CConstaterende datWesterveld
Koppel je AI →
Document · PDF

Hoofdstuk 6 Omgevingswet + toelichting Participatieverordening

Politieke avond Westerveld 26 maart 2024, gemeente WesterveldBij agendapunt: Omgevingswet hoofdstuk integreren in de participatieverordening (spreekrecht)709 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Hoofdstuk 6. Omgevingswet Op 1 januari 2024 is de Omgevingswet inwerking getreden. In de omgevingswet wordt onder participatie verstaan: Het in een vroegtijdig stadium betrekken van belanghebbenden (burgers, bedrijven, maatschappelijke organisaties en andere overheden) bij het proces van besluitvormging over een project of activiteit. Participatie door de initiatiefnemer is standaard opgenomen als een aanvraagvereiste voor een omgevingsvergunning onder de Omgevingswet. De manier waarop de participatie is georganiseerd, is onderdeel van de vergunningaanvraag. Artikel 15. Omgevingsplan en omgevingsvergunning 1. Het bestuursorgaan stelt, voor zover het de eigen bevoegdheid betreft, voor inwoners, bedrijven en andere belanghebbenden een ‘Handreiking participatie voor initiatiefnemers’ op voor participatie bij initiatieven die effect hebben op de fysieke leefomgeving. 2. Het bestuursorgaan volgt de principes van de ‘Handreiking participatie voor initiatiefnemers’ bij de toepassing van instrumenten uit de Omgevingswet: a. de omgevingsvisie; b. het programma; c. het omgevingsplan en wijzigingen daarvan; d. de omgevingsvergunning.

Toelichting Hoofdstuk 6. Omgevingswet De Omgevingswet bundelt 26 wetten en tal van regels en voorschriften over onze fysieke leefomgeving in één wet. Procedures worden gestroomlijnd, regelgeving geharmoniseerd en in veel gevallen worden beslistermijnen versneld. Een initiatiefnemer krijgt bij het indienen van een vergunningaanvraag onder de Omgevingswet te maken met de aanvraagvereiste participatie. Hierbij geeft de aanvrager aan of, en zo ja hoe, belanghebbenden bij de voorbereiding van de aanvraag zijn betrokken en wat de resultaten daarvan zijn. Met deze aanvraagvereiste wordt de aanvrager gestimuleerd tot participatie, maar participatie is hier geen verplichting. De bestuursorganen mogen niet weigeren om een aanvraag in behandeling te nemen, omdat er geen of te weinig participatie is geweest. Plicht tot kennisgeving en motiveringsplicht Er is een plicht tot kennisgeving en een motiveringsplicht, wat betekent dat de bestuursorganen een plicht hebben tot kennisgeving vooraf en een motiveringsplicht achteraf in het kader van: -

de Omgevingsvisie; een programma als concrete uitwerking van de Omgevingsvisie.

In een programma wordt concreet aangegeven hoe een bepaald doel wordt bereikt en waarmee dat wordt gemeten (bron: Omgevingsvisie Westerveld). Programma’s zijn een bevoegdheid van het college; -

het Omgevingsplan als opvolger van het bestemmingsplan en een uitwerking van de Omgevingsvisie.

Nu de Omgevingswet van kracht is, beschikt de gemeente Westerveld over een Omgevingsplan van rechtswege. Dit bestaat uit de bestemmingsplannen en een Bruidsschat. Tot 2032 is er de tijd om een Omgevingsplan te maken dat aan alle eisen voldoet (bron: Omgevingsvisie Westerveld). Bij de plicht tot kennisgeving wordt voorafgaand aan het proces uitleg gegeven over hoe de participatie wordt vormgegeven. De motiveringsplicht betekent dat de bestuursorganen bij het besluit aangeven hoe belanghebbenden, inwoners en bestuursorganen zijn betrokken bij de voorbereiding en wat de resultaten daarvan zijn. Verplichte participatie Participatie is echter wel verplicht bij onderwerpen c.q. projecten die de raad heeft aangewezen. Deze betreffen onderwerpen, activiteiten of projecten die niet mogelijk zijn volgens het omgevingsplan, de zogenoemde buitenplanse omgevingsplanactiviteiten (BOPA). De raad heeft deze buitenplanse omgevingsplanactiviteiten voor verplichte participatie vastgesteld op 27 september 2022. Het overzicht is als bijlage 2 toegevoegd bij deze verordening. Met het verplichte participatieproces om een omgevingsvergunning te krijgen voor buitenplanse omgevingsplanactiviteiten, zorgt de aanvrager ervoor dat alle belangen, meningen, kennis en creativiteit in een vroeg stadium op tafel komen, zodat het plan beter wordt en er meer kans is op draagvlak.

De manier waarop de participatie is georganiseerd, is onderdeel van de vergunningaanvraag.

Uitkomst participatie betrekken bij besluitvorming Wanneer een initiatiefnemer een omgevingsvergunning aanvraagt, kunnen de bestuursorganen de uitkomst van de participatie betrekken bij de besluitvorming. De bestuursorganen kijken dan naar: a) b) c) d) e)

wat is de impact van het plan op de omgeving? welke belangen spelen er? wie heeft de initiatiefnemer betrokken? hoe heeft de initiatiefnemer hen betrokken? wat heeft de initiatiefnemer gedaan met de inbreng? (Zijn er bijvoorbeeld aanpassingen gedaan in het plan en zijn de mitsen en maren van de belanghebbenden aangegeven.)

Participatiehandreiking De ‘Handreiking participatie voor initiatiefnemers’ wordt beschikbaar gesteld voor initiatiefnemers, hierin staat informatie over onder meer: a) b) c) d) e) f) g) h)

plannen die gevolgen hebben voor de fysieke leefomgeving; de Omgevingswet; de Omgevingsvisie Westerveld; de stappen die moeten worden gezet voor het realiseren van een plan; het omgevingsplan; hoe de aanvrager/initiatiefnemer met participatie kan omgaan; voor welke gevallen participatie door de aanvrager/initiatiefnemer verplicht is; waarop de bestuursorganen letten bij de beoordeling van participatie door de aanvrager/initiatiefnemer.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Westerveld&id=66d78552-80fd-4ab1-9899-84df56ffaabd