Voorstel verordening beslistermijn schuldhulpverlening
Tekst van het document
Politieke avond Westerveld Voorstel
Vergadering van 30 maart 2021
Verordening beslistermijn schuldhulpverlening - Besluitvorming Raad Auteur Beknopte samenvatting De Wet gemeentelijke schuldhulpverlening (Wgs) regelt dat inwoners met problematische schulden bij gemeenten terecht kunnen voor onder meer advies, schuldbemiddeling of een saneringskrediet. Met ingang van 1 januari 2021 zijn wijzigingen in de Wgs in werking getreden. Vroegsignalering van schulden is nu een wettelijke taak voor de gemeente. Een beleidsplan dat richting geeft aan de integrale schuldhulpverlening aan de inwoners van de gemeente, is in ontwikkeling en volgt. In artikel 4a, van de Wgs wordt gesproken over een beschikking tot schuldhulpverlening dan wel de afwijzing of beëindiging ervan. Hierbij is bepaald dat de beschikking wordt gegeven binnen een bij gemeentelijke verordening te bepalen termijn. Deze termijn bedraagt maximaal acht weken. De omvang van het aantal meldingen in het kader van vroegsignalering, waarbij actie ondernomen moet worden, zal pas na verloop van tijd duidelijk worden. Om deze reden en gelet op de bestaande praktijk en uitvoerbaarheid is gekozen voor een (maximale) beslistermijn van acht weken.
Besluit Besluitpunt 1 De Verordening beslistermijn schuldhulpverlening gemeente Westerveld 2021 vaststellen.
Motivering Aanleiding en context Bijna één op de vijf Nederlandse huishoudens heeft een risicovolle of problematische schuld. Dit betreft bijna 1,4 miljoen huishoudens, waarvan er jaarlijks slechts ca 90.000 bij de schuldhulpverlening aankomen. Bij het bestrijden van schuldenproblematiek is een belangrijk probleem dat mensen met schulden zich vaak in een te late fase melden bij de schuldhulpverlening, vaak pas vijf jaar na het ontstaan van de eerste betalingsachterstanden. Dit is een ongewenste ontwikkeling want problematische schulden: veroorzaken meer schulden waardoor de situatie escaleert en een oplossing lastiger wordt; veroorzaken schaamte en chronische stress waardoor mensen minder productief worden en hun arbeidsdeelname daalt; hebben een negatief effect op opvoeding, gezondheid en maatschappelijke participatie;
1/3
vormen een grote kostenpost voor het MKB omdat slechts een klein percentage uiteindelijk terugbetaald wordt. Grote bedrijven kunnen dit ondervangen maar veel kleine ondernemers niet; veroorzaken een toename in het gebruik van geïndiceerde zorg. De maatschappelijke bewustwording rondom de gevolgen van problematische schulden is de afgelopen jaren sterk toegenomen. In de aanpak en het voorkomen van armoede en schuldenproblematiek is nauwe samenwerking tussen betrokken partijen, ministeries, en gemeenten georganiseerd in de Brede Schuldenaanpak (2018). Vanuit een gedeeld beeld en dezelfde uitgangspunten wordt sindsdien invulling en uitvoering gegeven aan het schuldenbeleid. In die brede aanpak staan doelen geformuleerd gericht op: Preventie en vroegsignalering: het voorkomen van problematische schulden en het treffen van maatregelen om problematische schulden terug te dringen; Effectieve schuldhulpverlening: afspraken om inwoners met schulden effectiever te helpen; Sociale incasso: bevorderen van een zorgvuldige en maatschappelijk verantwoorde incasso. Om de doelstellingen te realiseren zijn met ingang van 1 januari 2021, onder andere, wijzigingen in de Wet gemeentelijke schuldhulpverlening (Wgs) in werking getreden. Vroegsignalering van schulden is nu een wettelijke taak voor de gemeente.
De wet maakt het mogelijk om in een zo vroeg mogelijk stadium mensen met financiële problemen in beeld te brengen en vroegtijdige hulpverlening mogelijk te maken door gebruik te maken van signalen en outreachende hulpverlening. Het gaat om signalen over achterstanden bij de huur, energie, drinkwater en zorgverzekering. Door de wijziging van de Wgs komt er een aantal nieuwe en een aantal veranderende taken op de gemeenten af. Deze taken hebben impact op het beleid van de gemeente dat zij in het kader van deze wetgeving voert. Een aantal van deze taken richt zich meer op het uitvoerend proces, en er is ook een aantal thema’s waarop van de gemeente wordt gevraagd (nieuw) beleid op te ontwikkelen. Dit beleid krijgt een plaats in het beleidsplan dat in ontwikkeling is en waarin de aanpak van schuldenproblematiek (preventie, vroegsignalering, schuldhulpverlening en nazorg) wordt beschreven. In artikel 4a, van de Wgs wordt gesproken over een beschikking tot schuldhulpverlening dan wel de afwijzing of beëindiging ervan. Hierbij is bepaald dat de beschikking wordt gegeven binnen een bij gemeentelijke verordening te bepalen termijn. Deze termijn bedraagt maximaal acht weken. De omvang van het aantal meldingen in het kader van vroegsignalering, waarbij actie ondernomen moet worden, zal pas na verloop van tijd duidelijk worden.
Om deze reden en gelet op de bestaande praktijk en uitvoerbaarheid is gekozen voor een beslistermijn van (maximaal) acht weken. Beoogd resultaat Een vastgestelde beslistermijn. Argumentatie Voor de inwoner is het van belang dat duidelijk is binnen welke termijn na het eerste gesprek over de hulpvraag wordt besloten of diegene voor een schuldenregeling in aanmerking komt. Om deze reden is bij de wetswijziging - in navolging van het advies van de Nationale Ombudsman - besloten om een wettelijke termijn, die door de raad in een gemeentelijke verordening is vastgelegdsteld, op te nemen waarbinnen de gemeente na het eerste gesprek over de hulpvraag moet besluiten of iemand voor een schuldenregeling in aanmerking komt. In artikel 4a lid 3 Wgs is ook opgenomen dat deze termijn maximaal acht weken bedraagt.
2/3
Duurzaamheid en maatschappelijk verantwoord werken nvt. Kanttekening en risico's nvt Aanpak/uitvoering en communicatie Na besluitvorming over de beslistermijn zal deze opgenomen worden in het uitvoeringsplan waarin de werkwijze ten aanzien van vroegsignalering beschreven wordt. De verordening zal gepubliceerd worden. Integrale advisering N.v.t. Duiding integrale advisering Juridische zaken is om advies gevraagd. Evaluatie De voorgestelde beslistermijn vroegsignalering komt overeen met de maximale redelijke termijn die in artikel 4:13, tweede lid, van de Algemene wet bestuursrecht wordt gesteld. De ruimte om op kortere termijn te beslissen is er en daarmee lijkt een evaluatie overbodig. Kosten, baten, dekking nvt
Bijlagen 1. verordening beslistermijn schuldhulpverlening-1.docx
3/3