Beleidsplan Schuldhulpverlening Westerveld
Tekst van het document
Versie: 20-01-2026
1
Inhoudsopgave 1. Inleiding ................................................................................................................3 1.1 Wettelijk kader ...............................................................................................3 1.2 Toegang tot schuldhulpverlening ....................................................................4 1.3 Doel van dit beleidsplan .................................................................................6 1.4 Maatschappelijke visie Westerveld .................................................................7 2. Voorkomen van schulden .....................................................................................9 2.1 Situatieanalyse ..............................................................................................9 2.2 Preventie .....................................................................................................10 2.3 Vroegsignalering ..........................................................................................12 3.
Aanpak van schulden ..........................................................................................14 3.1 Integrale schuldhulpverlening.......................................................................14 3.2 Materiële schuldhulpverlening ......................................................................15 3.3 Immateriële schuldhulpverlening..................................................................15 3.4 Werkwijze Stichting de Gemeentelijke Kredietbank ........................................15 3.5 Wacht- en doorlooptijden GKB......................................................................16 3.6 Trajecten binnen schuldhulpverlening ...........................................................17 3.7 Specifieke doelgroepen binnen de schuldhulpverlening .................................19 4.Nazorg .................................................................................................................22 5. Samenwerking en netwerk ..................................................................................24 6.
Kwaliteit..............................................................................................................26 6.1 Kwaliteitswaarborging ..................................................................................26 6.2 Monitoring en evaluatie ................................................................................27 6.3 Klachtenprocedure ......................................................................................28 7. Een blik vooruit ...................................................................................................29
2
1. Inleiding Schuldhulpverlening is de afgelopen jaren flink in beweging. Maatschappelijke ontwikkelingen zoals de toeslagenaffaire, de coronapandemie en de stijgende prijzen voor energie en levensonderhoud hebben geleid tot een toename van financiële problemen bij een steeds bredere groep mensen. Waar schulden eerder vooral voorkwamen bij mensen met langdurige armoede, raken nu ook werkenden, jongeren, ondernemers en mensen met mentale problemen sneller in de knel. De stress en onzekerheid die voortkomen uit financiële tekorten hebben directe impact op het dagelijks functioneren en het welbevinden van onze inwoners. We zien daardoor dat bestaansonzekerheid toeneemt en de maatschappelijke veerkracht onder druk staat. Financiële zorgen beperken mensen in hun keuzes, gezondheid en toekomstperspectief. Het is daarom essentieel dat onze dienstverlening voortdurend meebeweegt met de veranderende samenleving en tijdig inspeelt op signalen van geldzorgen. In dit beleidsplan zetten we uiteen hoe we toewerken naar een toegankelijke, proactieve en mensgerichte schuldhulpverlening, die écht verschil maakt voor onze inwoners. 1.1 Wettelijk kader De Wet gemeentelijke schuldhulpverlening (Wgs) vormt de basis voor de gemeentelijke taken op het gebied van schuldhulpverlening.
Op grond van artikel 2 Wgs is de gemeente Westerveld verplicht om elke vier jaar een geactualiseerd beleidsplan op te stellen. Dit plan biedt richting aan de wijze waarop wij inwoners met financiële zorgen ondersteunen. De Wgs onderstreept de zorgplicht van gemeenten voor mensen met (dreigende) problematische schulden. Die zorgplicht strekt zich uit over vier kernonderdelen van schuldhulpverlening: preventie, vroegsignalering, curatie en nazorg. Elk onderdeel speelt een eigen, onmisbare rol in het doorbreken van schuldenproblematiek en het bevorderen van duurzame bestaanszekerheid. •
•
• •
Preventie richt zich op het vergroten van financiële bewustwording en het voorkomen van schulden bij alle inwoners, met extra aandacht voor signalen van beginnende geldzorgen. Vroegsignalering is sinds de wetswijziging van 2021 een expliciete wettelijke taak. Gemeenten zijn sindsdien, samen met vaste lastenpartners, verantwoordelijk voor het vroegtijdig signaleren van betalingsachterstanden. Curatie omvat alle inspanningen gericht op het stabiliseren en oplossen van problematische schulden. Nazorg is bedoeld om inwoners na een traject duurzaam te ondersteunen en terugval te voorkomen. 3
Een deel van deze taken wordt uitgevoerd door Stichting de Gemeentelijke Kredietbank (GKB), namens en onder verantwoordelijkheid van het college van burgemeester en wethouders van Westerveld. In het verlengde van de Wgs zijn ook andere wetten van invloed op de schuldhulpverlening en wordt aansluiting gezocht bij landelijke beleidskaders en programma’s die gericht zijn op het vergroten van bestaanszekerheid en het voorkomen van schulden, zoals het Nationaal Programma Armoede en Schulden, de Agenda Bestaanszekerheid, en de kwaliteitsnormen van de VNG, Divosa en NVVK. Deze landelijke kaders bieden richting aan lokale keuzes, zonder de gemeentelijke verantwoordelijkheid en maatwerkbenadering te beperken. Verschillende aanverwante wetten die invloed op de uitvoering van de schuldhulpverlening zijn onder meer om: • de Wet vereenvoudiging beslagvrije voet (vBvv); • het Adviesrecht gemeenten bij schuldenbewind (Ags); en • de Wet stroomlijning derdenbeslag (in voorbereiding). Hoewel deze wetten niet afzonderlijk worden uitgewerkt in dit beleidsplan, volgt de gemeente Westerveld de landelijke ontwikkelingen en past zij haar uitvoering waar nodig aan.
Door op deze manier binnen de wettelijke en landelijke kaders te werken, zorgt Westerveld voor een consistente, toekomstbestendige en mensgerichte uitvoering van de schuldhulpverlening, die aansluit bij zowel landelijke doelen als lokale behoeften. Wet adviesrecht gemeenten bij schuldenbewind Sinds 1 januari 2021 is de Wet Adviesrecht gemeenten bij schuldenbewind (Ags) van kracht. Deze wet geeft gemeenten de mogelijkheid om de rechter te adviseren bij een verzoek tot onderbewindstelling vanwege schulden. Onze gemeente maakt momenteel geen gebruik van dit adviesrecht. In de komende beleidsperiode verkennen we of en op welke wijze het adviesrecht een waardevolle aanvulling kan zijn op onze ondersteuning aan inwoners met financiële problemen. Hierbij wordt onder andere gekeken naar de benodigde capaciteit, de mogelijke effecten op de instroom in beschermingsbewind en de samenwerking met ketenpartners. 1.2 Toegang tot schuldhulpverlening Inwoners van de gemeente Westerveld kunnen zich melden voor schuldhulpverlening wanneer zij financiële zorgen, betalingsachterstanden of problematische schulden 4
ervaren. De ondersteuning richt zich zowel op inwoners met een vast inkomen als op zelfstandigen, ondernemers en zzp’ers. De gemeente Westerveld hecht grote waarde aan een laagdrempelige en mensgerichte toegang. Dat betekent dat inwoners niet alleen op basis van regels worden beoordeeld, maar dat er altijd ruimte is voor maatwerk, overleg en een persoonlijke afweging. De menselijke maat staat voorop: elke situatie wordt in context beoordeeld, met oog voor de oorzaken van financiële problemen en de mogelijkheden tot herstel. Uitsluitingsgronden De Wgs kent slechts één absolute uitsluitingsgrond: personen zonder geldige verblijfstatus in Nederland kunnen geen gebruikmaken van gemeentelijke schuldhulpverlening. Daarnaast hanteert de gemeente Westerveld enkele aanvullende, beleidsmatige uitsluitingsgronden die gericht zijn op het waarborgen van zorgvuldigheid en rechtvaardigheid: 1. Fraude: Schuldhulpverlening kan worden geweigerd aan personen die fraude hebben gepleegd waardoor een bestuursorgaan financieel is benadeeld, en die hiervoor onherroepelijk strafrechtelijk zijn veroordeeld of een bestuurlijke sanctie hebben ontvangen die beoogt leed toe te voegen. 2. Recidive: Hulp kan (tijdelijk) worden geweigerd aan inwoners die eerder gebruik hebben gemaakt van schuldhulpverlening. Hierbij wordt onderscheid gemaakt tussen: a.
Personen die minder dan twee jaar voorafgaand aan de nieuwe aanvraag een schuldhulpverleningstraject succesvol hebben afgerond; b. Personen die minder dan drie jaar voorafgaand aan de nieuwe aanvraag in een schuldhulpverleningstraject hebben gezeten, waarbij dit traject tussentijds is beëindigd op grond van een of meerdere van de volgende redenen: ▪ het niet nakomen van opgelegde verplichtingen; ▪ het verstrekken van onjuiste gegevens; ▪ het misdragen tegenover medewerkers. Door deze uitsluitingsgronden zorgvuldig toe te passen, behoudt de gemeente de mogelijkheid om in specifieke situaties maatwerk te leveren, zonder afbreuk te doen aan de betrouwbaarheid en rechtvaardigheid van de hulpverlening.
5
Om zorgvuldig te kunnen besluiten over toelating, kan de gemeente – conform de wettelijke bepalingen – relevante gegevens opvragen bij andere bestuursorganen. Daarbij wordt gebruikgemaakt van landelijke registratiesystemen zoals: • het Centraal Krediet Informatiesysteem (CKI) van het BKR, waarin saneringskredieten en schuldregelingen worden geregistreerd; • het Centraal Insolventieregister (CIR), waarin schuldsaneringen op grond van de Wet schuldsanering natuurlijke personen (Wsnp) worden vastgelegd. Deze informatie ondersteunt de gemeente bij het beoordelen van aanvragen en het voorkomen van onnodige herhaling van trajecten. 1.3 Doel van dit beleidsplan Met dit beleidsplan zet de gemeente in op het versterken van een toegankelijke, mensgerichte en effectieve schuldhulpverlening. We willen dat inwoners met geldzorgen tijdig passende ondersteuning vinden, zonder onnodige drempels of vertraging. Daarbij staan het vergroten van bestaanszekerheid, het voorkomen van problematische schulden en het bevorderen van financiële veerkracht centraal. Dit levert een positieve bijdrage aan de gezondheid, zelfredzaamheid en participatie van inwoners. We bouwen voort op de stevige basis die is gelegd in het beleidsplan Integrale Schuldhulpverlening 2021–2025. Deze basis heeft gezorgd voor belangrijke stappen in de richting van vroegsignalering, maatwerk en samenwerking.
Tegelijkertijd blijven we inspelen op landelijke ontwikkelingen, zoals het Nationaal Programma Armoede en Schulden en wijzigingen in wet- en regelgeving. De samenleving verandert, en dat vraagt om een schuldhulpverlening die meebeweegt en zich blijft ontwikkelen. De gemeente kiest nadrukkelijk voor een benadering die aansluit bij de leefwereld van inwoners. Dat betekent: dichtbij, begrijpelijk en met oog voor de mens achter de schulden. We streven naar een schuldhulpverlening die niet alleen effectief is, maar ook beschermend — en die daadwerkelijk het verschil maakt in het dagelijks leven van onze inwoners. Dit beleidsplan biedt richting en houvast voor de verdere ontwikkeling van onze schuldhulpverlening in de komende jaren. Het vormt de basis voor keuzes, samenwerking en vernieuwing, met als doel: meer financiële rust en bestaanszekerheid voor iedereen die dat nodig heeft.
6
1.4 Maatschappelijke visie Westerveld In december 2023 heeft de raad van de gemeente Westerveld de maatschappelijke visie vastgesteld. Met deze visie bepalen we de richting hoe we als gemeente integraal willen samenwerken in het Sociaal Domein. Als gemeente streven wij daarbij naar gezonde, zelfredzame en participerende Westervelders. Koppeling tussen visie, programma’s en maatschappelijke resultaten Dit beleidsplan schuldhulpverlening is primair ingebed in het programma Zelfredzaamheid, met als centrale ambitie Bestaanszekerheid: inwoners beschikken over een stabiele basis op de vijf leefgebieden wonen, inkomen, welzijn, werk/school en sociaal vangnet. De acties in dit beleidsplan, zoals preventie en vroegsignalering, laagdrempelige toegang tot hulp en het versterken van financiële vaardigheden, zijn direct gericht op het realiseren van deze ambitie. Door inwoners te ondersteunen bij het op orde brengen van hun financiën en het voorkomen van problematische schulden, vergroten we hun regie op het eigen leven en versterken we hun zelfredzaamheid. Tegelijkertijd reiken de effecten van dit beleid verder dan het programma Zelfredzaamheid. Financiële stabiliteit is een sleutelvoorwaarde voor de andere twee pijlers van onze maatschappelijke visie: •
•
Gezonde inwoner: minder financiële stress draagt bij aan mentale gezondheid en een gezonde leefstijl. Inwoners ervaren rust en balans, waardoor de kans op gezondheidsproblemen afneemt. Participerende inwoner: door het wegnemen van financiële drempels kunnen inwoners actief deelnemen aan sport, cultuur, onderwijs en verenigingsleven. Dit bevordert sociale cohesie en vitale dorpen.
De maatschappelijke resultaten die wij nastreven zijn concreet en meetbaar: •
•
Collectief: Inwoners hebben vaardigheden om financieel gezond te blijven, problematische schulden worden voorkomen en bestaande schulden worden effectief teruggedrongen. Specifieke doelgroepen: Huishoudens tot 120% van het sociaal minimum ervaren geen financiële belemmeringen om mee te doen, inwoners in acute nood ontvangen passende hulp, mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt krijgen kansen via werkgelegenheid.
7
Monitoring in combinatie met de maatschappelijke visie De monitoring van dit beleidsplan sluit aan bij de monitoringsstructuur van de maatschappelijke visie: de indicatoren en resultaten die wij volgen (zoals het aantal huishoudens met problematische schulden, het percentage inwoners dat financieel zelfredzaam is en het aantal meldingen via vroegsignalering) zijn terug te vinden onder de ambitie bestaanszekerheid in de beleidsmonitor van de visie. Door deze koppeling is niet alleen beleidsmatig inzichtelijk hoe schuldhulpverlening bijdraagt aan de bredere maatschappelijke doelen maar ook meetbaar. Financiële stabiliteit werkt door in alle drie de pijlers van de visie: • • •
Gezonde inwoner: Minder financiële stress kan een betere mentale en meer gezonde leefstijl tot gevolg hebben. Zelfredzame inwoner: Inwoners ervaren regie over hun leven en kunnen zelfstandig keuzes maken. Participerende inwoner: Het wegnemen van financiële drempels maakt deelname aan sport, cultuur en het verenigingsleven mogelijk.
De maatschappelijke resultaten die wij nastreven zijn concreet en meetbaar, en worden jaarlijks gerapporteerd binnen de integrale monitoring van de visie. Zo is dit beleidsplan niet alleen een uitvoeringsinstrument, maar ook een toetsbare bijdrage aan het realiseren van een gezonde, zelfredzame en participerende Westervelder. We werken daarbij aan een monitor die sociaal domein-breed in te zetten is. Door deze integrale benadering draagt schuldhulpverlening niet alleen bij aan bestaanszekerheid, maar ook aan een gezonde, zelfredzame en participerende Westervelder. Het beleidsplan is daarmee een schakel in het realiseren van de maatschappelijke visie en vormt een motor voor preventie, inclusie en veerkracht in onze gemeente.
8
2. Voorkomen van schulden 2.1 Situatieanalyse In onze gemeente kloppen jaarlijks tussen de dertig en veertig inwoners aan voor schuldhulpverlening. Het gaat hierbij om een diverse groep inwoners: mensen met een laag inkomen, alleenstaanden, jongeren met studielasten, ondernemers die financieel zijn vastgelopen en mensen met psychische of cognitieve kwetsbaarheid. Hoewel er hulp beschikbaar is, blijkt dat een groot deel van deze inwoners (nog) niet in beeld is bij de schuldhulpverlening. De drempel om hulp te zoeken wordt als hoog ervaren. Schaamte, angst en wantrouwen richting de overheid zorgen ervoor dat mensen vaak te laat aankloppen — of helemaal niet. De schuldenproblematiek is complex en veelvormig. Inwoners kampen met zeer uiteenlopende schulden, zoals betalingsachterstanden op huur, zorg- en energiekosten, belastingen, boetes of aflossingen van leningen. In de praktijk gaat het vaak om een combinatie van meerdere soorten schulden die zich opstapelen. Hierdoor verliest men het overzicht. Daarnaast zien we dat financiële problemen meestal niet op zichzelf staan: deze gaan vaak samen met zorgen op andere leefgebieden, zoals gezondheid, werk, relatieproblemen, opvoeding of huisvesting.
Deze stapeling van problemen vergroot de stress en maakt het voor inwoners moeilijk om grip te houden op hun situatie, wat de negatieve gevolgen voor welzijn, gezondheid en toekomstperspectief verder versterkt. Stichting de Gemeentelijke Kredietbank (GKB) De gemeente Westerveld werkt nauw samen met Stichting de Gemeentelijke Kredietbank (GKB), die de schuldhulpverlening uitvoert. Deze samenwerking verloopt goed. De lijnen zijn kort, de benadering is laagdrempelig en maatwerk staat centraal. In tegenstelling tot gemeenten die sterk systeemgericht werken, kiezen wij bewust voor nabijheid en menselijkheid. We kijken niet alleen naar de schulden, maar ook naar het verhaal achter de cijfers. Dit maakt dat inwoners zich vaak gezien en gehoord voelen. We sluiten aan bij de leefwereld van inwoners. De GKB was voorheen een Gemeenschappelijke Regeling van enkele gemeenten waar de gemeente Westerveld diensten afnam. Vanaf 1 januari 2026 is de GKB een stichting waar de gemeente Westerveld aan deelneemt via de Raad voor Publiek Belang. Binnen de bestaande dienstverlening is er ook aandacht voor specifieke doelgroepen. De GKB biedt begeleidingstrajecten aan voor zelfstandig ondernemers en jongeren. Ook voert de GKB voor de gemeente Westerveld het ontzorgen van statushouders uit, een
9
taak die voor alle gemeenten sinds januari 2022 wettelijk verplicht is gesteld. Deze onderdelen worden de komende tijd verder doorontwikkeld. Ook externe ontwikkelingen vragen om continue aanpassing. De verkorting van de wettelijke schuldsaneringsperiode (Wsnp), landelijke wetswijzigingen en het verschuivende beleidsaccent van stabiliseren naar saneren hebben directe gevolgen voor onze aanpak. Tegelijkertijd blijft de druk op gemeentelijke middelen toenemen, terwijl financiële hulpvragen blijven groeien. Inflatie, stijgende kosten van levensonderhoud en veranderende demografische samenstelling zorgen ervoor dat financiële kwetsbaarheid toeneemt en nieuwe groepen in de knel komen. In deze context is het van belang om koers te houden op wat werkt — onze menselijke maat, het maatwerk en de goede samenwerking met de GKB — en tegelijkertijd verder te bouwen aan een toekomstbestendige, toegankelijke en specialistische schuldhulpverlening. Zo kunnen we structureel bijdragen aan bestaanszekerheid en veerkracht van onze inwoners. 2.2 Preventie Preventie binnen de schuldhulpverlening: gericht op het voorkomen van (nieuwe) schulden Preventie is een essentieel onderdeel van het schuldhulpverleningsbeleid.
De gemeente Westerveld zet in op het voorkomen van problematische schulden door inwoners vroegtijdig te ondersteunen, financiële vaardigheden te versterken en signalen van geldzorgen serieus te nemen. Preventieve schuldhulpverlening richt zich op het tijdig herkennen van financiële knelpunten en het bieden van toegankelijke hulp, nog vóórdat schulden escaleren. Deze inzet krijgt in Westerveld onder andere vorm via de volgende voorzieningen: •
Financieel spreekuur Inwoners kunnen met vragen over hun financiën wekelijks terecht bij het gezamenlijke spreekuur van de gemeente Westerveld en de GKB. Ook is er op wisselende locaties in de gemeente een spreekuur van Welzijn Mensenwerk, de politie en de consulent vroegsignalering van de gemeente Westerveld. Soms wordt er hier ook gesproken over schulden of financiën. Deze spreekuren fungeren als laagdrempelige toegangspoort voor informatie, advies en eventuele doorverwijzing.
•
Ervaringsdeskundige Binnen de gemeente Westerveld wordt actief gewerkt met een ervaringsdeskundige in de schuldhulpverlening. Zij vervult een dubbele rol: als consulent vroegsignalering is zij betrokken bij het vroegtijdig opsporen van 10
financiële kwetsbaarheid en daarnaast is zij aanwezig bij het inloopspreekuur van de GKB en het financiële spreekuur van de gemeente. De kracht van de ervaringsdeskundige ligt in haar persoonlijke ervaring met schulden. Hierdoor kan zij inwoners op een herkenbare en toegankelijke manier benaderen, waardoor sneller een vertrouwensband ontstaat. Dit zorgt ervoor dat inwoners openstaan voor advies en ondersteuning en verhoogt de effectiviteit van de geboden dienstverlening. Haar inzet versterkt meerdere onderdelen van de preventieve aanpak: Vroegtijdige signalering: financiële problemen worden eerder gesignaleerd, waardoor tijdig passende ondersteuning kan worden geboden. Toegankelijkheid: inwoners ervaren minder drempels om hulp te vragen en voelen zich gehoord en begrepen. Kwaliteit van dienstverlening: praktische inzichten en ervaringskennis worden gebruikt om advies en begeleiding beter af te stemmen op de behoeften van inwoners. Zo vormt de ervaringsdeskundige een verbindende schakel tussen inwoners, de gemeente, de GKB en andere betrokken partners. Haar inzet draagt bij aan een mensgerichte, laagdrempelige en effectieve schuldhulpverlening, met als doel inwoners te ondersteunen naar financiële stabiliteit en duurzame veerkracht. •
Duurzaam aan het werk Voor inwoners die in een uitkeringssituatie terechtkomen, wordt ingezet op duurzame uitstroom richting betaald werk wanneer dat mogelijk is. Door begeleiding en bemiddeling naar passende werkplekken dragen we bij aan stabiele inkomenssituaties en het voorkomen van schulden.
•
Toegang tot financiële regelingen Inwoners met beperkte financiële ruimte kunnen ondersteuning ontvangen via minimaregelingen. Denk aan hulp bij onverwachte kosten of zorguitgaven via bijvoorbeeld bijzondere bijstand of een collectieve zorgverzekering.
•
Ondersteuning bij life-events Situaties zoals meerderjarig worden, scheiding of verlies van werk hebben invloed op financiële risico’s. Door vanuit de gemeente tijdig ondersteuning te bieden, kan worden voorkomen dat tijdelijke betalingsproblemen uitgroeien tot schulden. Als iemand 18 jaar, dus meerderjarig wordt, sturen we vanuit de gemeente een verjaardagskaart met belangrijke informatie. Er wordt op deze kaart verwezen naar geldfit. Geldfit is bij alle life events te gebruiken. De website
11
heeft verschillende routes om aan te klikken. Het is een website waar anoniem en laagdrempelig informatie te vinden is over financiën. •
Financiële zelfredzaamheid bij inburgering Wij ontzorgen ook bij inburgering. Dat betekent dat we als gemeente statushouders met een bijstandsuitkering in de eerste zes maanden financieel ondersteunen door vaste lasten zoals huur, gas, water, elektriciteit en zorgverzekering via de ontzorging van de GKB betalen. Deze aanpak biedt rust en stabiliteit, zodat inburgeraars zich kunnen richten op het opbouwen van hun nieuwe leven en het succesvol doorlopen van hun inburgeringstraject. Na deze periode verschuift de aandacht naar begeleiding bij financiële zelfredzaamheid. Door trainingen in budgetbeheer en financiële vaardigheden leren statushouders stap voor stap hun eigen administratie te voeren en verantwoord met geld om te gaan, waardoor het risico op schulden aanzienlijk wordt verkleind.
•
Financiële educatie In samenwerking met de GKB zetten we in op het vergroten van financiële vaardigheden en bewustwording bij kinderen en jongeren. Dit doen we onder andere via gastlessen, lesmateriaal en interactieve theatervoorstellingen op scholen. Zo maken we het onderwerp geld en schulden op een laagdrempelige en aansprekende manier bespreekbaar.
•
Podcast Samen met lokale partners heeft de gemeente een podcast ontwikkeld: Gezond en Geld in Westerveld. In samenwerking met Stichting de Gemeentelijke Kredietbank (GKB), Daisz (de rappende psycholoog) en verschillende (zorg)professionals uit onze gemeente zijn er drie afleveringen gemaakt over een onderwerp waar nog vaak moeilijk over wordt gesproken: geldstress en gezondheid. In deze podcast hoor je echte mensen met eerlijke verhalen, deskundig advies en inspirerende voorbeelden uit onze eigen gemeente. Samen willen we het taboe doorbreken, geldzorgen bespreekbaar maken en inwoners helpen om gezond en financieel veerkrachtig te blijven.
2.3 Vroegsignalering Tijdig in beeld, dichtbij in contact Sinds 1 januari 2021 zijn gemeenten wettelijk verplicht om actief in te zetten op vroegsignalering van schulden. Ook in de gemeente Westerveld geven we hier invulling aan, in nauwe samenwerking met Welzijn Mensenwerk (WMW) en ketenpartners zoals woningcorporaties, energieleveranciers, waterbedrijven en zorgverzekeraars. Deze partijen leveren signalen aan van betalingsachterstanden. Op basis daarvan proberen 12
we inwoners met (beginnende) geldzorgen in een vroeg stadium te bereiken en passende ondersteuning aan te bieden. De gemeente Westerveld heeft in het vorige beleidsplan (2021-2025) sterk ingezet op vroegsignalering. Dat proces is toen opgestart en loopt nu nog steeds soepel. Deze lijn zetten we door. Hiervoor hebben we een consulent vroegsignalering in dienst bij de gemeente Westerveld. Dit zorgt voor een dienstverlening die past bij de hulpvrager. Westerveld streeft naar een sluitende aanpak, waarin persoonlijk contact en maatwerk centraal staan. Als kleinere gemeente pakken we alle meldingen individueel op. De binnenkomende signalen wél zorgvuldig gewogen: we kijken naar herhaling, de hoogte van de betalingsachterstand en opeenvolgende meldingen. Inwoners worden actief benaderd via verschillende kanalen: per brief, telefonisch, via sms of WhatsApp, en indien nodig met een huisbezoek. Waar mogelijk bieden we ondersteuning aan die gericht is op het voorkomen van problematische schulden en het versterken van financiële veerkracht. Daarbij staat maatwerk voorop: geen situatie is hetzelfde, en iedere inwoner verdient een benadering die past bij diens omstandigheden. Een goed voorbeeld hiervan is de aanpak richting jongeren. Jongeren sluiten vaak minder goed aan bij de reguliere schuldhulpverlening.
Deze doelgroep vraagt om een andere manier van communiceren, bereiken en begeleiden. De vroegsignaleerder stemt de werkwijze hierop af, met oog voor de leefwereld van deze doelgroep. Zo zorgen we ervoor dat ook zij passende hulp krijgen, op een manier die bij hen aansluit. De gemeente Westerveld beperkt zich niet tot de wettelijke opdracht rondom vroegsignalering. We zien het als een bredere maatschappelijke verantwoordelijkheid: om signalen op te vangen, hulp laagdrempelig aan te bieden en samen met partners te werken aan het vergroten van bestaanszekerheid voor al onze inwoners.
13
3. Aanpak van schulden 3.1 Integrale schuldhulpverlening Wanneer schulden problematisch worden, is er meer nodig dan alleen financiële ondersteuning. Inwoners met schulden hebben vaak te maken met problemen op meerdere leefgebieden, zoals gezondheid, werkloosheid, huisvesting of opvoeding. Schulden veroorzaken stress en beperken het denkvermogen, waardoor het moeilijk is om op eigen kracht een oplossing te vinden. Dit vraagt om een integrale benadering. De gemeente Westerveld kiest bewust voor een schuldhulpverlening waarin samenhang en samenwerking centraal staan. Integrale schuldhulpverlening betekent dat we verder kijken dan alleen de financiële problemen, en ook aandacht hebben voor onderliggende oorzaken. We werken hierbij samen met maatschappelijke partners, de GKB, vrijwilligersorganisaties en andere betrokken hulpverleners. Daarbij wordt proactief aansluiting gezocht bij de deskundigheid binnen het Sociaal Domein van de gemeente Westerveld om bredere vragen en ondersteuningsbehoeften van inwoners vroegtijdig te signaleren en aan te pakken. Effectieve schuldhulpverlening draagt bij aan de bestrijding van armoede en vergroot de mogelijkheden van mensen om actief deel te nemen aan het sociale en maatschappelijke leven. Daarnaast heeft een goed schuldhulpverleningsbeleid niet alleen effect op het leven van de inwoner, maar ook op de samenleving als geheel.
Het leidt tot minder aanspraak op jeugdzorg en Wmo, meer kansen op re-integratie, het voorkomen van huisuitzettingen, maatschappelijke uitval en dak- of thuisloosheid, en lagere kosten voor politie en rechtspraak. Door schulden op te lossen en nieuwe schulden te voorkomen, bieden we inwoners perspectief en bevorderen we maatschappelijke participatie. De integrale aanpak in Westerveld rust op drie pijlers: • Materiële schuldhulpverlening: het oplossen van schulden door stabilisatie, betalingsregelingen, schuldbemiddeling of sanering; • Immateriële schuldhulpverlening: hulp gericht op het oplossen of wegnemen van omstandigheden die de financiële problemen veroorzaken dan wel laten voortbestaan; • Preventie (en nazorg): maatregelen en ondersteuning om nieuwe schulden te voorkomen en terugval te beperken. We houden rekening met het denk- en doenvermogen van inwoners. Hulp wordt begrijpelijk, tijdig en via passende kanalen aangeboden. We ondersteunen waar nodig maar hebben ook oog voor de eigen verantwoordelijkheid van de inwoner. De toegang 14
tot schuldhulpverlening verloopt via meerdere routes: professionals, vrijwilligers, signalen van vaste lastenpartners of hulpvragen van inwoners zelf. Met deze aanpak wil de gemeente Westerveld bereiken dat inwoners economisch zelfredzaam worden, dat onderliggende problemen worden opgelost en dat problematische schulden worden voorkomen. Zo bouwen we aan structurele oplossingen en een sterk sociaal vangnet voor inwoners met schulden. 3.2 Materiële schuldhulpverlening Materiële schuldhulpverlening richt zich op het oplossen van financiële problemen wanneer er een concrete financiële hulpvraag is. Dit gebeurt via verschillende trajecten, zoals stabilisatie van de financiële situatie, het treffen van betalingsregelingen, schuldbemiddeling of sanering van schulden. Dit deel van de Wgs wordt voor de gemeente Westerveld uitgevoerd door de GKB. De GKB neemt namens het college besluiten over de toegang tot schuldhulpverlening en over de ondersteuning die inwoners ontvangen. De kwaliteit van deze dienstverlening en de resultaten die met integrale schuldhulpverlening worden beoogd, zijn onderdeel van de opdrachtverlening aan de GKB. De gemeente Westerveld waarborgt deze dienstverlening en zal ook in de komende jaren blijven investeren in kwalitatief goede en toegankelijke schuldhulpverlening.
Als gemeente zijn we vanaf 1 januari 2026 deelnemer aan de stichting GKB via de Raad voor Publiek Belang. 3.3 Immateriële schuldhulpverlening Naast de directe (materiële) schuldhulpverlening is er binnen de gemeente Westerveld ook aandacht voor de immateriële kant van financiële problematiek. Deze vorm van hulp richt zich op het wegnemen van onderliggende omstandigheden die schulden veroorzaken of in stand houden, zoals psychische druk, relatieproblemen, gezondheidsklachten of een gebrek aan overzicht en regie. De immateriële schuldhulpverlening wordt in Westerveld uitgevoerd door Welzijn Mensenwerk Westerveld (WMW). We hebben met hen een overeenkomst die aansluit op onze maatschappelijke visie. (Zie kopje 1.4.) WMW biedt laagdrempelige eerstelijnsondersteuning aan inwoners met problemen op het gebied van financiën, huisvesting, relaties, werk, opvoeding en verwerking. Hierbij is zowel aandacht voor financiële als voor sociale factoren. 3.4 Werkwijze Stichting de Gemeentelijke Kredietbank Stichting de Gemeentelijke Kredietbank (GKB) speelt een cruciale rol in het bieden van schuldhulpverlening aan inwoners van Westerveld. De GKB ondersteunt inwoners 15
actief bij het vinden van oplossingen voor hun financiële problemen, de mogelijke oorzaken hiervan en de omstandigheden die het oplossen van deze problemen belemmeren. Een belangrijk uitgangspunt is het voorkomen van het ontstaan van problematische schulden. De aanpak van de GKB is opgebouwd uit vier pijlers, die gezamenlijk bijdragen aan een effectieve en duurzame schuldhulpverlening: 1. Stabiliseren: Wanneer een inwoner tijdelijk of langdurig niet in staat is om zijn of haar inkomsten te beheren, neemt de GKB deze taak (tijdelijk) over. Dit om het evenwicht tussen inkomsten en uitgaven te herstellen en de betaling van vaste lasten zoals huur, energie, water en ziektekosten te waarborgen. 2. Schulden regelen: De GKB streeft ernaar schulden hanteerbaar te maken door middel van betalings- of schuldregelingen, zodat inwoners hun financiële situatie beter kunnen overzien en beheersen. 3. Zelfredzaamheid bevorderen: Het vergroten van de financiële zelfredzaamheid staat centraal. De GKB zet hiervoor budgetcoaching in en werkt nauw samen met gespecialiseerde hulpverleners om inwoners duurzaam te ondersteunen. 4. Crisisinterventie: In acute situaties richt de GKB zich op het voorkomen van afsluitingen van gas, elektra of water en het voorkomen van huisuitzettingen, zodat de meest kwetsbare inwoners snel worden geholpen.
3.5 Wacht- en doorlooptijden GKB De gemeente Westerveld hecht grote waarde aan een tijdige en toegankelijke dienstverlening. De GKB hanteert dan ook heldere normen voor wachttijden en doorlooptijden: •
•
•
De doorlooptijd vanaf aanmelding tot de start van de intake bedraagt maximaal zeven dagen, dus één week. Bij een crisissituatie wordt binnen vier uur gehandeld om directe ondersteuning te bieden. De integrale intake, van het eerste gesprek tot het starten van het vervolgtraject of een afwijzing, heeft een doorlooptijd van gemiddeld vier weken, conform de wettelijke norm uit de Wgs. Voor het vervolgtraject gelden specifieke doorlooptijden, die zijn vastgelegd in het Basisdienstenboek van de GKB. Hierin worden ook de verschillende diensten en kwaliteitsstandaarden van de GKB beschreven.
16
3.6 Trajecten binnen schuldhulpverlening De materiële schuldhulpverlening bestaat uit verschillende – soms opvolgende – onderdelen: het minnelijke traject, het wettelijk schuldsaneringstraject (WSNP) en, in uitzonderlijke gevallen, een faillietverklaring. De gemeente richt zich primair op het minnelijk traject, omdat hiermee veelal een langdurige juridische procedure kan worden voorkomen en inwoners sneller perspectief op financiële rust krijgen.
Minnelijk traject (MSNP) In het minnelijke traject worden schuldeisers benaderd met het doel om gezamenlijk tot een schuldregeling te komen. Daarbij wordt uitgegaan van de maximale aflossingscapaciteit van de inwoner. Wanneer alle schuldeisers akkoord gaan, geldt de regeling voor een periode van achttien maanden. Als één of enkele schuldeisers niet vrijwillig meewerken, kan de gemeente namens de inwoner een dwangakkoord aanvragen bij de rechtbank. De rechter kan de schuldeisers dan verplichten mee te werken, waardoor de schuldregeling toch kan doorgaan. Binnen het minnelijke traject kan worden gekozen voor een klassieke schuldregeling of voor een saneringskrediet. Bij een saneringskrediet wordt het afgesproken aflosbedrag in één keer door de GKB aan de schuldeisers betaald. De inwoner houdt dan nog slechts één schuld over: de lening bij de GKB, die in achttien maanden wordt afgelost. Deze aanpak biedt rust en overzicht voor de inwoner, minder administratieve belasting voor schuldeisers en meer ruimte voor begeleiding. Daarom zet de gemeente, in lijn met landelijke ontwikkelingen en de NVVK-richtlijnen, waar mogelijk in op het gebruik van saneringskredieten. Sinds 1 juli 2023 is de aflosperiode voor nieuwe minnelijke schuldregelingen verkort van 36 naar 18 maanden. Deze wijziging geldt niet met terugwerkende kracht voor lopende regelingen.
Hoewel de formele aflosfase nu korter is, blijft de totale ondersteuning van inwoners vaak langer doorlopen: naast de aflosperiode is er blijvende aandacht voor begeleiding, stabilisatie en nazorg om terugval te voorkomen.
Nulaanbod Sinds 1 juli 2023 is het ook mogelijk om in specifieke situaties een zogenaamd nulaanbod te doen. Een nulaanbod wordt ingezet wanneer het voor de inwoner niet mogelijk is om af te lossen. De aflossingscapaciteit is dan nul. Dit kan bijvoorbeeld voorkomen als er (tijdelijk) geen middelen beschikbaar zijn. Er wordt geen daadwerkelijk bedrag afgelost aan de schuldeisers, maar het traject loopt wel door. Zo kan iemand toch begeleiding ontvangen om de financiële situatie te stabiliseren, ook wanneer er niets afgelost kan worden. Het nulaanbod biedt de mogelijkheid om schuldeisers actief bij de regeling te betrekken, terwijl de inwoner de ruimte krijgt om te 17
werken aan stabilisatie, budgetbeheer en nazorg. Hiermee wordt voorkomen dat een inwoner uit het traject valt, en blijft begeleiding en toezicht mogelijk. Tegelijkertijd is maatwerk essentieel: in situaties waarin een saneringskrediet of nulaanbod niet passend of haalbaar is, wordt een aanbod gedaan op basis van schuldbemiddeling. Ongeacht de gekozen route blijft er aandacht voor begeleiding, stabilisatie en nazorg, zodat terugval wordt voorkomen en duurzame financiële veerkracht wordt bevorderd.
Verkorte BKR-registratie Inwoners die een schuldregeling succesvol afronden, bleven tot voor kort vijf jaar geregistreerd bij het Bureau Krediet Registratie (BKR). De gemeente Westerveld vindt, in lijn met een door de VNG afgegeven advies, dat een bewaartermijn van zes maanden beter aansluit bij het doel van schuldhulpverlening: inwoners helpen om duurzaam financieel opnieuw te beginnen. Een registratie moet beschermen tegen nieuwe schulden, maar mag herstel niet onnodig belemmeren. Uit cijfers blijkt dat het risico op terugval vooral in het eerste halfjaar na afronding het grootst is. Een beperkte bewaartermijn van zes maanden biedt daarom ruimte voor nazorg en zorgt ervoor dat inwoners niet te snel opnieuw financiële verplichtingen aangaan. De GKB sluit per september 2025 aan bij het door de VNG afgegeven advies en hanteert sindsdien een bewaartermijn van zes maanden voor BKR-registraties na een succesvol afgeronde schuldregeling.
Wettelijke schuldsanering (Wsnp) Wanneer het minnelijke traject niet tot stand komt of voortijdig mislukt, kan de inwoner in aanmerking komen voor de Wet Schuldsanering Natuurlijke Personen (Wsnp). Dit is de wettelijke vorm van schuldhulpverlening, die via de rechter wordt toegekend en uitgevoerd. Ook voor de WSNP is de standaardlooptijd sinds 2024 verkort van 36 naar 18 maanden. De rechter kan de duur in specifieke situaties verlengen, bijvoorbeeld als de schuldenaar niet volledig heeft voldaan aan de verplichtingen of als de omstandigheden daartoe aanleiding geven. Gemeenten zijn door het Rijk gemandateerd om een zogenoemde Wsnp-verklaring af te geven, waarin wordt vastgelegd waarom het minnelijk traject niet is geslaagd. Op basis hiervan kan de inwoner bij de rechtbank een verzoek indienen om te worden toegelaten tot de wettelijke schuldsanering. In tegenstelling tot het minnelijke traject zijn schuldeisers bij de Wsnp verplicht om mee te werken. De rechtbank benoemt een bewindvoerder die het traject begeleidt en toezicht houdt op de uitvoering. Het doel blijft om de inwoner na afloop een ‘schone lei’ te bieden en een duurzame nieuwe start mogelijk te maken. 18
Faillietverklaring In uitzonderlijke gevallen kan, wanneer een Wsnp-traject niet tot stand komt of niet succesvol wordt afgerond, een faillietverklaring worden aangevraagd door de schuldenaar, een schuldeiser of de bewindvoerder. Bij toewijzing door de rechtbank wordt een curator aangesteld die het beheer over de boedel overneemt. De gemeente Westerveld legt nadrukkelijk de focus op het minnelijke traject, met als doel inwoners zo snel mogelijk financiële rust te bieden en juridische trajecten te voorkomen. Binnen dit traject heeft het saneringskrediet de voorkeur, omdat het schulden in één keer kan afkopen, overzicht en rust biedt voor de inwoner en de administratieve lasten voor schuldeisers en schuldhulpverlening beperkt. Tegelijkertijd is maatwerk essentieel: in situaties waarin een saneringskrediet niet passend of haalbaar is, wordt een aanbod gedaan op basis van schuldbemiddeling. Ongeacht de gekozen route blijft er aandacht voor begeleiding, stabilisatie en nazorg, zodat terugval wordt voorkomen en duurzame financiële veerkracht wordt bevorderd. 3.7 Specifieke doelgroepen binnen de schuldhulpverlening De gemeentelijke schuldhulpverlening is er voor alle inwoners van Westerveld met (dreigende) schulden. Tegelijkertijd is bekend dat sommige groepen extra risico lopen op financiële problemen of dat schulden bij deze groepen grotere maatschappelijke gevolgen hebben.
3.7.1 Doelgroepen binnen de uitvoeringspraktijk van de GKB De GKB richt zich – naast de algemene dienstverlening – specifiek op de volgende doelgroepen: • Ondernemers • Jongvolwassenen (18–27 jaar) Voor deze doelgroepen is de werkwijze van de GKB aangepast aan hun specifieke omstandigheden. Hiermee sluit de GKB aan bij de landelijke beleidskaders en programma's.
Ondernemers Ondernemers kunnen te maken krijgen met complexe financiële situaties, waarin zakelijke- en privébelangen sterk met elkaar verweven zijn. De schuldhulpverlening aan ondernemers heeft tot doel een minnelijke regeling tot stand te brengen voor de totale schuldenlast, zodat een levensvatbare onderneming kan blijven voortbestaan en persoonlijke financiële problemen worden voorkomen. De GKB werkt bij ondernemers met een integrale aanpak, waarin zowel de privé- als de bedrijfsfinanciën worden meegenomen. Er wordt onderzocht of de onderneming 19
toekomstperspectief heeft en of doorstart, behoud of beëindiging van het bedrijf de beste route is. Indien nodig wordt samengewerkt met het Regionaal Orgaan Zelfstandigen (ROZ) of externe deskundigen voor bijvoorbeeld een levensvatbaarheidstoets of ondersteuning bij de administratie. Het op orde brengen van de zakelijke administratie, het tijdig doen van belastingaangiften en het inzichtelijk maken van de volledige schuldenlast zijn essentiële onderdelen van het traject. Waar nodig wordt gekeken naar de mogelijkheden voor Bijzondere Bijstand of andere vormen van ondersteuning. De gemeente en de GKB streven naar evenwicht tussen het behoud van ondernemerschap en het waarborgen van persoonlijke bestaanszekerheid.
Jongvolwassenen (18–27 jaar) Jongvolwassenen bevinden zich in een levensfase vol veranderingen: zij gaan zelfstandig wonen, studeren of starten op de arbeidsmarkt. Tegelijkertijd hebben zij vaak een laag en instabiel inkomen en beperkte financiële ervaring. Deze combinatie maakt hen extra kwetsbaar voor schulden. Financiële problemen in deze levensfase kunnen hun ontwikkeling, opleiding en toekomstkansen belemmeren. De schuldhulpverlening aan jongvolwassenen richt zich daarom op het versterken van toekomstperspectief en financiële zelfredzaamheid. De aanpak is intensief en persoonlijk. Er wordt gewerkt met één vast aanspreekpunt, en veel aandacht gaat uit naar coaching, praktische ondersteuning en gedragsverandering. Jongvolwassenen worden geholpen bij het aanvragen van toeslagen, het op orde brengen van hun administratie en het ontwikkelen van financiële vaardigheden. Omdat het risico op uitval in deze groep relatief groot is, kiest de GKB voor maatwerk en een coachende benadering, met ruimte om te leren en te groeien. Waar mogelijk wordt aangesloten bij onderwijsinstellingen, jongerenwerk en andere partners. Ook na afronding van het traject blijft de mogelijkheid bestaan voor nazorg en contact met een vast aanspreekpunt, om terugval te voorkomen.
Zo werkt de gemeente Westerveld samen met de GKB aan schuldhulpverlening die niet alleen problemen oplost, maar ook perspectief biedt – ook voor ondernemers én jongvolwassenen. 3.7.2 Beleidsmatige aandachtsgroep: gezinnen met minderjarige kinderen Naast de door de GKB onderscheiden doelgroepen vraagt ook de situatie van gezinnen met minderjarige kinderen bijzondere aandacht. Schulden binnen deze gezinnen hebben vaak verstrekkende gevolgen voor het hele huishouden. De gemeente 20
Westerveld beschouwt het voorkomen van financiële escalatie in gezinnen met kinderen daarom als bijzonder urgent. De schuldhulpverlening aan gezinnen wordt in de basis op dezelfde wijze vormgegeven als bij andere huishoudens. Wel geldt dat bij gezinnen met inwonende minderjarige kinderen sneller wordt opgeschaald en intensiever wordt samengewerkt met andere betrokken hulpverleners, zoals het wijkteam, maatschappelijk werk, het onderwijs en jeugdhulp. Het doel is om de financiële situatie te stabiliseren voordat deze leidt tot ingrijpende gevolgen, zoals huisuitzetting of afsluiting van energievoorzieningen. Belangrijk aandachtspunt is het op orde brengen van de inkomenspositie. Hierbij wordt, waar nodig, ondersteuning geboden bij het aanvragen van inkomensvoorzieningen, toeslagen en kindregelingen. Daarnaast wordt gekeken naar de bredere context van het gezin: structurele armoede, gezondheidsproblemen of opvoedstress kunnen de financiële situatie beïnvloeden. De gemeente Westerveld streeft ernaar dat geen enkel kind opgroeit in de schaduw van schulden. Door tijdige signalering, nauwe samenwerking tussen professionals en een mensgerichte benadering willen we gezinnen rust, overzicht en perspectief bieden. Zo wordt de basis versterkt voor de ontwikkeling van kinderen en de toekomst van het gezin als geheel.
21
4.Nazorg Preventie na schulden: aandacht voor nazorg Naast preventie vóór het ontstaan van schulden, is ook nazorg een belangrijk, zij het vrijwillig, onderdeel van het beleid. Na afronding van een schuldregeling of begeleidingstraject blijven we aandacht houden voor financiële stabiliteit op de lange termijn. Door samen te kijken naar de oorzaken van de schulden en het aanleren van nieuwe vaardigheden, voorkomen we terugval en vergroten we de kans op een schuldenvrije toekomst. De uitvoering van nazorg wordt momenteel verzorgd door de GKB. Er zijn twee vormen: •
•
Nazorg na schuldregeling: Binnen één maand na afronding vindt een afsluitend gesprek plaats, waarin wordt stilgestaan bij verwachte veranderingen in de financiële situatie, mogelijke risico’s op terugval, en het beschikbare ondersteuningsaanbod in de gemeente. Bij nagekomen schulden biedt de GKB ondersteuning bij beoordeling en afhandeling. Nazorg na budgetbeheer of beschermingsbewind: Deze vorm van nazorg is gericht op het begeleiden van inwoners bij het zelfstandig beheren van hun financiën. Het traject bestaat uit evaluatie, begeleiding bij grote financiële beslissingen, het stimuleren van gezonde financiële gewoonten, en praktische of emotionele ondersteuning. De duur van deze begeleiding bedraagt gemiddeld drie tot zes maanden en is altijd maatwerk.
Op dit moment is het product nazorg nog in ontwikkeling. In de komende beleidsperiode zal de gemeente Westerveld onderzoek doen naar de verdere doorontwikkeling van nazorg. Daarbij wordt gekeken naar de inhoud van het aanbod, het bereik onder verschillende doelgroepen, het juiste moment van inzet en de mogelijkheid om ketenpartners structureel te betrekken bij de uitvoering. De gemeente wil van nazorg een volwaardig en integraal onderdeel van de schuldhulpverlening maken. Met dit onderzoek wordt beoogd een breed gedragen en toekomstbestendige aanpak te realiseren, waarin de volgende ambities centraal staan: • Vroegtijdige inzet van nazorg: ondersteuning richting financiële zelfstandigheid al starten in de laatste fase van het schuldhulpverleningstraject; • Breder bereik: ook inwoners die het traject voortijdig beëindigen betrekken bij nazorg, zodat zij niet uit beeld raken; 22
•
Versterking van ketensamenwerking: verkennen hoe organisaties zoals welzijnspartijen, vrijwilligersinitiatieven en maatschappelijk werk een structurele rol kunnen spelen binnen nazorg.
Daarnaast wil de gemeente nadrukkelijk inzetten op twee inhoudelijke pijlers binnen de toekomstige inrichting van nazorg: • Praktische ondersteuning: inwoners krijgen concrete tips en handvatten om grip te houden op hun financiën en hun administratie op orde te houden; • Toegankelijke informatie: inwoners weten waar zij terechtkunnen met vragen over financiële of administratieve zaken, ook na afloop van het hulptraject. Met deze beleidsrichting beoogt de Westerveld duurzame financiële stabiliteit en veerkracht te bevorderen bij haar inwoners.
23
5. Samenwerking en netwerk De gemeente Westerveld hecht grote waarde aan een sterk netwerk rondom armoede en schulden. We geloven dat een integrale en gezamenlijke aanpak essentieel is om inwoners tijdig en effectief te ondersteunen. In onze gemeente werken we daarom intensief samen met een breed palet aan partners: van professionals tot vrijwilligers, en van ervaringsdeskundigen tot maatschappelijke organisaties. Kernteam Armoedepreventie Een voorbeeld van deze samenwerking is het kernteam armoedepreventie. Dit team bestaat uit vertegenwoordigers van verschillende disciplines, waaronder: • een ervaringsdeskundige; • professionals van Werk & Inkomen, Welzijn MensenWerk en de GKB; • vrijwilligers van de Voedselbank en de Stichting Kleding- en Speelgoedbank; • een beweegcoach; • een communicatieadviseur van de gemeente. Ieder teamlid draagt vanuit de eigen expertise bij aan het versterken van bestaanszekerheid en het verminderen van armoede. Door structureel overleg en gezamenlijke initiatieven ontstaat een stevige basis voor samenwerking, onderlinge afstemming en kennisdeling. Daarbij wordt steeds gezocht naar manieren om het netwerk verder te versterken en effectiever te maken. VoorzieningenWijzer Samen met Welzijn MensenWerk bieden we de VoorzieningenWijzer aan.
Deze digitale tool helpt inwoners optimaal gebruik te maken van toeslagen, regelingen, voordelige zorgverzekeringen en energiecontracten. Zo ondersteunt de VoorzieningenWijzer inwoners die mogelijk inkomsten mislopen omdat zij niet weten waar zij recht op hebben. Voor mensen die het lastig vinden om dit digitaal in te vullen biedt WMW persoonlijke hulp. Door inwoners te helpen bij het besparen op vaste lasten, vergroten we hun financiële ruimte en verminderen we de kans op problematische schulden. Het doel is dat na het voldoen van de noodzakelijke uitgaven er voldoende overblijft voor zaken die bijdragen aan welzijn en deelname aan de samenleving. De samenwerking met Welzijn MensenWerk maakt het mogelijk inwoners laagdrempelig en effectief te bereiken en ondersteunt daarmee onze brede aanpak van armoede en schulden. Samenwerking met vrijwilligers en maatschappelijke partners Naast formele partners speelt ook vrijwilligerswerk een belangrijke rol in onze schuldhulpverlening. De kracht van het netwerk zit in de combinatie van kennis, 24
nabijheid en betrokkenheid. Door elkaar aan te vullen, versterken we het bereik en de kwaliteit van onze ondersteuning. Samen maken we het verschil. Concrete resultaten van samenwerking De samenwerking binnen het lokale netwerk rond armoede- en schuldenaanpak heeft de afgelopen jaren geleid tot verschillende gezamenlijke activiteiten en initiatieven. Een deel hiervan wordt nog steeds uitgevoerd, terwijl andere activiteiten in ontwikkeling zijn of opnieuw worden verkend. Enkele actuele voorbeelden zijn: •
•
• •
•
Gezamenlijke informatievoorziening, waaronder de breed verspreide folder Wijzer met je geld in Westerveld. Deze is beschikbaar op diverse locaties zoals spreekkamers, dorpshuizen, bibliotheken, supermarkten en tijdens initiatieven zoals de Fixweken. Thematische communicatie in de Westervelder. In eerdere jaren (2018 en 2021) zijn themapagina’s gepubliceerd. De wens is om dit in de komende beleidsperiode opnieuw op te pakken; dit wordt actief onder de aandacht gebracht bij partners en betrokkenen. Raad & Daad Werkelijk Westerveld, een laagdrempelig informatiepunt van de Kledingbank, wordt voortgezet als bron van ondersteuning en doorverwijzing. Aansluiting bij de landelijke route ‘Geldfit’, onderdeel van de Nederlandse Schuldhulproute, waarmee inwoners snel de weg kunnen vinden naar passende hulp. De podcast ‘Gezond en geld in Westerveld’, gemaakt als vernieuwende manier om financiële gezondheid in relatie tot fysieke en mentale gezondheid bespreekbaar te maken.
Daarnaast worden samen met partners verschillende kansen en behoeften verkend die mogelijk een plek krijgen in de komende beleidsperiode, zoals: • •
•
het opnieuw vormgeven van financiële educatie op scholen, om jongeren vroegtijdig te ondersteunen in financiële vaardigheden; het versterken van aandacht voor de Week tegen Armoede, zodat inwoners beter worden bereikt en betrokken partijen zoals de Kledingbank en Voedselbank zichtbaar blijven; het onderzoeken of onderdelen van eerdere projecten, zoals financiële educatie (bijvoorbeeld G€ldlab), opnieuw kunnen worden ontwikkeld wanneer hier lokaal behoefte aan is.
Met deze combinatie van lopende initiatieven en nieuwe ontwikkelrichtingen blijft het netwerk werken aan een brede, toegankelijke en preventieve ondersteuning voor inwoners met (beginnende) financiële zorgen. 25
6. Kwaliteit 6.1 Kwaliteitswaarborging Het is van groot belang dat de kwaliteit van de schuldhulpverlening goed wordt geborgd, zodat inwoners zo effectief mogelijk worden ondersteund en duurzaam uit problematische schulden kunnen komen. De gemeente Westerveld heeft hiertoe in 2024 het Convenant Lokale Overheden ondertekend. Dit convenant zorgt ervoor dat incassomaatregelen tijdelijk worden opgeschort wanneer inwoners deelnemen aan een schuldhulpverleningstraject. Hierdoor treedt de gemeente als ‘één overheid’ op, worden onnodige incasso’s voorkomen en verloopt het traject voor inwoners rustiger en gestructureerder. Zoals beschreven ligt de uitvoering van schuldhulpverlening bij de GKB. De GKB beschikt over uitgebreide kennis en ervaring en investeert continu in professionalisering en uitbreiding van deze expertise. De GKB is aangesloten bij de NVVK, de branchevereniging voor schuldhulpverlening en sociaal bankieren, en bij de BPBI (Branchevereniging voor Professionele Bewindvoerders en Inkomensbeheerders). De gedragscodes van de NVVK zijn verankerd in de werkwijze van de GKB en audits worden uitgevoerd door zowel de NVVK als het Landelijk Kwaliteitsbureau CBM. Hierdoor kunnen inwoners rekenen op kwalitatief goede, betrouwbare en deskundige ondersteuning. Daarnaast werkt de GKB nauw samen met gemeenten en partners via landelijke netwerken en systemen.
Zo maakt de GKB gebruik van het Schuldenknooppunt, een landelijk systeem voor veilige en uniforme gegevensuitwisseling tussen schuldeisers, gemeenten en schuldhulpverleners, dat digitale communicatie over schulden versnelt en efficiënter maakt. Ook de Verwijsindex Schuldhulpverlening (VISH) wordt toegepast, waarmee schuldhulpverleners en gerechtsdeurwaarders kunnen controleren of iemand al in een schuldhulpverleningstraject zit. Dit voorkomt dat inwoners meerdere keren dezelfde informatie moeten verstrekken en helpt onnodige toename van schulden te voorkomen. Door deze combinatie van deskundigheid, lidmaatschappen, verankerde gedragscodes, actieve audits en slimme digitale samenwerking waarborgt de GKB de kwaliteit van haar schuldhulpverlening continu. Inwoners kunnen erop vertrouwen dat zij snel, professioneel en zorgvuldig worden geholpen, terwijl gemeenten en partners profiteren van efficiënte processen en minder administratieve lasten. Zo draagt de GKB bij aan financiële stabiliteit en een duurzaam perspectief voor iedereen die ondersteuning nodig heeft. 26
Gegevensuitwisseling Voor het uitvoeren van de integrale schuldhulpverlening, kredietverlening en beschermingsbewind is het nodig dat de Gemeente Westerveld en de GKB persoonsgegevens van betrokkenen uitwisselen. Hiervoor hebben we een gegevensuitwisselingsovereenkomst. Zo zorgen we ervoor dat de rechten en plichten tussen de gemeente en de GKB rondom het uitwisselen van persoonsgegevens vastliggen en dat we voldoen aan de Algemene Verordening Gegevensbescherming (AVG) en andere toepasselijke wet- en regelgeving betreffende de verwerking van persoonsgegevens. De persoonsgegevens worden bewaard volgens de termijnen afkomstig uit de Selectielijst VNG en de Archiefwet 1995. 6.2 Monitoring en evaluatie De gemeente Westerveld vindt het belangrijk om zicht te houden op de effectiviteit, toegankelijkheid en kwaliteit van de schuldhulpverlening. Monitoring helpt om tijdig knelpunten te signaleren, ontwikkelingen te duiden en waar nodig de uitvoering bij te sturen. De komende beleidsperiode werken we met beschikbare gegevensbronnen, zoals de cijfers van de GKB, de Armoedemonitor, en interne analyses van het aantal huishoudens dat ondersteuning ontvangt. Waar mogelijk benutten we ook kwalitatieve signalen vanuit inwoners, partners en professionals om de toegankelijkheid van de dienstverlening te beoordelen.
Omdat preventie, vroegsignalering en integrale ondersteuning zich lastig in harde cijfers laten vangen, blijft monitoring, naast de aansluiting bij de beleidsmonitor van het sociaal domein, deels een ontwikkelopgave. Ook sluiten we voor de monitoring van schuldhulpverlening aan bij de beleidsmonitor van de maatschappelijke visie (zie 1.4). Hiermee hebben we een brede monitor voor het sociaal domein, waar schuldhulpverlening onderdeel van is. We volgen daarbij vooral indicatoren onder de ambitie bestaanszekerheid: zoals het aantal huishoudens met problematische schulden, het percentage inwoners dat financieel zelfredzaam is en het aantal meldingen via vroegsignalering. Zo kunnen we een integraal beeld vormen bij de monitoring in het sociaal domein, met uiteraard aandacht voor de onderwerpen die het dichtst raken aan schuldhulpverlening. Naast de beleidsmonitor schrijft de Wgs gemeenten voor dat er elke 4 jaar een vernieuwd beleidsplan moet worden vastgesteld. We zorgen ervoor dat we bij het schrijven van een nieuw beleidsplan het huidige beleidsplan evalueren. Daarbij kijken we naar actualiteit en resultaten van de verschillende onderdelen uit het beleidsplan. We stellen bij voor het nieuwe plan waar dat nodig of gewenst is.
27
6.3 Klachtenprocedure Wij zijn als gemeente verantwoordelijk voor de behandeling van klachten over schuldhulpverlening, ongeacht of taken zijn gemandateerd of uitbesteed. De gemeente Westerveld heeft hiervoor een duidelijke procedure ingericht. Inwoners kunnen een klacht indienen via het digitale formulier op de gemeentelijke website, telefonisch of per brief. Bij een telefonische klacht wordt eerst geprobeerd deze direct op te lossen. Lukt dit niet naar tevredenheid, dan kan de klacht alsnog via het digitale formulier worden ingediend. Na ontvangst wordt de klacht schriftelijk bevestigd, waarin ook het verdere verloop van de procedure wordt uitgelegd. Zoals de te hanteren termijnen en de verantwoordelijke behandelaar. Indien er geen oplossing wordt bereikt, wordt doorverwezen naar de Nationale Ombudsman.
28
7. Een blik vooruit Te verwachten landelijke ontwikkelingen schuldhulpverlening (2026–2030) Zoals aan het begin van dit beleidsplan is aangegeven werkt de gemeente Westerveld binnen het kader van nationale wet- en regelgeving, landelijke beleidskaders en programma’s gericht op het versterken van bestaanszekerheid en het voorkomen van schulden. Deze landelijke ontwikkelingen vormen het sluitstuk van het lokale beleid en geven richting aan hoe we onze schuldhulpverlening in de komende jaren blijven ontwikkelen. Basisdienstverlening schuldhulpverlening Het Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid (SZW) ontwikkelde samen met de VNG, brancheorganisatie NVVK en Divosa de ‘basisdienstverlening schuldhulpverlening’. Dit landelijke kader borgt de kwaliteit en uniformiteit van schuldhulpverlening in alle gemeenten. De basisdienstverlening omvat onder andere preventie, begeleiding en nazorg, met speciale aandacht voor vroegsignalering. Hiermee worden regionale verschillen in bereik en kwaliteit verminderd en krijgen inwoners overal in Nederland vergelijkbare ondersteuning. Nationaal Programma Armoede en Schulden Het Nationaal Programma Armoede en Schulden richt zich op het terugdringen van armoede en het verminderen van het aantal huishoudens met problematische schulden.