Raadsinformatiebrief meicirculaire 2024
Tekst van het document
De leden van de raad
Datum 18 juni 2024
Ons kenmerk 2024-003669
Uw brief
Uw kenmerk
Onderwerp Meicirculaire 2024
Geachte leden van de Raad, Op 27 mei 2024 is de meicirculaire 2024 gepresenteerd door het Rijk. Dit is de vertaling van de voorjaarsnota 2024. In deze brief behandelen we de effecten van deze circulaire op hoofdlijnen. De effecten verwerken we in de begroting 2025 en in de tweede bestuursrapportage 2024. Financiële effecten op het saldo van de begroting In onderstaande tabel zijn de ontwikkelingen van de meicirculaire 2024 opgenomen die effect hebben op het saldo van de begroting. Hieronder lichten we ze toe. Nr Mutatie meicirculaire 2024 Stand Kadernota 2025
2024 -524.000
2025
2026
2027
2028
-566.000 -2.306.000 -2.329.000 -2.727.000
Effect Algemene uitkering: 1 Schrappen opschalingskorting 2 BCF afrekening 3 Overige ontwikkelingen (accres, uitkeringsfactor etc.)
0
0
700.000
700.000
700.000
224.000
0
0
0
0
0
700.000
1.600.000
1.550.000
1.950.000
224.000
700.000
2.300.000
2.250.000
2.650.000
1 CAO (4% van 14 miljoen)
0
-420.000
-560.000
-560.000
-560.000
2 Indexatie overige budgetten
0
-500.000
-500.000
-500.000
-500.000
3 Behoedzaamheid tegenvallend BBP
0
0
-500.000
-500.000
-500.000
Totaal mutaties:
Stelposten opnemen:
Totaal stelposten:
Stand na meicirculaire 2024
0
-920.000 -1.560.000 -1.560.000 -1.560.000
-300.000
-786.000 -1.566.000 -1.639.000 -1.637.000
1 Verwerking plan B (zonder oplossingen reserve)
0
500.000
1.700.000
1.250.000
1.300.000
2 Onttrekking algemene reserve
0
300.000
0
0
0
-300.000
14.000
134.000
-389.000
-337.000
Nieuwe stand begrotingssaldo
Effecten algemene uitkering: 1. Schrappen opschalingskorting: In 2015 is de opschalingskorting ingevoerd met de gedachte dat gemeenten gingen fuseren en zo schaalvoordelen konden behalen. In de meicirculaire 2024 is de verdere toename van de opschalingskorting ter hoogte van € 675 miljoen vanaf 2026 structureel geschrapt. Voor onze gemeente is dit een voordeel van € 700.000. 2. BCF afrekening: Het overschot dat gemeenten niet bij het BTW-Compensatiefonds (BCF) declareren wordt teruggestort in de algemene uitkering. Gemeenten zijn in 2023 € 573 miljoen onder dit plafond gebleven met declaraties. In de septembercirculaire 2023 werd al een voorschot van € 359 miljoen uitbetaald. De definitieve afrekening BCF bedraagt hierdoor € 214 miljoen extra en dit bedrag wordt in 2024 incidenteel toegevoegd. Voor onze gemeente gaat het om € 224.000.
1
3. Overige ontwikkelingen: De meicirculaire bevat een nieuwe actualisatie van het accres. Het accres valt negatief uit, omdat de nieuwe BBP raming naar beneden is bijgesteld ten opzichte van de septembercirculaire. Per saldo zien we een groot voordeel, omdat het basisjaar in de meicirculaire is verlegd van 2023 naar 2024. Hierdoor valt de indexatie van het jaar 2024 vrij. Dit bedrag is bedoeld om de begroting te indexeren. Daarom reserveren we een groot gedeelte hiervan weer. Stelposten opnemen: 1. De CAO gemeenten loopt tot 1 april 2025. Voor de periode erna moet nog een nieuwe CAO worden afgesloten. Hiervoor nemen we een reservering op van € 560.000 (4% van de loonsom van € 14 miljoen). Uit informatie van de Algemene Werkgeversvereniging Nederland blijkt namelijk dat de gemiddelde loonafspraken in april 2024 uit kwamen op 4,8% per jaar en dat er een dalende trend verwacht wordt voor het komende jaar. Daarom denken we dat 4% een realistische inschatting is. In 2025 nemen we 75% op van € 560.0000, aangezien de CAO ingaat per 1 april. 2. In het jaar 2024 zijn de budgetten met uitzondering van de CAO niet geïndexeerd, omdat de financiële positie dit niet toeliet. Ook in de Kadernota 2025 hebben we een aantal indexaties niet kunnen verwerken. Om in de begroting 2025 wel te kunnen indexeren nemen we een reservering op van € 500.000.
In de begroting 2025 komen we met een voorstel voor invulling van deze post. 3. Het voorstel is om in de meerjarenraming 2026-2028 een behoedzaamheidsraming op te nemen, omdat we zien dat het BBP momenteelt daalt. Uit informatie van het CBS blijkt dat in het eerste kwartaal van 2024 het BBP met 0,7 procent is afgenomen. Als deze trend zicht voortzet is de verwachting dat hierdoor in de septembercirculaire 2024 een negatieve bijstelling van het accres volgt. Om hierop te anticiperen nemen we een reservering op. Conclusie: De meicirculaire 2024 valt positief uit voor onze gemeente. Toch zien we dat ook na verwerking van de meicirculaire het noodzakelijk blijft om Plan B te verwerken in de begroting 2025 om de jaren 2025 en 2026 positief te kunnen afsluiten. Daarbij is het niet meer noodzakelijk om in 2026 een onttrekking uit de algemene reserve te hoeven doen, maar wel in 2025. In de begroting 2025 presenteren we het nieuwe meerjarenperspectief waarin we de nieuwe ontwikkelingen opnemen die dan bij ons bekend zijn. Budgettair neutrale effecten Hieronder nemen we de budgettair neutrale mutaties op uit de meicirculaire 2024. Deze mutaties voegen we niet toe aan het saldo van de begroting, omdat er een stijging van lasten tegenover staat. Budgettair neutrale uitkeringen meicirculaire
2024
2025
2026
2027
2028
1 Jeugdhulp kinderen in AZC
16.000
16.000
16.000
16.000
16.000
2 Landelijke beëindigingsregeling veehouders
20.000
0
0
0
0
3 Invoeringskosten Omgevingswet
227.000
0
0
0
0
4 Participatie uitkering
323.000
248.000
221.000
223.000
98.000
5 Jeugdbescherming werkdrukverlaging
30.000
30.000
30.000
30.000
30.000
6 Compensatie Voogdij/18+
30.000
30.000
30.000
30.000
30.000
7 Besparingsverlies jeugd*
0
550.000
0
0
0
8 Extra aanpak armoede en schulden
0
40.000
40.000
40.000
40.000
646.000
914.000
337.000
339.000
214.000
Totaal:
*: Over het besparingsverlies jeugd merken we op dat we bedrag dit terugstorten in het jeugdbudget, aangezien het jeugdbudget bij de presentatie van de Hervormingsagenda is verlaagd. Het kabinet verstrekt incidenteel compensatie in 2025, omdat er nog geen maatregelen zijn genomen om de bezuinigingen uit de Hervormingsagenda te kunnen realiseren. In het nieuwe hoofdlijnenakkoord van de formerende partijen is de intentie uitgesproken om deze bezuiniging structureel te schrappen. Dit is uiteraard nog niet in de meicirculaire verwerkt.
2
Overige ontwikkelingen In de circulaire zijn diverse onderwerpen benoemd waar we kort op in gaan. Indexatie Wmo voor stijgende zorgkosten Er zijn plannen om de kosten voor de Wmo te vergoeden via een aparte financiering zoals de constructie voor de BUIG (bijstand). In de Voorjaarsnota 2024 heeft het Rijk alvast een reservering opgenomen van € 75 miljoen in 2026 oplopend tot € 300 miljoen in 2029. Het streven is dat er met ingang van 2026 nadere afspraken zijn. In de meicirculaire 2024 is deze reservering nog niet verwerkt. Inzet specifieke uitkeringen Het aantal specifieke uitkeringen is de afgelopen jaren sterk gestegen. Het uitgangspunt is echter dat financiële middelen vanuit het Rijk aan gemeenten bij voorkeur bestedingsvrij en zonder oormerk ter beschikking worden gesteld. In het nieuwe hoofdlijnenakkoord van de formerende partijen is aangekondigd dat de specifieke uitkeringen zoveel mogelijk moeten worden geschrapt. Hier is een budgetkorting aan gekoppeld van 10%. Het Rijk gaat de komende periode onderzoeken hoe dit gerealiseerd kan worden. Hiervoor dient in ieder geval de Financiële verhoudingswet (Fvw) te worden aangepast.
Toezicht en handhaving aanpassing kwaliteitseisen kinderopvang In de Voorjaarsnota 2024 zijn middelen vrijgemaakt voor incidentele meerkosten voor toezicht en handhaving op aangepaste kwaliteitseisen in de kinderopvang, buitenschoolse opvang en meertalige opvang voor 2024 en 2025. In de meicirculaire 2024 is dit nog niet verwerkt. De verwachting is dat dit in de septembercirculaire zal gebeuren. Tot slot Wij vertrouwen erop dat we u hiermee voldoende hebben geïnformeerd en dat u de uitkomsten van de meicirculaire kunt betrekken bij de besluitvorming op de Kadernota 2025. Met vriendelijke groet, burgemeester en wethouders
D. Bruijn secretaris
J. Spoelstra burgemeester
3