CConstaterende datWest Maas en Waal
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage Inspreker 1 Zienswijze Molendijk - november 2023 Geredigeerd

Gemeenteraad 25 april 2024, gemeente West Maas en WaalBij agendapunt: Vaststellen bestemmingsplan Molenstraat 7, Alphen3.642 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Aan de raad van de gemeente West Maas en Waal Postbus 1 6658 ZG Beneden-Leeuwen

, 21-11-‘23

Geachte leden van de gemeenteraad, Met deze zienswijze willen wij onze mening kenbaar maken over het Ontwerp Bestemmingsplan (hierna: OBP) NL.IMRO.0668.ALPMolenstraat7-BON1. Wij zijn tegen de voorgestelde bestemmingswijziging van het perceel APT00-Q-448 van de vigerende agrarische bestemming (zonder bouwvlak) naar een woonbestemming (met bouwvlak). Onze argumenten zijn, kort samengevat: 1. Woningbouw in de Molenkampen ongewenst De bestaande bebouwing in de het gebied rondom de Molenstraat is in lijn met de historische context. Bebouwing ligt verspreid en bevat vele doorkijkjes naar het achtergelegen open landschap. Zowel het bouwvlak als de landschappelijke inpassing van het huidige plan vormen een solide blok wat aan dit historische, open karakter en deze karakteristieke doorkijkjes afbreuk doet. Dit terwijl zowel het LandschapsOntwikkelingsPlan (2011) als de Omgevingsvisie Buitengebied (2022) pogen dit cultuurhistorisch (groene) karakter te beschermen. Bovendien is toevoeging van bebouwing onwenselijk met het oog op de recreatieve en ecologische waarde van het gebied. 2. De wensen vanuit het dorp worden terzijde geschoven Op 26 april 2023 vond de Dorpenronde Alphen (in het kader van de Omgevingsvisie en het Programma Vitaal Platteland) plaats. Uit bijgevoegd verslag blijkt nadrukkelijk dat er geen draagvlak is voor de in het OBP beoogde ontwikkeling.

Bovendien loopt het college vooruit op het lopende proces voor de Integrale Omgevingsvisie. 3. Geen gehoor aan unaniem aangenomen amendementen en moties Het OBP voldoet niet aan de unanieme wensen van de raad met betrekking tot ‘inbreiding boven uitbreiding’, ‘geen woningbouw buiten de kom zolang verstedelijkingsgrens niet is vastgesteld’ en participatievereisten. Met eerdere inbreng is niets gedaan. 4. Er is niet getoetst aan de juiste ruimtelijke kaders Ten onrechte zijn de voorliggende plannen niet getoetst aan de Structuurvisie Buitengebied en het LandschapsOntwikkelingsPlan. 5. Er is wel degelijk sprake van strijdigheid met ruimtelijke kaders Een opeenstapeling van solitaire ontwikkelingen in het buitengebied is geen Duurzame Verstedelijking. Financiële argumenten zijn geen reden om een bestemmingsplan te wijzigen als er voldoende alternatieven binnen de komgrens zijn. Toevoegen van erven aan bebouwingslinten dient aan te sluiten op feitelijke bebouwing. De beoogde woningbouw is niet gerelateerd aan VAB beleid. Bovendien ligt het plangebied van het OBP in een gebied waar (zowel op basis van de oude structuurvisie als op basis van de recent vastgestelde Omgevingsvisie Buitengebied) open ruimte en zichtlijnen gewaarborgd moeten worden. 6.

Dat iets niet wettelijk onmogelijk is, betekent nog niet dat je geen keuze hebt In een bestemmingsplanprocedure is nu juist dat wat aan de raad gevraagd wordt: te wegen of een ontwikkeling niet alleen juridisch haalbaar, maar ook politiek wenselijk is. Bovendien dient de voorgestane ontwikkeling enkel een individueel en geen algemeen belang. In onderstaande wordt dit uitgebreid toegelicht; onze zienswijzen zijn met pijl gemarkeerd. 1

1. Woningbouw in de Molenkampen is ongewenst Reeds in 2018 en opnieuw bij de terinzagelegging van het Voorontwerp Bestemmingsplan in 2022 hebben wij bezwaar aangetekend tegen de ruimte die het College wil geven aan woningbouw langs de Molenstraat. Buiten de komgrens is immers geen sprake van een ‘bebouwingslint’. De bestaande bebouwing van de Molenstraat strekt zich aan de zuidzijde uit tot nr 18 en aan de noordzijde nr 5. Huisnummer 7 bestaat niet en is niet onder die naam (enkel als perceel APT00-Q-448) in het kadaster opgenomen. De naamgeving van het OBP wekt de indruk dat reeds sprake is van een vaststaande woonbestemming. Maar vanaf nr 18 / nr 5 is er geen bebouwing aan de Molenstraat (in rood gemarkeerd).

18

5

foto 1: geen ‘bebouwingslint’

Deze situatie is niet nieuw, maar blijkt, op grond van onderzoek van de Werkgroep Historisch Alphen aan de Maas (WHAM) een historisch gegeven. Zowel in het kadastraal minuutplan uit 1820 als in de Veldnamenkaart uit 1853 blijkt dat op het westelijke deel van de Molenstraat nooit bebouwing is geweest, anders dan een reeds voor 1900 verdwenen schuurtje op het huidige perceel Molendijk 12. Het hele gebied tussen de komgrens, de Molendijk en de Heuvelstraat staat historisch bekend als de Molenkampen en heeft een open karakter met lange zichtlijnen.

Afb. 2: Kadastraal Minuutplan 1820

Afb. 3: Veldnamenkaart 1853

In het Landschapsontwikkelingsplan (2011) is het gebied Heuvelstraat - Molenstraat Molendijk aangeduid als ‘zoekzone landschappelijke versterking’. Citaat uit de toelichting: Verrommeling vormt een bedreiging omdat er veel verschillende functies, en dus bebouwing naast elkaar is ontwikkeld en de landschappelijke samenhang in het gebied dreigt te verdwijnen, of al is verdwenen. De doelstelling van de zoekzones is het versterken en ontwikkelen van een samenhangend landschappelijk raamwerk. Het 2

ontwikkelen van nieuwe landschappelijke elementen dient bij te dragen aan de algemene doelstelling van de landschappelijke versterking van de oeverwal. Het groene mozaïekachtige karakter staat daarbij voorop.

Foto 4: uitzicht achterzijde

Foto 5: Open karakter / landschappelijke waarde

PLAN

Foto 6, 7 en 8: open karakter en doorkijkjes tussen huisnrs.

Dit is overgenomen in de Omgevingsvisie Buitengebied (2022): De dijken tussen de oeverwallen en de uiterwaarden vormen duidelijk herkenbare lijnen in het landschap. Ook de relaties met en de zichtlijnen naar het achterliggende landschap van de open komgronden zijn belangrijke kenmerken van de oeverwallen. ... Tussen de kernen is (daarom) momenteel een groene geledingszone aangebracht, die een groene buffer tussen de kernen vormt. In het kader van de woningbouwopgave van de gemeente zijn nieuwe woningbouwlocaties nodig. Onze stelregel blijft echter inbreiding vóór uitbreiding. Wanneer blijkt dat er geen concrete initiatieven zijn voor inbreiding, die op korte termijn gerealiseerd gaan worden, zal gekeken worden naar initiatieven voor uitbreiding in het buitengebied, mits dat geschiedt met behoud van de cultuurhistorische (groene) waarden. Landschappelijke waarden moeten behouden blijven en waar mogelijk versterkt.

Foto 9: Illustratie uit Omgevingsvisie Buitengebied

3

® Als voorbeeld van te conserveren natuurwaarden is in diezelfde Omgevingsvisie Buitengebied nota bene bovenstaande foto van het plangebied van voorliggend VOBP als illustratie opgenomen (zie https://www.westmaasenwaal.nl/oeverwallen). ® Het OBP (maar ook alle andere vormen van bebouwing van de Molenstraat– de rode aanduiding-) zou afbreuk doen aan de cultuurhistorische en landschappelijke waarden (open karakter, zichtlijnen en natuurwaarden) alsook het woongenot van de omliggende woningen. Wij zijn en blijven hiertegen. ® Ook het College van B&W was hier altijd tegenstander van. Meerdere verzoeken van de vorige perceeleigenaar zijn afgewezen. Dit is ook mondeling door de wethouder bevestigd. Ondanks verschillende verzoeken onzerzijds geeft het College ons geen inzicht in de overwegingen bij afwijzingen op de verzoeken die voor 2018 zijn afgewezen (of de overwegingen om van standpunt te wijzigen). Ecologie Voor de onderbouwing van het voorliggende plan is in januari 2022 (N.B. wanneer de trefkans het laagst is) een quickscan op het betreffende perceel gedaan. ® Naar onze mening is deze methodologisch betwistbaar, en doet geen recht aan de ecologie zoals wij die, met hulp van o.a. de werkgroep Biodiversiteit en de Steenuilenwerkgroep, die ons jaarlijks bezoeken, waarnemen.

Op het betreffende perceel EN de omgrenzende houtwallen en percelen (waaronder het zijn onder meer waargenomen: veldmuizen, woelmuizen, fazanten, fret- en marterachtigen, vossen, vleermuizen, spechten, torenvalken, steenuilen en ransuilen. In de Nota Beantwoording Inspraakreacties stelt het college: Verlies aan leefgebied van beschermde soorten betekent niet per definitie een overtreding van verbodsbepalingen. In de quickscan is beoordeeld dat er (inderdaad) (potentieel) leefgebied van een aantal beschermde soorten wordt geschaad, maar dat gaat dan om: • leefgebied dat niet essentieel is in de zin van de Wnb (dat wil zeggen niet essentieel voor het functioneren van een verblijfplaats), • of leefgebied van soorten waarvoor geen ontheffing nodig is omdat er een vrijstelling geldt. De quickscan gaf daarom geen aanleiding voor nader onderzoek. Het college gaat verder niet in op onze kritiek op de gebruikte onderzoeksmethode (quickscan buiten broedseizoen) en concludeert dat de voorgenomen woningbouw niet leidt tot overtreding van verbodsbepalingen van de Wnb. En dat er in die zin geen belemmering in het kader van de Wnb is voor vaststelling van het bestemmingsplan. ® Dat iets wettelijk niet verboden is, betekent nog niet dat het wenselijk is.

Zelfs op basis van summier onderzoek erkent het college dat woningbouw op deze locatie het leefgebied van diverse kwetsbare en beschermde diersoorten schaadt. Wij vinden het stuitend dat het College haar rolneming inzake ecologie beperkt tot haar wettelijke verplichting, en geen gebruik maakt van de eigen beleidsruimte om andere ruimtelijke keuzes te maken.

4

Klompenpad Dat het landschappelijke kwaliteiten van de Molenkampen gewaardeerd worden blijkt ook wel uit het feit dat de Molenstraat onderdeel is van het MoasWettering klompenpad. Klompenpaden zijn cultuurhistorische wandelroutes die particuliere terreinen, zoals landgoederen en boerenland, toegankelijk maken voor de wandelaar. Ze gaan zoveel mogelijk over historisch tracé en onverharde paden. Rust, kleinschaligheid en de combinatie van cultuur en natuur bepalen de sfeer en Fig. 10 Moas-Wetteringpad vertellen bewoners en wandelaars over de geschiedenis van hun omgeving. Ook het landschap heeft voordeel van de ontwikkeling van Klompenpaden: vaak worden landschapselementen hersteld en aangelegd. ® De Molenstraat is geen uitvalsweg, zoals in het Dorpspaspoort gesteld (hiertegen hebben verschillende omwonenden dan ook bezwaar aangetekend). De gemeente beschikt niet over verkeerstellingen die deze aanname bewijzen. Deze landweg wordt enkel gebruikt door direct aanwonenden (bestemmingsverkeer), fietsers en wandelaars. De kwalificatie als klompenpad toont wat ons betreft aan dat dit kostbare stukje oeverwalgebied open moet blijven. 2. De wensen vanuit het dorp worden terzijde geschoven Op 26 april 2023 vond de Dorpenronde Alphen (in het kader van de Omgevingsvisie en het Programma Vitaal Platteland) plaats.

Uit bijgevoegd verslag (zie bijlage 2) blijkt nadrukkelijk dat er geen draagvlak is voor de in het OBP beoogde ontwikkeling. Alhoewel een enkeling graag zou willen bouwen op (eigen) kavels buiten de bebouwde kom, is er duidelijk een meerderheid tegen verdere verdichting /verrommeling van het buitengebied. Enkele citaten: • Buitengebied openhouden. Duidelijke afbakening • Geen verdere verdichting. Bebouwing buiten de komgrenzen. • Molenstraat: dit is geen bebouwingslint • Komgebied niet verder dichtbouwen. • Open karakter behouden: Molenstraat + Molendijk Open zichtlijnen behouden • Minder volbouwen, inbreiding boven uitbreiding. • Houd het buitengebied open, bouwen centraal in de woonkern. ® We vinden het zeer kwalijk, dat het college, met de recent door het dorp geuite wensen in het achterhoofd, met dit OBP meewerkt aan verdere verdichting / verrommeling van het buitengebied. ® Wij vrezen dat dit plan zal leiden tot precedentwerking en het volbouwen van de gehele Molenkampen. Dat staat haaks op het LOP en de Omgevingsvisie Buitengebied. ® De scheiding tussen Omgevingsvisie Buitengebied en Omgevingsvisie Kernen is onzuiver en misleidend als in de visie voor de Kernen woningbouw in het buitengebied mogelijk wordt gemaakt.

® Het is onwenselijk (en niet kies richting de deelnemers aan het participatietraject rondom de Omgevingsvisie) om met dit plan vooruit te lopen op de politieke discussie over de toekomstige begrenzing van het verstedelijkingsgebied. 5

3. Geen gehoor aan unaniem aangenomen amendement en moties Bij de vaststelling van de Omgevingsvisie Buitengebied op 9 december 2021 zijn (raadsbreed) 1 amendement en 2 moties aangenomen. Het amendement betrof het vervangen van de (oorspronkelijke) zin “We beschouwen het onderzoeken van woningbouw tussen de kernen als uiterste optie” door: “Wanneer blijkt dat er geen concrete initiatieven zijn voor inbreiding, die op korte termijn gerealiseerd gaan worden, zal gekeken worden naar initiatieven voor uitbreiding in het buitengebied, mits dat geschiedt met behoud van de cultuurhistorische (groene) waarden”. Wij vinden het bizar dat een Omgevingsvisie, die stelt dit karakter te willen beschermen, nu wordt gebruikt ter rechtvaardiging van de in het OBP voorgestane woningontwikkeling. Terwijl op beide punten niet wordt voldaan aan het amendement. ® In Alphen zijn volop concrete initiatieven voor inbreiding, waaronder het Plan Appelhoek. Zoals bekend loopt het geen storm met dit bouwplan. Bovendien zijn er volop andere locaties voor inbreiding denkbaar. Bovendien zijn wij van mening dat dit plan geen recht doet aan de cultuurhistorische groene waarden.

Motie 1 van de heren Roffelsen (FD) en Boerakker (VVD) riep het college op: • Nadere begrenzing van het verstedelijkingsgebied rond de kernen te bepalen teneinde de woningbouwgrenzen aan te geven • Tot die tijd de geldende verkeerskundige bebouwde kom te hanteren voor verzoeken in het kader van het toetsingskader wonen • In principe geen medewerking te verlenen aan woningbouw buiten de grenzen van het verstedelijkt gebied zonder toestemming van de Raad • Het toevoegen van woningen in de bestaande buurtschappen in de vorm van woningsplitsing of schuurwoningen toe te staan, mits ruimtelijk inpasbaar en mits het betreffende perceel is gelegen binnen de verkeerskundige bebouwde kom Sinds deze motie op 9 december ’21 unaniem aangenomen werd, is geen nieuwe begrenzing van het verstedelijkingsgebied vastgesteld. De verkeerskundige komgrens eindigt ter hoogte van Molenstraat 3. ® Het OBP heeft betrekking op een perceel buiten de bebouwde kom. Ingevolge de tweede bullet zou dan ook geen medewerking moeten worden verleend zonder nadrukkelijke toestemming van de raad op dit punt. Ook Motie 2 van de heren Boerakker (VVD), Van Gelder (CDA), Donkers (SMW) en De Jong (SP) is unaniem aangenomen. Deze motie riep het college op: 1.

Om alle initiatieven in het buitengebied waar geen duidelijke visie/beleid voor is, in behandeling te nemen en bij positief collegebesluit, dezen voor te leggen aan de raad ter beoordeling. Als voorwaarde, vooruitlopend op de nieuwe omgevingswet, dienen ingediende plannen te worden voorzien van een document dat aantoont dat er voldoende participatie heeft plaatsgevonden*. 2. Van alle bovengenoemde initiatieven een afschrift te sturen naar de raad, zodat de raad bekend is welke initiatieven ingediend zijn. * Hierbij geeft de initiatiefnemer of, en zo ja hoe, burgers, bedrijven, maatschappelijke organisaties en bestuursorganen bij de voorbereiding van de aanvraag zijn betrokken en wat de resultaten daarvan zijn. ® Aan deze beide voorwaarden is niet voldaan. Zoals in onze reactie op het VOBP (bijlage 3) aangegeven was de start van het traject hoogst ongelukkig, waarbij enkel de direct omwonenden met een verkeerde voorstelling van zaken zijn geïnformeerd. Sindsdien heeft geen enkele vorm van participatie plaatsgevonden. Er is dan ook geen verslag. Met onze inbreng is niets gedaan. 6

4 Er is niet getoetst aan de juiste ruimtelijke kaders In de onderbouwing van het Voorontwerp Bestemmingsplan wordt in hoofdstuk 3.3 gerefereerd aan 3 gemeentelijke beleidskaders: I. Omgevingsvisie Buitengebied II. Structuurvisie Dorpen III. Dorpskwaliteitsplan en Dorpspaspoorten. De Omgevingsvisie Buitengebied is terecht opgevoerd als beleidskader. De overige twee genoemde stukken zijn dit niet. Op grond van motie 1 dd. 9 december 2021 (zie punt 3) zou niet de Structuurvisie Dorpen, maar de Structuurvisie Buitengebied 2020 (uit 2010) en het LandschapsOntwikkelingsPlan (2011) als referentiekader moeten worden gehanteerd. ® De Structuurvisie Dorpen heeft (ingevolg motie 1) geen werkingssfeer buiten de bestaande (verkeerskundige) komgrenzen. ® De Structuurvisie Buitengebied en het LandschapsOntwikkelingsPlan zijn ten onrechte niet gewogen Dorpskwaliteitsplan en dorpspaspoorten zijn relevant voor de beeldkwaliteit maar geen stedenbouwkundig kader. Dit OBP wordt ontwikkeld onder de vigerende WRO. Het in 2018 vastgestelde Dorpskwaliteitsplan heeft onder de WRO de status van ‘wettelijke welstandsnota van de gemeente West Maas en Waal als bedoeld in artikel 12a van de Woningwet’ (Dorpskwaliteitsplan, p. 8). Tegen het Dorpskwaliteitsplan en de Dorpspaspoorten was geen bezwaar en beroep mogelijk.

Dit Dorpskwaliteitsplan is enkel een kader om een concreet bouwplan aan te staven, maar geen kader waarop de wijziging van een planologisch regime (toevoegen bouwvlak, wonen ipv agrarisch) kan worden getoetst. ® De in het OBP voorgestane functiewijziging kan niet in planologisch-juridische zin worden getoetst aan Dorpskwaliteitsplan en Dorpspaspoorten 5. Er is wel degelijk sprake van strijdigheid met ruimtelijke kaders Solitair bouwen in het buitengebied: hoezo Duurzame Verstedelijking? De stijgende huizenprijzen maken het bouwen op eigen grond nog aantrekkelijker dan voorheen. Alhoewel wij begrip hebben voor die wens, zijn wij van mening dat er in Alphen geen sprake is van woningnood in kwantitatieve zin. Er zijn volop woningen in diverse prijsklassen beschikbaar en koopwoningen in de Appelhoek worden niet in het beoogde tempo gerealiseerd omdat verkoop achterblijft. De behoefte om op eigen grond te bouwen is dan ook vooral financieel gedreven. We zien de laatste jaren dan ook een toename1 van solitaire bouwplannen verspreid in het buitengebied. ® De stelling in het OBP dat de Ladder van Duurzame Verstedelijking niet van toepassing zou zijn, omdat het hier slechts 2 woningen betreft (en de formele ondergrens ligt bij 12) wagen wij dan ook in twijfel te trekken.

Door telkens een plukje woningen toe te voegen kan alsnog substantiële impact op het karakter van het buitengebied hebben. Dit soort salamitactieken getuigt niet van een zorgvuldige ruimtelijke ordening. ® Financiële argumenten van individuele belanghebbenden zijn geen reden om een bestemmingsplan te wijzigen als er voldoende alternatieven binnen de komgrens zijn. 1

Deze zijn helaas niet op basis van openbare informatie te kwantificeren. Alhoewel het college na toezegging T 2021-074 de ontwikkelingen rondom agrarische bedrijven heeft gepoogd te duiden (waarbij prioritering vooruit geschoven is richting het vervolg op de Integrale Omgevingsvisie West Maas en Waal) is het letterlijke toezegging nooit uitgevoerd. Daardoor ontbreekt vooralsnog ieder overzicht van / inzicht in de verschillende (verspreide) woningbouwinitiatieven buiten de komgrenzen.

7

Bebouwingslint niet los van bebouwing Onder 4 is betoogd waarom niet de Structuurvisie Dorpen, maar de Structuurvisie Buitengebied van toepassing zou moeten zijn. Tegelijkertijd willen we wel van de gelegenheid gebruik maken om de beoogde werking van de bebouwingslinten, zoals beschreven in deze Structuurvisie Dorpen, toe te lichten. De Structuurvisie Dorpen (2015) stelt inbreiding boven uitbreiding, maar sluit uitbreiding niet uit (p. 16). Op p. 147 wordt de beoogde ontwikkeling langs de bebouwingslinten toegelicht. Daaruit, en uit de bijbehorende figuur kan duidelijk worden afgeleid dat ontwikkeling beoogd wordt in directe aansluiting op bestaande bebouwing / komgrens. Nergens is aanleiding om te veronderstellen dat ontwikkeling ver buiten de bestaande komgrenzen / met tussenliggende open gronden wordt beoogd. Fig 11. Toelichting bebouwingslint Sterker nog, eventuele kleinschalige ontwikkelingen dienen onderdeel te vormen van het landschappelijk beeld. Ten aanzien van de landschappelijke inpassing van de dorpen wordt immers ingezet op het beter leesbaar maken van het landschap rondom de dorpen, waarbij bestaande kwaliteiten het uitgangspunt vormen (p. 38). ® Deze solitaire ontwikkeling (op 400 m) ver buiten de bestaande bebouwings aan de Molenstraat kwalificeert zich niet als het ‘doortrekken’ van een bebouwingslint.

Strijdigheid met Structuurvisie Buitengebied en Landschapsontwikkelingsplan De Structuurvisie Buitengebied hanteert als uitgangspunt dat verstedelijking binnen de rode contouren dient plaats te vinden. Het bouwen van burgerwoningen in het oeverwalgebied wordt enkel in relatie tot het VAB beleid toegestaan. De Zoekzones voor Landschappelijke versterking zijn vervolgens verwerkt in het LandschapsOntwikkelingsPlan (2011). In deel 2 van het genoemde LandschapsOntwikkelingsPlan worden de bijbehorende handreiking/spelregels voor deze zoekzones geduid. Opvallend is dat op deze kaart (zie bijlage 1 bij deze zienswijze) juist benadrukt wordt dat stedelijke uitbreiding enkel in het gebied Appelhoek denkbaar is, en dat in het gebied rondom de Molenstraat juist het waarborgen van de open ruimte resp. het behoud van zichtlijnen als kader geldt. ® Toetsing aan de Structuurvisie Buitengebied en het LOP ontbreekt. ® Het OBP is niet verenigbaar met deze beide planologisch-juridische kaders. De beoogde woningbouw is niet gerelateerd aan / onderbouwd met het VAB beleid. Bovendien ligt het plangebied van het OBP in een gebied waar open ruimte en zichtlijnen gewaarborgd moeten worden. Strijdigheid met Omgevingsvisie Buitengebied West Maas en Waal (2021).

In de Omgevingsvisie Buitengebied is voor het oeverwal gebied rond de Molenstraat aangewezen gelden ten aanzien van natuur en landschap de volgende ‘ambities en keuzes’: Wanneer blijkt dat er geen concrete initiatieven zijn voor inbreiding, die op korte termijn gerealiseerd gaan worden, zal gekeken worden naar initiatieven voor uitbreiding in het buitengebied, mits dat geschiedt met behoud van de cultuurhistorische (groene) waarden. ® Zoals hierboven onder 1) en 3) reeds benoemd concludeert het college ten onrechte dat het OBP verenigbaar is met de Omgevingsvisie Buitengebied. 8

6. Dat iets niet wettelijk onmogelijk is, betekent nog niet dat je geen keuze hebt In het OBP zijn tal van deelaspecten getoetst aan verschillende achtereenvolgende (maar niet alle!) wettelijke kaders waarbij telkens geconstateerd is dat deze zich niet tegen de beoogde ontwikkeling verzetten. Maar planologie is geen exacte wetenschap waarbij het geheel altijd gelijk is aan de som der delen. Zeker gezien de selectieve wijze waarop aan kaders is getoetst, en in het licht van de lopende discussie over de (integrale) Omgevingsvisie, de begrenzing van de stedelijke gebieden en de opbrengst van de dorpenrondes, zou een integrale beoordeling meer voor de hand liggen. In een reguliere bestemmingsplanprocedure is nu juist dat wat aan de raad gevraagd wordt: te wegen of een ontwikkeling niet alleen juridisch haalbaar, maar ook politiek wenselijk is. ® Wij hopen dan ook oprecht dat de gemeenteraad van West Maas en Waal hier een letterlijke grens trekt, en het buitengebied in zijn waarde laat. Binnen de kernen is nog volop ruimte voor stedelijke functies, en als die er niet meer zou zijn, dan dient verstedelijking op integrale grondslag en duurzaam vorm te worden gegeven. Tot slot: ontwikkeling dient een individueel, geen algemeen belang Vanzelfsprekend maken wij ons als naaste buren zorgen om deze ontwikkeling die ons woongenot gaat beïnvloeden.

Zoals ook in onze reactie op het voorontwerp bestemmingsplan (bijlage 3) vermeld vinden we de plannen onevenredig groot in vergelijking met hetgeen op omliggende percelen is toegestaan. 2 forse woningen, waarbij de schuurwoning (850 m3) niet ondergeschikt is aan de hoofdwoning (650 m3)) met 135 m2 bijgebouwen te fors. Ook is het bestemmingsvlak wonen onevenredig groot in vergelijk met die op ons kavel (80 m diep t.o.v. 40 m diep). Naar onze mening zou die moeten worden teruggedrongen. Daarbij komt dat het creëren van een hofje / erf niet aansluit op de bestaande oriëntatie en bouwwijze. Bovendien is de landschappelijke inpassing te massief. De beoogde groene wand ontneemt weliswaar de forse schuurwoning (deels) aan het zicht, maar is in strijd met het huidige (en te versterken) open karakter met ‘doorkijkjes’. Maar: onze zorg is breder dan enkel dat. We hebben 6 jaar geleden bewust gekozen om in dit schitterende dorp, met deze prachtige omgeving, te komen wonen en (actief) te leven. ® We zijn niet tegen verandering, en zijn zeker bereid daaraan een bijdrage te leveren, zo lang die het algemeen nut dient. Bij deze ontwikkeling is daar echter geen sprake van. Uiteraard zijn wij graag bereid bovenstaande nader toe te lichten. Met vriendelijke groet, mede namens

,

Bijlagen: 1. Zoekzones landschappelijke versterking (LandschapsOntwikkelingsPlan 2011, p. 60) 2. kort-verslag-dorpenronde-omgevingsvisie-alphen-26-april-2023.pdf 3. Reactie op VOBP augustus 2022 9

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/14040385/1