20210614-rv-bvo-dran-meerjarenbegroting2022-2024-incl. gew-begroting-2021-bijlage-3-jaarstukken-2019.pdf
Tekst van het document
Jaarstukken 2019 Versie 11 juni 2020
Pagina | 1
Jaarstukken 2019, versie 11 juni 2020
Pagina | 2
Jaarstukken 2019, versie 11 juni 2020
Inhoud 1 Inleiding................................................................................................................ 4 2
Jaarverslag ............................................................................................................ 5 2.1 2.1.1 2.2
Inleiding ...................................................................................................... 5 Financiële uitkomsten .................................................................................. 6 Uitvoering programma's ................................................................................... 6
2.2.1
Programma Vraagafhankelijk vervoer ................................................................ 6
2.2.2
Programma Routegebonden vervoer ................................................................. 9
2.2.3
Programma Bedrijfsvoeringsorganisatie (BVO) .................................................... 11
2.2.4
Programma Bestedingsplan .......................................................................... 13
2.3
Paragrafen ................................................................................................. 14
2.3.1
Inleiding ................................................................................................. 14
2.3.2
Weerstandsvermogen en risicobeheersing ......................................................... 14
2.3.2.1
Weerstandscapaciteit ............................................................................... 14
2.3.2.2 Risico's ..................................................................................................... 14 2.3.3
Financiering ............................................................................................ 15
2.3.4
Bedrijfsvoering ......................................................................................... 16
2.3.4.1 Dienstverleningsovereenkomsten ..................................................................... 16 2.3.4.2 Rapporteren .............................................................................................. 16 2.3.4.3 ICT.......................................................................................................... 16 3
Jaarrekening ........................................................................................................ 17 3.1
Overzicht baten en lasten 2019 ........................................................................ 17
3.2
Toelichting op overzicht baten en lasten 2019 ...................................................... 17
3.3
Specificatie programma BVO ........................................................................... 17
3.4
Toelichting specificatie programma BVO ............................................................. 17
3.5
Balans per 31-12-2019 ................................................................................... 18
3.6
Toelichting op de balans en grondslagen ............................................................. 19
3.6.1
Toelichting op balans .................................................................................... 19
3.6.2
Grondslagen algemeen ............................................................................... 22
3.6.3
Liquide middelen ...................................................................................... 22
3.6.4
Vorderingen en overlopende activa ................................................................ 22
3.6.5
Eigen vermogen ........................................................................................ 22
3.6.6
Voorzieningen .......................................................................................... 22
3.6.7
Kortlopende schulden en overlopende passiva ................................................... 22
3.7
Gebeurtenissen na balansdatum ....................................................................... 22
3.8
Wet normering bezoldiging topfunctionarissen publieke en semipublieke sector .............. 23
3.8.1
Bezoldiging topfunctionarissen ...................................................................... 23
3.8.2 Uitkeringen wegens beëindiging dienstverband aan topfunctionarissen met of zonder dienstbetrekking .................................................................................................... 28 3.8.3 3.9
Overige rapportageverplichtingen op grond van de WNT ....................................... 28 Overige financiële bijlagen ............................................................................. 28
Pagina | 3
Jaarstukken 2019, versie 11 juni 2020
1
Inleiding
Hierbij bieden we u het jaarverslag en de jaarrekening 2019 aan van de Bedrijfsvoeringsorganisatie Doelgroepenvervoer Regio Arnhem-Nijmegen (BVO DRAN). Dit document is opgesteld volgens het besluit begroting en verantwoording (BBV). In de BBV staan de voorschriften waaraan de jaarrekening moet voldoen. Arnhem, 11 juni 2020
Pagina | 4
Jaarstukken 2019, versie 11 juni 2020
2
Jaarverslag
2.1
Inleiding
De BVO DRAN is opgericht op 14 april 2016, tijdens de eerste vergadering van het Algemeen Bestuur van de BVO DRAN. De BVO DRAN kent één bestuursorgaan: het Algemeen Bestuur. De voorzitter wordt uit het Algemeen Bestuur gekozen. Op 31 december 2019 bestond het Algemeen Bestuur uit:
Arnhem
De heer R. van der Zee
Mevrouw C. Bouwkamp
Berg en Dal
Mevrouw S. Fleuren
Mevrouw I. van de Scheur
Beuningen
De heer H. Plaizier
De heer P. de Klein
Doesburg
De heer P. Bollen
Mevrouw B. van Veldhuizen
Druten
De heer A. Springveld
De heer S. van Elk
Duiven
Mevrouw I. Knuiman
De heer T. Spaargaren
Heumen
De heer R. Waas
De heer F. Eetgerink
Lingewaard
De heer A. Slob
Mevrouw H. Witjes
Montferland
De heer O. van Leeuwen
De heer W.G.H. Sinderdinck
Mook en Middelaar
Mevrouw S. Doorenbos
De heer G. Wienhoven
Nijmegen
Mevrouw H. Tiemens
Mevrouw G. Visser
Overbetuwe
De heer R. Engels
De heer D. Horsthuis-Tangelder
Renkum
Mevrouw L. Rolink
Mevrouw M. Mulder
Rheden
De heer D. Klomberg
De heer M.F.H. Budel
Rozendaal
De heer A. Logemann
Mevrouw M. Albricht
Westervoort
De heer T. Kampschreur
De heer H. Sluiter
Wijchen
De heer P. Loermans
De heer T. Burgers
Zevenaar
Mevrouw C. Koers
De heer H. Winters
Pagina | 5
Jaarstukken 2019, versie 11 juni 2020
2.1.1
Financiële uitkomsten
Het resultaat van 2019 wordt bepaald door de programma's vraagafhankelijk vervoer (Wet maatschappelijke ondersteuning en OV-vangnet), routegebonden vervoer (leerlingen, jeugdwet en dagbesteding) en de overhead (kosten bedrijfsvoeringsorganisatie). In vergelijking met de gewijzigde begroting 2019 heeft de BVO DRAN in werkelijkheid € 454.413 minder besteed dan was voorzien. Ten opzichte van de in rekening gebrachte bijdragen is een positief resultaat van in totaal € 155.853 behaald. Het verschil in resultaten onstaat omdat niet alle bedragen uit de begroting in rekening worden gebracht. Daarnaast wordt in 2019 met de provincie achteraf afgerekend op basis van werkelijke kosten OV-vangnet. In de volgende paragrafen wordt verder ingegaan op de uitvoering van de programma's en het onderdeel overhead. 2.2
Uitvoering programma's
Indeling en opzet programma’s De programma’s zijn, naast een algemene omschrijving, ingericht met de 3 W’s vragen: • Wat hebben we bereikt? • Wat hebben we hiervoor gedaan? • Wat heeft het gekost? Onder “wat willen we bereiken” wordt bij vervoer naast een algemene beschrijving van wat we willen bereiken ook ingegaan op specifieke prestatie indicatoren voor uitvoering van Avan. Onderstaand een overzicht van de programma’s: 1. 2. 3. 4.
Vraagafhankelijk vervoer Routegebonden vervoer Bedrijfsvoeringsorganisatie (BVO) Bestedingsplan 2.2.1
Programma Vraagafhankelijk vervoer
Wat wilden we bereiken? 1. Een kwalitatief goede uitvoering van het vraagafhankelijke vervoer met Avan door de regiecentrale en vervoerders. Hierbij streven wij bij de onderstaande prestatie indicatoren naar de aangegeven norm: a. stiptheidspercentage rituitvoering per maand > 95%; b. gemiddelde wachttijd ritreservering per maand < 30 seconden; c. aantal klachten per rit per maand < 0,2%; d. afhandelingstermijn klachten < 10 werkdagen. 2. Een goede sturing en (financiële) beheersing van uitvoering van het vraagafhankelijke vervoer met Avan. Wat hebben we bereikt? In onderstaande is aangegeven wat bereikt is betreffende de bovengenoemde prestatieindicatoren vraagafhankelijk vervoer. Ad punt 1a: Stiptheidspercentage rituitvoering Het gemiddelde stiptheidspercentage is in 2019 91%. Dit was in 2018 88% en in 2017 ook 91%. Doordat in 2019 door de regiecentrale weer meer op efficiency is gestuurd, is het percentage weer op het niveau van 2017 uitgekomen. Overigens met blijvende kwaliteit van het vraagafhankelijk vervoer, zoals uit het Klanttevredenheidsonderzoek (KTO) uit 2019 blijkt. Ad punt 1b: gemiddelde wachttijd ritreservering De gemiddelde wachttijd ritreservering is in 2019 32 seconden. Dit was in 2018 ook 32 seconden en in 2017 31 seconden. De gemiddelde wachttijd ligt daarmee in 2019 nog steeds net boven de gestelde norm van 30 seconden. Pagina | 6
Jaarstukken 2019, versie 11 juni 2020
Ad punt 1c: Percentage klachten Het percentage klachten per rit per maand is in 2019 bepaald op 0,08%. Dit was in 2018 0,09% en in 2017 0,16%. Het percentage klachten ligt daarmee in 2019 nog steeds ruim onder de gestelde norm van 0,2%. De ingebruikname van "Smile" en de 100% monitoring door de vervoersorganisatie heeft ervoor gezorgd dat er beter inzicht is verkregen in de aard van de klachten, zodat snel geacteerd wordt om vergelijkbare klachten in de toekomst te voorkomen. Ad punt 1d: Afhandelingstermijn klachten De gemiddelde afhandelingstermijn van klachten is in 2019 8 werkdagen. Dit was in 2018 en 2017 9 werkdagen. De gemiddelde afhandelingstermijn van klachten blijft daarmee onder de streeftermijn van afhandeling, maximaal 10 werkdagen. Wat hebben we hiervoor gedaan? Analyseren ritten- en dienstenbakken / Management informatie In 2018 zijn de ritten- en dienstenbakken verder doorontwikkeld om nog gemakkelijker gegevens te genereren voor de maandfacturatie, de vernieuwde managementrapportages en het kunnen uitvoeren van analyses door de regiecentrale en vervoersorganisatie. In 2019 hebben hierdoor op onderdelen analyses nog gedetailleerder plaats kunnen vinden. Afstemming BVO en regiecentrale (DVG) Tweewekelijks hebben er overleggen plaatsgevonden tussen de BVO en DVG om alle operationele aspecten van de samenwerking te bespreken.
Hierdoor heeft een goede bewaking plaats kunnen vinden ten aanzien van het behalen van de normen zoals o.a. in bovengenoemde prestatieindicatoren zijn afgesproken. Afstemming BVO en deelnemende gemeenten In 2019 hebben vijf gestructureerde overleggen plaatsgevonden met de deelnemende gemeenten over afstemming over Wmo-vervoer gerelateerde zaken. Dit overleg heeft de naam 'contactambtenarenoverleg'. Regionale Adviesraad In 2019 is de Regionale Adviesraad Doelgroepenvervoer zeven keer bijeengekomen. Hierbij waren de volgende leden van de vervoersorganisatie uitgenodigd: • de directeur BVO (programmamanager Doelgroepenvervoer) • de contractmanager BVO De BVO was op alle bijeenkomsten vertegenwoordigd. Communicatie In 2018 is de hernieuwde website www.avan-vervoer.nl in gebruik genomen. De website is door een onafhankelijk bureau getoetst op toegankelijkheid en heeft daarbij de hoogst mogelijke score behaald. Op basis van ervaringen en reacties van gebruikers wordt de website continue verder geoptimaliseerd en aangepast. Op deze site worden door de vervoersorganisatie periodiek nieuwsbrieven gepubliceerd. Daarnaast is er door gebruikers o.a. de volgende informatie te vinden: klantenservice, de kosten voor vervoer, reserverings- en klachtentelefoonnummers, reistijden, procedures, regelementen en afspraken.
Klanttevredenheidsonderzoek In 2019 is een onafhankelijk klanttevredenheidsonderzoek uitgevoerd. Reizigers beoordeelden de kwaliteit van het vervoer van Avan met een 7,8. De kwaliteit van het vervoer werd in 2017 nog gewaardeerd met een 7,5. Het streven is om op alle onderdelen van het onderzoek minimaal een 7,6 te scoren. Enkel op klachtafhandeling wordt onvoldoende gescoord. Om de score klachtafhandeling te verbeteren wordt o.a. de te volgen procedure voor het melden van klachten beoordeeld. Het blijkt dat klachten niet altijd op de juiste manier worden aangeboden en daarmee niet in behandeling worden genomen.
Pagina | 7
Jaarstukken 2019, versie 11 juni 2020
Wat heeft het gekost?
Toelichting In de gewijzigde begroting 2019 werd rekening gehouden met € 12,2 mln bruto vervoerskosten en € 835k aan regiekosten voor het vraagafhankelijk vervoer. Na aftrek van de Wmo subsidie en verwachte klantbijdragen (inclusief Btw) resulteerde een netto bijdrage voor gemeenten en de provincie Gelderland van € 9,8 mln. In werkelijkheid is de netto bijdrage voor het vraagafhankelijk vervoer in totaal € 9,4 mln. De bruto vervoerskosten vallen in vergelijking met de gewijzigde begroting 2019 circa € 300k (-2,5%) lager uit. Daarnaast zijn de werkelijke klantbijdragen in 2019 ruim € 150k hoger dan begroot. Hiermee wordt het verschil in de netto bijdragen 2019 verklaard.
Pagina | 8
Jaarstukken 2019, versie 11 juni 2020
2.2.2
Programma Routegebonden vervoer
Wat wilden we bereiken? 1. Een kwalitatief goede uitvoering van het routegebonden vervoer met Avan door de regiecentrale en vervoerders. Hierbij streven wij bij de onderstaande prestatie indicatoren naar de aangegeven norm: a. aantal routes met vaste chauffeur(s) > 99%; b. aantal ritten binnen maximale reisduur per maand > 95%; c. aantal klachten per rit per maand < 0,2%; d. afhandelingstermijn klachten < 10 werkdagen. 2. Een goede sturing en (financiële) beheersing van uitvoering van het routevervoer met Avan. Wat hebben we bereikt? In onderstaande is aangegeven wat bereikt is betreffende de bovengenoemde prestatieindicatoren vraagafhankelijk vervoer. Ad punt 1a: Routes met vaste chauffeur Het is ook in 2019 nog niet gelukt om deze gegevens te monitoren. Doordat de kwantiteit van het routegebonden vervoer steeds verder toeneemt en de vervoerders aangeven dat het krijgen van chauffeurs steeds lastiger is, is het in de praktijk niet mogelijk om de gewenste norm te realiseren. In 2019 zijn ook chauffeurs vanuit het vraagafhankelijk vervoer ingezet om het routegebonden vervoer te ondersteunen. Ad punt 1b: Ritten binnen maximale reisduur Het percentage ritten dat binnen de maximale reisduur wordt gereden is in 2019 bepaald op 96%. Dit was in 2018 97% en in 2017 96%. Het percentage ritten ligt daarmee in 2019 nog steeds boven de gestelde norm van 95%.
Ad punt 1c: Percentage klachten Het percentage klachten per rit per maand is in 2019 bepaald op 0,01%. Dit was in 2018 0,02% en in 2017 0,14%. Het percentage klachten ligt daarmee in 2019 nog steeds ruim onder de gestelde norm van 0,2%. De ingebruikname van "Smile" en de 100% monitoring door de vervoersorganisatie heeft ervoor gezorgd dat er beter inzicht is verkregen in de aard van de klachten, zodat snel geacteerd wordt om vergelijkbare klachten in de toekomst te voorkomen. Ad punt 1d: Afhandelingstermijn klachten De gemiddelde afhandelingstermijn van klachten is in 2019 8 werkdagen. Dit was in 2018 en 2017 9 werkdagen. De gemiddelde afhandelingstermijn van klachten blijft daarmee onder de streeftermijn van afhandeling, maximaal 10 werkdagen. Wat hebben we hiervoor gedaan? Analyseren ritten- en dienstenbakken / Management informatie In 2018 zijn de ritten- en dienstenbakken verder doorontwikkeld om nog gemakkelijker gegevens te genereren voor de maandfacturatie, de vernieuwde managementrapportages en het kunnen uitvoeren van analyses door de regiecentrale en vervoersorganisatie. In 2019 hebben hierdoor op onderdelen analyses nog gedetailleerder plaats kunnen vinden. Afstemming BVO en regiecentrale (DVG) Tweewekelijks hebben er overleggen plaatsgevonden tussen de BVO en DVG om alle operationele aspecten van de samenwerking te bespreken.
Hierdoor heeft een goede bewaking plaats kunnen vinden ten aanzien van het behalen van de normen zoals o.a. in bovengenoemde prestatieindicatoren zijn afgesproken. Afstemming BVO en deelnemende gemeenten In 2019 hebben vijf gestructureerde overleggen plaatsgevonden met de deelnemende gemeenten over afstemming over routegebonden vervoer gerelateerde zaken. Dit overleg heeft de naam 'contactambtenarenoverleg'.
Pagina | 9
Jaarstukken 2019, versie 11 juni 2020
Regionale Adviesraad In 2019 is de Regionale Adviesraad Doelgroepenvervoer zeven keer bijeengekomen. Hierbij waren de volgende leden van de vervoersorganisatie uitgenodigd: • de directeur BVO (programmamanager Doelgroepenvervoer) • de contractmanager BVO De BVO was op alle bijeenkomsten vertegenwoordigd. Communicatie In 2018 is de hernieuwde website www.avan-vervoer.nl in gebruik genomen. De website is door een onafhankelijk bureau getoetst op toegankelijkheid en heeft daarbij de hoogst mogelijke score behaald. Op basis van ervaringen en reacties van gebruikers wordt de website continue verder geoptimaliseerd en aangepast. Op deze site worden door de vervoersorganisatie periodiek nieuwsbrieven gepubliceerd. Daarnaast is er door gebruikers o.a. de volgende informatie te vinden: klantenservice, de kosten voor vervoer, reserverings- en klachtentelefoonnummers, reistijden, procedures, regelementen en afspraken. Klanttevredenheidsonderzoek In 2019 is een onafhankelijk klanttevredenheidsonderzoek uitgevoerd. Reizigers beoordeelden de kwaliteit van het vervoer van Avan met een 7,8. De kwaliteit van het vervoer werd in 2017 nog gewaardeerd met een 7,5. Het streven is om op alle onderdelen van het onderzoek minimaal een 7,6 te scoren. Enkel op klachtafhandeling wordt onvoldoende gescoord. Om de score klachtafhandeling te verbeteren wordt o.a.
de te volgen procedure voor het melden van klachten beoordeeld. Het blijkt dat klachten niet altijd op de juiste manier worden aangeboden en daarmee niet in behandeling worden genomen. Wat heeft het gekost?
Pagina | 10
Jaarstukken 2019, versie 11 juni 2020
Toelichting In de gewijzigde begroting 2019 werd rekening gehouden met € 7,3 mln bruto vervoerskosten en € 125k aan regiekosten voor het routegebonden vervoer. Beide bedragen zijn exclusief Btw. In de gewijzigde begroting 2019 is geen rekening gehouden met een bijdrage voor begeleidingskosten waardoor de totaal verwachte bijdrage van gemeenten circa € 7,4 mln bedraagt. In werkelijkheid is de netto bijdrage voor het routegebonden vervoer in totaal € 7,5 mln. De hogere bijdrage is volledig toe te schrijven aan de niet begrote begeleidingskosten. De bruto vervoerskosten en regiekosten wijken in werkelijkheid nauwelijks af van de gewijzigde begroting 2019.
2.2.3
Programma Bedrijfsvoeringsorganisatie (BVO)
Wat hebben we bereikt? Sturing en (financiële) beheersing van uitvoering van het vervoer met Avan. Per 1 januari 2019 wordt de volledige financiële administratie van de BVO DRAN gevoerd in het financiële pakket Unit4. Hierdoor wordt er vanaf 2019 een Btw-administratie gevoerd waarop de kwartaalaangiften omzetbelasting worden gebaseerd. Vanaf het eerste kwartaal 2019 zijn aangiften omzetbelasting ingediend en telkens beschikt door de belastingdienst. Vanaf het eerste kwartaal van 2019 zijn er financiële managementrapportages aan het bestuur verstrekt. In deze rapportage wordt de voortgang van de bestedingen per vervoerssoort en per gemeente inzichtelijk gemaakt. In 2019 heeft verder definitieve afrekening plaatsgevonden met vervoerders en gemeenten over de jaren 2016, 2017 en 2018. Hierbij is door de BVO DRAN geconstateerd dat er suppleties omzetbelasting ingediend konden worden voor de jaren 2016, 2017 en 2018. Dit levert per saldo een terug te ontvangen bedrag van circa € 545k op voor de deelnemende gemeenten. Deze vordering op de belastingdienst is in de balans per 31-12-2019 verwerkt. Een doorlopend proces blijft de gezamenlijke zoektocht van de BVO DRAN en gemeenten om de kosten van het vervoer zo veel mogelijk te beperken door het doorvoeren van optimalisaties en invoeren van beheersmaatregelen.
Pagina | 11
Jaarstukken 2019, versie 11 juni 2020
Ondersteunen en faciliteren van het bestuur in haar taakuitvoering. Om te komen tot gedegen besluitvorming worden alle onderwerpen die door de BVO DRAN zijn geagendeerd voorbesproken in het voorbereidend ambtelijk overleg (VAO). Op de momenten dat specifieke detail toelichting noodzakelijk werden geacht, zijn er door de BVO naast dit VAO nog extra (financiële) bijeenkomsten georganiseerd. De BVO is in de bestuurlijke overleggen aangesloten en geeft toelichting op de door hen geagendeerde onderwerpen. De BVO zorgt voor de verslaglegging van de bestuurlijk overleggen. Wat hebben we er voor gedaan? Operationele afstemming BVO en regiecentrale (DVG) Tweewekelijks hebben er overleggen (OMT's) plaatsgevonden tussen de BVO en DVG om alle operationele aspecten van de samenwerking te bespreken. Hierdoor heeft een goede bewaking plaats kunnen vinden ten aanzien van het behalen van de normen. Klanttevredenheidsonderzoek In 2019 is een onafhankelijk klanttevredenheidsonderzoek uitgevoerd. Reizigers beoordeelden de kwaliteit van het vervoer van Avan met een 7,8. De kwaliteit van het vervoer werd in 2017 nog gewaardeerd met een 7,5. Het streven is om op alle onderdelen van het onderzoek minimaal een 7,6 te scoren. Enkel op klachtafhandeling wordt onvoldoende gescoord. Om de score klachtafhandeling te verbeteren wordt o.a. de te volgen procedure voor het melden van klachten beoordeeld.
Het blijkt dat klachten niet altijd op de juiste manier worden aangeboden en daarmee niet in behandeling worden genomen. Aanbesteding vervoer en regie Vanaf 1 augustus 2020 moeten er nieuwe contracten worden gesloten voor vervoer en regie. In 2019 heeft de BVO de wijze van aanbesteden bepaald en voorbereid. Hiervoor heeft marktconsultatie plaatsgevonden en zijn expertsmeetings duurzaamheid georganiseerd. Op basis van alle bevindingen zijn de aanbestedingsdocumenten opgesteld, resulterend in voorlopige gunningen in december 2019. Regionale afstemming Om te komen tot meer grip op de gemeenschappelijke regelingen, heeft de griffierskring Rijk van Nijmegen een periodiek overleg geïnitieerd tussen de griffiers van de gemeenten uit deze regio en alle gemeenschappelijke regelingen waaraan deze gemeenten deelnemen. De BVO is sinds 2019 deelnemer van deze overleggen. Daarnaast neemt de BVO deel aan vergelijkbare provinciale bijeenkomsten.
Pagina | 12
Jaarstukken 2019, versie 11 juni 2020
Wat heeft het gekost?
2.2.4
Programma Bestedingsplan
Op basis van de samenwerkingsovereenkomst Basismobiliteit 2017-2019 wordt jaarlijks door de provincie Gelderland aan de vervoersorganisatie een bedrag beschikbaar gesteld voor de uitvoering van het OVvangnet vervoer. In de samenwerkingsovereenkomst is afgesproken dat voor overgebleven gelden die bestemd waren voor het OV-vangnet vervoer in 2018, in 2019 door het bestuur van de vervoersorganisatie bestedingsplannen ingediend kunnen worden bij de provincie Gelderland. Voorwaarde is dat een bestedingsplan een project is voor innovatieve vormen van vervoer. Voor 2019 was er hierdoor € 134.899 beschikbaar voor bestedingsplannen. In 2019 zijn twee bestedingsplannen goedgekeurd en restgelden beschikbaar gesteld. Voor het bestedingsplan "Inzet dorpsauto's in de gemeente Heumen" is € 28.382 subsidie toegekend. Voor het uitvoeren een marktonderzoek heeft de BVO DRAN € 44.146 subsidie toegekend gekregen. In 2018 zijn aan de gemeente Wijchen ("Op stap") en de gemeente Zevenaar ("Vrijwilligersinitiatief") ook bedragen beschikbaar gesteld. In 2019 hebben nog geen uitgaven voor het marktonderzoek plaatsgevonden. Voor de overige bestedingsplannen zijn de gemeenten primair verantwoordelijk. De BVO is de aanvragende partij en enkel doorgeefluik als het de uitkeringen vanuit de provincie betreft. Hierdoor zijn zijn er geen lasten en baten in de exploitatie 2019 van de BVO DRAN verantwoord.
Pagina | 13
Jaarstukken 2019, versie 11 juni 2020
2.3
Paragrafen
2.3.1 Inleiding In de paragrafen wordt ingegaan op het beleid met betrekking tot de beheersmatige aspecten van de organisatie. In het besluit Begroting en Verantwoording (art. 26 BBV) staat aangegeven dat in het jaarverslag ten minste de volgende paragrafen opgenomen moeten zijn, tenzij het desbetreffende aspect niet aan de orde is: -
Lokale heffingen Weerstandsvermogen en risicobeheersing Onderhoud kapitaalgoederen Financiering Bedrijfsvoering Verbonden partijen Grondbeleid
De paragrafen “Lokale heffingen”, "Onderhoud kapitaalgoederen", “Verbonden partijen” en “Grondbeleid” zijn niet op de BVO DRAN van toepassing. De overige paragrafen staan hieronder toegelicht. 2.3.2
Weerstandsvermogen en risicobeheersing
Het weerstandsvermogen geeft aan in welke mate de vervoersorganisatie in staat is tegenvallers op te vangen. Bij het opstellen van de begroting en de jaarrekening dienen de voorzienbare en kwantificeerbare risico’s zo goed mogelijk in beeld te worden gebracht. In de paragraaf weerstandsvermogen en risicobeheersing dient ten minste te worden opgenomen: - inventarisatie van de weerstandscapaciteit - inventarisatie van de risico’s - het beleid omtrent de weerstandscapaciteit en de risico’s 2.3.2.1 Weerstandscapaciteit De weerstandscapaciteit bestaat uit de middelen en mogelijkheden om niet begrote kosten, die onverwachts en substantieel zijn, op te kunnen vangen. Tot de aanwezige weerstandscapaciteit van de vervoersorganisatie kunnen slechts twee posten worden gerekend: Reserves Post onvoorzien Ten aanzien van alle bestedingen door de BVO DRAN is de 'open einde' systemathiek van toepassing waarbij bij een tekort de deelnemers bij moeten betalen en bij een overschot geld terug krijgen. Het risico hiervoor ligt dus bij de deelnemende gemeenten. De verantwoordelijkheid voor het vormen van een additionele post onvoorzien ligt daardoor bij de deelnemers. Omdat jaarlijks het resultaat wordt verrekend met de deelnemers, wordt er ook geen reserve opgebouwd.
2.3.2.2 Risico's In januari 2020 is het probleem van het COVID-19 (Corona) virus pas echt bekend geworden en in de maanden daarna is de impact geleidelijk duidelijk geworden. De in maart 2020 in Nederland genomen maatregelen zijn ongekend. De gevolgen voor Bedrijfsvoeringsorganisatie Doelgroepenvervoer Regio Arnhem-Nijmegen (BVO DRAN) zijn nog niet of zeer moeilijk in te schatten. We bewaken onze risico's en die van onze ketenpartners voortdurend. De vervoersorganisatie loopt geen risico voor de continuïteit, aangezien de aard van onze activiteiten toezien op vastliggende afspraken met gemeenten en Provincie Gelderland voor minimaal langer dan 1 jaar. We nemen zo nodig maatregelen om onze taken gedurende deze crisis zo goed mogelijk te laten uitvoeren. De inrichting van het vervoer is gebaseerd op een ‘open einde’ systematiek. Dit betekent dat de kosten oplopen wanneer een deelnemer meer of aangepast gebruik inbrengt of dat er in een periode meer ritten hebben plaatsgevonden dan begroot. Dit brengt een financieel risico met zich mee voor betreffende deelnemer. Zodoende moet er periodiek inzicht zijn in het volume van het aantal ritten en de hieruit volgende kosten en hier tijdig over worden gecommuniceerd met de deelnemers. Hiervoor worden door de vervoersorganisatie periodiek managementrapportages verstrekt.
Pagina | 14
Jaarstukken 2019, versie 11 juni 2020
De gemeenten streven naar het versterken van de eigen kracht van de reiziger en een toename van het gebruik van algemene voorzieningen in combinatie met een afname van het doelgroepenvervoer. Bijvoorbeeld het gebruik van openbaar vervoer en vrijwilligers. Daarnaast sturen de regiecentrale of vervoerders bij het plannen op efficiency. Bijvoorbeeld het afstemmen van verschillende vervoersvormen en slim koppelen van verschillende vervoersstromen binnen de planning. Door invoering van beheersmaatregelen bestaat tijdens de exploitatieperiode de mogelijkheid dat schommelingen in het vervoervolume en/of veranderingen in de wijze van planning leiden tot structurele veranderingen in het aantal inzeturen van vervoerders. De regiecentrale monitort maandelijks de langere termijn ontwikkelingen in het vervoervolume. Indien zich hierin veranderingen voordoen die leiden tot structurele vermindering of vermeerdering van het aantal inzeturen treedt zij tijdig in overleg met de gecontracteerde vervoerders. Bij structurele afschaling van inzeturen kan de vervoerder een claim indienen. Op dit moment is het niet mogelijk aan dit risico een concreet bedrag te koppelen. Claim Munckhof 3 uurs regeling Als enige vervoerder verzet Munckhof zich tegen de aanvullende afspraken betreffende de 3 uurs regeling. Deze lagere vergoeding wordt wel toegepast.
Het risico is dat na een eventueel juridisch proces Munckhof in het gelijk wordt gesteld en alsnog de kosten dienen te worden vergoed. Vanaf augustus 2018 worden de door Munckhof ingediende facturen door de BVO betwist en niet in behandeling genomen. Tot en met 31 december 2019 is door Munckhof een totaalbedrag van € 62.132 geclaimd. 2.3.3 Financiering Het financieringsvraagstuk van de vervoersorganisatie is van een beperkte omvang. Dit heeft vooral te maken met het feit dat de meeste bedrijfsvoeringsonderdelen worden afgenomen van de gemeente Arnhem en het grootste deel van de bestedingen bestaat uit personeelslasten of daaraan gerelateerde kosten. De financieringsrisico's zijn om die reden slechts beperkt. Renterisicobeheer Algemene uitgangspunten met betrekking tot het renterisicobeheer zijn: • geen overschrijding van de renterisiconorm conform de Wet Fido; • nieuwe leningen/uitzettingen worden afgestemd op de bestaande financiële positie en de liquiditeitsplanning; • de rentetypische looptijd en het renteniveau van de betreffende lening/uitzetting wordt zo veel mogelijk afgestemd op de actuele rentestand en de rentevisie. Kasgeldlimiet Met de kasgeldlimiet is in de wet Fido een norm gesteld voor het maximum bedrag waarop de organisatie haar financiële bedrijfsvoering met kortlopende middelen (looptijd < 1 jaar) mag financieren.
Deze norm bedraagt in 2019 8,5% van het begrotingstotaal aan lasten voor bestemming, in de gewijzigde begroting van 2019 is dit een bedrag van € 22.208.241. De kasgeldlimiet bedraagt dan € 1.887.700. Deze is in 2019 niet overschreden. De liquide middelen betreffen rekening-courant tegoeden. Renterisiconorm Het renterisico op de lange financiering wordt wettelijk begrensd door de renterisiconorm. Als lange financiering wordt volgens de Wet Fido aangemerkt: alle financieringsvormen met een rentetypische looptijd groter dan één jaar. Het renterisico wordt gedefinieerd als het minimum van de netto nieuw aangetrokken schuld en de betaalde aflossingen, vermeerderd met het saldo van de contractuele renteherzieningen op de opgenomen en uitgezette geldleningen. Het renterisico op de lange termijn wordt beperkt tot de in de wet genoemde 20% van de restant hoofdsom van de rentetypische langlopende leningen. Achterliggende reden voor het gebruik van de renterisiconorm is de spreiding van het renterisico over de jaren. De BVO DRAN heeft geen financieringsvorm met een rentetypische looptijd groter dan één jaar. Relatiebeheer Het betalingsverkeer is belegd de Bank Nederlandse Gemeenten.
Pagina | 15
Jaarstukken 2019, versie 11 juni 2020
2.3.4 Bedrijfsvoering Waar staat de Vervoersorganisatie Regio Arnhem Nijmegen voor? De vervoersorganisatie is ingesteld ter gemeenschappelijke behartiging van de belangen van de deelnemers met betrekking tot het tot stand brengen, ontwikkelen en in stand houden van een kwalitatief hoogwaardig, herkenbaar, efficiënt en eenvoudig te gebruiken doelgroepenvervoer. Hierbij wordt rekening gehouden met de mogelijkheden van reizigers en hun sociale netwerk en wordt erop toegezien dat het aanvullend vervoer ook in het buitengebied en de kleine kernen voldoende gewaarborgd is en dat het vervoer een optimale aansluiting heeft op het openbaar-vervoer-netwerk. Doelen en taken De vervoersorganisatie heeft tot doel de gezamenlijke sturing en (financiële) beheersing van uitvoeringstaken en uitvoering van ondersteunende processen op het gebied van doelgroepenvervoer en aanvullend vervoer voor de deelnemers. De sturing en (financiële) beheersing van uitvoeringstaken en uitvoering van ondersteunende processen op het gebied van doelgroepenvervoer en aanvullend vervoer worden overgedragen aan de vervoersorganisatie. Samenwerkingsovereenkomst provincie Gelderland Voor het uitvoeren van de taak aanvullend vervoer is de vervoersorganisatie (BVO DRAN) een samenwerkingsovereenkomst aangegaan met de provincie Gelderland.
In deze overeenkomst komen de provincie Gelderland en de vervoersorganisatie overeen dat de vervoersorganisatie de taak van het aanvullend vervoer (basismobiliteit) uitvoert voor de provincie Gelderland. Regiemodel Het vervoer is in 2019 ingericht volgens het "regiemodel". In een regiemodel worden de regie en het vervoer gescheiden in de markt gezet. De vergoeding voor de regiecentrale is een vaste vergoeding per maand en vervoerders krijgen een maandelijkse vergoeding voor de gereden kilometers en de tijd dat zij een auto met chauffeur beschikbaar stellen. De verdeling van kosten over de deelnemende gemeenten en de provincie heeft plaatsgevonden op basis van de door het bestuur vastgestelde verdeelsleutels. 2.3.4.1 Dienstverleningsovereenkomsten Voor 2019 zijn met De Connectie en de gemeente Arnhem dienstverleningsovereenkomsten (DVO) gesloten. De Connectie levert ingerichte werkplekken, financiële applicaties, verwerking financiële mutaties, archivering en salarisverwerking. Als bijlage bij de DVO met De Connectie is ook een verwerkersovereenkomst opgenomen. De DVO met de gemeente Arnhem betreft afspraken over inzet van specialistische expertise. 2.3.4.2 Rapporteren Aan de deelnemers wordt per programma gerapporteerd. Het is een overzicht van de geleverde prestaties. De rapportages (inclusief financiën) worden minimaal halfjaarlijks opgesteld.
2.3.4.3 ICT De BVO DRAN heeft in 2019 gebruik gemaakt van de ICT omgeving (hardware en software) van de gemeente Arnhem. Beheertaken worden door De Connectie uitgevoerd.
Pagina | 16
Jaarstukken 2019, versie 11 juni 2020
3
Jaarrekening
3.1
Overzicht baten en lasten 2019
3.2 Toelichting op overzicht baten en lasten 2019 In 2019 zijn de bestedingen binnen de begroting gebleven. Voor verdere toelichting zie paragraaf 3.4. 3.3
Specificatie programma BVO
3.4 Toelichting specificatie programma BVO De werkelijke bestedingen in 2019 zijn binnen het beschikbare budget gebleven. De begroting voor de BVO lasten is op te splitsen in een deel structurele bedrijfsvoeringslasten (€ 684.000) en een incidenteel deel ten behoeve van de kosten die gepaard gaan met de aanbestedingstrajecten voor het vervoer en callcenter. De structurele lasten zijn per saldo nagenoeg binnen budget gerealiseerd. De hogere realisatie van personeelkosten is het gevolg van de externe inhuur van een controller in het eerste half jaar van 2019. Daar tegenover staan enkele onderschrijdingen op andere posten. Pagina | 17
Jaarstukken 2019, versie 11 juni 2020
De onderschrijding op het budget aanbesteding wordt veroorzaakt door de verschuiving van werkzaamheden naar 2020. Gedurende 2019 is enige vertraging in de planning opgelopen, waardoor bijvoorbeeld advocaatkosten naar aanleiding van de voorlopige gunningen niet meer in dit boekjaar plaatsvinden. Door deze constatering is in de gewijzigde begroting 2020 € 61.500 aan het budget aanbesteding toegevoegd. 3.5
Balans per 31-12-2019
Pagina | 18
Jaarstukken 2019, versie 11 juni 2020
3.6
Toelichting op de balans en grondslagen 3.6.1
Toelichting op balans
Pagina | 19
Jaarstukken 2019, versie 11 juni 2020
Pagina | 20
Jaarstukken 2019, versie 11 juni 2020
Het verloop van de vooruit ontvangen bedragen kan als volgt worden gespecificeerd:
Provincie Gelderland
Beginstand 1-12019 € 1.710.050
Ontvangen voorschot subsidie € 1.796.668
Besteding € 1.710.050
Eindstand 31-122019 subsidie € 1.796.668
Pagina | 21
Jaarstukken 2019, versie 11 juni 2020
3.6.2 Grondslagen algemeen De jaarrekening is opgemaakt met inachtneming van de voorschriften van het Besluit Begroting en Verantwoording provincies en gemeenten (BBV). 3.6.3 Liquide middelen Deze worden gewaardeerd tegen de nominale waarde. 3.6.4 Vorderingen en overlopende activa Vorderingen worden, evenals de overlopende activa, gewaardeerd tegen de nominale waarde onder aftrek van voorzieningen wegens oninbaarheid. 3.6.5 Eigen vermogen Onder het eigen vermogen zijn opgenomen algemene- en bestemmingsreserves alsmede het saldo van de rekening van baten en lasten. 3.6.6 Voorzieningen Onder de voorzieningen zijn opgenomen op het moment van opstellen van de jaarrekening voorzienbare verplichtingen, verliezen en/of risico's, voor zover de omvang hiervan redelijkerwijs is in te schatten. Voorts de kosten die in een volgend begrotingsjaar zullen worden gemaakt en die strekt tot gelijkmatige verdeling van de lasten over een aantal begrotingsjaren (kostenegalisatie). Tot slot worden tot de voorzieningen gerekend de van derden verkregen middelen die specifiek besteed moeten worden. De voorzieningen zijn bepaald naar beste inschatting. 3.6.7 Kortlopende schulden en overlopende passiva Deze worden gewaardeerd tegen de nominale waarde. 3.7
Gebeurtenissen na balansdatum
Het COVID-19 (Corona) virus heeft geen financiële gevolgen voor de jaarrekening 2019, maar naar alle waarschijnlijkheid wel een effect op de omvang van de bestedingen in 2020 en mogelijk voor de jaren erna. Hoe groot de financiële impact zal zijn is nu onmogelijk te bepalen. We bewaken onze risico's en die van onze ketenpartners voortdurend. De vervoersorganisatie loopt geen risico voor de continuïteit, aangezien de aard van onze activiteiten toezien op vastliggende afspraken met gemeenten en Provincie Gelderland voor minimaal langer dan 1 jaar. We nemen zo nodig maatregelen om onze taken gedurende deze crisis zo goed mogelijk te laten uitvoeren.
Pagina | 22
Jaarstukken 2019, versie 11 juni 2020
3.8
Wet normering bezoldiging topfunctionarissen publieke en semipublieke sector
WNT-verantwoording 2019 BVO DRAN Per 1 januari 2013 is de Wet normering bezoldiging topfunctionarissen publieke en semipublieke sector (WNT) ingegaan. Voor 2019 is het algemene bezoldigingsmaximum vastgesteld op € 194.000. Dit geldt naar rato van de duur en/of omvang van het dienstverband in betreffend boekjaar. 3.8.1
Bezoldiging topfunctionarissen
1a. Leidinggevende topfunctionarissen met dienstbetrekking Gegevens 2019 bedragen x € 1
M. van den Beucken
Functiegegevens
DIRECTEUR
Aanvang en einde functievervulling in 2019
01/01 – 31/12
Omvang dienstverband (als deeltijdfactor in fte)
1,0
Dienstbetrekking? Bezoldiging
ja
Beloning plus belastbare onkostenvergoedingen
€ 80.706
Beloningen betaalbaar op termijn
€ 13.208
Subtotaal
€ 93.914
Individueel toepasselijke bezoldigingsmaximum
€ 194.000
-/- Onverschuldigd betaald en nog niet terugontvangen bedrag
N.v.t.
Bezoldiging
€ 93.914
Gegevens 2018 bedragen x € 1 Functiegegevens Aanvang en einde functievervulling in 2018 Omvang dienstverband (als deeltijdfactor in fte) Dienstbetrekking?
M. van den Beucken DIRECTEUR 01/04 – 31/12 1,0 ja
Bezoldiging Beloning plus belastbare onkostenvergoedingen Beloningen betaalbaar op termijn Subtotaal
€ 57.138 € 9.015 € 66.153
Pagina | 23
Jaarstukken 2019, versie 11 juni 2020
Individueel toepasselijke bezoldigingsmaximum
€ 141.750
Bezoldiging
€ 66.153
1c. Toezichthoudende topfunctionarissen: Gegevens 2019 bedragen x € 1
R. Engels
R. van der Zee
S. Fleuren
Voorzitter 01/01 – 31/12
Lid 01/01 – 31/12
Lid 01/01 – 31/12
€0
€0
€0
€ 29.100
€ 19.400
€ 19.400
N.v.t.
N.v.t.
N.v.t.
€0
€0
€0
R. Engels
R. van der Zee
S. Fleuren
Voorzitter 28/06 – 31/12
Lid 28/06 – 31/12
Lid 28/06 – 31/12
€0
€0
€0
€ 14.175
€ 9.550
€ 9.550
bedragen x € 1
H. Plaizier
P. Bollen
A. Springveld
Functiegegevens
Lid
Lid
Lid
01/01 – 31/12
01/01 – 31/12
01/01 – 31/12
€0
€0
€0
€ 19.400
€ 19.400
€ 19.400
N.v.t.
N.v.t.
N.v.t.
€0
€0
€0
Functiegegevens Aanvang en einde functievervulling in 2019 Bezoldiging Bezoldiging Individueel toepasselijke bezoldigingsmaximum -/- Onverschuldigd betaald en nog niet terugontvangen bedrag Bezoldiging Gegevens 2018 bedragen x € 1 Functiegegevens Aanvang en einde functievervulling in 2018 Bezoldiging Bezoldiging Individueel toepasselijke bezoldigingsmaximum Gegevens 2019
Aanvang en einde functievervulling in 2019 Bezoldiging Bezoldiging Individueel toepasselijke bezoldigingsmaximum -/- Onverschuldigd betaald en nog niet terugontvangen bedrag Bezoldiging
Pagina | 24
Jaarstukken 2019, versie 11 juni 2020
Gegevens 2018 bedragen x € 1
H. Plaizier
P. Bollen
A. Springveld
Functiegegevens Aanvang en einde functievervulling in 2018
Lid 28/06 – 31/12
Lid 01/01 – 31/12
Lid 28/06 – 31/12
€0
€0
€0
€ 9.550
€ 19.100
€ 9.550
bedragen x € 1
I. Knuiman
R. Waas
A. Slob
Functiegegevens Aanvang en einde functievervulling in 2019
Lid 01/01 – 31/12
Lid 01/01 – 31/12
Lid 01/01 – 31/12
€0
€0
€0
€ 19.400
€ 19.400
€ 19.400
N.v.t.
N.v.t.
N.v.t.
€0
€0
€0
bedragen x € 1
I. Knuiman
R. Waas
A. Slob
Functiegegevens Aanvang en einde functievervulling in 2018
Lid 01/01 – 31/12
Lid 28/06 – 31/12
Lid 28/06 – 31/12
€0
€0
€0
€ 19.100
€ 9.550
€ 9.550
bedragen x € 1
O. van Leeuwen
S. Doorenbos
H. Tiemens
Functiegegevens
Lid
Lid
Lid
01/01 – 31/12
01/01 – 31/12
01/01 – 31/12
€0
€0
€0
Bezoldiging Bezoldiging Individueel toepasselijke bezoldigingsmaximum Gegevens 2019
Bezoldiging Bezoldiging Individueel toepasselijke bezoldigingsmaximum -/- Onverschuldigd betaald en nog niet terugontvangen bedrag Bezoldiging Gegevens 2018
Bezoldiging Bezoldiging Individueel toepasselijke bezoldigingsmaximum
Gegevens 2019
Aanvang en einde functievervulling in 2019 Bezoldiging Bezoldiging
Pagina | 25
Jaarstukken 2019, versie 11 juni 2020
Individueel toepasselijke bezoldigingsmaximum
€ 19.400
€ 19.400
€ 19.400
-/- Onverschuldigd betaald en nog niet terugontvangen bedrag
N.v.t.
N.v.t.
N.v.t.
Bezoldiging
€0
€0
€0
bedragen x € 1
O. van Leeuwen
S. Doorenbos
H. Tiemens
Functiegegevens
Lid
Lid
Lid
28/06 – 31/12
28/06 – 31/12
01/01 – 31/12
€0
€0
€0
€ 9.550
€ 9.550
€ 19.100
L. Rolink
D. Klomberg
A. Logemann
Lid 01/01 – 31/12
Lid 01/01 – 31/12
Lid 01/01 – 31/12
Gegevens 2018
Aanvang en einde functievervulling in 2018 Bezoldiging Bezoldiging Individueel toepasselijke bezoldigingsmaximum Gegevens 2019 bedragen x € 1 Functiegegevens Aanvang en einde functievervulling in 2019 Bezoldiging Bezoldiging
€0
€0
€0
Individueel toepasselijke bezoldigingsmaximum
€ 19.400
€ 19.400
€ 19.400
-/- Onverschuldigd betaald en nog niet terugontvangen bedrag
N.v.t.
N.v.t.
N.v.t.
Bezoldiging
€0
€0
€0
L. Rolink
D. Klomberg
A. Logemann
Lid 28/06 – 31/12
Lid 28/06 – 31/12
Lid 28/06 – 31/12
€0
€0
€0
€ 9.550
€ 9.550
€ 9.550
bedragen x € 1
T. Kampschreur
P. Loermans
C. Koers
Functiegegevens
Lid
Lid
Lid
Gegevens 2018 bedragen x € 1 Functiegegevens Aanvang en einde functievervulling in 2018 Bezoldiging Bezoldiging Individueel toepasselijke bezoldigingsmaximum Gegevens 2019
Pagina | 26
Jaarstukken 2019, versie 11 juni 2020
Aanvang en einde functievervulling in 2019
01/01 – 31/12
01/01 – 31/12
01/01 – 31/12
€0
€0
€0
Individueel toepasselijke bezoldigingsmaximum
€ 19.400
€ 19.400
€ 19.400
-/- Onverschuldigd betaald en nog niet terugontvangen bedrag
N.v.t.
N.v.t.
N.v.t.
Bezoldiging
€0
€0
€0
T. Kampschreur
P. Loermans
C. Koers
Bezoldiging Bezoldiging
Gegevens 2018 bedragen x € 1 Functiegegevens Aanvang en einde functievervulling in 2018
Lid
Lid
Lid
28/06 – 31/12
01/01 – 31/12
28/06 – 31/12
€0
€0
€0
€ 9.550
€ 19.100
€ 9.550
Bezoldiging Bezoldiging Individueel toepasselijke bezoldigingsmaximum
Pagina | 27
Jaarstukken 2019, versie 11 juni 2020
3.8.2 Uitkeringen wegens beëindiging dienstverband aan topfunctionarissen met of zonder dienstbetrekking Niet van toepassing. 3.8.3 Overige rapportageverplichtingen op grond van de WNT Naast de hierboven vermelde topfunctionarissen zijn er geen overige functionarissen met een dienstbetrekking die in 2019 een bezoldiging boven het individueel toepasselijke drempelbedrag hebben ontvangen. 3.9
Overige financiële bijlagen
De volgende financiële bijlagen zijn opgenomen: • totaaloverzicht vervoerskosten • totaaloverzicht regiekosten • afrekening 2019 deelnemers • overzicht baten en lasten per taakveld • overzicht baten en lasten AVAN
Pagina | 28
Jaarstukken 2019, versie 11 juni 2020
Pagina | 29
Jaarstukken 2019, versie 11 juni 2020
Pagina | 30
Jaarstukken 2019, versie 11 juni 2020
Pagina | 31
Jaarstukken 2019, versie 11 juni 2020
Pagina | 32
Jaarstukken 2019, versie 11 juni 2020
Toelichting In 2019 is er circa € 455k minder besteed dan in de gewijzigde begroting 2019 voorzien. Deze onderschrijding van de begroting is grotendeels toe te wijzen aan het vervoer. De kosten voor het vraagafhankelijk vervoer vielen € 300k lager uit, mede door het invoeren van kilometerplafonds door meerdere gemeenten. Daarentegen waren de kosten voor het routegebonden vervoer wat hoger dan begroot door de realisatie van niet-begrote begeleidingskosten. De werkelijk hogere klantbijdragen wordt voornamelijk verklaard doordat in de loop van 2019 een eigen bijdrage van de sociaal begeleider wordt gevraagd. Daar is in de gewijzigde begroting 2019 nog geen rekening mee gehouden.
Pagina | 33