RV Nota reserves en voorzieningen 2026
Tekst van het document
Raadsvoorstel
Onderwerp
Nota reserves en voorzieningen 2026
Aangeboden door
College van B&W
Portefeuillehouder
E.J. Slootweg
Team
Team Bedrijfsvoering
Zaakkenmerk/Document kenmerk
Z.127189/D.346891
Datum collegebesluit Vertrouwelijkheid Bijlagen
20 januari 2026 Openbaar Ja
Inhoudsopgave 1. Voorgesteld besluit 2. Aanleiding 3. Beoogd effect 4. Argumenten 5. Kanttekeningen 6. Financiën 7. Communicatie 8. Aanpak en planning 9. Participatie 10. Bijlagen
Voorgesteld besluit
1. De Nota reserves en voorzieningen 2026 vast te stellen en deze in werking te laten treden per 1 januari 2026; 2. Het beleid op het gebied van het weerstandsvermogen te richten op een weerstandsratio van minimaal 1,2 en maximaal 2,0; 3. De uitbreiding van het IKC Beneden-Leeuwen voor een bedrag van € 7.254.500 te dekken uit de algemene reserve.
Aanleiding
In de financiële verordening is in artikel 16 bepaald dat het college eens in de 5 jaar een nota reserves en voorzieningen aanbied aan de raad. De laatste nota is in 2019 vastgesteld. Daarnaast is de weerstandratio al enige tijd boven de voorgenomen maximale ratio van 2,0.Het surplus van de algemene reserve kan op verschillende manieren (zie argument 3.1) ingezet worden. De portefeuillehouder heeft toegezegd (T 2025-086 ) om onderzoek te doen naar de mogelijkheden om de algemene reserve in te zetten. Middels dit voorstel wordt hieraan invulling gegeven.
Beoogd effect
Een geactualiseerde nota reserves en voorzieningen vast te laten stellen door de raad. De belangrijkste doelstellingen van beleid op het gebied van reserves en voorzieningen zijn: a. Invulling geven aan de kaderstellende rol van de gemeenteraad; b. Het stellen van heldere en transparante beleidskaders op het gebied van reserves en voorzieningen; Voor een transparante bepaling van de financiële positie en draagkracht van de gemeente is het belangrijk dat eenduidig en consistent omgegaan wordt met reserves en voorzieningen. Dit is van belang zowel voor het budgetrecht van de raad, als voor de beheersing door het college. Daar waar de voorschriften in het Besluit Begroting en Verantwoording provincies en gemeenten (BBV) keuzes laten, zijn op onze gemeente toegesneden kaders noodzakelijk. c. Kwaliteitsverbetering van de financiële functie door het actualiseren en vaststellen van de beleidskaders op het gebied van reserves en voorzieningen. Daarnaast is het voldoen aan ons eigen beleid, vastgesteld in de Financiële verordening, van belang.
Argumenten
1.1 We beschikken weer over een actuele nota reserves en voorzieningen. De meest recente nota reserves en voorzieningen dateert uit 2019. Hoewel de regelgeving over reserves en voorziening beperkt verandert, is het belangrijk om de gemeentelijke beleidsregels actueel en opnieuw vast te leggen. 1.2 Door gewijzigde regelgeving mag een deel van de algemene reserve ingezet worden als structureel dekkingsmiddel. Vanaf 2024 kunnen gemeenten het surplus in de algemene reserve aanwenden voor het dekken van structurele exploitatielasten. Van dit vrij besteedbare deel, het surplus, mogen gemeenten 10% inzetten voor de dekking van structurele lasten. Dit onder de voorwaarde dat de solvabiliteit van de gemeente groter of gelijk aan 20% is en blijft. Dit deel wordt dan tot ‘structurele baat’ bestempeld. Ook moet het weerstandsvermogen naar het oordeel van de toezichthouder (de provincie) voldoende zijn, gebaseerd op een adequate risico-inventarisatie.
2.1 Een weerstandratio tussen de 1,2 en 2,0 zorgt voor een goede balans tussen de risico’s en het vermogen. De benodigde omvang van de algemene reserve wordt bepaald aan de hand van de weerstandratio. De algemene reserve dient om onverwachte tegenvallers op te vangen en risico’s te dekken. Door de omvang van de reserve te koppelen aan de weerstandratio, wordt dit doel bewaakt. Een ratio van minimaal 1,2 zorgt ervoor dat de risico’s minimaal 1 keer kunnen worden opgevangen. Een ratio van 2,0 geeft een signaalfunctie af dat de algemene reserve een omvang heeft bereikt die meer dan ruim voldoende wordt geacht om alle risico’s af te dekken. 2.2 Een weerstandsratio tussen 1,2 en 2,0 wordt beoordeeld als voldoende. In het gemeenschappelijk financieel toezichtkader van de provincies is de weerstandsratio verdeeld in onderstaande waarderingscijfers. Een weerstandratio tussen 1,2 en 2,0 wordt beoordeeld als voldoende tot ruim voldoende.
3.1. Hiermee hebben we over een langere periode een structureel effect De algemene reserve kan op 3 verschillende manieren worden ingezet: 1.Dekking van kapitaallasten Voor de dekking van kapitaallasten van investeringen kan een specifieke reserve worden gevormd. De jaarlijkse onttrekking uit deze reserve wordt beschouwd als een structureel dekkingsmiddel, omdat deze gedurende de afschrijvingsperiode van de investering beschikbaar blijft. 2.Inzet surplus algemene reserve als structureel dekkingsmiddel Gemeenten mogen het surplus van de algemene reserve, het deel van de reserve zonder specifieke bestemming, gebruiken voor het dekken van structurele lasten. Van dit vrij besteedbare surplus mag maximaal 10% worden ingezet voor structurele lasten. Dit is alleen toegestaan wanneer de solvabiliteit van de gemeente 20% of hoger is en blijft, en het weerstandsvermogen naar het oordeel van de toezichthouder voldoende is op basis van een actuele en volledige risico-inventarisatie. 3.Incidentele uitgaven
De algemene reserve kan worden ingezet om eenmalige uitgaven te dekken. Bijvoorbeeld projecten of eenmalige investeringen. Dit betreft geen structurele dekking, maar tijdelijke inzet van middelen. Door de algemene reserve in te zetten ter dekking van kapitaallasten ontstaat meer financiële stabiliteit op de lange termijn. Het inzetten van het surplus van de algemene reserve als dekkingsmiddel creëert op korte termijn financiële ruimte. Dit kan echter op de langere termijn leiden tot oplopende structurele tekorten, omdat het surplus eenmalig is en niet blijvend beschikbaar blijft. 3.2 Vanaf 2028 zorgt dit voor een structureel voordeel van € 181.362. In de begroting is al rekening gehouden met de structurele kapitaallasten voor de uitbreiding van het IKC in Beneden-Leeuwen van € 181.362 per jaar. Door de algemene reserve in te zetten, kan de jaarlijkse onttrekking worden beschouwd als structureel dekkingsmiddel. Hierdoor ontstaat vanaf 2028 een structureel voordeel van € 181.362 ten opzichte van de Begroting 2026–2029. 3.3 Na de onttrekking uit de algemene reserve wordt de weerstandratio 1,57. Op basis van de uitgangspunten uit de begroting 2026 wordt de weerstandratio 1,57. Hierbij is rekening gehouden met een resultaat van € 2.000.000 (verwacht resultaat najaarsnota na budgetoverhevelingen). Dit is binnen de vastgestelde kaders door uw raad.
Kanttekeningen
1.1 De inzet van de algemene reserve als structureel dekkingsmiddel is een tijdelijke oplossing. Het inzetten van het surplus van de algemene reserve als dekkingsmiddel creëert op de korte termijn ruimte in de begroting. Hierdoor kunnen tijdelijk meer lasten worden gedekt dan er baten tegenover staan. Dit kan echter op de lange termijn leiden tot oplopende tekorten, omdat het begrotingsevenwicht pas op een later moment wordt hersteld. Daarnaast kan het surplus slechts in de eerste jaren worden ingezet, omdat het solvabiliteitspercentage slechts net boven de 20% ligt. 2.1 De maximale omvang van de algemene reserve is geen vast bedrag. De weerstandratio wordt bepaald door meerdere factoren. Het is een verhoudingscijfer tussen beschikbare weerstandscapaciteit en benodigde weerstandscapaciteit. De beschikbare weerstandscapaciteit bestaat uit alle reserves, onbenutte belastingcapaciteit, vrije begrotingsruimte en de post onvoorzien. De benodigde weerstandscapaciteit is een optelling van alle incidentele en structurele risico’s. Alle bedragen fluctueren per jaar. Hierdoor is het niet mogelijk om een vast bedrag te koppelen aan de omvang van de algemene reserve.
3.1 Er blijft minder ruimte over voor het opvangen van onverwachte tegenvallers en dekking van risico's.
Financiën
Communicatie
Het inzetten van de algemene reserve levert vanaf 2028 een structureel voordeel op van € 181.362 ten opzichte van de begroting 2026–2029. Na besluitvorming resteert in de algemene reserve een bedrag van € 5.800.000. Hierbij is het resultaat over 2025 nog niet meegenomen. Het weerstandratio blijft ruim voldoende om eventuele tegenvallers of risico’s op te vangen.
De nota wordt na vaststelling gepubliceerd op regelgeving.overheid.nl.
Aanpak en planning
Niet van toepassing.
Participatie
Niet van toepassing.
Bijlagen
1. Nota reserves en voorzieningen 2026 2. Afweging inzet algemene reserve en keuze voor kapitaallasten