CConstaterende datWesterveld
Koppel je AI →
Document · PDF

Groen Leven - Toelichting aanvraag omgevingsvergunning (26 september 2022)

Politieke avond Westerveld 14 februari 2023, gemeente WesterveldBij agendapunt: Raadsvoorstel Ontwerp weigeringsbesluit zonnepark Oude Willem (spreekrecht)5.579 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Toelichting aanvraag omgevingsvergunning gemeente Westerveld Natuurontwikkeling i.c.m. agrarisch natuurbeheer en energieopwekking

GroenLeven Lange Marktstraat 5-7 8911 AD Leeuwarden T | 058 799 00 00 info@groenleven.nl

Toelichting aanvraag omgevingsvergunning Aan: Van: Datum: Ons kenmerk: Classificatie:

gemeente Westerveld dhr. M. Mosterman en dhr. M. Kemperman 26 september 2022 GL180404 Project gerelateerd

Onderwerp:

Natuurontwikkeling i.c.m. agrarisch natuurbeheer en energieopwekking

1

Inleiding

1.1.

Aanleiding

GroenLeven BV is voornemens om een perceel van circa 47 hectare bij Hoogersmilde te laten overgaan naar natuurontwikkeling in combinatie met agrarisch natuurbeheer en de aanleg van duurzame perceelsgebonden energiewinning. Momenteel zijn de betreffende percelen agrarisch in gebruik voor bollenteelt, maïs en akkerbouw.

1.2

Ligging plangebied en huidig gebruik

Het plangebied is nu in agrarisch gebruik. Aan de zuidzijde ligt het agrarisch bouwblok van Bosweg 18. Het plangebied is gelegen in het nationaal park Drents-Friese Wold & Leggelderveld en wordt aan de noord, oost en zuidzijde begrenst door bosgebied en aan de westzijde door agrarische percelen. Op grotere afstand van het plangebied liggen met name woningen en agrarische bedrijven. Op de overzichtskaart hieronder is de globale ligging en begrenzing van het plangebied aangegeven.

Figuur 1: ligging van het plangebied Het plangebied betreft de kadastrale percelen: Kadastrale gemeente Diever, sectie B, percelen 4055, 4056, 4057, 4058, 4059, 4060, 4061, 4062, 4063, 4064, 4066, 4067, 4076, 4077, 4078, 4079, 4080, 4081, 4082, 4083 en 4084. GroenLeven heeft een optie om deze gronden te kopen.

1.3

Planvoornemen

GroenLeven is voornemens om het gebruik van de locatie over te laten gaan naar de ontwikkeling van natuurtype N00.01, in combinatie met duurzame energiewinning en agrarisch natuurbeheer. Het planvoornemen is ruimtelijk primair gericht op natuurontwikkeling en agrarisch natuurbeheer. De

GroenLeven Lange Marktstraat 5-7 8911 AD Leeuwarden T | 058 799 00 00 info@groenleven.nl

ruimtelijke ingrepen zijn vooral daarop gericht. Het plangebied is gelegen tussen de bossen van het Drents-Friese Wold: een natuurgebied dat zich kenmerkt door de afwisseling van bos, heide, struifzand en beekdalgraslanden. Juist de afwisseling van biotopen is essentieel voor het herbergen van een grote variatie in plantengroei en dierenleven. Zo broedt de boomleeuwerik tussen de heideplanten van het natuurgebied en foerageert de das in de luwten en open gedeelten van het bos. Natuurtype N00.01 staat omschreven als ‘“Gronden met een agrarisch of ander verleden die een natuurbestemming krijgen, hebben meestal niet van de ene op de andere dag natuurwaarden. Hiervoor is eerst een omvormingsbeheer (bijv. verschraling) nodig of inrichting, zoals het afvoeren van de voedselrijke bouwvoor of bosaanplant.” Gezien de grond decennia lang is gebruikt voor de intensieve akkerbouw, inclusief het toepassen van (kunst)mest en pesticiden, is het gebied gebaat bij een zorgvuldige inrichting en natuurvriendelijke beheermethode. De gronden kunnen na realisatie, als daar vanuit een natuurorganisatie belangstelling voor is, in eigendom worden overgedragen.

Om het natuurvormingsproces te versnellen wordt het plangebied zodanig ontworpen dat het een geschikt habitat vormt voor diverse soorten flora en fauna: binnen het plangebied wordt een diversiteit aan klaverrijke en/of kruidenrijke mengsels ingezaaid om meer voedsel te creëren voor nectar liefhebbende insecten. Om de bloei te stimuleren zal worden gekozen voor een extensieve maaimethode die gedurende de looptijd van het project de grond zal verschralen. Het gedeelte nabij het bos zal worden begraasd door schapen, zodat het een geschikt habitat vormt voor de ontwikkeling van wormen: de favoriete maaltijd van de das. Om verdroging in het natuurgebied te voorkomen, en de ontwikkeling van natuurvriendelijke oevers en schraal grasland te bevorderen, zullen twee van de vier sloten worden gedempt en de helling van de overige twee worden verflauwd. De randen van het plangebied worden voorzien van een twee meter hoge grondwal, ingericht met inheems besdragend haagstruweel, zoals de rode kornoelje, en wilde liguster. De aanplant van deze heesters, in combinatie met de geslotenheid van het plangebied, kan een geschikte aanvulling vormen op het habitat van diverse vogels, waaronder de boomleeuwerik. De duurzame perceelsgebonden energiewinning is ruimtelijk een secundaire functie en biedt een economische drager voor de natuurontwikkeling.

Voor de opwek van duurzame perceelsgebonden energiewinning is gekozen voor een installatie die de ontwikkeling van natuurwaarden optimaal stimuleert. De kleur van het materiaal van de bouwwerken wordt zo neutraal mogelijk gerealiseerd, namelijk in de kleuren grijs (staal voor onderconstructie), zwart (voor kabels en rubber) en zwart/grijs (zonnepanelen), waardoor het bouwwerk zo min mogelijk opvalt in de omgeving. Daarnaast wordt er op planlocatie gekozen voor een nieuwe opwekmethode middels ‘single-axis trackers’. Deze opwekmethode maakt het mogelijk om slechts één zonnepaneel per rij te installeren met een tussenruimte tussen de funderingspalen van circa vijf meter. Door deze ruime opstelling, die gedurende de dag met de zon mee draait, zal de volledige ondergrond van zonlicht worden voorzien, waardoor bodemdegradatie onder het zonnepaneel wordt uitgesloten.

GroenLeven Lange Marktstraat 5-7 8911 AD Leeuwarden T | 058 799 00 00 info@groenleven.nl

Figuur 2: single-axis tracking systeem, Le Pouzin II, France

In het landschappelijk inpassingsplan van ‘Ontwikkelvisie natuurontwikkeling met duurzame energieopwekking Westerveld’ (zie figuur 3 en tevens los als bijlage A (inpassingsplan) en B (plankaart) toegevoegd) is het planvoornemen schematisch weergegeven, inclusief de verschillende natuur bevorderende maatregelen en de extensieve beheermethoden. De realisatie van circa 37 MWp aan duurzame energiewinning draagt bij aan de duurzaamheidsdoelstelling van de gemeente Westerveld om in 2050 de CO2-uitstoot met 95% te verminderen.

Figuur 3: Ontwikkelingsvisie natuurontwikkeling met duurzame energieopwekking Westerveld

GroenLeven Lange Marktstraat 5-7 8911 AD Leeuwarden T | 058 799 00 00 info@groenleven.nl

1.4

Vigerend bestemmingsplan

Voor het projectgebied geldt het ‘Reparatieplan buitengebied Westerveld’ (vastgesteld d.d. 29 maart 2016). In de regels van dit plan is de bestemming ‘Agrarisch-2’ uit het bestemmingsplan ‘Buitengebied’ (vastgesteld d.d. 5 juli 2012) van toepassing verklaard. Op grond van deze in samenhang te lezen plannen geldt de bestemming ‘Agrarisch - 2’ en dubbelbestemming ‘waarde – archeologie 3’. Wanneer hierna wordt ingegaan op het bestemmingsplan ‘2012’ wordt gedoeld op het reparatieplan in samenhang met dit bestemmingsplan. Voor 'Agrarisch-2' aangewezen gronden zijn bestemd voor o.a.: • agrarisch grondgebruik; • natuurontwikkeling en agrarisch natuurbeheer; • het behoud, het herstel en de ontwikkeling van kleine natuur- en landschapselementen; met daaraan ondergeschikt: • kleinschalige duurzame energiewinning; • wegen, paden en overige oppervlakteverhardingen; • beken, plassen, poelen, vennen, sloten en/of andere watergangen en/of -partijen al dan niet mede bestemd voor waterberging.

Figuur 4: ligging van het plangebied in het vigerend bestemmingsplan De

Het initiatief past in het vigerend bestemmingsplan, aangezien het gehele plangebied zal worden ingericht ten behoeve van natuurwaarde N00.01 (zie de memo van BügelHajema (zie bijlage C) voor de toelichting m.b.t. de aanzienlijke ecologische meerwaarde van het landschappelijk inpassingsplan). Naast de natuurvriendelijke maatregelen bij de aanleg wordt er tevens gekozen voor extensieve begrazing door schapen, waardoor de gronden tevens worden ingezet voor agrarisch natuurbeheer. Daaraan ondergeschikt zal het plangebied worden voorzien van kleinschalige perceelsgebonden energiewinning. Onder kleinschalige duurzame energiewinning wordt verstaan: Energie die gewonnen wordt uit kleinschalige perceelsgebonden bronnen, niet zijnde windturbines, waarbij weinig tot geen schadelijke milieueffecten optreden bij winning en omzetting en die in onuitputtelijke hoeveelheden beschikbaar is, zoals zon, wind, water, biomassa, aard- en omgevingswarmte. Aangezien er wordt gekozen voor een uiterst ruimtelijke zonnepanelen-opstelling, waarbij circa 5 meter afstand tussen de fundering van de rijen wordt gehouden, zorgt het systeem voor een grondbedekkingspercentage van slechts 39%.

Daarnaast is het systeem zodanig ontworpen dat de volledige ondergrond gedurende de dag wordt voorzien van zonlicht, waardoor er, afgezien van de funderingspalen, omvormers en transformators, op 95% van het grondgebied waardevolle natuurwaarden kunnen ontstaan. Dat maakt het duurzame opwekkingssysteem ondergeschikt aan de natuurontwikkeling van het perceel. Daarnaast voldoet het planvoornemen aan de vereiste voor perceelsgebonden bronnen, aangezien het grondgebonden systeem de bestaande kavelafmetingen als leidraad voor de opstelling hanteert.

GroenLeven Lange Marktstraat 5-7 8911 AD Leeuwarden T | 058 799 00 00 info@groenleven.nl

Tenslotte geldt voor het bouwen van overige bouwwerken, geen gebouwen zijnde, dat binnen het bouwvlak een hoogte van maximaal 10 meter is toegestaan en buiten het bouwvlak een hoogte van maximaal 2 meter. Aangezien de zonnepanelen, vallend onder ‘overige bouwwerken, geen gebouwen zijnde’, onder de maximale bouwhoogte van 2 meter blijven, treden er geen afwijkingen van het vigerend bestemmingsplan op. Het bestemmingsplan geeft daarentegen wel aan dat voor het uitvoeren van een werk, geen bouwwerk zijnde, of van werkzaamheden een omgevingsvergunning verplicht is voor o.a.: • het aanplanten van bomen en/of houtgewas ten behoeve van bosaanplant tot een aaneengesloten oppervlakte van ten hoogste 1,00 hectare; • het graven en/of ophogen van gronden; • het dempen en/of graven van sloten, poelen en/of andere watergangen en/of partijen; • het aanleggen en/of verharden van paden of parkeergelegenheden en het aanbrengen van andere oppervlakteverhardingen, met uitzondering van het aanleggen en/of verharden van wegen ter ontsluiting van agrarische percelen, kuilvoerplaten en sleufsilo’s; • het aanleggen van ondergrondse, bovengrondse transport-, energie-, en/of telecommunicatiekabels en/of leidingen.

Gezien de natuurontwikkelingsmaatregelen conform het landschappelijk inpassingsplan (zie bijlage A) is het aanvragen van een omgevingsvergunning voor het uitvoeren van werken en werkzaamheden nodig. Deze is nodig voor de volgende werkzaamheden: • het afgraven en/of ophogen van gronden; • het dempen en/of graven van sloten en/of andere watergangen en/of -partijen; • het aanleggen van voorzieningen ten behoeve van het extensief dagrecreatief medegebruik en/of het educatief medegebruik; • het aanleggen en/of verharden van paden en het aanbrengen van andere oppervlakteverhardingen; • het aanleggen van ondergrondse energie- en/of telecommunicatiekabels en/of -leidingen. De voor 'Waarde - Archeologie 3' aangewezen gronden zijn, behalve voor de andere daar voorkomende bestemming(en), mede bestemd voor het behoud van de archeologische waarden. Voor zowel bouwwerkzaamheden als werken en werkzaamheden met een oppervlakte bodemverstoring groter dan 1.000 m2 is een omgevingsvergunning nodig. De bouwwerkzaamheden van het plan bevatten geen bodemverstoringen van 1.000 m2 of meer. De graafwerkzaamheden hebben een oppervlakte groter dan 1.000 m2. Voor deze werken en werkzaamheden is een vergunning nodig. In paragraaf 2.2.2 is hier nader op ingegaan.

1.5

Onderdelen aanvraag omgevingsvergunning

Voor het plan zijn de volgende onderdelen aangevraagd in het kader van deze omgevingsvergunning: • Zonnepaneel of -collector plaatsen; • Overig bouwwerk bouwen; • Werk of werkzaamheden uitvoeren Ten behoeve van de werken en werkzaamheden kan de omgevingsvergunning slechts worden verleend indien geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan de natuurlijke waarden en de geomorfologische, cultuurhistorische en archeologische waarden, het Beeldkwaliteitsplan Gemeente Westerveld. Voor het dempen van watergangen geldt dan deze slechts wordt verleend indien er zódanige compensatie plaatsvindt dat de landschappelijke structuur niet onevenredig wordt geschaad. In deze aanvraag is een separate bijlage opgesteld waarin een onderbouwing is gegeven van de landschappelijke en cultuurhistorische waarden. Dit mede in relatie tot het Beeldkwaliteitsplan Gemeente Westerveld. Deze onderbouwing is opgenomen in het landschappelijk inpassingsplan (zie bijlage A) Op de overige

GroenLeven Lange Marktstraat 5-7 8911 AD Leeuwarden T | 058 799 00 00 info@groenleven.nl

toetscriteria voor het uitvoeren van werken en werkzaamheden wordt in het volgende hoofdstuk ingegaan.

2

Omgevingsaspecten

In de volgende paragrafen is ingegaan op diverse omgevingsaspecten. Het gaat hierbij om ecologie, bodem (kwaliteit/archeologie), water, reflectie, geluid, lucht en externe veiligheid. Per aspect is aangegeven of dit onderdeel leidt tot een plicht voor een vergunning of een ontheffing. Ook is per aspect de verleenbaarheid daarvan aangetoond.

2.1

Ecologie

2.1.1 Bijdrage ontwikkeling aan natuur De functiewijziging draagt op verschillende manieren bij aan het verbeteren van de natuurwaarden van deze locatie. Deze zijn verkend, beschreven in een uitgebreide natuurtoets-notitie (zie bijlage C) en samenvattend hieronder genoemd: 1. aan de zuidzijde (en beperkt westzijde) wordt een ecologische oever ingericht; 2. langs de randen en tussen de panelen liggen kruidenrijke vegetatiestroken; 3. circa 11 ha van het projectgebied wordt ingericht als primair foerageergebied voor das; 4. aan de westzijde is een informatiepunt voorzien, aansluitend op de Bosweg met uitzicht over het omliggende landschap en de panelenvelden; 5. bestaande sloten worden deels gedempt of aangepast met natuurvriendelijke oevers 6. opstellingen van zonnepanelen zijn niet/nauwelijks zichtbaar vanuit de omgeving; 7. het hek heeft een vrije passage aan de onderzijde; 8. aan de noordwest- en zuidwestzijde wordt het gebied afgeschermd door struweelbeplantingen; 9. de landschappelijke structuur, kavelrichting, verkavelingslijnen en omvang kavels blijven behouden.

2.1.2 Soortenbescherming In de Wet natuurbescherming is de soortenbescherming verankerd van dier- en plantensoorten in Nederland. In de omgeving van het plangebied zijn waarnemingen bekend van verschillende beschermde soorten, zoals broedvogels, vleermuizen, poelkikker en das. In het projectgebied zijn geen beschermde vaatplanten, insecten, reptielen of vissen te verwachten, aangezien het wordt gebruikt voor o.a. lelieteelt. Verbodsovertredingen zijn niet aan de orde waardoor het aanvragen van een ontheffing van de Wet natuurbescherming voor deze soorten niet nodig is. Voor de te verwachten algemene soorten vleermuizen, grondgebonden zoogdieren, vogels en amfibieën dient geen ontheffing te worden aangevraagd, aangezien zij vallen onder de vrijstellingsregeling van de wet natuurbescherming. Wel geldt voor deze soorten de zorgplicht, zoals het weren van verlichting tijdens de aanlegfase voor vleermuizen en het voorkomen van bouwwerkzaamheden tijdens het broedseizoen. Voor nietvrijgestelde grondgebonden zoogdieren, zoals de das, kunnen negatieve effecten worden uitgesloten, waardoor het aanvragen van een ontheffing van de wet natuurbescherming niet nodig is.

2.1.3 Gebiedsbescherming De gebiedsbescherming van Natura 2000-gebieden is verankerd in de Wet natuurbescherming. Daarnaast is het Natuurnetwerk Nederland planologisch beschermd in bestemmingplannen en via de omgevingsverordeningen van de provincies. In onderstaande paragrafen worden de aandachtspunten t.a.v. gebiedsbescherming beschreven.

GroenLeven Lange Marktstraat 5-7 8911 AD Leeuwarden T | 058 799 00 00 info@groenleven.nl

2.1.3.1 Natura 2000 Het plangebied grenst aan het Natura 2000-gebied Drents-Friese Wold & Leggelderveld. Dit Natura 2000-gebied is aangewezen voor zowel de Habitat- als de Vogelrichtlijn. Ook buiten de Natura 2000gebieden kunnen beperkingen of verboden gelden als een ruimtelijke ontwikkeling met de bijbehorende bouwactiviteiten en/of het nieuwe gebruik mogelijk schadelijk zijn voor de instandhoudingsdoelstellingen van een Natura 2000-gebied. Dit wordt ook wel externe werking genoemd.

Figuur 5: Ligging van het plangebied t.o.v. Natura 2000. (bron: https://www.synbiosys.alterra.nl/natura2000)

Het plangebied is nu in gebruik voor lelieteelt. In de huidige situatie heeft het plangebied geen enkele meerwaarde voor de instandhoudingsdoelstellingen van het Natura 2000-gebied. De ambitie is om het plangebied natuurvriendelijk in te richten in combinatie agrarisch natuurbeheer en kleinschalige energiewinning. Negatieve effecten worden niet verwacht voor de instandhoudings-doelstellingen van Drents-Friese Wold en Leggelderveld. Daarentegen is de verwachting dat zich waardevolle natuurwaarden zullen ontwikkelen.

2.1.3.2 Stikstofdepositie In veel Natura 2000-gebieden is er een overschot aan stikstof (ammoniak en stikstofoxiden). Dit belemmert de ontwikkeling van gewenste natuurwaarden. Daardoor is het voor de structurele uitstoot van stikstof noodzakelijk om een vergunning te verkrijgen. Dit geldt echter niet voor eenmalige aanlegactiviteiten, aangezien de milieubelasting tijdens de bouw maar een relatief klein aandeel betreft van de totale stikstofuitstoot. Deze knip tussen de bouw en het gebruik van het bouwwerk wordt ook wel de ‘bouwvrijstelling’ genoemd. De bouwvrijstelling betekent in het vergunning traject dat voor het aspect stikstof alleen nog de neerslag (depositie) in de gebruiksfase een rol speelt. De voorwaarde die de Rijksoverheid stelt is dat er zo min mogelijk complexe regels en voorwaarden voor initiatiefnemers zijn, zonder afbreuk te doen aan het herstel van de natuur. De ontwikkeling van het duurzame opwekkingssysteem is dus vrijgesteld van maatregelen, met de bouwvrijstelling als juridische basis. Aangezien de bouwvrijstelling over een aantal maanden bij de Raad van State voorkomt, is de kans aanwezig dat de juridische basis vervalt. In dat geval is het mogelijk om de installatie stikstofarm, d.w.z. onder de grens van 0,05 mol/ha/jaar, te bouwen. Dat kan eventueel worden ondersteund met een onafhankelijk rapport.

Gedurende de gebruiksfase zal er geen stikstofuitstoot optreden. De functieverandering van de percelen is daarentegen juist gunstig voor de stikstofdepositie: afgezien van een onderhoudswagen die een keer per kwartaal het park bezoekt, zal er geen landbouwmaterieel het terrein bewerken. De stikstofuitstoot van de schapenbegrazing wordt uitgesloten door gebruik te maken van intern salderen. Een vergunning

GroenLeven Lange Marktstraat 5-7 8911 AD Leeuwarden T | 058 799 00 00 info@groenleven.nl

van de Wet natuurbescherming is daarom niet nodig. De ontwikkeling op het punt van provinciaal ruimtelijk natuurbeleid is niet in strijd met de Omgevingsverordening Drenthe.

2.1.3.3 Natuurnetwerk Nederland (NNN) Het Natuurnetwerk Nederland (hierna NNN) is het Nederlands netwerk van bestaande en nieuw aan te leggen natuurgebieden. Het netwerk moet natuurgebieden beter verbinden met elkaar en met het omringende agrarische gebied. De landbouwenclave heeft nu een agrarische bestemming, maar is op de ambitiekaart van het Natuurbeheerplan 2021 van provincie Drenthe aangegeven als natuurdoeltype N00.01 Nog om te vormen naar natuur. Het voorliggende project voorziet hierin. Voor een verdere toelichting wordt verwezen naar het bijgevoegde ecologische rapport. Op grond van de vigerende omgevingsverordening van de provincie Drenthe vormt het NNN geen belemmering voor de ontwikkeling van het initiatief.

2.1.3.4 Conclusie Het plan leidt zowel in de aanlegfase als in de gebruiksfase niet tot negatieve effecten op de instandhoudingsdoelen van Natura 2000-gebied Drents Friese Wold & Leggerderveld of andere in het kader van de Wet natuurbescherming beschermde Natura 2000-gebieden door verstoring of aantasting. Deze conclusie geldt voor zowel de aanleg als de gebruiksfase. Voor het project zijn geen vergunningen of ontheffingen in het kader van de Wet natuurbescherming nodig.

2.2

Bodem

2.2.1 Bodemkwaliteit Het plangebied bestaat uit akkerland. Het gebruik van het plangebied als natuurontwikkeling i.c.m. agrarisch natuurbeheer en duurzame energiewinning heeft geen invloed op de bodemkwaliteit of op een eventueel hernieuwd agrarisch gebruik in de toekomst. Het project voorziet niet in een functie/gebouw waarin voortdurend of nagenoeg voortdurend mensen zullen verblijven. Daarnaast zal er geen grond afgevoerd worden. Het grondverzet zal conform de geldende richtlijnen (o.a. bodemkwaliteitskaart en Besluit bodemkwaliteit) plaatsvinden. Er zijn geen aanvullende ontheffingen of toestemmingen nodig voor dit aspect.

2.2.2 Archeologie Uitgangspunt voor cultuurhistorisch erfgoed in de bodem vormt dat de waarde wordt behouden daar waar deze aangetroffen wordt. Afhankelijk van de archeologische verwachtingswaarde en de omvang van de werkzaamheden dient op grond van het archeologisch beleidskader van de gemeente Westerveld archeologisch onderzoek te worden verricht. In de archeologische beleidsadvieskaart het plangebied is voor een groot gedeelte de aanduiding lage verwachtingswaarde (zie figuur 6 voor locatie). Voor de zuidwesthoek van het plangebied geld een aanduiding van Middelhoge verwachting (Beekdal) zoals weergeven in onderstaande overzichtskaart.

GroenLeven Lange Marktstraat 5-7 8911 AD Leeuwarden T | 058 799 00 00 info@groenleven.nl

Figuur 6: Ligging van het plangebied in de archeologische beleidsadvieskaart van de gemeente Westerveld.

In het bestemmingsplan Buitengebied, agrarisch gebied van de gemeente Westerveld is voor het plangebied de dubbelbestemming waarde – archeologie 3 van toepassing. Voor gronden met de dubbelbestemming waarde – archeologie 3 geldt dat voorafgaand bodemroerende werkzaamheden groter zijn dan 1000 m2 en dieper dan 30 cm een archeologisch onderzoek nodig is. De bouwwerkzaamheden hebben een oppervlakte kleiner dan 1.000 m 2. De bouwwerkzaamheden betreft 18 transformatoren van elk 6,5 m2, wat in totaal een oppervlakte van 117 m2 betreft. De palen onder de opstellingen hebben een zeer gering oppervlakte omdat dit een gevormd staalprofiel is. Het staal is enkele millimeters dik. Door archeologisch deskundigen wordt geconcludeerd dat de palen van de opstellingen voor de zonnepanelen geen bodemverstorend effect hebben. Voor het hekwerk is eveneens de oppervlakte van de palen zeer beperkt. Voor de poorten zal ten hoogste een fundering van 4 m2 per poort nodig zijn. De bodemverstoring door bouwwerkzaamheden blijkt daarom ruim onder de in het bestemmingsplan aangegeven grens. Wat betreft de werken en werkzaamheden is dit anders. Voor de natuurontwikkeling en het duurzame energieopwekkingssysteem is grondroering noodzakelijk, o.a. voor de natuurvriendelijke oevers en de kabelsleuven. Figuur 7 geeft de graafwerkzaamheden binnen de locatie met middelhoge verwachting weer.

De gedetailleerde versie is bijgevoegd als bijlage D. De vergunning voor deze werkzaamheden is verleenbaar indien één of meer van de volgende voorwaarden in acht genomen wordt: 1. een verplichting tot het treffen van technische maatregelen, waardoor archeologische resten in de bodem kunnen worden behouden; 2. een verplichting tot het doen van archeologisch onderzoek door middel van opgravingen; 3. een verplichting de bouw van een bouwwerk te laten begeleiden door een deskundige op het terrein van de archeologische monumentenzorg; De werkzaamheden die onderdeel zijn van de vergunningaanvraag zijn ten opzichte van de archeologische beleidskaart. Deze kaart is als bijlage bijgevoegd als Bijlage D.

GroenLeven Lange Marktstraat 5-7 8911 AD Leeuwarden T | 058 799 00 00 info@groenleven.nl

Figuur 7: Graafwerkzaamheden binnen locatie met middelhoge verwachting.

Voor dit project is de verplichting onder sub 1 en 2 goed uitvoerbaar. Voorafgaand aan de start van de werkzaamheden wordt een inventariserend veldonderzoek uitgevoerd door een archeologisch en/of opgravingsbevoegde instantie op basis van een vooraf aan de gemeente overgelegd plan van aanpak. De bevindingen van het veldonderzoek binnen vier weken na afronding van het veldwerk en minimaal 2 weken voor de start van de werkzaamheden schriftelijk aan de gemeente ter beoordeling voorgelegd. Dit kan als voorschrift in de omgevingsvergunning worden opgenomen.

2.3

Water

Het planvoornemen betreft de realisatie van natuurontwikkeling i.c.m. agrarisch natuurbeheer en een duurzame energieopwekkingsysteem met een oppervlakte van circa 47 hectare. In de huidige situatie is het plangebied geheel onbebouwd en onverhard. Door de landschappelijke inpassing, waaronder de ecologische oevers en het dempen van twee sloten, heeft het plan mogelijk relevante gevolgen voor de waterhuishouding. Desondanks zal de waterhuishoudkundige situatie netto gelijk blijven, omdat de oppervlakte van de gedempte sloten wordt opgevangen door de bredere ecologische oevers. Daarnaast wordt er onder de zonnepanelen geen gesloten verharding aangelegd, waardoor het regenwater dat op de panelen valt onbelemmerd in de bodem kan infiltreren. Compensatie van verharding is daardoor ook niet aan de orde. De panelen en de constructie wordt uitgevoerd met niet-uitloogbare materialen. Daarnaast biedt het plan ook de kans om meer waterberging te creëren, aangezien het grondwater onder de installatie best hoger mag zijn. Hierbij is wel rekening gehouden met de beoogde habitattypen voor beschermde soorten, zoals de das. Aan de westkant van het plangebied ligt een A-watergang, dat aanzienlijk zal worden verflauwd zodat een 10-meter brede natuurvriendelijke oever kan ontstaan. Binnen deze zone worden geen zonnepanelen en bijbehorende voorzieningen van het energieopwekkingsysteem geplaatst.

Ook wordt er in de oeverzone geen beplanting aangebracht, die het onderhoud van de watergang belemmert. Wel

GroenLeven Lange Marktstraat 5-7 8911 AD Leeuwarden T | 058 799 00 00 info@groenleven.nl

zal de rand van de oever worden voorzien van een natuurwal met besdragend haagstruweel van circa 15 meter breed, een amfibiënpoel aan de noordzijde en twee natuurvriendelijke oevers midden in het plangebied.

Figuur 8: profiel struweelwal met flauwe natuurvriendelijke oever langs de Bosweg. In Bijlage E en Bijlage F zijn de te dempen en te graven watergangen met de daarbij behorende profielen weergegeven. Deze kaarten geven eveneens de oppervlakteverhardingen en de kabelsleuven voor de elektriciteitskabels weer. Onderstaande tabel geeft de oude waterbalans en de nieuwe waterbalans weer, waaruit blijkt dat voorgenomen werkzaamheden geen belemmerende of anderzijds negatieve invloed op de waterhuishouding hebben in het gebied.

Voor het dempen en graven van de watergangen is een vergunning voor het uitvoeren van werken en werkzaamheden aangevraagd. Ook wordt een vergunning in het kader van de Waterwet aangevraagd. De toetsing van deze laatste is de bevoegdheid van het waterschap. Oude situatie (insteek-insteek)

Nieuwe situatie (insteek-insteek)

Sloot 1 (zuid)

1896

1 Grote verbrede sloot (zuid)

10204,9

Sloot 2

209

2 Nieuwe sloot (zuid)

677

Sloot 3

2184

3 Nieuwe sloot (midden)

788

Sloot 4

2613

4 Nieuwe sloot (noord)

632

Sloot 5

1696,2

5 Kikkerpool (west)

160

Sloot 6

1524

Sloot 7

2178

12.461,9 m2

12.300,2 m2

2.4

Geluid

Voorgenomen werkzaamheden hebben geen verhoging van het geluidsniveau ter plaatse tot gevolg. De natuurontwikkeling i.c.m. agrarisch natuurbeheer en het duurzame energieopwekkingssysteem zorgt ook niet voor een substantiële verkeer aantrekkende werking, waardoor omliggende woningen hinder zouden kunnen ondervinden. Voor het onderhouden van het park zijn hooguit enkele tientallen

GroenLeven Lange Marktstraat 5-7 8911 AD Leeuwarden T | 058 799 00 00 info@groenleven.nl

verkeersbewegingen per jaar nodig, wat een te verwaarlozen effect heeft op de gevelbelasting van woningen nabij het plangebied. Akoestisch onderzoek naar wegverkeerslawaai (of spoorweglawaai) is niet aan de orde. Er zijn voor dit aspect geen ontheffingen of vergunningen nodig.

2.5

Reflectie

Door het verflauwen van de A-watergang aan de westkant van de locatie zou er meer reflectie ten aanzien van de weggebruikers van de bosweg kunnen optreden, maar dit wordt verwaarloosbaar geacht i.v.m. de struweelwal en de begroeiing aan de oeverzijde. Daarnaast worden zonnepanelen vaak in verband gebracht met de reflectie van licht. Moderne zonnepanelen hebben echter niet veel reflecties om de eenvoudige reden dat licht dat gereflecteerd wordt niet effectief is voor het opwekken van elektriciteit. Het percentage reflecties gaat om 3 à 5% bij een normale lichtinval. De reflecties (voor zover nog aanwezig) hangen daarbij af van de locatie (stand en hoogte spiegelend vlak) en de stand van de zon (de tijd en de tijd van het jaar). De hoek van de invallende lichtstraal bepaalt de hoek van de uitvallende lichtstraal. Wanneer de panelen vrij vlak (35 graden of minder) worden opgesteld, gaat de reflectie omhoog. Aangezien het tracker-systeem ervoor zorgt dat het zonnepaneel ten alle tijden op een hoek van 0 graden staat ten opzichte van de zon, aangezien het systeem met de zon mee draait, zal er ook geen sprake zijn van doorlichting. Daarnaast zal de dichte bosrand ten oosten en zuiden en de (aarden wal met) struweelhaag ten noorden en westen van het plangebied ervoor zorgen dat het resterende licht wordt tegengehouden door de vegetatie.

Met betrekking tot duisternis kan worden opgemerkt dat het project geen lichtuitstraling zal hebben, aangezien er op het terrein geen sprake is van verlichting. Hinder door reflectie en lichtuitstraling is door het geselecteerde energieopwekkingsysteem en de landschappelijke inrichtingsmaatregelen daarom niet te verwachten. Er zijn voor dit aspect geen ontheffingen of vergunningen nodig.

2.6

Lucht

De voorgenomen werkzaamheden voor de ontwikkeling van het energieopwekkingsysteem of de aanleg van de natuurwaarden hebben geen stikstofdepositie of fijnstof tot gevolg, aangezien er een zeer lage verkeer aantrekkende werking ontstaat. Er zal uitsluitend sprake zijn van sporadisch verkeer ten behoeve van onderhoud, controle en beheer. Op voorhand kan redelijkerwijs worden gesteld dat het initiatief niet leidt tot een verslechtering van de luchtkwaliteit. Omdat er geen sprake is van een gevoelige functie, is een onderzoek naar de achtergrondwaarden in het kader van het woon- en leefklimaat niet aan de orde. Er zijn voor dit aspect geen ontheffingen of vergunningen nodig.

2.7

Externe veiligheid

Gezien de aard van de beoogde functie is er geen sprake van een kwetsbaar of beperkt kwetsbaar object dan wel handelingen met gevaarlijke stoffen in de zin van het Bevi. Daarnaast zijn er in de toekomstige situatie geen personen permanent in het plangebied aanwezig. Hooguit is er sprake van incidentele aanwezigheid van personen voor het beheer en onderhoud van de zonnepanelen en het terrein. De planontwikkeling leidt niet tot een toename van personen. De wijziging is in het kader van het groepsrisico dan ook niet relevant te achten. Er zijn voor dit aspect geen ontheffingen of vergunningen nodig.

2.8

Inrichtingen

Het opwekken van elektriciteit door middel van zonnepanelen en transformatoren vormt een inrichting in de zin van de Wet milieubeheer. Het gaat om een type A-inrichting. De inrichting valt daarmee onder de werkingssfeer van het Activiteitenbesluit maar er is geen melding of omgevingsvergunning voor het onderdeel milieu nodig.

GroenLeven Lange Marktstraat 5-7 8911 AD Leeuwarden T | 058 799 00 00 info@groenleven.nl

2.9

Afweging (vormvrije) m.e.r.-beoordeling

Met betrekking tot het aspect van natuurontwikkeling wordt gewezen op de eerder opgestelde milieueffectrapportage en de daarop van toepassing zijnde aanvullingen (zie ook: Adviezen Commissiemer.nl). Het bevoegd gezag beschikt al over deze gegevens en bescheiden. Realisatie van projecten met zonne-energie worden niet in het Besluit milieueffectrapportage genoemd. Projecten met zonne-energie staan als zodanig niet op de D-, of C-lijst. De Afdeling Bestuursrechtspraak Raad van State heeft aangegeven dat voor de aanleg van een zonnepark geen vormvrije m.e.r.-beoordeling noodzakelijk is (jurisprudentie 19-09-2018 ECLI:NL:RVS:2019:2770). Er is geen sprake van geen stedelijk ontwikkelingsproject (D-11.2). De Afdeling oordeelt dat evenmin sprake is van een industriële installatie bestemd voor de productie van elektriciteit, stoom en warm water (D22.1). De milieueffecten van het project zijn inzichtelijk gemaakt. Daaruit blijkt dat deze zeer beperkt zijn. Er is geen aanleiding is voor het uitvoeren van een m.e.r.-beoordeling.

3

Maatschappelijke inpassing zonne-energie

Het project is passend in het bestemmingsplan en voor zover er aanvullende vergunningen nodig zijn, zijn deze verleenbaar. In dit hoofdstuk wordt naast de formele aspecten bij de aanvraag ingegaan op de maatschappelijke aspecten rondom het project.

3.1

Recreatie en informatievoorziening

GroenLeven vindt het belangrijk dat de omgeving mee kan profiteren van de nieuwe natuurontwikkeling in het gebied. Daarom wordt aan de noordzijde een recreatief uitkijkpunt gecreëerd, inclusief informatievoorziening voor geïnteresseerden. Daar zal in de eerste instantie dieper worden ingegaan op de voordelen van de combinatie tussen natuur en energie voor het verbeteren van de natuurwaarden in de gemeente Westerveld. De verwachting is namelijk dat zich een waardevol stuk nieuwe natuur gaat ontwikkelen, met voldoende foerageermogelijkheden voor soorten als de das en de boomleeuwerik. Om onrust van wandelaars, inclusief (loslopende) honden, te voorkomen wordt er wel gekozen voor een gesloten gebied, aangezien het voornamelijk rust vergt om deze soorten een geschikt thuis te geven.

3.2

Economische kansen voor ondernemers uit de regio

GroenLeven is tijdens de ontwikkeling altijd op zoek naar lokale bedrijven die met ons samen willen werken. Ook in de gemeente Westerveld zullen we expliciet op zoek gaan naar lokale bedrijven om de vele facetten van het project te realiseren. Bij de ontwikkeling van een nieuw natuurgebied, inclusief duurzaam opwekkingsysteem en agrarisch natuurbeheer, is veel expertise benodigd. Hierbij kan men denken aan een civiele partij voor de grondwerkzaamheden, hekwerken en dergelijke de herder voor de beweiding. Maar ook aan de monitoring en onderhoud van de elektrische systemen. GroenLeven heeft een samenwerking met het Biosintrum in Oosterwolde. De systeemkennis die wordt opgedaan zal met kennisinstituten worden gedeeld..

3.3

Financiële participatie

GroenLeven heeft ervaring in het ondersteunen van de verkoop van aandelen aan lokale energie coöperaties, bijv. bij zonnepark Garyp (Enerzjy Koöperaasje Garyp), drijvend zonnepark Bomhofsplas (energiecooperatie Blauwvinger Energie), zonnepark Oranjepoort in de gemeente Emmen en bij zonnepark Middelburg (Coöperatie Zonkracht Middelburg). Naast het verkopen van aandelen kan eigenaarschap ook anders worden vormgegeven, bijvoorbeeld door een deel van de financiering in te vullen via een in de groene sector gespecialiseerd crowdfundingsbedrijf, in de vorm van een obligatielening. Bij voldoende belangstellig is GroenLeven bereid om een deel van het park beschikbaar te stellen voor lokale investeerders.

3.4

Participatie

Sinds juli 2017 is met de gemeente gesproken over de mogelijkheden van ontwikkeling van de locatie. Het plan is besproken met de heer (Ronald Nijhof). In dat gesprek is door de gemeente aangegeven dat de projectlocatie in feite maar één ‘buurman’ heeft, zijnde Staatsbosbeheer. In het overleg is besproken dat voor inwoners uit de omgeving het zicht op de locatie vanaf de Bosweg van belang is.

GroenLeven Lange Marktstraat 5-7 8911 AD Leeuwarden T | 058 799 00 00 info@groenleven.nl

Dit belang was voldoende ingevuld door middel van de landschappelijke inpassing van het project. Met Staatsbosbeheer diende in het kader van de planvorming overleg plaats te vinden. Met Staatsbosbeheer is op de 10e januari 2019 het plan besproken. Dit was met de heer Herman Slot. Op vrijdag 8 maart 2019 reageerde de heer Slot dat het primaire doel wat Staatsbosbeheer betreft natuurontwikkeling is. De ontwikkeling van zonne-energie op deze locatie is uit te voeren beleid van de gemeente en de provincie en aan die overheden (e-mail 8 maart 2019). Op 22 april 2021 is eveneens met Staatsbosbeheer gesproken (met de heer Bert Hummelen). In dat overleg is de ontwikkelingsmogelijkheid van natuur met economische drager in de vorm van zonne-energie besproken. Dit komt overeen met de kansen die daarin door Staatsbosbeheer zijn gepubliceerd (https://www.staatsbosbeheer.nl/wat-we-doen/energie-opwekken/windenergie). De visie van de heer Hummelen is dat het primaire doel voor Staatsbosbeheer het verwerven van de gronden is. GroenLeven heeft aan Staatsbosbeheer (de heer Hummelen) aangeboden om het verwerven van de gronden gezamenlijk te doen. Op dat voorstel is geen reactie ontvangen. GroenLeven staat open voor diverse vormen van financiële participatie zoals ook eerder in deze toelichting is beschreven.

3.5

Economische uitvoerbaarheid

Er zijn geen gemeentelijke kosten (met uitzondering van de kosten voor het in procedure brengen van de omgevingsvergunning) aan het plan verbonden. De kosten die de gemeente maakt voor de procedure kunnen worden gedekt uit de leges. De kosten voor de uitvoering van het planvoornemen en daarmee samenhangende kosten komen voor rekening van de initiatiefnemer. GroenLeven is een gerenommeerde partij die al diverse zonne-stroominstallaties heeft gerealiseerd. GroenLeven heeft een goed inzicht in de kosten die gemoeid zijn met de realisatie van het project en kan deze ook dragen.

GroenLeven Lange Marktstraat 5-7 8911 AD Leeuwarden T | 058 799 00 00 info@groenleven.nl

4

Bijlagenboek

Bijlage A Bijlage B Bijlage C Bijlage D Bijlage E Bijlage F

Landschappelijk inpassingsplan natuurontwikkeling met energieopwekking Westerveld Plankaart natuurontwikkeling met energieopwekking Westerveld Natuurtoets natuurontwikkeling i.c.m. duurzame energieopwekking gem. Westerveld

Graafwerkzaamheden binnen locatie gemarkeerd als middelhoge verwachting. Technische tekening werken en werkzaamheden Dwarsprofielen werken en werkzaamheden

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Westerveld&id=f100c995-ec41-450b-97f2-3363bda52887