CConstaterende datWest Maas en Waal
Koppel je AI →
Document · PDF

T 2025-043 Informeren over hoge percentage ziekteverzuim Werkzaak.docx

Gemeenteraad 26 juni 2025, gemeente West Maas en WaalBij agendapunt: Z.117854761 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Toezeggingen NR en onderwerp Toezegging:

T 2025-043 Informeren over hoge percentage ziekteverzuim Werkzaak

Toezegging gedaan tijdens:

RTG SenB d.d. 10-06-2025 bij Agendapunt 11 Werkzaak Rivierenland Jaarrekening 2024 en Begroting 2026

Toezegging:

Portefeuillehouder Reuvers zegt toe de raad schriftelijk nader te informeren over het hoge percentage (10 %) ziekteverzuim van Werkzaak.

Portefeuillehouder:

Reuvers

Datum akkoord college:

16 juli 2025

Afdoening/Antwoord Door de heer Hoefnagel is bij de behandeling van de Jaarrekening 2024 en de Begroting 2026 van Werkzaak Rivierenland een verwijzing gemaakt naar een tijdens de regionale zienswijzemarkt vernomen signaal met betrekking tot het ziekteverzuimpercentage. Daarbij zou het gaan om een verzuimpercentage van 10%. In de beantwoording is aangegeven dat uitvraag zou worden gedaan naar het ziekteverzuimpercentage (hoe verhoudt het zich tot het percentage bij gelijksoortige organisaties). Daarnaast zou een beeld worden geschetst van de inzet die wordt gepleegd om het verzuimpercentage te beheersen. Verzuimpercentage. Het overall verzuimpercentage van Werkzaak Rivierenland in zowel de jaren 2023 als 2024 is – in vergelijk met de benchmark - afgerond 1,4%-punt lager. Daarbij dienen wel de nodige opmerkingen te worden geplaatst. Immers het overall percentage komt tot stand door een samenstel van verschillende percentages die verbonden zijn met de doelgroepen die worden ondersteund c.q. in dienst zijn. Het gaat dan om: A. WSW. Deze “oude” doelgroep bestaat uit: 1. Doelgroep WSW-extern (bij derden). Deze groep medewerkers is relatief oud; er stromen immers geen nieuwe deelnemers meer in. Deze groep is zeer kwetsbaar met veel gezondheidsklachten die naarmate men ouder wordt, veelal (fors) toenemen.

Daarnaast heeft Werkzaak in 2024 te maken gehad met behoorlijke uitstroom (hoger dan landelijk gemiddelde). Praktijk wijst uit dat (langdurige) afwezigheid vanwege ziekte onevenredig doorwerkt bij een afnemend personeelsbestand. 2. Doelgroep WSW intern (werkzaam in de productiehallen) Deze groep is het erg kwetsbaar. Eenieder die ook maar enigszins in staat is tot werk buiten de muren van Werkzaak is al uitgestroomd. De rest is gebonden aan

Z. 120442

directe begeleiding en de veilige omgeving van de interne werkplek. B. Participatiewet en Beschut. Deze doelgroep bestaat uit: 1. intern (werkzaam in de productiehallen). Deze groep medewerkers wordt gevormd door inwoners met bijstandsgerechtigden met een arbeidspotentieel (veelal met een aanzienlijke afstand tot de arbeidsmarkt) en de medewerkers met een indicatie Beschut-werken. Door o.a. fysieke en mentale kwetsbaarheid en een verminderd arbeidspotentieel hebben zij een verhoogd risico op uitval. 2. extern (geplaatst bij derden). Deze groep is fysiek wat sterker dan de interne doelgroep en net iets minder kwetsbaar. C. Staf en kader (“ambtelijk” personeel”) Deze groep wordt gevormd door al het overig personeel van Werkzaak Rivierenland, zoals HR, ICT, Finance& control, Inkomensconsulenten, Beleid, Bezwaar en Beroep, etc.. Het verzuimpercentage van deze groep is in de afgelopen jaren helaas negatief beïnvloed (overwegend door longcovid-aandoeningen). Uiteindelijk heeft er uitstroom naar de WIA plaatsgevonden. Wat doet Werkzaak om het ziekteverzuimpercentage terug te dringen? Allereerst wordt alle wegens ziekte afwezige medewerkers gevolgd door de medische dienst, bestaande uit 1 bedrijfsarts en 2 bedrijfsverpleegkundigen. Minstens 1 maal per 6 weken hebben zij hier een afspraak. Indien nodig vaker bij de bedrijfsverpleegkundigen.

Daarnaast zijn er voor de doelgroepmedewerkers (WSW, Participatiewet en Beschut) psychologen beschikbaar. Bij uitval waarbij psychologische ondersteuning behulpzaam kan zijn, krijgen zij hier direct een afspraak, zonder de lange ggz wachttijd te hoeven doorlopen. Ook hebben ze allemaal een eigen (beroepsgekwalificeerde) werkcoach, naast de praktijkbegeleiders bij het werk, die contact onderhouden met hen (en hun begeleiding als zij die hebben) en ook geregeld (telefonisch) contact hebben bij ziekte. Conclusie: Het ziekteverzuimpercentage van Werkzaak Rivierenland is gunstiger dan die van de benchmark (ook al scheelt het niet veel). Daarnaast stellen we vast dat door Werkzaak Rivierenland in de ondersteuning (zowel op fysiek als mentaal vlak) veel wordt geïnvesteerd om de medewerkers “gezond de eindstreep te laten halen”. De veranderingen in de doelgroepen (steeds minder WSW en steeds meer Participatiewet en Beschut, die beiden erg kwetsbaar zijn) blijft voortdurend de aandacht vragen.

Zoals behoort bij een sociaal ontwikkelbedrijf wordt telkens opnieuw de vraag gesteld: • Hoe verhouden de verzuimcijfers zich tot die van de benchmark (beter, gelijk of slechter en wat is daar dan de reden voor)? • Liggen de oorzaken voor het verzuim aan de menselijke kant (fysiek – mentaal) of spelen er ook werk-gerelateerde aspecten een rol (en kunnen we dat veranderen)? • Ontbreken er instrumenten en kwalificaties (heeft Werkzaak alles wat ze nodig heeft of ontbreekt er iets, hebben we iets anders nodig, etc.)? Dit alles blijft een uitdaging – ook voor de toekomst - gezien de veranderingen in het doelgroepenbestand (steeds meer P-wetters met KP3 en Beschut met vaak complexere hulpvragen).

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/15812093/1