CConstaterende datWesterveld
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 2 Accountantsverslag 2021

Politieke avond Westerveld 5 juli 2022, gemeente WesterveldBij agendapunt: Behandeling programmarekening en jaarrekening 2021 (spreekrecht)10.634 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

Aan de Raad van de gemeente Westerveld T.a.v. mevrouw R. Weernekers, griffier Postbus 50 7970 AB HAVELTE

Datum: Kenmerk: Onderwerp:

16 juni 2022 2022.195 Accountantsverslag controle 2021

Geachte leden van de Raad, Uw Raad heeft ons de opdracht gegeven om de jaarrekening van de gemeente Westerveld over het boekjaar 2021 te controleren. Onze opdracht heeft u bevestigd door middel van ondertekening van een (jaarlijks terugkerende) opdrachtbevestiging met daarin een aantal formele aspecten in relatie tot onze opdracht en de communicatie daarover. Gelukkig hebben wij de controle weer ter plaatse kunnen uitvoeren nu alle beperkende maatregelen vanwege COVID-19 zijn opgeheven. De gevolgen van de pandemie en de overheidsmaatregelen zijn uiteraard nog wel zichtbaar in de geldstromen in de jaarrekening en ook in de vorm van een sterk toegenomen aantal specifieke regelingen die via de SiSa-bijlage moeten worden verantwoord. Inmiddels hebben we de controle van de jaarrekening afgerond. We brengen u in dit accountantsverslag op de hoogte van onze bevindingen en adviezen naar aanleiding van de controle. Samen met de controleverklaring is dit verslag het sluitstuk van de controles over 2021. Een concept van dit verslag is op 13 juni 2022 ambtelijk besproken. Dit accountantsverslag is als volgt ingedeeld: 1. De hoofdlijnen van onze controle 2. Bestuurlijke afhandeling 3. Actuele ontwikkelingen 4. Controle proces en beeld van de interne beheersing 5. Verslaggevingsregels nageleefd 6. Resultaat en vermogenspositie 7. Bevindingen en aandachtspunten jaarrekeningcontrole 8.

Materialiteit en oordeel 9. Verplichte rapportageonderdelen 10. Afsluiting Wij bedanken de organisatie voor de plezierige en professionele samenwerking die we bij de uitvoering van onze werkzaamheden hebben ondervonden en we gaan er van uit dat onze rapportage u ondersteunt bij de oordeelsvorming omtrent de bedrijfsvoering en de verslaggeving.

ACCOUNTANTSVERSLAG

1. DE HOOFDLIJNEN VAN ONZE CONTROLE Onderwerp

Bevindingen

Strekking van ons oordeel

Wij verstrekken bij de jaarrekening 2021 van de gemeente Westerveld een goedkeurend oordeel met betrekking tot de getrouwheid van de door het college van burgemeester en wethouders opgestelde jaarrekening. Dit oordeel betekent dat de jaarrekening een getrouw beeld geeft van de omvang en de samenstelling van de baten en lasten over 2021 alsmede van de activa en passiva per 31 december 2021. Ook verstrekken wij een goedkeurend oordeel met betrekking tot het aspect rechtmatigheid. Dit oordeel houdt in dat de baten, lasten en balansmutaties in alle van materieel belang zijnde aspecten tot stand zijn gekomen in overeenstemming met de begroting en met relevante wet- en regelgeving, waaronder de gemeentelijke verordeningen. We dateren onze verklaring op 5 juli 2022, de datum van behandeling van de jaarstukken in de gemeenteraad.

Resultaat en vermogenspositie

De gemeente Westerveld heeft over 2021 een positief resultaat behaald van € 1,9 miljoen. Over 2021 kent de gemeente Westerveld een totaalbedrag aan gerealiseerde baten van € 57,3 miljoen en € 56,3 miljoen aan gerealiseerde lasten vóór mutatie reserves. Het positieve saldo van € 1,0 miljoen dat hieruit voortvloeit, is het verschil in de vermogenspositie tussen 31 december 2020 en 31 december 2021. U heeft vooraf goedgekeurd dat bedragen aan de reserves onttrokken en toegevoegd mochten worden en per saldo is er € 0,9 miljoen aan de reserves onttrokken. In totaal komt het nog te bestemmen resultaat dan uit op € 1,9 miljoen positief. De weerstandscapaciteit in de vorm van de algemene reserve is gering. Uw eigen vermogen heeft ondanks de toegenomen risico’s en onzekerheden in de huidige maatschappij weliswaar voldoende omvang om uw toekomstige plannen en de daaraan verbonden risico’s af te dekken. Er is echter geen sprake van een extra buffer. Het verdient naar onze mening aanbeveling om te streven naar een grotere weerstandscapaciteit.

Verslaggeving en WNT

Wij hebben vastgesteld dat de jaarrekening overeenkomstig het Besluit Begroting en Verantwoording provincies en gemeenten (BBV) is opgesteld. Tevens is voldaan aan de WNT. Wij hebben de WNT-verantwoording gecontroleerd op basis van het controleprotocol WNT. Wij hebben voorts geconcludeerd dat het jaarverslag en de overige informatie die in de jaarstukken is opgenomen, voldoen aan de eisen van het BBV en in materiele zin verenigbaar zijn met de informatie in de jaarrekening en de door ons verkregen controle-informatie.

Niet-gecorrigeerde controleverschillen

In hoofdstuk 8 gaan we in op de geconstateerde controleverschillen die niet in de jaarstukken zijn gecorrigeerd. Het totaalbedrag aan controleverschillen blijft zowel voor getrouwheid als rechtmatigheid binnen de daarvoor geldende tolerantie van 1% van de totale lasten inclusief toevoegingen aan reserves voor fouten en 3% voor onzekerheden.

ACCOUNTANTSVERSLAG 2 van 25

Onderwerp

Bevindingen

Belangrijke schattingen in de jaarrekening

Voor B&W is het noodzakelijk om schattingen te maken om zodoende te komen tot betrouwbare cijfers in de jaarrekening. De belangrijkste schattingen in de jaarrekening betreffen de waardering van vaste activa, de waardering van gronden, voorzieningen en de inschatting van de overlopende activa en passiva. Wij aanvaarden de gekozen methoden die voor de schattingen zijn gehanteerd. Wij adviseren dat het college meer aandacht besteed aan het achteraf toetsen of de inschattingen juist zijn gebleken. Daarmee kunt u vaststellen of de methodes verdere aanscherping behoeven.

Signalen van fraude, Tijdens de controle hebben we op diverse momenten met de voor ons relevante misbruik en geledingen in de organisatie van gedachten gewisseld over eventuele oneigenlijk gebruik fraudegevallen, fraudesignalen en de kwaliteit van de interne beheersing op dit onderwerp. Wij hebben tijdens de controle geen aanwijzingen verkregen van feitelijke fraudegevallen of situaties van misbruik en oneigenlijk gebruik binnen de gemeente Westerveld. Het college van burgemeester en wethouders heeft ook aan ons bevestigd dat in de organisatie dergelijke gevallen niet gemeld zijn. Kwaliteit van de interne beheersing

Wij hebben tijdens de jaarrekeningcontrole geen andere significante gebreken in de administratieve organisatie of interne beheersing aangetroffen, dan hiervoor gemeld, die voor u of voor ons relevant zijn om te komen tot een oordeel omtrent de jaarrekening als geheel.

Geautomatiseerde In overeenstemming met artikel 2:393 van het Burgerlijk Wetboek delen wij u mee gegevensverwerking dat er naar aanleiding van de controle van de jaarrekening geen materiële en dataveiligheid bevindingen betreffende de betrouwbaarheid en de continuïteit van de geautomatiseerde gegevensverwerking zijn op te merken die van invloed zijn op de financiële gegevens in de jaarrekening 2021. SISA-bijlage

Wij hebben de SiSa-bijlage gecontroleerd met inachtneming van de Nota Verwachtingen Accountantscontrole die hierover regels bevat. Het aantal regelingen is in het afgelopen jaar nog sterker toegenomen dan verwacht. Het aantal regelingen is 19, hetgeen een extra inspanning heeft gevraagd zowel in de controle als in uw voorbereidingen. Wij hebben bij de voor u van toepassing zijnde specifieke uitkeringen geen fouten of onzekerheden geconstateerd die de rapporteringstoleranties voor SiSa overschrijden.

Continuïteit van de organisatie

Van accountants wordt verwacht dat bij de afgifte van het oordeel vooruit wordt gekeken of er gerede twijfel kan bestaan aan de continuïteit van de organisatie in de komende twaalf maanden. Op basis van onze controle hebben wij ten aanzien van dit onderwerp geen bevindingen.

ACCOUNTANTSVERSLAG 3 van 25

2. BESTUURLIJKE AFHANDELING De bestuurlijke afhandeling van de jaarstukken bestaat uit een aantal stappen: Het college van burgemeester en wethouders behandelt in de betreffende vergadering de jaarstukken, met inbegrip van de jaarrekening, stelt de jaarstukken daarmee vervolgens op. Op dat moment ontstaan formeel de jaarstukken. De gemeenteraad behandelt vervolgens de jaarstukken en stelt deze vast. Mochten in de periode tot de vaststelling van de jaarrekening omstandigheden blijken die aanpassing van de jaarrekening noodzakelijk maken, dan moet een dergelijke aanpassing nog worden gemaakt. Dat geldt ook in geval de jaarrekening om andere redenen gewijzigd wordt alvorens tot vaststelling wordt overgegaan. Wij verzoeken de gemeente in deze gevallen met ons in contact te treden om gezamenlijk de noodzakelijke vervolgstappen met u te bespreken.

OPENBAARMAKING Bij de jaarstukken hoort de controleverklaring die is gedateerd 5 juli 2022. Wij hebben één exemplaar van de controleverklaring voorzien van een originele handtekening. Dit exemplaar is ten behoeve van uw eigen archief en mag niet worden gepubliceerd. Het andere exemplaar van de controleverklaring is voorzien van de naam van onze accountantspraktijk en de naam van de accountant, echter zonder persoonlijke handtekening. Deze mag openbaar gemaakt worden. Het is niet toegestaan de getekende verklaring openbaar te maken. Deze werkwijze is van belang om misbruik van onze handtekening te voorkomen. Indien wij constateren dat toch gebruik gemaakt is van een controleverklaring met onze handtekening zullen wij u verzoeken dit te herstellen, bijvoorbeeld door de jaarstukken van Internet af te halen, dan wel de fysieke verspreiding ongedaan te maken. Vanzelfsprekend treden wij in die situaties met u in overleg over de manier waarop dit moet plaatsvinden. Mochten in de periode tot de vaststelling van de jaarrekening omstandigheden blijken die aanpassing van de jaarrekening noodzakelijk maken, dan moet een dergelijke aanpassing nog worden gemaakt. Uiteraard vervalt in die situatie onze toestemming tot openbaarmaking. Dat geldt ook in geval de jaarrekening om andere redenen gewijzigd wordt alvorens tot vaststelling wordt overgegaan.

Wij verzoeken u in deze gevallen met ons in contact te treden om gezamenlijk de noodzakelijke vervolgstappen te bespreken. Wij bevestigen u ermee akkoord te gaan dat het afschrift van onze controleverklaring zonder persoonlijke handtekening, wordt openbaar gemaakt in de jaarrekening, mits de opgemaakte jaarrekening ongewijzigd blijft. Openbaarmaking van de controleverklaring is slechts toegestaan tezamen met de jaarstukken. Hiervoor gebruikt u een exemplaar zonder ons waarmerk. De gewaarmerkte versie van de jaarrekening is uitsluitend voor uw eigen archief. Indien u de jaarstukken en de controleverklaring opneemt op internet, dient u te waarborgen dat de jaarstukken goed zijn afgescheiden van andere informatie op de internetsite. Afscheiding kan bijvoorbeeld plaatsvinden door de jaarstukken in nietbewerkbare vorm als een afzonderlijk bestand op te nemen of door een waarschuwing op te nemen indien de lezer de jaarstukken verlaat ("u verlaat de beveiligde, door de accountant gecontroleerde jaarrekening"). Dit accountantsverslag brengen wij uit in een versie met en zonder handtekening. De versie zonder handtekening kan in het kader van de bestuurlijke behandeling worden verspreid. De versie met handtekening is alleen bestemd voor uw archief. Verspreiding daarvan is niet toegestaan.

ACCOUNTANTSVERSLAG 4 van 25

3. ACTUELE ONTWIKKELINGEN 3.1 COVID-19: digitaal werken als nieuwe realiteit We kunnen er niet omheen, COVID-19 heeft in 2021 de samenleving, lokaal, nationaal en internationaal gedomineerd. We hebben er allemaal mee te maken gehad, zowel in de werkomstandigheden als thuis. Beperkingen in de bewegingsvrijheid, tijdelijke sluiting van het onderwijs en de horeca, avondklok, hybride werken, we hebben het in 2021 allemaal meegemaakt. Het hybride werken heeft inmiddels zijn plek gekregen in een meer permanente vorm dan oorspronkelijk gedacht. Dat dit hybride werken effecten heeft op zaken als de beveiliging van systemen en data is bij de gemeente Westerveld in beeld. Thuiswerken, digitaal overleg of digitale vergaderingen zijn een nieuwe en blijvende realiteit geworden. Meer dan voorheen vraagt dat aanpassingsvermogen van medewerkers maar ook van organisaties om aan deze nieuwe wensen invulling te geven. Het ontwikkelen van thuiswerkbeleid is een prioriteit geworden, net als het anders organiseren van blijvende betrokkenheid bij de organisatie. In die context is het behouden van cultuur en betrokkenheid bij de organisatie een uitdaging geworden. Ook vraagt dit mogelijk om andere checks and balances in de werkprocessen en in de werk-privé-balans. Bewustwording van bijvoorbeeld nieuwe informatiebeveiligingsrisico’s is blijvend relevant.

3.2 COVID-19 en de continuïteit van de organisatie Uiteraard hebben de pandemie en de maatregelen ter beteugeling ervan effecten op de geldstromen van bedrijven en instellingen en dus ook van uw gemeente. Veel activiteiten konden niet doorgaan of moesten anders worden georganiseerd. Dat geldt ook voor de activiteiten en werkzaamheden van de gemeente. U hebt net als in 2020 allerlei steunmaatregelen uitgevoerd zoals de Tijdelijke Overbruggingsregelingen Zelfstandige Ondernemers (TOZO) en de Tijdelijke Ondersteuning Noodzakelijke Lasten (TONK). U hebt beleidsmatig coulance betracht richting gesubsidieerde instellingen en huurders van gemeentelijke accommodaties. Er was binnen uw gemeente onder meer specifieke aandacht voor het stimuleren van fysieke en mentale gezondheid van inwoners, kinderopvang voor ouders met vitale beroepen en het in standhouden van de maatschappelijke infrastructuur in onderwijs, welzijn en zorg. Binnen diverse gemeentelijke programma’s zijn effecten zichtbaar op de baten en lasten, dan wel is er compensatie ontvangen van de rijksoverheid. Om de gevolgen van Covid-19 inzichtelijk te maken is in het jaarverslag per programma een nadere toelichting op de gevolgen en impact van corona gegeven. Daarnaast gaat u in de paragraaf ‘Bedrijfsvoering’ dieper in op de gevolgen voor uw eigen organisatie.

Per saldo is het resultaat over 2021 onder meer door de ontvangen compensatie positief. Bij de beoordeling van continuïteit is sprake van de beoordeling van zowel de formele continuïteit als een materiële beoordeling. De eerste gaat over het voortbestaan van de organisatie als zodanig en op dat vlak heeft het rijk harde waarborgen getroffen. Uw continuïteit in dat opzicht staat niet ter discussie. Materieel kan het wel zo zijn dat als gevolg van de pandemie activiteiten nu en in de toekomst, niet of anders worden vormgegeven. Dat kan leiden tot aanpassing in financiering van maatschappelijke instellingen, wijzigingen in de kostenstructuur of het ontstaan van kwalitatieve of kwantitatieve leegstand in gemeentelijke gebouwen.

ACCOUNTANTSVERSLAG 5 van 25

Wij adviseren u het onderwerp continuïteit meer aandacht te geven in uw planning & control documenten mede omdat vanaf 2022 wij hierover, net als over frauderisico’s, expliciet moeten rapporteren in de controleverklaring.

3.3 Overgang rechtmatigheid verschoven naar 2023 In eerdere rapportages hebben wij u geïnformeerd over het voornemen van de rijksoverheid om de verantwoordelijkheid voor het rechtmatig handelen nog nadrukkelijker bij het college van burgemeester en wethouders te leggen, door het verplicht stellen van een rechtmatigheidsverantwoording als onderdeel van de jaarrekening. Eind mei is het betreffende wetsvoorstel door de Tweede Kamer met een ruime meerderheid aangenomen. Dit is een belangrijke stap op weg naar de invoering van de rechtmatigheidsverantwoording. De vervolgstap is dat de Eerste Kamer het wetsvoorstel zal behandelen. Tevens zal onderliggende regelgeving nog moeten worden aangepast. Vanwege de uitgestelde behandeling heeft het ministerie van BZK begin juni laten weten dat de invoering van de rechtmatigheidsverantwoording zal verschuiven naar 2023. Dat betekent dat u meer voorbereidingstijd krijgt voor de implementatie De commissie BBV heeft inmiddels een modeltekst voor de rechtmatigheidsverantwoording gepubliceerd en tevens de Kadernota Rechtmatigheid 2022 uitgebracht, die al op de nieuwe situatie is geschreven. Deze kadernota zal, nu de verplichtstelling naar 2023 is doorgeschoven, naar verwachting opnieuw worden geactualiseerd.

Vanaf 2023 krijgt de gemeenteraad de bevoegdheid om de grenzen vast te stellen waarboven er in de rechtmatigheidsverantwoording melding moet worden gemaakt van intern geconstateerde onrechtmatigheden en onduidelijkheden. De wetgever zal naar verwachting het maximum van deze grens leggen op 3% van de totale omvang van de lasten (inclusief toevoegingen aan de reserves). Gemeten aan de omvang van de lasten (inclusief toevoegingen aan reserves) van de gemeente Westerveld over 2021 (ruim € 57 miljoen) zou dat in uw geval neerkomen op een grens van ongeveer € 1,7 miljoen. De gemeenteraad is overigens bevoegd om deze grens lager vast te stellen. Uiteraard kan er pas een rechtmatigheidsverantwoording worden opgesteld als daarvoor in de organisatie in voldoende mate het fundament is gelegd. Dat fundament bestaat uit een combinatie van een adequate procesinrichting en een zekere mate van interne controle om zichtbaar te kunnen maken dat de processen ook daadwerkelijk adequaat verlopen, leiden tot rechtmatig handelen en betrouwbare informatie daarover. De gemeente Westerveld beschikt al langere tijd over een verbijzonderde interne controlefunctie die werkt op basis van een inschatting van de risico’s in de processen.

Er wordt mede vanuit de interne controlestructuur gewerkt aan een passende opzet van de controlepiramide om voldoende input te kunnen leveren voor een deugdelijke rechtmatigheidsverantwoording. Wij wijzen erop, dat uiteraard de lijn verantwoordelijk is voor een kwalitatief goede procesgang, inclusief rechtmatig handelen en daarmee rechtmatige geldstromen. De rechtmatigheidsverantwoording wordt, omdat het een onderdeel is van de jaarrekening, ook onderdeel van de accountantscontrole en zal met ingang van 2023 zijn inbegrepen in het accountantsoordeel omtrent de getrouwheid van de jaarrekening. De kaders en de regelgeving zijn inmiddels voldoende uitgekristalliseerd om de voorbereidingen te kunnen treffen. Dat vraagt afstemming tussen de gemeenteraad en het college van burgemeester en wethouders en de organisatie. Met name als het gaat over de kaderstelling en informatievoorziening. Het gaat dan bijvoorbeeld over de vaststelling van het normenkader, diverse verordeningen, de verantwoordingsgrens, de wijze waarop de interne organisatie van de verantwoording is vormgegeven en eventuele tussentijdse informatievoorziening aan de gemeenteraad.

ACCOUNTANTSVERSLAG 6 van 25

Wij hebben geconstateerd dat u bezig bent om de stappen te zetten om te kunnen voldoen aan de eisen voor de rechtmatigheidsverantwoording. In essentie komt het neer op het realiseren van een stelsel waarbij het expliciet toetsen van processen zoals ten aanzien van personeel, subsidies, inkopen en aanbesteden ingeregeld is op basis van een risicoanalyse, er een methodologie ontwikkeld (waarin ook aandacht wordt gegeven aan het aspect borging van betrouwbaarheid) is en de organisatorische inbedding, onafhankelijk van de feitelijke uitvoering, een plaats heeft gekregen. Tevens is het van belang om voldoende tijd beschikbaar te hebben voor de uitvoering van de controlewerkzaamheden, de evaluatie van de bevindingen en het vertalen ervan naar de rechtmatigheidsverantwoording.

3.4 Nieuw verdeelmodel gemeentefonds start in 2023 Het huidige verdeelmodel stamt grotendeels uit 1997 en werd door het rijk niet meer passend geacht. In de afgelopen 20 jaar is er het nodige veranderd in het takenpakket van gemeenten. Een paar voorbeelden hiervan zijn de overdracht van taken in het sociaal domein, schaalvergroting bij gemeenten als gevolg van herindeling, toenemende maatschappelijke verwachtingen ten aanzien van de dienstverlening door gemeenten en ontwikkelingen op IT-gebied. Per 2023 komt daar de Omgevingswet ook nog bij. De afgelopen jaren is er gewerkt aan een nieuw verdeelmodel dat per 1 januari 2023 van kracht zal worden. Het doel is een nieuw model dat zo goed mogelijk aansluit bij de werkelijke kosten die gemeenten maken. Het model is de afgelopen jaren meerdere keren aangepast op basis van kritiek uit het veld. De huidige parameters en de effecten daarvan leiden met name bij de kleinere gemeenten in de periferie van het land tot de perceptie dat zij er op achteruit gaan. Aan de invoering is een overgangsregeling gekoppeld in de vorm van een ingroeipad van vooralsnog 3 jaar. Het maximale herverdeeleffect is beperkt tot € 37,50 per inwoner gerekend over de periode tot en met 2025. De rijksoverheid heeft de verwachting uitgesproken dat het model geen eindstation zal zijn en continue onderhoud zal vragen.

Daarmee stapt het Rijk af van het systeem dat het model voor een langere periode vast staat en dit betekent dat de stabiliteit van de gemeentelijke financiering afneemt. Volgens uw eigen berekeningen pakt het nieuwe verdeelmodel op dit moment positief uit voor gemeente Westerveld. U geeft in het jaarverslag in de paragraaf ‘Weerstandsvermogen en risicobeheersing’ aan de uitkomst van de berekeningen nog niet in de jaarstukken te benoemen omdat er voorlopig geen risico bestaat van een korting en tegelijk de uitkomst van de berekeningen nog onzeker is.

3.5 Oorlog in Oekraïne, vluchtelingen opvangen in Nederland Gemeenten, veiligheidsregio’s en andere betrokken partijen werken samen met de Rijksoverheid om vluchtelingen uit Oekraïne veilige en humane opvang te bieden. De verwachting is dat het aantal vluchtelingen uit Oekraïne dat naar Nederland komt, fors zal zijn. De veiligheidsregio’s en gemeenten werken samen om voldoende opvangplekken te realiseren. In eerste instantie ging het om 50.000 plaatsen, inmiddels wordt het aantal van 75.000 plaatsen genoemd. De Rijksoverheid heeft een Handreiking gemeentelijke opvang Oekraïners uitgebracht, waarvan versie 2.0 van 4 april 2022 op het moment van het schrijven van dit verslag de actuele versie is. Gemeenten worden geacht ruimten en faciliteiten te regelen en leefgeld te verstrekken, waarbij het Rijk heeft aangegeven in elk geval de directe kosten integraal te vergoeden.

ACCOUNTANTSVERSLAG 7 van 25

Het is daarom zaak de kosten die de gemeente maakt om deze opvang te bieden scherp te registreren en onderbouwen, zodat te zijner tijd het recht op vergoeding adequaat kan worden aangetoond. Aangezien de verstrekking van het leefgeld aan rechthebbenden zonder bankrekening contant zal gaan, hoort een goede kasprocedure daar ook bij. Helder is dat deze opvang het nodige vraagt van de gemeentelijke organisatie.

3.6 Energiecrisis leidt tot oplopende inflatie Mede als gevolg van de oorlog in Oekraïne, maar ook door andere onderliggende factoren zien we de prijzen van grondstoffen, alsmede olie en gas snel oplopen. Dat raakt gemeenten zelf, maar ook de (gesubsidieerde) instellingen, burgers en bedrijven in de gemeente. Als gevolg hiervan hebben de gemeenten de opdracht gekregen om de energietoeslag uit te betalen aan de doelgroep die daarvoor in aanmerking komt. En nadat de afgelopen twee jaren van gemeenten coulance is gevraagd in verband met Corona, liggen nu vragen op tafel als hoe de gemeente omgaat met de inflatie in de richting van gesubsidieerde instellingen als zwembaden, musea, bibliotheken en theaters. Ook in het eigen gemeentelijke begrotingsproces zullen de kostenstijgingen zichtbaar worden. De begroting voor 2023 zal naar verwachting dan ook de nodige onzekerheden bevatten. Dat geldt uiteraard ook voor de uitkomsten van het lopende jaar.

4. CONTROLEPROCES EN BEELD VAN DE INTERNE BEHEERSING 4.1 Het controleproces Een jaarrekeningcontrole is in grote mate extern gereguleerd. Bij de uitvoering van onze controlewerkzaamheden zijn de algemeen geldende “Controle en overige standaarden (COS)” van de NBA (Nederlandse Beroepsorganisatie van Accountants), het Besluit accountantscontrole decentrale overheden, de kadernota rechtmatigheid, het controleprotocol WNT en de verordeningen van de gemeente Westerveld leidend. Gebruikelijk is een verdeling van de werkzaamheden in twee fasen. In eerste instantie, in het boekjaar zelf, voeren we de interim-controle uit. Deze fase is primair gericht op de wijze waarop processen zijn ingericht en interne beheersingsmaatregelen zijn geïmplementeerd. Door een combinatie van interviews, procescontroles en detailwerkzaamheden beoordelen wij de werking van deze interne beheersingsmaatregelen en stellen wij vast dat betrouwbare verantwoordingsinformatie tot stand kan komen. Deze fase hebben we afgesloten met onze managementletter van 13 januari 2022.

Bij de jaarrekeningcontrole richten we ons meer op de cijfers en onderzoeken wij of de jaarrekening, zoals die aan de Raad wordt verstrekt, deugdelijk is opgesteld en onderbouwd, dat de inrichting en presentatie voldoen aan de eisen van het Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten (BBV), dat de waarderingsgrondslagen correct zijn toegepast en de toelichtingen adequaat en volledig zijn. Ook hebben wij onderzocht of de informatie in het jaarverslag niet strijdig is met het beeld van de jaarrekening.

ACCOUNTANTSVERSLAG 8 van 25

4.2. Interne beheersing In onze managementletter van 13 januari 2022 hebben we onze bevindingen en aanbevelingen naar aanleiding van de interim-controle opgenomen. De hoofdlijn van onze bevindingen bij de interimcontrole was dat de procesinrichting en procedureafspraken in opzet voldoen aan de eisen die daaraan gesteld mogen worden. De gemeente onderkent het belang van interne beheersing en controle en heeft daartoe zowel in de processen als over de processen heen controlemaatregelen gedefinieerd. Aandachtspunten uit deze managementletter waren de effecten van COVID-19 op de procesgang in de organisatie, het zichtbaar en reproduceerbaar documenteren van de toets op de prestatielevering bij inkopen en subsidieverstrekking, het naleven van de Europese Aanbestedingsregels alsmede het zichtbaar maken van de identificatie van cliënten inzake de Wet Maatschappelijke Ondersteuning (Wmo), ook als vanwege Corona de contacten met de cliënten anders verlopen. Ook kan de invulling van de opdrachtgever rol bij uitbesteding van taken/werkzaamheden strakker. Onze interim-controle voeren we uit om een beeld te krijgen van de, voor de accountantscontrole relevante processen en de daarin opgenomen interne beheersmaatregelen. We doen geen uitspraken over de effectiviteit van dit stelsel anders dan voor het doen van de controle van de jaarrekening.

Wij concluderen dat uw interne beheersingsmodel met meerdere controlestappen in de werkprocessen zelf en binnen de eenheden over processen heen en een verbijzonderde controlefunctie, bijdraagt aan een betrouwbare procesgang en betrouwbare informatievoorziening mogelijk maakt. De jaarrekeningcontrole heeft die hoofdconclusie onveranderd gelaten. In de hoofdstukken hierna melden we de bevindingen en aandachtspunten die voortvloeien uit de waarnemingen tijdens de jaarrekeningcontrole.

5. VERSLAGGEVINGSREGELS NAGELEEFD De jaarstukken van de gemeente Westerveld moeten voldoen aan het Besluit Begroting en Verantwoording Provincies en Gemeenten (BBV). Deze regels zijn, zoals u weet, anders dan in het bedrijfsleven, zowel qua toerekening van baten en lasten, als ook in de presentatie. Het gaat uiteraard bij decentrale overheden niet om “geld verdienen”, maar om de invulling van de maatschappelijke rol en functie. Daarom geven de verslaggevingsregels veel aandacht aan de beleidsverantwoording in het jaarverslag en aan de toetsing van de uitgaven aan de, door de gemeenteraad ter beschikking gestelde, middelen in de begroting. Daarnaast mogen bepaalde verplichtingen, bijvoorbeeld personele verplichtingen met een jaarlijks gelijkblijvende omvang, niet in de balans worden opgenomen en geldt er een verbod op het consolideren van verbonden partijen. Verbonden partijen moet u benoemen en toelichten in de paragraaf verbonden partijen in het jaarverslag en dat hebt u gedaan. Wij hebben ten aanzien van de inhoud van de jaarstukken en de presentatie van de cijfers in relatie tot de verslaggevingsregels geen significante tekortkomingen geconstateerd. De teksten in het jaarverslag zijn niet inconsistent met het beeld van de jaarrekening. Het jaarverslag, bestaande uit de programmaverantwoording en de paragrafen, verbindt de inhoudelijke prestaties met de baten en de lasten.

Het jaarverslag bevat de op grond van het BBV voorgeschreven onderdelen. De paragrafen bieden inzicht in een aantal onderdelen van de bedrijfsvoering alsmede het risicomanagement en de relatie tussen risico’s en weerstandscapaciteit.

ACCOUNTANTSVERSLAG 9 van 25

6. RESULTAAT EN VERMOGENSPOSITIE 6.1 Resultaat 2021 De begroting na wijziging sluit met een saldo van € 0,1 miljoen negatief. Het nog te bestemmen resultaat over 2021 is € 1,9 miljoen positief, tegenover een positief resultaat over 2020 van € 0,1 miljoen. In de jaarstukken wordt het resultaat geanalyseerd, zowel in het onderdeel Jaarverslag Algemeen als in de toelichting op het overzicht van baten en lasten. We zien in de resultaatanalyse, naast enkele bijzondere posten, een aantal herkenbare patronen die we in meer of mindere mate ook bij andere gemeenten tegenkomen: • De verwerking van de eenmalige CAO uitkering van € 1.200 per medewerker. Het gaat om een totaalbedrag van € 290.000. • Een aanvullende dotatie aan de voorzieningen voormalige bestuurders van € 546.000 naar aanleiding van een nieuwe herrekening. • De algemene uitkering pakt € 0,5 miljoen hoger uit dan verwacht. • De voorziening voor mogelijke oninbaarheid van voormalig IGSD overgenomen debiteuren is voor een bedrag van € 236.000 vrijgevallen. • De opbrengst toeristenbelasting is € 221.000 hoger dan verwacht. • De resultaten in het sociaal domein zijn per saldo € 0,9 miljoen beter dan begroot. • Er is sprake van een hogere Nedvang subsidie en een hogere opbrengst ABS Havelte van € 272.000.

• De resultaten op de grondexploitatie zijn per saldo € 350.000 hoger dan verwacht, daartegen over is er een niet begrote last vennootschapsbelasting van € 393.000. Deze last heeft deels betrekking op aanslagen voorgaande boekjaren. • Er was in de begroting sprake van een verwachte budgetoverheveling in programma 7 voor duurzaamheid en de omgevingswet, maar dit bleek niet nodig. Dit leidt tot een voordeel van € 422.000. In de jaarstukken is een meer gedetailleerde analyse opgenomen van de resultaten per programma en de afwijkingen ten opzichte van de begroting 2021 na wijziging. Tevens is daar bij aangegeven of het gaat om incidentele dan wel structurele voor- of nadelen.

6.2 Balans/vermogenspositie Ten tijde van de controle van de jaarrekening 2021 werd gewerkt aan een nieuw college voor de komende vier jaar. Naast de ontwikkelingen die we in hoofdstuk 3 benoemd hebben en die een significante impact hebben op de gemeente Westerveld, kan ook een nieuw coalitieakkoord invloed hebben op de beoordeling van de huidige maar vooral de toekomstige financiële positie van uw gemeente. Het eigen vermogen ultimo 2021 volgens de balans van de gemeente Westerveld bedraagt in totaal bijna € 17,6 miljoen (2020: € 16,5 miljoen).

ACCOUNTANTSVERSLAG 10 van 25

De samenstelling van het eigen vermogen ultimo 2021 respectievelijk voorgaande jaren, kan als volgt worden weergegeven: Eigen vermogen (in € 1.000)

2021

2020

2019

Algemene reserve

2.282

2.133

3.060

Bestemmingsreserves

13.376

14.318

16.909

Nog te bestemmen resultaat

1.916

83

-/- 1.656

Totaal

17.574

16.534

18.313

Het resultaat over 2021 van € 1,9 miljoen is afzonderlijk in de balans opgenomen in afwachting van besluitvorming in uw Raad over het voorstel tot bestemming. De vermogenstoename bedraagt € 1,0 miljoen. Over 2021 kent de gemeente Westerveld een totaalbedrag aan gerealiseerde baten van € 57,3 miljoen en € 56,3 miljoen aan gerealiseerde lasten vóór mutatie reserves. Het negatieve saldo van € 1,0 miljoen dat hieruit voortvloeit, is het verschil in de vermogenspositie tussen 31 december 2020 en 31 december 2021. U heeft vooraf goedgekeurd dat bedragen aan de reserves onttrokken en toegevoegd mochten worden en per saldo is er € 0,9 miljoen aan de reserves onttrokken. In totaal komt het nog te bestemmen resultaat dan uit op € 1,9 miljoen positief. Wat opvalt is, dat u de afgelopen jaren uw bestemmingsreserves bent gaan inzetten. Er is daarmee een dalende lijn te zien in de bestemmingsreserves. In de paragraaf Weerstandsvermogen en risicobeheersing heeft de gemeente Westerveld een inschatting weergegeven van de belangrijkste risicogebieden. Ook is aangegeven welke weerstandscapaciteit beschikbaar is voor het opvangen van de eventuele gevolgen van de gesignaleerde risico’s. Daaruit blijkt dat de gemeente van mening is dat het aanwezige weerstandsvermogen voldoende is om de gesignaleerde risico’s te kunnen afdekken. Wij hebben geen redenen om deze opvatting in twijfel te trekken.

We merken verder nog op dat gemeenten in 2022 een bedrag ineens krijgen als tegemoetkoming in de tekorten van de jeugdzorg die in de afgelopen jaren zijn opgelopen. Een eigen vermogen van € 17,6 miljoen ultimo 2021 betekent op een balanstotaal van € 49,9 miljoen een solvabiliteit van ruim 35%. Eind 2020 bedroeg het eigen vermogen € 16,5 miljoen en het balanstotaal € 48,4 miljoen, zodat de solvabiliteit eind 2020 uitkwam op 34%. Uw algemene reserve van bijna € 2,3 miljoen komt ten opzichte van het totaal aan lasten voor mutaties in de reserves (€ 56,3 miljoen) uit op circa 4%. In de paragraaf Weerstandsvermogen en risicobeheersing waardeert u de weerstandscapaciteit als zijnde voldoende. U noemt in uw risicoanalyse een aantal niet te kwantificeren risico’s. Het is helder dat, hoewel risico’s moeilijk zijn te kwantificeren, deze bij daadwerkelijke manifestatie een (mogelijk grote) financiële impact hebben.

ACCOUNTANTSVERSLAG 11 van 25

Wij plaatsen de kanttekening dat de weerstandscapaciteit in de vorm van de algemene reserve in dit licht bijzonder mager is. Het verdient naar onze mening aanbeveling om te streven naar een grotere buffer.

7. BEVINDINGEN EN AANDACHTSPUNTEN JAARREKENINGCONTROLE 7.1 Europees aanbesteden blijft aandacht vragen We signaleren dat decentrale overheden veel aandacht hebben voor rechtmatig inkopen en aanbesteden. Dat geldt ook voor de gemeente Westerveld. We zien ook in de praktijk dat het een lastig, en soms complex en weerbarstig onderwerp is. Binnen de gemeente Westerveld is er inkoopbeleid vastgesteld en zijn er procedures ontwikkeld om te borgen dat er aan de regels wordt voldaan. Raamcontracten, een dynamisch aankoopsysteem, een contractenregister en inkoopstartformulieren zijn voorbeelden van maatregelen in het proces. De gemeente heeft daarnaast over 2021 een spendanalyse opgesteld ter controle op de aanbestedingsrechtmatigheid. De basis voor de spendanalyse is een weergave van ‘bestedingen per crediteur’. Deze moet worden vertaald naar het niveau van kostensoort en/of ‘CPV-code’. Per crediteur kunnen namelijk meerdere soorten transacties plaatsvinden. De controle richt zich dan op gelijksoortige transacties. De aanbestedingswet en de Gids Proportionaliteit geven nadere duiding in de te volgen aanpak maar stellen ook tegelijkertijd dat het niet is toegestaan om voorgenomen transacties onnodig samen te voegen dan wel te knippen.

De gedachte achter de regels is het transparant maken van inkoopprocessen en het voorkomen van “uitschakeling” van de concurrentie door onnodig clusteren dan wel knippen. Wij hebben kennis genomen van de meest recente spendanalyse welke over geheel 2021 is uitgevoerd. Daaruit blijken onrechtmatige transacties tot een bedrag van € 351.000. Wij nemen dit bedrag mee in onze evaluatie in hoofdstuk 8.2.

7.2 Sociaal domein nog steeds een flinke hap uit uw begroting De grote decentralisaties uit 2015, waardoor gemeenten de verantwoordelijkheid hebben voor het hele sociaal domein, Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo), Jeugdwet en Participatiewet, leggen al jaren een fors beslag op de gemeentelijke organisatie en de gemeentelijke financiën. Gemeenten rapporteren erover in hun P&C documenten, waaronder de jaarrekening. Ook in de pers zijn de laatste jaren regelmatig berichten over stijgende lasten, tekorten in de financiering en de complexiteit van de uitvoering. Ook op het gebied van verantwoording en controle komt dit onderwerp de laatste jaren steeds terug in de gemeentelijke jaarrekening, alsmede in de oordelen en rapportages van de accountants bij gemeenten. Hoewel de uitvoering inmiddels goed is ingebed en ingesleten in de gemeentelijke organisatie, zijn er op de verschillende onderdelen binnen het sociaal domein nog steeds ontwikkelingen en bevindingen in de accountantscontrole. In dit hoofdstuk gaan we daar nader op in. 7.2.1 Uitvoering PGB Wmo en Jeugdwet door de SVB Vanaf de start van de decentralisaties is er sprake van “gedwongen winkelnering” voor gemeenten. De uitvoering van de PGB’s geschiedt door de Sociale verzekeringsbank. De controle op de uitvoering en de financiële verantwoording aan de gemeenten wordt gedaan door de interne accountant van de SVB.

Bij de verantwoordingen over 2021 heeft deze accountantsdienst een verklaring met beperking afgegeven.

ACCOUNTANTSVERSLAG 12 van 25

Hoewel de SVB de administratieve uitvoering van de PGB’s verzorgt, doet zij zelf geen onderzoek naar de prestatielevering. Bestedingen uit hoofde van Wmo en Jeugdwet (zowel ZiN als PGB) worden intern gecontroleerd op rechtmatigheid binnen de toewijzing. Dit is onderdeel van het reguliere controleplan. De gemeente verricht zelf intern aanvullende werkzaamheden om de prestatielevering en de levering van zorg te verifiëren. Met betrekking tot de prestatielevering van PGB-bestedingen heeft de gemeente, aanvullend op enkele dossiercontroles, telefonisch de levering van zorg geverifieerd. De tevredenheid van geleverde zorg, aansluiting met beschikking en het aantal uren is nagevraagd. Uit dit onderzoek blijken geen aanwijzingen dat de zorgprestatie niet is geleverd. Omdat dergelijke controles worden uitgevoerd houdt dit per saldo in dat wij als accountant van de gemeente Westerveld kunnen uitgaan van de door de SVB gemelde projectie van de “meest waarschijnlijke fout” in de uitvoering zoals opgenomen in de projectiebrieven Wmo en Jeugdwet. Bij de “meest waarschijnlijke fout” gaat het bij Westerveld om een bedrag van € 23.000. Dit bedrag nemen wij niet mee in onze evaluatie in hoofdstuk 8.2, aangezien dit beneden de rapporteringstolerantie ligt.

7.2.2 CAK verantwoordelijk voor de inning van de eigen bijdragen In verschillende gevallen zijn de mensen aan wie ondersteuning wordt toegekend een eigen bijdrage verschuldigd. Stichting Centraal Administratie Kantoor AWBZ (CAK) is de instantie die de berekening en inning van de eigen bijdrage verzorgt en deze doorbetaalt aan de gemeente. Net als bij de uitvoering van de PGB’s zijn gemeenten verplicht het CAK in te schakelen en heeft men niet de keuze om het zelf ter hand te nemen. Gemeenten hebben geen inzicht in de berekening van de hoogte van de eigen bijdrage en kunnen daar dus ook geen verantwoordelijkheid voor dragen. Systeemtechnisch betekent dit dat gemeenten alleen verantwoordelijk zijn voor de aanmelding van cliënten bij het CAK. In de Kadernota rechtmatigheid is aangegeven dat de juistheid en de volledigheid van de eigen bijdrage niet vallen onder de verantwoordelijkheid van de gemeente en daarmee ook niet onder de reikwijdte van de rechtmatigheidscontrole die wij moeten uitvoeren in het kader van onze jaarrekeningcontrole bij uw gemeente. De gemeente Westerveld heeft op basis van een interne analyse van het klantenbestand in voldoende mate aangetoond dat de daarvoor in aanmerking komende cliënten zijn aangemeld bij het CAK. Tevens is een analyse opgesteld waarbij de gerealiseerde eigen bijdragen zijn vergeleken met de begroting.

Hieruit blijken geen aanwijzingen dat de eigen bijdragen niet volledig zijn / worden geïnd. 7.2.3 Wmo en jeugdwet, zorg in natura Voor de daadwerkelijke uitvoering van de zorg heeft de gemeente Westerveld zelf, dan wel samen met andere opdrachtgevers, tal van zorgaanbieders gecontracteerd om de feitelijke zorg te leveren. De gemeente verstrekt zorg op basis van door de gemeente zelf vast te stellen indicaties (Wmo), dan wel op basis van doorverwijzingen door daartoe bevoegde professionals (Jeugdwet). Er is uiteraard in de loop van het jaar het nodige contact tussen gemeente en zorgaanbieders, en tussen gemeente en cliënten, in belangrijke mate via elektronisch berichtenverkeer. Intern worden controles uitgevoerd om de rechtmatigheid van de bestedingen en verstrekkingen uit hoofde van Wmo en Jeugdwet vast te stellen. Controles op Wmo en Jeugdzorg bestedingen hebben niet tot bevindingen geleid.

ACCOUNTANTSVERSLAG 13 van 25

Als sluitstuk ontvangt de gemeente na afloop van het boekjaar van de zorgaanbieders productieverantwoordingen, waarbij boven een afgesproken grens een controleverklaring van de accountant van de zorgaanbieder vereist is. De gemeente analyseert de ontvangen verantwoordingen en controleverklaringen, legt verbanden met de eigen gemeentelijke administratie, klachtenregistraties, contacten met zorgaanbieders en cliënten en vormt zich op basis van het totaal van deze informatie een oordeel over de vraag of de zorg in voldoende mate is geleverd en daarmee de zorgkosten rechtmatig zijn betaald. Wij hebben deze analyses van de gemeente beoordeeld en constateren dat als gevolg van administratieve verschillen, ontbrekende verantwoordingen en niet goedkeurende controleverklaringen bij zorgaanbieders sprake is van onzekerheden ten aanzien van de bestedingen tot een bedrag van € 33.000. Dit bedrag nemen wij mee in onze evaluatie in hoofdstuk 8.2. 7.2.4 Uitvoering TOZO en TONK Als reactie op de Corona-pandemie zijn diverse steunmaatregelen ingesteld door het Rijk, waarbij gemeenten een belangrijke rol hebben in de uitvoering. Het betreft de Tijdelijke Overbruggingsregelingen Zelfstandige Ondernemers (TOZO) en de Tijdelijke Ondersteuning Noodzakelijke Lasten (TONK). Verantwoording inzake de TOZO aan het rijk geschiedt door middel van de SiSa-bijlage.

Belangrijk om te benadrukken is dat de gemeente zelf verantwoordelijk is voor het rechtmatig verstrekken van de TOZO- en TONK-uitkeringen en dat er voldoende opvolging moet zijn en blijven omtrent de IB-signalen. 7.2.5 Participatiewet en leerlingenvervoer Onze controlewerkzaamheden ten aanzien van de uitvoering van de Participatiewet en het leerlingenvervoer brengen geen fouten en onzekerheden naar voren. Noch ten aanzien van de dossiercontroles, noch ten aanzien van de baten, lasten en balansmutaties zijn er zaken geconstateerd die in dit verslag onder uw aandacht moeten worden gebracht. Onze bevindingen sluiten aan op de uitkomsten van de interne controle.

7.3 Subsidies De gemeente verstrekt tal van subsidies aan instellingen in de gemeente om maatschappelijke activiteiten en andere initiatieven te ondersteunen die u belangrijk vindt. De doelstellingen in verordeningen, beleidsstukken en beschikkingen zijn meestal zodanig ruim geformuleerd dat de subsidieontvanger een zekere mate van ruimte heeft in de besteding. Tegelijkertijd betekent dat ook dat er meestal geen eenduidige en keiharde norm is waartegen de prestaties van de subsidieontvanger (moeten) worden afgezet. Veelal is de verantwoording financieel ingestoken en wordt voor het inzicht in activiteiten en prestaties naast het jaarverslag ook gebruik gemaakt van ambtelijk en bestuurlijk overleg. In de afgelopen twee jaren van Corona hebben instellingen soms tijdelijk hun deuren moeten sluiten en in andere perioden hun activiteiten moeten uitstellen en/of anders invullen. Ook als evenementen niet doorgaan, of als een bibliotheek bijvoorbeeld tijdelijk dicht is, lopen kosten geheel of deels wel door. Om die reden zijn er de afgelopen jaren steunmaatregelen geweest en betrachten overheden coulance in de beoordeling van activiteiten en prestaties in relatie tot de vaststelling van subsidie.

In de gevallen waarin gesubsidieerde organisaties in 2021 door de coronaomstandigheden niet in staat zijn geweest activiteiten volgens planning uit te voeren is op grond van een collegebesluit geen sprake van terugvordering van de subsidie. De gemeente past daarmee coulance toe.

ACCOUNTANTSVERSLAG 14 van 25

Wij hebben geconstateerd dat in de subsidieverordening hiervoor door de Raad ook ruimte aan het college geboden wordt om daarin te handelen. Ten tijde van de controle waren de meeste subsidies over 2021 nog niet definitief vastgesteld. Eventuele verrekeningen zullen daarom in de jaarstukken 2022 naar voren komen.

7.4 Grondexploitatie Ondanks de Corona-pandemie, of misschien wel “dankzij”, zien we in 2020 en 2021 in het algemeen dat gemeenten veel belangstelling kennen voor gronden. Er wordt goed verkocht en veel gebouwd, hetgeen ook zichtbaar is in de opbrengsten van bouwleges. Voor gemeente Westerveld geldt echter dat er met betrekking tot woningbouw wel veel vraag is maar dat de gemeente momenteel weinig kavels heeft om uit te geven. Net als voorgaand jaar is de balanswaarde van de voorraad gronden negatief. Ultimo 2021 is de negatieve balanswaarde € 0,4 miljoen en ultimo 2020 was dit een negatieve balanswaarde van € 1,4 miljoen. Er zijn per saldo meer kosten gemaakt voor bouw- en woonrijp maken dan er verkoopopbrengsten zijn gerealiseerd. Voor de complexen die naar verwachting zullen sluiten met een verlies (bedrijventerrein Meenteweg-Oeveraseweg in Havelte en het woningbouwcomplex Vledder Noord fase 1b) zijn voorzieningen gevormd. Voor wat betreft het eventueel tussentijds nemen van winst is de “percentage of completion (POC) methode” voorgeschreven. Op grond van deze voorschriften is in 2021 ongeveer € 0,4 miljoen aan winst genomen. De inherente risico’s vanuit de grondexploitatie zoals onzekerheid over het verkooptempo en de kostenontwikkeling maken de grondexploitatie gevoelig voor “verstoringen”.

De actuele ontwikkelingen in de inflatie, de bouwkosten en de beschikbaarheid van bouwbedrijven en materialen kunnen effect (gaan) hebben op de uiteindelijke uitkomsten van de grondexploitatie. Het beeld dat de belangstelling voor woningbouw vooralsnog groter is dan voor bedrijventerreinen zien we bij veel meer gemeenten.

7.5 Opheffing voorziening IGSD Vanaf de ontvlechting van IGSD per 1 januari 2020 stond in de balans van gemeente Westerveld een voorziening voor mogelijk oninbare vorderingen van € 236.000 waarvan de belangrijkste betrekking had op de voormalige IGSD. Naar aanleiding van door ons gestelde vragen over de betreffende voorziening is deze in 2021 vrijgevallen en ten gunste van het resultaat 2021 gebracht. De reden is dat er geen vorderingen op of met betrekking tot de voormalige ISGD meer open staan en een voorziening voor mogelijke oninbaarheid daarmee overbodig is geworden.

7.6 Begrotingsrechtmatigheid Uw stelsel van begroten en de bewaking ervan, moet waarborgen dat de baten en lasten binnen de (gewijzigde) begroting blijven en dat belangrijke wijzigingen of dreigende overschrijdingen tijdig worden gemeld aan de Raad, zodat deze tijdig (binnen het begrotingsjaar) een besluit kan nemen. Wij hebben vastgesteld dat de totale lasten de gewijzigde begroting niet overschrijden, maar per programma is het beeld wisselend.

ACCOUNTANTSVERSLAG 15 van 25

We constateren overschrijdingen op het programma’s 0 Bestuur en ondersteuning, 6 Sociaal Domein, op de Overhead en op de Vennootschapsbelasting. Het betreffen overschrijdingen die worden gecompenseerd door direct gerelateerde opbrengsten, overschrijdingen vanwege open einde regelingen dan wel overschrijdingen die passen binnen het bestaande beleid en niet eerder bekend waren of naderhand zijn gebleken. Daarmee vallen deze overschrijdingen volgens de Kadernota rechtmatigheid in de categorie “onrechtmatig, maar tellen ze niet mee voor het oordeel van de accountant”. Door het vaststellen van de jaarstukken 2021 worden deze overschrijdingen alsnog door de Raad geautoriseerd. Begrotingsrechtmatigheid gaat niet alleen over de lasten, maar ook over de (investerings-)kredieten. Dit betreft de bedragen die de Raad ter beschikking stelt voor met name investeringen in wegen, riolering, gebouwen en dergelijke. De besteding van deze kredieten is vaak verdeeld over meerdere jaren. Wij hebben geconstateerd dat er een kredietoverschrijding is geweest van totaal € 6.300. Gezien de omvang van het bedrag wegen wij deze niet mee in de foutevaluatie begrotingsonrechtmatigheid in hoofdstuk 8.2. Op basis van deze waarneming constateren we dat bij de beoordeling van de voortgang van projecten en de bijbehorende kredieten de verbinding met het rechtmatigheidsbegrip scherper kan.

7.7 Schattingen consistent toegepast Inherent aan het opmaken van een jaarrekening is dat het college schattingen moet doen. Daarbij hoort dat schattingen uiteen kunnen lopen vanwege het deels subjectieve karakter en de beschikbare informatie. Om die reden zijn schattingen meer dan gemiddeld vatbaar voor beïnvloeding door het management of door derden en daardoor hechten we nog meer dan bij andere jaarrekeningposten aan een gedegen onderbouwing van de schattingen. Deze onderbouwing moet de subjectiviteit in het schattingsproces reduceren, maar een zekere bandbreedte, variërend van een te voorzichtige schatting tot een te optimistische schatting, blijft aanwezig. In het controleproces hebben we ten aanzien van een aantal posten met de organisatie gesproken over de veronderstellingen en de methodieken onder de schattingen. Het algemene beeld dat bij ons ontstaat, is dat de schattingen blijven binnen de hiervoor bedoelde bandbreedte, correct zijn onderbouwd en dat de uitgangspunten voor schattingen consistent worden toegepast. Desalniettemin hoort het inherent bij schattingen, dat de werkelijkheid uiteindelijk kan afwijken. Nadat de werkzaamheden rondom de jaarstukken nagenoeg waren afgerond is op basis van bijgestelde berekeningen van de actuaris is gebleken dat de voorziening ‘voormalige bestuurders en personeel’ € 127.000 te laag is opgenomen.

Gezien het moment waarop deze informatie beschikbaar is gekomen, kunnen wij begrijpen dat deze post niet meer is gecorrigeerd. We moeten deze fout wel meenemen in onze evaluatie in hoofdstuk 8.2, maar er is geen sprake van effect op het oordeel.

7.8 Fiscaliteiten 7.8.1 Vennootschapsbelasting In de jaarrekening 2021 is een last vennootschapsbelasting verantwoord van € 393.000. Dit bestaat, naast invorderingsrente, uit een nagekomen last 2019 en 2020 van € 123.000 en een voorlopige aanslag 2021 van € 262.000. De voorlopige aanslag 2021 betreft een door de belastingdienst gemaakte schatting. Er is geen fiscale berekening voorhanden om de voor 2021 genomen last te onderbouwen. ACCOUNTANTSVERSLAG 16 van 25

De vennootschapsbelasting heeft betrekking op de grondexploitatie. De fiscale methode van winstberekening loopt in de praktijk niet geheel parallel met de bedrijfseconomische methode omdat fiscaal gerichte regelingen en faciliteiten (mogen dan wel moeten) worden toegepast. Over langere termijn kunnen verschillen echter grotendeels tegen elkaar wegvallen. We zetten daarom, bij het ontbreken van een definitieve fiscale berekening 2021, de voorlopige aanslag af tegen de bedrijfseconomische gegevens zoals deze blijken uit de jaarrekening 2021. Uitgaande van de in de grondexploitatie genomen winst van € 433.000 verminderd met de in 2021 genomen last voor ophoging voorziening van € 53.000 komt het resultaat 2021 volgens de jaarrekening 2021 uit op € 380.000. Tegen het in 2021 geldende belastingtarief van (15% het tarief dat geldt tot een bedrag van € 245.000, 25% voor het meerdere boven € 245.000) komt de verwachte last uit op ca € 70.000. De verantwoorde last van € 262.000 is daarmee mogelijk circa € 192.000 te hoog. Wij hebben deze post als onzekerheid meegenomen in de foutevaluatie in paragraaf 8.2. 7.8.2 Omzetbelasting/BTW Compensatiefonds De door de gemeente gebruikte mengpercentages bij het verrekenen van omzetbelasting/BCF zijn nog niet met de belastingdienst afgestemd. Teneinde naheffingen te voorkomen adviseren wij de afstemming binnenkort plaats te laten vinden.

8. MATERIALITEIT EN OORDEEL 8.1 Controletoleranties De controletolerantie is de term waarmee accountants aanduiden met welke precisie de controle wordt uitgevoerd. De maximumnormen die hiervoor gelden zijn opgenomen in het Besluit Accountantscontrole Decentrale Overheden. De raad heeft de mogelijkheid deze normen neerwaarts bij te stellen maar daar heeft u geen gebruik van gemaakt. Het is overigens ook niet gebruikelijk dat te doen. Het onderzoek van de jaarrekening heeft tot doel om een oordeel uit te spreken over de getrouwheid, oftewel een antwoord te geven op de vraag: “kloppen de cijfers”? enerzijds en de financiële rechtmatigheid anderzijds “zijn de baten, de lasten en de balansmutaties tot stand gekomen in overeenstemming met de relevante wet- en regelgeving?”). Deze beide oordelen liggen vast in de controleverklaring. Controle geeft een hoge mate van zekerheid, maar geen absolute zekerheid. Een controle is niet bedoeld om alle fouten en onzekerheden te detecteren. Dat zou, gezien de consequenties voor de hoeveelheid werk en de daarmee gepaard gaande kosten ook niet rationeel zijn. Het wettelijk maximum bedraagt 1% van de lasten voor fouten respectievelijk 3% van de lasten voor onzekerheden. Toevoegingen aan reserves worden in dit kader ook als lasten beschouwd.

De lasten over 2021 inclusief toevoegingen aan reserves bedroegen € 57,4 miljoen, over 2020 ging het om een bedrag van € 59,8 miljoen. Daardoor ligt de grens op een iets lager niveau dan voorgaand jaar. De rapporteringstolerantie heeft het karakter van een afspraak waarboven wij controleverschillen aan u rapporteren. Op grond van onze eigen vaktechnische regels moeten wij afwijkingen van meer dan 5% van de goedkeuringstolerantie sowieso rapporteren.

ACCOUNTANTSVERSLAG 17 van 25

Op basis van uw lastentotaal van € 57,4 miljoen over 2021 zijn de grensbedragen dit jaar als volgt: Goedkeuringstoleranties

Grondslag

Bedrag (afgerond) €

Fouten Onzekerheden

1% van de totale lasten 3% van de totale lasten

574.000 1.722.000

Op basis van de goedkeuringstolerantie (€ 574.000) zoals hiervoor benoemd bedraagt de rapporteringstolerantie (naar beneden afgrond) € 28.000.

8.2. Overzicht van niet-gecorrigeerde controleverschillen In onderstaand overzicht hebben we de samenvatting opgenomen van de geconstateerde controleverschillen die niet gecorrigeerd zijn. Daarbij is het belangrijk te onderkennen dat bij rechtmatigheidsfouten herstel doorgaans niet mogelijk is, omdat de betreffende handeling niet ongedaan gemaakt kan worden. Ook is het zo dat alle verschillen en onzekerheden met betrekking tot de getrouwheid, ook in het oordeel over rechtmatigheid meetellen, omdat op dit punt de verslaggevingsregels niet zijn gevolgd. Dientengevolge is het onze ervaring dat de grenzen bij rechtmatigheid sneller overschreden worden dan bij getrouwheid. Niet gecorrigeerde controleverschillen

Bedrag

fouten en onzekerheden in euro

Invloed eigen vermogen ultimo jaar

Invloed resultaat

Op basis van bijgestelde berekeningen van de actuaris is de voorziening ‘voormalige bestuurders en personeel’ te laag opgenomen

€ 127.000

€ 127.000

€ 127.000

Totaal verschillen getrouwheid

€ 127.000

€ 127.000

€ 127.000

De last vennootschapsbelasting 2021 ad € 262.000 is deels onzeker aangezien een fiscale berekening niet voorhanden is. Het als onzeker aangemerkte deel bedraagt € 192.000.

€ 192.000

€ 192.000

€ 192.000

Ten aanzien van de zorg in natura Jeugdwet en Wmo is er onvoldoende controleinformatie om de getrouwheid en de rechtmatigheid vast te kunnen stellen als gevolg van administratieve verschillen en ontbrekende verantwoordingen (zie 7.2.3)

€ 33.000

N.V.T.

N.V.T.

Totaal onzekerheden getrouwheid

€ 225.000

€ 225.000

€ 225.000

ACCOUNTANTSVERSLAG 18 van 25

Getrouwheidsfouten zijn ook rechtmatigheidsfouten

€ 127.000

N.V.T.

N.V.T.

Aanbestedingsfouten

€ 351.000

N.V.T.

N.V.T.

Totaal rechtmatigheidsfouten (inclusief getrouwheidsverschillen)

€ 478.000

N.V.T.

N.V.T.

Onzekerheden voor getrouwheid zijn ook onzekerheden voor rechtmatigheid .

€ 225.000

N.V.T.

N.V.T.

Totaal rechtmatigheidsonzekerheden

€ 225.000

N.V.T.

N.V.T.

Uit dit overzicht blijkt dat de geconstateerde verschillen en onzekerheden voor zowel het aspect getrouwheid als rechtmatigheid binnen de grenzen van paragraaf 8.1 blijven. Daarom is de strekking van onze controleverklaring goedkeurend voor zowel getrouwheid als rechtmatigheid. Het totaal aan rechtmatigheidsfouten is met een bedrag van € 478.000 substantieel verbeterd ten opzichte van voorgaand jaar. Toen bedroeg het totaal aan rechtmatigheidsfouten ruim € 1.236.000 miljoen en was met betrekking tot rechtmatigheid een controleverklaring met beperking uitgebracht. Er is dus in ons oordeel ten aanzien van het aspect rechtmatigheid duidelijk verbetering zichtbaar ten opzichte van de beperking over 2020.

9. VERPLICHTE RAPPORTAGEONDERDELEN Er zijn vanuit de beroepsregels voor accountants, dan wel vanuit de ontwikkelingen in de maatschappelijke verwachtingen een aantal onderwerpen die in een accountantsverslag moeten worden behandeld. Daar gaan wij in dit hoofdstuk nader op in.

9.1 Onafhankelijkheid gewaarborgd De beroepsorganisatie van accountants NBA heeft de voorschriften in het kader van de onafhankelijkheid opgenomen in de Verordening inzake de onafhankelijkheid van accountants bij assurance-opdrachten (ViO). Op grond van deze voorschriften moeten wij ons ervan vergewissen dat wij onafhankelijk zijn en blijven van onze opdrachtgevers en daarover rapporteren. De naleving van de beroepsregels, waaronder deze ViO, is in de organisatie van HZG Accountants & Adviseurs ingebed. Op basis van onze toetsing aan deze verordening concluderen wij dat onze onafhankelijkheid als certificerend accountant bij de gemeente Westerveld voldoende is gewaarborgd. Wij hebben het afgelopen jaar bij de gemeente Westerveld naast de opdracht tot controle van de jaarrekening geen andere opdrachten uitgevoerd en er zijn ook anderszins geen omstandigheden die onze onafhankelijkheid als controlerend accountant zouden kunnen bedreigen.

9.2 Fraude, integriteit en naleving van wet- en regelgeving Van de accountant wordt op grond van de regels van de beroepsorganisatie (NBA) een professioneel-kritische houding verwacht ten aanzien van afwijkingen van materieel belang als gevolg van fraude in de jaarrekening maar ook met betrekking tot omkoping, corruptie, ondermijning en de naleving van andere wet- en regelgeving.

ACCOUNTANTSVERSLAG 19 van 25

De aandacht voor het thema fraude en integriteit neemt de laatste jaren steeds verder toe. Het zorgt ervoor dat organisaties steeds vaker gevraagd wordt transparant te zijn in de visie, het beleid en het toezicht op het integer handelen in alle geledingen van de organisatie. Dat gaat dus niet alleen over fraude maar ook over misbruik en oneigenlijk gebruik, het hanteren van gedragscodes en de naleving van andere regelgeving bijvoorbeeld op het gebied van arbeidsomstandigheden en milieu. Dit geldt niet alleen op de werkvloer, maar vraagt ook iets van het gemeentebestuur. De werkzaamheden die de accountant ten aanzien van het onderwerp fraude verricht en de bevindingen op hoofdlijnen worden steeds vaker opgenomen in de controleverklaring. Bij de gemeente Westerveld is dat vanaf 2022 verplicht. Het doel van deze paragraaf is om beter duidelijk te maken welke werkzaamheden wij verrichten, en wat de verantwoordelijkheid van organisatie, college en Raad is om voldoende maatregelen te treffen. De Raad heeft ook in dezen een toezichthoudende rol en dient deze zichtbaar in te vullen. Los van de formele verplichtingen is het belangrijk om het gesprek hierover te openen. We hebben in de uitvoering van onze werkzaamheden gemerkt dat er aandacht is voor fraude en integriteit.

Echter, de gemeente beschikt nog niet over een frauderisico-analyse maar vanuit de verbijzonderde interne controle is er wel aandacht voor frauderisico’s en beheersmaatregelen in de processen. De accountant maakt zelf ook een inschatting van de frauderisico’s binnen een organisatie, en vormt zich een beeld van de maatregelen van interne beheersing die de organisatie heeft getroffen om mogelijke fraudes van materieel belang te voorkomen en te bezien of deze maatregelen effectief zijn. Datzelfde geldt ook voor integriteitsrisico’s en mogelijke niet-naleving van andere regelgeving. In iedere organisatie bestaat een risico op het doorbreken van de interne beheersing door het management bij de totstandkoming van schattingen. We beoordelen in het kader van onze controle de interne processen op deze schattingen en doen detailcontroles op de uitgangspunten en aannames die aan significante schattingen ten grondslag liggen. Ook zijn we alert op ongebruikelijke transacties, samenwerkingsrelaties en de naleving van procedures die mede tot doel hebben transparantie en integer handelen te bevorderen. Elementen daaruit zijn controles op de prestatielevering bij inkooptransacties, het naleven van het inkoopbeleid en aanbestedingsregels.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Westerveld&id=62500617-8620-45ca-81f5-41e41d24906a