CConstaterende datWest Maas en Waal
Koppel je AI →
Document · PDF

RV Evaluatie pilotperiode Cirtex

Gemeenteraad 20 mei 2026, gemeente West Maas en WaalBij agendapunt: Evaluatie pilotperiode Cirtex3.651 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Raadsvoorstel

Onderwerp

Evaluatie pilotperiode Cirtex

Aangeboden door

College van B&W

Portefeuillehouder

R.A.N. Reuvers

Team

Team Samenleving

Zaakkenmerk/Document kenmerk

Z.129808/D.352274

Datum collegebesluit Vertrouwelijkheid Bijlagen

31 maart 2026 Openbaar Ja

Inhoudsopgave 1. Voorgesteld besluit 2. Aanleiding 3. Beoogd effect 4. Argumenten 5. Kanttekeningen 6. Financiën 7. Communicatie 8. Aanpak en planning 9. Participatie 10. Bijlagen

Voorgesteld besluit

Aanleiding

1. de zienswijze vast te stellen en deze te sturen aan het DB van Werkzaak Rivierenland en de Avri.

Werkzaak Rivierenland voert voor onze gemeente de Participatiewet uit. Het gaat dan niet alleen om het verstrekken van inkomensondersteuning maar ook het activeren, begeleiden en ontwikkelen van inwoners naar een duurzame plek op de arbeidsmarkt. De Avri is de regionale partij voor niet alleen het

inzamelen van grondstoffen en afval. De ingezamelde producten worden zo veel als mogelijk terug gebracht in de maak-industrie. Op 17 november 2022 hebben de Algemene Besturen van Avri en Werkzaak Rivierenland en de Raad van Toezicht van 2Switch ingestemd met de oprichting van een circulair textielsorteercentrum (Cirtex) in Rivierenland. Voorafgaand zijn de raden van de regiogemeenten gevraagd hun zienswijze inzake de deelneming door Werkzaak Rivierenland aan Cirtex kenbaar te maken. De gemeenten zijn ook vertegenwoordigd in de diverse bestuurlijke gremia die zijn ingesteld door Cirtex (zoals lid van de Raad van Toezicht of de Algemene ledenvergadering). In het 2e halfjaar van 2024 ontstond een wereldwijze textielcrisis. Hoewel Cirtex hier géén directe invloed op had, was er wel een flinke – onverwachte - impact op de oorspronkelijke businesscase. Dit heeft o.a. geleid tot een aantal beheersmaatregelen (aan de kostenkant) en nadere afspraken met de afnemer van de winkelkwaliteit textiel (2Switch), die tevens lid is van de coöperatie Cirtex. Daarnaast is medio 2025 – na een zienswijzeprocedure (zie raadsbesluit d.d. 22 mei 2025) – en in afwachting van de uitkomst van de evaluatie door de deelnemers besloten tot een overbruggingsfinanciering. Bij de start is afgesproken na 4 jaar te evalueren om inzicht te krijgen in het toekomstig bestaansrecht van Cirtex.

Bij brief van 5 februari 2026 (ontvangen 9 februari 2026) is aan ons gezonden de namens de deelnemers opgestelde evaluatie. Overeenkomstig de gemaakte afspraken wordt ook een beeld geschetst van de diverse scenario’s waaronder ook het stoppen van de deelname. In de ontvangen brief wordt uw raad gevraagd een zienswijze uit te brengen met betrekking tot het voornemen tot structurele financiële ondersteuning en de dekking van de kosten daarvan binnen hun begroting. In de brief aan uw raad wordt aangegeven dat in de regionale zienswijzemarkt van 1 juni 2026 de mogelijkheid is tot het stellen van vragen. De Wet gemeenschappelijke regelingen schrijft voor dat uw raad een zienswijze mag indienen op de ontvangen stukken. Onze zienswijze moet uiterlijk 15 juni 2026 zijn ingeleverd. Na ontvangst van de zienswijzen zal in de vergadering van het Algemeen Bestuur van 9 juli 2026 een besluit nemen.

Beoogd effect

Kennisneming, beoordeling en behandeling van het inkomen verzoek tot het uitbrengen van een zienswijze met betrekking tot de opgestelde evaluatie Cirtex en het door de besturen van Werkzaak Rivierenland en Avri uitgesproken voornemen tot voortzetting van de deelname aan en financiële ondersteuning middels het model van een brede businesscase van Cirtex. Daarnaast behelst het voorstel de vaststelling van onze zienswijze op de ontvangen stukken.

Argumenten

1.1 Evaluatie is inhoudelijk volledig en schetst gevolgen van de scenario’s Overeenkomstig de door de deelnemers (Werkzaak Rivierenland, Avri en 2Switch) gegeven opdracht bevat de evaluatie en de bijbehorende stukken alle informatie die benodigd is voor een gewogen oordeel over de pilot. Zo zijn in de evaluatie terug te lezen: a. de oorspronkelijke doelstellingen. Daarbij wordt terug gekeken op de hoofddoelstellingen van Cirtex, zoals die in de statuten van de coöperatie zijn opgenomen. Daarna is beschreven het beoogde effect van die doelstellingen en de realisatie ervan in 2 fasen (proef en oprichting van Cirtex). Verder zijn terug te vinden de behaalde resultaten op de hoofddoelstellingen Circulair en Ketensamenwerking, Inclusie en het Maatschappelijke verantwoord businessmodel. Elke doelstelling is afgesloten met een deelconclusie. b. de mogelijke toekomstscenario’s Cirtex. In de evaluatie zijn eerst een aantal toekomstscenario’s geschetst waarbij de impact zichtbaar wordt op de hoofddoelstellingen Circulair, Inclusie en Financiën. Gevolgd door een realistisch scenario en het scenario stoppen met Cirtex. Daarbij wordt het resultaat van Cirtex in een ‘smalle’ versus afgezet tegen een ‘brede’ maatschappelijke businesscase. Ook dit deel sluiten we af met een deelconclusie.

Met de slotconclusie wordt ook antwoord gegeven op de hoofdvraag “Is er een toekomstig bestaansrecht voor Cirtex?”. Objectiviteit van de evaluatie. Om de volledigheid en objectiviteit van de Evaluatie te waarborgen, is naast een onafhankelijk bestuurlijke adviseur van de gemeente West-Betuwe aan de stukken toegevoegd het resultaat van de toetsing door een accountantsdienst. Tijdens de ontwerpfase van de evaluatie is input opgehaald bij de beleidsinhoudelijke adviseurs en financials die betrokken zijn bij de beide GR-en (Avri en Werkzaak Rivierenland). Dit was niet oordeelsvormend maar vanuit het perspectief van volledigheid, inzichtelijk en toetsbaarheid. 1.2 Evaluatie is in alle bestuurlijke gremia besproken en gekozen scenario wordt breed ondersteund De voorstellen zijn aan de orde geweest in de ALV (Algemene Ledenvergadering) en de RvT (Raad van Toezicht) van Cirtex. Ook zijn de stukken aan de orde gekomen in gecombineerde DB en ABvergaderingen van de Avri en Werkzaak Rivierenland. Verslaglegging van deze besprekingen zijn als bijlagen aan de stukken toegevoegd. Deze besprekingen hebben nog geleid tot kleine tekstuele aanpassingen in de definitieve stukken. Hierdoor is de ontvangst van de stukken later dan gepland.

Centraal in de bestuurlijke discussie staat de bestuurlijke vraag: zijn we bereid om het ingerichte circulair textielsorteercentrum als re-integratie instrument in de lucht te houden op basis van een brede businesscase benadering en daarmee bij te dragen aan een

inclusieve samenleving, waarbij gewerkt wordt aan het bereiken van de circulariteitsdoelstellingen. Door de betrokken partners wordt deze hoofdvraag unaniem positief beantwoord. Daarbij is het wel van belang om op te merken dat eenieder die betrokken is (maar in eerste aanleg Cirtex zelf) de opdracht voelt om de financiële basis te versterken, waarmee een duurzaam voortbestaan wordt gerealiseerd. De invulling hiervan (meer opbrengsten bij huidige en/of nieuwe partners, nieuwe afvalstromen ver-markten, kostenbeheersing, etc.) ligt dus primair bij Cirtex in samenspraak met de huidige en mogelijk nieuwe partners. Deze opdracht ligt indirect opgesloten in het ontvangen stukken. De komende jaren zijn cruciaal om de transitie en ketensamenwerking te bestendigen en de financiële basis te versterken, waarmee een duurzaam voortbestaan van Cirtex realistisch is. 1.3 Meerwaarde van Cirtex is meervoudig In het voorstel aan de raad (mei 2025) is uitvoerig ingegaan op de meerwaarde van het circulair Textielcentrum Cirtex. Herhaling van de toen vermelde conclusies en overwegingen (op basis van de behaalde resultaten) voert hier nu te ver. Wij zijn blij om te zien dat de toen benoemde meerwaarde wordt bevestigd in het voorliggende evaluatierapport.

Het evaluatierapport laat zien dat Cirtex zich in korte tijd heeft ontwikkeld tot een volwassen bedrijf met een duidelijke maatschappelijke meerwaarde. Het sorteercentrum verwerkt inmiddels 1,7 miljoen kilo textiel per jaar en draagt bij aan bewustwording over circulair hergebruik in de regio Rivierenland. Ondanks deze vooruitgang is de transitie naar een volledig circulaire textielketen vertraagd door de wereldwijde textielcrisis en vervuiling van ingezameld textiel. Innovaties zoals Cirtex 2.0 en samenwerkingen met consortiumpartners bieden perspectief, maar de landelijke doelstelling van 50% circulair hergebruik in 2030 lijkt (nog) niet haalbaar. Verdere Investeringen Op het gebied van inclusie heeft Cirtex zijn ambities ruimschoots waargemaakt. Het centrum biedt een hybride werkomgeving (springplank) waarin mensen met een ondersteuningsbehoefte passend werk vinden. Er zijn meer betaalde werkplekken gerealiseerd dan oorspronkelijk gepland en een deel van de medewerkers is doorgestroomd naar regulier werk. Het uitstroompercentage naar regulier werk ligt met 20% fors hoger dan het uitstroompercentage van 4% vanuit de productiehallen in Geldermalsen. Ook ontwikkelplekken, stages en taakstraffen zijn ingevuld, waardoor Cirtex een belangrijke rol speelt in sociale participatie. Samenvattend levert Cirtex de volgende maatschappelijke waarde/impact.

• Cirtex bevordert circulariteit door textielstromen hoogwaardig te sorteren en hergebruiken, wat bijdraagt aan afvalreductie, grondstoffenbesparing en CO₂-reductie.

• Het versterkt ketensamenwerking tussen publieke en private partijen, waardoor regionale partners gezamenlijk duurzame doelen realiseren. • Inclusie staat centraal: Cirtex biedt werkgelegenheid aan mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt, waardoor sociale participatie toeneemt. • Inclusiewinst is groot: medewerkers ontwikkelen vaardigheden, vergroten hun zelfvertrouwen en ervaren sociale verbondenheid, wat leidt tot duurzame re-integratie. • Besparing op uitkeringen: elke medewerker vermindert de druk op sociale voorzieningen, wat leidt tot structurele kostenreductie (€ 19.000,- per bespaarde uitkering) voor gemeenten. • Maatschappelijke baten zoals minder criminaliteit en minder beroep op WMO leveren een geschatte besparing van € 5.000,- per persoon op. • Cirtex is een sociale onderneming dat laat zien hoe economische, sociale en ecologische waarden samenkomen met een brede maatschappelijke impact voor Cirtex, Avri, Werkzaak en de gemeenten samen. Het is goed om expliciet in gedachten te houden dat de besparingen die zijn gerealiseerd binnen de Participatiewet door de uitstroom naar een betaalde baan bij een reguliere werkgever niet in de opbrengsten van de businesscase zijn verrekend. Op pag. 33 van de evaluatie wordt daar een zuiver beeld van gegeven (zie ook hieronder).

Hieruit blijkt dat

a. 20% (of wel 28 van de 137 kandidaten) daadwerkelijk uit de uitkering zijn (naar een betaalde baan bij een reguliere werkgever). Als we dan bedenken dat een uitkeringsgerechtigde ca. € 19.000,- per jaar kost (naast de overige kosten van maatschappelijke zorg van ca. € 5.000,-), kan gerust gesteld worden dat we door dit instrument tussen de € 530k en de € 670k aan (uitkerings)lasten hebben bespaard. b. Als dan ook nog in gedachten wordt gehouden dat 54 bijstandsgerechtigden een gesubsidieerde baan hebben (gehad) bij Cirtex (in dienst bij Cirtex met loonkostensubsidie) waardoor de uitkeringslasten van Werkzaak nog eens extra zijn verminderd (voor de kandidaten vervalt voor Werkzaak de bijstandsuitkering maar wordt wel een loonkostensubsidie verstrekt) loopt dit voordeel nog verder op. c. Met daarbovenop nog eens de kanttekening dat de gemiddelde loonwaarde van de doelgroep medewerkers gedurende het dienstverband bij Cirtex, gemiddeld met bijna 10% is gestegen, waarmee de kansen voor hen op de arbeidsmarkt zijn toegenomen. Er kan met tevredenheid worden gekeken naar Cirtex wanneer deze wordt bezien binnen een brede businesscase. En wel op alle terreinen (circulair, inclusie, ketensamenwerking en financieel).

Het sorteercentrum vervult een unieke rol door circulariteit en inclusie te combineren en biedt een infrastructuur die niet alleen economisch, maar ook sociaal en ecologisch van grote betekenis is. De komende jaren zijn cruciaal om de ketensamenwerking uit te bouwen en de financiële positie te versterken door de omzet te verhogen. Op deze manier kan Cirtex blijven bijdragen aan een duurzame en inclusieve samenleving in Rivierenland. 1.4 Alleen een brede maatschappelijke businesscase geeft een positief resultaat De ‘smalle’ businesscase van Cirtex is kwetsbaar, maar wanneer de ‘bredere maatschappelijke effecten’ worden meegewogen – zoals gerealiseerde omzet uit detacheringen en besparing op uitkeringen bij Werkzaak en lagere transportkosten bij Avri – blijkt de maatschappelijke impact van Cirtex aanzienlijk. Door de besturen van Werkzaak Rivierenland en de Avri wordt voorgesteld om het realistisch scenario 3 voor de toekomst te hanteren omdat hiermee een optimum wordt bereikt tussen de 3 hoofddoelstellingen (Circulair, Inclusie en Financiën). In dit scenario is het uitgangspunt dat alle textiel (100%) rechtstreeks uit de route wordt verwerkt bij Cirtex en dat de sorteerwerkzaamheden (66% hopper en 34% sociaal sorteren) door de doelgroep en enkele reguliere medewerkers plaatsvinden.

In dit scenario is vanuit een brede maatschappelijke businesscase het positieve resultaat Werkzaak van €427.570,- beschikbaar om aan te wenden voor het exploitatietekort Cirtex in de ‘smalle’

businesscase. Na vereffening resteert een maatschappelijke waarde van € 251.587,-. Binnen de begroting van Werkzaak Rivierenland zijn voor de vereffening middelen beschikbaar. Het Participatiebudget biedt hiervoor ruimte en inmiddels heeft het Rijk structureel middelen toegekend voor behoud en uitbreiding van de noodzakelijke infrastructuur voor werkzoekenden met een afstand tot de arbeidsmarkt. Werkzaak Rivierenland heeft de benodigde middelen (€ 383.000,-) voor 2026 al gereserveerd staan uit de vorige zienswijzeprocedure (tekorten door textielcrisis) in het voorjaar van 2025. 1.5 Stoppen met Cirtex is duurder De impact van “liquidatie van Cirtex” is enorm. In dat geval zal Avri: nog steeds geconfronteerd worden met de kosten van inzameling en verwerking van textiel (deze kosten zullen ook dan weer verhaald worden op de inwoners via de afvalstoffenheffing). Avri zal daarnaast op zoek moeten naar afnemers van het textiel (vaak ver buiten de regio) en heeft in dat geval additionele kosten (zoals van transport); Werkzaak: het verlies van deze bijzondere tussenliggende reintegratievoorziening (de werkervaringsplekken bij Cirtex) zal leiden tot een verminderde uitstroom uit de bijstand van inwoners met een grote afstand tot de arbeidsmarkt.

Gevolg hiervan is een toenemende last binnen de Participatiewet (hogere uitkeringslasten en hogere uitvoeringskosten bij Werkzaak Rivierenland); Partners: de ontwikkeling van nieuwe producten door en in samenspraak met ondernemingen (zoals de speeltuintjes van de toekomst) komt tot stilstand (voor vele jaren). Dit heeft ook effect op de werkgelegenheid van de ondernemingen in deze branche; Mede-overheden: de afgelopen jaren is ingezet op nauwe samenwerking met o.a. de Provincie (via subsidieprogramma Op Oost) en zijn diverse subsidies (o.a. Cirtex 2.0). De positie die Cirtex de afgelopen jaren heeft verkregen wordt door velen gezien als een voortrekker en innovator. In het evaluatierapport (pag. 46) en de aanbiedingsbrief is verwoord welke consequenties (inhoudelijk en financieel) er gemoeid zijn voor zowel Avri als Werkzaak Riviereland wanneer door de partijen wordt gestopt met Cirtex. Onder aan de streep kunnen op zijn minst de volgende verliesposten worden genoemd: Werkzaak Rivierenland:

-/- € 427.570,-

Avri:

-/- €

65.000,-.

Daarbij moet worden opgemerkt dat het nadeel wellicht nog hoger zal zijn omdat enkele kosten hierin nog niet zijn meegenomen. Denk bijv. hogere kosten van verwerking van het ingezamelde textiel (onvoldoende rendabele afzetmogelijkheden). Daarnaast is

het de vraag of de restwaarde van het onderpand (op de door de Avri verstrekte lening) bij verkoop voldoende afgedekt is. Al met al is stoppen met Cirtex nadelig voor mens, milieu en (gemeentelijke) portemonnee. 1.6 Voorbehoud aan financiële bijdrage door Werkzaak Rivierenland In de onderliggende stukken wordt expliciet een zienswijze gevraagd over het voorgenomen AB-besluit van Werkzaak Rivierenland om vanaf 2026 een financiële bijdrage te leveren aan de brede businesscase Cirtex. Het kan worden omschreven als: “Het hanteren van een brede maatschappelijke businesscase voor Cirtex en Werkzaak/Avri samen, met een maatschappelijke waarde > 0”. Het gaat daarbij om een bedrag dat niet mag uitkomen boven het maximum aan omzet (positieve resultaat) dat door Werkzaak Rivierenland wordt behaald uit de omzet. In de berekende businesscase gaat het daarbij om een bedrag van €427.570,-. Nadrukkelijk dient daarbij te worden vermeld dat dit bedrag gebaseerd is op het voor de toekomst te hanteren realistisch scenario 3 omdat hiermee een optimum wordt bereikt tussen de 3 hoofddoelstellingen (Circulair, Inclusie en Financiën). Dit betekent dus dat alle textiel (100%) rechtstreeks uit de route wordt verwerkt bij Cirtex en dat de sorteerwerkzaamheden (66% hopper en 34% sociaal sorteren) door de doelgroep (26,3 Fte) en enkele reguliere (1-2 Fte) medewerkers plaatsvinden.

Wanneer door omstandigheden die mogelijk op (bedrijfseconomische) gronden zijn ingegeven, afgeweken wordt van dit uitgangspunt én het resultaat van de smalle businesscase Cirtex daardoor negatief wordt beïnvloed, vervalt de basis voor Werkzaak Rivierenland voor het toekennen van de financiële bijdrage. In dat geval zal het bestuur van Werkzaak Rivierenland zich opnieuw moeten uitspreken over het toekennen van een bijdrage en daarvoor de gebruikelijke procedure in acht moeten nemen. In het geval dat het financieel resultaat van Cirtex “smal” positief wordt beïnvloed, dient het bestuur van Werkzaak Rivierenland zich enkel opnieuw uit te spreken over de hoogte van de bijdrage wanneer niet voldaan wordt aan het uitgangspunt van Inclusie (26,3 Fte doelgroep- en 1-2 Fte reguliere medewerkers). Het mag duidelijk zijn dat het bovengenoemde expliciet moet worden opgenomen in de besluitvorming die terzake dit onderwerp door de besturen van de Avri en Werkzaak Rivierenland dient te worden genomen. 1.7 Opdracht tot het vergroten van de innovatiekracht én het bedrijfsvoeringsresultaat van Cirtex Subsidies en bijdragen van partners hebben geholpen om de continuïteit te waarborgen en nieuwe innovaties moeten de

financiële basis verder versterken en een alternatief vormen voor de huidige buitenlandse afzet. In de stukken wordt meermaals gewezen op de innovatiekracht van Cirtex en haar – veelal – commerciële bedrijfspartners. Deze innovatiekracht is zeker aanwezig wanneer we kijken naar de vele partners en de verschillende afzetmarkten waarin zij actief zijn. Of het nu gaat om pellet- en cliff composiet, brandwerend vilt, textielplaten of eindproducten. Deze innovatiekracht bij de commerciële marktpartijen komt mede door impulsen gegeven door de overheid (via subsidies zoals ESF, Cirtex 1.0 en Cirtex 2.0). Wij zouden deze innovatiekracht ook graag herkenbaar binnen de bedrijfscultuur van Cirtex zien. Niet alleen door beheersmatige maatregelen (zoals de inzet van digitale technologie in het sorteerproces). Maar zeker ook aan de inkomstenkant. De innovatie vertaalt zich nu vooral in gegarandeerde afzet van textiel (naar kwaliteitsniveau) maar is nauwelijks zichtbaar in de begroting c.q. Jaarrekening. Waarom wordt bij de ontwikkeling van nieuwe producten met partners niet gesproken over bijv. leveringscontracten met daarin een (hogere) vaste kiloprijs en/of een toeslag per (door)verkocht halffabricaat en/of product.

De partners in de markt – die door de samenwerking met Cirtex ondersteund worden in hun innovatieve kracht (ook via de binnengehaalde subsidies) én daarmee ook exposure genereren – dragen daarmee bij aan de instandhouding van de keten en worden uitgedaagd hun marktpositie te versterken of te vergroten. De opbrengsten uit innovatie komen daarmee niet alleen ten gunste van de eindproductie. Een win-win situatie voor allen. Om de bedrijfsontwikkeling beter te kunnen volgen en sturen is in de accountantsrapportage opgenomen dat het bestuur van Cirtex toets- en meetbare kritieke prestatie indicatoren moet definiëren. Een eerste aanzet daartoe is opgenomen in Bijlage 8.2: Accountant Adviesbrief Normenkader. De ambitie tot innovatie en omzetgroei zou hierin opgenomen moeten worden.

Kanttekeningen

1.1 De cijfers kunnen nog afwijken. De cijfers opgenomen in de berekende scenario’s zijn gebaseerd op de thans bekende cijfers en prijsafspraken. Marktontwikkelingen kunnen hierop nog invloed hebben.

Financiën

Het voorstel dat thans voorligt, behelst de volgende 2 financieel inhoudelijke vragen: 1. kunnen de gemeenten in Rivierenland instemmen met het voornemen tot de beschikbaarstelling door Werkzaak Rivierenland binnen de hiervoor benoemde brede businesscase van een bedrag gelijk aan maximaal de door Werkzaak Rivierenland behaalde resultaat en

2. kan worden ingestemd met de dekking van de financiële bijdrage ten laste van het Participatiebudget. Het antwoord op de 1e vraag (instemming met het voornemen tot beschikbaarstelling van een budget) kan worden afgeleid uit de hiervoor onder 4 benoemde argumenten. Daarbij wijzen we wel op de benoemde randvoorwaarden en aanvullende kanttekeningen. Ten aanzien van het antwoord op de 2e vraag (de dekking van het benodigde bedrag) kan het volgende worden opgemerkt. Het bestuur van Werkzaak Rivierenland is voornemens om de bijdrage (in het realistisch scenario berekend op maximaal €427.570,-.) ten laste te brengen van het Participatiebudget dat jaarlijks van de gemeenten wordt ontvangen. Door de veranderde inzet van het re-íntegratiebudget is er binnen de Begroting van Werkzaak Rivierenland dekking aanwezig voor deze bijdrage. Conclusie: We stellen vast dat de “smalle” businesscase van Cirtex door de wereldwijde textielcrisis in een totaal ander daglicht is komen te staan. In 2024 zijn al wel een aantal beheersmaatregelen getroffen die bijdragen aan een gunstiger financieel plaatje. De impact van de crisis is echter zodanig groot dat aanvullende bestuurlijke afspraken noodzakelijk zijn om Cirtex blijvend een rol te laten vervullen binnen de regio. Wij onderkennen de grote meerwaarde die Cirtex heeft.

En dat niet alleen wat betreft inclusiviteit (ontwikkelplek voor mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt). Het draagt ook substantieel bij aan de circulariteit (inzameling en verwerking van textielafval) in de regio. Verder is het een impuls aan de slagkracht van en werkgelegenheid bij de innovatieve partners in de regio (verbetering positie van bedrijven en kansen voor onze inwoners op de arbeidsmarkt). Daarnaast zien wij de erkenning die Cirtex alom krijgt vanuit andere organisaties en overheden voor de wijze waarop in de keten op een innovatieve manier wordt gewerkt aan de oplossing van het textielafval. Wij kunnen instemmen met de hoogte van de door Werkzaak Rivierenland voorgestane financiële bijdrage en voorgestelde dekking. Daarnaast zijn wij van mening dat een aantal aanvullende acties noodzakelijk zijn. Het gaat dan om de aspecten die wij hiervoor benoemd hebben bij de argumenten 1.6 (Voorbehoud aan financiële bijdrage door Werkzaak Rivierenland) en 1.7 (Opdracht tot het vergroten van de innovatiekracht én het bedrijfsvoeringsresultaat van Cirtex). Wij hebben er vertrouwen in dat met het thans door de besturen van de Avri en Werkzaak Rivierenland gedane voorstel Cirtex een absolute meerwaarde is voor ons allen.

Niet alleen voor de circulaire keten waaraan we invulling moeten geven maar zeker voor degenen met een afstand tot de arbeidsmarkt die aldaar (door)ontwikkeld en klaar gestoomd worden voor een betaalde baan.

Communicatie

De Adviesraad Sociaal Domein heeft een afschrift ontvangen van het verzoek (met bijlagen) van de besturen van de Avri en Werkzaak Rivierenland. Daarnaast hebben wij aan haar gezonden de zienswijze zoals die in dit voorstel is verwoord. Als van haar een reactie wordt ontvangen – hoewel de termijn daartoe helaas kort is - voegen wij dit als bijlage bij dit voorstel.

Aanpak en planning

Wanneer u akkoord gaat, sturen wij de zienswijze in een schrijven (zie bijlage) aan de besturen van zowel de Avri als Werkzaak Rivierenland. Beide besturen zullen in hun AB-vergadering een definitief besluit nemen, gelezen hebbende ook de reacties van de overige gemeenteraden.

Participatie

Bijlagen

n.v.t,

1. Zienswijzebrief gemeenteraden d.d. 5 febr. 2026 (ontvangen 9 febr. 2026)Evaluatierapport Cirtex 2. Verslag bestuursoverleg Cirtex 3. Bevindingen bestuursadviseur West Betuwe 4. Podcast samenvatting evaluatierapport (via deze link: Link Podcast Samenvatting evaluatierapport ) 5. Bestuurlijke oplegger RvT Cirtex 6. Bestuurlijke oplegger ALV Cirtex 7. AB-memo rapportage accountant 8. Bijlage 8.1: Accountant 3400-verklaring-gewaarmerkt 9. Bijlage 8.2: Accountant Adviesbrief Normenkader 10. concept-zienswijze West Maas en Waal Evaluatie pilot periode Cirtex

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/16792492/1