CConstaterende datWestervoort
Koppel je AI →
Document · PDF

20210601-rv-aanpassing-wmo-doelgroepenvervoer-bijlage-3-reactie-college-advies-gehandicaptenraad.pdf

Commissie Ruimte en Financien 1 juni 2021, gemeente WestervoortBij agendapunt: Aanpassing WMO Verordening inzake doelgroepenvervoer3.393 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Gemeente Westervoort

Gehandicaptenraad Westervoort Molenacker 79 6932 JG Westervoort

datum uw brief van uw kenmerk zaaknummer onderwerp

: : : : :

contactpersoon :

Dorpsplein 1 Postbus 40 6930 AA Westervoort (026) 317 99 11 gemeente@westervoort.nl www.westervoort.nl

17 maart 2021 14 september 2020 GR14092020.PvB Z/20/074593 /201492016 Reactie op advies Gehandicaptenraad inzake maatregelen doelgroepenvervoer Esther Vaessen

Geachte leden van de Gehandicaptenraad Westervoort, Het college van Westervoort dankt u voor het advies dat wij ontvingen inzake een conceptcollegevoorstel met maatregelen voor het doelgroepenvervoer. Het heeft enige tijd geduurd, onze excuses hiervoor, maar hierbij ontvangt u onze reactie op uw advies. Graag gaan we kort in op de achtergrond van het aan u gevraagde advies. Daarna geven wij u, in de bijlage, onze reactie. Achtergrond Het college zoekt naar mogelijkheden om voorzieningen minder ruim en meer op maat in te richten. Daarbij wordt een groter beroep gedaan op de eigen kracht daar waar dit mogelijk is en het netwerk van inwoners en waar mogelijk de inzet van andere (voorliggende) voorzieningen. Naar verwachting zal dit een positieve uitwerking hebben op de kosten van het doelgroepenvervoer, die we de afgelopen jaren vooral hebben zien stijgen. Voor het doelgroepenvervoer is hiervoor dit afgelopen najaar een concept collegevoorstel voorbereid met uiteenlopende maatregelen. Dit concept is begin september 2020 voor advies gedeeld met vertegenwoordigers van de Gehandicaptenraad Westervoort, nadat de Participatieraad Sociaal Domein Westervoort het besluit nam om de participatie inzake dit voorstel te ‘delegeren.’ Wij ontvingen daarop uw advies gedateerd op 14 september 2020 met kenmerk GR14092020.PvB.

Uw advies gaat in op de individuele maatregelen én op het pakket maatregelen als geheel. Het college reageert in de bijlage op de algemene feedback, daarna op de feedback op individuele maatregelen. Tevens wil het college u meegeven dat het college niet heeft ingestemd met het concept collegevoorstel dat eerder voor advies aan u is voorgelegd. Het college heeft besloten om bij doelgroepenvervoer meer in te gaan zetten op de eigen kracht van inwoners daar waar dit

mogelijk is en hiervoor, voor zover dat kan binnen de bestaande regelgeving, de organisatie opdracht te geven en de wijziging van regelgeving voor te bereiden om deze voor te kunnen leggen aan het college en de raad. In algemene zin spreekt uit uw advies dat er zorgen zijn over maatwerk. Het college hecht eraan te benadrukken dat aanpassing van beleidsregels bedoeld is om de standaard keuzes in de toekenning van voorzieningen te veranderen, maar niet om maatwerk te beperken. Daar waar de standaard voorzieningen niet passend zijn voor een individu, wordt maatwerk geleverd. Dat uitgangspunt blijft onveranderd. Door de organisatie is een plan van aanpak opgesteld met daarin een aantal maatregelen. In het plan van aanpak kennen we drie soorten maatregelen:  Maatregelen die door de organisatie 1Stroom opgepakt gaan worden.  Maatregelen die vaststelling vragen van (aangepaste) beleidsregels (collegebevoegdheid).  Maatregelen die vaststelling vragen van (aangepaste) Verordening (raadsbevoegdheid). De eerste maatregelen worden doorgevoerd en dit wordt door 1Stroom opgepakt. De maatregelen die een aanpassing of het opstellen van beleid betreft, daarbij zal het door u gegeven advies en de reactie van het college daarop worden meegenomen bij de besluitvorming in het college. Bij het aanpassen/opstellen van een Verordening zal opnieuw uw advies worden gevraagd.

De planning is als volgt: de Verordening WMO zal geagendeerd worden voor de raad van mei 2021 en de Verordening Doelgroepenvervoer voor de raad van november 2021. Met vriendelijke groeten, Namens het college van B&W van de gemeente Westervoort

mr. J. Kersten Secretaris

drs. A.J. van Hout Burgemeester

Bijlage 1: Inhoudelijke reactie college

Inhoudelijke reactie college Algemeen Maatwerk In algemene zin spreekt uit uw advies dat er zorgen zijn over maatwerk. Het college hecht eraan te benadrukken dat aanpassing van beleidsregels bedoeld is om de standaard keuzes in de toekenning van voorzieningen te veranderen, maar niet om maatwerk te beperken. Daar waar de standaard voorzieningen niet passend zijn voor een individu, wordt maatwerk geleverd. Dat uitgangspunt blijft onveranderd. In uw advies wordt aangegeven dat kosten en besparing de boventoon voeren in het concept collegevoorstel en wordt gesteld dat participatie hieraan “totaal ondergeschikt” zou worden gemaakt. Het college hecht er waarde aan om deze stellige bewering met kracht te nuanceren. Zoals al in de brief aangegeven is het college op zoek naar mogelijkheden om voorzieningen meer op maat in te richten, waarbij in basis aandacht is voor de eigen kracht van inwoners waar dat mogelijk is en de inzet van het netwerk en/of andere (voorliggende) voorzieningen. Daarnaast zal dit, zoals ook al aangegeven, ook een positief effect kunnen hebben op de stijgende kosten in het doelgroepenvervoer. Maatwerk en eigen kracht Het college neemt graag de gelegenheid om haar redenen voor maatwerk en eigen kracht nader toe te lichten.

Deze redenen zijn: (1) omdat mensen vaak meer kunnen dan we denken, (2) omdat er zelden wordt heroverwogen, (3) omdat inwoners die afhankelijk zijn van Avan daar regelmatig nadelen van ondervinden, maar bovenal (4) omdat mensen er sterker van worden wanneer ze zich meer op eigen kracht leren verplaatsen. En dat geldt (5) in het bijzonder voor kinderen, van wie (6) het schoolgaan altijd de verantwoordelijkheid is van de ouder. Op deze zes punten wil het college nader toelichting geven. 

Meer dan we denken: vervoer wordt nu niet altijd na uitgebreid onderzoek toegekend. Het is bij de huidige spelregels, werkwijze en beschikbare tijd voor consulenten lastig om een goed beeld te vormen van wat iemand wel en niet kan in relatie tot zijn of haar beperkingen, vermogens en behoeften en de beschikbare vervoersopties. Daardoor past de consulent op dit moment zelfs weinig maatwerk toe en wordt uitgegaan van de standaarden zoals nu in Verordening en Besluit opgenomen. De inwoner die vervoer aanvraagt heeft vaak al een beeld dat taxivervoer de gewenste oplossing en draagt daarvoor de nodige argumenten aan. De consulent heeft minder kennis van de situatie en moet grotendeels afgaan op wat de inwoner aangeeft. Bij elkaar leidt dit ertoe dat soms taxivervoer wordt toegekend waar een andere oplossing, denk aan inzet eigen kracht, netwerk en/of andere (voorliggende) voorzieningen, voor het vervoerprobleem beter was geweest.

Er wordt zelden heroverwogen. Bij leerlingen die overgaan naar een vorm van speciaal onderwijs is er ook vaak sprake van opgelopen spanningen en problematiek; dat is een goede reden om tijdelijk taxivervoer in te zetten, ook voor kinderen die in beginsel met bus of trein of fiets zouden kunnen reizen, of dat zouden kunnen leren. Vervolgafspraken over een moment waarop de leerling (weer) zelfstandig gaat reizen worden daarna echter zelden gemaakt.

Is taxivervoer eenmaal toegekend, dit geldt ook voor de Wmo-pas, dan komt het zelden voor dat er een nieuwe afweging wordt gemaakt nadat meer informatie bekend is geworden of nadat de acute crisis in het persoonlijk leven is gepasseerd. Het proces van aanvraag, toekenning en controle is daar onvoldoende ingericht. Het gevolg is dat de vervoervoorziening een permanent karakter krijgt terwijl dit niet altijd bij voorbaat nodig is. 

Unieke nadelen taxivervoer: reizen met Avan heeft serieuze nadelen. Kinderen zitten elke dag lang in een voertuig, waarbij de meest veraf wonende leerling langs zeven andere adressen rijdt voordat de school bereikt wordt. Veel van deze kinderen zijn prikkelgevoelig; met zijn achten tweemaal langdurig in een busje zitten maakt dat sommigen moe en overprikkeld op school of thuis arriveren. Ook zonder coronavirus is langdurig stilzitten in een voertuig geen gezonde tijdsbesteding. Wmo-pashouders hebben te maken met onzekerheid over wanneer de taxi komt, of de chauffeur wel lang genoeg zal wachten en of ze voldoende speling hebben ingepland voor uitlopende afspraken. En voor alle cliënten geldt dat als er iets mis gaat, je met een groot, complex bedrijf te maken hebt waar niet (zoals op school, de dagbesteding, of het sociaal loket) een bekend gezicht voor je klaarstaat om je te helpen bij problemen en waarbij de verantwoordelijkheid soms bij de vervoerder, soms bij de BVO DRAN en soms bij de gemeente ligt.

Mensen worden sterker: wie zich op eigen kracht verplaatst, of met een beetje hulp van het netwerk, voelt zich sterker en zelfstandiger. Dat straalt ook uit op de rest van iemands leven. Het beste voorbeeld daarvan is de Reiskoffer, die ieder jaar een klein aantal ‘geslaagde’ kandidaten aflevert van wie de ouders zeggen “We hielden ons hart vast, maar onze dochter had het snel door en ze heeft nu veel meer zelfvertrouwen, ook op andere vlakken.” Dit rooskleurige beeld past niet bij elke leerling en zeker niet bij elke Wmo-cliënt. Maar er zijn zeker, in alle categorieën, inwoners die meer kunnen dan in een taxi zitten. Maatwerk betekent dat we die kracht willen aanspreken én stimuleren. Daarom wordt in dit pakket niet alleen ingezet op minder (d.w.z. minder taxivervoer), maar ook op meer: meer aandacht van de consulent voor de inwoner en de alternatieven, stimulering van zelfredzaamheid.

Kinderen in het bijzonder. Voor kinderen in het taxivervoer is het zo mogelijk nog belangrijker dan voor volwassenen dat de gemeente hen uitdaagt op hun eigen kracht. Kinderen groeien dagelijks, ieder op eigen tempo, in de richting van meer zelfstandigheid. Dat is een van de redenen waarom ouders ieder jaar opnieuw leerlingenvervoer moeten aanvragen. De omgeving loopt soms achter op wat het kind kan. Juist in het speciaal onderwijs kan de zorg rondom het kind soms ook onnodig remmend zijn. De ervaring leert dat maar weinig scholen en ouders uit eigen beweging met de leerling gaan oefenen met openbaar vervoer. Terwijl dat wel bij de opvoeding en de basiskennis van kinderen hoort.

De taak van de ouder. Tenslotte geldt dat ook van ouders eigen kracht verwacht wordt. Het schoolgaan van het kind is de verantwoordelijkheid van ouders, niet die van de gemeente. De gemeente verstrekt in bijzondere gevallen taxivervoer omdat ouders in hun aanvraag aangeven dat er geen reële andere mogelijkheid is. Dat moet dan ook echt het geval zijn en als ouders de last deels zelf kunnen dragen, dan moeten ze dat ook doen.

VN-verdrag  Uw advies verwijst naar het VN-verdrag voor gelijke rechten van mensen met een handicap. Daarin wordt in artikel 20 aan de overheid opgedragen om “...de persoonlijke mobiliteit van mensen met een beperking met de grootst mogelijk mate van zelfstandigheid te waarborgen onder meer door: (a) de persoonlijke mobiliteit van mensen met een handicap te faciliteren op de wijze en op het tijdstip van hun keuze en tegen een betaalbare prijs.”  Uw advies geeft niet expliciet aan waarom het VN-verdrag wordt geciteerd. Het college gaat ervanuit dat de verwijzing naar het verdrag bedoeld is als een waarschuwing dat voorgenomen maatregelen moeten voldoen aan het verdrag. Het college is van mening dat alle voorstellen voldoen aan het VN-verdrag. Zorgvuldigheidsbeginsel  Uw advies citeert een ‘zorgvuldigheidsbeginsel’ en verwijst naar “artikel 3.2 Awb” en bevraagt of het collegevoorstel hieraan voldoet.  De geciteerde tekst is niet artikel of afdeling 3.2 Awb, maar benoemt een aantal beginselen die in de Awb voorkomen. Niet duidelijk is of met de ‘besluiten’ waarvan u de zorgvuldigheid ter discussie stelt wordt gedoeld op het voorstel tot besluit in het concept collegevoorstel, of op de toekenning van individuele vervoervoorzieningen zoals die beoogd is na implementatie van de maatregelen.

 Het college is van mening dat het proces rondom het projectplan zorgvuldig is genomen, mede doordat vooraf advies is gevraagd aan belangenbehartigers. Voor wat betreft de toekenning van voorzieningen aan individuele inwoners vermindert het plan van aanpak als geheel niet de mate van zorgvuldigheid van besluiten. Wel zijn er kwalitatieve veranderingen: a) Enkele maatregelen hebben het doel om meer aandacht te besteden aan de behoeftes, beperkingen en mogelijkheden van inwoners in het proces van toekenning en in de controle op rechtmatig gebruik. Deze aandacht zou moeten leiden tot meer zorgvuldigheid. b) Enkele maatregelen veranderen de standaard “porties” waarin vervoer wordt toegekend en enkele maatregelen veranderen de criteria op basis waarvan een inwoner zonder verder onderzoek een voorziening krijgt toegekend. Dat laat onverlet dat voorzieningen worden toegekend op basis van de behoefte en dat daarbij altijd maatwerk wordt geleverd. c) Enkele maatregelen zien erop dat vrijwilligersvervoer (van de Plusbus) deels voorliggend wordt op taxivervoer (van Avan). Het uitgangspunt hier is dat de Plusbus een passende algemene voorziening is; wanneer blijkt dat dit voor een individuele situatie niet geldt, dan wordt in die individuele situatie de Plusbus niet als passend beoordeeld en dus niet als voorliggend ingezet.

Significante behoefte In uw advies wordt bezwaar gemaakt tegen het gebruik van het criterium ‘significante behoefte’ en wordt gesteld dat deze term niet voorkomt in de wet. Dat is correct. De term ‘significant’ is niet gelukkig gekozen. Gemeente Arnhem heeft in 2020 nieuwe beleidsregels voor de Wmo vastgesteld waarin voor vervoer alleen een voorziening wordt gegeven bij een structurele behoefte1. Het college volgt Arnhem en vervangt de term significant door structureel.

1 Dit wordt door Arnhem uitgewerkt als de situatie waarin de inwoner “meerdere malen per maand, in elk

geval 12 keer per jaar” een vervoerprobleem heeft dat alleen met taxivervoer kan worden opgelost.

De Wmo geeft de gemeente ruimte om een concrete invulling te geven aan begrippen als maatwerk, ondersteuning en behoefte. Het begrip structurele behoefte is zo’n invulling. Dat inwoners een beperkt probleem zelf moeten oplossen is een beginsel dat op alle vlakken van ondersteuning geldt. Het begrip structurele behoefte wordt opgenomen in het besluit Maatschappelijke ondersteuning. Financiële onderbouwing In uw advies wordt gesteld dat de financiële onderbouwing verbetering behoeft. Het college is van mening dat elke maatregel afzonderlijk en het pakket als geheel meer dan voldoende zijn uitgewerkt. Participatie inzake leerlingenvervoer In uw advies wordt geadviseerd om participatie van ouders/verzorgers actief te organiseren. In de huidige Verordening leerlingenvervoer staat de mogelijkheid van opstapplaatsen reeds benoemd. Daarnaast is het vergoeden van het OV voor VSO staand beleid, zoals u zelf ook al aangeeft in uw advies. Dit zal in de nieuwe Verordening en beleidsregels opgenomen worden. Het college zal ouders tijdig informeren over de wijzigingen die plaatsvinden, dit wordt meegenomen in de communicatie over het aanvragen van leerlingenvervoer voor het volgende schooljaar. Hierdoor kunnen ouders bij de aanvraag ook aangeven als er sprake is van een uitzondering waardoor er mogelijk geen gebruik gemaakt kan worden van OV of opstapplaatsen.

Kwaliteitsverschillen tussen Plusbus en Avan. Het klopt dat er kwaliteitsverschillen zijn tussen Plusbus en Avan. Het lokaal voorliggend maken zal hier ook op worden aangepast: Avan verwijst alleen door naar Plusbus op tijden en dagen waarop de Plusbus daadwerkelijk rijdt. Voordat de maatregel wordt ingevoerd wordt zeker gesteld dat de Plusbus voldoende capaciteit heeft om het extra vervoer te leveren. Er zal in die fase ook opnieuw worden gekeken naar het reserveren vooraf en naar de tarieven.

Specifieke maatregelen 

OV voor VSO. Wijziging van de verordening met deze strekking wordt bij de eerste gelegenheid meegenomen. Het is goed denkbaar dat dit tegelijk zal zijn met de herijking van verordeningen en beleidsregels in maatregel 1.

Zeldenrijders. Op dit punt bevat uw advies veel opmerkingen. We gaan in op de belangrijkste:  Uw advies stelt dat ook ‘zeldenrijders’ recht hebben op zelfstandige mobiliteit tegen OV-tarief. Het college is van mening dat zeldenrijders de meeste van hun ritten kunnen maken met de Plusbus. Het college is van mening dat de tarieven van de Plusbus het OV-tarief voldoende benaderen, zeker bij het beperkte gebruik dat deze subgroep maakt.  Uw advies stelt dat er bij één reis (2 ritten) per maand sprake is van structureel gebruik. In reactie hierop halveert het collegevoorstel de norm voor ‘zeldenrijders’ naar één reis per twee maanden (d.w.z. maximaal 12 ritten per jaar) of minder.  Uw advies stelt dat inwoners per direct ‘meer aanspraak’ moeten kunnen maken op Avan, bijvoorbeeld als een partner overlijdt die als enige een rijbewijs heeft. Het college deelt deze mening niet. Als een inwoner een grotere vervoersbehoefte krijgt, is een nieuwe melding noodzakelijk die kan leiden tot nieuw onderzoek. Ondertussen kan de inwoner ook nog een rit boeken met de Plusbus of met Avan, maar dan zonder Wmo-pas. In uitzonderlijke situaties wordt nu ook versneld een Wmo-pas aangevraagd voor een inwoner die deze evident heel snel nodig heeft; deze mogelijkheid van maatwerk blijft bestaan.

 

In het concept-collegevoorstel wordt de term ‘flinke cheque’ gebruikt in de context van het feit dat de gemeente vaak een Wmo-pas verstrekt voor 1500 km, die vervolgens door de inwoner niet of nauwelijks wordt gebruikt. De term is daar bedoeld als een illustratie van het feit dat deze voorziening vaak niet op maat van de behoefte wordt toegekend. De term ‘cheque’ is in deze context echter niet passend en zal dan uit de voorstellen worden gehaald.  Uw advies uit zorgen over meerkosten van gebruik van het OV-vangnet van Avan (“Avan zonder korting”). Hierbij wordt voorbijgegaan aan twee voorliggende opties, namelijk de Plusbus en Graag Gedaan, die lagere kosten hebben dan het OV-vangnet. De situatie waarin de ‘zeldenrijder’ daadwerkelijk het OV-vangnet moet gebruiken komt daardoor naar verwachting zelden voor.  U adviseert om de inhoud van de kanttekening ‘Topje van de ijsberg’ mee te nemen in de overweging. Dit is ook het geval. Maatwerk betekent dat de gemeente alsnog een Wmo-pas kan toekennen aan een inwoner die een groot deel van de vervoerbehoefte anders oplost en desondanks Avan nodig heeft voor een beperkt aantal verplaatsingen.  In uw advies wordt de term ‘beschuldiging’ gebruikt voor het schetsen van de mogelijkheid dat inwoners doelbewust meer gaan reizen met de Wmo-pas om niet als ‘zeldenrijder’ de pas kwijt te raken.

Het college ziet dit niet als een beschuldiging maar als één van de mogelijke manieren waarop inwoners zouden kunnen reageren op een maatregel. Km-budget omlaag vanwege Plusbus  Uw advies stelt dat het km-budget van de Wmo-pas alleen omlaag kan als uit herindicatie blijkt dat er een op de persoon toegesneden voorziening overblijft. Het college is van mening dat het km-budget standaard omlaag kan en dat bij de toepassing van deze maatregel vooraf aandacht moet worden besteed aan de mogelijkheid dat de Plusbus voor bepaalde cliënten niet een alternatief is. Plusbus lokaal voorliggend  Uw advies stelt dat de Plusbus geen invulling geeft aan de ‘gelijkwaardige mogelijkheden’ van het VN-verdrag. Het college is van mening dat de Plusbus voor lokale ritten op specifieke tijden en dagen van de week een adequate vervoervoorziening is voor de meeste inwoners. Opnieuw geldt dat bij bijzondere behoeften maatwerk wordt geleverd. Sociaal begeleider  De indicatie ‘sociaal begeleider’ wordt vooralsnog niet geschrapt, conform uw advies. In plaats daarvan is een vergelijkbare maatregel opgenomen die inhoudt dat bij bijzondere indicaties (zoals ‘sociaal begeleider’ maar bijv. ook ‘individueel vervoer’ en ‘kamer tot kamer’) het principe van vier ogen wordt toegepast: de consulent kent deze indicaties straks alleen na akkoord van een leidinggevende of toetsende collega toe.

Ritbijdrage dagbesteding  U adviseert om geen gebruik te maken van deze maatregel gezien het lage inkomen van de doelgroep. Het college stelt vast dat ouderen doorgaans voldoende inkomen hebben om de kosten van openbaar vervoer naar dagbesteding te dekken. Avan heeft aangegeven dat het betalen van een ritbijdrage zoals in het vraagafhankelijk vervoer niet mogelijk is bij vervoer naar dagbesteding. De gemeente zal daarom zelf een bijdrage moeten innen vergelijkbaar met leerlingenvervoer. Net als bij leerlingenvervoer kan daarbij op basis van inkomen een uitzondering worden gemaakt voor de laagste inkomens. Analyse rittenbak  Uw advies koppelt het analyseren van rittenbakken aan de Plusbus. Dit is onjuist: de beoogde analyses zouden worden toegepast op de rittenbakken van Avan. LLV-consulent  Uw advies ondersteunt de beoogde maatregel.

 

 

Wmo-vervoerconsulent  Uw advies wijst op een formulering over verschillende insteken. Deze formulering is ongewenst en is verwijderd. Opstapplaatsen  Uw advies vraagt om een uitwerking met grote zorgvuldigheid en goede monitoring. Het college deelt uw mening van goede monitoring en is het vanzelfs sprekend dat er zorgvuldig i.s.m. de vervoerder gekeken wordt naar locaties van opstapplaatsen. Herijking regels  Uw advies stelt dat een herijking niet moet leiden tot in beton gegoten regels omdat maatwerk nodig is. Het college deelt deze visie. Nu nog niet  De maatregelen onder ‘nu nog niet’ zijn genoemd om een blik te geven op andere mogelijke maatregelen. De bovenstaande reactie op de maatregelen die wel worden toegepast is al zeer omvangrijk. Het college ziet af van reactie op uw opmerkingen onder dit punt, aangezien deze op dit moment niet verder worden uitgewerkt met uitzondering van de maatregel eigen bijdrage Wmo-pas. Hiervoor is een aanpassing van de Verordening nodig en hierop zal opnieuw advies aan u gevraagd worden.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Westervoort&id=0a784b4d-17af-4199-90e0-4f4abb5ee05d