T 2024-081 Marktgeldtarieven omliggende gemeenten.docx
Tekst van het document
Toezeggingen NR en onderwerp Toezegging:
T 2024 - 081 Marktgeldtarieven omliggende gemeenten
Toezegging gedaan tijdens:
Voorbereidingsronde dd 29-10-2024 bij Agendapunt 3 Programmabegroting 2025-2028
Toezegging:
Portefeuillehouder Slootweg zegt toe bij de omliggende gemeenten onderzoek te doen naar de daar geldende marktgeld-tarieven. (nav vraag 86)
Portefeuillehouder:
Slootweg
Datum akkoord college:
Afdoening/Antwoord Er is een quick scan uitgevoerd om de marktgeldtarieven van West Maas en Waal te vergelijken met de tarieven die gehanteerd worden in de gemeenten Druten, Wijchen, NederBetuwe en Maasdriel. De gemeenten Oss en Tiel zijn gezien hun afwijkende omvang niet in de vergelijking meegenomen. De gehanteerde markgelden in West Maas en Waal zijn gebaseerd op de Marktverordening 2018 https://lokaleregelgeving.overheid.nl/CVDR617606, de Verordening Markgelden 2025 https://lokaleregelgeving.overheid.nl/CVDR730035/1 en de artikelen 2:10 (gebruik openbare ruimte) en 5:18 (innemen van standplaatsen buiten de reguliere markt) van de APV (https://lokaleregelgeving.overheid.nl/CVDR719429/1#hoofdstuk_1. Gemeenten hanteren sterk verschillende methoden voor het in rekening brengen van marktgelden. Er zijn bijvoorbeeld gemeenten die apart energiekosten in rekening brengen. Er zijn gemeenten die het hebben van een luifel in rekening brengen. Er wordt soms onderscheid gemaakt in vaste en losse standplaatsen, etc. Om vergelijking toch mogelijk te maken is er voor gekozen om twee voorbeelden naar onze buurgemeenten te sturen van marktkramen die we in onze eigen gemeente tegenkomen. Daarbij hebben we gekozen voor de kleinste en de grootste kraam. De kleinste is Marktkoopman 1 Kaas & Zuivel met een kraam van 4 strekkende meter.
De grootste is Marktkoopman 2 Groente & Fruit met een oppervlakte van 16 vierkante meter. In onderstaande tabel zijn de tarieven van de verschillende gemeenten opgenomen.
Z.110616
Uit de vergelijking blijkt dat West Maas en Waal relatief lage marktgelden hanteert. Daar tegenover staat dat de gemeente hogere leges vraagt dan de meeste buurgemeenten. Wanneer beide componenten worden opgeteld, is het verschil in totale kosten voor ondernemers beperkt.