RV Verplaatsing intensieve veehouderij Van Heemstraweg 132 Dreumel naar Wolderweg 4 Maasbommel
Tekst van het document
Raadsvoorstel
Onderwerp
Verplaatsing intensieve veehouderij Van Heemstraweg 132 Dreumel naar Wolderweg 4 Maasbommel
Aangeboden door
College van B&W
Portefeuillehouder
M.A.A. van den Boom-Witzel
Team Zaakkenmerk/Document kenmerk Datum collegebesluit Vertrouwelijkheid Bijlagen
Team Ruimte Z.108495/D.357002 12 mei 2026 Openbaar Ja
Inhoudsopgave 1. Voorgesteld besluit 2. Aanleiding 3. Beoogd effect 4. Argumenten 5. Kanttekeningen 6. Financiën 7. Communicatie 8. Aanpak en planning 9. Participatie 10. Bijlagen
Voorgesteld besluit
1. In principe medewerking te verlenen aan het initiatief voor de ontwikkeling van de locaties Wolderweg 4 en 5 Maasbommel en de herontwikkeling van de locatie Van Heemstraweg 132 Dreumel; 2. In te stemmen met afwijking van de omgevingsvisie ten behoeve van dit initiatief; 3. Het college opdracht te geven het initiatief verder uit te werken en planologisch mogelijk te maken via een wijziging van het omgevingsplan.
Aanleiding
Er is een principeverzoek ingediend voor een samenhangende ontwikkeling op drie locaties: • Wolderweg 4 en 5 (ontwikkeling en uitbreiding intensieve veehouderij); • Van Heemstraweg 132 (beëindiging intensieve veehouderij en herontwikkeling). Het initiatief kent een langere voorgeschiedenis. Reeds in 2019/2020 is gestart met de planvorming op basis van het toenmalige beleid. In 2021 is in principe medewerking verleend aan het verplaatsen van de aanduiding ‘intensieve veehouderij’ van de locatie Van Heemstraweg 132 naar de locatie Wolderweg 4. De plannen hiervoor werden in 2022 uitgewerkt. Om de intensieve veehouderij aan Wolderweg 4 te kunnen realiseren mag er geen toename zijn van de gecumuleerde geurbelasting. Om dit te realiseren werd de locatie Wolderweg 5 betrokken in het plan, waarvoor een nieuw principebesluit genomen moest worden. Ondertussen werd het beleidskader gewijzigd met de omgevingsvisie, waarbij via een amendement bij vaststelling is bepaald dat verplaatsing uitsluitend plaatsvindt naar bestaande intensieve veehouderijlocaties. Het verzoek tot afwijking van de omgevingsvisie is in december 2024 aangehouden in afwachting van het Programma Vitaal Platteland. Richting initiatiefnemer is destijds aangegeven dat het initiatief opnieuw zou worden beoordeeld aan de hand van deze nadere beleidskaders.
De raad wordt gevraagd een richtinggevende uitspraak te doen over de wenselijkheid van het initiatief.
Beoogd effect
Het realiseren van een toekomstbestendige agrarische ontwikkeling, waarbij: • intensieve veehouderij wordt beëindigd op de oeverwal; • agrarische functies worden geconcentreerd in het komgebied; • wordt bijgedragen aan verduurzaming van de landbouw; • en tegelijkertijd een zorgvuldige afweging plaatsvindt ten aanzien van de leefomgevingskwaliteit en het geldende beleidskader.
Argumenten
1.1 Het initiatief sluit op hoofdlijnen aan bij de gebiedsgerichte benadering In de omgevingsvisie wordt het buitengebied benaderd vanuit een gebiedsgerichte benadering, waarbij onderscheid wordt gemaakt tussen onder andere de oeverwallen en de komgronden. De oeverwallen kenmerken zich door een kleinschalig en gemengd landschap, waar wordt ingezet op behoud en versterking van de ruimtelijke kwaliteit en het beperken van milieubelastende
activiteiten. De komgronden hebben een meer grootschalig en open karakter en zijn beter geschikt voor intensievere vormen van landbouw. Vanuit deze benadering wordt gestuurd op het ontlasten van de oeverwal en het concentreren van intensievere agrarische functies in het komgebied. Het voorliggende initiatief geeft hier op hoofdlijnen invulling aan door de intensieve veehouderij op de locatie Van Heemstraweg 132 te beëindigen en de agrarische activiteiten te concentreren op de locaties Wolderweg 4 en 5 in het komgebied. Daarmee draagt het initiatief bij aan de herstructurering van de agrarische sector en aan een verbetering van de leefomgevingskwaliteit op de oeverwal. Bij de vaststelling van de omgevingsvisie heeft de raad deze ontwikkelrichting echter aangescherpt door te bepalen dat verplaatsing van intensieve veehouderijen uitsluitend plaatsvindt naar bestaande intensieve veehouderijlocaties in het komgebied. Van een dergelijke bestaande locatie is op Wolderweg 4 geen sprake, waardoor het initiatief op dit punt afwijkt van de omgevingsvisie en een expliciete bestuurlijke afweging vraagt. Het ontwerp Programma Vitaal Platteland vormt een nadere uitwerking van de omgevingsvisie en richt zich op een toekomstbestendig buitengebied, waarin landbouw, natuur, landschap en leefomgeving in balans zijn.
Daarbij wordt een positieve grondhouding gehanteerd ten opzichte van initiatieven, mits deze bijdragen aan de beleidsdoelen en de kwaliteit van de fysieke leefomgeving. In dat licht kan het initiatief worden gezien als een ontwikkeling die bijdraagt aan de modernisering en verduurzaming van de agrarische sector en aan de herstructurering van functies in het buitengebied. Tegelijkertijd geldt dat het programma de kaders van de omgevingsvisie niet kan verruimen en dat de afwijking van de beleidslijn van de raad afzonderlijk moet worden afgewogen. 1.2 Het initiatief voorziet in een herstructurering en doorontwikkeling van de agrarische bedrijfsvoering De locaties Wolderweg 4 en Wolderweg 5 maken onderdeel uit van een bestaand agrarisch cluster in het komgebied, waar al geruime tijd agrarische activiteiten plaatsvinden. De initiatiefnemers streven naar een toekomstbestendige bedrijfsvoering, waarbij bedrijfseconomische continuïteit wordt gecombineerd met verduurzaming en modernisering van de bedrijfsvoering. De planvorming voor de locatie Wolderweg 4 kent een langere voorgeschiedenis. Reeds in 2019 is gestart met de ontwikkeling van een agrarisch bedrijf waarin zowel rundvee als varkens worden gehouden, met als doel een meer gesloten en efficiënte bedrijfsvoering te realiseren.
In eerste instantie is ingezet op een vorm van kringlooplandbouw, waarbij de benodigde gronden en bedrijfsvoering op elkaar zijn afgestemd. In 2021 heeft de gemeente in principe medewerking verleend aan het verplaatsen van de aanduiding ‘intensieve veehouderij’ van de locatie Van Heemstraweg 132 naar de locatie Wolderweg 4, waarmee werd aangesloten bij het toenmalige beleid.
In de huidige situatie beschikt de locatie Wolderweg 4 over een agrarisch bedrijf met rundvee. In de beoogde nieuwe situatie wordt dit bedrijf doorontwikkeld naar een gecombineerd bedrijf met een rundveetak en een varkenstak. Hiervoor worden nieuwe stallen gerealiseerd en wordt het bouwvlak aangepast. De bedrijfsvoering is gericht op een meer gesloten systeem, waarbij onder andere eigen gronden worden benut voor de productie van voer en de afzet van mest, en waarbij wordt ingezet op emissiebeperkende technieken en energieneutrale bedrijfsvoering. De locatie Wolderweg 5 betreft een bestaande intensieve veehouderij. Op deze locatie wordt ingezet op uitbreiding en herstructurering van het bedrijf, onder meer door de bouw van een nieuwe stal en een aanpassing van het bouwvlak. Daarbij wordt eveneens gebruik gemaakt van emissiebeperkende technieken en wordt de bedrijfsvoering gemoderniseerd. De ontwikkeling van beide locaties vindt in samenhang plaats en heeft gezamenlijke effecten op de omgeving. In een eerdere fase is een conceptbestemmingsplan ingediend waarin beide locaties waren opgenomen. Daarbij is aangegeven dat de milieueffecten van beide locaties in samenhang moeten worden beoordeeld. Dit onderstreept dat sprake is van één integrale ontwikkeling, waarbij de cumulatieve effecten nadrukkelijk onderdeel van de afweging moeten zijn.
1.3 Verbetering van het woon- en leefklimaat op de oeverwal De beëindiging van de intensieve veehouderij op de locatie Van Heemstraweg 132 leidt tot een vermindering van milieubelasting en draagt bij aan de verbetering van het woon- en leefklimaat op de oeverwal. Hiermee wordt invulling gegeven aan de beleidsdoelstelling om de oeverwal te ontlasten van intensieve functies en de ruimtelijke kwaliteit te versterken. Daarnaast biedt de beëindiging van de intensieve veehouderij kansen voor hergebruik en herinrichting van de locatie. Dit sluit aan bij de opgave uit het Programma Vitaal Platteland om leegstand van agrarische bebouwing tegen te gaan en te sturen op een kwalitatieve invulling van vrijkomende erven. 2.1 De voorgeschiedenis van het initiatief vormt een relevante omstandigheid in de afweging Het initiatief is gestart onder het eerdere beleidskader, waarin ruimte bestond voor verplaatsing van intensieve veehouderij aan de Van Heemstraweg 132 naar een locatie zonder de juiste aanduiding daarvoor aan de Wolderweg 4. In 2021 is door de gemeente in principe medewerking verleend aan deze verplaatsing, die later niet haalbaar bleek te zijn vanwege de gecumuleerde geurbelasting. Om een toename van de gecumuleerde geurbelasting te voorkomen dient de locatie Wolderweg 5 betrokken te worden in het plan, waarvoor een nieuw principebesluit noodzakelijk is.
Sindsdien is het beleidskader gewijzigd en aangescherpt via de omgevingsvisie. Hierdoor is een situatie ontstaan waarin een
initiatief dat onder het eerdere beleid als wenselijk werd beschouwd, onder het huidige beleid niet zonder meer passend is. Bij de beoordeling dient daarom rekening te worden gehouden met: -de voorgeschiedenis van het initiatief; -de door de gemeente gewekte verwachtingen; -en de inspanningen en investeringen die de initiatiefnemer reeds heeft gedaan. 2.2 Een intensieve veehouderijlocatie is niet geschikt voor een kringloopbedrijf Voor de realisatie van een kringloopbedrijf is het noodzakelijk om te beschikken over gronden voor het telen van voer en om de eigen mest op te brengen (sluiten van kringlopen). Deze gronden zijn niet aanwezig bij een intensieve veehouderijlocatie maar wel bij een grondgebonden locatie. Daarom is locatie Wolderweg 4 aangekocht. 2.3 De ‘ja, mits’-benadering sluit aan bij het doorlopen proces en eerdere afstemming Het initiatief is in december 2024 aangehouden in afwachting van het Programma Vitaal Platteland. Richting initiatiefnemer is daarbij aangegeven dat het plan opnieuw zou worden beoordeeld aan de hand van de nadere beleidskaders voor het buitengebied. Hiermee is de verwachting gewekt dat het initiatief, na vaststelling van het programma, opnieuw inhoudelijk zou worden gewogen.
In lijn met deze eerdere afstemming wordt het initiatief beoordeeld vanuit een ‘ja, mits’-benadering, waarbij wordt verkend onder welke voorwaarden het initiatief aanvaardbaar kan worden geacht. Deze benadering betekent niet dat medewerking op voorhand is gegeven, maar dat – in lijn met de sturingsfilosofie van het programma – ruimte wordt geboden om het initiatief integraal te beoordelen en waar nodig aan te passen.
Kanttekeningen
1.1 Strijd met de omgevingsvisie (amendement raad) Het initiatief wijkt af van de omgevingsvisie, omdat: • intensieve veehouderij volgens het amendement uitsluitend mag worden verplaatst naar bestaande intensieve locaties; • Wolderweg 4 geen bestaande intensieve locatie is. Medewerking betekent daarmee een bewuste afwijking van de door de raad vastgestelde beleidslijn. 1.2. Cumulatieve effecten en schaalvergroting De ontwikkeling leidt tot een concentratie en uitbreiding van intensieve veehouderij op de locaties Wolderweg 4 en 5. De
effecten op geur, verkeer en leefomgeving moeten integraal worden beoordeeld. 1.3 Uitvoerbaarheid Er zijn aandachtspunten ten aanzien van de uitvoerbaarheid van de functiewijziging aan de locatie Van Heemstraweg 132, met name: • de omzetting van de bedrijfswoning naar plattelandswoning; • mogelijke beperkingen als gevolg van jurisprudentie over gewasbeschermingsmiddelen; • en de vraag of het beoogde gebruik van de locatie ruimtelijk aanvaardbaar is. Deze aspecten vragen om nadere onderbouwing in een vervolgfase. 1.4 Precedentwerking Afwijken van de omgevingsvisie kan precedentwerking hebben voor vergelijkbare initiatieven.
Financiën
Het principeverzoek heeft op dit moment geen directe financiële consequenties voor de gemeente. De kosten voor de behandeling van het verzoek op de intaketafel worden op grond van de legesverordening verhaald. Eventuele kosten voor verdere planuitwerking en procedures worden via een anterieure overeenkomst verhaald op initiatiefnemer.
Communicatie
Na besluitvorming wordt de initiatiefnemer schriftelijk geïnformeerd. Bij een positief principebesluit wordt de omgeving in een later stadium betrokken bij de verdere planuitwerking.
Aanpak en planning
Na een positief principebesluit: 1. vindt nadere uitwerking plaats van het initiatief; 2. wordt de uitvoerbaarheid (milieu, gezondheid, juridisch) nader onderzocht en vervolgens beoordeeld aan de omgevingstafel; 3. wordt een procedure tot wijziging van het omgevingsplan voorbereid. De planning is afhankelijk van de complexiteit van de nadere onderzoeken.
Participatie
Participatie met de omgeving heeft nog niet plaatsgevonden. Dit zal onderdeel zijn van de vervolgfase, waarbij de initiatiefnemer verantwoordelijk is voor het organiseren van participatie en het vastleggen van de resultaten.
Bijlagen
1. Principeverzoek Wolderweg / Van Heemstraweg