Rondvraag PW - Vorrelvenen
Tekst van het document
Rondvraag n.a.v. de brief van het college aan de Rechtbank Groningen
Inleiding Aan de soap rondom het bestemmingsplan voor de realisatie van recreatiebungalows aan de Vorrelvenen is weer een nieuwe aflevering toegevoegd. Bij de behandeling op 7 december 2020 bij de Rechtbank Groningen van het beroep tegen de eis van de gemeente om een chalet en een blokhut van het terrein te verwijderen leek een compromis in de maak. De raad heeft op 3 december 2019 een amendement op het bestemmingsplan buitengebied aangenomen. Daarbij werd het college verzocht om in overleg te treden met de initiatiefnemers met als uitgangspunt de realisatie van 10 recreatiebungalows, waarbij de mogelijkheid voor 25 kampeermiddelen en de daarbij behorende bouwwerken komt te vervallen. Op 17 december 2019 zegt wethouder Smit: “Onze inzet is voortvarend aan de gang te gaan en wat mij betreft de maximale ruimte te zoeken voor het initiatief, maar er kan best wetgeving of natuurbelang zijn die afdoet aan de oorspronkelijke intentie.” De burgemeester sluit het agendapunt af met de woorden: ”U krijgt de toezegging van het college dat zij zich inzet om het amendement uit te voeren, echter maakt zij een voorbehoud ten aanzien van wetgeving.” Het college heeft zich nimmer aan haar woorden gehouden. Er werd aan de initiatiefnemers te kennen gegeven dat er alleen te praten viel over een plan met maximaal 6 recreatiebungalows.
In januari krijgen de initiatiefnemers een brief van het college dat het chalet en de blokhut verwijderd moeten worden. Op mijn mondelinge vraag vanwaar dit schrijven, antwoord wethouder Doeven dat het gaat om het belang van de gemeente veilig te stellen. Stel dat de initiatiefnemers nooit meer iets doen, dan moet er toch opgetreden kunnen worden. Maar het is niet de bedoeling nu daadwerkelijk tot verwijdering over te gaan. De initiatiefnemers vragen de provincie om te praten over hun plan voor 10 bungalows. In dat (video)gesprek van eind september zegt de gemeente niet te willen praten over een plan met meer dan zes bungalows. De provincie kan niet anders dan zich hierbij aansluiten. Op 6 november 2020 legt de gemeente alvast een last onder dwangsom op, ingaande 6 weken na de uitspraak van de rechtszaak die nog niet gehouden is. Op 7 december 2020 vindt de rechtszaak tegen de aanzegging om de blokhut en het chalet te verwijderen plaats. Ook hier geeft de gemeente weer aan alleen over een plan van 6 bungalows te willen praten. Op verzoek van de rechtbank wordt opnieuw gekeken of er tot een vergelijk kan worden gekomen.
De rechtbank schrift: “Partijen hebben afgesproken dat eiser een conceptplan of schets zal indienen bij verweerder, waarop verweerder in het kader van een vooroverleg een reactie zal geven.” De initiatiefnemer spreekt uit een aanvraag te gaan indienen voor 6 bungalows. De initiatiefnemer had het liefst voor 10 bungalows gegaan, maar gezien de houding van de gemeente in de afgelopen jaren wordt er geen andere oplossing gezien. Wethouder Smidt noemt dit in zijn brief van 15 december aan de raad “een constructieve stap binnen dit langdurige traject.” Hoewel onze fractie zich schaamt voor de handelswijze van het college en voor ons eigen onvermogen om de burger te beschermen tegen een falende overheid, leggen wij ons in het belang
van de initiatiefnemer neer bij een plan voor 6 bungalows. Ik vertelde de initiatiefnemer dat het enige positieve dat ik uit de gang van zaken kan halen is dat de gemeente nu eindelijk mee gaat werken en stopt met de boel te traineren. Was het maar zo. Conform de afspraak stuurt initiatiefnemer op 20 januari een schets met een aantal uitgangspunten naar de gemeente en verzoekt: ”Graag horen wij uw reactie of wij het plan
op deze wijze kunnen uitwerken.”
Misschien had de initiatiefnemer gewaarschuwd moeten zijn door het optreden van de gemeente in de afgelopen jaren. Nee, er volgt geen gesprek. De schets wordt met een brief (zie bijlage) afgedaan waarin om een gedetailleerd en uitgewerkt plan wordt verzocht.
Op grond van bovenstaande heeft mijn fractie de volgende vraag aan het college: 1. Is het college bereid om nu eindelijk eens een constructief gesprek aan te gaan met de initiatiefnemer en de initiatiefnemer op dezelfde wijze tegemoet te treden als bijvoorbeeld de plannenmakers van De Olde Bârgen of Stee in Lhee? 2. Is het college bereid om zich ten volle in te zetten om de initiatiefnemer te ondersteunen?
Namens de fractie van Progressief Westerveld Hans de la Mar