Bijlage 4 Publiek Vervoer Accountantsverslag 2021 - Was getekend
Tekst van het document
Aan het bestuur van de gemeenschappelijke regeling Samenwerkingsorganisatie Publiek Vervoer Groningen Drenthe T.a.v. mevrouw G. Brongers, voorzitter Postbus 189 9400 AD ASSEN
Datum: Kenmerk: Onderwerp:
16 februari 2022 2022.039 Accountantsverslag controle 2021
Geachte leden van het bestuur, U hebt ons opdracht gegeven om de jaarstukken van de gemeenschappelijke regeling Samenwerkingsorganisatie Publiek Vervoer Groningen Drenthe (hierna: Publiek Vervoer) over het boekjaar 201 te controleren. In de opdrachtbevestiging van 19 juli 2021 liggen de voorwaarden rondom de uitvoering van en communicatie over deze opdracht vast. De controle bestaat uit twee fasen. In onze managementletter van 27 oktober 2021 hebben wij u geïnformeerd over de uitkomsten van de interim-controle. Inmiddels hebben we de controle van de jaarrekening afgerond. We brengen u in dit accountantsverslag op de hoogte van onze bevindingen en adviezen naar aanleiding van de jaarrekeningcontrole. Een concept van dit verslag is afgestemd met de organisatie. Dit accountantsverslag is als volgt ingedeeld: 1. De belangrijkste bevindingen in één oogopslag 2. Actuele ontwikkelingen 3. Controle proces en beeld van de interne beheersing 4. Verslaggevingsregels nageleefd 5. Resultaatanalyse 6. Balans / vermogenspositie 7. Materialiteit en oordeel 8. Verplichte rapportageonderdelen 9. Afsluiting Wij bedanken de organisatie voor de medewerking en we gaan er van uit dat onze rapportage het bestuur ondersteunt bij de oordeelsvorming omtrent de bedrijfsvoering en de verslaggeving.
ACCOUNTANTSVERSLAG
1. DE BELANGRIJKSTE BEVINDINGEN IN ÉÉN OOGOPSLAG Onderwerp
Bevindingen
Strekking van ons oordeel
Wij geven een controleverklaring af met een goedkeurende strekking voor zowel het aspect getrouwheid als voor het aspect rechtmatigheid.
Resultaat en vermogenspositie
Publiek Vervoer is een bedrijfsvoeringsorganisatie zonder winststreven. Het resultaat over 2021 bedraagt € 124.000 positief. Dit bedrag is als gerealiseerd resultaat in het eigen vermogen opgenomen waardoor dit eigen vermogen ultimo 2021 uitkomt op € 165.000.
Verslaggeving en WNT
Wij hebben vastgesteld dat de jaarstukken overeenkomstig het Besluit Begroting en Verantwoording provincies en gemeenten (BBV) zijn opgesteld. Tevens is voldaan aan de WNT. Wij hebben verder geconcludeerd dat de overige informatie die in de jaarstukken is opgenomen niet inconsistent is met de informatie in de jaarrekening en de door ons verkregen controleinformatie.
Controleverschillen
Er zijn geen ongecorrigeerde controleverschillen geïdentificeerd.
Belangrijke schattingen in de jaarrekening
De belangrijkste schattingen in de jaarrekening betreffen de waardering van de vorderingen en de verplichtingen. De schattingsmethoden zijn ongewijzigd. Wij aanvaarden de gekozen methoden die voor de schattingen zijn gehanteerd.
Signalen van fraude, Wij hebben tijdens de controle geen aanwijzingen verkregen van fraude, misbruik misbruik en en oneigenlijk gebruik. Ons is bevestigd dat in de organisatie dergelijke gevallen oneigenlijk gebruik niet gemeld zijn. Kwaliteit van de interne beheersing
Conform voorgaande jaren blijft vanuit het oogpunt van accountantscontrole de belangrijkste conclusie dat de relatief kleine schaal van de organisatie inherente kwetsbaarheid met zich mee brengt. Dat zijn bestuur en organisatie zich voldoende bewust. Mede omdat op basis van dienstverleningsovereenkomsten op onderdelen kan worden gesteund op diensten van deelnemers concluderen we dat de gemaakte proces- en procedureafspraken in opzet voldoen aan de eisen die daaraan gesteld mogen worden.
Dataveiligheid en IT
Zie de constatering hiervoor. Wij hebben vanuit onze controlewerkzaamheden geen signalen die acute aandacht zouden moeten krijgen. Er is voldaan aan de minimale eisen van dataveiligheid waaraan de Autoriteit Persoonsgegevens zegt te toetsen.
Continuïteit van de organisatie
Ten aanzien van gemeenschappelijke regelingen is de continuïteit per definitie gegarandeerd zolang er geen besluit tot liquidatie is genomen. Een dergelijk besluit is in 2021 niet genomen en staat ook niet op de agenda. Ook de ontwikkelingen ten aanzien van corona hebben als gevolg van het vorenstaande geen effect op de continuïteit van Publiek Vervoer. Wel leidt corona tot extra werkzaamheden voor Publiek Vervoer inzake de verwerking en afhandeling van de steunmaatregelen richting de vervoerders.
Inkopen en aanbesteden
Wij hebben geen afwijkingen van de geldende aanbestedingsregels geconstateerd. U heeft in een position paper gesteld dat uw opdrachten in belangrijke mate een ander karakter hebben en dus afzonderlijke opdrachten zijn. Wel willen we u wijzen op het feit dat wanneer een volume groter is dan eerder verwacht, dan wel dat inhuur van vergelijkbare diensten meer omvangrijk is dan in eerste instantie gedacht, u voor de tweede inkoop mogelijk wel aanbestedingsplichtig bent. ACCOUNTANTSVERSLAG 2 van 9
2. ACTUELE ONTWIKKELINGEN 2.1 COVID-19, coulance en rechtmatigheid De Covid-19 pandemie heeft in 2021 grote gevolgen gehad voor bedrijven, instellingen en burgers. Ook Publiek Vervoer heeft op tal van manieren met deze pandemie te maken gehad. Uiteraard hebben Covid en de maatregelen die de overheid als gevolg daarvan heeft moeten nemen effecten gehad op de vervoersbewegingen en het aantal reizigers. Dat heeft natuurlijk effecten op de exploitatie van vervoerders. Publiek Vervoer heeft veel aandacht en energie gestoken in de uitvoering en monitoring van steunmaatregelen ten behoeve van de vervoerders. De geldstromen die daarmee gepaard gaan lopen niet door de jaarrekening van Publiek Vervoer, maar zijn zichtbaar bij de deelnemers. Vraagstukken betreffende de rechtmatigheid van dergelijke steun, inclusief het aspect staatssteun, spelen dan ook niet in relatie tot de jaarrekening van Publiek Vervoer, maar mogelijk wel bij de deelnemers. Om die reden gaan wij er in dit acccountantsverslag niet verder op in.
2.2 COVID-19 en uw eigen continuïteit Uiteraard heeft de pandemie effecten op de activiteiten en de geldstromen bij Publiek Vervoer zelf. Enkele voorgenomen projecten zijn doorgeschoven, waardoor de kosten niet zijn gemaakt in 2021. Dat betekent bijvoorbeeld dat Europese subsidie die is ontvangen voor het project Stronger Combined als vooruitontvangen in de balans is opgenomen. De subsidiegever heeft toegestemd in het verzoek om de projectperiode te mogen verlengen. Uitvoering en afronding zal nu in de loop van 2022 moeten plaatsvinden. Publiek Vervoer is een bedrijfsvoeringsorganisatie voor de aangesloten decentrale overheden en het OV-Bureau, en heeft de rechtsvorm van gemeenschappelijke regeling. Gezien deze rechtsvorm zijn deelnemers aansprakelijk voor eventuele financiële tekorten en is er in de basis geen risico op discontinuïteit, dus ook niet als gevolg van COVID-19. Zolang de deelnemers niet de intentie hebben om de gemeenschappelijke regeling op te heffen, en van een dergelijke intentie is geen sprake, is de continuïteit een gegeven. U benoemt dat zelf ook in de jaarstukken.
2.3. Overgang rechtmatigheid verschoven naar 2022 In eerdere accountantsverslagen hebben wij u geïnformeerd over het voornemen van de rijksoverheid om de verantwoordelijkheid voor het rechtmatig handelen nog nadrukkelijker bij het bestuur van de organisatie te leggen, door het verplicht stellen van een rechtmatigheidsverantwoording als onderdeel van de jaarrekening. De invoering is doorgeschoven naar het boekjaar 2022, waarbij we moeten aantekenen dat de wetswijziging die dit moet formaliseren nog door de Kamer moet worden geaccordeerd. De commissie BBV heeft hieromtrent inmiddels een modeltekst gepubliceerd en tevens de Kadernota Rechtmatigheid 2022 uitgebracht. Het bestuur krijgt de bevoegdheid om de grenzen vast te stellen waarboven er in de rechtmatigheidsverantwoording melding moet worden gemaakt van intern geconstateerde onrechtmatigheden en onduidelijkheden. De wetgever zal naar verwachting het maximum van deze grens leggen op 3% van de totale omvang van de lasten (inclusief toevoegingen aan de reserves). Gemeten aan de omvang van de lasten van Publiek Vervoer over 2021 (ruim € 835.000) zou dat in uw geval neerkomen op een grens van ongeveer € 25.000. Het bestuur is overigens bevoegd om deze grens lager vast te stellen.
ACCOUNTANTSVERSLAG 3 van 9
Uiteraard kan er pas een rechtmatigheidsverantwoording worden opgesteld als daarvoor in de organisatie in voldoende mate het fundament is gelegd. Dat fundament bestaat uit een combinatie van een adequate procesinrichting en een zekere mate van interne controle om zichtbaar te kunnen maken dat de processen ook daadwerkelijk adequaat verlopen, en leiden tot rechtmatig handelen en betrouwbare informatie daarover. De rechtmatigheidsverantwoording wordt, omdat het een onderdeel is van de jaarrekening, ook onderdeel van de accountantscontrole en zal met ingang van 2022 zijn inbegrepen in het accountantsoordeel omtrent de getrouwheid van de jaarrekening.
3. CONTROLEPROCES EN BEELD VAN DE INTERNE BEHEERSING De controle van de jaarrekening van een gemeenschappelijke regeling is in grote mate gereguleerd. Bij de uitvoering van onze controlewerkzaamheden zijn de algemeen geldende “Controle en overige standaarden (COS)” van de NBA (Nederlandse Beroepsorganisatie van Accountants), het Besluit Accountantscontrole Decentrale Overheden, de kadernota rechtmatigheid, het controleprotocol WNT en de verordeningen van Publiek Vervoer leidend. Onder andere uit oogpunt van spreiding van controledruk voeren we de controlewerkzaamheden in twee fasen uit. Deze eerste fase, de interim-controle, is primair gericht op de wijze waarop de belangrijkste administratieve processen zijn ingericht en interne beheersingsmaatregelen zijn geïmplementeerd. Door een combinatie van interviews, procescontroles en detailwerkzaamheden beoordelen wij de werking van deze interne beheersingsmaatregelen en stellen wij vast dat betrouwbare verantwoordingsinformatie tot stand kan komen. In de managementletter van 27 oktober 2021 hebben wij onze bevindingen verwoord.
Bij de jaarrekeningcontrole richten we ons meer op de cijfers en onderzoeken wij of de jaarrekening, zoals die aan het bestuur wordt verstrekt, deugdelijk is opgesteld en onderbouwd, dat de inrichting en presentatie voldoen aan het Besluit Begroting en Verantwoording (BBV), dat de waarderingsgrondslagen correct zijn toegepast en de toelichtingen adequaat en volledig zijn. Ook hebben wij onderzocht of de informatie in de programmaverantwoording en de paragrafen niet strijdig is met het beeld van de jaarrekening. Ten slotte is onderzocht of de baten, de lasten en de balansmutaties rechtmatig zijn, inclusief het opnemen van de vereiste gegevens inzake de Wet normering bezoldiging topfunctionarissen in de publieke en semipublieke sector (WNT). In dit accountantsverslag gaan wij in op de bevindingen ten aanzien van de controle van de jaarrekening. Dit accountantsverslag en onze bevindingen daarbij zijn bedoeld om het bestuur, onze primaire opdrachtgever, te ondersteunen in haar controlerende taak. Onze bevindingen zijn vergelijkbaar met voorgaande jaren, daarom zult u de opzet en de indeling van dit verslag herkennen als vergelijkbaar met voorgaande jaren.
4. VERSLAGGEVINGSREGELS NAGELEEFD De jaarstukken 2021 van Publiek Vervoer voldoen aan de formele uitgangspunten van het Besluit Begroting en Verantwoording Provincies en Gemeenten (BBV). Er wordt inhoudelijk verslag gedaan van de uitkomsten van beleid en de financiële uitkomsten en aandachtspunten in het verslagjaar. Wij hebben ten aanzien van de inhoud van de jaarstukken en de presentatie van de cijfers in relatie tot de verslaggevingsregels geen significante tekortkomingen geconstateerd.
ACCOUNTANTSVERSLAG 4 van 9
Het jaarverslag, bestaande uit de programmaverantwoording en de paragrafen, verbindt de inhoudelijke prestaties met de baten en de lasten. Het jaarverslag bevat de op grond van het BBV voorgeschreven onderdelen.
5. RESULTAATANALYSE Publiek Vervoer is zoals bekend een organisatie zonder winststreven. De financiën zijn uiteraard wel degelijk van belang, maar dan vooral in relatie tot de maatschappelijke taken. Daarbij is het de bedoeling van het bestuur en de organisatie dat deze maatschappelijke taken worden uitgevoerd binnen de financiële kaders die de aangesloten gemeenten daartoe stellen. Het overzicht van baten en lasten over 2021 sluit met een positief saldo van € 124.000. Dat resultaat fors hoger dan het niveau van de begroting na wijziging (€ 58.000 positief). In het overzicht van baten en lasten in de jaarrekening is op hoofdlijnen een analyse opgenomen van de aard en omvang van de diverse gerealiseerde afwijkingen ten opzichte van de begroting. De afwijkingen zijn goed verklaarbaar, zowel aan de batenkant als aan de lastenkant. Dat geeft ons verder geen aanleiding om er in dit verslag opmerkingen over te maken.
6. BALANS / VERMOGENSPOSITIE Publiek Vervoer is een bedrijfsvoeringsorganisatie werkzaam voor de deelnemers, waarbij er geen sprake is van winststreven of het streven naar vermogensgroei. Uiteraard kan het zowel voor de organisatie als voor de deelnemers comfortabel zijn om te kunnen beschikken over een zekere buffer voor tegenvallers. In afwachting van besluitvorming over de resultaatbestemming is het resultaat 2021 conform het BBV afzonderlijk in de balans opgenomen onder het eigen vermogen. Het eigen vermogen ultimo 2021, volgens de balans van Publiek Vervoer, komt daarmee uit op € 165.000. Ten opzichte van het balanstotaal van € 356.000 betekent dit een solvabiliteit van 46,3%. Dat is behoorlijk hoger dan de 10,4 % van 2020. Ten opzichte van de exploitatieomvang (totaal aan lasten van € 836.000) is de buffer 19,7%.
7. MATERIALITEIT EN OORDEEL 7.1 Controletoleranties Het onderzoek van de jaarrekening heeft betrekking op de aspecten getrouwheid (“kloppen de cijfers”?) en rechtmatigheid (zijn de baten, lasten en balansmutaties conform de geldende wet- en regelgeving tot stand gekomen?). Deze beide aspecten komen terug in de controleverklaring. De controle is niet bedoeld om alle fouten en onzekerheden te detecteren. Dat zou, gezien de consequenties voor de hoeveelheid werk en de daarmee gepaard gaande kosten ook niet rationeel zijn. Daarom wordt er in de controle gewerkt met grenzen, die bekend staan onder de term “materialiteit”, of controletolerantie. In het Besluit accountantscontrole decentrale overheden (Bado) zijn concrete maximumnormen gegeven voor de controletolerantie. Het begrip controletolerantie is leidend voor hoe scherp er gecontroleerd moet worden. De tolerantie wordt gerelateerd aan het totaal van de lasten (inclusief dotaties aan reserves). Het bestuur van Publiek Vervoer heeft de bevoegdheid om de controletolerantie scherper te stellen dan het wettelijk maximum van 1% (fouten) respectievelijk 3% (onzekerheden). Dat heeft u niet gedaan.
ACCOUNTANTSVERSLAG 5 van 9
Wij hebben ons oordeel daarom gebaseerd op onderstaande tabel, waarbij wij hebben gerekend met een totaal aan lasten voor het boekjaar 2021 van € 835.000: Voor wat betreft de rapporteringstolerantie zijn wij op grond van onze beroepsregels gebonden aan maximaal 5% van de materialiteit (dus 5% van € 8.350), in uw geval € 417. Goedkeuringstoleranties
Grondslag
Bedrag (afgerond) €
Fouten Onzekerheden Rechtmatigheid
1% van de totale lasten 3% van de totale lasten 1% van de totale lasten
8.350 25.050 8.350
7.2. Overzicht van niet-gecorrigeerde controleverschillen Niet gecorrigeerde controleverschillen (fouten en onzekerheden) in euro
Bedrag €
Invloed eigen vermogen ultimo jaar
Invloed resultaat
Totaal verschillen getrouwheid
n.v.t.
n.v.t.
n.v.t.
Totaal onzekerheden getrouwheid
n.v.t.
n.v.t.
n.v.t.
Totaal fouten rechtmatigheid
n.v.t.
n.v.t.
n.v.t.
Totaal onzekerheden rechtmatigheid
n.v.t.
n.v.t.
n.v.t.
Uit bovenstaand overzicht blijkt dat er geen controleverschillen in de jaarrekening ongecorrigeerd zijn gelaten die van invloed moeten zijn op ons accountantsoordeel inzake de getrouwheid, dan wel rechtmatigheid. Daarom is de strekking van onze controleverklaring voor beide aspecten goedkeurend.
8. VERPLICHTE RAPPORTAGEONDERDELEN Er zijn vanuit de beroepsregels voor accountants, dan wel vanuit de ontwikkelingen in de maatschappelijke verwachtingen een aantal onderwerpen die in een accountantsverslag moeten worden behandeld. Daar gaan wij in dit hoofdstuk nader op in.
8.1 Onafhankelijkheid gewaarborgd De beroepsorganisatie van accountants NBA heeft de voorschriften in het kader van de onafhankelijkheid opgenomen in de Verordening inzake de onafhankelijkheid van accountants bij assurance-opdrachten (ViO). Op grond van deze voorschriften moeten wij ons ervan vergewissen dat wij onafhankelijk zijn en blijven van onze opdrachtgevers en daarover rapporteren.
ACCOUNTANTSVERSLAG 6 van 9
De naleving van de beroepsregels, waaronder deze ViO, is in de organisatie van HZG Accountants & Adviseurs ingebed. Op basis van onze toetsing aan deze verordening concluderen wij dat onze onafhankelijkheid als certificerend accountant bij Publiek Vervoer voldoende is gewaarborgd. Wij hebben het afgelopen jaar bij Publiek Vervoer, behoudens het ondersteunen van een werkgroep met betrekking tot de vaststelling van continuïteitsbijdragen, geen andere opdrachten uitgevoerd dan de opdracht tot controle van de jaarrekening en er zijn ook anderszins geen omstandigheden die onze onafhankelijkheid als controlerend accountant zouden kunnen bedreigen.
8.2 Een nieuwe focus op fraude is aanstaande Van de accountant wordt op grond van de regels van de beroepsorganisatie (NBA) een professioneel-kritische houding verwacht ten aanzien van afwijkingen van materieel belang als gevolg van fraude in de jaarrekening maar ook met betrekking tot omkoping, corruptie, ondermijning en de naleving van andere wet- en regelgeving. De aandacht voor het thema fraude en integriteit neemt de laatste jaren steeds verder toe. Het zorgt ervoor dat organisaties steeds vaker gevraagd wordt transparant te zijn in de visie, het beleid en het toezicht op het integer handelen in alle geledingen van de organisatie. Dat gaat dus niet alleen over fraude maar ook over misbruik en oneigenlijk gebruik, het hanteren van gedragscodes en de naleving van andere regelgeving bijvoorbeeld op het gebied van arbeidsomstandigheden en milieu. Dit geldt niet alleen op de werkvloer, maar vraagt ook iets van management en het bestuur. Vanaf 2022 worden de werkzaamheden die de accountant ten aanzien van het onderwerp fraude verricht en de bevindingen op hoofdlijnen verplicht opgenomen in de controleverklaring. Het doel hiervan is beter duidelijk te maken welke werkzaamheden wij verrichten, maar dit zal ook de verantwoordelijkheid van de directie en het bestuur om voldoende maatregelen te treffen verder benadrukken.
Het bestuur heeft in dezen een toezichthoudende rol en dient deze uiteraard ook zichtbaar in te vullen. Dat is belangrijk om het gesprek hierover te openen. We hebben in de uitvoering van onze werkzaamheden gemerkt dat er zeker aandacht is voor fraude en bedreiging van de integriteit, maar we signaleren dat een organisatiebrede frauderisicoanalyse er nog niet is. De accountant maakt zelf ook een inschatting van de frauderisico’s binnen een organisatie, en vormt zich een beeld van de maatregelen van interne beheersing die de organisatie heeft getroffen om mogelijke fraudes van materieel belang te voorkomen en te bezien of deze maatregelen effectief zijn. Datzelfde geldt ook voor integriteitsrisico’s en mogelijke niet-naleving van andere regelgeving. In iedere organisatie bestaat een risico op het doorbreken van de interne beheersing door het management bij de totstandkoming van schattingen. We beoordelen in het kader van onze controle de interne processen op deze schattingen en doen detailcontroles op de uitgangspunten en aannames die aan significante schattingen ten grondslag liggen. Ook zijn we alert op ongebruikelijke transacties, samenwerkingsrelaties en de naleving van procedures die mede tot doel hebben transparantie en integer handelen te bevorderen.
Elementen daaruit zijn controles op de prestatielevering bij inkooptransacties, het naleven van het inkoopbeleid en aanbestedingsregels. Daarnaast onderkennen we risico’s in bepaalde delen van de opbrengstverantwoording. Wanneer sprake is van een aanwijzing voor fraude, dan communiceren wij dit, afhankelijk van de aard van de fraude, met de directie en, in sommige gevallen, bij fraude in de top van de organisatie, of wanneer onvoldoende herstelwerkzaamheden worden ondernomen, met het bestuur. In dat geval rapporteren wij daar separaat over. Tijdens onze werkzaamheden besteden wij ook aandacht aan elementen van beïnvloeding en druk die kunnen leiden tot een aantasting van het bestuurlijk handelen binnen de organisatie.
ACCOUNTANTSVERSLAG 7 van 9
Wij vinden het, gelet op het voorgaande, voor de hand liggen dat in de organisatie tenminste eenmaal per jaar gesproken wordt over de (fraude)risico’s. Naast de activiteiten en de maatregelen die hieromtrent getroffen zijn horen hier ook een interne beoordeling of de maatregelen afdoende worden gevonden bij. Geen aanwijzingen dat er sprake is geweest van materiële fraude Tijdens de controle hebben wij een professioneel-kritische houding betracht ten opzichte van risico’s van fraude in de jaarrekening, maar daarbij merken wij op dat onze controle niet specifiek gericht is op het ontdekken van fraude. Tijdens de uitvoering van onze controle van de jaarrekening 2021 hebben wij geen aanwijzingen verkregen dat er sprake is geweest van materiële fraude.
8.3 Betrouwbaarheid en continuïteit van de geautomatiseerde gegevensverwerking In overeenstemming met artikel 2:393 van het Burgerlijk Wetboek delen wij u mee dat er naar aanleiding van de controle van de jaarrekening geen zaken betreffende de betrouwbaarheid en de continuïteit van de geautomatiseerde gegevensverwerking zijn op te merken. Onze jaarrekeningcontrole is gericht op het geven van een oordeel omtrent de jaarrekening zelf en is niet primair gericht op het doen van uitspraken omtrent de betrouwbaarheid en de continuïteit van de geautomatiseerde gegevensverwerking als geheel of van onderdelen daarvan. Onze bevindingen daaromtrent raken dan ook slechts díe onderdelen die wij onderzocht hebben in het kader van de jaarrekening, wat wil zeggen dat wij ter zake geen volledigheid hebben beoogd. Om volledig zicht te hebben op de betrouwbaarheid van alle geautomatiseerde systemen, ook die systemen zonder relatie naar de jaarrekening, is meer uitgebreid en specifiek gericht onderzoek noodzakelijk, wat niet past in de rol van de accountant bij de controle van de jaarrekening. Het doel van de IT-omgeving waar Publiek Vervoer gebruik van maakt is dat deze bijdraagt aan een betrouwbare en adequate informatievoorziening. Er zijn in onze controle ten aanzien van de IT geen zaken naar voren gekomen die vermelding verdienen in dit verslag.
Inzake de op 25 mei 2018 van kracht geworden Algemene Verordening Gegevensbescherming hebben wij vastgesteld dat Publiek Vervoer voldoet aan de basiseisen waar de Autoriteit Persoonsgegevens op zegt te toetsen.
8.4 Begrotingsrechtmatigheid Het stelsel van begroten en de bewaking hiervan moet waarborgen dat de baten en lasten binnen de (gewijzigde) begroting blijven en dat belangrijke wijzigingen of dreigende overschrijdingen tijdig worden gemeld aan het bestuur, zodat deze tijdig (binnen het begrotingsjaar) een besluit kan nemen. Wij hebben vastgesteld dat de lasten van Publiek Vervoer binnen de begroting (na wijziging) zijn gebleven.
8.5 Schattingen in de jaarrekening Bij het opmaken van een jaarrekening is het noodzakelijk dat u schattingen en oordelen toepast om te komen tot betrouwbare cijfers. Niet zelden worden schattingen niet als zodanig onderkend, omdat ze vast onderdeel van uw administratieve proces zijn. In onze controle besteden wij nadrukkelijk aandacht aan deze schattingen, omdat, bedoeld of onbedoeld, het resultaat door schattingen kan worden beïnvloed.
ACCOUNTANTSVERSLAG 8 van 9
De belangrijkste schattingen in uw jaarrekening betreffen de waardering van de vorderingen, het inschatten van de noodzaak en de hoogte van voorzieningen (ook een nihilwaardering is een schatting) en de waardering van verplichtingen. Tijdens onze werkzaamheden hebben wij geen tekortkomingen aangetroffen in de schattingsmethoden en vastgesteld dat de wijze waarop deze tot stand komen niet is gewijzigd. Wij stemmen daarmee in met uw grondslagen voor de schattingen, maar we bevestigen daarbij dat het inherent is aan het proces van schatten dat de werkelijke uitkomsten kunnen afwijken.
8.6 Continuïteit van de onderneming Als gevolg van der aanhoudende coronapandemie zijn er diverse maatregelen genomen en heeft Nederland diverse perioden van (gedeeltelijke) lockdown gekend. Dat heeft effecten op de economie en mede geleid tot een onzekere situatie in de maatschappij. Hoewel dit maatregelen zijn met ingrijpende effecten op burgers, bedrijven en onze economie als geheel, zal deze crisis zoals eerder in dit verslag al uitgelegd, voor Publiek Vervoer niet leiden tot continuïteitsproblemen, gezien de rechtsvorm van gemeenschappelijke regeling. Wij zijn dan ook van mening dat de waarderingsgrondslagen op basis van continuïteit kunnen worden gehandhaafd. De in de onderhavige jaarrekening gehanteerde grondslagen van waardering en resultaatbepaling zijn dan ook gebaseerd op de veronderstelling van continuïteit van Publiek Vervoer.
9. AFSLUITING Het accountantsverslag is naar zijn aard bedoeld om u als bestuur te ondersteunen in de beoordeling van de jaarrekening 2021. De bevindingen en beschouwingen in dit verslag komen voort uit onze controlewerkzaamheden. Ten overvloede wijzen wij u erop dat de controlerende taak van het bestuur uiteraard verder gaat dan uitsluitend het financieel getinte perspectief vanuit de accountantscontrole. Wij maken u erop attent dat voor dit accountantsverslag een beperkte verspreidingskring geldt. Het accountantsverslag is uitsluitend bestemd voor het bestuur, de deelnemers en de directie, in het kader van de aan hen opgelegde taken en verantwoordelijkheden. Wij zijn altijd bereid tot het nader toelichten van dit verslag, en we gaan er vanuit hiermee onze controle opdracht over 2021 op passende wijze te hebben afgerond. Hoogachtend, Hofsteenge Zeeman Groep B.V. Was getekend: drs. S. Hofsteenge RA
ACCOUNTANTSVERSLAG 9 van 9