2021-05-schriftelijke vragen cda-sociaal-domein-met-antwoorden.docx
Tekst van het document
SCHRIFTELIJKE VRAGEN AAN HET COLLEGE (artikel 40 RvO) Nr.
2021-05
Datum indienen: 19-02-2021 Naam vragensteller: Koos Kielman
Vraag gericht aan: college
Onderwerp: Overschrijdingen in het sociaal domein
Het college wordt verzocht de volgende vragen zo spoedig mogelijk schriftelijk te beantwoorden: In opvolging van de informatie over een verdere overschrijding van de budgetten in het sociaal domein, willen we de volgende schriftelijke vragen stellen: 1. Dit is niet de eerste keer dat er een tegenvaller m.b.t. tot het budget van het sociaal domein veroorzaakt wordt door laat ontvangen declaraties. a. Wie zijn die 3 organisaties die te laat de factuur ingediend hebben? En zo ja, zijn er eerder afspraken gemaakt over tijdige indiening van facturen.
Het gaat om 3 landelijke organisaties: Seys Centra, Pluryn en Fier! Deze zorgaanbieders hebben bij de VNG het administratieprotocol ondertekend. Bij navraag bij de VNG is gebleken dat de VNG hier aandacht voor vraagt in contractgesprekken. Wij hebben contact gezocht met de VNG en aangedrongen op extra aandacht. b. Wat heeft de ambtelijke organisatie eraan gedaan om te late indiening van facturen (zoals ook eerder al is voorgekomen) te voorkomen.
Hier is preventief geen actie op ondernomen omdat wij dit niet op voorhand in beeld hadden. Vervolgens is wel actie ondernomen door contact te zoeken met de VNG zoals hierboven is aangegeven. c. Zijn het dit jaar (eind 2020/begin 2021) dezelfde organisaties die (wéér) te laat waren met het indienen van de facturen als eerder en zo ja, waarom worden daar dan geen sancties op gezet?
Deze landelijke organisaties hebben niet ieder jaar cliënten, dus kun je niet spreken van herhaling van te laat ingediende facturen/te late verzoeken om toewijzing. Bij Fier! is de cliënt niet bekend vanwege veiligheid. Bij landelijke organisaties heeft de VNG de contractafspraken gemaakt, het zijn geen regionale afspraken. Zie ook: de toelichting bij de kwartaalrapportages 4e kwartaal die de raad toegestuurd heeft gekregen. Zoals aangegeven hebben wij wel contact gezocht met de VNG om dit probleem aan te kaarten. d. worden er (opnieuw) harde(re) contractafspraken gemaakt met die organisaties?
Hiervoor is de VNG aan zet, maar dit is wel afgesproken met de VNG. e. Wat gaat de organisatie eraan doen om eenzelfde situatie eind 2021 te voorkomen?
In nauw contact met VNG wordt bewaakt dat er tijdig wordt gefactureerd. 2. Bij de MGR, zoals medegedeeld in de laatste zoom meeting met de MGR, werd gemeld dat er een bepaling in de afgesloten contracten staat, dat bij te laat indienen, er gekort kan worden op de betaling van de factuur. a. Gelden deze afspraken ook bij deze 3 organisaties die te laat hebben ingediend?
Nee, zij staan niet bij Inkoop onder contract, zie vraag 1. b. Zo, ja. Is het college van plan deze korting toe te passen? Zo nee, gaat het college deze bepaling invoegen in de overeenkomst met bovengenoemde organisaties? 3. Worden er bedragen uitgekeerd c.q. facturen betaald als er nog geen toewijzing van de gevraagde of benodigde voorzieningen of hulp heeft plaatsgevonden? Kan het dat er wel werk wordt verzet (en gedeclareerd) door zorgverleners, terwijl daar nog geen toewijzing voor heeft plaats gehad? En Hoe wordt dan omgegaan met facturen voor geleverde diensten die zijn uitgevoerd voordat die toewijzing is gedaan?
Zolang er geen toewijzing is afgegeven, wordt de declaratie afgekeurd. Het kan wel voorkomen dat aanbieders zorg verlenen terwijl er geen toewijzing is afgegeven, maar ook hier geldt: “geen toewijzing, geen betaling”. Hierop controleren en handhaven wij. In Central Station zit er een controle of er een lopende toewijzing is. Wanneer een aanbieder declareert zonder dat er een geldige toewijzing in Central Station staat valt deze declaratie automatisch uit. 4. Zijn de extra kosten die nu bij geraamd worden incidenteel of structureel? En als deze structureel zijn, waarom zijn ze niet in de laatste najaarsnota opgenomen?
De extra kosten zijn in feite incidenteel. Vooral deze landelijke hoge uitgaven hebben we niet ieder jaar. Het gaat maar om een paar cliënten per jaar. In 2019: 4 en in 2020: 7. 5. De kosten voor Jeugd komen in 2020 uit op ongeveer 5,6 miljoen euro. Dat is 1,2 miljoen meer dan het bedrag waar het herstelplan, zoals dat is opgevoerd door de organisatie, van uitgaat. Dat plan gaat uit van een structurele post van 4,2 miljoen voor Jeugd voor alle jaren vanaf 2021 tot en met 2024. Het is niet onwaarschijnlijk, gegeven het steeds stijgende kostenverloop van de afgelopen jaren en de verwachte uitkomst voor 2020, dat de door de organisatie begrote post van 4,2 miljoen niet gehaald zal worden, doch fors overschreden zal worden. Wat betekent dit voor het herstelplan: een bijna verdubbeling van de opdracht?
Zie toelichting bij het bezuinigingsvoorstel Kostenbeheersing sociaal domein (jeugdzorg). (integraal opgenomen onderaan deze beantwoording). 6. Is er al een verandering ingezet om de werkprocessen zo aan te passen dat deze overschrijdingen niet meer voorkomen?
Het is op dit moment niet mogelijk om op basis van gegevens in de applicatie voor het sociaal domein (Central Station) een goede prognose te maken van nog te verwachten kosten op basis van afgegeven voorzieningen waar nog geen declaratie op binnen is gekomen. Om dit in Central Station te kunnen ontwikkelen, zullen we een flinke investering moeten doen. We moeten dan alle beschikkingen in beeld hebben waar nog niet(volledig) op is gedeclareerd. Nog daargelaten dat het budget hiervoor niet beschikbaar is, hebben we inmiddels de eerste stappen gezet in de aanbesteding van een nieuw softwarepakket. Toelichting: Ondertekening Naam en handtekening
Koos Kielman, CDA Westervoort
Datum beantwoording: Antwoord college/burgemeester:
1. Kostenbeheersing sociaal domein (Jeugdzorg); diversen Programma Taakveld
2 Maatschappij
Activiteit en kostensoort
6189 434115 en 434116 6196 434116 Breunissen
Taakveld 6.72 Maatwerkdienstverlening 18Taakveld 6.82 Geëscaleerde zorg 18-
Portefeuillehouder Voorstel kosten beheersen jeugdhulp sociaal domein Onderbouwing voorstel De maatregel € 345.000 te bezuinigen terugdraaien voor 2021. De stijging van de uitgaven voor Jeugdhulp maakt deze heroverweging noodzakelijk. Er wordt gestuurd op meer grip op jeugdhulp. Het doel is kostenbeheersing binnen de huidige meerjarenbegroting van € 4.441.000. We voegen het bedrag € 345.000 hieraan toe tot een totaalbedrag van afgerond € 4.800.000. Dit betekent dat hiermee tot een bedrag van ongeveer 800.000 lager geraamd wordt dan de uitgaven van 2020. Maar in 2020 zijn er enkele zeer dure trajecten geweest voor maar enkele cliënten, dus is er sprake van incidenteel hogere kosten. Dit blijft een risico. Met alle ingezette maatregelen verwachten we dat de bezuiniging van 2021 niet kan worden gehaald. Er zullen vanuit het visiedocument Samen Sterk in 2021 aanvullende acties worden ingezet. De verwachting is dat we vanaf 2022 wel de bezuiniging kunnen halen. De sturing op meer grip vindt plaats door middel van de inzet van expertise, projecten en regievoering in de lokale toegang in combinatie met de maatregelen zoals vastgesteld in het Toekomstvisiedocument Samen Sterk. De gedragswetenschapper (SOJ Specialistische Ondersteuner Jeugd) vormt de toegang tot jeugdhulp voor cliënten die zich bij de huisarts melden.
Gesprek, inzet op preventie en indien nodig indicatie voor jeugdhulp door de gedragswetenschapper als verwijzer namens gemeente in samenwerking met de huisartsen/in plaats van huisartsen. De invloed op verwijzing naar GGZ is sterk vergroot inclusief die op het vervolg bij hulpverlening door zorgaanbieders. Onze invloed op het terugdringen of verkorten van specialistische begeleiding en behandeling neemt hierdoor, ook in financiële gunstige zin, toe. Dankzij de gedragswetenschapper is er meer expertise om in te zetten bij casuïstiek veiligheid, en is de regie op complexe casuïstiek versterkt evenals de sturing op doorstroom en uitstroom van jeugdhulp, gericht op normaliseren en het terugdringen van onnodig hoge kosten. Complexe casuïstiek rondom Verblijf wordt tijdig voorgelegd aan de in de regio georganiseerde Perspectieftafel met als doel een onderzoek naar alternatieve mogelijkheden. Dit in het kader van normaliseren en het zoeken naar kostenbesparende opties. Doel is terugdringen van kinderen in terrein-gebonden verblijf, vergroten van de invloed op instroom, doorstroom en uitstroom jeugdhulp met name GGZ behandeling en begeleiding, en daarmee het reduceren van de kosten.
Risico’s
Als kanttekening geldt dat Westervoort als kleine gemeente in financieel opzicht relatief zwaar getroffen wordt door complexe zware casuïstiek met een incidenteel karakter. Het is niet mogelijk om de inzet op deze hulpverlening en de financiële druk die dit geeft jaarlijks van te voren te ramen. Huisartsen werken niet allen of onvoldoende mee. Inzet op meer preventie vertaalt zich niet in lagere kosten individuele voorzieningen. Zorgmijders worden niet of niet voldoende tijdig gevonden Wetswijzigingen zoals het Woonplaatsbeginsel Financieel effect (Besparingsbedrag) Inzet gedragswetenschapper als geautoriseerd verwijzer jeugdhulp ipv huisartsen: minder verwijzing naar jeugdhulp, kortere trajecten, meer inzet preventie, minder specialistische begeleiding en behandeling regie complexe casuïstiek en terugdringen langdurige trajecten en onnodig hoge kosten projectmatige sturing op doorstroom en uitstroom hulpverlening en terugdringen langdurige trajecten en onnodig hoge kosten. Terugdringen verblijf en substitutie ambulant. Efficiencyslag toegang, contractbeheer, naleving contracteisen, rechtmatigheidstoezicht. Voorkomen uithuisplaatsingen.
2021 2022 2023 2024 Meerjarenbegroting 4.441.000 4.441.000 4.441.000 4.441.000 Besparingsbedrag -345.000 0 0 0 Begroting 2021-2024 Baten Lasten 4.800.000 4.441.000 4.441.000 4.441.000 Hoe beïnvloedt dit voorstel het welbevinden van inwoners, verenigingen en ondernemers/bedrijven? Het beïnvloedt het welbevinden van de inwoners niet nadrukkelijk. Het draagt bij aan de inzet op preventie van zorg ten behoeve van een passend gebruik van jeugdzorg.