Bijlage 3 - Berekening op hoofdlijnen invoering diftar
Tekst van het document
Memo Aan Van Datum Betreft
: Gemeenteraad Westerveld : College : 31-01-2022 : Berekening op hoofdlijnen invoering diftar
Naar aanleiding van de politieke avond op 25 januari jl. heeft de gemeente ROVA gevraagd om een berekening op hoofdlijnen van de te verwachten (financiële) gevolgen van het invoeren van diftar. Ervaringen vanuit andere gemeenten Op dit moment produceert een gemiddelde Westervelder 121 kg restafval per inwoner per jaar. Gemiddeld genomen scheiden gemeenten met diftar hun afval met dertig procent tot zestig procent beter dan in gemeenten zonder diftar. Daarnaast is IPR Normag in 2021, tijdens een onderzoek in opdracht van Rijkswaterstaat, tot de conclusie gekomen dat in de eerste twee jaar na invoering van diftar het restafval gemiddeld met 89 kilogram per inwoner per jaar kan afnemen. Afvalstoffenheffing Onder diftar wordt een deel van de afvalstoffenheffing variabel. Dit deel wordt jaarlijks berekend op basis van het aantal keren dat een huishouden restafval heeft aangeboden. Het grootste deel van de afvalstoffenheffing blijft een vast tarief per aansluiting. Idealiter wordt diftar zo ingericht dat het variabele deel de kosten voor de inzameling en verwerking van restafval dekt. De overige kosten (voor inzameling en verwerking van de grondstoffen en andere diensten) dienen gedekt te worden door het vaste tarief. Op die manier ontstaat er geen begrotingstekort wanneer de hoeveelheid restafval (en dus de heffing daarop) afneemt.
Het is dus níet zo dat inwoners gaan betalen voor hun restafval, bovenop de huidige afvalstoffenheffing. De kosten voor het aanbieden van restafval maken nu immers ook al deel uit van de afvalstoffenheffing. Deze kosten worden onder diftar enkel eerlijker verdeeld, waardoor inwoners die heel goed hun best doen niet meer opdraaien voor de kosten van het restafval van anderen. Berekening op hoofdlijnen Gezien de beperkte doorlooptijd betreft het een indicatie op hoofdlijnen en zijn genoemde bedragen niet gebaseerd op een volledige berekening toegespitst op de gemeente Westerveld. In plaats daarvan wordt een algemeen beeld geschetst, op basis van de ervaringen van ROVA in andere gemeenten. Hierbij dient opgemerkt te worden dat een volledige doorberekening voor een gemeente normaliter vier tot zes weken duurt. Daarbij wordt ook geïnventariseerd welke aanpassingen er nodig zijn aan (flankerend) beleid, inzamelvoertuigen, containers, communicatie, et cetera. Om binnen een heel korte termijn toch een duiding te kunnen geven, is uitgegaan van een reductie van de hoeveelheid restafval van 47 kg. De totale hoeveelheid restafval komt daarmee op 74 kg per inwoner per jaar. Dat is namelijk de gemiddelde hoeveelheid restafval in de ROVA diftar-gemeenten.
Deze hoeveelheid valt binnen de marge die landelijk gehanteerd wordt, waarbij wordt uitgegaan van een reductie van 30% tot 60% door de invoering van diftar. Op basis van genoemde 74 kg restafval per inwoner per jaar schatten we het positieve financiële effect van de invoering van diftar op de structurele kosten op ongeveer €83.000 per jaar. Gelet op de relatief goede afvalscheidingsprestaties van de gemeente Westerveld als niet-diftar gemeente gaan wij er bij deze indicatieve berekening vanuit dat de belangrijkste kostenreductie ontstaat door de restafvalvermindering (lagere verwerkingskosten). Voor bijvoorbeeld het doorrekenen van de precieze effecten op andere grondstofstromen, éénmalige (project)kosten en ook het effect op de inzameling van grofvuil is uitgebreider onderzoek nodig.