CConstaterende datWesterveld
Koppel je AI →
Document · PDF

EVALUATIE BRINQ 0.0

Politieke avond Westerveld 3 juni 2025, gemeente WesterveldBij agendapunt: Evaluatie BrinQ5.259 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

EVALUATIE

Titel:

Evaluatie BrinQ

Auteur:

Team Openbare Ruimte

Versie:

1.0

Organisatie:

Gemeente Westerveld

Opdrachtgever:

Gemeenteraad Westerveld

Datum:

Mei 2025

VOORWOORD De gemeente Westerveld heeft met de vaststelling van BrinQ in 2018 een koers ingezet waarin de beleving van de openbare ruimte door de inwoners centraal staat. Zes jaar later is het moment aangebroken om dit beleidsplan kritisch te evalueren. Deze evaluatie komt voort uit een opdracht van de gemeenteraad en vormt een belangrijk ijkpunt voor het beheer van de openbare ruimte binnen onze gemeente. BrinQ is meer dan een beleidsdocument; het is een visie die samen met inwoners tot stand is gekomen en waarin uitgangspunten als 'schoon, heel en veilig' richtinggevend zijn. Sinds 2020 is dit beleid financieel geborgd via de zogeheten knoppennotitie. De resultaten van deze evaluatie geven niet alleen inzicht in hoe het beleid op papier is vormgegeven, maar vooral hoe het in de praktijk wordt beleefd en uitgevoerd. In deze rapportage zijn drie hoofdlijnen onderzocht: de beleving van de openbare ruimte door onze inwoners, de ervaringen van beleidsmedewerkers met de uitvoering van het beleid, en de financiële onderbouwing van de keuzes die zijn gemaakt. Hoewel de respons op de enquête onder inwoners lager was dan gewenst, biedt deze waardevolle input en signalen voor mogelijke bijsturing. Met deze evaluatie leggen we de basis voor toekomstbestendig beleid en borging van kwaliteit in de openbare ruimte.

Eventuele vervolgstappen, zoals de herziening van de knoppennotitie, vragen om verdere besluitvorming. Wij danken iedereen die heeft bijgedragen aan deze evaluatie voor hun tijd, inzichten en betrokkenheid.

MANAGEMENTSAMENVATTING Deze evaluatie van BrinQ, het beleidsplan voor de openbare ruimte van de gemeente Westerveld, biedt inzicht in de mate waarin het beleid sinds de vaststelling in 2018 is uitgevoerd, beleefd en gefinancierd. Drie sporen zijn daarbij gevolgd: de beleving van inwoners, de uitvoering door beleidsmedewerkers en de financiële onderbouwing.

Inwonersperspectief Via een enquête zijn inwoners gevraagd naar hun ervaring met de openbare ruimte op het gebied van schoon, heel en veilig. Hoewel de respons met 128 deelnemers beperkt was, geeft de uitkomst een waardevol signaal. De algemene beoordeling ligt rond een 6,9, met relatief hoge scores voor sportparken en begraafplaatsen. Straten, fietspaden en sloten/bermen scoren het laagst. Bewoners vragen onder andere om beter onderhoud, betere verlichting, veiliger verkeer en meer afvalvoorzieningen. De term 'BrinQ' is bij een deel van de respondenten niet bekend als naam van het beleidsplan. Tegelijkertijd blijkt uit de antwoorden dat inwoners zich in de inhoud en de onderliggende doelen (schoon, heel en veilig) wél herkennen. Dit wijst op een mogelijke verbetering in de communicatie over de samenhang tussen naam en inhoud van het beleid. Beleidsinput Interviews met beleidsmedewerkers tonen een gemengd beeld. Enerzijds is sprake van voortgang, zoals bij het bomenbeleid en ecologisch groenbeheer. Anderzijds is er sprake van groeiende druk door extra taken en ontwikkelingen, zoals hogere kosten en strengere regelgeving. Ook het areaal is op verschillende vlakken toegenomen, vaak zonder structurele budgetverhoging. Dit heeft in sommige gevallen effect op de uitvoeringskwaliteit.

Financiële analyse De financiële evaluatie, op basis van gegevens over de periode 2020–2024 is uitgewerkt en tevens een doorkijk naar de jaren 2025 en 2026 (zie bijlage). Hierin is per vakgebied weergegeven hoe de budgetten zijn gewijzigd. De eerste jaren is er steeds gewerkt met een budget van ongeveer 3 miljoen, deze is in 2023 en 2024 opgehoogd naar ongeveer 5 miljoen. De oorzaak hiervoor is een hogere dotatie voorziening groot onderhoud (1,2 miljoen) en aanvullende budgetten voor achterstallig onderhoud bomen, groen en speeltoestellen (0,8 miljoen). Te concluderen is dat het budget de afgelopen jaren amper meegestegen is met prijsontwikkelingen en areaalgroei. Conclusie De evaluatie van BrinQ toont aan dat het beleidsplan in grote lijnen functioneert zoals bedoeld: het biedt een helder kader voor het beheer van de openbare ruimte waarbij schoon, heel en veilig centraal staan. Inwoners en beleidsmedewerkers herkennen zich in de kernwaarden, en de uitvoering voldoet in veel gevallen aan de gestelde normen. Wel zijn er per vakgebied enkele aandachtspunten naar voren gekomen. De staat van fietspaden en wegen vraagt nadrukkelijke aandacht, evenals speelvoorzieningen en verkeersveiligheid. Voor deze punten zijn echter al stappen gezet.

Zo is recent een afzonderlijk voorstel voor de speelvoorzieningen in procedure gebracht en is voor 2025 een investering van 800.000 euro opgenomen voor het verbeteren van de fietspaden.

Hoewel de term 'BrinQ' in de praktijk niet altijd expliciet wordt benoemd, sluiten de uitgangspunten goed aan bij het dagelijks werk. De doelen en uitgangspunten van het beleid worden over het algemeen herkend en breed onderschreven. De relatief beperkte respons op de enquête biedt ruimte voor vervolgonderzoek. Een bredere en meer representatieve raadpleging kan worden overwogen, mits hiervoor aanvullende middelen beschikbaar zijn. BrinQ blijft een waardevol beleidskader dat richting geeft aan het beheer van de openbare ruimte. De evaluatie biedt concrete handvatten voor verbetering en actualisering, en kan als basis dienen voor een eventuele herziening van de knoppennotitie. Voor verdere besluitvorming wordt geadviseerd de uitkomsten van dit rapport te benutten bij het opstellen van een mogelijke vervolgopdracht, zoals de Knoppennotitie 2.0

INHOUDSOPGAVE Voorwoord ...........................................................................................................3 Managementsamenvatting ......................................................................................4 1.

2.

3.

4.

5.

Inleiding ........................................................................................................7 1.1

Aanleiding ...............................................................................................7

1.2

Doelstelling .............................................................................................7

1.3

Leeswijzer ...............................................................................................8

Beleving van de burger ....................................................................................9 2.1

Onderzoeksaanpak ...................................................................................9

2.2

Resultaten enquête ..................................................................................9

Input beleidsvelden .......................................................................................11 3.1

Beleidswijzigingen sinds 2018 ..................................................................11

3.2

Evaluatie door beleidsmedewerkers ..........................................................11

3.3

Samenvatting uitkomsten interviews .........................................................12

Financieel HOOFDSTUK ..................................................................................14 4.1

BrinQ ....................................................................................................14

4.2

Uitgaven 2020 - 2024 .............................................................................14

4.3

Vergelijking budget en uitgaven ...............................................................17

4.4

Aanbevelingen voor toekomstig budget .....................................................17

Conclusies en aanbevelingen ...........................................................................18 5.1

Samenvatting bevindingen ......................................................................18

5.2

Aanbevelingen .......................................................................................18

BIJLAGEN ...........................................................................................................19 �

Financiële overzichten 2020-2026.............................................................19

�

Enquêteresultaten ..................................................................................19

1. INLEIDING

1.1 Aanleiding In 2018 heeft de gemeente Westerveld het beleidsplan BrinQ vastgesteld met als doel de openbare ruimte te beheren op basis van de drie kernwaarden: schoon, heel en veilig. Dit plan verving eerdere technische richtlijnen en richt zich vooral op de beleving van de gebruiker. In 2019 is vervolgens de eerste knoppennotitie opgesteld waarin per vakgebied de gewenste onderhoudsniveaus (laag, basis, hoog) zijn vastgelegd. Deze knoppennotitie werd vervolgens pas in 2020 verwerkt in de begroting. De daadwerkelijke uitvoering op basis van de financiële kaders kon daarmee pas vanaf 2020 goed worden gestart. Om die reden richt de financiële evaluatie zich op de periode 2020 tot en met 2024. Vanuit het coalitieprogramma is in de begroting 2024 de actie opgenomen om BrinQ te evalueren. In overleg met de wethouder is de oplevering van de evaluatie doorgeschoven naar kwartaal 2 van 2025. Hoewel in de begroting is aangegeven dat deze evaluatie als basis kan dienen voor een nieuwe knoppennotitie (Knoppennotitie 2.0), wordt die in het kader van deze opdracht nog niet opgeleverd. Wel is per onderdeel inzichtelijk gemaakt aan welke knop gedraaid is het afgelopen jaar. Bijvoorbeeld door het schrappen van onkruidbestrijding werd het budget plantsoenen naar beneden bijgesteld.

Voor bijvoorbeeld de ophoging budget speeltoestellen is een voorstel opgesteld waarbij dekking gevonden kan worden via een verhoging van de OZB. Andere bijstellingen van budgetten worden voorgelegd bij de eerste bestuursrapportage 2025 en de kadernota 2026. De evaluatie vormt dus nadrukkelijk een tussenstap en biedt inzicht in het verloop en de benodigde budgetten voor de toekomst. Indien op basis van deze evaluatie wordt besloten om een aangepaste knoppennotitie op te stellen, zal hiervoor een vervolgopdracht moeten worden verstrekt. De aanleiding voor deze evaluatie ligt in de wens om de in 2018 vastgestelde BrinQ-visie en de bijbehorende financiële uitwerking, zoals gepresenteerd in 2019 en opgenomen in de meerjarenbegroting, tegen het licht te houden. Door indexatie en de toevoeging van nieuwe taken is een evaluatie noodzakelijk. Het doel is om zowel de uitvoering van BrinQ te toetsen aan de beoogde doelen, als inzicht te verkrijgen in de financiële onderbouwing en de beleving van inwoners met betrekking tot het beheer van de openbare ruimte.

1.2 Doelstelling Het doel van deze evaluatie is om te beoordelen in hoeverre het beleidsplan BrinQ heeft bijgedragen aan een wenselijke situatie binnen de openbare ruimte. Dit wordt onderzocht aan de hand van drie hoofdonderdelen: 1. Beleving van de burger: Hoe ervaren inwoners de openbare ruimte? 2. Input beleid: Welke beleidswijzigingen hebben plaatsgevonden? 3. Financiële input: Hoe zijn de middelen besteed en is er voldoende budget?

Pagina 7 van 20

1.3 Leeswijzer Deze rapportage is opgebouwd uit vijf hoofdonderdelen: In hoofdstuk 1 wordt de aanleiding en doelstelling van de evaluatie toegelicht. Hierin staat beschreven waarom de evaluatie plaatsvindt, wat de context is, en waar de evaluatie zich inhoudelijk op richt. In hoofdstuk 2 staat de beleving van inwoners centraal. Aan de hand van een uitgevoerde enquête wordt inzicht gegeven in hoe inwoners de openbare ruimte ervaren, met aandacht voor de thema’s schoon, heel en veilig. Hoofdstuk 3 bevat de input van beleidsmedewerkers. Hierin wordt gereflecteerd op beleidswijzigingen, werkprocessen en de uitvoering van BrinQ vanuit verschillende vakdisciplines. In hoofdstuk 4 volgt de financiële analyse. Deze paragraaf richt zich op ontwikkelingen in budgetten, kosten en areaalgroei. Tot slot bevat hoofdstuk 5 de belangrijkste conclusies en aanbevelingen die volgen uit de voorgaande hoofdstukken. Deze zijn bedoeld als handvat voor besluitvorming over het vervolg van het BrinQ-beleid. Bijlagen bevatten aanvullende informatie, zoals de volledige uitkomsten van de enquête en eventuele achtergrondstukken die zijn gebruikt in de evaluatie.

Pagina 8 van 20

2. BELEVING VAN DE BURGER

2.1 Onderzoeksaanpak Om de ervaringen van inwoners in kaart te brengen, is begin januari 2025 een digitale enquête uitgezet onder bewoners van de gemeente Westerveld. In deze enquête werd gevraagd naar de beleving van de openbare ruimte op de drie centrale thema’s van het BrinQ-beleid: schoon, heel en veilig. Daarnaast konden inwoners aangeven welke onderdelen van de openbare ruimte volgens hen verbetering behoeven, en hun mening geven via open vragen. Het onderzoek is uitgevoerd met beperkte middelen. Om een zo hoog mogelijke respons te realiseren, is bewust gekozen om de enquête niet vlak voor de kerstperiode maar direct in januari te starten. Tijdens de looptijd zijn twee herinneringen verstuurd. De enquête is actief onder de aandacht gebracht via de gemeentelijke website en sociale media, en er zijn flyers met een QR-code verspreid via supermarkten in de vier kernen van Westerveld. Ook zijn dorpsbelangen actief ingezet om de enquête binnen hun netwerken te verspreiden. Hoewel deze aanpak veel inwoners heeft bereikt, is er vanuit kostenoverweging afgezien van een huisaan-huis verspreiding. Een bredere, representatievere raadpleging – bijvoorbeeld via fysieke post of telefonische enquêtes – vereist aanvullende middelen. De uiteindelijke respons bedroeg 128 deelnemers.

Gezien het aantal huishoudens in Westerveld (ongeveer 9.000) was een representatieve respons van circa 400 respondenten wenselijk geweest (ongeveer 5%). Ondanks de relatief lage respons is ervoor gekozen om de uitkomsten wel mee te nemen in deze rapportage, aangezien de antwoorden waardevolle inzichten bieden in hoe inwoners de openbare ruimte ervaren. De opzet van de enquête was bewust laagdrempelig en gericht op een brede doelgroep. Inwoners werd gevraagd naar hun beoordeling van diverse onderdelen van de openbare ruimte, zoals groenvoorzieningen, wegen, verlichting, sportparken en begraafplaatsen. Daarnaast konden zij via een puntensysteem aangeven waar volgens hen prioriteit moet worden gelegd. Ook werd kort toegelicht wat BrinQ inhoudt en hoe de onderhoudsniveaus (laag, basis, hoog) zich verhouden tot de termen schoon, heel en veilig. De volledige resultaten van de enquête zijn opgenomen in de bijlage bij dit rapport.

2.2 Resultaten enquête De enquête laat een genuanceerd beeld zien van de beleving van de openbare ruimte. Hieronder de gemiddelde scores per vakgebied: • Huidige algemene kwaliteit: 6,9 • Groen: 6,8 • Straten, fietspaden en wegen: 6,2 • Begraafplaatsen: 7,2 • Sportparken: 7,2 • Sloten en bermen: 6,3 • Verkeersveiligheid: 6,5 • Meubilair openbare ruimte: 6,6 • Wijzigingen openbare ruimte: 6,7

Pagina 9 van 20

Best scorende onderdelen: begraafplaatsen en sportparken. Minst goed beoordeeld: straten/fietspaden en sloten/bermen. Per dimensie zijn de volgende observaties te benoemen: • Schoon: gemiddeld een 6,9. Bewoners zijn redelijk tevreden, maar zwerfafval en gebrekkig onderhoud van groen worden regelmatig genoemd. • Heel: gemiddeld een 6,2. Vooral de slechte staat van wegen en fietspaden komt sterk naar voren als verbeterpunt. • Veilig: gemiddeld een 6,5. Verlichting en verkeerssituaties, met name op drukke fietsroutes, worden vaak genoemd als zorgpunt. Uit de open vragen blijkt verder: • De term BrinQ is niet bij alle inwoners onbekend. Wel herkennen zij zich in de inhoud en doelen ervan. • Veel inwoners uiten zorgen over de staat van speeltoestellen. Deze wens sluit aan bij een separaat voorstel voor verbetering van speelvoorzieningen. • Er wordt breed gepleit voor meer afvalbakken, handhaving op hondenpoep, en beter onderhoud van het openbare groen. • De relatief lage respons roept vragen op over de representativiteit. Toch geeft de respons van 128 inwoners, verspreid over verschillende kernen, een waardevolle en breed gedragen indruk van hoe de openbare ruimte beleefd wordt. Een uitgebreider beeld van wensen, zorgen en ideeën van inwoners is opgenomen in de bijlage bij dit rapport.

Pagina 10 van 20

3. INPUT BELEIDSVELDEN 3.1 Beleidswijzigingen sinds 2018 Sinds de vaststelling van BrinQ in 2018 en de financiële borging van de knoppennotitie in 2020, zijn binnen verschillende vakgebieden beleidswijzigingen en nieuwe accenten aangebracht. Dit betreft onder meer de herinrichting van speelterreinen, herprioritering binnen het wegenonderhoud, en aandacht voor ecologisch groenbeheer. Ook zijn op onderdelen de uitvoeringsnormen aangepast aan gewijzigde regelgeving of veranderde omstandigheden (zoals droogte of plaagdruk). De belangrijkste beleidsontwikkelingen sinds 2020 zijn: • Vergroening van plantsoenen en experimenten met biodiversiteitsbevordering • Invoering nieuw bomenbeleid (beheer en herplant) • Intensivering onderhoud civiele kunstwerken • Aandacht voor verkeersveiligheid in dorpskernen • Aanpak achterstallig onderhoud speelvoorzieningen

3.2 Evaluatie door beleidsmedewerkers Tijdens de interviews met beleidsmedewerkers en projectleiders is gebruikgemaakt van een gestandaardiseerde vragenlijst. Deze vragenlijst richtte zich op: • De afbakening van het vakgebied en bijbehorende verantwoordelijkheden • Ontwikkelingen in beleid en werkproces sinds 2018 • Beoordeling van de huidige staat van het vakgebied • Wijzigingen in financiering en areaalgrootte • Prijzen per m² of stuk in 2018 versus 2024 • Belangrijke externe invloeden (wet- en regelgeving, duurzaamheid, beschikbaarheid van materialen) • Ervaringen met BrinQ en behoefte aan aanpassing van onderhoudsniveaus • Persoonlijke beoordeling van het vakgebied met aanbevelingen ter verbetering Om een integraal beeld te krijgen van de uitvoering en knelpunten binnen BrinQ, is aan de beleidsmedewerkers en projectleiders gevraagd om te reflecteren op hun vakgebied. De resultaten van deze gesprekken geven inzicht in zowel praktische als strategische overwegingen binnen de uitvoering van BrinQ. De antwoorden worden samengevoegd en thematisch weergegeven in de volgende paragrafen.

• Ontwikkelingen/beleidswijzigingen/extra klussen periode 2020-2024 • Eigen beoordeling van de uitvoering van werkzaamheden • Uitgangspunten werkzaamheden en kwaliteitsniveaus • Invloed van nieuwe wet- en regelgeving op het werkveld • Advies voor toekomstig beleid (bij voorkeur met financieel component) De input uit deze gesprekken vormt een belangrijke bouwsteen in de evaluatie en wordt hieronder per vakgebied samengevat. De namen van individuele medewerkers zijn hierbij niet genoemd.

Pagina 11 van 20

3.3 Samenvatting uitkomsten interviews De interviews met beleidsmedewerkers en projectleiders geven een gemengd beeld van de toepassing en beleving van BrinQ in de praktijk. In sommige vakgebieden vormt BrinQ de basis voor het werkproces, terwijl in andere domeinen nauwelijks tot geen gebruik wordt gemaakt van het beleid. Factoren als beperkte bekendheid, onduidelijke normen en een gebrek aan meetbare richtlijnen spelen hierin een rol. Ook wordt vaak teruggevallen op eigen ervaring, inspectieresultaten of landelijke standaarden zoals CROW. Naast deze uiteenlopende werkwijzen blijkt uit de gesprekken dat veel vakgebieden te maken hebben met areaalgroei zonder structurele budgetverhoging, wat gevolgen heeft voor het onderhoudsniveau. In de interviews zijn per vakgebied belangrijke inzichten en aanbevelingen opgehaald. Deze zijn hieronder samengevat. Een meer gedetailleerde analyse is opgenomen in de bijlage bij dit rapport.

Water en riolering Binnen dit vakgebied wordt gewerkt op basis van inspecties, ervaring en functionele eisen zoals een goede afwatering. BrinQ vormt hierbij een van de kaders die richting geeft aan keuzes in onderhoud en prioritering. Tegelijkertijd wordt aangegeven dat er kansen liggen om informatie over kwaliteitsniveaus nog toegankelijker en concreter te maken, zodat deze beter aansluit bij de dagelijkse praktijk. Ook wordt het belang benadrukt van structurele samenwerking en voldoende middelen, om onder andere achterstanden in onderhoud te voorkomen. Voor de toekomst wordt geadviseerd om te investeren in meetbare normen en het indexeren van het onderhoudsbudget, om zo goed voorbereid te zijn op toekomstige uitdagingen. Groen, bomen, begraafplaatsen, sportvelden en speeltoestellen Binnen dit vakgebied zijn diverse beleidsplannen recent vastgesteld, waaronder het Bomenplan (2023) en het Bosplan (2022). De uitvoering hiervan verloopt volgens verwachting, maar het beschikbare budget staat onder druk vanwege areaaluitbreiding. De medewerker werkt vanuit BrinQ en de CROW-standaard niveau B, maar zou graag de lat hoger leggen op het gebied van duurzaamheid, biodiversiteit en klimaatadaptatie. Er is aandacht voor innovatie (bijv. robotmaaiers) en samenwerking met de buitendienst.

Hij adviseert om te investeren in eigen vakkrachten en het verhogen van de onderhoudsstandaard ten gunste van duurzaamheid. Wegen en kunstwerken Binnen dit vakgebied wordt gewerkt met inspectierapportages van externe partijen, die een belangrijke basis vormen voor de onderhoudsplanning. BrinQ biedt daarbij aanvullend kader. Tegelijkertijd is er behoefte aan meer objectieve en meetbare standaarden om de onderbouwing van keuzes verder te versterken, bijvoorbeeld via fotoregistratie. Er is aandacht voor het efficiënt inzetten van beschikbare middelen en het belang van preventief onderhoud wordt onderstreept. Vaker uitvoeren van klein onderhoud kan volgens de medewerker helpen om grotere herstelkosten op termijn te beperken. Verkeer, vervoer en wegmarkeringen Het onderhoud binnen dit domein wordt als overzichtelijk ervaren, mede doordat het veelal gaat om duidelijke elementen zoals verkeersborden. De zichtbaarheid en leesbaarheid vormen hierbij de belangrijkste criteria. De werkzaamheden worden uitgevoerd op basis van inspecties, met BrinQ als ondersteunend kader. Hoewel het areaal is toegenomen, blijft de uitvoering goed beheersbaar. De beleidsmedewerker geeft aan dat het huidige onderhoudsniveau passend is en ziet op dit moment geen noodzaak tot aanpassing. Wel vraagt de toenemende omvang van het areaal om blijvende aandacht voor prioritering.

Pagina 12 van 20

Projecten Projectleiders geven aan dat zij bij de ontwikkeling van projecten gebruikmaken van beleidskaders van vakinhoudelijke collega’s, waaronder BrinQ. Bij de overdracht van projecten naar de beheerfase ontstaat soms onduidelijkheid over het vervolgonderhoud. Omdat projecten vaak op hoog kwaliteitsniveau worden opgeleverd, is het belangrijk om tijdig afspraken te maken over beheer en onderhoud, zodat dit niveau behouden blijft. Het vooraf vastleggen van deze afspraken wordt gezien als een kans om kwaliteit en duurzaamheid beter te borgen op de lange termijn.

Pagina 13 van 20

4. FINANCIEEL HOOFDSTUK 4.1 BrinQ In het voorjaar van 2018 is ingestemd met de BrinQ-visie. Op basis van de financiële doorvertaling was er een bedrag van ruim € 3.100.000 nodig om uitvoering te geven aan BrinQ. Dit was op basis van een dotatie groot onderhoud van € 515.000. Na afstemming met de accountant bleek dat de dotatie groot onderhoud opgehoogd moest worden naar € 900.000. Het totaal benodigde bedrag was toen bijna € 3.500.000. Daarop is er opdracht gegeven tot de opstelling van een knoppennotitie en is gezocht naar mogelijkheden om een besparing van € 500.000 te realiseren. Deze besparing is met name gevonden door het onderhoud van sloten en bomen te faseren, door meer te werken met vrijwilligers en om alleen het bestaande budget speelterreinen te handhaven. De oorspronkelijke raming vanuit BrinQ, de knoppennotitie en de financiële verwerking in 2020 is in het volgende overzicht weergegeven.

Discipline

BrinQ

Knoppennotitie

Begraafplaatsen

€ 204.800

Bomen Groot onderhoud wegen

€ 332.500

-€ 133.500

€ 1.227.400

Budget

Budget

2019

2020

€ 204.800

€ 204.800

€ 189.000

€ 199.800

€ 733.500

€ 1.195.000

Wegbeheer/houtwallen

€ 253.545

-€ 200.000

€ 200.300

€ 56.800

Plantsoenen

€ 788.250

-€ 12.150

€ 775.500

€ 776.950

Sloten en bermen

€ 562.155

-€ 54.338

€ 155.600

€ 507.162

Speelplaatsen

€ 110.150

-€ 110.150

€ 18.400

€ 18.000

Verkeer en vervoer

€ 19.800

-€ 5.000

€ 38.100

€ 42.100

€ 3.498.600

-€ 515.138

€ 2.315.200

€ 3.000.612

Totaal

4.2 Uitgaven 2020 - 2024 Als bijlage is een overzicht van de uitgaven per jaar bijgevoegd. Dit overzicht toont aan dat de kosten voor het onderhoud van de openbare ruimte zijn gestegen. Dit komt door de reguliere prijsindexaties en met name door de gestegen dotatie voorziening groot onderhoud. Deze laatste is in 2023 met ruim € 1.000.000 opgehoogd om op termijn in staat te zijn de onderhoudslasten voor de wegen te kunnen financieren. Voor wat betreft de vakgebieden die onder BrinQ vallen bestond het budget in 2020 uit een bedrag van ongeveer €3.000.000 dit bedrag is gestegen tot ongeveer €5.400.000 in 2024. De voornaamste reden voor deze stijging is de hogere dotatie aan de voorziening voor groot onderhoud wegen, deze is gestegen van €895.000 in 2020 naar €2.065.000 in 2024. Een andere reden voor de stijging is het toevoegen van een aantal vakgebieden, namelijk Sportparken, Openbare verlichting en Civiele kunstwerken aan BrinQ aangezien deze vakgebieden ook bij de Openbare Ruimte horen. Voor wat betreft de uitputting van deze budgetten varieert het bestedingspercentage tussen 2020 en 2024 tussen de 96% en 102% (waarbij een % onder de 100% een onderbesteding is en boven de 100% een overbesteding is).

Pagina 14 van 20

Begraafplaatsen Aan het begin van BrinQ (2020) is voor het vakgebied Begraafplaatsen gestart met een budget van €204.800. Dit budget is door een structurele verhoging van €31.000 in 2022 in combinatie met indexaties over de jaren heen gestegen naar €266.000 in 2024. Vanwege wet- en regelgeving zijn alle bedragen inclusief BTW opgenomen. De structurele verhoging in 2022 is doorgevoerd doordat in de jaren daarvoor het budget structureel werd overschreden. Na deze verhoging zijn de werkelijke kosten binnen de vastgestelde budgetten gebleven. Bomen Aan het begin van BrinQ (2020) is voor het vakgebied Bomen gestart met een regulier budget van €199.800. In 2022 is er €142.274 in de voorjaarsrapportage incidenteel beschikbaar gesteld. Dit bedrag, evenals het structurele budget is grotendeels niet uitgegeven waarna een totaalbedrag van €297.802 is overgeheveld vanuit 2022 naar 2023. Vandaar dat het budget in 2023 significant hoger was en in 2022 significant lager. Daarna is bij vaststelling van het bomenplan in 2024 is voor een periode van 2 jaar (2024 en 2025) het budget verhoogd met €175.000. In 2024 zijn tevens incidentele bedragen beschikbaar gesteld om extra bomen aan te planten (om invulling te geven aan een amendement) en om stormschade op te ruimen.

Vanaf 2026 ontstaat er een structureel tekort van €175.000 voor het vakgebied Bomen omdat het extra budget slechts voor twee jaar beschikbaar is gesteld. Voor 2025 wordt in verband met contractuele indexaties een aanvraag gedaan (in de 1e Bestuursrapportage) om de budgetten met €2.000 te verhogen. Daarnaast wordt voor de kadernota 2026 een aanvraag gedaan om opnieuw € 175.000 beschikbaar te stellen zodat het bomenplan gecontinueerd kan worden. Groot onderhoud wegen Aan het begin van BrinQ (2020) is voor het vakgebied Wegen gestart met een budget van €332.400 voor klein onderhoud. Daarnaast bedroeg de dotatie aan de voorziening in dat jaar €895.000 waarmee het totale budget voor het vakgebied Wegen in 2020 €1.227.400 was. In 2020 is een deel van het budget overgeheveld naar de budgetten sloten en bermen, dit betrof de werkzaamheden maaien sloten en bermen. In 2023 is naar aanleiding van een bijgewerkte wegeninspectie de dotatie aan de voorziening verhoogd van €895.000 naar €2.065.000. Hiermee is het totale budget voor het vakgebied Wegen significant gestegen. In 2025 is opnieuw een wegeninspectie gedaan op basis van de uitkomsten van deze inspectie is te concluderen dat het areaal rijbaan met 441.000 m2 uitgebreid is. De doorrekening van de financiële gevolgen worden nog apart voorgelegd bij de begrotingsbehandeling.

Vooralsnog is de verwachting dat de aanpassingen in onderhoud binnen de bestaande budgetten opgevangen kunnen worden. Wegbeheer/Houtwallen Bij de start van BrinQ (2020) was het budget voor het vakgebied wegbeheer/houtwallen €200.300 bestaande uit budget voor dorpskracht en het vegen van molgoten. Het budget van dorpskracht is in 2020 overgegaan naar het vakgebied Sloten en bermen. Waarna het resterende budget €47.900 was voor het vegen van molgoten. Dit budget is door de loop der jaren gestegen tot een bedrag van €97.154. Pagina 15 van 20

Voor 2025 wordt in verband met contractuele indexaties een aanvraag gedaan (in de 1e Bestuursrapportage) om de budgetten met €4.000 te verhogen. Plantsoenen Bij de start van BrinQ (2020) was het budget voor het vakgebied Plantsoenen €776.100 en dit bedrag is in de periode tussen 2020 en 2024 gestegen naar €1.300.255. Het grootste gedeelte van dit bedrag is gerelateerd aan ROVA, als verantwoordelijke voor het beheer van de buitenruimte. De afgelopen jaren is er wel meermaals een onderbesteding geweest op het budget, doordat bepaalde werkzaamheden niet of in mindere mate waren uitgevoerd en hierdoor een bedrag terug is ontvangen van ROVA. Voor 2025 wordt in verband met contractuele indexaties een aanvraag gedaan (in de 1e Bestuursrapportage) om de budgetten met €52.000 te verhogen. Daarnaast is de indexatie in 2024 ten dele doorgevoerd, waardoor er gekozen is om de onkruidbestrijding in 2025 niet op te nemen in de uit te voeren werkzaamheden. Hiermee is het tekort gedekt van € 88.000. Sloten en bermen Bij de start van BrinQ (2020) was het budget voor het vakgebied Sloten en bermen €507.817, deels gevormd door overheveling budgetten vanuit onderhoud wegen, en dit budget is in de periode tussen 2020 en 2024 geïndexeerd waardoor het budget in 2024 uitkomt op €539.162.

Voor 2025 wordt in verband met contractuele indexaties een aanvraag gedaan (in de 1e Bestuursrapportage) om de budgetten met €10.000 te verhogen. Speelplaatsen Bij de start van BrinQ (2020) was het budget voor het vakgebied Speelplaatsen €18.000 en dit bedrag is door indexaties opgelopen tot structureel €20.761. Daarnaast zijn in 2024 incidenteel bedragen toegekend voor aanschaf speeltoestellen (€50.000) en het reinigen van valzand/valondergrond (€32.000). Vanuit de visie speeltoestellen is bij de integrale afweging bij de Kadernota 2026 is een aanvraag opgenomen om het budget voor speelplaatsen met ingang van 2026 structureel te verhogen met €125.000 voor het vervangen en opknappen van speelplaatsen. Verkeer en vervoer Bij de start van BrinQ (2020) was het budget voor het vakgebied Verkeer en vervoer €14.800. Dit budget is door de jaren heen structureel verhoogd tot een budget van €45.210 in 2024. Sportparken Het vakgebied Sportparken was geen onderdeel van de knoppennotitie BrinQ, echter is dit wel een onderdeel van de Openbare Ruimte. Bij de start van BrinQ (2020) was het budget voor het vakgebied Sportparken €142.000 en dit bedrag is door indexaties opgelopen tot €149.153 in 2024. Openbare verlichting Het vakgebied Openbare verlichting was geen onderdeel van de knoppennotitie BrinQ, echter is dit wel een onderdeel van de Openbare Ruimte.

Bij de start van BrinQ (2020) was het budget voor het vakgebied Openbare verlichting €41.800. Dit bedrag is in 2021 structureel verhoogd met €38.200 ter vervanging van defecte openbare verlichting, waarmee het totale budget voor Openbare verlichting €80.000 is geworden. Dit bedrag is in de daaropvolgende jaren geïndexeerd tot een bedrag van €92.694 in 2024. Pagina 16 van 20

Civiele kunstwerken Het vakgebied Civiele kunstwerken was eveneens geen onderdeel van de knoppennotitie BrinQ, maar zeker onderdeel van de Openbare Ruimte. Sinds de start van BrinQ (2020) is het budget, dotatie voorziening groot onderhoud, stabiel gebleven op € 130.000. De afgelopen jaren is op basis van inspecties wel besloten een aantal bruggen te vervangen, hiervoor is steeds krediet aangevraagd. Door de hogere afschrijvingslasten is het budget gestegen naar € 139.000. In 2025 is opnieuw een inspectie gedaan. De doorrekening van de financiële gevolgen worden nog apart voorgelegd bij de begrotingsbehandeling. Vooralsnog is de verwachting dat de aanpassingen in onderhoud binnen de bestaande budgetten opgevangen kunnen worden.

4.3 Vergelijking budget en uitgaven Jaar

Begroot

Werkelijk

Verschil

Percentage

2020

€ 3.359.462

€ 3.422.632

-/- € 63.170

102%

2021

€ 3.217.205

€ 3.164.923

€ 52.282

98%

2022

€ 3.361.042

€ 3.234.075

€ 126.967

96%

2023

€ 5.188.969

€ 5.212.101

-/- € 24.132

100%

2024

€ 5.494.425

€ 5.364.924

€ 129.501

98%

4.4 Aanbevelingen voor toekomstig budget Op basis van de cijfers van afgelopen jaren is te concluderen dat het de afgelopen jaren gelukt is om binnen budget de juiste invulling te geven aan het onderhoud. Daarbij wordt met name risicogericht gewerkt. Met name bij bomen, plantsoenen en speelplaatsen is te zien dat er daardoor steeds vaker incidenteel geld nodig is om bepaalde problemen op te lossen. Dit had wellicht voorkomen kunnen worden door structureel hoger budget toe te kennen. Daarnaast laten de ontwikkelingen in de markt zien dat de laatste jaren prijsstijgingen van meer dan 10% op bijvoorbeeld asfalt, straatstenen geen uitzonderingen waren. Deze prijsstijgingen zullen voor de toekomst vertaald moeten worden in aanvullend budget. De prijsindexaties kunnen naar verwachting gedekt worden via de financiële middelen vanuit de meicirculaire. Voor een aantal onderdelen zoals speeltoestellen en bomen zijn separate raadsvoorstellen opgesteld, deze worden meegenomen in de integrale afweging bij de kadernota. Indien er op een aantal onderdelen geen budget beschikbaar komt, gaan we in eerste instantie prioriteren. Dat wil zeggen dat de onderdelen waarop het meest risico gelopen wordt opgepakt worden en de andere onderdelen uitgesteld. Het uitstellen van onderhoud echter heeft als gevolg dat er op termijn vaak hogere kosten gemaakt moeten worden.

Ook het bezuinigingen op investeringen door bijvoorbeeld een weg aan te leggen op een zandbed in plaats van een puinbed heeft als gevolg dat de aanleg minder duurzaam is, ook qua onderhoud, maar wel goedkoper in aanleg.

Pagina 17 van 20

5. CONCLUSIES EN AANBEVELINGEN 5.1 Samenvatting bevindingen De evaluatie wijst uit dat het beleidsplan BrinQ in grote lijnen effectief is gebleken. Zowel inwoners als beleidsmedewerkers onderschrijven de kernwaarden schoon, heel en veilig, en BrinQ wordt in de praktijk grotendeels als richtinggevend en uitvoerbaar ervaren. Op veel onderdelen wordt voldaan aan het beoogde onderhoudsniveau. Daarbij geldt dat in een aantal gevallen reeds beleid is aangepast of aanvullende middelen zijn toegekend, zoals: - De ontwikkeling van een nieuwe visie op speelvoorzieningen - Een gereserveerd budget van €800.000 voor verbetering van fietspaden vanaf 2025 Wel zijn er aandachtspunten: - Fietspaden, wegen en sloten/bermen worden door inwoners als matig beoordeeld - De communicatie over BrinQ kan worden verbeterd, met name rondom de herkenbaarheid van het beleid - De huidige onderhoudsniveaus sluiten niet altijd aan bij de verwachtingen en gebruiksintensiteit van de openbare ruimte - Financieel gezien is de laatste jaren vaak incidenteel budget toegekend voor bomen, plantsoenen en speelplaatsen, dit zorgt op korte termijn voor hogere kosten. Door onderhoud beter te spreiden en door structureel meer budget toe te kennen, zorgt dit op de lange termijn voor lagere kosten.

5.2 Aanbevelingen Op basis van de bevindingen worden de volgende aanbevelingen gedaan:

• Versterk de communicatie over de kwaliteit van de openbare ruimte, met focus op het toelichten van de doelen en effecten van het beleid. Heldere communicatie kan bijdragen aan een breder begrip en draagvlak. •

Zet de ingezette beleidslijnen voort, zoals de uitvoering van het bomenplan en de verbetering van fietspaden.

•

Overweeg een bredere inwonerraadpleging via een huis-aan-huis enquête. Hiervoor zijn aanvullende middelen nodig.

•

Stel vast of er bijstelling nodig is van onderhoudsniveaus, met name in druk gebruikte gebieden, op basis van zowel inwonersinput als technische analyse.

•

Overweeg op termijn een vervolgopdracht tot herziening van de knoppennotitie (Knoppennotitie 2.0), gebaseerd op deze evaluatie en aanvullende financiële inzichten.

•

Leg nadruk op monitoring en data om ontwikkelingen in areaal, kosten en kwaliteit beter in beeld te houden en tijdig bij te kunnen sturen.

Pagina 18 van 20

BIJLAGEN

1.

Financiële overzichten 2020-2026

2.

Enquêteresultaten

Pagina 19 van 20

Pagina 20 van 20

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Westerveld&id=6203e905-598e-4709-a0a6-8146a1bc1538