20210304 -besluitenlijst-commissie-ruimte-en-financien-herstelplan-concept-bijlage-3-beschouwing-cda.docx
Tekst van het document
CDA-bijdrage concept-herstelplan 4 maart 2021 Voorzitter, Onze bijdrage van vanavond is vooral bedoeld om aan te geven wat onze voorlopige gevoelens zijn bij het concept-herstelplan, waar wij denken het college te kunnen volgen, waar wij kanttekeningen hebben, maar ook waar wij twijfels hebben. En ook om te proeven hoe de andere fracties er in zitten en dan in het bijzonder op de punten waar wij kanttekeningen en twijfels hebben. Niet uit te sluiten valt dat we op die zaken, of een deel daarvan, na verdere bespreking in de fractie, met alternatieve voorstellen komen. De nadruk in de bijdrage zal uiteraard liggen op de diverse onderdelen van de drie programma’s. Onze opmerkingen maken wij vanuit een aantal kaders, die voortkomen uit ons verkiezingsprogramma en onze visie over de toekomst van Westervoort, mede gegeven de financiële situatie waarin we verkeren. Daarover zo meteen meer. Maar eerst, voorzitter, enkele inleidende opmerkingen. 1. Het proces. Wij zijn in december wat stroef gestart met dit proces. Die start riep zelfs de min of meer existentiële vraag op: waar doen we dit eigenlijk voor? Dat moment hebben wij achter ons gelaten en het is goed te zien dat we vervolgens in een proces van bijna 3 maanden intensief met elkaar, fracties, college, griffie en organisatie, bezig zijn geweest met de totstandkoming van een herstelplan.
Ondanks onze politieke verschillen, is er een breed gevoel gebleken om samen deze klus te klaren. Dat geeft energie voor uitwerking én uitvoering en we hopen dat we die energie in de aankomende jaren kunnen vasthouden. We zullen het nodig hebben. Dank aan de organisatie, het college, de griffie en de andere fracties voor de intensieve samenwerking in de afgelopen tijd. 2. De provincie Er ligt nu een conceptvoorstel dat qua financiële gevolgen voor de meerjarenbegroting is doorgerekend en waarvan wij er op vertrouwen dat dit voorstel inmiddels ook bekend is en tevens ambtelijk is goedgekeurd door de provincie. Of anders gezegd: wij gaan er van uit dat er bij indiening van dit plan geen problemen met het bestuur van de provincie of de Staten te verwachten zijn, ook niet als het plan deze maand op onderdelen geamendeerd wordt, zonder dat dat gevolgen heeft voor de meerjarenbegroting. Wij vragen daarvan van de wethouder een bevestiging. 3. Onze kaders Voorzitter, ik gaf al aan dat wij getracht hebben het herstelplan en de onderdelen uit de diverse programma’s te beoordelen vanuit een kader, een aantal uitgangspunten. Onze interne discussie over de vraag ‘Wat willen we zijn als Westervoort’, mede ook in relatie met de situatie waarin we ons bevinden, heeft geleid tot een aantal concrete uitgangspunten. De belangrijkste daarvan zijn voor ons: 1.
Dat wij financieel gezond en bestuurlijk zelfstandig zijn; 2. Dat wij een vitale en sterke sociale gemeenschap vormen met een actief verenigingsleven; 3. Dat wij inwoners en ondernemers een prettig woon- en werkklimaat bieden in een gezonde en duurzame leefomgeving;
4. Dat wij beschikken over een goed sociaal vangnet voor inwoners die hulp nodig hebben, waarbij ook de vele vrijwilligers die beschikbaar zijn hun rol kunnen vervullen; 5. Dat Westervoort wordt bestuurd door een college dat met beide voeten in de Westervoortse klei staat en wordt bediend door een ambtenarencorps dat snel, efficiënt en klantgericht en met kennis van zaken werkt en de Westervoortse problematiek kent; Deze (maar ook de andere punten) hebben wij meegenomen in onze afwegingen over de diverse onderdelen van het herstelplan. 4. Onze overall mening over het concept- herstelplan Voorzitter, in de eerste plaats moeten wij constateren, dat de onderbouwing van sommige onderdelen, waaronder ook nogal essentiële onderdelen, mager is. Dat brengt risico’s mee, mogelijk zelfs grote risico’s dat de beoogde besparingen en de beoogde vermogensopbouw niet gehaald zal worden. Het is met name het Sociaal Domein in programma 2 waar de betreffende risico’s zitten. De vraag die we onszelf als Raad moeten stellen en die het college zichzelf moet stellen is: hoe gaan wij het mogelijk maken dat de budgetten die in het herstelplan als uitgangspunt worden gehanteerd voor de verschillende onderdelen niet overschreden worden en hoe gaan we daar zó strak op sturen, dat er geen overschrijdingen zullen plaats vinden.
En: als er dan onverhoopt toch een overschrijding en dus bijraming noodzakelijk mocht zijn, waar halen we dan dekking vandaan, zonder de beoogde vermogensopbouw voor de aankomende jaren te schaden? Dit wordt geen gemakkelijke opgave; verre van dat. Op het onderdeel Jeugdzorg is het uitgangspunt een budget van 4,4 miljoen per jaar. En dat bij een uitgavenniveau in 2020 van circa 5,6 miljoen euro. Eenieder kan voorspellen dat alleen al op dit onderdeel een geweldige spanning zal komen te staan. Dit herstelplan is een uitvloeisel van uitvoerige ambtelijke discussies, onderling, met leidinggevenden en met bestuurders. Het is wat ons betreft niet zo dat de Raad, via een raadbesluit op 23 maart, alléén tekent voor het herstelplan. Ook het college en zeker ook de ambtelijke organisatie tekenen mee voor het welslagen van het herstelplan. De ambtelijke organisatie zal moeten staan voor de voorstellen die zij heeft gedaan en moet daarop ook afrekenbaar zijn. Daar rekenen wij op. Wij vragen het college hierop te reflecteren. Voorzitter, onze tweede algemene opmerking betreft de afwijking van de beoogde bezuinigingen en beoogde vermogensopbouw op de aanvankelijk uitgesproken uitgangspunten. Die uitgangspunten waren aanmerkelijk hoger dan nu wordt afgegeven in het herstelplan. Je zou kunnen zeggen: meer realistisch dan bij de start van dit project.
Maar de andere kant is dat verlaging van doelen en ambities ook het risico meebrengt dat we bij eventuele tegenvallers weer op een negatief kantelpunt uitkomen. Ook op dit punt graag de reflecties van college en andere fracties. Wel benoemd in het herstelplan, maar niet verwerkt in de cijfers als we dat goed zien, zijn eventuele negatieve financiële gevolgen met betrekking tot de verlaging van de uitkering vanuit het gemeentefonds vanaf 2023, de extra kosten die verband houden met de coronacrisis en eventuele extra kosten die samen hangen met de klimaatdoelen. Voorzitter, dit alles brengt ons in de situatie dat wij op dit moment nog zoeken naar comfort op de cijfers en met name de onderbouwing ervan. De reflecties van het college en de andere fracties op de genoemde en nog op te voeren aandachtspunten hebben wij nodig om dat comfort wel te vinden. In dit onderdeel algemeen vragen wij ons verder nog af wat er gebeurt als we onvoldoende comfort vinden in de cijfers van het herstelplan en er niet in slagen om het herstelplan vast te stellen als Raad en ook wat er gebeurt al we het herstelplan wel kunnen vaststellen, maar de provincie vanuit
dezelfde vraagtekens bij de onderbouwing van de cijfers, niet akkoord gaat met het herstelplan. Kan de wethouder daarover iets zeggen? 5. Zaken die wij missen Voorzitter, we gaan naar de inhoud van het herstelplan en wij willen beginnen met de zaken die we daarin missen. Het belangrijkste onderwerp daarbij is de bezuinigingsslag die in de ambtelijke organisatie 1Stroom zou moeten worden gemaakt. We hebben hierover eerder als Raad onze opvattingen afgegeven. En wij begrijpen niet, dat dit onderwerp geheel buiten beeld blijf. Dit voelt niet goed en het valt ook niet uit te leggen aan onze bevolking: de voorzieningen worden plat geslagen, subsidies worden verlaagd en de kosten, denk aan de forse verhoging van de OZB dit jaar en de beoogde verhoging volgend jaar, gaan fors omhoog. We bezuinigen over de rug van onze bevolking en het herstelplan gaat zo ongeveer geheel voorbij aan de ambtelijke organisatie. Wij kunnen het niet uitleggen Wij zien niet gebeuren dat hier voor 8 maart resp. 23 maart nog verandering in gaat komen, maar vragen het college nadrukkelijk, sterker verwachten van het college, om hierop vol te blijven inzetten. Het gaat niet alleen om de formatie c.q. het aantal fte’s, dat naar onze overtuiging ook omlaag moet kunnen, maar ook om organisatie- en personeelskosten.
Denk aan: catering en koffie en thee, schoonmaakkosten, kantoormiddelen, energiekosten en reiskosten. En wij vinden ook dat investeringen in nieuw meubilair en dergelijke gedurende een periode van financieel herstel niet aan de orde kan zijn. Dat is niet alleen in het belang van Westervoort, maar ook in het belang van onze partner in de GR, Duiven. Voorzitter, dit punt zal onze aandacht blijven houden: wij zullen de aankomende begrotingen van 1Stroom en de financiële rapportages, waaronder ook de jaarrekening aangrijpen om indien nodig ons punt te maken. 6. De programmaonderdelen In dit gedeelte van onze commissie-inbreng, willen wij ingaan op de verschillende onderdelen van de drie programma’s. Het gaat ons met name over de punten waarop wij nog twijfel hebben, een afwijkende mening over de voorstellen hebben, danwel andere mogelijkheden zien voor bezuiniging. Wij hopen vanavond gevoel te krijgen bij die punten, of we de twijfel kunnen laten wegnemen, of medestanders kunnen vinden op een afwijkende mening of een alternatief voorstel. Wij vragen de andere fracties dus nadrukkelijk te reflecteren, vanavond of in de eerstvolgende commissievergadering. Programma 1 Kulturhus. Hier valt het nodige op te bezuinigen, alleen hoeveel precies is ons nog niet helemaal duidelijk, ook al omdat kosten en opbrengsten in verschillende programma’s zijn ondergebracht.
Er is gisteren een totaalbeeld verspreid; dat zal ons mogelijk meer comfort zal bieden op dit onderdeel. We hebben nog niet de tijd gehad om dit punt in de fractie bespreken. Daarop kom ik nader terug in de volgende commissievergadering. De bijtelling op de verhuur van de personeelsruimte, dus in feite het wegschrijven van een goede potentiële huuropbrengst, begrijpen wij nog niet. De onderbouwing wijst op een goede verhuurbaarheid en als het probleem zou liggen in de bereikbaarheid van de personeelsruimte, kan met een gemakkelijke en niet zeer kostbare ingreep een directe toegang van buiten worden gemaakt naar die personeelsruimte. En anders zijn er wellicht nog vele andere mogelijkheden om delen van het gemeentehuis te verhuren.
De OZB. Voorzitter, we hebben een deel van onze bevolking dit jaar al zwaar belast met een sterke verhoging van de OZB. Dat deel betaalt voor een belangrijk deel mee aan de oplossing van ons financiële probleem; daar mag in deze Raad wel eens meer bij stil gestaan worden. Dat gaan we volgend jaar volgens het herstelplan weer doen. We staan daarmee in de Top 10 van NL op het vlak van de OZB. De veel geroepen solidariteit bereikt hier naar ons gevoel zijn grenzen; waarschijnlijk gaat die er zelfs overheen. Minder dan 10 % verhoging van de OZB is wat ons betreft dan ook een reële mogelijkheid, waarbij we natuurlijk wel dekking moeten vinden voor een eventuele vermindering van de stijging. Daarvoor zien we wel mogelijkheden. De vraag van het CDA is hoe de andere fracties in dit onderdeel staan. Op het onderdeel ‘omzetten leningen’ heeft het CDA tijdens de laatste klankbordgroep gevraagd of dit omzetten al niet eerder is ingeboekt en of dit harde bezuinigingsbedragen zijn. De wethouder heeft bevestigd dat dit harde bezuinigingsmogelijkheden zijn. Graag willen wij aan de wethouder vragen dat nog eens goed te laten nakijken en daar straks of in de volgende commissievergadering op terug te komen. In de VJN 2020 is op pagina 76 te zien dat voor herstructureren leningen voor de aankomende jaren al 340.000 euro is ingeboekt.
We moeten zeker weten dat we hier niet dubbel aan het boekhouden zijn. Voorzitter, wij denken op enkele punten anders dan het college en zien daarnaast ook nog niet-doorhet-college-opgenomen zaken die mogelijkheden bieden om te bezuinigen. Het gaat om de volgende zaken: Bezuinigen op het budget organisatieontwikkeling 1Stroom, zoals ambtelijk voorgesteld (5500 euro). Dit lijkt een eigen budget van Westervoort te zijn, anders wordt die niet voorgesteld zou je zeggen door de organisatie, en daarop valt dan ons inziens makkelijk te bezuinigen. De vraag aan het college is waarom die post niet is meegenomen. Een andere post is ‘Waar staat je gemeente’. Onze opvatting hierover op dit moment is dat wij hiermee -anders dan het college- niet willen stoppen. Hierop horen wij graag wat de andere fracties. Programma 2 Sociaal domein. Ik gaf al aan dat de onderbouwing van een aantal onderdelen van het sociaal domein mager is. Daarop ga ik dan ook niet nader in, anders dan nogmaals te vragen aan de andere fracties en het college te reflecteren op onze zorgen hierover. Ook in dit programma wijken onze gevoelens op enkele onderdelen af van de ideeën van het college. Het gaat om de volgende zaken. Wij volgen het college op de meeste terreinen als het gaat om de zorg voor de zwakkeren in de samenleving. Maar de financiële situatie is niet dusdanig dat we op álle onderdelen kunnen handhaven.
Wij voelen veel voor het afschaffen van de witgoedregeling en het beperken van de referentieperiode. Beide opties voorgesteld vanuit de ambtelijke organisatie en totaal goed voor 13.000 per jaar ingaande 2022. Deze beide posten zijn naar onze mening prima wisselgeld om de bezuinigingen die het college voorstelt op de kindervakantieweek (50 %) en de beoogde bezuinigingen op de verenigingen van 10 % vanaf 2023 ongedaan te maken. In 2022 kost ons dat 2000 euro en 2023 en 2024 17000 euro per jaar. We houden dan in totaliteit 3000 euro over. Bezuinigen op onze verenigingen staat niet alleen
haaks op onze uitgangspunten in deze exercitie, maar naar ons gevoel ook op die van het college. De verenigingen in Westervoort zijn het cement van de samenleving. Programma 3 In dit programma staan wat ons betreft twee zaken centraal: de inzet bij het onderdeel Mosterdhof en de eventuele bezuinigingen op grijs en groen. V.w.b. de Mosterdhof: de onderbouwing bij variant 1 geeft ons nog niet het gevoel dat we op dit onderdeel moeten hebben om te kunnen instemmen. Er wordt naar ons gevoel naar een conclusie toegeschreven. Zo wordt gesproken over vertrouwen in de overheid, over hooggespannen verwachtingen en over waardevolle proeftuin voor een landelijke wedstrijd. Met alle respect: aan de landelijke wedstrijd hebben wij, gelet op onze financiële situatie, geen enkele boodschap. Vertrouwen is wel een punt, maar dat vertrouwen én de hooggespannen verwachtingen willen wij ook afzetten tegen de kaalslag door bezuinigingen in andere wijken en de scherpe verhogingen van de OZB in de rest van de gemeente. Dat brengt ons tot de vraag, ook aan de andere fracties, of we dit prestigeproject, gegeven het vertrouwen en de verwachtingen van de andere inwoners van Westervoort, wel moeten doorzetten. Wij kunnen ons voorstellen dat daar tegen in gebracht zal worden dat we gedane investeringen niet verloren moeten laten gaan.
De oplossing kan dan zijn een variant 3 en die is dat we voor dit moment alleen de afgesproken verplichtingen nakomen (variant 2) en de andere plannen pas oppakken zodra er weer geld beschikbaar is. Graag de reflecties hierop van de andere fracties. Ten aanzien van het punt grijs/groen: Wij begrijpen nog niet goed waarom de provincie hier afdwingt om elk jaar een substantieel bedrag van 50K toe te voegen aan het budget voor onze wegen. Heeft er ooit iemand van de provincie een tour door Westervoort gemaakt om de kwaliteit van onze wegen te aanschouwen? Mocht de terugboeking zijn gebeurd op basis van het rapport van Planterra, Basis in Beeld, dan merken wij daarover op, dat dit rapport alleen in een informatiesessie met ons gedeeld is en niet ter discussie heeft gestaan in een commissie of raadsvergadering. Wij hebben er wel het een en ander op aan te merken. Voor dit onderwerp is onze eigen waarneming over de situatie in Westervoort en de mening van onze bevolking maatgevend; niet dat van een ingehuurde externe deskundige. Wij kunnen weinig tot geen voorbeelden benoemen van wegen of plaatsen waar we zien dat het bijzonder slecht gesteld is met onze wegen.
Heeft de wethouder daarvan een lijst met voorbeelden voor ons? Het CDA meent voor dit moment, dat we het op onze wegen (en dat geldt ook voor ons groen) in de vergelijking met veel andere omliggende gemeenten, puur op basis van waarneming, prima doen. En ook de bevolking van Westervoort is het oneens met de externe deskundige van Planterra. Uit WSJG blijkt heel duidelijk dat wij volgens onze bevolking significant veel beter scoren dan andere gemeenten op de kwaliteit van onze wegen. Dit is voor ons een belangrijk teken en als we dit teken negeren, dan kunnen we net zo goed meteen stoppen met WSJG. Zijn de andere fracties bekend met deze scores en het hechten zij waarde aan deze cijfers en zo niet, trekken zij dan de conclusie dat we met WSJG moeten stoppen? Er zijn meer redenen voor ons om het collegevoorstel niet te snappen. Er zijn ook rapportages waarin staat, dat onze wegen in de meeste gevallen te kwalificeren zijn als A en A+. Dat zien we overigens terug in het Planterra rapport, dat aangeeft, dat 5 % van onze wegen niet aan het geambieerde kwaliteitsniveau voldoet.
Wat ons verder opvalt, is dat het totale budget voor grijs en groen in Duiven maar 20 % hoger is dan in Westervoort, terwijl het areaal wegen en groen veel meer dan twee keer zo groot is dan in Westervoort. Voorzitter, dit zijn voor ons, met onze kanttekeningen bij het Planterra rapport, de maatgevende factoren voor ons gevoel dat we op een totaalbegroting van ruim 1,7 miljoen euro wel een ton of wat kunnen bezuinigen. We hebben het trouwens eerder moeten doen, zo rond 2010, en dat heeft ook niet geleid tot infrastructurele rampspoed. Op welke onderdelen binnen die begroting maakt ons niet zoveel uit. Het zou taakstellend kunnen zijn voor het totale budget, waarbij er dus keuzes gemaakt kunnen worden, bijvoorbeeld minder frequente schouw van de lantaarnpalen (budget van 39K); minder frequente schouw van de bomen (een budget van 52K) en minder vegen, bijvoorbeeld 8 keer per jaar zoals in Duiven in plaats van 12 keer per jaar (dat scheelt al 10K). Wij verzoeken de wethouder om vanuit de genoemde argumenten serieus te bezien of het anders kan en te bezien of hij op een totaal budget van ruim 1,7 miljoen euro alsnog een ton kan bezuinigen. Wij vragen op dit punt aan het college dus of het college wil heroverwegen en tot aanpassing wil komen in het stuk dat definitief aan de commissie en raad wordt voorgelegd. Wij vragen tevens de reflectie op dit punt van de andere fracties.
Wij sluiten een amendement op dit punt niet uit. Tenslotte: wij moedigen de wethouder aan om vaart te maken met de mogelijkheden om te bouwen in Westervoort. De wethouder heeft bewezen in staat te zijn om mooie bouwprojecten op gang te brengen. Natuurlijk zullen de resultaten daarvan niet op heel korte termijn zichtbaar zijn en voordeel brengen in de gemeentekas, maar ook na 2024 zullen we scherp aan de wind moeten blijven varen en met het bouwen van huizen snijdt het mes aan veel meer dan alleen de financiële kant. Voorzitter, ik sluit af. Er zijn veel vragen gesteld aan het college en ook aan de andere fracties. Deze inbreng komt schriftelijk beschikbaar. Indien vanavond niet alle antwoorden gegeven kunnen worden, stellen wij het op prijs als er dan in de volgende commissie op terug kan worden gekomen. Met de antwoorden en de beelden die wij vanavond en tijdens de volgende commissievergadering krijgen van de andere fracties en het college, kunnen wij onze gevoelens die wij hebben bij het huidige concept-herstelplan nader toetsen en omzetten in een definitief oordeel.