CConstaterende datWest Maas en Waal
Koppel je AI →
Document · PDF

Raadsvoorstel Startnotitie inwonerparticipatie

Gemeenteraad 30 mei 2024, gemeente West Maas en WaalBij agendapunt: Z.0933454.443 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Raadsvoorstel

Onderwerp

Startnotitie inwonerparticipatie

Aangeboden door

College van B&W

Portefeuillehouder

V.M. van Neerbos

Team Zaakkenmerk/Document kenmerk

Team Dienstverlening Z.093345/D.282509

Datum document

8 maart 2024

Vertrouwelijkheid

Openbaar

Bijlagen

Ja

Inhoudsopgave 1. Voorgesteld besluit 2. Aanleiding 3. Beoogd effect 4. Argumenten 5. Kanttekeningen 6. Financiën 7. Communicatie 8. Aanpak en planning 9. Participatie 10. Bijlagen

Voorgesteld besluit

• De inhoud van deze startnotitie te bespreken en vast te stellen. • Het concept van de Maas en Waalse visie op inwonerparticipatie (zie bijlage) te omarmen. • De leidraad inwonerparticipatie (ook wel de participatie infrastructuur) op te nemen in het nog op te stellen beleid. • De participatieverordening tegelijkertijd met het toekomstig beleid vast te stellen. • In te stemmen met de aanpak en de planning, zoals omschreven in deze startnotitie. De raad wordt verzocht om uitspraak te doen en/of richting te geven over de volgende vijf punten, die in het toekomstig beleid worden omgezet in

ambities: (Zie voor inhoudelijke toelichting: alinea Beoogd effect, punt 4.) • Processen (4.1) • Interne organisatie (4.2) • Instrumenten voor participatie (4.3) • Inclusieve participatie (4.4) • Communicatie (4.5)

Aanleiding

Participatie is niet meer weg te denken uit het dagelijks leven van de Nederlander. Het gaat hierbij om inwonerparticipatie (gemeente is initiatiefnemer bij beleid en projecten) én overheidsparticipatie (inwoner is initiatiefnemer, gemeente ondersteunt). De gemeenteraad is eerder op de hoogte gebracht via de informatienota ‘Stip op de horizon en stand van zaken’. Deze is toegevoegd als bijlage. 1. Participatie, waarom ook alweer? In de informatienota staat ‘het waarom van participatie’ uitgebreider beschreven, zie daarvoor paragraaf 1.1. en 1.2. Heel concreet omschrijft VNG het antwoord op het waarom als volgt: ✓ Kleiner maken van de kloof politiek/gemeente en burger ✓ Vergroting draagvlak voor beleid ✓ Democratische legitimiteit verhogen ✓ Vergroting eigenaarschap inwoners ✓ Recht doen aan behoefte, kennis en kunde van de samenleving 2. Inwonerparticipatie in de gemeente West Maas en Waal Inwonerparticipatie is niet nieuw; gemeente West Maas en Waal is hier al voortvarend mee bezig. Wel is er de sterke wens om: • Meer richting te creëren in de manier waarop we omgaan met participatie. Hierbij is het belangrijk om te beseffen dat participatietrajecten nooit over elkaar heen gelegd kunnen worden; ieder traject heeft een eigen aanvliegroute en aanpak afgestemd op wat passend, mogelijk en nodig is voor dat specifieke traject.

• Een doorontwikkeling van inwonerparticipatie in gang te zetten, zodat dit een vanzelfsprekende manier van denken en doen wordt. Bij participatie zien we vaak dezelfde betrokken inwoners. Die betrokkenheid koesteren we. Tegelijkertijd is het ook belangrijk om na te denken over het betrekken van inwoners die op dit moment minder zichtbaar en hoorbaar zijn (de stille meerderheid), maar uiteraard net zo belangrijk. Via de doorontwikkeling willen we vernieuwend te werk gaan met als doel om participatie voor alle inwoners mogelijk te maken op een (drempelverlagende) manier, die bij hen past. Én, deze stap zit daar nog voor, zodat inwoners weten dat de mogelijkheid van participatie er überhaupt is. Hiervoor is het nodig dat wij hen bereiken en activeren. 3. Visie Het opstellen van de visie op inwonerparticipatie is een stap uit de tijdlijn die we doorlopen (zie de informatienota ‘Burgerparticipatie: stip op de horizon en stand van zaken’). Het concept van de visie is in deze

startnotitie opgenomen als bijlage. De ontwikkeling die we inzetten met inwonerparticipatie geven we met deze visie een goede basis en richting. Door deze visie te omarmen, staat er een duidelijk uitgangspunt waar we naartoe werken. Tevens dé basis voor vorming van het beleid. 4. Leidraad inwonerparticipatie (ook wel de participatie infrastructuur) Ook het opstellen van de leidraad is een onderdeel van de stappen uit de tijdlijn die we doorlopen. De uitgeschreven versie is afgerond. Deze is tot stand gekomen in samenwerking met inwoners, raadsleden en medewerkers. Op moment van schrijven van deze startnotitie zetten we de uitgeschreven leidraad om in een praktisch, visueel werkdocument die in 1 oogopslag helder maakt welke stappen te doorlopen in een participatietraject. Ook dit nemen we, ter vaststelling, mee in het beleid. Met de kanttekening dat dit een dynamisch document wordt. Inwonerparticipatie is volop in ontwikkeling; toekomstige ontwikkelingen en inzichten worden verwerkt in de leidraad zodat deze altijd actueel blijft. 5. Notitie uit 2020 Er is een notitie burgerparticipatie, opgesteld in 2020. Bruikbare informatie uit dit voorliggende document wordt meegenomen. Ook herijken we informatie uit deze notitie. Zo is bijvoorbeeld uit gesprekken en interne workshops gebleken dat dat de destijds ingevoerde participatieladder een duidelijkere uitwerking kan gebruiken. 6.

Wetsvoorstel ‘Versterking participatie op decentraal niveau’ Een belangrijke actualiteit is het wetsvoorstel ‘Versterking participatie op decentraal niveau’, dat bij de Tweede Kamer is ingediend. Beknopt houdt dit in: een gemeente regelt niet alleen betrokkenheid bij de voorbereiding, maar ook bij de uitvoering en evaluatie van het beleid. In het wetsvoorstel wordt ook gesproken over het uitdaagrecht (Right to Challenge). De wet bevordert nog eens extra dat gemeenten kaders en spelregels opstellen, passend bij de lokale omstandigheden. Concreet betekent dit dat de inspraakverordening wordt omgezet in een participatieverordening. De raad stelt deze vast. Dit doen we tegelijkertijd met de vaststelling van het beleid.

Beoogd effect

1. Van wat naar hoe: in verbinding via maatwerk Hoewel er op project- en specifiek beleidsniveau al vaak participatie wordt toegepast, is er nog geen gemeente breed beleid. Daarom krijgt het beleid inwonerparticipatie een opzet met daarin een visie, gericht op hoe wij in verbinding staan met inwoners als het gaat om participatietrajecten. In de uitwerking hiervan is aandacht voor de rol van de gemeente, ambtelijke organisatie, gemeenteraad, het college én inwoners, maar bijvoorbeeld ook voor het bepalen van de mate van participatie. Dit maken we concreet door het formuleren van een aanpak waarin niet alleen staat wát inwonerparticipatie is maar ook hoe we dit vormgeven: de uitwerking hiervan noemen we tot nu toe de leidraad inwonerparticipatie, ook wel de participatie infrastructuur. Participatie is nooit een doel op zich. Elk project, beleid, thema, plan, initiatief én elke omgeving en betrokkene is anders. Via dit beleid met uitwerking in een proces, geven we houvast en richting aan alle betrokkenen en initiatiefnemers. Waarbij pér traject maatwerk toegepast wordt, want maatwerk… Dat is wat participatie is.

2. Hier staan we voor: West Maas en Waalse visie op inwonerparticipatie Om de volgende stap te zetten is het belangrijk om duidelijk te zijn in waar we voor staan. Een geformuleerde, omarmde (en uiteindelijk vastgestelde) visie geeft ons allen, als we deze leggen naast wat we doen, de juiste richting. De onderliggende elementen in de visie bieden een verdere uiteenzetting van deze richting en geven handvatten. De West Maas en Waalse visie (concept), zoals bijgevoegd bij deze startnotitie, is het vertrekpunt voor het beleid. Het is het beeld van de toekomst, waar we naartoe werken. Hier gaan we voor! 2.1. Van visie naar beleid; voorwerk en betrokkenheid Het beleid moet nog opgesteld worden, maar we staan absoluut niet meer aan de vooravond van de ontwikkelingen rondom inwonerparticipatie. Er is veel voorwerk verricht. Dit leest u in deze startnotitie en in de bijlage (het concept van de visie). Maar nog meer zit dit ‘m in de betrokkenheid van vele personen in verschillende rollen, met wie het concept van de visie en het voorwerk rondom de leidraad tot stand is gekomen. Daarnaast doen (of deden, bij het lezen van dit stuk) we in april grootser, representatief en onafhankelijk onderzoek onder onze inwoners, waarbij we straatgesprekken voeren over inwonerparticipatie. Al dit voorwerk en alle uitkomsten nemen we uiteraard mee in het opstellen van het beleid.

Dit alles met als doel om te komen tot een breed gedragen beleid en daarna herkenning en waardering van de daaruit voortvloeiende uitvoeringspunten. Via deze brede aanpak doen we het juiste. En heeft wat we doen een belangrijke waarde: Dit vinden we belangrijk. Dit is wat we samen uitdragen. 3. Doorontwikkeling: het hoe naar een hoger niveau In het beleid worden ambities geformuleerd die volgen uit de visie. Want naast het vastleggen wat inwonerparticipatie is en hoe we dit doen, bevinden we ons in een doorontwikkeling die ons steeds verder gaat brengen. De te formuleren ambities vormen onze handvatten. De uitvoering ervan zorgt ervoor dat het hoe naar een steeds hoger niveau getild wordt. Dit is waar we aan gaan werken binnen de beleidscyclus en via een uitvoeringsprogramma. De genoemde elementen uit de visie (zie de iconen op pagina 5 in de bijlage) vormen altijd de basis voor de te formuleren ambities. In het beleid beschrijven we per ambitie de ontwikkelpunten die daarmee samenhangen. De praktische uitwerking van de punten gebeurt na vaststelling van het beleid, vaak in samenhang met elkaar. Deze te zetten stappen hebben ook weer invloed op de leidraad inwonerparticipatie. De leidraad is een dynamisch document; ontwikkelingen (bijvoorbeeld een nieuw instrument voor inwonerparticipatie) worden erin opgenomen zodat de leidraad actueel blijft. 4.

Ambities: de denkrichting Het voorwerk dat gedaan is geeft een goede kijk op een denkrichting voor het op te stellen beleid. Deze staat uiteraard niet vast; belangrijke uitkomsten van de straatgesprekken volgen nog en worden hierin verwerkt. De voorlopige, globale denkrichting geven we mee in deze startnotitie. Belangrijk is om hier de visie met bijbehorende elementen naast te houden (zie pagina 5 van de visie in de bijlage) naast te houden. Want zoals gezegd worden de visie met elementen (‘hier staan we voor’) en de

ambities (‘dit gaan we doen om dat te bereiken’) in de uitwerking aan elkaar verbonden. Onderstaande vijf punten (4.1 t/m 4.5) verwerken we in de nog te formuleren ambities. Om deze startnotitie wat praktischer te maken benoemen we, ter illustratie, soms ook een voorbeeld van een mogelijk bijpassend uitvoeringspunt. 4.1. Processen Processen gaan over hoe we het samen regelen, samen werken en samen doen: • Hoe we (intern en extern) samenwerken met elkaar. Wie welke rol heeft om inwonerparticipatie succesvol te laten zijn. Het werk achter de schermen is ook onderdeel hiervan. Welke techniek zetten we in? Hoe lopen de lijnen als het gaat om participatie, hoe komen initiatieven binnen en hoe gaan ze naar buiten? • Het herijken van de participatieladder. Zo maken we de benaming van de treden meer aansprekend en duidelijk (ten opzichte van de participatieladder uit de notitie uit 2020). Het doel is om hiermee een duidelijke basis neer te zetten. Voor de organisatie én inwoners. Hierbij nemen we duidelijk mee dat de eerste trede informeren (communicatie), een trede is die altijd toegepast wordt. En dat daadwerkelijke participatie eigenlijk pas begint bij trede twee (benoemt als adviseren, volgens de ladder uit 2020). • Het inzetten van de participatieladder en bewustzijn over wat de keuze voor een bepaalde trede betekent.

Hoe hoger op de participatieladder, hoe meer invloed van inwoners op het besluit. Het is belangrijk om de keuze hiervoor voorafgaand aan het traject en zeer bewust te nemen. Met daarin ook bewustwording dat dit invloed heeft op het vervolg. En bijvoorbeeld ook op de rol van de raad en hoe uiteindelijke besluitvorming verloopt (hoe hoger op de ladder, hoe zwaarder we de uitkomst moeten wegen en daar ook naar handelen). • We willen actief burgerschap waar mogelijk volop stimuleren en ondersteunen. Zo zetten we ook de duidelijke stap naar overheidsparticipatie, waarbij de gemeente participeert in inwonerinitiatieven, in plaats van andersom. Voordat we inwonerinitiatieven ten volle kunnen ondersteunen is van belang dat ook die bijkomende processen scherp staan, op een inwonervriendelijke wijze: vanaf de wijze hoe inwoners met hun idee ‘binnenkomen’, de daaropvolgende interne communicatie en samenwerking, externe communicatie met de inwoner(s), tot en met besluitvorming en uitvoering rondom een initiatief. Het is duidelijk dat dit ook organisatiebrede vraagstukken raakt. Zodra dit goed staat, kan het stimuleren ervan overtuigend opgepakt worden. • Proces gaat ook over de participatieverordening en het uitdaagrecht: hoe regelen we dit in binnen de organisatie en in de communicatie?

Een uitvoeringspunt zou bijvoorbeeld kunnen zijn: Initiatieven van inwoners die een link hebben met leefbaarheid, zouden gedurende het hele jaar en op een toegankelijke wijze ingediend kunnen worden, bijvoorbeeld via een initiatievenloket (dit is niet perse iets fysieks).

4.2. Interne organisatie: leren door te doen Dit gaat om de nodige ontwikkelingen voor de interne organisatie, die bijdragen aan het sterk neerzetten van inwonerparticipatie. Sommige punten hangen samen met doelen uit de organisatieontwikkeling: • Doorontwikkelen van interne basisprocessen en samenwerking binnen de gemeente in zijn totaliteit. • Het gewenste projectmatig werken, integraal samenwerken en communicatie met inwoners is de basis voor succesvolle participatie. Hiervoor zijn vaardigheden en bewustwording nodig bij onze professionals. • De ambtenaar @nno nu werkt van buiten naar binnen. Dit is de kern van inwonerparticipatie. Naast de aandacht hiervoor richting onze huidige collega’s, is het van belang deze manier van werken mee te nemen in de werving & selectie en onboarding van toekomstige collega’s. Ook is dit belangrijk voor de samenwerking met externe bureaus: ook zij behoren te werken volgens de West Maas en Waalse visie op inwonerparticipatie. Het is aan de organisatie om dit goed te sturen. • Leren en ontwikkelen: de specifiek inhoudelijk beleidsadviseur of projectleider is verantwoordelijk is voor inwonerparticipatie. De organisatie als geheel én alle individuele medewerkers mogen leren. Die ontwikkeling heeft tijd nodig.

Hierbij stellen we de vraag: wat heeft de organisatie nodig om stappen te maken? En wat is er nodig voor wat betreft opleiding en leren, om dit verder te ontwikkelen? Het gaat hier ook om het borgen in de organisatie dat iedereen op de hoogte is, getraind is, de juiste vaardigheden bezit én ook daadwerkelijk zo aan de slag gaat.

Een uitvoeringspunt zou bijvoorbeeld kunnen zijn: Voor het integreren van inwonerparticipatie, gedurende het gehele jaar en in de reguliere werkzaamheden, is focus op teamoverstijgende samenwerking van belang. Via die samenwerking werken we aan duidelijkheid over lopende en toekomstige participatietrajecten, welke onderwerpen op elkaar aansluiten, waaraan en wanneer inwoners concreet kunnen participeren. Verschillende onderwerpen en visies zijn met elkaar verweven. Door hier bewust mee bezig te zijn gaat die verwevenheid intern en extern meer leven: verbanden zijn dan duidelijker en we versterken elkaar. In concrete participatieacties extern zorgt dit voor uitstraling en duidelijkheid naar buiten toe. Een uitvoeringspunt zou bijvoorbeeld kunnen zijn: Scholing voor medewerkers op het vlak van dialoog en het begeleiden / sturen hiervan: waarbij het gesprek met inwoners ligt op het luisteren naar elkaar en spreken met elkaar, waarbij je ervoor zorgt de ander écht te begrijpen. 4.3. Instrumenten voor participatie De diversiteit aan mogelijkheden die we wel of niet hebben om participatie in te zetten, hang ook weer samen met processen en interne organisatie. • We werken ernaartoe om instrumenten voor participatie ‘in de la’ klaar te hebben liggen. Zodat we, bij beleid en projecten, keuzes

kunnen maken welke vormen het beste passen. En deze dan ook tot onze beschikking hebben. Denk aan methoden voor fysieke bijeenkomsten en instrumenten voor online participatie. Bij keuze voor deze instrumenten zullen deze geïmplementeerd moeten worden. • We streven naar een multidisciplinaire aanpak waarbij we meerdere instrumenten van participatie inzetten. Zo is er voor iedere doelgroep wel een methode die passend is. Fysiek in het dorp, maar ook online vanuit je eigen bank, vanuit je eigen huis. Door huidige maar juist ook andere, nieuwe manieren van participatie structureel in te zetten, passend bij het doel en de doelgroep, vergroten we de groep mensen met wie we in contact staan. Want zoveel mensen zoveel manieren. Maar ook zoveel drempels. Die gaan we verlagen! Voor alle doelgroepen en voor alle generaties. Zo zorgen we voor inclusieve inwonerparticipatie.

Een uitvoeringspunt zou bijvoorbeeld kunnen zijn: Het invoeren van een online participatieplatform. Het is belangrijk om structureel op een wijze te gaan werken die een goede basis biedt. Via een participatieplatform werken we aan verdere professionalisering (intern en extern) en laagdrempelige toegankelijkheid voor onze inwoners. Waarbij participatietrajecten duidelijk inzichtelijk zijn en mensen actief mee kunnen doen. Andere gemeenten gaan ons al succesvol voor, bijvoorbeeld gemeente Culemborg. Een uitvoeringspunt zou bijvoorbeeld kunnen zijn: Het in verbinding zijn met inwoners via de inzet van straatgesprekken in de dorpen. In volledige variant (zoals de straatgesprekken over inwonerparticipatie, in april 2024) of in een light versie. Na evaluatie van de straatgesprekken in april wordt advies uitgebracht of deze methode wel of niet in aanmerking komt om 'in de la van instrumenten' klaar te hebben liggen voor participatietrajecten. 4.4. Inclusieve participatie: aandacht voor alle doelgroepen In het beleid is aandacht voor al onze inwoners, alle generaties, alle doelgroepen: iedereen kan meedoen. • We beschrijven in het beleid onze doelgroepen: alle inwoners als individu, maar ook in samenwerkende vormen. In het beleid gaat verdiepende aandacht uit naar: o Het bewonderen en waarderen van de inwoners die we op dit moment al veel zien bij participatietrajecten.

Tegelijkertijd focussen we op het bereiken en activeren van de, net zo belangrijke, stille meerderheid. o Inzet van ervaringsdeskundigen. o De rol van de Dorpsplatforms i.r.t. inwonerparticipatie. Dit is al beschreven en nemen we mee in het beleid. o Kinderen en jongeren (zie toelichting hieronder). • Belangrijk is dat er gericht aandacht is voor kinderen en jongeren in onze gemeente. Daar waar mogelijk sluiten we aan op bestaande mogelijkheden om hen te bereiken. Als gemeente mogen we heel trots zijn op de kinderraad en democracity. Laten we deze initiatieven aanmoedigen en vooral blijven kijken naar andere manieren om de jonge generatie te enthousiasmeren. De wet voor

burgerschapsonderwijs (deze gaat over de basiswaarden van de democratische rechtsstaat en het snappen van democratisch burgerschap) kan hiervoor mogelijk een goede kapstok bieden. Daarnaast is het belangrijk om bij participatieacties (en communicatie) ook altijd bewust te handelen naar passende methoden en instrumenten hoe deze jonge generatie te enthousiasmeren en activeren. • Het antwoord op het ‘hoe’ zit voor een groot deel ook in ontwikkeling van de punten ‘instrumenten voor participatie’ én ‘communicatie’. 4.5. Communicatie Binnen het toekomstig beleid gaat communicatie over: • Communicatie ‘hoogover’: hoe communiceren we als gemeente in de brede zin? Hoe sluiten we aan op doelgroepen? Dit gaat over de stap voorafgaand aan participatie. Want voordat inwoners participeren, moeten zij weten van het bestaan ervan. Van bekendheid, naar enthousiasme, naar actie. Daarom is het advies: geef de mensen in onze gemeente, inwoners én organisatie, een gezicht: ‘Dit zijn wij.’ Aansluitend op de West Maas en Waalse visie (concept in bijlage). Vertel de verhalen op een wijze die de inwoners aanspreekt. Dat maakt ons menselijk. Door dit strategisch en consistent in te zetten ontstaat begrip, bekendheid, feeling en vooral vertrouwen bij wat we doen. Via zichtbaarheid en verbinding, kunnen we streven naar het bereiken van vele inwoners, ook zij die behoren tot de ‘stille meerderheid’.

En ernaar streven om ook hen deze bestuursperiode (én daarna) te zien, te enthousiasmeren, en wie weet zelfs te activeren. • Communicatie binnen specifieke participatietrajecten: communicatie is er altijd. Op de huidige participatieladder is dit trede 1, informeren. Bij het herijken van de ladder is een belangrijk stap om deze trede duidelijk te laten doorlopen binnen álle treden. Want er is communicatie. Of er is communicatie én participatie. Communicatie is er altijd. Het is belangrijk om specifieke aandacht te hebben voor de communicatie gedurende een geheel participatietraject; want een participatietraject loopt door een geheel project of te ontwikkelen beleid, met al haar fasen en mijlpalen. Bovenstaande vijf punten (in willekeurige volgorde) hangen volledig samen met elkaar. Hoe sterk inwonerparticipatie staat is afhankelijk van processen, interne organisatie -leren door te doen-, participatie instrumenten, inclusieve participatie en communicatie. En hoe deze inhoudelijk op elkaar aansluiten.

Argumenten

Kanttekeningen

Argumenten voor het opstellen en vaststellen van deze visie komen overeen met de alinea hierboven 'beoogd effect'.

Deze kanttekening omschrijft het belang van het bespreken en vaststellen van deze startnotitie en het omarmen van de visie, zoals opgenomen bij de beslispunten: Het opstellen van beleid geeft een sterke basis en richting voor de

inwonerparticipatie in West Maas en Waal. Ook fungeert het als vliegwiel voor doorontwikkeling en vervolgstappen. De geformuleerde (concept) visie geeft ons allen, als we deze leggen naast wat we doen, de juiste richting. Dat geldt uiteraard ook voor de keuzes die we maken en stappen die we zetten in de ontwikkeling van inwonerparticipatie in de breedte. Het vaststellen van deze startnotitie en het omarmen van de West Maas en Waalse visie door u, gemeenteraad, zien wij daarom als een belangrijke stap waaruit uw instemming en steun blijkt voor deze ingeslagen richting.

Financiën

• Met het opstellen van deze startnotitie en concept visie zijn geen kosten gemoeid. • De straatgesprekken over inwonerparticipatie en het beeld dat momenteel ontwikkeld wordt (zie tweede bullet onder de alinea 'communicatie') zijn gefinancierd uit de eenmalige impuls van de straatgesprekken 'Vertel eens' (beschreven in informatienota Dag van de Toekomst i.r.t. Burgerparticipatie, nieuwe opzet. Zie bijlage ter informatie). • Er is een jaarlijks budget voor inwonerparticipatie (in 2025 is dit €32.418). • Uit het toekomstig beleid komen adviezen voort die mogelijk meer kosten met zich meebrengen, die in de toekomst begroot moeten worden. Het gaat dan om ophoging van het jaarlijks budget voor de uitvoering van het beleid over inwonerparticipatie. • Dit zijn belangrijke uitvoeringsacties die het gemeentebreed voor alle thema’s, projecten en events mogelijk gaan maken om volgende stappen te gaan zetten op het vlak van inwonerparticipatie.

Communicatie

• Aansluitend op het te vormen beleid vindt externe communicatie richting inwoners op dit moment vooral plaats via de eenmalige impuls 'de straat op: in gesprek met inwoners over inwonerparticipatie' en de communicatie daarover die erna volgt. Inwoners gaan ons letterlijk zien en letterlijk met ons in gesprek over dit onderwerp (ook online).* • Daarnaast wordt momenteel een beeld ontwikkeld waarbij inwoners gevraagd worden om mee te doen aan het vormen van een foto- en videobeeld met daarin de vele gezichten van al onze inwoners. Passend bij de visie die voor u ligt. Dit beeld zal hét herkenbare beeld worden dat gebruikt wordt i.r.t. inwonerparticipatie in onze gemeente. Want een beeld zegt meer dan 1.000 woorden: 'alle' gezichten van al onze inwoners willen we zien. En daarmee wie onze inwoners zijn met hun ideeën, kennis en historie. Gedachten, wensen en initiatieven. Dit beeld is een mooie basis, maar daar schuilen natuurlijk toekomstige communicatieacties achter. • Interne communicatie vindt plaats over inwonerparticipatie in de breedte, waarbij de eenmalige impuls 'vertel eens: in gesprek met inwoners over inwonerparticipatie' een heel mooie kapstok is. We stimuleren collega's om deel te nemen aan deze actie (als interviewer). De ambtelijke organisatie wordt uiteraard meegenomen in de uitkomsten van het onderzoek.

Deze startnotitie vormt ook weer een goed moment voor interne communicatie. Uiteraard heeft

meer interne communicatie plaatsgevonden, in de vorm van workshops, trainingen, berichtgeving op intranet en samenwerking en sparren met medewerkers als het ging over de leidraad en de visie. • In het beleid wordt communicatie als belangrijk punt meegenomen. Het gaat dan over communicatie vanuit de gemeente meer in de breedte, het 'er zijn', zichtbaar zijn, op een manier die bij de doelgroepen past. Maar natuurlijk ook om communicatie direct gekoppeld aan projecten, beleid en inwonerinitiatieven. Dit raakt communicatie vanuit meerdere hoeken, namelijk hoe we dit intern doen én de communicatie naar buiten toe.

Aanpak en planning

• Deze startnotitie vormt de eerste aanzet en bouwstenen voor het beleid inwonerparticipatie. Het vertelt over de weg ernaartoe, die we al ingeslagen zijn. • De (concept) visie is compact, binnen een compact document. Hiermee zetten we voorop: duidelijkheid, leesbaarheid én inspiratie. De visie vormt altijd de basis en is het vertrekpunt voor het beleid. • In het beleid worden ambities geformuleerd die volgen uit deze visie. En hoe daar te komen. • De praktische uitwerking van het beleid volgt via een uitvoeringsprogramma. Het uitvoeringsprogramma wordt vastgesteld door het college, aan de hand van het vastgestelde beleid. Evalueren en bijstellen gebeurt binnen de beleidscyclus. • Maar voordat we beleid opstellen, gaan we de straat op om in gesprek te gaan met onze inwoners óver inwonerparticipatie. Dit vindt plaats van 15 april t/m 23 april (digitale vragenlijst t/m 30 april).* • De uitkomsten van de straatgesprekken nemen we mee in het beleid, samen met bestaande onderzoeken over inwonerparticipatie en ervaringen van onszelf en andere gemeenten met inwonerparticipatie. • Uiteraard nemen we hierin ook mee de Notitie Burgerparticipatie uit 2020. Indien nodig herijken we eerst, evenals de daarin opgenomen participatieladder. Er is aanleiding voor (vanuit de gevoerde gesprekken) om de formulering van de participatieladder opnieuw onder de loep te nemen.

• Vaststellen van beleid is, in tegenstelling tot de tijdlijn in de informatienota, gepland in november 2024. Deze verschuiving van 1 maand biedt de ruimte om de uitkomsten van de straatgesprekken hier goed in te verwerken en om het beleid zeer compleet vast te stellen inclusief participatieverordening en leidraad. Als dit als complete set staat, staat de basis ook écht. • Visie en beleid worden samengevoegd in één document. Tijdlijn Dec '23

Informatienota Stip op de Horizon & stand van zaken

Feb '24

Informatienota Dag van de Toekomst i.r.t. burgerparticipatie: nieuwe opzet (straatgesprekken, inwonerparticipatie over inwonerparticipatie)

2e helft '23 & Gesprekken met inwoners, raadsleden, college en begin '24 medewerkers. Laatste kwartaal '23

Workshops en trainingen medewerkers

Begin '24

Opstellen concept visie

Begin 2e kwartaal '24

Opstellen startnotitie beleid inwonerparticipatie

Half april tot Straatgesprekken en digitale vragenlijst over eind april '24 inwonerparticipatie Half mei '24

rtg over startnotitie inwonerparticipatie

Eind mei '24

Vaststellen startnotitie, in de raad

Nov '24

Vaststellen beleid inwonerparticipatie, in de raad

Vanaf nov '24 Opstellen uitvoeringsprogramma & uitvoeren beleid Dit is een voorlopige planning. Het college informeert de raad actief wanneer er van de planning wordt afgeweken.

Participatie

• In de ontwikkeling van inwonerparticipatie binnen de gemeente West Maas en Waal, start midden 2023, is vanuit diverse acties veelvuldig gesproken met enkele inwoners en raadsleden, ambtenaren en college. Hierbij stond altijd de ontwikkeling van inwonerparticipatie centraal. Van hieruit is de richting in deze startnotitie, de visie (concept) en de uitgeschreven leidraad (nog verder te vormen in visueel compact overzicht) ontwikkeld. Uiteraard in het licht van bestaande missie, visie en kernwaarden van de gemeente West Maas en Waal. Alles is als een schakel aan elkaar verbonden. In de visie is dit duidelijk in beeld gebracht (zie visie in de bijlage, pagina 3). • De visie, waarvan we aan u vragen deze te omarmen, is het vertrekpunt voor beleid. Maar voordat we beleid opstellen, gaan we de straat op om in gesprek te gaan met onze inwoners.* Minimaal 240 verdiepende straatgesprekken worden gevoerd voor een representatief, onafhankelijk onderzoek waarbij we ophalen hoe onze inwoners denken over dit onderwerp (zie voor verder onderbouwing: informatienota Dag van de Toekomst i.r.t. burgerparticipatie: nieuwe opzet). Onze eigen inwoners hebben immers het antwoord op de vraag hoe hen te bereiken, betrekken en activeren. Dit is een belangrijk onderzoek voor de doorontwikkeling van inwonerparticipatie.

*Tijdens het geplande rtg waarin we deze startnotitie bespreken ligt deze actie alweer achter ons. De uitkomsten zijn dan nog niet bekend.

Bijlagen

• Concept West Maas en Waalse Visie op inwonerparticipatie.

• Informatienota: Burgerparticipatie: stip op de horizon en stand van zaken. • Informatienota: Dag van de Toekomst i.r.t. Burgerparticipatie, nieuwe opzet.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/14121977/1