Raadsvoorstel Werkzaak Rivierenland Jaarrekening 2023
Tekst van het document
Raadsvoorstel
Onderwerp
Jaarverslag 2023 Werkzaak Rivierenland
Aangeboden door
College van B&W
Portefeuillehouder
R.A.N. Reuvers
Team
Team Samenleving
Zaakkenmerk/Document kenmerk
Z.101647/D.287619
Datum document
30 april 2024
Vertrouwelijkheid
Openbaar
Bijlagen
Ja
Inhoudsopgave 1. Voorgesteld besluit 2. Aanleiding 3. Beoogd effect 4. Argumenten 5. Kanttekeningen 6. Financiën 7. Communicatie 8. Aanpak en planning 9. Participatie 10. Bijlagen
Voorgesteld besluit
Aanleiding
1. Kennis te nemen van het Jaarverslag 2023 van de GR Werkzaak Rivierenland; 2. In te stemmen met de concept Jaarrekening GR Werkzaak Rivierenland 2023: 3. In te stemmen met de toevoeging van het restant van de reserve Regio Deal aan de Reserve innovatiefonds; 4. De bijgevoegde zienswijze vast te stellen en deze te sturen aan het DB Werkzaak Rivierenland.
Werkzaak Rivierenland is voor onze gemeente de uitvoerder van de
Participatiewet. Op 12 april 2024 zijn de Jaarstukken 2023 aan ons verzonden. Met daarbij het verzoek om een zienswijze in te brengen bij het DB Werkzaak. Het Jaarverslag geeft een beeld van de realisatie van de gestelde doelen en ambities. De Jaarrekening geeft ook inzicht in de kosten die er voor zijn gemaakt. De Wet gemeenschappelijke regelingen schrijft voor dat gemeenteraden een zienswijze mogen indienen op de voorlopig vastgestelde Jaarstukken. Onze zienswijze moet voor 28 juni 2024 zijn ingeleverd. Na ontvangst van de zienswijzen zal het AB Werkzaak de Jaarrekening 2023 (en het Jaarverslag 2023) definitief vaststellen. Dit is in de vergadering van het Algemeen Bestuur van 11 juli 2024. Het AB verleent met vaststelling van de Jaarstukken decharge aan het DB.
Beoogd effect
Kennisneming, beoordeling en behandeling van de concept Jaarrekening en Jaarverslag 2023 van de GR Werkzaak, waaronder het opstellen van een zienswijze van West Maas en Waal over de concept Jaarstukken 2023.
Argumenten
1.1. Een getrouw beeld van de ambities en doelstellingen. Het jaar 2023 was voor Werkzaak Rivierenland een uitdagend jaar. De doelstellingen voor 2023 waren opgesteld bij het maken van de kadernota 2023 eind 2021 en bleken uiteindelijk zeer ambitieus. Op dat moment was de economische situatie anders dan de realiteit in 2023. De instroom van jongeren tot 27 jaar was hoger dan verwacht, wat aansluit op de landelijke ontwikkeling. Ook ontstond er krapte op de arbeidsmarkt, die tijdens de coronaperiode uitbleef. Als laatste bleek de complexiteit bij de mensen die zich meldden bij Werkzaak veel groter dan verwacht. Hierdoor is de doelstelling voor instroom, detacheringen en uitstroom niet gehaald. Desondanks zijn er goede resultaten behaald. Op belangrijke onderdelen doet Werkzaak Rivierenland het vergeleken met het meest redelijke referentiekader (de benchmark van Divosa) zelfs beter dan de rest van Nederland. Hierin worden de prestaties vergeleken met die van andere sociaal ontwikkelbedrijven in Nederland. • Daaruit blijkt dat de instroom in 2023 als percentage van de omvang van het totale bestand op 31 december 2023 bij Werkzaak Rivierenland18,8% was, terwijl dit landelijk op 27,4% lag. • Het aantal plaatsingen met loonkostensubsidie in 2023 ten opzichte van het totale bijstandsbestand per 31 december 2023 bedroeg bij Werkzaak 18,4%, terwijl dit landelijk op 15,1% lag.
• Op het gebied van uitstroom naar werk ten opzichte van de totale uitstroom, realiseerde Werkzaak een uitstroom van 35,9%, terwijl dit landelijk op 35,3% lag. Uit de cijfers van Werkzaak Rivierenland blijkt verder dat in 2023 • het aantal bijstandsgerechtigden af nam met 31 (t.o.v. december 2022). Een daling met 1,27% (ten opzichte van een stijging met 0,58% landelijk). Dit alles ondanks een hoger instroompercentage (werkelijk 45,3% t.o.v. doel van 42%); • de omzet van € 8,59 milj. – ondanks een lager aantal detacheringen
- een fractie hoger is dan de doelstelling; • het aantal loonkostenplaatsingen achter is gebleven op de doelstelling (392 i.p.v de beoogde 429); • in totaliteit voor ruim € 1,1 milj. aan (onterecht) verstrekte uitkeringen is terug gevorderd; • de gerealiseerde duurzame uitstroom (252) vrijwel gelijk is aan de doelstelling van 260; Per 31 december 2023 ontvangen 168 klanten (afgerond 6,8% van het totaal) uit West Maas en Waal een uitkering (P-wet, IOAW of Bbz). Daarnaast zijn 47 inwoners (ruim 8,7% van het totaal aantal) bemiddeld en actief via een detachering, loonkostensubsidie of een werkplek Nieuw Beschut. In het lastige jaar 2023 boekt Werkzaak daarmee goede resultaten dat zich ook financieel gunstig vertaalt. Werkzaak levert daarmee een toegevoegde waarde aan alle betrokkenen. 1.2 Doorontwikkeling en toekomstbestendig In het Jaarverslag 2023 wordt de lijn doorgezet van verbetering van de informatie aan de gemeenten. Niet alleen tekstueel maar ook cijfermatig wordt ook nu weer zichtbaar gemaakt wat Werkzaak doet en hoe zij het doen (t.o.v. van anderen). Daarnaast wordt op onderdelen ingegaan op veranderingen die zich in 2023 hebben voorgedaan Ook worden de kosten en opbrengsten van de activiteiten transparant weergegeven. De ingezette lijn van transparantie, verantwoording en dus ook verbinding wordt de komende jaren verder voortgezet.
2.1 Cijfers geven per saldo een positief resultaat (ook voor de gemeente). De Jaarrekening 2023 is opnieuw opgebouwd volgens de programmastructuur. De programma’s 6.2 Participatie (Begeleide - of Arbeidsparticipatie), 6.3 Wet sociale Werkvoorziening, 6.4 Nieuw Beschut en 6.5 Inkomensvoorziening worden uitgevoerd door Werkzaak Rivierenland namens de deelnemende gemeenten. De gemeenten krijgen een deel van de kosten hiervan vergoed vanuit het Rijk via specifieke subsidies of uitkeringen (zoals BUIG, SW, Participatiegelden). Het restant wordt door de gemeente gefinancierd uit de algemene middelen. De programma ‘s 6.1 Bestuur en Beleid en 6.6 overhead vormen een onderdeel van de paragraaf Bedrijfsvoering waarin de kosten verantwoord worden die gemaakt zijn ten behoeve van uitvoering van de toebedeelde taken. Het bruto-subsidieresultaat Inkomen van + € 5.848.400,- is ten opzichte van de Bestuursrapportage 2023 (overschot van € 4.186.100,-) fors voordeliger. Dit voordeel van € 1.662.300,- wordt voor een zeer belangrijk deel veroorzaakt door lagere BUIG-lasten. Het gaat hierbij om een bedrag van € 1.361.000,-. Dit komt omdat het aantal uitkeringsgerechtigden én het uitkeringsbedrag per uitkeringsgerechtigde lager was dan in de bestuursrapportage verwacht.
Daarnaast is in de definitieve BUIG de compensatie van het Rijk hoger dan waar we in de bestuursrapportage uit voorzichtigheid rekening mee hadden gehouden. Daarnaast zijn het resultaat BBZ (voordeel van € 207.100,-) en het resultaat Bijzondere Bijstand (voordeel € 207.900,-) positief door een kleiner aantal aanvragen dan verwacht.
Het subsidieresultaat binnen het SW (+ € 1.650.900,-) is wat minder voordelig dan bij de Bestuursrapportage 2023 werd verwacht (+ 1.764.600,). Dit wordt veroorzaakt door een sterkere stijging van de gemiddelde salarislasten per persoon als gevolg van een aanvullende indexering. West Maas en Waal ondervindt hiervan geen gevolgen. Voor dit onderdeel participeren wij niet in de GR Werkzaak Rivierenland. Zoals vastgelegd in de Bestuurlijke Agenda komt in de overgangsperiode een deel van het positief subsidieresultaat op de BUIG (+ € 1.361.000,-) direct ten gunste van de deelnemende gemeenten (in 2023 is dat nog 50%). Het overige deel vormt een onderdeel van het Bedrijfsvoeringsresultaat). Het resultaat op de BBZ, Bijz. Bijstand en SW worden direct met de afzonderlijke gemeenten afgerekend. Ook het Bedrijfsvoeringsresultaat is (afgezet tegen de Bestuursrapportage 2023) fors voordeliger (€ 2.383.600,-). Hierin speelt de uitkomst van de Bestuurlijke Agenda een rol (een voordeel van € 680.500,- op het onderdeel Herverdeling resultaat BUIG). Het grootste voordeel (van € 1.446.300,-) wordt veroorzaakt door latere / vertraagde invulling van beschikbare formatieruimte en niet-begrootte bijdragen van derden (zoals UWV en door detachering). De salariskosten van doelgroepprofessionals zijn wat hoger dan waar Werkzaak in de Bestuursrapportage van uit is gegaan.
Dit heeft een nadelig resultaat tot gevolg (van € 30.400,-). Verder is Werkzaak Rivierenland in staat geweest om de verwachte omzetdaling op te vangen door vervangende opdrachten. Dit heeft een voordelig resultaat tot gevolg van € 287.200,-). 2.2 Reserves en voorzieningen aangewend volgens doel. De aanwezige reserves en voorzieningen (zoals onderhoud, personeel, inrichting Werkzaak, etc.) zijn ingezet voor de daarvoor bestemde doelen. Het investeringsprogramma is ook volgens planning opgepakt en in uitvoerig gebracht. Het innovatiefonds - ingesteld bij de vaststelling van de Jaarrekening 2017 – is in 2023 aangesproken tot een bedrag van € 26.500,- (voor de regiodeal). Per 31-12-2023 heeft de reserve een omvang van € 187.256,-. Daarnaast is conform de aanbevelingen van de Accountantsdienst het weerstandsvermogen opgehoogd (naar de weerstandscapaciteitsratio vaan 1,0). Daarvoor heeft een eenmalige additionele storting plaatsgevonden. 2.3 Goedkeurende accountantsverklaring. Door de onafhankelijk accountant is over 2023 een instemmende accountantsverklaring overlegd. De dienst komt tot de slotsom dat de jaarstukken een getrouw beeld geven van de grootte en de samenstelling van zowel de baten en de lasten over 2023 als van de activa en passiva. De goedkeurende verklaring is onderdeel van de ontvangen stukken.
2.4 Alle resultaten verwerkt in gemeentelijke Jaarstukken 2023 In onze gemeentelijke Jaarstukken 2023 is rekening gehouden met de cijfers uit de voor zienswijze voorgelegde concept-jaarrekening 2023 Werkzaak Rivierenland. Op 11 juli 2024 wordt in de AB-vergadering van Werkzaak Rivierenland de Jaarrekening 2023 definitief vastgesteld. Als een afwijkende vaststelling door het AB plaats vindt, worden de definitieve cijfers uit vastgestelde Jaarrekening verwerkt bij het opstellen van de gemeentelijke Najaarsnota 2024. 3.1 Extra impuls aan Innovatiefonds Bij de resultaatbestemming 2020 is de reserve Regio Deal gevormd. In
2023 is er € 211.275,- onttrokken aan deze reserve voor cofinanciering. Op dit moment resteert een bedrag van € 102.952,-. Dit wordt m.n. veroorzaakt doordat minder inzet van personeel waarop cofinanciering van toepassing was, behoefde te worden ingezet. Het DB heeft het voornemen uitgesproken om dit saldo – door het toe te voegen aan de reserve Innovatiefonds - in te zetten voor Technologie en Inclusie (inzet voor technologische ontwikkelingen). Met deze ontwikkelingen wil Werkzaak Rivierenland de mogelijkheden om de stap naar uitstroom van de doelgroepmedewerkers faciliteren. De veranderingen in de bestandssamenstelling van het aantal uitkeringsgerechtigden gerechtigd naar onze mening deze inzet. Het toenemend aantal jongeren, psychisch kwetsbaren en inwoners met een migratie-achtergrond leidt tot een steeds moeilijker bemiddelbaar bestand. De inzet van technologische ontwikkelingen om ook deze inwoners met een grote afstand tot de arbeidsmarkt “werkfit” te maken, zal in de komende jaren extra aandacht en inzet vragen. Het toevoegen van het restant van de reserve Regio Deal aan het Innovatiefonds maakt dat deze extra inzet ook mogelijk wordt. Hierbij merken we wel op dat de voorwaarden ten aanzien van het Innovatiefonds onverminderd ook van toepassing zijn op het aanvullend toegevoegde budget.
Dit betekent dat de financiële opbrengsten ontstaan door de inzet van techniek vanuit het fonds ook weer daaraan ten goede moeten komen. Hiermee waarborgen we dat ook op de langer termijn voldoende geld beschikbaar is voor ontwikkeling. Verder verwachten wij dat in de Jaarstukken expliciet aandacht wordt gegeven aan de bestedingen die uit het fonds worden gedaan. 4.1 Zienswijze vaststellen en op tijd inzenden aan het DB Werkzaak. Het Dagelijks Bestuur van Werkzaak moet uiterlijk 27 juni 2024 onze zienswijze op de Jaarstukken 2023 ontvangen. In onze zienswijze staat dat u kennis neemt van het Jaarverslag 2023 én instemt met de concept Jaarrekening GR Werkzaak 2023.
Kanttekeningen
In de concept-Jaarstukken 2023 van West Maas en Waal hebben we de uitkomst van de voorlopig vastgestelde jaarrekening 2023 van Werkzaak Rivierenland opgenomen. Pas op 11 juli 2024 stelt het AB van Werkzaak Rivierenland haar jaarstukken 2023 definitief vast. Een gewijzigde vaststelling van de Jaarstukken 2023 van Werkzaak Rivierenland op basis van de ingezonden zienswijzen (en dus een ander rekeningsresultaat) verwerken wij in onze Najaarsnota 2024.
Financiën
De gemeentelijke bijdragen (excl. SW) bestaan uit het subsidieresultaat Inkomen (lasten – verminderd met de rijksvergoeding) en het bedrijfsvoeringsresultaat (netto-kosten bedrijfsvoering). Het jaar 2023 werd gestart met een geraamde gezamenlijke bijdrage van alle gemeenten van € 15,1 milj. (€ 15.144.100,)-. Dit is excl. de doorbetaling van de van het Rijk ontvangen vergoedingen. Bij de Bestuursrapportage 2023 is dit bijgesteld naar € 15,7 milj. (€ 15.711.100,-). De jaarrekening 2023 resulteert uiteindelijk in € 13,3 miljoen (€ 13.327.500,-). Ten opzicht van de Bestuursrapportage 2023 een positief resultaat van € 2.383.600,-. Dit bedrijfsvoeringsresultaat wordt conform de afspraken gemaakt in de bestuurlijke agenda terugbetaald aan de gemeenten op basis van het
aantal bijstandsgerechtigden en aantal loonkostensubsidies op grond van de Participatiewet. Voor West Maas en Waal betekent dat een ontvangst van € 180.600,-. Effect voor gemeente West Maas en Waal. Op pagina 103 en 104 van de concept-Jaarrekening 2023 staan per gemeente de bijdragen aan Werkzaak Rivierenland gespecificeerd weergegeven. De totale bijdrage van West Maas en Waal voor 2023 voor uitvoering van de P-wet activiteiten wordt geraamd op € 4.810.800,-. (zowel rijksvergoedingen als uitvoeringskosten). Naast de verschuldigde bijdrage in de uitvoering van de Participatiewet, hebben wij de uitvoering van verschillende taken ondergebracht bij Werkzaak. Het gaat daarbij om de Bijzondere Bijstand, het armoede-beleid (minima-regelingen), Schuldhulpverlening (tot 1 juli 2023) en de begeleiding van bijstandsgerechtigden met KP4. De lasten hiervan (zowel uitvoering als verstrekkingen) worden voor 2023 geraamd op. € 1,732.600,-.. Hierin zijn tevens opgenomen de lasten van de Energietoeslag 2023 (verstrekkingen en uitvoeringskosten). Deze uitbesteedde diensten worden jaarlijks afgerekend op basis van werkelijke kosten (mensuren, producten en diensten). V 2023 2023 2023 verschil / (primitief) (bestuursrapp.) (jaarstukken) N Bijdrage € € € 3.310.200 € 3.245.500 V inkomen 3.255.800 64.700 Bijdrage -€ € 220.100 € 413.900 € 446.100 N Werk 32.200 Bijdr.
€ -€ € 1.092.600 € 1.119.200 N Bedrijfsv. 1.064.100 26.600 resultaat € -€ 180.600 V Bedrijfsv. 180.600 € € subtotaal € 4.816.700 € 4.630.200 V 4.540.000 186.500 Dvo’s BB- *1 €Armoede € 649.100 € 1.608.100 € 1.714.400 N 106.300 + KP4 Dvo – *2 € € 145.600 € 36.400 € 18.200 V SHV 18.200 Totaal:
€ 5.334.700
€ 6.461.200
€ 6.362.800
€ 98.400
V
*1 De kosten van de uitbesteedde taken Bijz. Bijstand (incl. Energietoeslag) en Minima-regelingen zijn wat hoger dan geraamd bij de Bestuursrapportage. De tijdelijke verruiming in 2023 van ons beleid heeft geresulteerd in een groter bereik (+ 20%) en daarmee dus ook meer verstrekkingen. Een belangrijk deel van deze kosten zijn niet aan Werkzaak Rivierenland bevoorschot. Conform afspraken worden deze uitbesteedde diensten jaarlijks afgerekend op basis van werkelijke kosten (mensuren, producten en diensten). *2 Per 1 juli 2023 worden de taken Schuldhulpverlening niet langer uitgevoerd door Werkzaak Rivierenland. De kosten over het 1e halfjaar zijn lager dan waarmee in de Bestuursrapportage rekening werd gehouden. Dekking: Tegenover de bijdrage aan Werkzaak Rivierenland staan:
• De rijksvergoeding BUIG, LKS en Bbz; • Het in december 2022 vooruit ontvangen 1e deel van de Rijksvergoeding Energietoeslag 2023 (vlgs decembercirculaire 2022) en • Het ontvangen 2e deel van de rijksbijdrage Energiearmoede 2023. Conclusie: We stellen vast dat Werkzaak Rivierenland in een lastige economische periode door de vinger nauwlettend aan de pols te houden een mooi rekeningsresultaat heeft behaald. Het al jaren investeren in de relatie met de samenwerkingspartners (in te bijzonder de werkgevers) betaalt zich uit. Ook de focus op de kosten van de eigen organisatie werpt zijn vruchten af. Dit alles naast een onverwachts hogere (of mindere lagere) rijksbijdrage voor de uitgevoerde taken. Wij kunnen instemmen met de overgelegde jaarstukken 2023 en het behaalde resultaat. Daarnaast stemmen we in met de toevoeging van het restant van de reserve regio Deal aan het Innovatiefonds met de daarbij door ons geplaatste kanttekeningen. Gezien de moeilijke omstandigheden waaronder de behaalde resultaten tot stand zijn gekomen, spreken we onze waardering daarvoor uit.
Communicatie
Aanpak en planning
Participatie
Bijlagen
De Adviesraad Sociaal Domein heeft ons voorstel over het jaarverslag 2023 ontvangen. Zodra van haar een reactie is ontvangen, voegen wij dit als bijlage bij dit voorstel.
Wanneer u akkoord gaat, sturen wij de zienswijze aan Werkzaak Rivierenland. Na definitieve vaststelling van het Jaarverslag 2023 en de Jaarrekening 2023 stellen wij u daarvan in kennis stellen.
n.v.t.
• Aanbiedingsbrief d.d. 12 april 2024 • Concept-jaarrekening 2023 Werkzaak Rivierenland • Accountantsverslag/-verklaring en addendum • Brief met zienswijze • Reactie Adviesraad Sociaal Domein (wordt nagezonden)