20220207-rv-oprichting-stichtingen-vggm-bijlage-2-raadsinformatiebrief.pdf
Tekst van het document
Raadsinformatiebrief Veiligheids- en Gezondheidsregio Gelderland-Midden
RAADSINFORMATIEBRIEF VGGM In deze raadsinformatiebrief willen wij u informeren over een aantal ontwikkelingen die belangrijk zijn bij het opstellen van de begroting voor 2023.
Daarbij gaat het om ontwikkelingen die voortkomen uit autonome veranderingen en om ontwikkelingen die voortkomen uit gezamenlijke ambities. Ook wordt ingegaan op het onderzoek dat door Berenschot is uitgevoerd naar de bekostiging van de brandweer en de overhead. Wij gaan in april een conceptbegroting 2023 toesturen voor een zienswijze. Ten slotte wordt in deze brief ingegaan op het voornemen stichtingen op te richten om landelijk de krachten te bundelen op het gebied van (ongevallen)verzekeringen. Op 26 januari 2022 wordt een webinar georganiseerd voor raadsleden waarin vragen gesteld kunnen worden. Graag willen u in deze brief informeren over een aantal ontwikkelingen die voor VGGM van belang zijn bij de totstandkoming van de conceptbegroting 2023. Het algemeen bestuur van VGGM heeft op 1 december 2021 besloten de totstandkoming van deze conceptbegroting 2023 enige maanden uit te stellen, zodat de effecten van een aantal ontwikkelingen kan worden verwerkt in deze conceptbegroting. Dit houdt tevens in dat de conceptbegroting 2023 pas ná de gemeenteraadsverkiezingen voor een zienswijze zal worden aangeboden aan de gemeenteraden. In deze brief wordt tevens ingegaan op de stand van zaken met betrekking tot
2
het onderzoek naar de bekostiging van VGGM. Ten slotte wordt in de brief ingegaan op het voornemen van VGGM om samen met alle andere veiligheidsregio’s twee stichtingen op te richten om. Voordat hiertoe definitief wordt besloten, kunnen de gemeenteraden hierover wensen en bedenkingen uiten. Opbouw van de brief: 1. Bekostigingsonderzoek 2. Ontwikkelingen op de verschillende beleidsterreinen (aan de hand van begrotingsprogramma's) 3. Landelijke stichting (ongevallen)verzekeringen Tenslotte Op 26 januari 2022 zal een webinar worden georganiseerd voor raadsleden waarin een toelichting zal worden gegeven op de stand van zaken met betrekking tot de COVID19 crisis en een korte toelichting zal worden gegeven op de informatie uit deze raadsinformatiebrief. De uitnodiging voor dit webinar wordt separaat verspreid.
3
VERBINDENDE THEMA'S VOOR DE KOMENDE JAREN Onder de verbindende vlag van de “veiligheids- en gezondheidsregio” zijn de verschillende ‘merken’ GGD, GHOR, Ambulancezorg, Brandweer en Veilig Thuis de afgelopen jaren sterk ontwikkeld.
Deze ontwikkeling zet de komende jaren verder door op met name drie thema's: 1. Risicosignalering 2. (Multi)crisisbeheersing 3. Veilige en gezonde leefomgeving Ten aanzien van elk van deze thema's wordt momenteel voorbereid op welke wijze VGGM invulling wil geven aan deze ontwikkelingen. De directie van VGGM gaat daarover in 2022 met het bestuur in gesprek om gezamenlijk de richting te bepalen. VGGM is in verschillende organisatieonderdelen aan het werk om meer informatiegericht werken mogelijk te maken. De eerste vruchten daarvan beginnen zich af te werpen. De verwachting voor de komende jaren is dat het mogelijk wordt tot op wijkniveau zeer gerichte informatie beschikbaar te stellen die van dienst kan zijn bij de aanpak op het gebied van verschillende maatschappelijke uitdagingen. De gedachte is dat de analyses van informatie steeds meer een voorspellend karakter krijgen, waardoor we sneller potentiële risico's kunnen signaleren. Mede door de huidige Covid-19 crisis is duidelijk geworden dat de (landelijke
4
en (inter-)regionale) organisatie van de crisisbeheersing beter kan. Dit blijkt ook uit de evaluatie van de Wet Veiligheidsregio’s. De verwachting is dat het kabinet in het voorjaar zal komen met voorstellen voor een andere aanpak. Veranderingen in de maatschappij zoals klimaatverandering en de energietransitie hebben effect op de taakuitvoering van zowel brandweer als GGD. Deze veranderingen vragen om een andere en intensievere aanpak van bijvoorbeeld de natuurbrandbeheersing en de (veilige) energietransitie. De inwerkingtreding van de Omgevingswet (vooralsnog voorzien op 1 juli 2022) heeft ook effect, met name op de advies- en toezichtstaken van VGGM. Op ambtelijk en bestuurlijk niveau vindt afstemming plaats over wensen en verwachtingen vanuit de verschillende gemeenten om te komen tot een gezamenlijk beeld. De directie van VGGM ziet het feit dat VGGM zowel de GGD als brandweer in huis heeft, als een goede mogelijkheid om de toezicht- en adviestaak voor een veilige en gezonde leefomgeving integraal vorm te geven.
5
BEKOSTIGINGSONDERZOEK Berenschot heeft een onderzoek gedaan naar de bekostiging van brandweer en overhead. Samenvattend concludeert Berenschot dat Gelderland Midden beschikt over een gemiddelde brandweerzorg tegen een goede prijs. Ten aanzien van de overhead concludeert Berenschot dat deze “knap maar krap” is ingericht.
Ten opzichte van andere Veiligheidsregio's is de omvang van de overhead ca 23% kleiner en ten opzichte van andere uitvoeringsorganisaties ca 28%. De controlerende en adviserende rollen zijn minimaal ingeregeld. De directie van VGGM is van mening dat deze situatie niet lang houdbaar is. De directie werkt een versterkingsplan en zal in de (meerjaren)begroting voor 2023 voorstellen doen om de overhead meer solide in te richten. Diverse gemeenteraden hebben in hun zienswijzen op de planning & control producten de vraag gesteld in hoeverre VGGM kan meebewegen met de financiële spanning waarin gemeenten zich bevinden. Hierop reagerend hebben de bestuurders van VGGM aangegeven een discussie te willen voeren over de scope van activiteiten ten laste van de gemeentelijke budgetten, startend met een benchmark onderzoek. Dit onderzoek kan richting geven in hoeverre activiteiten minder kunnen, nu mogelijk te ruim zijn ingericht en/of inefficiënt worden uitgevoerd. In 2021 is dit onderzoek door Berenschot uitgevoerd. Berenschot heeft haar resultaten op 4 november jl. aan het Algemeen Bestuur gepresenteerd. Scope van het onderzoek betrof de activiteiten brandweerzorg en overhead. Gezien de energie die vanuit de GGD momenteel in de COVID19 bestrijding wordt gestoken, zijn deze activiteiten
6
buiten scope gebleven. In 2022 wordt bekeken hoe ook deze activiteiten met andere GGD-en vergeleken kunnen worden. Brandweerzorg Samenvattend concludeert Berenschot dat Gelderland Midden beschikt over een gemiddelde brandweerzorg tegen een goede prijs. De organisatie is ingericht op basis van de beleidsmatige uitgangspunten zoals afgesproken bij de regionalisering van de Brandweer. Gelderland Midden heeft ten opzichte van het gemiddelde net iets minder posten en brandweerauto's per 10.000 inwoners. Daarnaast is Gelderland Midden ook iets later ter plaatse. De activiteiten die nodig zijn om de brandweer goed te laten functioneren, zoals het onderhoud aan de voertuigen en geoefend houden van de vrijwilligers, wordt in Gelderland Midden zo veel als mogelijk regionaal uitgevoerd. Dit leidt tot efficiënte werkprocessen en een kostprijs onder het gemiddelde. De activiteiten van risicobeheersing, waaronder toezicht op het veilig gebruik van gebouwen, is sterk beheersmatig en gestandaardiseerd ingericht. Dit geeft beperkte flexibiliteit in het toezicht, zoals een proactieve advisering. Anderzijds leidt dit tot een lagere kostprijs dan gemiddeld. In haar presentatie heeft Berenschot nader toegelicht dat een aantal Veiligheidsregio's gestart is met de voorbereiding van diverse ontwikkelingen.
Denk hierbij aan de komst van de omgevingswet, Wet Normalisatie Rechtspositie Ambtenaren, versterking van de taken behorend tot de (multi)crisisbeheering en verduurzaming van de bedrijfsvoering. Berenschot gaf aan dat Veiligheidsregio's die al gestart zijn met deze ontwikkelingen dit veelal tot hogere lasten heeft geleid. Het benchmark onderzoek leidt niet tot het inzicht dat activiteiten te ruim of inefficiënt zijn ingericht. Eventuele besparingen zijn te realiseren door keuzes in de omvang van de taakuitvoering. In 2023 zal de directie de bestuurlijke uitgangspunten die ten grondslag liggen aan de omvang van de taakuitvoering met het bestuur gaan spreken. Denk hierbij aan uitgangspunten met betrekking tot de snelheid waarop de brandweer ter plaatse kan zijn of de aard en omvang van de meer specialistische hulpverlening. Overhead Ten aanzien van de overhead concludeert Berenschot dat deze “knap maar krap” is ingericht. Ten opzichte van andere Veiligheidsregio's is de omvang van de overhead ca 23% kleiner en ten opzichte van andere uitvoeringsorganisaties ca 28%. Deze krappe invulling is gerealiseerd door focus en standaardisatie aan te brengen op de dag dagelijkse taken. De
7
controlerende en adviserende rollen zijn minimaal ingeregeld. De directie van VGGM is van mening dat deze situatie niet lang houdbaar is. Bij veranderende omstandigheden ontstaan risico's in een adequate ondersteuning van de primaire processen. Denk hierbij aan uitval of onjuiste inregeling van systemen en data, werving van nieuwe medewerkers of het binnen veranderende wet- en regelgeving organiseren van de activiteiten. De directie werkt een versterkingsplan en zal in de (meerjaren)begroting voor 2023 voorstellen doen om de overhead meer solide in te richten. Samenvattend In afstemming met de gemeenten zal het bestuur hierbij keuzes moeten maken over het gewenste niveau van taakuitoefening die ten laste komen van de gemeentelijke budgetten. Om op gelijk niveau te blijven, is uitbreiding van middelen noodzakelijk.
8
COVID-19 Na de zomer leek de bestrijding van de COVID19 pandemie over het hoogtepunt heen. Grote groepen inwoners waren gevaccineerd, de verspreiding van het virus was beperkt en maatregelen in de samenleving konden worden versoepeld.
Helaas is in het najaar van 2021 een nieuwe besmettingsgolf ontstaan. Capaciteit voor testen en traceren is daarmee opnieuw maximaal opgeschaald. Daarnaast worden volop vaccinaties gezet, zowel fijnmazig in de wijk als voor grotere groepen (boostercampagne). De opdracht van VWS voor het testen, traceren, vaccineren en voorlichting wordt in de eerste helft van 2022 voortgezet. Hierbij zal VWS niet meer de gederfde inkomsten binnen andere onderdelen van GGD, zoals misgelopen klanten voor een reizigersvaccinatie, vergoeden. Hiermee loopt de GGD komend jaar een risico op een achterblijvende opbrengst. Voor de VGGM is het de grootste uitdaging om de tijdelijke projectorganisatie ten behoeve van de COVID19 bestrijding in stand te houden. Als gevolg van de COVID19 crises staat de reguliere taakuitvoering van met name de GGD onder druk.
9
CRISISBEHEERSING De verwachting is dat het nieuwe Kabinet in het voorjaar meer duidelijkheid geeft over veranderingen op het gebied van de crisisbeheersing. Als organisatie proberen we zoveel mogelijk te anticiperen op deze veranderingen.
De organisatie van de crisisbeheersing wordt gezamenlijk vormgegeven door GHOR, brandweer, bevolkingszorg en politie en andere relevante samenwerkingspartners zoals waterschappen, defensie en vertegenwoordigers van vitale infrastructuur. Op 4 december 2020 verscheen het eindrapport Evaluatie Wet veiligheidsregio’s en op 3 februari 2021 heeft het Kabinet hierop een standpunt ingenomen. De verwachting is dat in het voorjaar meer duidelijkheid wordt gegeven over veranderingen op het gebied van de crisisbeheersing. Dynamische risicosignalering Het bestuur van VGGM stelt minimaal één keer per vier jaar een beleidsplan waarin het beleid is vastgelegd ten aanzien van de taken van de veiligheidsregio. Dit beleid is gebaseerd op een risicoanalyse. De huidige beleidsplanperiode loopt tot en met 2023. De huidige aanpak om te komen tot een regionaal risicoprofiel wordt het komende jaar aangepast, waarbij het doel is dat de risicoanalyse een veel dynamischer karakter krijgt. Daarbij past de ontwikkeling van een Veiligheids Informatie Knooppunt (VIK) van waaruit bij een incident real-time relevante informatie beschikbaar kan worden gesteld aan operationele diensten. Bevolkingszorg
10
Zowel in het rapport van de evaluatiecommissie Wet veiligheidsregio’s als in het kabinetsstandpunt daarop wordt voorgesteld om de veiligheidsregio’s een sterkere regierol te geven op bevolkingszorg en crisiscommunicatie. Het Veiligheidsberaad heeft op 4 oktober 2021 besloten de adviezen van de evaluatiecommissie en het Kabinetsstandpunt verder uit te werken in een landelijk beschreven kwaliteitsniveau voor bevolkingszorg (incl. crisiscommunicatie), ter vaststelling door de 25 besturen veiligheidsregio. Het vastgestelde kwaliteitsniveau kan vervolgens dienen voor implementatie in de regio’s en daarnaast worden meegenomen in het traject van de wetsontwikkeling. Geneeskundige HulpverleningsOrganisatie in de Regio De GHOR ondersteunt de DPG in zijn crisistaken: adviseur Openbaar bestuur, netwerkregisseur, structuurverschaffer en informatiecoördinator. De GHOR draagt zorg voor de coördinatie, aansturing en regie van de geneeskundige hulpverlening bij rampen en crisis. Voor 2023 zijn de volgende beleidsmatige ontwikkelingen te benoemen. Informatie-uitwisseling ten tijde van crisis en in de voorbereiding Ook de coronacrisis laat zien hoe belangrijk het is om het proces informatieuitwisseling verder te verbinden met een permanent toestandsbeeld capaciteit in de zorgketen.
Ook de aansluiting op een dynamisch risicoprofiel helpt bij het tijdig herkennen van risico’s en daarmee de inzet van de juiste interventies. Continuïteit van zorg in de keten (acuut en niet acuut) De coronacrisis heeft laten zien dat zorg niet onuitputtelijk flexibel en beschikbaar is. Er is een alsmaar toenemende druk op de beschikbaarheid van de zorg door enerzijds krapte op de arbeidsmarkt en anderzijds een verhoogde vraag als gevolg van een toename van kwetsbare burgers in de thuissituaties en een steeds groter wordende groep ouderen. De verwachting is dat deze situatie de komende jaren niet alleen aanhoudt maar ook in ernst en frequentie toe zal nemen. Tijdens corona zijn er sterke (sub)regionale netwerken ingezet waarin acute en niet acute zorgpartners aan elkaar verbonden zijn ten gunste van de continuïteit van zorg in de keten. Het in standhouden en door ontwikkelen van deze netwerken heeft ook voor de toekomst een absolute meerwaarde.
11
Daarnaast geldt dat het essentieel is om deze capaciteit risico's tijdig te signaleren door een continu inzicht in de beschikbaarheid van acute zorg. De ketenpartners, betrokken bij de in- door- en uitstroom in de acute zorg, kunnen op basis van deze informatie afgestemd op elkaar handelen. Het openbaar bestuur kan op basis van hetzelfde toestandsbeeld zo nodig haar rol nemen als het gaat om (mogelijke) effecten die leiden tot verstoring van de openbare orde en veiligheid. Toenemende evenementenadvisering Als gevolg van de kennis die is opgedaan met experimenten op het gebied van coronaveilig organiseren van evenementen zal er extra druk op de adviserende en voorbereidende rol van de veiligheidsregio komen te liggen. In de komende periode zullen de veiligheidsregio en de vergunningverlener (gemeenten) gezamenlijk zich hierop moeten voorbereiden.
12
BRANDWEERZORG De brandweer gaat in 2022 de huidige organisatiestructuur evalueren, kijkend naar de evaluatie van de Wet Veiligheidsregio’s. VGGM zet in om meer risicogericht en datagestuurd werken. In de tweede helft van 2022 zal ook het dekkingsplan voor de brandweerzorg worden aangepast.
We gaan graag in gesprek met de raden over de uitgangspunten waarop het nieuwe dekkingsplan is gebaseerd. De Omgevingswet betekent voor de brandweerzorg een andere manier van werken. We proberen mee te bewegen met de ambities van gemeenten. Hierop zijn nog geen keuzes gemaakt. Programma brandweerzorg Het programma valt uiteen in 3 pijlers, namelijk operatiën, risicobeheersing en meldkamer. De brandweer voert daarnaast de multidisciplinaire coördinatie uit in de voorbereiding van de rampenbestrijding en crisisbeheersing, deze zijn uitgewerkt in het programma crisisbeheersing. In 2019 is het beleidsplan brandweer voor 2020 tot en met 2023 vastgesteld. Dit beleidsplan beschrijft de speerpunten in relatie tot ontwikkelingen die op de brandweer afkomen. Deze speerpunten zijn: Vrijwilligheid en paraatheid, risicogerichtheid en meldkamer Oost-Nederland. Voor de periode 2020-2023 wil Brandweer Gelderland-Midden zorgen voor een toekomstbestendige, slagvaardige organisatie met een sterke risicogerichte informatiepositie die anticipeert op maatschappelijke ontwikkelingen. Daarmee willen wij een belangrijke bijdrage te leveren aan een (brand)veiligere samenleving. Zoals is verwoord in het beleidsplan zal in 2022 de huidige organisatiestructuur van
13
Brandweer Gelderland-Midden worden geëvalueerd. Binnen Brandweer Gelderland-Midden is de crisisbeheersing op dit moment een minder herkenbaar deel binnen de afdeling operationele voorbereiding. Kijkend naar de evaluatie van de Wet Veiligheidsregio’s en de versnelde ontwikkelingen door de Coronacrisis is de verwachting dat de crisisorganisatie een duidelijke eigen plek gaat krijgen binnen de VGGM. Daarnaast wordt onderzocht of op andere onderdelen verbeteringen mogelijk zijn met het oog op de toekomst. Operatiën In de landelijke agenda brandweerzorg wordt een aantal ontwikkelopgaven benoemd waar Brandweer Nederland zich in de jaren 2018-2022 op richt. In de kern komt het hierbij neer op de volgende ontwikkelopgaven: innovatief samenwerken, risicogericht werken, voor elke taak de juiste maat, vakmanschap versterken, vitale medewerker en organisatie. In het kader van de inwerkingtreding van de Wet Normalisering Rechtspositie Ambtenaren is landelijk onderzoek gedaan naar de toekomstbestendigheid van het huidige stelsel van de vrijwillige brandweer. Rode draad hierbij was in hoeverre het nodig was om te komen tot taakdifferentiatie tussen beroeps en vrijwillig brandweerpersoneel. De resultaten van het laatste onderzoek zijn enkele maanden geleden naar de Tweede Kamer gestuurd.
In 2022 zal nadere uitwerking worden gegeven aan de noodzakelijke maatregelen, maar deze zullen naar verwachting voor onze regio beperkt zijn. In essentie komt het erop neer dat de inzet van vrijwilligers ook écht vrijwillig is en dat geen sprake mag zijn van kazernering en pikettering van vrijwilligers. Door verbeteringen in de techniek (precom-pager) is er meer inzicht gekomen over de verwachte paraatheid per post. Dit inzicht kan de brandweerorganisatie gebruiken om de paraatheid over de regio ter verbeteren. Ook op het gebied van oefenen vindt steeds meer innovatie plaats, deels noodgedwongen om de geoefendheid tijdens de Covid-19 crisis op peil te kunnen houden. De verwachting is dat deze innovatie het komende jaar verder door zet. Op het gebied van de vakbekwaamheid is de organisatie al enige tijd bezig met een verschuiving van aanbod naar vraaggestuurd oefenen. Dit geeft de verschillende brandweereenheden meer ruimte om te oefenen op basis van risico’s in hun directe omgeving en op basis van ervaringen die zij zelf hebben opgedaan. In 2022 zal het regionaal dekkingsplan worden vernieuwd. Het is normaal dat het dekkingsplan periodiek wordt geactualiseerd maar dit keer zal sprake zijn
14
van een forse aanpassing. Aanleiding hiervoor is de landelijke ontwikkeling van gebiedsgerichte opkomsttijden. De gemeenteraden zullen medio zomer 2022 in de gelegenheid worden gesteld inhoudelijk in gesprek te gaan over de uitgangspunten die de basis vormen van het nieuwe dekkingsplan. Risicobeheersing Veilige en gezonde leefomgeving en “inrichting afdeling Risicobeheersing voor de toekomst” De uitgestelde implementatie van de Omgevingswet heeft iets meer tijd gegeven om met gemeenten in gesprek te gaan over de gezamenlijke ambitie met betrekking tot de toezicht- en adviestaken van VGGM op het brede terrein van de veilige en gezonde leefomgeving en om praktische werkafspraken te maken. Keuzes met betrekking tot de gezamenlijke ambities kunnen effect hebben op de begroting 2023. De afdeling Risicobeheersing is gereorganiseerd om in te spelen op de wetsaanpassingen. Het jaar 2022 is een transitiejaar vanwege opleidingen, inwerken en pionieren. Dit drukt op de capaciteit die beschikbaar is voor toezicht en advisering. De implementatie van de Omgevingswet is ook voor VGGM een fikse opgave. Er zijn nog veel onduidelijkheden en onzekerheden waardoor het direct effect op VGGM niet helder is. De gemeenten zijn ieder met een eigen traject bezig dat van invloed is op de wijze waarop VGGM de uitvoering moet inrichten.
De wijze van implementatie door gemeenten van het Digitaal Stelsel Omgevingswet kan er voor zorgen dat VGGM extra tijd moet investeren op de advisering conform afspraak te kunnen doen. Hierover zal in de risicoparagraaf van de ontwerpbegroting 2023 aandacht voor worden gevraagd. Dit geldt tevens voor de effecten van eventueel verder uitstel van de inwerkingtreding van de Wet. Brandveilig leven Gebaseerd op landelijke visieontwikkeling vanuit Brandweer Nederland en samen met de buurregio's is de ontwikkeling gestart om te komen tot een actieplan Brandveilig Leven. Inhoudelijk ligt hierbij de focus op het versterken van samenwerkingsverbanden met bijv. gemeenten, woningcorporaties en zorgorganisaties. De (beperkte) financiële effecten hiervan zijn afhankelijk van de keuzes die hierop door het bestuur in de loop van 2022 zullen worden gemaakt. Project Veilige Energietransitie (VET) De ontwikkelingen op het gebied van de (veilige) energietransitie gaan snel. Het is een uitdaging om snel en adequaat in te kunnen spelen op alle veranderingen. Binnen de brandweer is een regiegroep ingesteld die de
15
(landelijke) ontwikkelingen monitort en informatie binnen de brandweer verspreid. In het netwerk met gemeenten worden pragmatisch oplossingen onderzocht zodat hier meer gericht op geadviseerd kan gaan worden. Meldingsplicht wonen met zorg De Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties (BZK) heeft het voornemen om naar verwachting per 1 juli 2022 enkele wijzigingen rond brandveiligheid aan te brengen in het Bouwbesluit. Die wijzigingen worden dan opgenomen in het toekomstige Besluit bouwwerken leefomgeving (Bbl). Het betreft wijzigingen in de ‘woonfunctie voor zorg’. De essentie is dat de zogenoemde WAR-systematiek ingevoerd wordt (D.w.z.: moeten bewoners in geval van brand geWaarschuwd, geAssisteerd of geRed worden). Voor bewoners die vallen onder de zwaarste categorie (R), komt een strenger toezichtsregime, dat leidt tot een taakverzwaring bij de brandweer. De financiële gevolgen van deze wijziging zullen worden toegelicht in de conceptbegroting 2023. Meldkamer De realisatie van de nieuwe meldkamer is uitgesteld en wordt nu naar verwachting in maart 2023 operationeel. Dit uitstel maakt het steeds moeilijker om de huidige meldkamer in Arnhem in stand te houden. De financiële gevolgen van dit uitstel zijn geadresseerd bij het ministerie van Justitie en Veiligheid.
16
GGD GGD Gelderland-Midden heeft op basis van vier (landelijke) ambities en de ontwikkelingen die zij ziet speerpunten opgesteld voor de komende jaren.
Gezond opgroeien en een Kansrijke Start Gezondheidsbevordering borgen en investeren in impactvolle preventie Het verminderen van de kans op én de gevolgen van infectieziektenuitbraken Bijdragen aan een gezonde fysieke en sociale leefomgeving Programma GGD Functiewaardering verpleegkundigen en artsen In 2021 heeft een functiewaarderingstraject plaatsgevonden voor verpleegkundigen en een groot deel van de artsen van de GGD. Zowel in de begroting 2021 als in de ontwerpbegroting 2022 van VGGM staat de uitkomst van het functiewaarderingstraject als een risico beschreven. In dit traject is een externe toetsingscommissie opgenomen die de beschrijving en waardering toetst. Het advies van de toetsingscommissie heeft financiële effecten. De financiële consequenties van deze functiewaarderingen zijn voor 2022 begroot op €464.000 oplopend naar €921.000 in 2025. Voor 2021 en 2022 zal VGGM de consequenties binnen haar begroting oplossen, al dan niet via het vormen van een bestemmingsreserve. VGGM is voornemens de consequenties voor 2023 in de begroting te verwerken. Ontwikkelingenbrief input Publieke Gezondheid - GGD Het ministerie van VWS heeft vier landelijke ambities opgesteld, deze zijn
17
regionaal vertaald in de herijking van de visie op PG Gelderland-Midden. GGD Gelderland-Midden heeft op basis van deze ambities en de ontwikkelingen die zij ziet in haar vakgebied een viertal speerpunten opgesteld voor de komende jaren. Gezond opgroeien en een Kansrijke Start Gezondheidsbevordering borgen en investeren in impactvolle preventie Het verminderen van de kans op én de gevolgen van infectieziektenuitbraken Bijdragen aan een gezonde fysieke en sociale leefomgeving De speerpunten worden opgepakt door de afdelingen Jeugdgezondheidzorg en Algemene gezondheidzorg. In de afdeling AGZ zijn de teams bij elkaar gebracht in de clusters Gezond Leven, Zorg&Veiligheid, Infectieziekebestrijding en Monitoring&Onderzoek. Gezond leven Een Kansrijke Start en gezond opgroeien (JGZ) Ook de komende jaren blijft Kansrijke Start hoog op de agenda staan en het pakket wordt in samenhang met de preventieagenda doorontwikkeld. Het programma Nu Niet Zwanger draait succesvol in de gemeenten rondom Arnhem, besloten is dan ook deze pilot te continueren. De gemeenten rondom Ede beraden zich in 2022 over de start van een pilot. Organisatorische en financiële consequenties van eventuele deelname aan NNZ zijn nog niet bekend.
In 2021 heeft de Tweede Kamer de wijziging van de Wet publieke gezondheid aangenomen waarin staat dat alle gemeenten een prenataal huisbezoek door de jeugdgezondheidszorg aan zwangere vrouwen en/of hun gezinnen in een kwetsbare situatie moeten aanbieden. Voor het prenatale huisbezoek door de JGZ wordt jaarlijks een budget van 5,3 miljoen euro in het gemeentefonds gestort. Om de samenhang met de uitvoering van de JGZ te waarborgen, vereist het wetsvoorstel dat gemeenten de uitvoering van het prenatale huisbezoek door dezelfde organisatie die het basispakket JGZ uitvoert, te laten uitvoeren. Het doel hiervan is om zoveel mogelijk continuïteit van zorg aan deze doelgroep te bewerkstelligen. Uitvoering zal in de loop van 2022 duidelijk worden. In aanloop naar de formatie van een nieuw kabinet is inmiddels helder dat gemeenten gebruik kunnen maken van extra impulsmiddelen Kansrijke Start. In 2022 wordt landelijk 7 miljoen geïnvesteerd in het programma. Vanuit het RIVM en de werkgroep landelijke lokale monitoring worden gemeenten vanaf
18
begin volgend jaar voorzien van een data set met waardevolle informatie over de doelgroep kwetsbare zwangeren en kwetsbare jonge ouders. In de meeste gemeenten binnen Gelderland-Midden kennen we inmiddels lokale coalities die zich actief inzetten voor de doelgroep kwetsbare zwangeren en kwetsbare jonge ouders. De komende periode zullen vanuit deze coalities een aantal waardevolle initiatieven verder worden uitgerold, denk hierbij aan een multidisciplinair overleg (MDO) kwetsbare zwangeren en een nieuwe opzet van prenatale voorlichting in samenwerking met geboortezorg, sociaal domein en JGZ. Vanuit het project van ZonMw werkt de JGZ mee aan het verbeteren van de lokale praktijk. Uit evaluatiegesprekken met multidisciplinaire werkgroepen en interviews met ervaringsdeskundigen worden verbeterpunten gehaald. De bestaande samenwerkingen tussen JGZ, geboortezorg en sociaal domein zullen de komende jaren verstevigd worden, o.a. door deelname aan het digitaal uitwisselen van gegevens binnen de geboortezorg. Samengevat zijn de ontwikkelingen binnen Kansrijke Start Continueren/ uitbreiden pilot Nu Niet Zwanger Uitbreiden prenataal huisbezoek Ontwikkelen dataset Verbeteren samenwerking geboortezorg en sociaal domein, inclusief uitwisseling gegevens. Overige ontwikkelingen JGZ Doorontwikkeling van toekomstbestendige JGZ: 1. Herijken van het zorgaanbod.
Bieden van (nog) meer zorg op maat, flexibilisering, digitalisering en personalisatie van zorg 2. Ontwikkelen van een relatie met ouders en jongeren waarbij eigen regie en kracht optimaal benut wordt en JGZ ondersteuning biedt waar dat nodig is 3. Efficiëntie werkprocessen verbeteren Betrouwbare en transparante data-infra structuur. Goede rapportages en dashboards. Dit vormt mede de basis voor gedifferentieerde, data gestuurde, zorg op maat. Modernisering en digitalisering van klantcontacten, o.a. 1. Ontwikkelen van een 24/7 online beschikbaarheid: mailen, bellen, en chatten met de JGZ, naast of in plaats van fysieke contactmomenten. 2. doorontwikkeling van landelijke groeigidsapp, groeigidschat (voor ouders) en JouwGGD (voor jongeren)
19
3. gebruik van digitale vragenlijsten 4. Doorontwikkeling van Mijn Kinddossier (MKD) een online omgeving voor ouders Betere zichtbaarheid van de JGZ in wijken, in voorschoolse voorzieningen en op scholen, en een stevige positie in de jeugdketen Toezicht Kinderopvang De GGD werkt vanuit haar rol als toezichthouder ook aan het verbeteren van de kinderopvang. Het ministerie van SZW wil de kwaliteit van de gastouderopvang verder verhogen. Hiervoor zijn de volgende verbetermaatregelen geformuleerd: Het versterken van toezicht; Het verbeteren van de begeleiding van gastouders door gastouderbureaus; Professionalisering van de gastouderopvang. Voor de versterking van het toezicht stort het Rijk vanaf 2022 structureel extra geld (6,4 miljoen euro) in het gemeentefonds. Vanaf 2022 zal het jaarlijks onderzoek van 3 naar 4,5 uur worden uitgebreid, tevens zal minimaal 50% in plaats van 5% van de gastouders jaarlijks getoetst worden (na aanpassing van de betreffende wet- en regelgeving). GGD en gemeenten zullen samen in gesprek gaan hoe de middelen lokaal het meest effectief kunnen worden ingezet. Voor het toezicht en handhaving op de nieuwe voorwaarden Voorschoolse educatie (inzet pedagogisch beleidsmedewerkers), wordt extra geld (650.598 euro) gestort in het gemeentefonds.
De extra tijd (1 uur en 14 minuten) die gemoeid is met de toetsing van deze nieuwe voorwaarden, komt bovenop de eerder overeengekomen tijd per VE locatie. Gezonde leefomgeving en de Omgevingswet De grote maatschappelijke opgaven als klimaatadaptatie, duurzame mobiliteit en de energietransitie leiden tot beleidskeuzes die gezondheidswinst kunnen opleveren. VGGM investeert in een (door)ontwikkeling naar het zijn van een deskundige en proactieve partner voor een veilige en gezonde leefomgeving, met kennis van de (nieuwste) veiligheids- en gezondheidsrisico’s. Dat betekent dat we domein overstijgend adviseren naar gemeenten, zodat zij een integrale afweging kunnen maken waarbij gezondheid een vast onderdeel is van de belangenafweging in het ruimtelijk beleid. Om integraal te kunnen adviseren, leggen we verbindingen binnen VGGM (gezondheid en
20
(brand)veiligheid) en buiten VGGM (Omgevingsdiensten, ruimtelijke ordening, sociaal domein). Daarnaast beschikken we als VGGM over uitgebreide data over de gezondheid van de inwoners van de diverse gemeenten en data over de veiligheidsrisico’s in de gemeenten. Eind 2021 zullen aan gemeenten meerdere scenario’s worden voorgelegd, waarin de effecten op het budgettair kader van VGGM worden meegenomen. GGD Gelderland Midden beheert de landelijke academische werkplaats Gezonde Leefomgeving waarin gesubsidieerde milieuprojecten zijn onderbracht en verbinding wordt gemaakt tussen onderzoek-beleid-uitvoering. Infectieziektebestrijding van de toekomst Versterking bezetting IZB, inhaken Corona-organisatie en vaccineren in de toekomst De impact van Corona op de maatschappij, de introductie van nieuwe infectieziekten in ons land (bijvoorbeeld Westnijlvirus) en de dreiging van nieuwe pandemieën in de toekomst, zal zeker leiden tot meer aandacht voor infectieziektepreventie en –bestrijding. Organisatorische en financiële consequenties zijn nog niet bekend. Vanaf september 2021 loopt een tweejarig landelijk project ‘Versterking professionele bezetting Infectieziektebestrijding’ voor alle GGD-en. Vanuit de werkzaamheden voor coronabestrijding is de GGD goed zichtbaar op het thema infectiepreventie.
De wens is om dit te continueren door onder andere instellingen en scholen waar nodig te ondersteunen op het gebied van infectiepreventie. Activiteiten om de vaccinatiegraad in het werkgebied te verhogen zullen ook de komende jaren onverminderd voortgezet worden. Het ministerie van VWS heeft een landelijke heroriëntatie op het vaccinatiestelsel aangekondigd. Ook de opgedane kennis en ervaring met vaccineren en de geleerde lessen uit de COVID-19 pandemie worden meegenomen in een beleidsreactie voor het nieuwe kabinet. Organisatorische en financiële consequenties zijn nog niet bekend. TBC De expertise van TBC-artsen en verpleegkundigen staat onder druk door de dalende incidentie in Nederland. Daarnaast is de uitstroom van specialistische artsen groot en de instroom beperkt. In 2021 zijn de eerste stappen gezet om te komen tot een toekomstbestendige TBC-zorg in Nederland. Dit betreft zowel samenwerking tussen de 8 GGD-en van het Regionaal
21
Expertisecentrum Noord-Oost Nederland als intensivering van de samenwerking tussen de drie Gelderse GGD-en. Financiële en organisatorische consequenties voor 2022 en 2023 zijn nog niet bekend. Seksuele Gezondheid Het pakket seksuele gezondheid worden bijna geheel vergoed door het ministerie van VWS. De subsidieregeling Aanvullende Seksuele Gezondheid (ASG-regeling) vervalt per 1-1-2022. Het Ministerie van VWS heeft verkend welke scenario’s er zijn om vanaf 1 januari 2022 een andere juridische grondslag te vinden voor de taken die de GGD uitvoert. De verwachting is dat een mogelijke wetswijziging per 1 januari 2023 zal ingaan, dat betekent dat de huidige ASG-regeling verlengd wordt tot 1 januari 2023. Monitoring en onderzoek De komende jaren willen we meer gaan werken met integrale rapportages daar waar dit zinvol is op wijk- en/of woonkernniveau. Dit sluit beter aan bij de wensen van de gemeenten en dit vraagt een doorontwikkeling op datavisualisatie, analyse, digitale vindbaarheid en vormgeving. We willen gezondheidsbevordering beter borgen binnen onze organisatie, zodat er een samenhangend pakket voor gemeenten ontstaat (waaronder Gezonde School advisering, ondersteuning bij de lokale preventieakkoorden en het omzetten van monitorresultaten in acties).
Op het gebied van onderzoek zullen de komende jaren in het teken staan van de impactonderzoeken van Corona op diverse (kwetsbare) groepen. Er zal extra ingezet worden op onderzoek voor de doelgroepen laaggeletterden en mensen met een licht verstandelijke beperking. Publieke gezondheid Asielzoekers (PGA) Het COA heeft aangekondigd dat zij het voornemen heeft de uitvoering van Gezondheidsbevordering PGA vanaf 2023 aan te besteden. De hoofdovereenkomst JGZ/PGA tussen het COA en GGD GHOR Nederland heeft een looptijd van 1 oktober 2020 tot 1 oktober 2022, plus een optie tot verlenging van tweemaal een periode van 24 maanden. Naar verwachting zal het COA begin 2022 een openbare aanbesteding uitschrijven. Het is op dit moment nog niet bekend wat de voorwaarden zullen zijn waaraan een door het COA te contracteren partij moet voldoen. Voor 2022 wordt een toename in de instroom verwacht dit in de vorm van noodlocaties en een verhoogde taakstelling voor gemeenten. Dit vergt ook voor de GGD, GGD-breed extra inzet op de publieke gezondheidzorg asielzoekers. Zorg en Veiligheid Breed Z&V overleg, passende zorg voor inwoners en forensische 22
geneeskunde In 2021 is door het AB van VGGM het besluit genomen één regionaal bestuurlijk overleg in te richten voor vraagstukken op het gebied van Zorg en Veiligheid. Op basis van drie criteria kunnen thema’s regionaal worden geagendeerd; lokaal ervaren urgentie en het onderwerp overstijgt het lokale niveau, nieuwe wet- en regelgeving en gemeenten willen dit samen oppakken of gewenste verbinding met lokale partners. VGGM heeft opdracht gekregen de taken ter ondersteuning van deze bestuurlijke structuur uit te voeren. Voor de bekostiging van deze taken stellen gemeenten middelen beschikbaar, die worden verrekend via de begroting van VGGM. Sinds de decentralisaties zijn gemeenten verantwoordelijk voor passende zorg en ondersteuning van haar inwoners. In de praktijk zien we dat complexe casuïstiek vraagt om een integrale, casusgerichte (keten)benadering en zowel zorg- als veiligheidsaspecten bevat. Onderstaande ontwikkelingen raken de taak en positie van het team OGGZ. In 2022 en 2023 wordt VGGM ingezet voor advies en consultatie vanuit de Wet verplichte ggz (WvGGZ) en het landelijk meldpunt Zorgwekkend gedrag. De wettelijke borging van deze meldpunten wordt voorbereid en deze wet treedt vermoedelijk eind 2022 in werking. In 2022 start de doordecentralisatie van Beschermd Wonen, met een ingroei pad van 10 jaar tot 2032.
In 2026 vindt besluitvorming plaats over doordecentralisatie Maatschappelijke Opvang. Dit leidt mogelijk tot verschuivingen in verantwoordelijkheden en financiering van centrumgemeenten naar regiogemeenten. Consequenties voor (regionale) visie, capaciteit, werkprocessen en rollen van o.a. VGGM voor 2022 e.v. zijn nog niet bekend. Voor Forensische Geneeskunde wordt gewerkt aan het op politieregioniveau organiseren van deze zorg. Wij trekken hierin op met de vier GGD’en in oost Nederland. Doelstelling is om vanaf 2022 landelijk uniforme tarieven te hanteren voor lijkschouw en forensisch medisch onderzoek voor onder andere politie en gemeenten; op dit moment loopt hier een onderzoek naar. De aanbestedingsprocedure voor de medische arrestantenzorg (MAZ) is door de politie opgeschort tot na de zomer 2023 op verzoek van het Ministerie van J en V. Dit betekent dat VGGM vooralsnog de MAZ blijft uitvoeren in opdracht van de politie. Wel wordt gekeken naar landelijk uniforme tarieven voor de uitvoering van de MAZ vanaf 2022.
23
24
AMBULANCEZORG Op basis van groei in zorgvraag is de verwachting dat er stapsgewijs meer ambulancecapaciteit op de weg komt. Om prestatieverbetering te bereiken, is er aandacht voor gebieden waar de ambulanceprestatie lager is dan in de rest van de regio. Met buurregio Ambulancezorg Gelderland-Zuid is de samenwerking de afgelopen jaren toegenomen. Vanaf 2023 werken onze twee regio’s ook samen in het opstellen van een meerjarenbeleidsplan.
Programma Ambulancezorg - Acute zorg Ambulance hulpverlening, de meldkamer Oost Nederland en zorgcoördinatie Het RIVM heeft vanwege het afwijkende COVID-19 jaar 2020 een nieuwe berekening gemaakt voor het kader Spreiding en Beschikbaarheid 2022. Op basis van groei in zorgvraag is de verwachting dat voor Ambulancezorg Gelderland-Midden het aantal ambulancediensten verder zal uitbreiden. Zo komt er stapsgewijs meer ambulancecapaciteit op de weg. Om prestatieverbetering te bereiken is er aandacht voor gebieden waar de ambulanceprestatie lager is dan in de rest van de regio. Diverse ontwikkelingen maken dat Ambulancezorg G-M de plaatsing van een aantal ambulanceposten wil herzien, zodat de meest optimale dekking in de regio wordt bereikt. Met betreffende gemeenten zullen gesprekken plaatsvinden over andere locaties die een positieve bijdrage kunnen leveren aan het bereik van ambulances. Er wordt onderscheid gemaakt tussen enerzijds Spoed ambulance (112) en anderzijds Zorgambulance (zorgvervoer). Met buurregio Ambulancezorg Gelderland-Zuid is de samenwerking de
25
afgelopen jaren toegenomen. Zo wordt er gewerkt met een gezamenlijke meldkamer in Arnhem, is er een gezamenlijke materialencommissie en verzorgen beide regio’s gezamenlijk de scholing vanaf één locatie. Vanaf 2021 is de samenwerking geïntensiveerd, met samenwerking op het gebied van medische advisering en midden-complexe ambulancezorg. Vanaf 2023 werken onze twee regio’s ook samen in het opstellen van een meerjarenbeleidsplan. De pijlers ‘zorgcoördinatie’ en ‘de meldkamer’ doorlopen onze regio’s ook gezamenlijk. In de nieuwe meldkamer LMS Apeldoorn werken de ambulancemeldkamers samen vanaf één locatie voor heel Oost-Nederland. Ambulancezorg Gelderland-Midden investeert in zorgcoördinatie (zie hieronder) en zal tegelijkertijd aangesloten moeten blijven bij de samengevoegde meldkamer in Apeldoorn. De meldkamertaken worden vanaf het voorjaar 2023 samengevoegd in de LMS Apeldoorn. Dat betekent dat de meldkamertaken van de regio’s, inclusief werkafspraken, protocollen en een stuk organisatie zullen worden geharmoniseerd in Apeldoorn. Voor de ambulancezorg is nog niet helder welke taken wel en niet zullen overgaan naar de LMS Apeldoorn. Om het concept zorgcoördinatie in de praktijk te testen zijn er tien pilots in Nederland gestart. De pilots verschillen van elkaar, maar hebben soms ook overeenkomsten.
Ook Ambulancezorg Gelderland-Midden werkt samen met de regio Gelderland-Zuid aan een pilot. Naast de Ambulancezorg nemen de huisartsenposten in Arnhem, Ede, Nijmegen en Tiel en GGZ ProPersona deel aan de pilot. Bij zorgcoördinatie gaat het om het vervoeren van een patiënt op de juiste wijze naar de goede plaats. Vanaf 2021 wordt er uitvoering gegeven aan de pilot zorgcoördinatie. De pilot loopt door tot en met 2022. Eind 2021 volgt een tussentijdse landelijke evaluatie, in 2022 zal er ook regionaal geëvalueerd worden en wordt gekeken welke elementen uit de pilot bestendigd worden. De inpassing van zorgcoördinatie is afhankelijk van de keuzes die worden gemaakt voor de werkzaamheden die wel/niet overgaan naar de LMS meldkamer in Apeldoorn en de mate waarin (acute) zorg partijen in de regio verdere uitvoering willen geven aan samenwerking in de regio.
26
BEDRIJFSVOERING Uit het bekostigingsonderzoek van Berenschot blijkt dat de bezetting op overhead dun is. De noodzaak om hier een verbeterplan voor op te zetten wordt ondersteund door maatschappelijke ontwikkelingen:
Wet Open Overheid Kwestbaarheid voor cyberaanvallen, informatiebeveiliging, het toenemend belang voor een goede informatievoorziening Inrichting financieel toezicht / horizontaal toezicht belastingdienst De Veiligheidsregio’s zijn de afgelopen jaren geconfronteerd met ontwikkelingen in de verzekeringsmarkt waar het gaat om ongevallenverzekeringen. Voor verzekeraars is de specifieke dekking voor Veiligheidsregio's een niche, waarin op dit moment nog maar een zeer beperkt aantal verzekeraars specifieke producten voor Veiligheidsregio's aanbieden. Dit is aanleiding geweest dat de Veiligheidsregio’s hun krachten willen bundelen op het gebied van verzekeren en risico denken. Programma Bedrijfsvoering
27
Wet Open Overheid De Wet open overheid (Woo) heeft als doel overheden en semi-overheden transparanter te maken. De wet moet ervoor zorgen dat overheidsinformatie beter vindbaar, uitwisselbaar, eenvoudig te ontsluiten en goed te archiveren is. De Woo treedt op 1 mei 2022 in werking. Daarmee komt de huidige Wet openbaarheid van bestuur (Wob) te vervallen. VGGM voert momenteel een impact analyse van deze wet op haar processen en informatie-ontsluiting. Informatiebeveiliging - Cyber Informatiebeveiliging wordt gezien als een belangrijk onderwerp voor de toekomst. Het Veiligheidsberaad heeft zich medio 2021 uitgesproken om versneld te gaan voldoen aan het basis beveiligingsniveau zoals bepaald in de Baseline Informatiebeveiliging Overheid. Dit versnellingsplan onderschrijft de urgentie voor het onderwerp. Deze ambitie vraagt om bestuurlijke keuzes, een volwassen aanpak en om het beleggen van verantwoordelijkheden op het gebied van informatiebeveiliging en privacy binnen VGGM. Het onderwerp informatiebeveiliging zal daarbij steeds vaker onderwerp van gesprek zijn op de bestuurstafel en daarom is een dialoog in menselijke taal gewenst. Het bestuur ziet kansen om de kennis en ervaring van VGGM bij het aanpakken van rampen en incidenten, door te vertalen naar mogelijke ondersteuning bij de aanpak van cyberincidenten in de gemeente of bij vitale organisaties in de regio.
De rol van VGGM als crisispartner bij cyberincidenten moet zodoende worden verkend. CISO – FG Binnen VGGM worden persoonsgegevens gebruikt en uitgewisseld. De belangrijkste regels voor de omgang met persoonsgegevens zijn vastgelegd in de Algemene Verordening Gegevensbescherming (AVG). Sinds een aantal jaar is VGGM, als overheidsorgaan, verplicht om een interne toezichthouder aan te stellen die toeziet op de naleving van de AVG. Dit is de functionaris gegevensbescherming (FG). Bij invoering van de FG rol heeft VGGM uit pragmatisch oogpunt ervoor gekozen deze rol te combineren met de rol van Chief Information Security Officer (CISO). De CISO is verantwoordelijk voor het implementeren van infomatiebeveiligingsbeleid en het toezicht daarop. Deze situatie is om een aantal redenen niet houdbaar:
28
De FG is niet onafhankelijk gepositioneerd ten opzichte van de CISO, dit is een onwenselijke samenloop van verantwoordelijkheden om beide rollen onafhankelijk uit te kunnen voeren. De diversiteit in processen en ondersteunende systemen is groot en het belang van goede informatiebeveiliging en privacy neemt steeds verder toe. Dit versterkt de noodzaak om de rollen van de CISO en de FG te verstevigen zodat deze rollen op een deugdelijke wijze ten uitvoer kunnen worden gebracht. In de begroting voor 2023 zal VGGM voorstellen om deze functies te scheiden en de formatie in lijn te brengen bij de omvang van de organisatie. Informatievoorziening De maatschappij digitaliseert in snel tempo. Of het nu gaat om digitalisering van klantcontacten, hybride werken, de ontwikkeling van een veiligheidsinformatieknooppunt of het ontsluiten van management- en verantwoordingsinformatie: burgers, professionals en ketenpartners stellen steeds hogere eisen aan onze informatievoorziening. Het gaat hierbij niet alleen om functionele eisen maar ook ten aanzien van privacy, veiligheid, schaalbaarheid, integratie, duurzame toegankelijkheid en ondersteuning. Om voldoende mee te bewegen met deze ontwikkelingen, rechtmatig te blijven en de informatiepositie van VGGM op onderdelen te verstevigen, is investering noodzakelijk.
Investeren in nieuwe voorzieningen om informatie gestuurd (landelijk thema) verder vorm te geven, onze IV-huishouding en datakwaliteit op orde te brengen/houden en een passende besturing in te richten. Voorbereiden op aanpassing regelgeving rechtmatigheidsverantwoording Naar verwachting moeten gemeenschappelijke regelingen over het verslagjaar 2022 voor de eerste keer een rechtmatigheidsverantwoording opnemen in de jaarrekening. Dit onder voorbehoud van parlementaire goedkeuring. Het Dagelijks Bestuur is en blijft ook na 2021 verantwoordelijk voor de rechtmatigheid binnen de organisatie. In de huidige situatie vormt de accountant hierover een oordeel en brengt hij of zij er verslag over uit. Vanaf verslagjaar 2022 stelt het Dagelijks Bestuur deze verantwoording op. Het publiceren van de verantwoordingstekst in de jaarstukken alleen is echter niet voldoende. Er is in de organisatie een duidelijke grondslag voor deze verantwoording nodig. Deze grondslag wordt de onderbouwing van de verantwoording genoemd. Doel is met een bepaalde mate van zekerheid vast
29
te stellen dat handelingen hebben plaatsgevonden binnen de kaders van weten regelgeving. Onderdeel van de onderbouwing van de rechtmatigheidsverantwoording zijn de uitkomsten van de interne controles die binnen VGGM uitgevoerd worden om vast te stellen of wet- en regelgeving zijn nageleefd. Dit betekent dat de organisatie zelfstandig vaststelt of wordt voldaan aan het normenkader waarin relevante wet- en regelgeving is opgenomen. Momenteel is binnen VGGM een interne controle functie niet ingeregeld. In de begroting voor 2023 zal VGGM voorstellen de formatie uit te breiden ten behoeve van een interne controle functie passend bij de omvang van de organisatie, zodat voldaan kan worden aan deze nieuwe wet- en regelgeving. Voorbereiden op aanpassing horizontaal toezicht belastingdienst VGGM heeft in 2013 een convenant horizontaal toezicht met de belastingdienst getekend. De belastingdienst constateerde dat de mate van toezicht op de uitvoering van Horizontaal Toezicht op landelijke schaal verschilde. Sommige organisaties bleken goed in staat te zijn om hun fiscale risico's in te schatten en te beheersen, onder andere door een effectieve inzet van een Tax Control Framework. Aan de andere kant liet de mate van interne beheersing bij andere organisaties te wensen over of kwam de ontwikkeling naar een hoger niveau niet op gang.
De belastingdienst komt voor grote organisaties, waartoe VGGM wordt gerekend, met een herziene en aangescherpte versie van het Horizontaal Toezicht en gaat deze ook strenger handhaven. Onderdeel van dit horizontaal toezicht is het implementeren van een goed werkend Tax Control Framework en een verantwoordelijke functionaris binnen de organisatie die toeziet op de werking van dit Tax Control Framework (een tax manager). VGGM onderzoekt momenteel de impact van de aangescherpte versie van het Horizontaal Toezicht. In de begroting voor 2023 wordt deze impact nader uitgewerkt. Aankondiging landelijke stichting (ongevallen)verzekeringen De Veiligheidsregio’s zijn de afgelopen jaren geconfronteerd met ontwikkelingen in de verzekeringsmarkt waar het gaat om ongevallenverzekeringen. Voor verzekeraars is de specifieke dekking voor Veiligheidsregio's een niche, waarin op dit moment nog maar een zeer beperkt aantal verzekeraars specifieke producten voor Veiligheidsregio's aanbieden. Landelijk is tevens geconstateerd dat de gezamenlijke premielast de gezamenlijke schadelast ruim overschrijdt. Dit is aanleiding geweest dat de Veiligheidsregio’s hun krachten willen bundelen op het gebied van verzekeren
30
en risico denken. Bijkomstig voordeel is dat toegewerkt kan worden naar een landelijk uniform verzekeringspakket (elke brandweerman heeft recht op dezelfde aanspraak waar ook in Nederland). Om invulling te geven aan deze uitdagingen is het de bedoeling dat: er landelijk één set van aanspraken bij dienstongevallen komt het collectief inkopen van één ongevallenverzekering (voor verzekerbare aanspraken) mogelijk wordt; er een waarborgfonds wordt opgericht om een oplossing te bieden voor (in ieder geval) de niet verzekerbare aanspraken; er een (landelijk) expertisebureau wordt opgericht dat kan adviseren en bemiddelen; er strategische samenwerkingsverbanden worden aangegaan met onder andere de VNG Om hieraan invulling te geven is één van de eerste stappen de oprichting van de Stichting Risicobeheer zijnde het toekomstige expertisebureau. Een tweede stichting zal, op een latere termijn, worden opgericht voor het beheer van het Waarborgfonds. Het Veiligheidsberaad heeft 4 oktober j.l., gelet op advies RCDV, het principebesluit tot oprichting van de Stichting Risicobeheer genomen. VGGM is vanuit de wet op de Gemeenschappelijke Regelingen verplicht om de colleges van B&W een zienswijze te vragen voor het oprichten van een rechtspersoon. Raden worden uitgenodigd om eventuele wensen of bedenkingen tegen dit voornemen met het Algemeen Bestuur te delen.
31
test tekst nog aan te vullen door Eric van Neerijnen ???
Deze PDF is automatisch gegenereerd op: veiligthuis.ccreader.nl [1]
32