Visie hoofdwegenstructuur Westerkwartier_D01.pdf
Tekst van het document
Visie hoofdwegenstructuur Westerkwartier
Pagina 1
Rapporttitel Visie hoofdwegenstructuur Westerkwartier In opdracht van Gemeente Westerkwartier Projectteam: T. Vlaming, K. de Boer & H. Hiemstra Auteurs K. Scherphof & R.R. Van der Velde
Pagina 2
Voorwoord Westerkwartier is een gemeente die enerzijds deel uitmaakt van de stedelijke agglomeratie Regio Groningen-Assen met dynamische groeikernen langs de A7 en de spoorlijn Groningen-Leeuwarden, en anderzijds behoort tot de grootste plattelandsgemeenten in Nederland. Voor de bereikbaarheid, veiligheid en leefbaarheid van onze dorpen is een goed wegennet van groot belang. Deze Visie Hoofdwegenstructuur Westerkwartier is na een zorgvuldig en intensief traject tot stand gekomen. Voor het opstellen ervan hebben we ook aan onze inwoners gevraagd wat hun ervaringen met onze wegen zijn en hoe ze deze gebruiken. We zijn blij met de respons van de inwoners op onze online enquête. Het geeft aan dat inwoners graag mee willen denken over onze wegen. We hebben goed inzicht gekregen in de veiligheid, inrichting en het gebruik van onze wegen en hebben mede op basis daarvan een visie kunnen opstellen, die breed wordt gedragen door de inwoners, betrokken partijen en de gemeente.
Deze visie vormt het totaalplan voor de infrastructuur in het hele Westerkwartier. De belangrijkste elementen hierin zijn bereikbaarheid, veiligheid en leefbaarheid. De visie is gericht op de hoofdroutes van de auto, fiets en het openbaar vervoer. We zetten in op een goede duurzame en verkeersveilige bereikbaarheid van het Westerkwartier en het verbeteren van de verkeersveiligheid. We spelen met deze visie in op de trends en ontwikkelingen op het gebied van verkeer en vervoer en geven aan voor welke opgaven we staan voor de toekomst. We kijken daarbij ook over onze gemeentegrenzen heen. Verschillende ontwikkelingen hebben invloed op onze infrastructuur zoals de woningbouwopgave uit onze Woonvisie Westerkwartier en het feit dat mensen tot op hoge leeftijd aan het verkeer blijven deelnemen. Daarnaast krijgen we steeds meer te maken met nieuwe vormen van vervoer en mobiliteit, die steeds populairder worden zoals de elektrische auto, e-bike, speed pedelec en ook deelauto’s. Deze dragen bij aan een duurzame bereikbaarheid. Vooral in gebieden waar geen aansluiting op het openbaar vervoer is en inwoners afhankelijk zijn van andere vervoersmiddelen om bij voorzieningen te komen. De combinatie van verschillende vervoersmogelijkheden en -middelen is van essentiële waarde voor een plattelandsgemeente als het Westerkwartier.
Deze visie vormt de komende tien jaar onze leidraad voor het optimaliseren van ons wegen- en fietsnetwerk met als doel dat iedereen, van jong tot oud, veilig aan het verkeer in onze gemeente kan deelnemen. Geertje Dijkstra – Jacobi Wethouder gemeente Westerkwartier Pagina 3
Rapportage Datum:
25 mei 2021
Onderwerp: Visie hoofdwegenstructuur Westerkwartier
Inhoud Voorwoord .............................................................................................3 1
5
Inleiding .........................................................................................5
Wat vinden onze inwoners? ......................................................... 27 5.1
Vervoersrelaties en vervoerswijze ......................................... 28
1.1
Aanleiding ................................................................................5
5.2
Veel gebruikte routes en knelpunten .................................... 30
1.2
Ambitie en doelstellingen ........................................................5
5.3
Verbetervoorstellen van inwoners......................................... 34
1.3
Werkwijze en communicatieproces ........................................ 6
5.4
Waarop moet de focus in de toekomst liggen?...................... 35
1.4
Leeswijzer ............................................................................... 9
6
Visie hoofdwegenstructuur.......................................................... 36
2
Samenvatting ............................................................................... 10
6.1
Definiëren hoofdwegenstructuur Westerkwartier .................. 37
3
Trends en ontwikkelingen ............................................................ 14
6.2
Visie hoofdwegenstructuur Westerkwartier .......................... 38
4
Inventarisatie & analyse ............................................................... 18
6.3
Van knelpunten naar opgaven ............................................... 46
4.1
Regionale ligging Westerkwartier ..........................................19
7
Actieprogramma......................................................................... 54
4.2
Gemeentelijk wegennet voor gemotoriseerd verkeer ........... 20
4.3
Fietsnetwerk .......................................................................... 21
4.4
Openbaar vervoer ................................................................. 22
Totstandkoming en beschrijving Duurzaam Veilig
4.5
Wegencategorisering en weginrichting ................................ 24
Wegencategorisering
4.6
Knelpunten ........................................................................... 26
Bijlage
Pagina 4
1 Inleiding
1.2 Ambitie en doelstellingen
1.1 Aanleiding
De gemeentelijke ambitie op het gebied van infrastructuur is vastgelegd in het coalitieakkoord ‘Samen Westerkwartier Maken!’. Hierbij ligt de nadruk op bereikbaarheid, onderhoud en veiligheid.
Deze Visie hoofdwegenstructuur is opgesteld om te voorzien in actueel en integraal verkeersbeleid. Deze visie vormt de basis om op gestructureerde wijze invulling te geven aan verkeersopgaven binnen onze gemeente. Die behoefte wordt enerzijds gevormd door actuele thema’s en verkeersontwikkelingen en anderzijds doordat deze integrale visie er tot op heden niet was. Voor de gemeentelijke herindeling op 1 januari 2019 had iedere gemeente haar eigen visie op haar wegennet, de inrichting en de beleidsaccenten. Naar aanleiding van de gemeentelijke herindeling ligt er de opgave om te komen tot één gezamenlijke integrale visie voor de hoofdwegenstructuur van het Westerkwartier.
Voor de hoofdwegenstructuur van Westerkwartier is dit vertaald naar: Bereikbaarheid: goede duurzame en verkeersveilige bereikbaarheid van het Westerkwartier. Bereikbaarheid en (fysieke) veiligheid: harmonisatie in verkeersbeleid binnen de gemeente Westerkwartier: ▪ herijking wegencategorisering; (Fysieke) veiligheid en leefbaarheid: verbeteren verkeersveiligheid: ▪ integrale aanpak knelpunten en opgaven; ▪ beperken verkeersoverlast; ▪ hoofdwegen op niveau - voorkomt onnodig verkeer op onderliggend wegennet. Pagina 5
1.3 Werkwijze en communicatieproces Om te komen tot een integrale visie op de hoofdwegenstructuur zijn meerdere ‘wegen’ gevolgd. Gestart is met het inzichtelijk maken van de huidige situatie door het uitvoeren van een inventarisatie & analyse door deskundigen in een projectgroep. Vervolgens is informatie opgehaald bij inwoners en weggebruikers door het uitvoeren van een enquête. De dorpsbelangen zijn hierbij nadrukkelijk geïnformeerd en hen is gevraagd hun achterban te betrekken. De resultaten van beide ‘wegen’ zijn met elkaar vergeleken en vervolgens als basis gebruikt voor het definiëren van de hoofdwegenstructuur, het bepalen van speerpunten voor de visie en het benoemen van opgaven voor het aanpakken van knelpunten. Dit is besproken in een sessie waarvoor alle dorpsbelangen zijn uitgenodigd. Doel van de sessie was het verifiëren van de ingrediënten voor de visie en het ophalen van input: zijn de juiste zaken in beeld? De dorpsbelangen zijn in de gelegenheid gesteld om ook na de sessie en in overleg met de achterban te reageren op de tussentijdse resultaten als basis voor de visie. Ook deze informatie is meegenomen bij het opstellen van de visie. Na de sessie met de dorpsbelangen zijn de tussentijdse resultaten en de ingrediënten voor de Visie hoofdwegenstructuur ook gedeeld met de gemeenteraad in een informerende raadsactiviteit.
Het doel van deze bijeenkomst was enerzijds het informeren over de stand van zaken, en anderzijds het ontvangen van reacties op de speerpunten en opgaven. Ook deze input is meegenomen in de visie.
Pagina 6
Inventarisatie & Analyse In de ‘Inventarisatie & Analyse’ zijn de bestaande beleidsdocumenten (waaronder Gemeentelijke Verkeer- en Vervoerplannen en verkeersstudies en -visies) van de voormalige gemeenten geïnventariseerd en met elkaar vergeleken. Onderdeel van de GVVP’s is een wegencategorisering: een functionele indeling van het wegennet met daaraan gekoppelde inrichtingsprincipes. In de inventarisatie zijn de overeenkomsten en verschillen in de wegencategorisering inzichtelijk gemaakt. Daarnaast is een uitgebreide schouw van de weginrichting uitgevoerd. Enerzijds om verschillen in inrichting te constateren, anderzijds om te toetsen of de inrichting voldoet aan de Essentiële Herkenbaarheidskenmerken (de landelijke richtlijnen voor de inrichting van wegen). Ook zijn de verkeersintensiteiten en de verkeersveiligheid op het wegennet in beeld gebracht. In ambtelijke projectgroep bijeenkomsten, met de gemeente en provincie, is de analyse van het huidige wegennetwerk en fietsnetwerk en de inrichting daarvan besproken. De analyse heeft geresulteerd in een integrale wegencategorisering met inzage in knelpunten op het gebied van inrichting, verkeersveiligheid en verkeersstromen. Ook is in deze fase gesproken met omliggende gemeenten.
Participatie Onder inwoners en weggebruikers in het Westerkwartier is een digitale enquête uitgevoerd. Met de enquête is meer inzicht verkregen in het verplaatsingspatroon in de gemeente: hoe verplaatst men zich in de gemeente en welke routes worden daarbij veel gebruikt? Maar ook is inzicht verkregen in knelpunten die men op de hoofdstructuur ervaart. Waar is bijvoorbeeld sprake van verkeersonveilige locaties en waar worden goede verbindingen gemist? Tot slot is in de enquête gevraagd om aan te geven waar volgens de respondenten opgaven liggen voor verbetering van de verkeersstructuur en waar de gemeente in de komende jaren de focus op zou moeten leggen. De bijna 1.500 keer ingevulde enquête is vervolgens verwerkt in een rapportage ‘enquêteresultaten’, die naast de resultaten van de inventarisatie & analyse als input heeft gediend bij de totstandkoming van deze visie.
Pagina 7
Inventarisatie & analyse
Input voor knelpunten, visie en opgaven Inwoners & Omgeving
Pagina 8
1.4 Leeswijzer Hiervoor heeft u kunnen lezen over de aanleiding, ambities, doelstellingen en de gehanteerde werkwijze bij het opstellen van deze Visie hoofdwegenstructuur. In de hoofdstuk 2 wordt een samenvatting gegeven van de Visie hoofdwegenstructuur Westerkwartier. Vervolgens worden in het derde hoofdstuk de voor de Visie hoofdwegenstructuur relevante trends en ontwikkelingen binnen onze gemeente nader toegelicht. Daarna wordt in hoofdstuk 4 ingegaan op de uitgevoerde inventarisatie & analyse. Het gaat hierbij over de regionale ligging van het Westerkwartier, en over de verkeersstructuur binnen onze gemeente voor gemotoriseerd verkeer, fietsverkeer en openbaar vervoer. Het hoofdstuk sluit af met een analyse van de wegencategorisering en weginrichting en resulteert in een overzicht met knelpunten. Ten behoeve van de Visie hoofdwegenstructuur is een enquête uitgevoerd die door bijna 1.500 respondenten is ingevuld. Hoofdstuk 5 bevat de belangrijkste uitkomsten van deze enquête. Oftewel, de mening van onze inwoners over belangrijke routes en knelpunten voor diverse modaliteiten. Ook komen verbetervoorstellen van inwoners aan bod, alsmede de thema’s waar volgens hen de focus op moet liggen in de toekomst. Hoofdstuk 6 beschrijft de Visie hoofdwegenstructuur Westerkwartier.
In dit hoofdstuk is de hoofdwegenstructuur gedefinieerd en worden de 10 speerpunten uit de visie toegelicht. Tot slot worden opgaven benoemd om invulling te geven aan de speerpunten. Pagina 9
2 Samenvatting Wat is de aanleiding?
Welke ontwikkelingen spelen er?
De gemeente Westerkwartier heeft deze Visie hoofdwegenstructuur opgesteld om te voorzien in actueel en integraal verkeersbeleid. Op 1 januari 2019 heeft de gemeentelijke herindeling plaatsgevonden. Hierdoor is het wegennet van de voormalige gemeenten Leek, Zuidhorn, Marum en Grootegast en een gedeelte van de voormalige gemeente Winsum samengevoegd tot het wegennet van de gemeente Westerkwartier.
De auto is een belangrijk vervoermiddel in Westerkwartier. Door het plattelandskarakter zijn veel inwoners afhankelijk van de auto. In de afgelopen 10 jaar is een gemiddelde stijging van de intensiteiten met circa 1% per jaar op de drukste provinciale wegen in de gemeente zichtbaar.
De voormalige gemeenten hadden hun eigen verkeersbeleid met accentverschillen. Binnen de gemeente Westerkwartier is daarom behoefte aan harmonisatie in verkeersbeleid in de vorm van één integrale visie voor de hoofdwegenstructuur.
De leefbaarheid en verkeersveiligheid in de dorpen staat onder druk als gevolg van sluipverkeer op het onderliggend wegennet.
In de regio en in het Westerkwartier is sprake van een woningbouwopgave. De bouw van extra woningen leidt tot meer verkeer en een toenemende druk op het wegennet. In het Westerkwartier gaat het om een opgave van circa 1.600 tot 2.400 woningen tussen 2020 en 2029.
Pagina 10
Welke ontwikkelingen spelen er?
De visie
Meer mensen kiezen ervoor om in steden en grotere dorpen te gaan wonen. Deze trend van re-urbanisatie zorgt voor krimp in de buitengebieden. Dit heeft gevolgen voor het aantal voorzieningen in het buitengebied, waardoor de verplaatsingsafstand (naar voorzieningen) groter wordt.
De doelstellingen duurzame bereikbaarheid, veiligheid en leefbaarheid uit het coalitieakkoord hebben in combinatie met de uitgevoerde analyse van onze huidige hoofdwegenstructuur en de input van inwoners hebben geleid tot de Visie hoofdwegenstructuur Westerkwartier. De visie is uiteengezet in de volgende 10 speerpunten:
De stijgende levensverwachting zorgt voor een veranderend mobiliteitsbeeld. Onze inwoners blijven steeds langer mobiel. Om deelname aan het verkeerssysteem voor alle doelgroepen op veilige wijze mogelijk te maken dient er aandacht te zijn voor vergevingsgezinde infrastructuur. Er is sprake van een mobiliteitstransitie naar duurzame vervoermiddelen. In 2018 hebben de voormalige gemeenten Marum, Leek, Zuidhorn, Grootegast en Winsum in samenwerking met de provincie Groningen de Green Deal Openbaar toegankelijke elektrische laadinfrastructuur ondertekend. De gemeente Westerkwartier wil hiermee elektrisch rijden aantrekkelijker en toegankelijker maken. Dat geldt ook voor andere duurzame mobiliteitsvormen en principes zoals, fietsen en deelauto’s.
SPEERPUNT 1 Inzet op een robuust en goed ingericht hoofdwegennet waarbij de belangrijke dragers A7, N355 en N388/N979 op orde worden gebracht en waarbij we inzetten op versterking van de noord-zuid structuur N355 – A7.
SPEERPUNT 2 Versterken van onderlinge gemeentelijke verbindingen met de (centrum)dorpen en de regio voor alle modaliteiten.
Pagina 11
SPEERPUNT 3 Inzetten op het optimaliseren van aansluitingen van het onderliggend wegennet op de hoofdwegenstructuur.
SPEERPUNT 7 Verbeteren van de verkeersveiligheid op en leefbaarheid langs het wegennet.
SPEERPUNT 4 Bij nieuwe ontwikkelingen zorgen voor robuuste ontsluitingen voor alle modaliteiten.
SPEERPUNT 8 Faciliteren van duurzame mobiliteit waaronder elektrisch rijden, fiets, openbaar vervoer, vraagafhankelijk vervoer (Mobility As A Service) en deelconcepten.
SPEERPUNT 5 Zorgen voor een samenhangende en sluitende hoofdwegenstructuur.
SPEERPUNT 9 Optimaliseren fietsnetwerk en overstap openbaar vervoer op de fiets en v.v.
SPEERPUNT 6 Inzetten op het optimaliseren van de (uniforme) weginrichting waarbij functie, vorm en gebruik met elkaar in overeenstemming zijn.
SPEERPUNT 10 Inzet op veilige en toegankelijke mobiliteit voor alle doelgroepen, met specifieke aandacht voor kwetsbare groepen: schoolkinderen en ouderen.
Pagina 12
Pagina 13
3 Trends en ontwikkelingen De mobiliteit in Nederland is in de afgelopen decennia sterk veranderd. Denk hierbij aan nieuwe (inrichting van) infrastructuur, nieuwe modaliteiten, zoals de speed pedelec en de opkomst van de e-bike. Ook is er sprake van vergrijzing in Nederland in combinatie met naar de stad vertrekkende jongeren en krimp in dorpen. Gezien het plattelandskarakter is deze trend ook voor Westerkwartier relevant. Gelijktijdig ligt er in Westerkwartier en in de regio een woningbouwopgave voor de komende jaren, wat ook invloed heeft op de mobiliteit. Gemotoriseerd verkeer De auto is een belangrijk vervoermiddel in het Westerkwartier. Door het plattelandskarakter zijn veel inwoners afhankelijk van de auto. De ontwikkeling van de verkeersintensiteiten van het gemotoriseerde verkeer laten in de afgelopen 10 jaar een gemiddelde stijging zijn van circa 1% per jaar op de drukste provinciale wegen in de gemeente.
Fiets De fiets heeft de afgelopen jaren terrein gewonnen. Ruim een kwart van alle verplaatsingen die Nederlanders maken gaan per fiets (Kennisinstituut voor Mobiliteitsbeleid, Fietsfeiten oktober 2020). Ook blijkt dat de helft van alle autoritten korter is dan 7,5 km en op basis van de afstand dus ook prima per fiets gemaakt kunnen worden. Het groeiend fietsgebruik is zichtbaar bij verschillende groepen: onderwijs, werk en vrijetijd. De groei van het fietsgebruik voor verplaatsingen naar en van het werk komt vooral door de opkomst van de e-bike, waarmee grotere fietsafstanden afgelegd worden. Meer en meer mensen kopen een (e-) fiets om naar het werk te gaan of voor recreatief gebruik. Inmiddels is de helft van de verkochte nieuwe fietsen een e-bike. Daarmee neemt de actieradius en de snelheid van de fietser toe. Hoewel met de e-bike de actieradius van de fietser toeneemt, zal dit niet alleen zorgen voor een toename van het fietsgebruik en dientengevolge een afname van het autogebruik. Uit onderzoek blijkt tot op heden met name een verschuiving van de reguliere fiets naar de e-bike. Investeren in goede infrastructuur is noodzakelijk om het fietsen, zeker ook per e-bike, aantrekkelijker en veiliger te maken. Tot slot is sprake van een groei van het fietsgebruik van en naar openbaar vervoer-hubs, waarbij de fiets als voortransport wordt gebruikt.
Openbaar vervoer In de buitengebieden neemt de beschikbaarheid van het openbaar vervoer af. Het basisnet staat onder druk. Er is een verschuiving zichtbaar naar vraaggerichter vervoer zoals doelgroepenvervoer, deelfietsen en deelauto’s. Daarnaast neemt het multimodale reizen toe, waarbij bijvoorbeeld van de fiets of auto naar het openbaar vervoer wordt overgestapt. De afgelopen jaren is fors geïnvesteerd in HOVPagina 14
buslijnen, zo ook in het Westerkwartier. Deze lijnen zijn belangrijk voor de bereikbaarheid van het openbaar vervoer in het Westerkwartier. Ook wordt ingezet op intensivering van de treinverbinding tussen Groningen en Leeuwarden. Er rijdt sinds 2021 ieder uur een extra sneltrein en in de spits komen er langere treinen. Dit maakt ook de reis tussen het Noorden en de Randstad sneller en comfortabeler. Hiervoor zijn aanpassingen gedaan aan spoor en perrons. In Zuidhorn en Grijpskerk zijn de perrons verlengd. Om de extra sneltrein in de dienstregeling te laten passen is er ook een stuk extra spoor nodig: van Hoogkerk tot Zuidhorn. In Zuidhorn is een keerspoor gerealiseerd zodat de pendeltrein tussen Groningen en Zuidhorn kan blijven rijden. Mobility As A Service (MAAS) MAAS is een overkoepelend concept waarmee een reis van deur tot deur gepland kan worden met verschillende modaliteiten en diensten in één reis. Goede multimodale overstappunten (hub’s) zijn hiervoor van belang. In het Westerkwartier zijn reeds enkele van deze hubs aanwezig. MAAS kan een rol spelen in de bereikbaarheid van (het rurale gebied van) Westerkwartier. Corona Door de Coronapandemie is het aantal verplaatsingen in 2020 afgenomen. Door de geldende maatregelen zijn meer mensen gaan thuiswerken en werden niet noodzakelijke reisbewegingen in mindere mate gemaakt.
De Corona-maatregelen hebben grote invloed op de mobiliteit. Het is aannemelijk dat mensen na de Coronapandemie vaker thuis blijven werken. Echter is in de verkeersdata ook terug te zien dat zodra versoepelingen in het Coronabeleid aan de orde zijn de verkeersintensiteiten van het wegverkeer geleidelijk groeien tot bijna het niveau van voor de Coronapandemie. We gaan er, gezien de ontwikkelingen bij de versoepelingen in 2020, dan ook vanuit dat het
wegverkeer binnen afzienbare tijd weer zal groeien naar het niveau van voor de Coronapandemie.
Vergrijzing Naast de trends rondom de diverse mobiliteitsvormen speelt ook vergrijzing een rol in het veranderende mobiliteitsbeeld. Mensen worden ouder en blijven ook langer vitaal. Dit heeft tot gevolg dat ouderen zich langer blijven verplaatsen. Dit is positief voor de fysieke en mentale gezondheid, maar brengt ook aandachtspunten met zich mee. Denk hierbij aan functievermindering zoals lagere reactie- en verwerkingssnelheid en slechter zicht of gehoor. Vaak compenseert deze groep de beperkingen door langzamer te rijden of complexe situaties te vermijden zoals autosnelwegen, verkeersdrukte, onbekende wegen of rijden in het donker. Om deelname aan het verkeerssysteem voor alle doelgroepen op veilige wijze mogelijk te maken, dient aandacht te zijn voor vergevingsgezinde infrastructuur.
Pagina 15
Krimp buitengebieden Tegenwoordig kiezen meer mensen er voor om in steden en grotere dorpen te blijven of te gaan wonen. Deze trend van re-urbanisatie zorgt voor krimp in de buitengebieden. Dit heeft gevolgen voor de voorzieningen die in het gebied aanwezig zijn. Door deze ontwikkeling neemt de verplaatsingsafstand (naar voorzieningen, werk of scholen) toe. Ook komt het gebruik en de beschikbaarheid van openbaar vervoer in het buitengebied verder onder druk te staan. Het is van belang dat de centrumdorpen met voorzieningen goed bereikbaar zijn in het Westerkwartier. Voor de bereikbaarheid van het buitengebied speelt de auto een belangrijke rol. Ook de fiets, met een toenemende actieradius, is een belangrijk vervoermiddel binnen de gemeente. Onder andere als voortransport naar het openbaar vervoer, maar ook als vervoermiddel voor scholieren. Omdat door het strekken van buslijnen de afstand tot het dichtstbijzijnde opstappunt toeneemt is het van belang te voorzien in goede op- en overstappunten.
gevolg van de vrachtwagenheffing op de A7, bijvoorbeeld via de N355 en het Hoendiep.
Bron ongevallencijfers: ViaSTAT
Verslechtering leefbaarheid en verkeersveiligheid door sluipverkeer Door de filegevoeligheid op de N355 en A7 als gevolg van enerzijds ongevallen en anderzijds een hoge verkeersintensiteit maakt doorgaand regionaal en lokaal verkeer gebruik van het onderliggend wegennet. Daardoor komt de leefbaarheid en verkeersveiligheid in dorpen op deze sluiproutes onder druk te staan. Wat mogelijk aanvullende negatieve invloed gaat hebben, is de mogelijke invoering van vrachtwagenheffing, waardoor vrachtverkeer op sommige wegen per kilometer moeten betalen. Het kabinet werkt aan mogelijke invoering van vrachtwagenheffing per 2024 op vrijwel alle Nederlandse snelwegen, enkele provinciale wegen en gemeentelijke hoofdwegen. In onze regio is de A7 daarvoor in beeld. Mogelijk gaan vrachtwagenchauffeurs op zoek naar alternatieve parallelle routes als Pagina 16
Woningbouwopgave De komende jaren ligt er in de regio een aanzienlijke woningbouwopgave, zo ook in het Westerkwartier. In de Woonvisie Westerkwartier uit 2020 – 2025 is een bandbreedte voor woningbouw van circa 1.600 tot 2.400 woningen tussen 2020 en 2029 opgenomen. De realisatie van extra woningen betekent ook een toenemende druk op het wegennet. De afgelopen jaren is woningbouw ontwikkeld in o.a. Leek (Oostindie), Oostwold, Zevenhuizen, Marum, Zuidhorn (Oostergast) en Grijpskerk. Daarnaast speelt de ontwikkeling van bedrijventerreinen Leeksterveld en Westpoort (gemeente Groningen) rond de A7. Naast de voorgenomen woningbouw uit de vastgestelde woonvisie, wordt ook in de directe omgeving van Westerkwartier fors gebouwd. Zo heeft de Gemeente Groningen met het Ministerie van Binnenlandse Zaken afgesproken 20.000 extra woningen te bouwen. Door de 20.000 extra woningen in Groningen zal ook de verkeersdruk op het regionale
hoofdwegennet toenemen. Voor de gemeente Westerkwartier betekent dat concreet meer verkeer op de A7 en N355, wegen waar reeds sprake is van een hoge verkeersdruk. Dit vergroot de kans op sluipverkeer via het onderliggend (gemeentelijk) wegennet. Mobiliteitstransitie Tot slot zit de gemeente Westerkwartier niet stil als het gaat om duurzame mobiliteit. In 2018 hebben de voormalige gemeenten Marum, Leek, Zuidhorn, Grootegast en Winsum in samenwerking met de provincie Groningen de Green Deal Openbaar toegankelijke elektrische laadinfrastructuur ondertekend. Deze deal zorgt voor meer laadpalen in de hele gemeente om zo elektrisch rijden aantrekkelijker en toegankelijker te maken. Inmiddels is in bijna alle kernen een openbare laadpaal voor elektrische voortuigen gerealiseerd. In de komende jaren vindt, op aanvraag van inwoners, verdere uitbreiding van de laadinfrastructuur plaats.
Pagina 17
4 Inventarisatie & analyse Dit hoofdstuk bevat de resultaten van de inventarisatie & analyse van de verkeerskundige situatie in het Westerkwartier. Eerst wordt ingegaan op de regionale ligging. Hierdoor worden de belangrijke regionale wegen (en dus ook belangrijke wegen voor het Westerkwartier) inzichtelijk gemaakt. Vervolgens wordt verder ingezoomd op het gemeentelijk wegennet voor gemotoriseerd verkeer, fietsverkeer en openbaar vervoer. Op basis van de inventarisatie & analyse worden knelpunten geduid. Doel van de inventarisatie & analyse is het inzichtelijk maken van de huidige situatie en knelpunten daarin. Dit dient vervolgens samen met de informatie van onze inwoners als input voor de visie.
Pagina 18
4.1 Regionale ligging Westerkwartier Regionaal gezien is de gemeente Westerkwartier hoofdzakelijk georiënteerd op grote kernen aan de oost- en westzijde. Aan de oostzijde ligt Groningen, te bereiken via de A7 of de N355. Regionale grote kernen aan de westzijde zijn Drachten, Heerenveen, Leeuwarden en in mindere mate Dokkum. Ook van/naar deze kernen zijn de A7 en de N355 belangrijke regionale dragers. Zowel de A7 als de N355 doorsnijden de gemeente Westerkwartier. Enerzijds zorgt dit voor de bereikbaarheid van het Westerkwartier, anderzijds werken beide wegen als barrières, omdat het aantal passages beperkt is.
N372
N979
Pagina 19
4.2 Gemeentelijk wegennet voor gemotoriseerd verkeer Het wegennet binnen de gemeente Westerkwartier is voornamelijk radiaal opgebouwd, met verbindingen van/naar de stad Groningen. Zoals hiervoor geconstateerd zijn de A7 en N355 belangrijke regionale dragers die door het Westerkwartier lopen. Het is voor Westerkwartier van groot belang dat deze dragers op orde zijn. Bij congestie op deze wegen ontstaat er sluipverkeer op het onderliggende gemeentelijke wegennet. Door de radiale opbouw zijn de nodige parallelle routes aanwezig die als sluiproute kunnen worden gebruikt. Noord-zuidverbindingen zijn beperkt aanwezig in het Westerkwartier. De N388 is een van de weinige ontsluitende noord-zuidroutes binnen de gemeente en daarmee voor het Westerkwartier een belangrijke verbinding om de N355 of de A7 te bereiken. Een andere ontsluitende Noord-zuidroute is de N358 (De Skieding) aan de westzijde van het Westerkwartier. De provincie Fryslân werkt aan het verbeteren van deze verbinding. Door de ligging aan de rand van het Westerkwartier heeft de weg met name een functie voor het gebied van de voormalige gemeente Grootegast en in mindere mate voor de rest van het Westerkwartier. De verbinding wordt voornamelijk gebruikt door doorgaand verkeer vanaf de A7 naar Fryslân en v.v..
N979
Naast de routes van/naar de regio (N355 en de A7) zijn er de verbindingen tussen de dorpen onderling. In de woonvisie Westerkwartier zijn vier centrumdorpen gedefinieerd, namelijk Leek, Marum, Grootegast en Zuidhorn. Deze dorpen hebben een uitgebreid aanbod nietdagelijkse voorzieningen en een bovendorpse functie. Ze hebben daarmee een belangrijke functie voor de omliggende woondorpen en basisdorpen. Een goede verbinding tussen de omliggende dorpen naar de centrumdorpen is daarom essentieel. Dit gebeurt N372 grotendeels over provinciale en gemeentelijke 60 km/uur wegen, bijvoorbeeld de verbinding DoezumGrootegast of De Poffert-Leek. Het gebruik van deze provinciale en gemeentelijke 60 km/uur wegen is passend bij de functie die deze wegen vervullen (intensiteiten tussen ca. 3.000 tot 5.000 motorvoertuigen/etmaal).
Pagina 20
4.3 Fietsnetwerk Naast de wegenstructuur voor gemotoriseerd verkeer is de hoofdfietsstructuur in kaart gebracht. Hierbij is onderscheid gemaakt in doorfietsroutes, hoofdfietsroutes, secundaire fietsroutes en recreatieve routes. Doorfietsroutes zijn hoogwaardige fietsroutes voor lange fietsafstanden, tussen grote kernen en met aansluiting op tussenliggende kernen. Een hoofdfietsroute is een hoogwaardige fietsroute voor middellange fietsafstanden en over het algemeen een verbinding tussen (grotere) dorpen. In het Westerkwartier zorgen de hoofdfietsroutes voor een raster tussen de hoofdkernen in de gemeente (Leek, Zuidhorn, Marum en Grootegast). Ook leggen deze routes de verbinding met de omliggende gemeenten, zoals Noordenveld, Smallingerland en Het Hogeland. De secundaire fietsroutes verbinden de (kleinere) dorpen met de hoofdfietsroutes en zijn veelal routes over korte afstanden. De secundaire verbindingen zorgen voor de ontsluiting van de gebieden tussen de hoofdfietsroutes. Tot slot zijn er de recreatieve routes. Dit zijn onder andere hoogwaardige toeristische routes die deel uitmaken van het fietsknooppuntennetwerk. Door de fijnmazigheid van het recreatieve fietsnetwerk valt dit in veel gevallen samen met het secundaire fietsnetwerk.
De gemeente Westerkwartier heeft twee doorfietsroutes richting Groningen. De doorfietsroute Zuidhorn-Groningen en LeekGroningen (in ontwikkeling). Deze routes zijn of worden voorzien van een hoogwaardige inrichting. Voor het hoofdfietsnetwerk is dit niet overal het geval. Het hoofdfietsnetwerk ligt grotendeels langs de provinciale wegen en belangrijkere gemeentelijke verbindingen. Op de volgende hoofdfietsroutes ontbreken goede fietsvoorzieningen (zie ook uitroeptekens op de kaart): Hoendiep (Zuidhorn – De Poffert), N978 Pasop (LeekZuidhorn), Aduarderdiep (Steentil – Garnwerd), N979 t.h.v. De Haspel, N980 (Oldekerk-Niekerk en Doezum), N980 (Millinghaweg – Zuidhorn, ontbrekende schakel), N983 vanaf Oldehove richting gemeente Het Hogeland (zowel naar N361/Wehe-Den Hoorn als Winsum, ontbrekende schakel), Mensumaweg. De overige fietsroutes behoren tot het secundaire, dan wel recreatieve fietsnetwerk. In veel gevallen zijn hier geen fietsvoorzieningen aanwezig. De noodzaak van fietsvoorzieningen op secundair netwerk is onder andere afhankelijk van het gebruik (bijv. schoolroute of woon-werkroute) of de verkeerssituatie (bijv. verkeersveiligheid). Pagina 21
4.4 Openbaar vervoer Deze kaart toont de spoorlijn, het buslijnennet en de OV Hubs binnen de gemeente Westerkwartier. De bus De meeste buslijnen maken gebruik van de hoofdwegen binnen de gemeente. De gemeente Westerkwartier beschikt over een relatief grofmazig buslijnennet. Hierdoor worden de kernen in het buitengebied niet of in beperkte mate (bijv. met lage frequentie) bedient. Door de Coronacrisis zijn in december 2020 diverse aanpassingen gedaan in de dienstregeling. Hierdoor zijn buslijn 38 Grootegast – Leek, buslijn 88 Leek – Hoogkerk en buslijn 638 Zuidhorn-Grootegast komen te vervallen en zijn op meerdere lijnen de frequenties verlaagd. Dit leidt tot een nog grofmaziger buslijnennet. Met krimp in de dorpen is het aannemelijk dat deze tendens blijft bestaan. De gemeente zet zich in om verdere verschraling tegen te gaan, maar onze invloed op het openbaar vervoer netwerk is beperkt. Deze verantwoordelijkheid ligt bij het OV-bureau en de provincie Groningen. Voor de busdiensten is punctualiteit en betrouwbaarheid belangrijk. Het is daarom van groot belang dat de doorstroming en afwikkeling op de busroutes gewaarborgd blijft. Aangezien het buslijnennet grotendeels
gebruik maakt van het hoofdwegennetwerk is het voorkomen van congestie op deze routes van belang. De trein In het Westerkwartier ligt de spoorlijn tussen Groningen en Leeuwarden. Op deze spoorverbinding rijdt een stoptrein en twee intercity’s. De stoptrein rijdt 2 keer per uur in beide richtingen en halteert op de stations Zuidhorn en Grijpskerk. De intercity rijdt 1 keer per uur in beide richtingen en halteert niet in Westerkwartier. In de ochtendspits op werkdagen rijdt er tussen Zuidhorn en Groningen 1x per uur in beide richtingen een extra stoptrein Het aantal intercity’s is vanaf 13 december 2020 toegenomen. Vanaf toen reed er ieder uur een extra sneltrein (die ook stopt in Zuidhorn) en in de spits ook langere treinen. Hiervoor zijn de afgelopen jaren aanpassingen gedaan aan spoor en perrons. In Zuidhorn en Grijpskerk zijn de perrons verlengd. Ook is een extra spoor gerealiseerd: van Hoogkerk tot Zuidhorn. Zuidhorn heeft een keerspoor gekregen zodat de pendeltrein tussen Groningen en Zuidhorn kan blijven rijden. Deze pendeltrein is verplaatst van de ochtend naar de avondperiode. Pagina 22
OV Hubs Om het openbaar vervoer netwerk goed te ontsluiten worden multimodale vervoersknooppunten (hub’s) gerealiseerd. De hub’s zijn de schakel tussen het openbaar vervoer (trein, bus) en andere vervoersmodaliteiten (auto, fiets, voetgangers). De bereikbaarheid van deze hubs is belangrijk voor de toegankelijkheid van het openbaar vervoer. Het Westerkwartier heeft zes hubs, namelijk bij het treinstation in Grijpskerk en Zuidhorn, de aansluitingen A7 bij Marum en Midwolde/Leek en in het centrum van Grootegast en Leek. De hubs bij de treinstations zijn multimodale overstappunten waarbij o.a. auto, fiets, bus en trein samen komen. De hubs langs de A7 zijn belangrijk voor de verbinding met de stad Groningen en Drachten. Ze dienen als belangrijke overstaplocatie tussen de fiets, auto en de bus. Dit heeft op werkdagen een belangrijk utilitair doel, maar bedient in het weekend een recreatieve doelgroep (winkelend publiek Groningen en Drachten). Tot slot zijn er de hubs in het centrum van Leek en Grootegast. Dit zijn hoofdzakelijk belangrijke aansluitingen op de bus. Pagina 23
4.5 Wegencategorisering en weginrichting In Nederland worden wegen gecategoriseerd en ingericht conform de principes uit het landelijke verkeersveiligheidsbeleid Duurzaam Veilig Wegverkeer (DV3). In de basis komt het erop neer dat alle wegen worden gecategoriseerd op basis van functie en gebruik. Iedere wegcategorie heeft een uniforme en herkenbare inrichting en snelheid. De gedachte hierachter is dat weggebruikers de weginrichting herkennen en daar het verkeersgedrag op afstemmen. Vanuit DV3 geldt de volgende wegencategorisering met bijbehorende maximum snelheden: • erftoegangsweg: 30 km/uur (binnen de bebouwde kom) & 60 km/uur (buiten de bebouwde kom); • gebiedsontsluitingsweg: 50 km/uur (binnen de bebouwde kom) & 80 km/uur (buiten de bebouwde kom); • stroomweg: 70 (binnen de bebouwde kom), 100, 120, 130 km/uur (buiten de bebouwde kom). De wegencategorisering is vastgesteld in de gemeentelijke verkeers- en vervoersplannen, verkeersvisies en -studies van de voormalige gemeenten Leek, Marum, Grootegast, Zuidhorn en Winsum. Daarin is tevens onderscheid gemaakt in de subcategorieën ‘type A’ en ‘type B’. Waarbij een erftoegangsweg type A een belangrijkere functie heeft dan een erftoegangsweg type B. De wegencategorisering uit de GVVP’s van de voormalige gemeenten is geanalyseerd en hieruit blijkt dat de categorisering niet overal goed op elkaar aansluit.
Een weg wordt bijvoorbeeld in de ene voormalige gemeente gezien als erftoegangsweg type A en in de andere als erftoegangsweg type B. Dit leidt tot verschillende opvattingen over dezelfde weg, waardoor o.a. verschillen ontstaan in de inrichting. Als voorbeeld is onderstaande foto van de Mensumaweg ter hoogte van de voormalige gemeentegrens tussen Leek en Grootegast opgenomen. Hierbij wordt op dezelfde weg een ander inrichtingsprincipe toegepast. Een sluitende eenduidige wegencategorisering met bijbehorende inrichtingsprincipes is de basis om deze verschillen te verhelpen en zorgt voor het vergroten van de begrijpelijkheid voor weggebruikers. NB: een uitgebreide toelichting op de totstandkoming van DV3 en de daaruit voorkomende principes is opgenomen in bijlage 1. Hierin worden ook de drie wegcategorieën toegelicht.
Voorbeeld: Mensumaweg ter hoogte van de voormalige gemeentegrens Leek-Grootegast
Pagina 24
De meest voorkomende verschillen in categorisering en inrichting zijn: • Voormalige grensoverschrijdende wegen: erftoegangsweg type A/B: voormalige grensoverschrijdende wegen zijn in de ene voormalige gemeente gecategoriseerd als erftoegangsweg type A en in de andere als erftoegangsweg type B; • Wegen binnen bebouwde kom: erftoegangsweg type A/gebiedsontsluitingsweg type B: wegen binnen de bebouwde kom worden in de ene voormalige gemeente gecategoriseerd als gebiedsontsluitingsweg type B en in de andere als erftoegangsweg type A; • Maximum snelheid past niet bij inrichting erftoegangsweg: erftoegangswegen die correct zijn ingericht (wenselijke snelheid 60 km/uur), maar waar de maximum snelheid niet past bij de inrichting (huidige maximum snelheid is 80 km/uur); • Inrichting gebiedsontsluitingswegen past niet bij maximum snelheid: gebiedsontsluitingswegen die zijn ingericht als erftoegangsweg (wenselijke snelheid 60 km/uur), waardoor de geldende vigerende snelheid (80 km/uur) niet past bij de inrichting; • Diverse inrichtingsprincipe op dezelfde weg: diverse inrichtingsprincipes op dezelfde weg en/of dezelfde type wegen (komt met name voor op erftoegangswegen), bijvoorbeeld onderbroken kantmarkering, ononderbroken kantmarkering, fietssuggestiestroken, fietssuggestiestroken met rood kleuraccent, geen markering.
Pagina 25
4.6 Knelpunten De kaart hiernaast toont de knelpunten die voortkomen uit de inventarisatie & analyse. De knelpuntenkaart richt zich primair op de hoofdwegen en belangrijkste verbindingen in het Westerkwartier of knelpunten die ontstaan als gevolg van het niet op orde zijn van deze hoofdwegen. Dit betekent dat niet alle gemeentelijke knelpunten in onderstaande kaart zijn opgenomen. De kaart bevat de voor de Visie hoofdwegenstructuur relevante knelpunten op het hoofdwegennet. Een (groot) deel van de hoofdwegenstructuur van Westerkwartier bestaat uit wegen die niet in eigendom zijn van de gemeente. De verkeerssituatie op de gemeentelijke wegen is echter wel afhankelijk van het functioneren van deze Rijks- en provinciale wegen. Het is voor de situatie op het gemeentelijk wegennet van belang dat de A7, N388, N355, N979 en andere provinciale wegen op orde zijn. Daarom gaan we in de Visie hoofdwegenstructuur ook in op de opgaven die we zien voor die wegen. In de knelpuntenkaart is zichtbaar dat er zich meerdere knelpunten bevinden op de N388 en N979. Daarnaast komt congestie voor op de A7 en N355. Dit brengt knelpunten
met zich mee op het gebied van leefbaarheid en verkeersveiligheid op het onderliggend wegennet als gevolg van sluipverkeer dat op zoek gaat naar een alternatieve route. Ook het verkeer op de aansluitingen van het onderliggend wegennet op de A7 ter hoogte van Boerakker en Leek wikkelt op momenten niet goed af. De aansluiting bij Leek is in 2018 reeds gereconstrueerd. Dit heeft zichtbaar effect, maar destijds is ook geprognotiseerd dat op de aansluiting in de nabije toekomst wederom congestie gaat ontstaan. Wanneer er congestie is op aansluitingen met het hoofdwegennet heeft dit directe negatieve invloed op de bereikbaarheid van bewoners, maar ook van bedrijven. Bedrijventerrein Leeksterveld ligt bijvoorbeeld dichtbij de A7 ter hoogte van de aansluiting Leek. Het terrein is volop in ontwikkeling en momenteel is de verkeersafwikkeling richting het bedrijventerrein reeds kwetsbaar bij de aansluiting Leek. N979
Ook de onderlinge verbinding tussen de centrumdorpen Leek en Zuidhorn is een knelpunt. De route via de N978 Pasop is smal met relatief veel gemotoriseerd verkeer en fietsverkeer. Ook ontbreekt hier een fietsvoorziening of goede parallelle fietsverbinding. Pagina 26
5 Wat vinden onze inwoners? In het kader van de studie hoofdwegenstructuur Westerkwartier is een enquête uitgevoerd onder inwoners en weggebruikers in de gemeente Westerkwartier. Het doel van de enquête is drieledig. Ten eerste dient het om het verplaatsingspatroon in de gemeente in kaart te brengen: hoe verplaatst men zich in de gemeente en welke routes worden daarbij veel gebruikt? Het tweede belangrijke doel betreft het in kaart brengen van de knelpunten die men op de hoofdstructuur van zowel het autoverkeer als fietsverkeer ervaart. Waar is bijvoorbeeld sprake van verkeersonveilige locaties en waar worden goede verbindingen gemist? Tot slot is in de enquête gevraagd om aan te geven waar volgens de respondenten opgaven liggen voor verbetering van de verkeersstructuur en waar de gemeente in de komende jaren de focus op zou moeten leggen. Uit de respons van bijna 1.500 ingevulde enquêtes blijkt dat verkeer een thema is waar veel inwoners hun mening over willen geven. Of het nu naar het werk, naar school of recreatief is, bijna iedereen begeeft zich dagelijks in het verkeer. Van jong tot oud verplaatst men zich door de gemeente, waarbij zaken gezien of ervaren worden die anders of beter kunnen. Ook ontwikkelingen zoals woningbouw of bedrijvigheid kunnen daartoe aanleiding geven.
De uitgebreide enquêteresultaten zijn opgenomen in de rapportage ‘enquêteresultaten’ met kenmerk R01-D02-11091183-ksf d.d. 28 september 2020.
Pagina 27
5.1 Vervoersrelaties en vervoerswijze De gemeente Westerkwartier is qua oppervlak een van de grootste gemeenten van Nederland, met een plattelands karakter. Het is dan ook niet opmerkelijk dat uit de enquête blijkt dat de auto een zeer belangrijk vervoermiddel is voor de inwoners van het Westerkwartier. Met name voor de woonwerk verplaatsing en de boodschappen wordt de auto veel gebruikt. Onder scholieren is de fiets populair. De sterkste vervoerrelatie voor het Westerkwartier op het gebied van werken, boodschappen en school is de vervoerrelatie met de gemeente Groningen. Logischerwijs zijn ook de relaties met andere omliggende gemeenten, zoals Het Hogeland, Noordenveld en Smallingerland aanwezig. Binnen het Westerkwartier verplaatsen respondenten zich vooral richting de grotere kernen Leek, Zuidhorn, Marum, Grootegast, Tolbert en Grijpskerk.
Pagina 28
Verschil overige locaties en locaties elders in (of buiten) Nederland In de enquête konden respondenten in antwoordmogelijkheden kiezen voor alle kernen in, en omliggende gemeenten van, Het Westerkwartier. Als respondenten verder weg werken, naar school gaan of boodschappen doen, bijvoorbeeld in Utrecht, konden zij kiezen voor de antwoordmogelijkheid ‘Elders in (of buiten) Nederland’. Aangezien sommige antwoordmogelijkheden in beperkte mate zijn gegeven zijn deze tijdens de verwerking samengevoegd tot ‘overige locaties’. Dit is het verschil tussen ‘Elders in Nederland’ en ‘overig’.
Pagina 29
5.2 Veel gebruikte routes en knelpunten Gemotoriseerd verkeer Onderstaande kaarten tonen de door inwoners benoemde veel gebruikte routes vanuit verschillende gebieden en kernen. De afbeelding links toont de routes vanuit de grotere kernen en de afbeelding rechts vanuit de omliggende gebieden. De kleur van de door bewoners aangegeven routes correspondeert met de desbetreffende gebieden. In deze kaartbeelden is, net als bij de inventarisatie & analyse van het wegennet, de structuur A7, N355 en de N388 duidelijk
waarneembaar. Ook de routes tussen de centrumdorpen zijn verbindingen die veel worden benoemd. Vanuit de buitengebieden zijn het vooral de gemeentelijke wegen die leiden naar de A7, N355 en N388 die veel worden gebruikt. Deze (veelal gemeentelijke) wegen kunnen worden gezien als belangrijke inprikkers voor de bereikbaarheid van de hoofdwegen. Geconcludeerd kan worden dat de veelgebruikte routes in grote lijnen overeen met de benoemde structuur en belangrijke dragers in paragraaf 4.2.; de inventarisatie & analyse van het gemeentelijk wegennet voor gemotoriseerd verkeer.
Pagina 30
De hiernaast getoonde kaart en de bijgevoegde staafdiagram tonen de meest benoemde knelpunten in de enquête met betrekking tot het gemotoriseerde verkeer. De knelpunten die voortkomen uit de enquête komen in grote lijn overeen met de knelpunten die voortkomen uit de inventarisatie & analyse. Ruim 26% van de respondenten benoemt de N355 als knelpunt. Het gaat hierbij met name om de verkeersveiligheid en doorstroming richting Groningen (stad). Circa 15% vindt de afwikkeling en verkeersveiligheid op de A7 een knelpunt. Ook geeft ruim 17% van onze inwoners aan knelpunten te ervaren op de verbinding N388 – N979 tussen Grijpskerk en Zevenhuizen. Hier gaat hierbij specifiek om: •
de brug bij Gaarkeuken
•
spoorwegovergang N388 bij Grijpskerk
•
bajonetaansluiting/T-splitsing Sebaldeburen
•
de Halbe Wiersemaweg / Carolieweg
•
kruispunten N388 ter hoogte van de toe-/afrit van A7 bij Boerakker.
•
de Auwemalaan (met name de oversteekplaats voor fietsers op het kruispunt met de Lindesteinlaan wordt als onveilig ervaren)
Ruim 15% van de respondenten ziet de verbinding Leek-Zuidhorn als een knelpunt op het gebied van verkeersveiligheid en verkeersafwikkeling. Tot slot wordt het knelpunt De Poffert in de enquête genoemd. Het knelpunt heeft betrekking op overlast van sluipverkeer (auto’s en vrachtverkeer). Absoluut gezien is dit knelpunt een beperkt aantal keer benoemd, maar wel door bijna alle respondenten uit de directe omgeving van De Poffert.
Pagina 31
Fietsverkeer De afbeelding aan de linker zijde toont de meest benoemde fietsroutes door onze inwoners. Hoe dikker de lijn, hoe vaker deze is benoemd. In grote lijnen komen de hoofdfietsroutes overeen, of liggen parallel aan, routes voor gemotoriseerd verkeer. Binnen de kernen is uiteraard sprake van een fijnmazig fietsnetwerk, maar op hoofdlijnen zijn dit de meest benoemde routes. De afbeelding aan de rechter zijde bevat routes waarop knelpunten op de fietsinfrastructuur worden ervaren.
Veel van deze routes komen overeen met de locaties waar in de inventarisatie & analyse van is benoemd dat goede fietsvoorzieningen ontbreken. Denk hierbij aan de Pasop, het Hoendiep, de Mensumaweg en het Aduarderdiep. Aanvullend daarop worden veel knelpunten benoemd op de route Groningen – Drachten. Een deel van deze knelpunten zal met de realisatie van de doorfietsroute Leek-Groningen komen te vervallen. Ook de routes Oldehove – Zuidhorn en de Jonkersvaart worden veel benoemd als fietsknelpunt.
Pagina 32
Openbaar vervoer Wat betreft het openbaar vervoer geven onze inwoners en weggebruikers aan dat met name de bereikbaarheid van de kleine dorpen en het buitengebied met het openbaar vervoer onder de maat is. Het OV-bureau heeft de afgelopen jaren ingezet op het strekken van lijnen, wat ten koste gaat van de directe bereikbaarheid van de dorpen. Wanneer onze inwoners gebruik maken van het openbaar vervoer is een vorm van voor- en natransport in veel gevallen noodzakelijk. Aansluitend daarop ontbreekt een goede noord-zuid verbinding met het openbaar vervoer. Bewoners geven aan dat deze verbinding zoveel sneller is met de auto, dat ze niet overwegen om het openbaar vervoer voor een dergelijke verplaatsing te gebruiken. Naast de bereikbaarheid van het buitengebied en de noord/zuidverbinding worden ook enkele concrete lijnen / verbindingen benoemd. Zo geven respondenten aan dat er behoefte is aan een de directe busverbinding tussen Leek en Zuidhorn. Ook wordt de spoorverbinding Grijpskerk/Zuidhorn-Groningen genoemd. Het gaat met name om de drukte in treinen en frequentie. De wijzigingen aan het spoor en in de dienstregeling van 13 december 2020 nemen deze knelpunten grotendeels weg. Ook de in het verleden veelbesproken spoorverbinding Zuiderzeelijn (Groningen-Drachten-HeerenveenEmmeloord-Lelystad, thans in beeld als Lelylijn) wordt nog altijd als wens door onze inwoners benoemd.
Voor de verbinding Marum-Leek geldt dat inwoners hier graag een hogere frequentie zouden zien. Ten tijde van de enquête reed deze bus nog ieder half uur, maar sinds de nieuwe dienstregeling is dit nog maar 1x per uur en ’s avonds niet meer. Tussen Leek en Zuidhorn is momenteel geen busverbinding. Uit de enquête blijkt dat inwoners hier wel behoefte aan hebben.
Pagina 33
5.3 Verbetervoorstellen van inwoners Inwoners hebben tevens verbetervoorstellen aangedragen. De verbetervoorstellen betreffen verbeteringen van bestaande wegen, maar ook mogelijk te onderzoeken nieuwe wegen. Verbeteringen bestaande wegen Onze inwoners zien graag verbeteringen op de N355. De wegcapaciteit wordt als onvoldoende beoordeeld, met afwikkelingsproblematiek en sluipverkeer tot gevolg. Inwoners zien graag dat de capaciteit wordt vergroot. Ook stelt men voor fietsmaatregelen te treffen op de Mensumaweg. Momenteel wordt veel onveiligheid ervaren door fietsers als gevolg van sluipverkeer Oldekerk - Leek. Het Aduarderdiep wordt als gevolg van de gereden snelheid, rijbaanbreedte, het aanwezige vrachtverkeer en zachte bermen als onprettig ervaren. Inwoners zien graag verbeteringen op het Aduarderdiep. De Pasop en Fanerweg worden ervaren als smalle wegen met veel bomen waar met name de veiligheid van fietsers een aandachtspunt is. Inwoners hebben hierbij de volgende verbetervoorstellen voor ogen: verbreden rijbaan en/of aanleggen vrijliggend fietspad. Op het Hoendiep tussen Zuidhorn en De Poffert zien bewoners graag maatregelen voor de combinatie van fietsers met gemotoriseerd (sluip)verkeer en landbouwverkeer.
Pagina 34
Onderzoeken nieuwe (rond)wegen Inwoners hebben niet alleen verbetervoorstellen gedaan voor het bestaande wegennet, ook is de wens aangegeven onderzoek te doen naar nieuwe (rond)wegen. Hierbij is de rondweg Leek en een eventuele verlenging van deze rondweg richting de N372 veruit het meest benoemd. Daarnaast zien inwoners graag dat er onderzoek wordt gedaan naar de verbinding Leek-Zuidhorn. Momenteel is deze verbinding relatief smal en zijn er geen vrijliggende fietsvoorzieningen.
5.4 Waarop moet de focus in de toekomst liggen? Onderstaande cirkeldiagram toont de thema’s waar volgens onze inwoners de komende jaren de focus op moet liggen. Het grootste deel van de respondenten (34%) vindt verkeersveiligheid in het algemeen het belangrijkste thema. De meeste knelpunten / verbetervoorstellen hebben ook met dit thema te maken. Daarna volgt de bereikbaarheid met de auto met 20%, gevolgd door fiets en beperken van verkeersoverlast. Tot slot wordt door 13% het thema openbaar vervoer benoemd.
Ter hoogte van Sebaldeburen is op de N388 sprake van een indirecte verbinding met een zogenaamde ‘bajonetaansluiting’. Om de N388 te blijven volgen moet het verkeer twee maal af slaan. Inwoners geven aan graag een ‘gestrekte ligging’ van het traject te zien. Tot slot wordt een mogelijk nieuwe verbinding benoemd voor de aanpak van de problematiek rondom de brug Gaarkeuken en spoorwegovergang N388. Momenteel worden hier lange wachttijden ervaren en vinden inwoners met name de brug bij Gaarkeuken onveilig voor fietsers. Het gaat hierbij om het oversteken ter hoogte van de brug, wat als onoverzichtelijk en druk wordt ervaren. Met de opwaardering van de vaarweg Lemmer-Delftzijl groeit het aantal vaarbewegingen en daarmee ook het aantal brugopeningen, waardoor de ervaren problematiek groter wordt.
Pagina 35
6 Visie hoofdwegenstructuur
Analyse huidige situatie • Inventarisatie & Analyse • Input inwoners
Definiëren hoofdwegennet Westerkwartier • Wat zijn de hoofdwegen? • Wegencategorisering Westerkwartier
Visie hoofdwegenstructuur gemeente Westerkwartier • 10 speerpunten gericht op duurzame bereikbaarheid, leefbaarheid en verkeersveiligheid
Van knelpunten naar opgaven • Definieren opgaven op basis van knelpunten • Bijdrage opgaven aan speerpunten
Toekomst • Wat willen we bereiken? • Hoe gaan we dat doen? Pagina 36
6.1 Definiëren hoofdwegenstructuur Westerkwartier Op basis van de uitgevoerde analyse van de huidige situatie is een eenduidige samenhangende en sluitende wegencategorisering in het Westerkwartier opgesteld. Uit de analyse blijkt dat de A7 en de N355 belangrijke regionale dragers zijn. De A7 is gecategoriseerd als stroomweg en de N355 als gebiedsontsluitingsweg. De N388/N979 is voor de gemeente de belangrijke noord-zuidverbinding naar deze regionale dragers. De N388 en N979 zijn daarom eveneens gecategoriseerd als gebiedsontsluitingsweg. De overige hoofdwegen in het Westerkwartier zijn gecategoriseerd als erftoegangsweg type A. Alle overige wegen behoren niet tot het hoofdwegennet en zijn gecategoriseerd als erftoegangsweg type B. Deze wegen zijn vooral belangrijk bij het bereiken van het hoofdwegennet. Gestreefd wordt naar korte directe verbindingen tussen het onderliggend en het hoofdwegennet. Pagina 37
6.2 Visie hoofdwegenstructuur Westerkwartier In paragraaf 1.2 zijn de ambities en doelstellingen geformuleerd op basis van de drie pijlers 1) duurzame bereikbaarheid, 2) veiligheid en 3) leefbaarheid uit het coalitieakkoord. Deze ambities en geformuleerde doelstellingen in combinatie met de uitgevoerde analyse en input van inwoners hebben geleid tot de volgende visie voor het hoofdwegennet:
ONZE VISIE: 1.
2. 3. 4. 5. 6. 7. 8. 9. 10.
Inzet op een robuust en goed ingericht hoofdwegennet a. Belangrijke dragers A7, N355 en N388/N979 op orde brengen b. Inzet op versterking noord-zuid structuur N355 – A7 Versterken van onderlinge verbindingen met de (centrum)dorpen en de regio voor alle modaliteiten Inzet op optimaliseren aansluitingen van het onderliggend wegennet op de hoofdwegenstructuur Bij nieuwe ontwikkelingen zorgen voor robuuste ontsluitingen voor alle modaliteiten Zorgen voor een samenhangende en sluitende hoofdwegenstructuur Inzet op optimaliseren (uniforme) weginrichting waarbij functie, vorm en gebruik in overeenstemming zijn Verbeteren van de verkeersveiligheid op en leefbaarheid langs het wegennet Faciliteren van duurzame mobiliteit waaronder elektrisch rijden, fiets, openbaar vervoer, vraagafhankelijk vervoer en deelconcepten Optimaliseren fietsnetwerk en overstap fiets op openbaar vervoer en v.v. Inzet op veilige en toegankelijke mobiliteit voor alle doelgroepen, met specifieke aandacht voor kwetsbare groepen: schoolkinderen en ouderen
Pagina 38
1. Inzet op robuust hoofdwegennet
Allereerst wordt ingezet op het ontlasten van het onderliggend wegennet. Dit wordt gedaan door in gesprek te gaan en te blijven met het Rijk en de provincie Groningen om te zorgen dat de belangrijkste dragers van het Westerkwartier op orde zijn. Op deze manier wordt sluipverkeer (zoveel mogelijk) voorkomen. Daarnaast wordt ingezet op het realiseren van een robuuster verkeerssysteem.
die de weg vervult. Een extra verbinding verbetert de bereikbaarheid van Aduard en het achterland Garnwerd/Winsum. Dit speerpunt draagt bij aan de volgende doelstellingen: ✓
Goede
duurzame
en
verkeersveilige
bereikbaarheid
van
het
Westerkwartier ✓
Verbeteren verkeersveiligheid
Belangrijke dragers A7, N355 en N388/N979 op orde Uit de inventarisatie & analyse en de input van bewoners blijkt dat de A7, N355 en N388/N979de meest gebruikte en daarmee belangrijkste wegen zijn voor het Westerkwartier. Deze wegen zien we dan ook als de dragers die de bereikbaarheid van het Westerkwartier waarborgen. Door bewoners worden veel knelpunten ervaren op deze dragers en ook uit de analyse en inventarisatie komen knelpunten naar voren. Knelpunten op de dragers zorgen ervoor dat verkeer alternatieve routes gaat zoeken over onderliggende wegen. Dat zijn wegen die niet berekent zijn op deze hoeveelheid verkeer, met verkeersoverlast en onveilige situaties tot gevolg. De gemeente Westerkwartier zet daarom in op het op orde maken van de belangrijke dragers in het Westerkwartier.
✓
Beperken verkeersoverlast
Robuuster verkeerssysteem De wegenstructuur van het Westerkwartier is kwetsbaar met de N388 als enige hoogwaardige noord-zuidverbinding tussen de A7 en N355. Een extra verbinding in de gemeente Westerkwartier levert een goede bijdrage aan een robuuster wegennet, aan het beperken van bestaande verkeersoverlast en aan de verkeersveiligheid in onze gemeente. Momenteel ligt aan de oostzijde van de N388 enkel de Pasop (N978) tussen Leek en Zuidhorn, waar de inrichting niet voldoet aan de functie
Pagina 39
2. Versterken van onderlinge verbindingen met de (centrum)dorpen en de regio voor alle modaliteiten
voor alle modaliteiten
De centrumdorpen hebben een uitgebreid aanbod aan niet-dagelijkse voorzieningen en hebben een bovendorpse functie. Vanuit die optiek dienen deze dorpen goed bereikbaar te zijn vanuit de omgeving. De door inwoners aangegeven locaties om boodschappen te doen bevestigen dit. Goede onderlinge gemeentelijke verbindingen met de centrumdorpen zijn hiervoor de basis. Dit speerpunt draagt bij aan de volgende doelstellingen: ✓
Goede
duurzame
en
verkeersveilige
bereikbaarheid
van
het
Westerkwartier ✓
Verbeteren verkeersveiligheid
✓
Beperken verkeersoverlast
3. Inzet
op
optimaliseren
aansluitingen
4. Bij nieuwe ontwikkelingen zorgen voor robuuste ontsluitingen
van
het
onderliggend
wegennet op de hoofdwegenstructuur
Natuurlijk moet de hoofdstructuur op orde zijn om overlast op het onderliggend wegennet te voorkomen. Maar vervolgens is het voor de verkeersafwikkeling en verkeersveiligheid ook belangrijk dat de aansluitingen van het onderliggend wegennet op de hoofdwegenstructuur een goede manier zijn vormgegeven. Daarom zetten we in op het optimaliseren van de aansluitingen van het onderliggend wegennet op het hoofdwegennet. Denk hierbij aan de aansluitingen op de A7, zoals bij Boerakker of Leek.
In onze gemeente spelen diverse ontwikkelingen, bijvoorbeeld de woonwijken Oostergast en Oostindie. Maar ook het industrieterrein Leeksterveld is volop in ontwikkeling. Daarnaast ligt er, aanvullend daarop, vanuit de woonvisie een woningbouwopgave op diverse locaties in onze gemeente. Met een verwachte woningbouwopgave van circa 1.600 tot 2.400 woningen tussen 2020 en 2029 neemt ook de verkeersintensiteit op het wegennet toe. Door versnelde ontwikkeling langs de bereikbaarheidsassen, zoals in de woonvisie is opgenomen, wordt het bestaande wegennet zoveel mogelijk benut en is toename op het gemeentelijk onderliggend wegennet beperkt. We zetten in op het optimaliseren van het wegennet voor alle modaliteiten ter hoogte van (nieuwe) ontwikkelingen, zodat een robuuste ontsluiting ontstaat die toekomstbestendig is. Hierbij kan worden gedacht aan maatregelen die de bereikbaarheid bevorderen, zoals het optimaliseren van bestaande ontsluitingen, maar ook nieuwe ontsluitingen of extra fietsverbindingen. Dit speerpunt draagt bij aan de volgende doelstellingen: ✓
Goede
duurzame
en
verkeersveilige
bereikbaarheid
van
het
Westerkwartier ✓
Verbeteren verkeersveiligheid
✓
Beperken verkeersoverlast
Dit speerpunt draagt bij aan de volgende doelstellingen: ✓
Goede
duurzame
en
verkeersveilige
bereikbaarheid
van
het
Westerkwartier ✓
Verbeteren verkeersveiligheid
✓
Beperken verkeersoverlast
Pagina 40
5. Zorgen
voor
een
samenhangende
en
sluitende
hoofdwegenstructuur
In de analyse en inventarisatiefase is geconstateerd dat op dit moment geen sprake is van een samenhangende en sluitende hoofdwegenstructuur. Hierdoor is de inrichting niet overal afgestemd op de functie van de weg en de vigerende maximum snelheid. Ook is sprake van diversiteit in inrichting van wegen tussen de voormalige gemeenten. Het gevolg hiervan is onduidelijkheid onder de weggebruikers wat leidt tot ongewenst en onveilig verkeersgedrag. Westerkwartier gaat voor het realiseren van een samenhangend en sluitend hoofdwegennet zoals gedefinieerd in paragraaf 6.1. Dit speerpunt draagt bij aan de volgende doelstellingen: ✓
Harmonisatie in verkeersbeleid
✓
Verbeteren verkeersveiligheid
6. Inzet op optimaliseren van (uniforme) weginrichting waarbij functie, vorm en gebruik in overeenstemming zijn