CConstaterende datWesterveld
Koppel je AI →
Document · PDF

APV Westerveld en ontbrekende artikelen

Politieke avond Westerveld 21 september 2021, gemeente WesterveldBij agendapunt: Raadsvoorstel inzage in bomenbeleid 2012 en APV voor vaststelling startnotitie nieuw bomenbeleid1.002 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Algemene Plaatselijke Verordening 2012 Westerveld Hoofdstuk Afdeling 3 Het bewaren van houtopstanden Artikel 4.10 Begripsbepalingen 

1. In deze afdeling wordt verstaan onder:

a. houtopstand: hakhout, een houtwal of een of meer bomen;

b. hakhout: een of meer bomen die na te zijn geveld, opnieuw op de stronk uitlopen;

c. dunning: een velling, welke uitsluitend als een voorzorgmaatregel ter bevordering van de groei van de overblijvende houtopstand moet worden beschouwd;

e. vellen: rooien; kappen; verplanten; het verrichten van handelingen, zowel boven- als ondergronds, die de dood of ernstige beschadiging of ontsiering van de houtopstand ten gevolge kunnen hebben;

f. rooien: het geheel of grotendeels verwijderen van het boven- en ondergrondse deel van de houtopstand;

g. kappen: het geheel of grotendeels verwijderen van het bovengrondse deel van de houtopstand;

h. bebouwde kom: de bebouwde kom van de gemeente zoals vastgesteld ingevolge artikel 1, lid 5 van de Boswet.

2. In deze afdeling wordt onder vellen mede verstaan: rooien, met inbegrip van verplanten, alsmede het verrichten van handelingen die de dood of ernstige beschadiging of ontsiering van houtopstand ten gevolge kunnen hebben.

Artikel 4.11 Omgevingsvergunning voor het vellen van houtopstanden 

1. Het is verboden zonder vergunning van het college een houtopstand te vellen of te doen vellen.

2. Het in het eerste lid gestelde verbod geldt niet voor het kappen van houtopstanden buiten de bebouwde kom indien het betreft:

a. fruitbomen en windschermen om boomgaarden mits de recreatieve en landschappelijk waarde niet wordt aangetast;

b. kweekgoed;

c. houtopstand, die deel uitmaakt van een als zodanig bij het Bosschap geregistreerde bosbouwonderneming, tenzij de houtopstand een zelfstandige eenheid vormt die ofwel geen grotere oppervlakte beslaat dan 10 are ofwel bestaat uit rijbeplanting van niet meer dan 20 bomen, gerekend over het totale aantal rijen.

3. Het in het eerste lid gestelde verbod geldt niet voor:

a. bomen waarvan de dwarsdoorsnede minder dan 30 centimeter bedraagt, gemeten op 1.30 meter hoogte boven het maaiveld;

b. houtopstand die bij wijze van dunning wordt geveld;

b. houtopstand die moet worden geveld op grond van de Plantenziektewet of krachtens een aanschrijving op last van het college, zulks onverminderd het bepaalde in lid 7;

c. wilgen (uitgezonderd geknotte wilgen), populieren, coniferen, berken en elzen die in achtertuinen staan binnen de bebouwde kom;

d. het periodiek vellen van hakhout ter uitvoering van het regulier onderhoud waarbij geldt dat essen, berken en elzen niet ouder mogen zijn dan 15 jaar en eiken niet ouder dan 30 jaar.

4. De vergunning kan worden geweigerd op grond van:

a. de natuurwaarde van de houtopstand;

b. de landschappelijke waarde van de houtopstand;

c. de waarde van de houtopstand voor stads- en dorpsschoon;

d. de beeldbepalende waarde van de houtopstand;

e. de cultuurhistorische waarde van de houtopstand;

f. de waarde voor recreatie en leefbaarheid;

g. de waarde voor de leefbaarheid van de houtopstand.

5. Het bevoegd gezag kan een herplantplicht opleggen onder nader te stellen voorschriften.

6. Op de vergunning is paragraaf 4.1.3.3 van de Algemene wet bestuursrecht (positieve fictieve beschikking bij niet tijdig beslissen) van toepassing.

Artikel 4.12 Vergunning van rechtswege [vervallen]

Artikelen die bijdragen aan instandhouding groene karakter en de veiligheid maar niet opgenomen in de Algemene Plaatselijke Verordening: Artikel 4.3.5 Bijzondere vergunningsvoorschriften 1. Tot de aan de vergunning te verbinden voorschriften kan behoren het voorschrift dat binnen een bepaalde termijn en overeenkomstig de door het college te geven aanwijzingen moet worden herplant. 2. Wordt een voorschrift als bedoeld in het eerste lid gegeven, dan kan daarbij tevens worden bepaald binnen welke termijn na de herbeplanting en op welke wijze niet-geslaagde beplanting moet worden vervangen. 3. Tot aan de vergunning te verbinden voorschriften kunnen behoren aanwijzingen ter bescherming van in en rond de houtopstand voorkomende flora en fauna. 4. Tot de aan de vergunning te verbinden voorschriften behoort het standaardvoorschrift dat niet tot vellen mag worden overgegaan en de vergunning pas van kracht wordt met ingang van de dag na de dag waarop de bezwaartermijn afloopt. Indien gedurende de bezwaartermijn een bezwaar of een voorlopige voorziening is ingediend, wordt de vergunning pas van kracht één week nadat op dat bezwaar of een voorlopige voorziening is beslist. Artikel 4.3.6 Herplant-/instandhoudingsplicht 1.

Indien houtopstand waarop het verbod tot vellen als bedoeld in deze afdeling van toepassing is, zonder vergunning van het college is geveld dan wel op andere wijze tenietgegaan, kan het college aan de zakelijk gerechtigde van de grond waarop zich de houtopstand bevond dan wel aan degene die uit anderen hoofde tot het treffen van voorzieningen bevoegd is, de verplichting opleggen te herbeplanten overeenkomstig de door hem te geven aanwijzingen binnen een door hem te stellen termijn. 2. Wordt een verplichting als bedoeld in het eerste lid opgelegd, dan kan daarbij worden bepaald binnen welke termijn na de herbeplanting en op welke wijze niet geslaagde beplanting moet worden vervangen. 3. Indien houtopstand waarop het verbod tot vellen als bedoeld in deze afdeling van toepassing is, ernstig in het voortbestaan wordt bedreigd, kan het college aan de zakelijk gerechtigde van de grond waarop zich de houtopstand bevindt dan wel aan degene die uit anderen hoofde tot het treffen van voorzieningen bevoegd is, de verplichting opleggen om overeenkomstig de door hem te geven aanwijzingen binnen een door hem te stellen termijn voorzieningen te treffen, waardoor die bedreiging wordt weggenomen. 4. Degene aan wie een verplichting als bedoeld in het eerste tot en met derde lid is opgelegd, alsmede zijn rechtsopvolger, is verplicht daaraan te voldoen.

Artikel 4:12f Waardevolle en Monumentale bomen 

1. Het bevoegd gezag kan lijsten opstellen met waardevolle en monumentale bomen en houtopstanden. Deze lijsten kunnen mede de nationaal en provinciaal geregistreerde monumentale bomen bevatten.

2. Het bevoegd gezag kan regels vast stellen met betrekking tot de criteria voor plaatsing op de lijsten met waardevolle en monumentale bomen en houtopstanden.

Artikel 4:11 Omgevingsvergunning voor het vellen van houtopstanden 

2. Het verbod geldt niet: a) indien het bevoegd gezag vanwege acuut gevaar voor schade of letsel toestemming heeft gegeven voor het vellen;

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Westerveld&id=a5ec15f2-950d-4850-81fa-5ed1635573cd