CConstaterende datWesterveld
Koppel je AI →
Document · PDF

Beantwoording technische vragen d.d. 28102021.pdf

Politieke avond Westerveld 9 november 2021, gemeente WesterveldBij agendapunt: Raadsvoorstellen vaststellen van de Najaarsrapportage 2021 en vaststellen van de begroting 2022/meerjarenbegroting 2023-2025 (spreekrecht)2.531 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Blz. 16 NJR

Referentie 2.1.2

Vraag Kan er een specificatie qua kosten voor het Brinkenplan worden geleverd?

Antwoord: Voor specificatie verwijzen wij naar de raadsbrief van 2 november over dit onderwerp. Daarin is een uitgebreide specificatie opgenomen. 24 NJR 4.3.1 Wat is de stand van zaken m.b.t. de taakstelling in relatie tot signaleren en terugdringen laaggeletterdheid? Antwoord:

11% van de Drentse bevolking van 16 tot en met 65 jaar is laaggeletterd. Is Westerveld is het percentage 9% wat neer komt op (naar schatting) 1.036 inwoners. Deze gegevens komen uit 2019. Sindsdien zijn de cijfers niet bijgewerkt. Daarom kunnen we (nog) niet zeggen of het aantal toeneemt of afneemt. De cijfers zijn afkomstig uit het monitoronderzoek Aanpak van laaggeletterdheid in Drenthe. De metingen van 2018 en 2019 zijn in opdracht van de provincie Drenthe in samenwerking met het bondgenootschap voor een geletterd Drenthe uitgevoerd door de Universiteit Maastricht en Kohnstamm Instituut (Universiteit van Amsterdam). De geletterde kaart is samengesteld in samenwerking met Trendbureau Drenthe. De cijfers over het percentage laaggeletterden per gemeente in de provincie Drenthe zijn afkomstig uit onderzoek van ROA.

28 NJR

5.6.3

Welke kosten zijn er met het opstellen van de museumvisie gemoeid?

Antwoord: De kosten die gemoeid zijn met het opstellen van de museumvisie zijn geoffreerd op € 9.350 ex. BTW. 31 NJR 6.1.1 Zijn er concrete cijfers die de ontwikkeling weergeven van het aantal inwoners dat in armoede leeft? Antwoord:

Wat betreft ontwikkeling verwijzen wij naar de cijfers van het Trendbureau Drenthe. Deze geven het beeld van het percentage huishoudens met een laag inkomen over 2011-2018. Hierbij is de aanname dat een laag inkomen gelijk staat aan armoede. Er zijn nog geen cijfers voorhanden over de periode 2019-2021. Conclusies:  Het percentage huishoudens met een laag inkomen in Westerveld is de afgelopen jaren gedaald van 6,4 naar 5,1%;  Een laag inkomen komt in Westerveld het vaakst voor bij eenoudergezinnen met minderjarige kinderen. In de gemeente Westerveld leven ongeveer 200 kinderen in een gezin met een inkomen onder de lage inkomensgrens. Dit is 5,5% van de kinderen in de gemeente. In 2013 was het aandeel kinderen in een huishouden met een laag inkomen in Westerveld 7,9%. In de jaren daarna nam het aandeel af tot 5,5% in 2018. Kinderen uit huishoudens met één ouder leven relatief vaker in armoede dan kinderen met twee ouders thuis. Specifiek voor Westerveld hebben wij in 2018 een Armoede-index laten uitvoeren. Wij zijn van plan dit in 2022 te herhalen. 31 NJR Antwoord:

6.1.1

Wat is het effect van de ervaringsdeskundige?

Het effect is vooral te meten in kwaliteit en niet alleen in kwantiteit. De meerwaarde van de inzet van de ervaringsdeskundige zit in het volgende:  Makkelijker contact leggen met de doelgroep: 78%;  Preventie signalering: 74%;  Beleid en hulpverlening sluit beter aan op de praktijk / de doelgroep: 74%;  Probleemstelling van de doelgroep beter formuleren: 74%;  Taal van de doelgroep spreken: 48%;

   

Laagdrempelig contact voor de doelgroep: 39%; Doelgroep accepteert vaker en eerder hulp: 35%; (sneller) vertrouwen winnen bij de doelgroep: 26%; Voorkomen van crisissituatie bij de doelgroep: 26%;

De ‘productie’ van de ervaringsdeskundige is te meten door: a. hoeveel gesprekken per maand? Ervaringsdeskundige voert gesprekken vanuit het schuldhulploket en vanuit de Vroegsignalering. Dat komt neer op 35 gesprekken per maand. b. Wijze van gesprekken: Het streven is om zoveel mogelijk een huisbezoek in te plannen wanneer er een waardevol signaal ontvangen is. Wanneer dat niet passend is en of qua capaciteit niet mogelijk is, wordt op basis van de prioritering op een andere manier contact gelegd met de inwoner, zoals via telefoon, sms/WhatsApp, mail of brief. Prioritering op basis van samenstelling huishouden en hoogte bedrag. Vervolggesprekken vinden plaats als inwoner hulpaanbod accepteert. Er is een Maatschappelijke Kosten-Baten Analyse (MKBA) opgesteld, gericht op de werkwijze van Sterk uit Armoede (SuA). Onze ervaringsdeskundige is opgeleid door SuA. Een MKBA is een methode om inzichtelijk en aannemelijk te maken welke baten er voortkomen uit een interventie. Dit geldt in zijn algemeenheid.

Voor elke euro die is geïnvesteerd in de werkwijze van Sterk uit Armoede, krijgt de maatschappij hier de volgende waarde voor terug. Bandbreedte Ondergrens Conservatief Bovengrens MKBA ratio € 1: € 1,60 € 1: € 3,00 € 1: € 4,82 31 NJR

6.1.1

Wij ontvangen graag een vergelijking tussen de kosten voor het IGSD en GSD. Antwoord: Hieronder is begroting/realisatie 2019 IGSD ten opzichte van de begroting 2021 GSD weergegeven. Kosten Werk en inkomen - via IGSD 2019 Doorbelaste loonkosten 6860301 Algemene Bijstand (WWB Inkomensdeel) 6860501 Participatiebudget (WWB werkdeel)

Kosten Werk en inkomen - begroting Westerveld 2021 begroot € 49.000 € 83.000

realisatie € 49.000 € 83.000 € 132.000

Bijdrage IGSD 2019 6860301 Algemene Bijstand (WWB Inkomensdeel) 6860302 Bijstand aan zelfstandigen 6860303 IOAW 6860304 IOAZ 6860305 Minimafonds 6860501 Re-integratie

€ 935.334 € 43.493 € 70.660 € 23.553 € 135.164 € 199.443

Doorbelaste loonkosten 6860301 Algemene Bijstand (WWB Inkomensdeel) 6860501 Participatiebudget (WWB werkdeel) € 132.000

€ 933.476 € 39.183 € 65.568 € 15.546 € 114.931 € 111.601 € 1.280.305

€ 65.619

€ 50.284

Reintegratie 6860501 Reguliere reïntegratiekosten

€ 125.000

€ 125.000

€ 1.730.266

€ 1.587.589

8.5.1

€ 24.100 € 425.765 € 200.000 € 649.865

€ 1.407.647

42 NJR

€ 942.200 Uitvoeringskosten participatie/re-integratie 6860301 Handhaving sociale dienst 6860501 Re-integratie 6860501 Loonkostensubsidie

Minimaregelingen 6860305 Minimafonds/regelingen

Totaal kosten

begroot € 859.600 € 82.600

Minimaregelingen 6860305 Minimafonds/regelingen

Totaal kosten

€ 207.158

€ 1.592.065

Wij ontvangen graag de uitkomsten van het onderzoek dat naar de woonwagenbehoefte is uitgevoerd

Antwoord: Dit onderzoek is (samen met het B&W-besluit) ter kennisname naar de raad gestuurd op 19-01-2021 (IBABSID 132) 11/16/41/42 BGR

A2/Programma 6

Op verschillende plekken in de begroting komen mutaties voor Reestmond voor. Wij ontvangen graag een integrale toelichting over de mutaties die samenhangen met Reestmond. In de paragraaf Verbonden partijen staat dat de begroting 2022 niet is vastgesteld.

Antwoord: In de begroting zijn voor Reestmond een tweetal mutaties verwerkt. De bijstelling van de bijdrage aan Reestmond voor 2022, 2023, 2024 en 2025 en het terugdraaien van een bezuiniging op deze bijdrage vanaf 2023. De begroting 2022 van Reestmond is behandeld in de raadsvergadering van 15 juni 2021. De bijstelling van de bijdrage op basis van deze vastgestelde begroting is verwerkt in de gemeentelijke begroting. De bijdrage voor Reestmond valt onder programma 6 Sociaal Domein en is in dat programma verwerkt. Naar aanleiding van het vaststellen van de begroting van Reestmond is gekeken naar de opgenomen taakstelling voor Reestmond vanaf 2023. Op blz. 16 is onder punt 13 het terugdraaien van de taakstelling nader toegelicht. Op basis van de ingediende meerjarenbegroting van Reestmond is nu voorgesteld om deze bezuiniging terug te draaien. De tabel en toelichting op blz. 42 geven de verwerking weer. Op pagina 43 staan de verbonden partijen die bij programma 6 horen, waaronder Reestmond. In de gepresenteerde tabel is de totale bijdrage voor Reestmond per jaar weergegeven. Vanwege presentatie-technische redenen worden de mutaties in het financieel perspectief (blz. 16) omgekeerd weergegeven. In de paragraaf Verbonden partijen staat onjuist vermeld dat de begroting 2022 nog niet is vastgesteld. Dit zal worden hersteld in de errata. 21 BGR

Onder punt 4

Graag ontvangen wij een toelichting op het schrappen van subsidies sportevenementen. Welke subsidies betreft dit?

Antwoord:

De bezuiniging op sportevenementen is onderdeel van de bezuiniging op de subsidies sportstimulering. Het totale budget voor sportstimulering bedraagt € 26.374 voor reguliere sportstimulering subsidies en € 4.000 voor sportevenementen. De totale bezuiniging die doorgevoerd is, is € 4.000. Dit is precies het begrote bedrag voor sportevenementen. In 2020 zijn onder meer de wampex en de ronde van Drenthe uit het budget voor sportevenementen betaald, maar in 2020 is ook een restantbudget van € 5.245 overgebleven op het reguliere budget voor subsidies. Omdat we toewerken naar de invulling van de ombuiging, maar ook naar een vereenvoudiging van de registratie subsidies is de subsidie voor sportevenementen als geheel budget geschrapt. Dat wil niet zeggen dat er daarmee geen sportevenementen meer gesubsidieerd kunnen worden. Als er verzoeken daartoe ingediend worden zullen deze op basis van de beleidsregels beoordeeld worden en kunnen deze alsnog gedekt worden uit het budget voor de reguliere subsidies sportstimulering. 22 BGR

Tabel Taakstellingen

De telling is de tabellen klopt niet graag ontvangen een gecorrigeerde tabel.

Antwoord: De gecorrigeerde tabel is opgenomen in de errata bij de begroting. 30 BGR

Programma 2 Wat gaat het kosten?

De raming voor 2022 wijkt met 400k af van de raming van 2021. Wat is daarvan de oorzaak?

Antwoord: In de hieronder opgenomen tabel is de stijging van de lasten per kostencategorie opgenomen met een verklaring.

34 BGR

Programma 4

Hoe worden de NPO middelen (meerjarig) verwerkt in de begroting?

Antwoord: De NPO middelen voor de schooljaren 2021-2022 en 2022-2023 zijn niet meerjarig verwerkt in de begroting. Bij de Voorjaarsrapportage 2022 worden de mutaties m.b.t. de NPO middelen meegenomen. 30/38/46 BGR

Programma 2/5/7

De lasten voor Rova inhuur Groenbeheer komen op verschillende plekken terug in de begroting. Wat zijn de totale lasten voor Rova inhuur Groenbeheer?

Antwoord: De verschillende posten voor Rova inhuur Groenbeheer hebben te maken met het aantal inzetbare medewerkers van Reestmond. Wij zijn uitgegaan dat er in eerste instantie 24 medewerkers van Reestmond over zouden gaan naar Rova, maar uiteindelijk zijn dit er 17 geworden. In combinatie met de uit te voeren werkzaamheden (verdeling over de programma’s heeft te maken met de uitvoering van de werkzaamheden onder welk programma deze plaats vinden) kan het voorkomen dat er voor de uitvoering ingehuurd moet worden door Rova, omdat wij als gemeente geen medewerkers kunnen leveren vanuit de participatie. Om dit op te kunnen vangen is extra budget gereserveerd. Wij begroten deze extra kosten op totaal € 124.000. 37 BGR (nagekomen vraag)

Tabel wat gaat het kosten?

Bij nadere beschouwing van de begroting zien we in het schema op pag. 37 forse dalingen in programma 5 Sport, cultuur en recreatie t.o.v. de raming 2021. Het gaat m.n. om de punten 5.3 en 5.5. Wat de oorzaak hiervan is?

Antwoord: Hieronder is de stijging van de lasten voor taakveld 5.3 en 5.5 toegelicht. Taakveld 5.3

Het betreft dus vooral eenmalige budgetten voor culturele initiatieven in 2021. Als je begroting 2022 vergelijkt met de realisatie voor 2020, dan zijn de budgetten meer in lijn met elkaar. Taakveld 5.5 In 2021 is er sprake van een eenmalig budget voor werelderfgeod van 406.000. Zie ook de brief voer de meicirculaire. De verdere verlaging is ook hier een verschuiving van de inzet van personeel naar de programma’s die verschilt van jaar tot jaar. 40 BGR Doel 6.1 Op welke taakvelden is dit doel van toepassing? Antwoord: Het doel is op programmaniveau geformuleerd en het raakt in principe alle taakvelden. 45 BGR

Taakvelden tabel

Is een relatie tussen de daling van taakvelden 7.3 en 7.4? Waardoor wordt deze daling veroorzaakt?

Antwoord:

Er is geen sprake van een verband of verschuiving tussen 7.3 en 7.4. Er is sprake van een herschikking van budget binnen 7.3 Afval. Namelijk van Vuilophaal naar Afvalbrengstation Havelte. Dit is gedaan om de baten en lasten van deze laatste beter in beeld te kunnen brengen bij onderlinge verrekeningen met de gemeente Meppel. De kosten stijgen hier, omdat de subsidieinkomsten SAV en Nedvang dalen met € 100.000 (zie najaarsrapportage 2021). De extra lasten hier van € 114.300 betreffen de verschuiving in toerekening van de inzet van personeel aan dit taakveld. Vuilophaal betreft dus een overheveling naar afvalbrengstation. Daarnaast is de verstrekte subsidie in 2022 lager: € 248.000. dit betreft de duurzaamheidsbonnen € 112.000 en de subsidie oud papier € 136.500. Door inflatie stijgen de kosten met €27.700. Zoals gezegde de inzet van personeel muteert met € 114.000. De overige mutaties betreffen minder inzet personeel van derden, minder goederen en diensten en vrijval voorzieningen. Totaal € 79.000. Onder 7.4 is het bedrag voor duurzaamheid lager doordat in 2021 een eenmalig bedrag van € 260.000 was opgenomen voor de transitievisie warmte. Zie voorjaarsrapportage 2021. 52 BGR Tabel kosten overhead Een nadere toelichting op tekst onder tabel.

Antwoord: In de tabel worden de kosten voor overhead voor 2022 vergeleken met de gewijzigde begroting 2021. Het verschil tussen 2022 en 2021 bedraagt per saldo ongeveer € 1,4 miljoen. Dit bedrag bestaat uit een aantal stelposten die (nog) niet zijn toegerekend aan programma’s. We benoemen hierna de grootste stelposten die een stijging van de overhead veroorzaken: -

Salarisstijging (kaderstelling en verwachting cao) (€760k), flexibel budget (€200k), stelpost voor prijsstijgingen (vanuit mei- en septembercirculaire) (€290k), de verhoging van de stelpost vervanging bij ziekte (€107k) wet open overheid (€96k) kostenstijging voor ONS (€178k)

In de begroting worden de personeelskosten vooraf op basis van verzamelde uren van verwachte inzet toegerekend aan de programma’s. Dat geldt niet voor het budget voor vervanging tijdens ziekte, voor de inhuur van personeel en bovenformatieven. Die lasten worden verdeeld naar de programma’s op basis van de realisatie. Daarom stijgt het percentage overhead in de begroting, om bij de jaarrekening over 2022 weer te dalen. Dit komt door de BBV-spelregels. 73 BGR

Tabel financiële consequenties wegen

Voor het creëren van parkeervoorzieningen is een bedrag van 200k begroot in 2022 en 2023. Kan uitgezocht worden waar deze bedragen aan worden besteed? Antwoord: In de errata is een gewijzigde tabel opgenomen. De kredieten voor het creëren van parkeervoorzieningen zijn geschrapt naar aanleiding van de brief “prioritering maatregelen GVVP” die op 19 augustus 2021 aan de raad is gestuurd. Naar aanleiding van de brief is een onderzoek naar parkeerknelpunten in 2024 gepland. 76 BGR Tabel overige ruimte Voor 2022 is een bedrag van 45k geraamd voor het verwijderen van gedenkstenen begraafplaatsen. Waar is dit bedrag precies voor bedoeld? Antwoord: Voor het verlengen van grafrechten van graven werkt de gemeente Westerveld volgens de in de verordening aangegeven regels. Indien de rechthebbende de grafrechten niet willen verlengen, vervalt het recht aan de gemeente en wordt het gedenkteken verwijderd. De laatste jaren zijn de gedenktekens echter niet van de graven verwijderd. Hierdoor is ongelijkheid opgetreden op de begraafplaatsen. Er zijn veel graven waarvan de grafrechten niet zijn verlengt, maar de gedenktekens nog wel op de graven staan. Dit is een ongelijke behandeling van nabestaanden die de grafrechten wel hebben betaald en van nabestaanden die daar van af zien. De gemeente wil de nabestaanden graag gelijk behandelen.

Vanaf 2017 zijn wij begonnen met het verwijderen van grafmonumenten van graven waarvan de huurperiode was verstreken. Begraafplaats Dwingeloo was de eerste. Uffelte Havelte en Wapserveen zijn bijna klaar. Overige begraafplaatsen moeten nog volgen. Dit is een langdurig en proces dat zorgvuldig dient te gebeuren. 117 BGR (nagekomen vraag)

Taakveldenoverzicht

Ik concludeer n.a.v. bijlage 1 op blz. 117 (Taakveldenoverzicht) een structurele verschuiving van circa 2 miljoen van de taakvelden naar de overhead. De post overhead wordt circa 1 à 1,5 miljoen groter. Mijn vraag is: is dit juist en zo ja, wat is hier de reden voor?

Antwoord: Wij verwijzen naar het antwoord op de vraag over overhead 52 BGR.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Westerveld&id=5e770155-63da-4072-9adf-088a6c0e7288