Bijlage 4 Toelichting Aerius berekening aanvraag Natura 2000 activiteit
Tekst van het document
Toelichting AERIUSberekeningen ____ Lange Drift 6 te Wateren
Onderneem het zeker.
deomgevingsadviseurs.nl
Colofon Toelichting aanvraag Natura 2000activiteit
Datum: 13 mei 2025 Versie: Definitief ____
In opdracht van: Maatschap M.G.J.M. Verbaarschot en J.F.L. Verbaarschot-van der Horst Lange Drift 6 8438SE te Wateren ____
Opgesteld door: De Omgevingsadviseurs Dokter Stolteweg 2 8025 AV Zwolle deomgevingsadviseurs.nl Stefan ten Pierik 📞 06-57843338 ✉ s.tenpierik@deomgevingsadviseurs.nl ____
Gecontroleerd door: Cindy Seinen - Dekker ____ De vermelde medewerkers in deze rapportage gaan akkoord met openbaring van zijn of haar persoonsgegevens in het kader van de AVGprivacy wetgeving.
Inhoudsopgave 1.1
Projectvoornemen ..................................................................................................................... 4
1.2
Afstand tot Natura 2000-gebieden ............................................................................................ 4
2
Referentiesituatie 2.1
Dieren ........................................................................................................................................ 5
2.2
Emissie mestsilo ....................................................................................................................... 5
2.3
Extern verkeer, manoeuvreren, stationair ................................................................................. 6
2.4
Koude starts .............................................................................................................................. 6
2.5
Intern verkeer ............................................................................................................................ 7
2.6
Overige bronnen ....................................................................................................................... 7
3
4
5
Beoogde situatie
9
3.1
Dieren ........................................................................................................................................ 9
3.2
Mestsilo ..................................................................................................................................... 9
3.3
Extern verkeer, manoeuvreren, stationair ............................................................................... 10
3.4
Koude starts ............................................................................................................................ 10
3.5
Intern verkeer .......................................................................................................................... 10
3.6
Overige bronnen ......................................................................................................................11 Conclusie
12
3/13
Inleiding
1.1
Projectvoornemen
Initiatiefnemer heeft een veehouderij gelegen aan de Lange Drift 6 in Wateren. Initiatiefnemer neemt op deze locatie deel aan de Landelijke Beëindigingsregeling Veehouderijen met piekbelasting (Lbv-plusregeling). De veehouderijactiviteiten worden definitief gestaakt. Het bedrijf zal worden voortgezet als kleinschalig, extensief akkerbouwbedrijf. Op de huidige bedrijfslocatie worden enkel nog machines gestald ten behoeve van het akkerbouwbedrijf. Ten behoeve van de uitvoering van het Lbv-traject wordt de ligboxenstal gesloopt. De jongveestal blijft behouden als werktuigenberging annex hobbydierenstal. Op de plaats van de huidige mestsilo wordt een compensatiewoning gerealiseerd. Onderdeel van de Lbv-regeling is dat maximaal 15% van de vergunde stikstofemissie ingezet mag worden om de nieuwe bedrijfsactiviteiten te realiseren (o.a. sloop stallen en bouw nieuwe bedrijfsgebouwen) en te exploiteren. In dit rapport wordt inzichtelijk gemaakt welk deel van de natuurtoestemming ingetrokken kan worden, en welk deel nog nodig is ten behoeve van de vervolgfunctie. Deze toelichting inclusief bijlagen en AERIUS-berekeningen dienen dan ook als onderbouwing voor de Natura 2000-activiteit uit artikel 5.1, eerste lid, sub e. van de Omgevingswet.
1.2
Afstand tot Natura 2000-gebieden
Rondom de projectlocatie liggen enkele Natura 2000-gebieden. Het meest nabijgelegen stikstofgevoelige Natura 2000-gebied is het Drents-Friese Wold & Leggerveld, gelegen op ongeveer 350 meter van het bedrijf. Overige gebieden in de omgeving van het bedrijf zijn onder ander het Holtingerveld 1 (9,6 km ten zuiden van de projectlocatie), en het Dwingelerveld (12,2 km ten zuidoosten van de projectlocatie). In figuur 1 is de ligging van de projectlocatie ten opzichte van de Natura 2000-gebieden weergegeven. Omdat het bedrijf binnen 3 kilometer van een Natura 2000-gebied ligt, is gebouwinvloed meegenomen in de AERIUS-berekeningen.
Figuur 1: Situering Lange Drift 6 ten opzichte van Natura 2000-gebied
4/13
2
Referentiesituatie
2.1
Dieren
Wanneer een bedrijf nog niet beschikt over een onherroepelijke toestemming op basis van de Natuurbeschermingswet 1998 (Nbw), Wet natuurbescherming (Wnb) of de Natura 2000-activiteit onder de Omgevingswet, geldt als referentie voor het aspect natuur de kleinste qua milieu vergunde situatie sinds de vroegste relevante aanwijsdatum van de Natura 2000-gebieden in de omgeving. Immers, vanaf het moment dat een gebied onder de werkingssfeer van de Habitatrichtlijn valt, mogen er geen ontwikkelingen plaatsvinden met significant negatieve gevolgen voor het betreffende gebied. In deze situatie betreft de vroegste relevante aanwijsdatum 10 juni 1994, waardoor de kleinste qua milieu vergunde situatie sinds die datum inzichtelijk gemaakt dient te worden.
2.1.1 Melding Besluit landbouw milieubeheer, 28 september 2009 De gemelde ammoniakemissie in de milieumelding van 28 september 2009 is het laagste sinds de eerste Natura 2000-gebieden onder de werkingssfeer van de Habitatrichtlijn zijn komen te vallen op 10 juni 1994. De milieutoestemming van 28 september 2009 vormt dus de referentiesituatie voor aanvraag van een omgevingsvergunning voor de Natura 2000-activiteit
Melding AmvB landbouw
28-9-2009 stalsysteem
emissiestal punt
2
4
5
diercategorie
aantal dieren
H-code
2
vrouwelijk jongvee jonger dan 2 jaar, diercategorie fokstieren jonger dan 2 jaar
25
4
melk- en kalfkoeien van 2 jaar en ouder (inclusief kalveren jonger dan 14 dagen)
5
vrouwelijk jongvee jonger dan 2 jaar, diercategorie fokstieren jonger dan 2 jaar
ammoniak
omschrijving
NH3 per plaats*
kg NH3 totaal
HA2.100
Overige huisvestingssystemen
4,4
110,0
85
HA1.100
Overige huisvestingssystemen
13
1.105,0
21
HA2.100
Overige huisvestingssystemen
4,4
92,4
Totaal:
1.307,4
OW-code
* emissie in kg NH3 per dierplaats per jaar volgens bijlage V en VI bij de Omgevingsregeling
Tabel 1: Dierbezetting en stalsystemen milieumelding 28 september 2009
2.2
Emissie mestsilo
5/13
In de referentiesituatie is op het bedrijf tevens een drijfmestsilo aanwezig. Deze heeft een diameter van 23 meter. Navolgend wordt de berekende emissie uit de silo weergegeven. Emissie mestsilo (BIJ12)*
Gebruiksdagen
Diameter Oppervlak silo (m1) silo (m2)
Silo met rundveemest 365 23,0 415,48 * De emissie van een mestsilo is afhankelijk van de oppervlakte van deze silo. De emissiefactor is bepaald door De Bode in 1987. Het vervluchtingspercentage betreft 15%.
Emissiefactor (g/u/m2) 0,235 Som NH3emissie (kg/jaar):
NH3emissie (kg/j) 128,29 128,29
Tabel 2 Emissie mestsilo
2.3
Extern verkeer, manoeuvreren, stationair
Naast de stalemissies hebben wij ook de uitstoot van de relevante verkeersbewegingen opgenomen in AERIUS. Dit zijn onder andere verkeersbewegingen van personenauto’s, tractoren, vrachtauto’s en bedrijfsbusjes. Ieder voertuig staat gelijk aan twee verkeersbewegingen, er is namelijk steeds sprake van een heenrit en een terugrit. Verder zijn in de AERIUS-berekeningen de emissies van het manoeuvreren en het stationair draaien van deze voertuigen opgenomen. Manoeuvreren vindt bijvoorbeeld plaats wanneer de vrachtauto op het erf naar de goede voersilo rijdt. Stationair draaien vindt bijvoorbeeld plaats wanneer de vrachtauto stil staat, en de chauffeur bezig is met de administratie. In navolgende tabel zijn de externe verkeersbewegingen in deze situatie opgenomen. Externe vervoersbewegingen, stationair draaien · Referentiesituatie
Emissiefactoren
type verkeer
vervoersbewegingen per jaar
draaitijd stationair stationair Nox (g/u) NH3 (g/u) (u/j)
Personenauto's
Licht
200
4,9
4,24
Inseminator auto
Licht
240
5,9
4,24
Veehandelaar (auto met veewagen)
Middel
52
1,3
Veearts met auto
Licht
36
Bedrijfsbusje divers
Middel
Kunstmest strooien
Emissies stationair draaien
Nox (kg/j)
NH3 (kg/j)
0,17
0,02
0,00
0,17
0,03
0,00
64,65
0,71
0,08
0,00
0,9
4,24
0,17
0,00
0,00
124
3,1
64,65
0,71
0,20
0,00
Zwaar
50
1,2
92,49
0,90
0,11
0,00
Diverse landwerkzaamheden
Zwaar
232
5,7
92,49
0,90
0,53
0,01
Inkuilen, X keer per jaar, X trekkers
Zwaar
120
3,0
92,49
0,90
0,27
0,00
Bemesten, X keer per jaar
Zwaar
286
7,0
92,49
0,90
0,65
0,01
Vrachtwagen krachtvoer
Zwaar
30
0,7
92,49
0,90
0,07
0,00
Vrachtwagen kunstmest
Zwaar
6
0,1
92,49
0,90
0,01
0,00
Vrachtwagen gasolie
Zwaar
6
0,1
92,49
0,90
0,01
0,00
Vrachtwagen mest afvoer
Zwaar
26
0,6
92,49
0,90
0,06
0,00
Vrachtwagen divers
Zwaar
40
1,0
92,49
0,90
0,09
0,00
Vrachtwagen dieren ophalen/ontvangen
Zwaar
86
2,1
92,49
0,90
0,20
0,00
Vrachtwagen melk halen
Zwaar
244
6,0
92,49
0,90
0,56
0,01
Totaal:
2,90
0,03
Tabel 3 Externe vervoersbewegingen en stationair draaien referentiesituatie
2.4
Koude starts
Sinds de introductie van AERIUS 2024 op 1 oktober 2024 moeten de emissies tijdens koude starts van motoren separaat opgenomen worden in de AERIUS-berekeningen. Een voertuig heeft twee vervoersbewegingen. Binnen
6/13
2 uur vertrekt 0% van de voertuigen weer van het perceel. Het aantal voertuigen met een koude start betreft dus 50% van 100% van de vervoersbewegingen, ofwel 50%. Navolgend zijn de koude starts in deze situatie opgenomen.
Emissiefactoren koude start
type verkeer
vervoersbewegingen per jaar
koude starts per jaar
Personenauto's
Licht
200
20,0
0,27
Inseminator auto
Licht
240
24,0
0,27
Veehandelaar (auto met veewagen)
Middel
52
5,2
Veearts met auto
Licht
36
Bedrijfsbusje divers
Middel
Kunstmest strooien
Zwaar
Diverse landwerkzaamheden Inkuilen, X keer per jaar, X trekkers
Koude starts · Referentiesituatie
Emissies koude start
Nox (g/x) NH3 (g/x)
Nox (kg/j)
NH3 (kg/j)
0,04
0,01
0,00
0,04
0,01
0,00
18,77
0,21
0,10
0,00
3,6
0,27
0,04
0,00
0,00
124
12,4
18,77
0,21
0,23
0,00
50
5,0
23,83
0,29
0,12
0,00
Zwaar
232
23,2
23,83
0,29
0,55
0,01
Zwaar
120
12,0
23,83
0,29
0,29
0,00
Bemesten, X keer per jaar
Zwaar
286
28,6
23,83
0,29
0,68
0,01
Vrachtwagen krachtvoer
Zwaar
30
3,0
23,83
0,29
0,07
0,00
Vrachtwagen kunstmest
Zwaar
6
0,6
23,83
0,29
0,01
0,00
Vrachtwagen gasolie
Zwaar
6
0,6
23,83
0,29
0,01
0,00
Vrachtwagen mest afvoer
Zwaar
26
2,6
23,83
0,29
0,06
0,00
Vrachtwagen divers
Zwaar
40
4,0
23,83
0,29
0,10
0,00
Vrachtwagen dieren ophalen/ontvangen
Zwaar
86
8,6
23,83
0,29
0,20
0,00
Vrachtwagen melk halen
Zwaar
244
24,4
23,83
0,29
0,58
0,01
Totaal:
3,03
0,04
Tabel 4 Berekening emissies koude starts referentiesituatie
2.5
Intern verkeer
Naast extern verkeer is er sprake van intern verkeer op het bedrijf. Bijvoorbeeld het rijden met tractoren en het laden en lossen van vrachtauto’s met een belast draaiende motor. Dit betreft onder andere het lossen van voer in de voersilo. De emissies van het interne verkeer zijn berekend met de AUB-methode uit de Instructie Gegevensinvoer voor de AERIUS Calculator. In navolgende tabel zijn deze weergegeven.
Interne vervoersbewegingen · Referentiesituatie
Brandstof
STAGEklasse
Totale emissie per jaar (kg) AUB-type
BrandstofDraaitijd AdBlue verbruik verbruik (l/j) (u/j) (l/j)
142,96
0,80
Nox (kg/j) NH3 (kg/j)
Tractor, 69,8 kW, bouwjaar 2004
Diesel
Stage-II
X
450
3575
-
109,50
0,03
Tractor, 73,4 kW, bouwjaar 2023
Diesel
Stage-V
D
450
3212
192
19,93
0,77
-
13,53
0,00
Totaal:
142,96
0,80
Shovel, 20,6 kW, bouwjaar 2018 Diesel Stage-IV A 250 614 Berekend a.h.v. de AUB-methode, zoals beschreven in de Instructie Gegevensinvoer voor de AERIUS Calculator en TNO-rapportage 2021-R12305.
Tabel 5: Interne vervoersbewegingen referentiesituatie
2.6
Overige bronnen
Navolgend is het gasverbruik van het bedrijf in de vigerende situatie weergegeven.
7/13
Aardgasgestookte installaties
Gasverbruik (m3/j)
NOx emissie (mg/m3)*
Boiler 1.295 808,5 De AERIUS-norm voor rookgas is 11,55 m³ per m³ Som NOxaardgas. De maximale NOx-uitstoot is 70 mg/m³ rookgas emissie (art. 4.36 Bal), omgerekend dus 808,5 mg/m³ aardgas. (kg/j)
Som NOx emissie (kg/j) 1,05 1,05
8/13
3
Beoogde situatie
In de beoogde situatie wordt de natuurtoestemming geactualiseerd en worden de volgende wijzigingen in de bedrijfsvoering doorgevoerd ten opzichte van de referentiesituatie:
Realisatie compensatiewoning (Rood-voor-rood-traject) Het houden van landbouwhuisdieren wordt definitief beëindigd Er worden hobbymatig nog enkele runderen (bijvoorbeeld Schotse Hooglanders) en schapen voor het begrazen van de gronden rondom de bedrijfsgebouwen gehouden. Deze zijn niet bedoeld voor de productie van vlees, melk en/of wol, en zijn daarom niet aan te merken als landbouwhuisdier. Het optimaliseren van de bedrijfsvoering.
Voor de activiteiten na deelname aan de Lbv+-regeling kan maximaal 15% van de vigerende stikstofemissie behouden blijven, zoals volgt uit artikel 5, eerste lid, sub f., onder 2°, van de betreffende regeling.
3.1
Dieren
Navolgend wordt de maximale dierbezetting in de beoogde situatie weergegeven. Deze dieren worden gehouden voor het begrazen van de grond rondom de bedrijfsgebouwen, c.q. rondom het Natura 2000-gebied. De dieren worden niet gehouden voor de productie van bijvoorbeeld vlees, melk en/of wol, en zijn daarom niet aan te merken als landbouwhuisdier. Fokkerij met de dieren vindt plaats ter behoud van de populatie op het bedrijf zelf en ter behoud van de (zeldzame) dierrassen in het algemeen. Aangezien het houden van dieren wel emissies met zich meebrengt, zijn deze opgenomen in de AERIUS-berekeningen behorende bij de aanvraag. Qua emissie per dier is aangesloten bij de normen die voor dezelfde diersoorten gelden op grond van bijlage V bij de Omgevingsregeling.
Hobbydieren beoogde situatie stalsysteem Gebouw
diercategorie
aantal dieren
H-code
5
overig rundvee van 2 jaar en ouder
9
5
schapen van 1 jaar en ouder (inclusief lammeren)
5 5
ammoniak
omschrijving
NH3 per plaats*
kg NH3 totaal
HA6.100
Overige huisvestingssystemen
6,2
55,8
9
HB1.100
Overige huisvestingssystemen (beweiden)
0,7
6,3
voedster (konijn)
12
HK1.100
Overige huisvestingssystemen
1,2
14,4
paarden van 3 jaar en ouder
4
HL1.100
Overige huisvestingssystemen
5
20,0
Totaal:
96,5
* emissie in kg NH3 per dierplaats per jaar volgens bijlage V en VI bij de Omgevingsregeling
Tabel 6 Beoogde situatie
3.2
Mestsilo
In de beoogde situatie is geen mestsilo meer op het bedrijf aanwezig. De huidige jongveestal (stal 2 + 5) blijft in de beoogde situatie behouden. Hier worden machines ten behoeve van het akkerbouwbedrijf in gestald en het gebouw wordt gebruikt als schuilstal voor de hobbydieren die de gronden rondom het bedrijf begrazen. Er blijft dus sprake van een dierenverblijf met daaronder een mestopslag.
9/13
3.3
Extern verkeer, manoeuvreren, stationair
Ook van de beoogde situatie zijn de externe verkeersbewegingen opgenomen in de AERIUS-berekeningen. De externe verkeersbewegingen zijn weergegeven in navolgende tabel. Daarnaast zijn ook het manoeuvreren op het erf en het stationair draaien van wegvoertuigen op het terrein opgenomen in de berekeningen. Externe vervoersbewegingen, stationair draaien · Beoogde situatie
Emissiefactoren
type verkeer
vervoersbewegingen per jaar
draaitijd stationair stationair Nox (g/u) NH3 (g/u) (u/j)
Personenauto's
Licht
150
3,7
4,24
Bedrijfsbusje divers
Middel
44
1,1
64,65
Kunstmest strooien
Zwaar
20
0,5
Diverse landwerkzaamheden
Zwaar
82
Vrachtwagen gasolie
Zwaar
6
Vrachtwagen divers
Zwaar
Vrachtwagen mest aanvoer Akkerbouwgewassen ophalen
Emissies stationair draaien
Nox (kg/j)
NH3 (kg/j)
0,17
0,02
0,00
0,71
0,07
0,00
92,49
0,90
0,05
0,00
2,0
92,49
0,90
0,19
0,00
0,1
92,49
0,90
0,01
0,00
10
0,2
92,49
0,90
0,02
0,00
Zwaar
80
2,0
92,49
0,90
0,18
0,00
Zwaar
120
3,0
92,49
0,90
0,27
0,00
Totaal:
0,81
0,01
Tabel 7 Verkeersbewegingen en stationair draaien beoogde situatie
3.4
Koude starts
Sinds de introductie van AERIUS 2024 op 1 oktober 2024 moeten de emissies tijdens koude starts van motoren separaat opgenomen worden in de AERIUS-berekeningen. Een voertuig heeft twee vervoersbewegingen. Binnen 2 uur vertrekt 0% van de voertuigen weer van het perceel. Het aantal voertuigen met een koude start betreft dus 50% van 100% van de vervoersbewegingen, ofwel 50%. Navolgend zijn de koude starts in deze situatie opgenomen. Emissiefactoren koude start
type verkeer
vervoersbewegingen per jaar
koude starts per jaar
Personenauto's
Licht
150
15,0
0,27
Bedrijfsbusje divers
Middel
44
4,4
18,77
Kunstmest strooien
Zwaar
20
2,0
Diverse landwerkzaamheden
Zwaar
82
Vrachtwagen gasolie
Zwaar
6
Vrachtwagen divers
Zwaar
Vrachtwagen mest aanvoer Akkerbouwgewassen ophalen
Koude starts · Beoogde situatie
Nox (g/x) NH3 (g/x)
Emissies koude start
Nox (kg/j)
NH3 (kg/j)
0,04
0,00
0,00
0,21
0,08
0,00
23,83
0,29
0,05
0,00
8,2
23,83
0,29
0,20
0,00
0,6
23,83
0,29
0,01
0,00
10
1,0
23,83
0,29
0,02
0,00
Zwaar
80
8,0
23,83
0,29
0,19
0,00
Zwaar
120
12,0
23,83
0,29
0,29
0,00
Totaal:
0,84
0,01
Tabel 8 Berekening emissies koude starts beoogde situatie
3.5
Intern verkeer
De emissies van het interne verkeer zijn wederom berekend met de AUB-methode uit de Instructie Gegevensinvoer voor de AERIUS Calculator. In navolgende tabel zijn deze weergegeven.
10/13
Interne vervoersbewegingen · Beoogde situatie Tractor, 73,4 kW, bouwjaar 2023
Brandstof
Diesel
Totale emissie per jaar (kg)
STAGEklasse
AUB-type
Stage-V
D
BrandstofDraaitijd AdBlue verbruik verbruik (l/j) (u/j) (l/j)
700
36,28
1,20
Nox (kg/j) NH3 (kg/j)
4997
299
30,86
1,20
Shovel, 20,6 kW, bouwjaar 2018 Diesel Stage-IV A 100 246 Berekend a.h.v. de AUB-methode, zoals beschreven in de Instructie Gegevensinvoer voor de AERIUS Calculator en TNO-rapportage 2021-R12305.
-
5,42
0,00
Totaal:
36,28
1,20
Tabel 1 Intern verkeer beoogde situatie
3.6
Overige bronnen
In de beoogde situatie wordt er op het bedrijf geen gas meer gebruikt. Er zijn dus geen overige stikstofbronnen.
11/13
4
Conclusie
Uit bijgevoegde AERIUS verschilberekeningen blijkt dat er in de beoogde situatie geen toename van depositie is ten opzichte van de referentiesituatie. Er is geen sprake van significante negatieve effecten op de instandhoudingsdoelen van Natura 2000-gebieden. De vergunningaanvraag voldoet aan het gestelde in de Omgevingswet, ten aanzien van de Natura 2000-activiteit. In de beoogde situatie blijft sprake van significante depositie-effecten (> 0,00 mol/ha/jaar) op Natura 2000gebieden. Omdat sprake is van deelname aan de Lbv-plusregeling, waarbij de vrijkomende stikstofruimte ten goede komt aan natuurherstel, dient ter borging van de vermindering van de stikstofuitstoot de vrijkomende ruimte ingetrokken te worden van de vigerende natuurtoestemming. De resterende stikstofemissie in de beoogde situatie betreft ruimschoots minder dan 15% van de vigerende vergunde stikstofemissie, waardoor ten aanzien van dit aspect voldaan wordt aan het gestelde in artikel 5, eerste lid, sub f., van de Landelijke beëindigingsregeling veehouderijlocaties met piekbelasting.
Gelet op het gestelde in artikel 5, eerste lid, sub f., onder 2º van de betreffende regeling wordt daarnaast verzocht aan de verlenen natuurvergunning een voorschrift te verbinden dat de daarmee gemoeide ruimte voor stikstofdepositie op een Natura 2000-gebied niet in het kader van extern salderen geheel of gedeeltelijk ter beschikking wordt gesteld voor andere activiteiten met het oog op een daarvoor aangevraagde of aan te vragen natuurvergunning.
12/13
De Omgevingsadviseurs is er voor ondernemers, initiatiefnemers en ontwikkelaars in het buitengebied. Voor doorpakkers en veranderaars die vooruitkijken en verder willen. Zo dragen we bij aan succesvol en toekomstbestendig ondernemen in het buitengebied.
Onderneem het zeker.
Dokter Stolteweg 2 8025 AV Zwolle (088) 565 7857 info@deomgevingsadviseurs.nl deomgevingsadviseurs.nl
13/13