in overeenstemming is met een goede ruimtelijke ordening. Vanuit het ruimtelijke spoor is een vormvrije toets aan het Besluit Milieueffectrapportage noodzakelijk. In dit document worden de milieueffecten van deze ontwikkeling beschouwd. Eerst wordt een nadere toelichting op de M.e.r.-beoordeling gegeven.
M.e.r.-beoordeling De milieueffectrapportage is een wettelijk instrument met als doel het aspect milieu een volwaardige plaats in de integrale ruimtelijke afweging te geven. Een plan kan op drie manieren met milieueffectrapportage in aanraking komen: •
Op basis van artikel 7.2a, lid 1 Wm (als wettelijk plan);
BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies
3
Aanmeldnotitie vormvrije m.e.r.-beoordeling Westervoort, Klapstraat 185
Er ontstaat een m.e.r.-plicht wanneer er een passende beoordeling op basis van art. 2.8, lid 1 Wet natuurbescherming nodig is. • Op basis van het Besluit milieueffectrapportage (kolom 3, plannen); Er ontstaat een m.e.r.-plicht voor die activiteiten en gevallen uit de onderdelen C en D van de bijlage van dit besluit waar het plan genoemd is in kolom 3 (plannen). • Op basis van het Besluit milieueffectrapportage (kolom 4, besluiten); Er ontstaat een m.e.r.-(beoordelings)plicht voor die activiteiten en gevallen uit de onderdelen C en D van de bijlage van dit besluit waar het plan genoemd is in kolom 4 (besluiten). Een belangrijk element in het Besluit m.e.r.. is het (in feite) indicatief maken van de gevalsdefinities (de drempelwaarden in kolom 2 in de D-lijst). Dit betekent dat het bevoegd gezag meer moet doen dan onder de oude regelgeving. Kon vroeger worden volstaan met de mededeling in het besluit dat de omvang van de activiteit onder de drempelwaarde lag en dus geen m.e.r. (beoordeling) noodzakelijk was, onder de nu geldende regeling moet een motivering worden gegeven. Voor deze toets wordt de term vormvrije m.e.r.beoordeling gehanteerd. Het realiseren van woningen is niet als activiteit opgenomen in de C-lijst van het Besluit MER.
In de D-lijst de volgende activiteit opgenomen: ‘De aanleg, wijziging of uitbreiding van een stedelijk ontwikkelingsproject met inbegrip van de bouw van winkelcentra of parkeerterreinen’. Het realiseren van woningen is als een stedelijk ontwikkelingsproject aan te merken, waardoor toetsing aan de drempelwaarden dient plaats te vinden. De drempelwaarden zijn ten aanzien van de hiervoor genoemde activiteit als volgt: 1. 2. 3.
een oppervlakte van 100 hectare of meer, een aaneengesloten gebied en 2.000 of meer woningen omvat, of een bedrijfsvloeroppervlakte van 200.000 m2 of meer.
In voorliggend geval is geen sprake van het realiseren van 2.000 of meer woningen en wordt de oppervlakte van 100 hectare niet overschreden. Het oppervlak van het gehele projectgebied bedraagt namelijk circa 7.400 m². Daarnaast gaat het niet om 2.000, maar slechts de toevoeging van 25 woningen. Desalniettemin dient, gelet op de aard en omvang van het project, wel een vormvrije m.e.r.-beoordeling te worden uitgevoerd. Voorliggende aanmeldnotitie voorziet hierin.
Inhoud en doel van de vormvrije m.e.r.-beoordeling Inhoudelijk gaat de vormvrije m.e.r.-beoordeling in op de mogelijke belangrijke nadelige gevolgen voor het milieu als gevolg van het initiatief. Deze belangrijke nadelige gevolgen worden beoordeeld aan de hand van de selectiecriteria opgesomd in Bijlage III van de EEG-richtlijn Milieueffectbeoordeling, die drie hoofdthema’s noemt: • • •
De kenmerken van de activiteit; De plaats van de activiteit (ligging en samenhang met andere activiteiten (cumulatie); De kenmerken van de belangrijke nadelige gevolgen voor het milieu die de activiteit kan hebben.
Het doel van de notitie is om op objectieve wijze informatie over mogelijke, relevante milieugevolgen van het project te verzamelen en te presenteren. Betrokken partijen Bij het project is de gemeente Westervoort betrokken. Voor het vaststellen van het bestemmingsplan is de gemeenteraad van Westervoort het bevoegd gezag. Daarnaast worden de provincie Gelderland, Waterschap Rijn en IJssel en eventueel andere vooroverlegpartners geïnformeerd inzake voorliggend project.
BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies
4
Aanmeldnotitie vormvrije m.e.r.-beoordeling Westervoort, Klapstraat 185
Leeswijzer In hoofdstuk 2 wordt het voornemen beschreven. Daarbij komen aanleiding, achtergronden en uitgangspunten aan bod. Hoofdstuk 3 gaat in op de mogelijke milieueffecten van het project. In hoofdstuk 4 wordt bij wijze van samenvatting de beoordeling gedaan van de omstandigheden van het voornemen. Hierin wordt tevens de conclusie van de vormvrije m.e.r.-beoordeling beschreven.
BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies
5
Aanmeldnotitie vormvrije m.e.r.-beoordeling Westervoort, Klapstraat 185
HOOFDSTUK 2
KENMERKEN VAN HET VOORNEMEN
Dit hoofdstuk gaat in op de voorgenomen ontwikkeling en de projectlocatie. Voorgenomen ontwikkeling De voorgenomen ontwikkeling ziet toe op de transformatie van het projectgebied tot een woongebied. Hiertoe wordt de bestaande woning (Klapstraat 185-185a) gesplitst in twee wooneenheden. Direct ten oosten van deze woningen, worden acht levensloopbestendige grondgebonden woningen gebouwd. In de zuidoostzijde wordt daarnaast een woongebouw gerealiseerd met 16 appartementen. In de zuidwesthoek van het projectgebied wordt de bestaande wagenschuur verbouwd tot bijgebouw. In en om dit bijgebouw kan worden geparkeerd. Het bijgebouw zelf zal dienst doen als bergingsruimte voor de te realiseren appartementen. Voor gemotoriseerd verkeer, worden de woningen ontsloten op de Klapstraat. Uitsluitend de bestaande woning wordt ontsloten op de Langemaat. Daarnaast is het projectgebied vanaf verschillende plekken ter voet of fiets te bereiken. Belangrijk uitgangspunten van de voorgenomen ontwikkeling, is dat er een collectief erf met diversiteit aan woningtypologie ontstaat. De woningen worden gebouwd in een groene omgeving. De groene omgeving moet als gezamenlijke tuin fungeren. Al met al wordt qua bouwvolumes, opzet, materiaalgebruik en vormgeving, de uitstraling van een boerenerf gecreëerd, waarbij de bestaande boerderij (Klapstraat 185) wordt behouden.
Locatiekenmerken Het projectgebied ligt centraal in de kern Westervoort en bevindt zich aan de Klapstraat 185-185a. In de huidige situatie bevindt zich in het projectgebied een karakteristieke bebouwing dat in gebruik is als woonhuis met bijgebouwen. De karakteristieke bebouwing staat ook bekend als ‘De Langemaat’. De indicatieve begrenzing van het projectgebied is met de rode omlijning weergegeven in afbeelding 1. De functionele structuur van de directe omgeving van het projectgebied kenmerkt zich vooral door woongebieden. Het projectgebied wordt aan de noordzijde begrensd door de Lange Maat. Aan de oost- en zuidzijde vormt respectievelijk een parkeerterrein en openbaar groen de begrenzing. Ten westen wordt het projectgebied begrensd door de Klapstraat. Het gebruik van natuurlijke hulpbronnen en productie van afvalstoffen De ontwikkeling van de voorziene activiteiten legt geen bijzonder beslag op natuurlijke hulpbronnen. Tijdens het bouw- en woonrijp maken is grondverzet nodig. Tijdens de gebruiksfase zal elektriciteit en water nodig zijn. De woningen zullen gasloos gebouwd worden, conform de Wet Voortgang Energietransitie. De productie van afvalstoffen betreffen voor de beoogde woningen uitsluitend de huishoudelijke afvalstoffen. Deze worden zoveel mogelijk gescheiden om nuttige afvalstoffen op eenvoudige wijze te kunnen inzamelen en vervolgens verwerken/recyclen.
Er is geen sprake van de productie van gevaarlijk afval. Verontreiniging en hinder In de aanlegfase kan sprake zijn van tijdelijke verkeers- en geluidhinder van bouwverkeer en bouwwerkzaamheden op locatie. Het gaat dan om geluid en stof vanuit de bouwplaats en bouwverkeer van en naar het projectgebied. Vanwege de ligging, de omvang van de ontwikkeling en de geschatte tijdsduur, is er geen noodzaak om verkeer tijdelijk om te leiden, met de daarbij behorende effecten. Na afronding van de bouwwerkzaamheden zal de genoemde tijdelijke hinder volledig vervallen. Het aspect tijdelijke hinder leidt niet tot mogelijk belangrijke milieugevolgen. In de gebruiksfase zullen ten gevolge van de activiteiten geen nadelige effecten op het milieu en de omgeving plaatsvinden. Woningen worden namelijk niet gezien als milieubelastende functies. Zoals in hoofdstuk 3 wordt geconstateerd is er geen sprake van een onevenredige aantasting van beschermende natuurgebieden en/of het woon- en leefklimaat ter plaatse. Risico op ongevallen, specifiek met gevaarlijke stoffen of technologieën De beoogde ontwikkeling zorgt niet voor een toename van risico’s voor de omgeving. Er worden geen gevaarlijke stoffen geproduceerd, opgeslagen of vervoerd en er worden geen risicovolle technieken toegepast.
BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies
6
Aanmeldnotitie vormvrije m.e.r.-beoordeling Westervoort, Klapstraat 185
HOOFDSTUK 3
BESCHRIJVING VAN DE MILIEUEFFECTEN
Voor de vormvrije m.e.r.-beoordeling zijn de mogelijk negatieve milieueffecten van het voornemen relevant. Zoals in het vorige hoofdstuk is aangegeven, gaat het om de woningbouwontwikkeling waarbij 25 woningen worden toegevoegd. Relevante milieuaspecten zijn verkeer, geluid, luchtkwaliteit, water, ecologie en stikstof. In dit hoofdstuk worden de te verwachten (tijdelijke) effecten per aspect beschreven. Verder wordt ingegaan op tijdelijke hinder als gevolg van de ontwikkeling. Voor een aantal van deze aspecten zijn door diverse externe bureaus onderzoeken uitgevoerd. De conclusies van deze onderzoeken zijn samengevat in onderstaande alinea’s.
Verkeer BJZ.nu heeft in de toelichting van het bestemmingsplan de verkeersgeneratie ten gevolge van het plan in beeld gebracht (subparagraaf 3.3.4). Uit de berekening blijkt dat het voornemen resulteert in een verkeersgeneratie van 170,8 verkeersbewegingen per weekdagetmaal. De omliggende infrastructuur is berekend op de herontwikkeling van het projectgebied naar een woongebied. De verkeersgeneratie voorkomend uit het plan past binnen de maximale capaciteit van de omliggende wegen. De capaciteit van omliggende wegenstructuur is voldoende voor het afwikkelen van de toekomstige verkeersbewegingen. Het effect van de voorgenomen ontwikkeling op de verkeerssituatie wordt ingeschaald op neutraal.
Geluid Woningen zijn niet opgenomen in de VNG-uitgave, omdat woningen in beginsel niet aan te merken zijn als milieubelastende objecten. Echter zal wel sprake zijn van enig geluid als gevolg van de woonfuncties (leefgeluiden), hiervoor gelden echter geen normen. Het effect van de voorgenomen ontwikkeling op de geluidsituatie wordt ingeschaald op neutraal.
Luchtkwaliteit Het plan heeft zoals geconstateerd bij het onderdeel verkeer ten opzichte van de huidige situatie extra verkeersbewegingen tot gevolg. Via een NIBM-tool berekening is onderzocht of de ontwikkeling wel of niet in betekende mate bijdraagt aan de verslechtering van de luchtkwaliteit. Wat betreft de voertuigbewegingen is aangesloten op hetgeen opgenomen bij het aspect ‘verkeer’, waarbij de bestaande verkeersbewegingen buiten beschouwing zijn gelaten. Het aandeel vrachtverkeer is op 0% gezet, aangezien het voornemen uitsluitend de functie ‘wonen’ betreft. Het aandeel van vrachtverkeer in de aanlegfase is buiten beschouwing gelaten, omdat dit tijdelijk van aard is. De berekening laat het volgende beeld zien.
BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies
7
Aanmeldnotitie vormvrije m.e.r.-beoordeling Westervoort, Klapstraat 185
Uit de berekening blijkt dat voorliggend plan 'niet in betekenende mate bijdraagt' aan de luchtverontreiniging. Vervolgonderzoek naar effecten op de luchtkwaliteit is niet noodzakelijk. Het effect van de voorgenomen ontwikkeling ten aanzien van luchtkwaliteit wordt ingeschaald op neutraal.
Water Algemeen Het projectgebied is gelegen in de bebouwde kom van Westervoort. De locatie bevindt zich niet binnen een grondwaterbeschermings-, intrek- of waterwingebied. Grondwater Binnen het projectgebied zijn geen gevallen van grondwateroverlast bekend. Oppervlaktewater Naar aanleiding van dit plan zal geen extra oppervlaktewater gecreëerd worden. Er kan gesteld worden dat het plan geen nadelige gevolgen veroorzaakt voor het oppervlaktewatersysteem in de omgeving. Afvalwater Het afvalwater wordt afgevoerd naar de RWZI door middel van gebruik van de gemeentelijke riolering. Hemelwater Het schoonhemelwater wordt zoveel mogelijk in het projectgebied vastgehouden en met een overstort afgevoerd. De definitieve uitwerking van de omgang met het hemelwater wordt bij de uitvoering nader uitgewerkt. Gedacht wordt aan infiltratiekratten of infiltratievoorzieningen ter plaatse van de parkeervoorziening in het projectgebied. Bij de aanvraag om omgevingsvergunning voor de activiteit bouwen zal gedetailleerd worden beschreven op welke wijze met het hemelwater wordt omgegaan. Geconcludeerd wordt dat het aspect water niet leidt tot mogelijk belangrijke nadelige milieugevolgen. Het effect van de voorgenomen ontwikkeling ten aanzien van water wordt ingeschaald op neutraal.
Ecologie Bescherming in het kader van de natuur wet- en regelgeving is op te delen in gebieds- en soortenbescherming. Bij gebiedsbescherming heeft men te maken met de Natuurbeschermingswet en het Natuurnetwerk Nederland (NNN). Soortenbescherming gaat uit van de bescherming van dier- en plantensoorten. Sinds 1
BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies
8
Aanmeldnotitie vormvrije m.e.r.-beoordeling Westervoort, Klapstraat 185
januari 2017 is het wettelijk kader ten aanzien van gebieds- en soortenbescherming vastgelegd in de Wet natuurbescherming. Gebiedsbescherming Volgens het wettelijk kader ten aanzien van gebiedsbescherming zoals vastgelegd in de Wet natuurbescherming zal Nederland aan de hand van een vergunningenstelsel de zorgvuldige afweging waarborgen rond projecten die gevolgen kunnen hebben voor Natura 2000-gebieden. Hiernaast is het Natuurnetwerk Nederland (NNN) de kern van het Nederlands natuurbeleid. Het NNN is in provinciale structuurvisies uitgewerkt. In of in de directe nabijheid van het NNN geldt het 'nee, tenzij'- principe. In principe zijn er geen ontwikkelingen toegestaan als zij de wezenlijke kenmerken of waarden van het gebied aantasten. Het projectgebied ligt niet binnen een Natura 2000-gebied. Het meest nabijgelegen stikstofgevoelige Natura 2000-gebied ligt op een afstand van circa 900 meter. Het projectgebied ligt niet binnen de begrenzing van het NNN (GNN in Gelderland). De dichtstbijzijnde gronden die zijn aangemerkt als NNN liggen op circa 315 meter afstand van het projectgebied. Gezien de aard en omvang van de ontwikkeling en de onderlinge afstand tot het NNN is geen sprake van een aantasting van de wezenlijke kenmerken en waarden.
Om de stikstofdepositie op Natura 2000-gebieden te beoordelen heeft BJZ.nu stikstofberekeningen uitgevoerd met behulp van de AERIUS-calculator1. Hieruit is naar voren gekomen dat voor de gebruiksfase geen sprake is van rekenresultaten hoger dan 0,00 mol/ha/j. Er is daarmee geen sprake van een stikstofdepositie met significant negatief effect op Natura 2000gebieden. Het project is in het kader van de Wet natuurbescherming, ten aanzien van de effecten van stikstofdepositie op Natura 2000-gebieden, niet vergunningsplichtig. Daarnaast hoeft er geen passende beoordeling uitgevoerd te worden. Tot slot wordt opgemerkt dat, vanwege de ruime afstand van het projectgebied tot Natura 2000-gebieden, op voorhand wordt geconcludeerd dat het voornemen door geluid, licht of trillingen geen negatieve effecten veroorzaakt voor Natura 2000-gebieden. Soortbescherming In het kader van voorliggende ontwikkeling is een quickscan flora en fauna uitgevoerd2. Hierna zijn de resultaten uit het onderzoek opgenomen. Tijdens het veldbezoek is vastgesteld dat de woning en aangrenzende schuur en stal geschikt zijn voor verblijfplaatsen van vleermuizen en voor nestplaatsen van huismus en gierzwaluw. De bomen in het plangebied zijn tijdens het veldbezoek geïnspecteerd op geschikte holtes en loszittend schors. Er zijn enkele bomen aangetroffen waar (potentieel) geschikte holtes aanwezig zijn.
Vleermuizen en hun verblijfplaatsen en nesten van huismus en gierzwaluw zijn jaarrond beschermd, er dient daarom een nader onderzoek naar deze soort(groep)en uitgevoerd te worden. De gebouwen, bomen en struiken zijn ook geschikt voor algemene broedvogels zoals merel, winterkoning en ekster. Om negatieve effecten op beschermde soorten te voorkomen, dienen er mitigerende maatregelen te worden uitgevoerd. Door werkzaamheden buiten het broedseizoen uit te voeren kunnen negatieve effecten op algemene broedvogels voorkomen worden. Negatieve effecten op vleermuizen, huismus en gierzwaluw zijn niet middels mitigatie geheel te ondervangen. Het aspect ecologie leidt mogelijk tot (tijdelijke) nadelige effecten. Voor een aantal diersoorten wordt nader onderzoek uitgevoerd. Uit dit onderzoek moet blijken of voor deze diersoorten een verblijfplaats hebben in het projectgebied en of er een ontheffing moet worden aangevraagd. De aanvraag van de ontheffing gaat veelal gepaard met het bieden van alternatieve verblijfslocaties voor de betreffende diersoorten. Omdat op dit moment niet met zekerheid kan worden gezegd wat de invloed is van het voornemen voor het onderdeel ecologie, wordt het effect op licht negatief ingeschaald.
1
Stikstofonderzoek ‘AERIUS Berekening Klapstraat 185, Westervoort’, september 2021, BJZ.nu BV
2
Quickscan Wet natuurbescherming Herontwikkeling Klapstraat 185 te Westervoort, 28 januari 2021, Viridis
BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies
9
Aanmeldnotitie vormvrije m.e.r.-beoordeling Westervoort, Klapstraat 185
Tijdelijke hinder Met een ruimtelijke ontwikkeling kan ook tijdelijke hinder als gevolg van bouwwerkzaamheden gepaard gaan. In voorliggend geval zal gedurende de bouw van de woningen enige hinder als gevolg van bouwwerkzaamheden gaan plaatsvinden. Het gaat dan om geluid en stof vanuit de bouwplaats en bouwverkeer van en naar het projectgebied. Vanwege de ligging is er geen noodzaak om verkeer tijdelijk om te leiden, met de daarbij behorende effecten. Na afronding van de bouwwerkzaamheden zal de genoemde tijdelijke hinder volledig vervallen. Verder is via de AERIUS-berekening de stikstofdepositie in de aanlegfase onderzocht. Uit de berekening van de aanlegfase volgt geen depositiewaarde hoger dan 0,00 mol/ha/jr. Het aspect tijdelijke hinder leidt niet tot mogelijk belangrijke milieugevolgen.
Cumulatie Cumulatie van effecten treedt op wanneer werkzaamheden in direct omliggende gebieden vergelijkbare effecten veroorzaken met de hierboven beschreven effecten en in dezelfde periode worden uitgevoerd. In voorliggend geval zijn in de directe omgeving geen ruimtelijke ontwikkelingen gaande die belangrijke milieueffecten met zich meebrengen. Cumulatie is daarom niet aan de orde.
BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies
10
Aanmeldnotitie vormvrije m.e.r.-beoordeling Westervoort, Klapstraat 185
HOOFDSTUK 4
CONCLUSIE
Dit hoofdstuk dient als samenvatting van de conclusies van de hoofdstukken 2 en 3. In dit hoofdstuk wordt de voorgenomen activiteit aan onderstaande criteria getoetst en een eindafweging gemaakt. 1. De kenmerken van de activiteit; 2. De plaats van de activiteit; 3. De samenhang met andere activiteiten (cumulatie); 4. De kenmerken van de belangrijke nadelige gevolgen voor het milieu die de activiteit kan hebben. Kenmerken van de activiteit Het voornemen behelst het toevoegen van 25 woningen, een en ander met bijbehorende (parkeer)voorzieningen. Bij de kenmerken van de activiteit dient in het bijzonder in overweging te worden genoemd: • •
De omvang van het project; hinder.
Omvang De ontwikkeling is relatief gering van omvang. Het voornemen past in de stedelijke structuur van Westervoort. Geconcludeerd wordt dat dit project ver beneden de drempelwaarden van de m.e.r.-beoordelingsplicht blijft. Hinder Tijdens de uitvoering van het voornemen kunnen omwonenden en flora en fauna hinder ondervinden. Geconstateerd is dat de hinder voor omwonenden en de effecten op flora fauna beperkt en slechts tijdelijk is. Ten aanzien van een aantal diersoorten dient nader onderzoek uit te wijzen of er sprake is van hinder. Het gaat hierbij op de verstoring van verblijfplaatsen. Dergelijke hinder kan echter veelal worden geminimaliseerd door alternatieve verblijfsplaatsen te realiseren (indien nodig).
Plaats van de activiteit Het projectgebied is geheel binnen grondgebied van de gemeente Westervoort. De voorgenomen activiteit is niet gelegen in beschermd gebied in het kader van waterhuishouding of natuur. Binnen het projectgebied zelf zijn ook geen waardevolle groenstructuren aanwezig.
Samenhang met andere activiteiten ter plaatse Er vinden in de directe omgeving van het projectgebied geen andere (grootschalige) ontwikkelingen plaats waarmee rekening dient te worden gehouden.
Kenmerken van de belangrijke nadelige milieugevolgen Voor de beoordeling van eventuele belangrijke nadelige milieugevolgen van de voorgenomen activiteit moet, daar waar opportuun, rekenschap worden gegeven aan de volgende zaken: • • • •
Het bereik van het effect (geografische zone en de grootte van de getroffen bevolking); Het grensoverschrijdende karakter van het effect; De waarschijnlijkheid van het effect; De duur, frequentie en de onomkeerbaarheid van het effect.
Uit hoofdstuk 3 is gebleken dat de ontwikkeling op de relevante milieuaspecten verkeer, geluid, luchtkwaliteit, water en ecologie (waaronder stikstof) geen belangrijke structurele nadelige en onomkeerbare milieugevolgen met zich meebrengt. De ontwikkeling gaat wel gepaard met tijdelijke hinder als gevolg van de sloop- en bouwwerkzaamheden, maar deze zullen na afronding volledig vervallen.
BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies
11
Aanmeldnotitie vormvrije m.e.r.-beoordeling Westervoort, Klapstraat 185
Conclusie vormvrije m.e.r.-beoordeling De vormvrije m.e.r.-beoordeling maakt duidelijk dat de milieueffecten als gevolg van de voorgenomen ontwikkeling beperkt zijn en dat er geen sprake is van een bijzondere omstandigheid die het opstellen van een MER noodzakelijk maakt.
BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies
12