RV Voorstel Avri over de verhouding vast-variabel tarief afvalstoffenheffing vanaf 2025
Tekst van het document
Raadsvoorstel
Onderwerp
Voorstel Avri over de verhouding vast-variabel tarief afvalstoffenheffing vanaf 2025
Aangeboden door
College van B&W
Portefeuillehouder
E.J. Slootweg
Team
Team Ruimte
Zaakkenmerk/Document kenmerk
Z.104705/D.294569
Datum document
3 juli 2024
Vertrouwelijkheid
Openbaar
Bijlagen
Ja
Inhoudsopgave 1. Voorgesteld besluit 2. Aanleiding 3. Beoogd effect 4. Argumenten 5. Kanttekeningen 6. Financiën 7. Communicatie 8. Aanpak en planning 9. Participatie 10. Bijlagen
Voorgesteld besluit
1. In te stemmen met de conceptzienswijzebrief voor Avri over de verhouding vast-variabel tarief afvalstoffenheffing vanaf 2025.
Aanleiding
Op 20 juni jl. heeft u een concept AB-voorstel ontvangen van het DB van Avri met een verzoek om reactie/zienswijze voor 1 oktober a.s. Het voorstel van Avri is toegelicht tijdens de platformbijeenkomst voor raadsleden op 8 juli jl.
In het concept AB-voorstel van Avri wordt ingegaan op de onderzochte tariefscenario's voor restafval en de verdeling tussen vaste en variabele tarieven. Door het DB van Avri wordt voorgesteld om het huidige tariefscenario en verdeling tussen de vaste en variabele kosten voor 2025 te handhaven op € 1,- per 30 literzak. Definitieve besluitvorming is gepland in de AB-vergadering van Avri op 19 december a.s. als ook de verordening en tarieven afvalstoffenheffing voor 2025 worden vastgesteld.
Beoogd effect
U in de gelegenheid stellen uw zienswijze in te dienen voordat de definitieve besluitvorming plaatsvindt door het AB van Avri.
Argumenten
1.1 In uw raad is reeds eerder gesproken over dit onderwerp en aan Avri verzocht een extra (vierde) scenario toe te voegen In de Kadernota 2025 van Avri zijn drie scenario’s met een voorkeur gepresenteerd. In de zienswijzen hierop hebben verschillende raden gevraagd om een nadere analyse. Uw raad heeft Avri verzocht om een extra (vierde) scenario toe te voegen, te weten: het volledig loslaten van een variabel tarief en de kosten uitsluitend te verrekenen in een vast tarief. Uit de bijgevoegde stukken van Avri blijkt dat alle vier scenario's onderzocht zijn.
1.2 Recent bleek in uw raad geen meerderheid voor het uitvoeren van een pilot Bij de behandeling van de Jaarstukken 2023 en conceptbegroting 2025 van de Avri in uw raadsvergadering van 26 juni jl. is door de fracties van Sociaal Maas en Waal en de VVD een amendement ingediend met het navolgende dictum: "In de zienswijzebrief op te nemen dat de Avri, naast het plan van aanpak v.w.b. bijplaatsingen, gepland juli/aug 2024, ook de mogelijkheid uitwerkt om in 2025 een pilot in de GR-Avri te realiseren met alleen een vast component in de tariefstelling v.w.b. restafval.". Dit amendement is met 4 stemmen voor en 13 stemmen tegen, verworpen. Hoewel het een sympathiek amendement is, lijkt het niet zinvol om de suggestie van een pilot op te nemen in de conceptzienswijzebrief van de raad.
1.3 Op basis van de huidige inzichten én milieudoelstellingen, lijkt het voorstel van Avri om vast te houden aan het huidige tarief voor restafval het meest realistisch Positieve effecten van het huidige afvalbeleid en het variabele tarief voor restafval zijn: • de forse afname van het restafval (in 2014: 200 kg/inwoner en in 2023: 70 kg/inwoner) • het principe 'Goed scheiden loont' (de vervuiler betaalt) • de stijging van het vaste tarief afvalstoffenheffing kan beperkt blijven
Overigens zijn er ook negatieve effecten van het huidige afvalbeleid (zie hierna bij ''Kanttekeningen') die waarschijnlijk voor een deel weggenomen kunnen worden als het variabele tarief voor restafval wordt afgeschaft. Afschaffing van het variabele tarief voor restafval zal daarentegen leiden tot een afname van de huidige positieve effecten zoals hierboven vermeld. Helaas zijn er nog geen goed vergelijkbare praktijksituaties bekend van gemeenten of regio’s die na een lange periode van gedifferentieerde tarieven terugkeren naar een vast tarief. Een indicatie van het terugvaleffect kan de situatie van de gemeente Arnhem geven: na 1 jaar diftar werd hier gestopt. De hoeveelheid restafval die was gereduceerd met 30%, viel direct weer terug naar het niveau van het jaar er voor. In de Avri-regio is het afvalgedrag na 10 jaar diftar mogelijk iets steviger verinnerlijkt, maar garanties zijn er uiteraard niet. Alles overwegende wordt op basis van actuele inzichten en verwachtingen geadviseerd vast te houden aan de huidige tariefstelling, ofwel het voorstel van Avri te volgen. N.b.: voor een volledig overzicht van de argumenten en kanttekeningen wordt kortheidshalve verwezen naar het bijgevoegde concept AB-voorstel en memo van Avri.
1.4 Als in de toekomst sprake is van voortschrijdend inzicht, kan het tarief relatief eenvoudig worden aangepast Jaarlijks kan bij het vaststellen van de verordening afvalstoffenheffing en tarieventabel bepaald worden of aanpassing hiervan wenselijk is.
Kanttekeningen
1.1 Er zijn ook ongewenste effecten met betrekking tot het variabel tarief De risico’s op het toenemen van de negatieve effecten (bijplaatsingen, vervuiling grondstoffen, toename 0-aanbieders, financieel risico) bij het verhogen van het variabel tarief zijn groot. Daarentegen zal het verlagen van het variabel tarief naar verwachting niet leiden tot een sterke daling van deze ongewenste effecten. Bij volledig afschaffen van het variabel tarief ontbreekt de financiële prikkel om afval goed te scheiden maar verdwijnt tevens de prikkel om afval op ongewenste manieren kwijt te raken. De negatieve effecten zullen niet volledig verdwijnen, maar wel sterk afnemen. Daar staat tegenover dat de hoeveelheid restafval, in te zamelen en te verwerken door Avri, sterk zal toenemen, met bijbehorende sterke kostenstijging tot gevolg. Hoewel op voorhand niet alle effecten kwantitatief kunnen worden ingeschat, wordt op basis van de analyse van Avri voorgesteld om de huidige verhouding tussen het vaste en variabele tarief te handhaven.
1.2 Het is onduidelijk wanneer het Grondstoffenplan van Avri gereed komt en op welke wijze de raad hierbij wordt betrokken Het toenemen van bijplaatsingen, 0-aanbieders, dumpingen en de vervuiling van grondstoffen is zeer waarschijnlijk voor een deel te verklaren uit het (vaker) ontduiken van het betalen van een variabel tarief. Er wordt daarom door Avri ook ingezet op andere methoden om de negatieve effecten te verkleinen, zoals het inzetten van extra controle, toezicht en handhaving en communicatie. Deze instrumenten worden reeds ingezet binnen het project Schone Grondstoffen. Tijdens de platformbijeenkomst voor raadsleden op 3 juni jl. is dit project door Avri toegelicht. Verder is al enige tijd een nieuw Grondstoffenplan in de maak waarin beheersmaatregelen worden opgenomen om het risico op bijplaatsingen, 0-aanbieders en vervuiling van grondstoffen tot een minimum te beperken. In de conceptzienswijzebrief wordt Avri gevraagd concreet aan te geven wat de planning is van dit Grondstoffenplan en hoe de raad hierbij wordt betrokken.
Financiën
Communicatie
Aanpak en planning
Participatie
Bijlagen
Er zijn geen financiële of fiscale consequenties.
Via de conceptzienswijzebrief zal het bestuur van Avri worden geïnformeerd over het standpunt van uw raad.
- Behandeling in het RTG: 27 of 29 augustus 2024 - Behandeling in de raad: 12 september 2024 - Verzending van de zienswijzebrief: < 1 oktober 2024 - Behandeling in het AB van Avri: 19 december 2024
Niet van toepassing.
• Aanbiedingsbrief van het DB van Avri d.d. 20 juni 2024 • Concept AB-voorstel van Avri • Memo van Avri over vast-variabel tarief • Concept zienswijzebrief