Bijlage 9. Bezuinigingsvoorstellen VRGZ
Tekst van het document
Bijlage 2 Raadsbrief: Overzicht bezuinigingen De financiën bij gemeenten staan onder druk, zeker vanaf 2026, en dit terwijl gemeenten tegelijkertijd voor complexe maatschappelijke opgaven staan. In de Kaderbrief 2026 wordt al gemeld dat de VRGZ zich dit realiseert en dat nut en noodzaak van de activiteiten en de daarbij behorende kosten scherp worden afgewogen. Inmiddels worden de effecten van deze onder druk staande financiële situatie steeds duidelijker en raakt deze ook direct de Veiligheidsregio’s. Korting op Brede Doeluitkering Rampenbestrijding (BDuR) In september 2024 heeft het kabinet aangekondigd dat er vanaf 2026 een korting van 10% zal worden toegepast op de BDuR-gelden, de bijdrage die de Veiligheidsregio’s van het Rijk ontvangen. Deze korting houdt voor de VRGZ een bezuiniging in van ongeveer € 1.100.000 op het programma Crisisen Rampenbestrijding vanaf 2026. Ook de versterkingsgelden crisisbeheersing en informatiemanagement die vanaf 2023 zijn toegevoegd aan Rijksbijdrage vallen onder deze korting. Gemeentelijke bijdragen In de zienswijzen op de VRGZ Kaderbrief 2026 heeft een meerderheid van de gemeenten de oproep gedaan om nader te kijken naar de mogelijkheden tot besparingen. Daarbij vragen een aantal gemeenten om te kijken naar het onderscheid tussen wettelijke en niet-wettelijk taken.
Andere gemeenten stellen als kader een lagere gemeentelijke bijdrage van 1,5% (€ 800.000) in de begrotingsjaren 2026 en 2027 ten opzichte van de begroting 2025, oplopend naar een 3,0% (€ 1.600.000) lagere gemeentelijke bijdrage vanaf 2028. De gemeente Druten heeft als kader gesteld een bezuiniging van 6% (€ 3.200.000) vanaf 2026. Tenslotte heeft het AB VRGZ in juli 2024 in haar vergadering besloten de VRGZ een taakstelling op te leggen van € 150.000,- vanaf 2025. Onzekerheid Het doorvoeren van de korting op de BDuR-gelden is nog geen zekerheid. Mogelijk trekt het kabinet het besluit in of komt met compenserende maatregelen. Of dat gebeurt en de mate waarin is ook nog onbekend. De besluitvorming hierover vindt echter pas na half april plaats. Dat zal zijn nadat de VRGZ de ontwerpbegroting naar de raden heeft verzonden, maar nog voor het Algemeen Bestuur hierover een definitief besluit moet nemen. Voor de VRGZ betekent dit echter wel dat deze bezuiniging meegenomen moet worden in de ontwerpbegroting 2026. Bezuinigingsmogelijkheden De VRGZ heeft in opdracht van het bestuur onderzocht waar in de organisatie nog mogelijk ruimte is om te bezuinigen. Dit bleek geen makkelijke opgave. De VRGZ is, net als alle veiligheidsregio’s, een beleidsarme uitvoeringsorganisatie. Een besparing kan niet vanuit overhead of ondersteuning geleverd worden daar deze al sober is ingericht.
Onderzoeksbureau Berenschot heeft in 2022 de overheadkosten (onder andere bedrijfsvoering) van de VRGZ vergeleken met 15 andere Veiligheidsregio’s. In de VRGZ bedragen de kosten van de overhead 18% van de totale kosten. Dat is 20% minder dan het landelijk gemiddelde. Dit staat gelijk aan een bedrag van rond de 2 miljoen. Daarnaast zijn er in het verleden op verzoek van de gemeenteraden al bezuinigingen doorgevoerd binnen onze veiligheidsregio en is er voor zo’n 4 miljoen aan structurele kosten zelf opgevangen
Pagina 1 van 12
binnen de begroting. Waardoor er geen efficiencyvoordelen, dan wel financiële dekking in de marge te behalen vallen door nog verder operationele taken en voertuigen te schrappen, zonder dat dit serieuze consequenties heeft voor de kwaliteit van ons optreden. Hieronder is een overzicht uitgewerkt voor de bezuinigingen die oorsprong hebben in de eerder door het bestuur opgelegde taakstelling van € 150.000, vanaf begroting 2025, en de 10% korting op de BDuR-gelden door de Rijksoverheid. De bezuinigingen worden hierna verder toegelicht met een beknopte beschrijving van de impact. Nr.
Omschrijving bezuinigingen
Jaarlijkse besparing (€)
1
Oefenavonden vrijwilligers
€ 100.000
2
Reanimatie: AED / BLS
€ 130.000
3
Brandweerboot
€ 239.000
4
Veiligheidsinformatie Knooppunt / Informatiegestuurde Veiligheid
€ 200.000
5
Ondersteuning gemeenten evenementenveiligheid
€ 60.000
6
Netwerkmanagement
€ 160.000
7
Multidisciplinaire oefeningen
€ 160.000
8
Piketten ROT
€ 290.000
Totaal bezuinigingen Crisis- & Rampenbestrijding
€ 1.339.000
Ook vindt u in deze bijlage een overzicht van alle wettelijke en afgeleide taken die de VRGZ op dit moment uitvoert, zoals is gevraagd in de zienswijzen op de Kaderbrief 2026. Onwenselijke en onverantwoorde bezuinigingen Het inboeken van bezuinigingen vinden wij als Dagelijks Bestuur onwenselijk en onverantwoord. Met het voornemen om te bezuinigen op de BDuR, dwingt het kabinet de veiligheidsregio’s om te snijden in de uitvoering van cruciale taken op het gebied van brandweerzorg en crisisbeheersing. Dit staat haaks op het belang dat het kabinet hecht aan veiligheid en de oproep van het Veiligheidsberaad om juist, gegeven de toenemende veiligheidsrisico’s en de maatschappelijke weerbaarheidsopgave, extra te investeren in de veiligheidsregio’s. Nu bezuinigen betekent het afbreken van structuren en capaciteiten waar we juist met de versterkingsgelden in hebben geïnvesteerd en die we morgen nodig hebben. Indien gemeenten hun verzoek tot bezuinigingen doorzetten heeft dit als gevolg dat we nog verder moeten snijden in onze operatie. Sluiten van kazernes, het verkopen van materiaal, het terugbrengen van aantallen vrijwilligers en medewerkers sluiten wij daarbij niet uit. Met alle consequenties van dien voor de dienstverlening aan onze inwoners en het veiligheidsgevoel van onze inwoners. Als dagelijks bestuur vinden wij dit absoluut onwenselijk.
De gemeentelijke bezuinigingstaakstelling is daarom nu niet meegenomen in de ontwerpbegroting omdat dit gewoonweg niet verantwoord is. Sterker nog, wij vinden als dagelijks bestuur dat in deze tijd er juist geld te kort is om aan de taken en verwachtingen te kunnen voldoen die wij van de Veiligheidsregio vragen. Als het Rijk gezien de maatschappelijke weerbaarheidsopgave de bezuinigingen op de veiligheidsregio’s terugdraait, dan zouden we het als dagelijks bestuur onwenselijk en ontverantwoordelijk vinden dat gemeenten, gezien de huidige situatie in de wereld, bezuinigingen in deze omvang op crisisbeheersing en brandweerzorg, oftewel de veiligheidsregio wel zouden doorvoeren.
Pagina 2 van 12
Oefenavonden vrijwilligers Besparing: € 100.000 Toelichting De vrijwillige brandweerposten oefenen jaarlijks op 40 avonden. Tijdens deze avonden onderhouden ze basisvaardigheden en worden verplichte (specialistische) oefenonderdelen getraind. Met als doel het onderhouden van kennis en kunde om bestaande nieuwe risico’s waarmee de brandweer te maken krijgt veilig het hoofd te bieden. We reduceren het aantal oefenavonden. De besparing betreft de uurvergoeding die de vrijwilligers krijgen die bij deze reductie niet hoeft worden uitbetaald. Wat doen we niet meer? We trainen en oefenen minder vaak. Risico’s • Verminderde vakbekwaamheid vrijwilligers • Toename van de kans op ongevallen en slachtoffers bij de vrijwilligers • Beperktere handelsperspectieven bij uitvoering van de hulpverlening (oplossend vermogen) • Minder binding/sociale cohesie met de post waardoor de kans op eerder stoppen toeneemt
In de praktijk Incident: ongeluk op de A15 Bij een ernstig ongeval op de A15 botsen een vrachtwagen en meerdere auto’s op elkaar. De vrachtwagen lekt vloeistof, meerdere slachtoffers zitten bekneld en het accupakket van een elektrisch voertuig ontbrandt. Brandbestrijding en technische hulpverlening voor een adequate bevrijding van de slachtoffers is dringend gewenst. Meerdere tankautospuiten, een schuimblusvoertuig en een hulpverleningsvoertuig voorzien van zwaar hydraulisch redgereedschap met specialistische bepakking worden gealarmeerd. Afstemming en samenwerking tussen deze brandweereenheden is noodzakelijk. Door een lagere oefenfrequentie is de vakbekwaamheid en betrokkenheid van de brandweervrijwilligers afgenomen en onvoldoende gebleken in relatie tot nieuwe technische ontwikkelingen. Het inzicht over de mogelijkheden van en de afstemming met specialistische eenheden verloopt stroef. Het veiligstellen van het accupakket, de vloeistofplas en de inzet van het zwaardere redgereedschap duurt lang. Slachtoffers moeten hierdoor langer wachten op het ontvangen van acute medische zorg. Een collega bezeert zich door onjuist gebruik van materiaal.
Pagina 3 van 12
Reanimatie: AED/BLS Besparing: € 130.000 Toelichting Met onze gezamenlijke hulpdiensten zetten we in om hulpverlening zo snel mogelijk op de juiste plek te krijgen. Eén van de manieren om dit te doen is het uitvoeren van reanimaties door 26 brandweerposten. Dit betekent concreet dat er gereden wordt op meldingen van reanimaties. Door ons fijnmazige netwerk zijn wij vaak in staat om in afwachting van de ambulance te starten met de reanimatie. Dit vergroot de kans op overleven in de eerste levensreddende minuten. Wat doen we niet meer? Wij stoppen met het ondersteunen van ambulancezorg bij reanimaties. Risico’s • Met name burgers die verder weg wonen van een ambulancepost en waar (nog) geen burgerhulpverlening in de omgeving is georganiseerd zullen langer op noodhulp moeten wachten.
In de praktijk Incident: reanimatie Bij de Meldkamer Ambulance komt een melding binnen over een mevrouw met een hartstilstand. De dichtstbijzijnde ambulance is op de A15 bezig met een ongeluk tussen een vrachtwagen en een elektrische auto. Daardoor is de volgende beschikbare ambulance er pas op zijn vroegst na 15 minuten. De politie wordt gealarmeerd, maar die is ook druk met het verkeersongeval. De hulp voor mevrouw komt helaas te laat.
Pagina 4 van 12
Brandweerboot Besparing: € 239.000 Toelichting De VRGZ kent met de Waal die door onze regio loopt een aanzienlijk risico op incidenten waarbij schepen betrokken zijn. Het is één van de drukst bevaren rivieren in Europa. Incidenten kunnen een zeer grote impact hebben, zeker als het gaat om incidenten met toxische stoffen en met passagiersboten, deze zijn ook opgenomen in het risicoprofiel van de regio Gelderland-Zuid. Bij incidenten op de rivieren zetten wij één of beide brandweerboten in vanuit de ligplaats Nijmegen of Tiel. De brandweerboten zijn niet alleen inzetbaar binnen Gelderland Zuid maar worden ook ingezet op basis van samenwerkingsovereenkomsten in buurregio’s. Wij hebben in onze regio geen reddingsmaatschappij zoals de KNRM en ook Rijkswaterstaat voert deze taken niet uit. Hierdoor is de brandweerboot de enige boot die bij incidenten op het water ter beschikking staat. Wat doen we niet meer? Wij stoten één van de twee brandweerboten af. Risico’s • Langere aanvaartijden bij incidenten. Dit kan oplopen tot twee uur extra vaartijd. • Een incident op het water kan wanneer er geen brandweerboot aanwezig is waarschijnlijk niet worden bestreden en daardoor escaleren met grote impact (veiligheid en economische schade) tot gevolg. • De waterwegen worden toenemend belast met vaarbewegingen, waardoor de kans op benodigde inzet van de brandweerboot groter wordt.
Daarbij leidt de verandering in aandrijfsystemen van passerende vaartuigen en een zwaardere belasting van de vaarwegen ook tot een verandering van type incidenten op het water die wij vervolgens niet meer kunnen bestrijden.
In de praktijk Incident: botsing met twee schepen Het waterpeil in de Waal staat door langdurige droogte laag. Hierdoor hebben schepen minder ruimte om elkaar te passeren. Een binnenvaartschip geladen met benzeen en een cruiseschip met 150 senioren aan boord botsen op elkaar. Door de aanvaring is het cruiseschip onbestuurbaar geworden en aan boord zijn een tiental passagiers gewond geraakt. In de motorruimte van het binnenvaartschip is brand ontstaan. De rookwolk gaat richting de bebouwde kom van Tiel, omdat de brand niet snel onder controle te krijgen is. Hierdoor ontstaat er ook een incident op de kade. De brandweerboot uit Nijmegen heeft ruim anderhalf uur nodig om ter plaatse te komen. De gewonde passagiers van het cruiseschip, dat midden op de Waal voor anker is gegaan, moeten lange tijd wachten op evacuatie naar de wal. Aan wal staan ambulances en andere hulpdiensten te wachten op de gewonde passagiers. De bemanning van het benzeenschip kon gelukkig overstappen op een ander binnenvaartschip. De brand op het binnenvaartschip geladen met benzeen ontwikkelt zich en kan niet worden bestreden waardoor verdere escalatie dreigt.
Pagina 5 van 12
Veiligheidsinformatie Knooppunt / Informatiegestuurde Veiligheid Besparing: € 200.000 Toelichting Informatiemanagement is één van drie speerpunten uit het Regionaal Beleidsplan en één van de thema’s uit de Landelijke Agenda Crisisbeheersing. In ons Veiligheidsinformatie Knooppunt (VIK) komt informatie samen die de hulpdiensten helpt bij de uitoefening van hun taak. In onze steeds complexer wordende samenleving is een goede informatievoorziening cruciaal. Zowel tijdens een korte inzet, zoals een woningbrand, als bij (de voorbereiding op) een langdurige crisis voorziet het VIK ons en onze partners van informatie. Het VIK bestaat nog niet zo lang (sinds 2022) en is sindsdien stap voor stap beter geworden. De informatie die het VIK tijdens incidenten en in de voorbereiding van incidenten kan bieden is heel waardevol gebleken en wordt ook steeds zichtbaarder. Landelijk wordt hier stevig op ingezet, onder meer door de introductie van KCR2 (Knooppunt Coördinatie Regio’s – Rijk (KCR2) Wat doen we niet meer? We stoppen met de doorontwikkeling van het VIK. Daarnaast vindt monitoring, analyse en advies alleen tijdens kantoortijden plaats met een beperkte bezetting. Incidenten die buiten kantoortijden plaatsvinden, krijgen geen bijdrage vanuit het VIK. Daarnaast wordt niet bijgedragen aan de bovenregionale en landelijke ambities op het gebied van informatievoorziening.
Risico’s • Vertraagde en minder effectieve besluitvorming voor- of tijdens incidenten, met mogelijke gevolgen voor de veiligheid van inwoners en eigen personeel. • Door gemis aan informatie sluit de bestrijding van het incident niet aan bij wat gewenst en noodzakelijk is vanuit het perspectief van de burger. Minder vertrouwen in de overheid. • Afgesproken doelen vanuit het Regionaal Beleidsplan worden niet behaald. • Landelijke en bovenregionale afspraken uit de landelijke agenda crisisbeheersing worden niet nagekomen. • Regionale beelden worden niet of niet tijdig uitgewisseld met partners.
In de praktijk Incident: jaarwisseling Tijdens de jaarwisseling vinden veel incidenten gelijktijdig plaats. Dit zijn zowel kleine incidenten (containerbranden), maar ook grote incidenten waar de hulpdiensten met elkaar samen moeten werken. Dit zijn momenten waarop uitwisseling van informatie cruciaal is. Door het gemis aan een goede informatie(positie) is er onvoldoende aansluiting bij de multipartners en wordt capaciteit op verkeerde en ook onveilige plekken ingezet. Te veel materieel en personeel waar het niet nodig is en te weinig of niet juiste expertise daar waar het juist zo nodig zou zijn. Tevens is er onvoldoende onderbouwing om bestuurders de juiste besluiten te laten nemen. De burger stelt vragen bij de aanpak en vertrouwen daalt. Er vindt buiten kantoortijden geen informatie-uitwisseling tussen partners plaats en informatie zal niet worden geanalyseerd ten behoeve van afstemmen processen, adviseren bevoegd gezag en het nemen van maatregelen.
Pagina 6 van 12
Ondersteuning gemeenten evenementenveiligheid Besparing: € 60.000 Toelichting De VRGZ heeft een beperkte wettelijke taak bij het adviseren van evenementen. Op verzoek van de gemeenten voeren wij meer taken uit, zoals het zijn van een vraagbaak voor de gemeentelijke vergunningverleners en het verhogen van hun kennis. Daarnaast nemen we deel aan veiligheidsoverleggen voor B- en C- evenementen, helpen we bij de organisatie van oefeningen en hebben we een leergang evenementenveiligheid voor gemeentelijke vergunningverleners georganiseerd. Vanuit de extra gelden voor versterking crisisbeheersing en informatiemanagement is extra capaciteit vrijgemaakt om gemeenten te ondersteunen op het gebied van informatiegestuurde evenementenveiligheid. Er loopt een Fieldlab evenementen, waarin de VRGZ met verschillende organisaties intensief samenwerkt aan een innovatief 3D-model van de stad Nijmegen, om het veiligheidsproces rond grote evenementen zoals de Vierdaagsefeesten, te optimaliseren. Deze pilot wordt op verzoek van de gemeenten uitgebreid naar andere grote risicovolle evenementen in de regio. Wat doen we niet meer? We stoppen met: • Onze bijdrage aan het Fieldlab evenementen. • Er zal op de plaats van het evenement geen direct aanwezige gecoördineerde inzet van geneeskundige zorg meer zijn bij risicovolle evenementen.
• Verhogen kennis bij gemeentelijke vergunningverleners Risico’s • Deze wijziging heeft negatieve impact op de multidisciplinaire samenwerking in de regio en daarmee op de effectieve informatie-uitwisseling, samenwerking en coördinatie in de voorbereiding op en tijdens evenementen. • De coördinatie van de geneeskundige hulpverlening wordt afhankelijk van aanrijtijden. Deze cruciale coördinatie start daarmee later op. • Gemeenten zullen zelf kennis in huis moeten halen om in behoefte aan coördinatie en samenwerking te voorzien. In de praktijk Incident: onrust op Appelpop Tijdens Appelpop raken tijdens het optreden van een populaire band een aantal bezoekers in de mensenmassa bekneld. Mensen beginnen te gillen en begrijpen niet wat er aan de hand is. Dan horen mensen ook nog een knal op het aanliggende terrein en er breekt paniek uit. Mensen willen zo snel mogelijk van het terrein af. De mensenmassa gaat overal heen en ze negeren de tekens van de beveiligers en de aanwezige hulpverleners. Uiteindelijk raken tientallen mensen gewond en moeten ambulances ter plaatse komen om de mensen te helpen en naar het ziekenhuis te vervoeren. We hadden dit beter kunnen doen door aan de voorkant te simuleren hoe de mensenmassa zich verspreid tijdens dit evenement en daardoor slachtoffers kunnen voorkomen.
Ook hadden we het beter kunnen coördineren als er al een geneeskundig coördinator aanwezig was op het terrein.
Pagina 7 van 12
Netwerkmanagement Besparing: € 160.000 Toelichting Netwerkmanagement is één van drie speerpunten uit het Regionaal Beleidsplan en één van de thema’s uit de Landelijke agenda crisisbeheersing. De VRGZ werkt op diverse thema’s op het gebied van incidentbestrijding, risicobeheersing en crisisbeheersing veel samen met partners. Die banden moeten worden onderhouden en op een aantal punten ook worden versterkt zeker gezien de toenemende complexiteit van incidenten en crises. Om dat te bereiken faciliteren wij samenwerking, kennisdeling en verbinding met en tussen lokale, bovenregionale en landelijke netwerken. Wat doen we niet meer? Uitvoeringsbudget en de daarbij horende capaciteit wordt geschrapt. Hierdoor is er geen capaciteit beschikbaar om (potentiële nieuwe) crisispartners en (maatschappelijke) organisaties in beeld te houden en te brengen en daar samenwerkingsafspraken mee te maken. Er is geen budget om netwerk- en kennisbijeenkomsten te faciliteren. Als laatste leveren we geen bijdrage meer aan de toegezegde bovenregionale en landelijke ambities (RCDV, Veiligheidsberaad) op het gebied van netwerkmanagement en het landelijk programma versterken maatschappelijke weerbaarheid. Risico’s • Minder of geen zicht op potentiële nieuwe netwerkpartners met kennis, kunde of capaciteit ten aanzien van nieuwe type crises.
• Medewerkers van netwerkpartners kennen elkaar minder en weten in tijden van crises niet goed wat ze aan elkaar hebben en welke bijdrage geleverd kan worden. • De regierol en onze zichtbaarheid en platformfunctie komt onder druk te staan. • De ambitie uit het regionaal beleidsplan wordt niet behaald. • Landelijke en bovenregionale afspraken en ambities uit de landelijke agenda crisisbeheersing kunnen niet worden nagekomen. • De cumulatie van het bovenstaande zorgt dat wij ons onvoldoende kunnen preparen op de risico’s die zich hedendaags en in de nabije toekomst aandienen.
In de praktijk Incident: Dreiging besmetting drinkwater Er zijn in een kerkdorp gezondheidsklachten, mogelijk te herleiden tot het innemen van drinkwater dat met een onbekende stof is besmet. Is er sprake van opzet? Om welke stof gaat het? Er wordt opgeschaald naar GRIP2. Er blijkt geen actueel overzicht te zijn van relevante crisispartners en met name van de vertegenwoordigers van die organisaties. Hierdoor duurt het langer voordat afhankelijkheden inzichtelijk worden en gespecialiseerde hulp kan worden ingeschakeld. Dit resulteert in een groter risico op vergaande milieu- en gezondheidsschade en een langdurige waterstoring in de direct omgeving. Ook is er geen overzicht van maatschappelijke partners die mogelijk voor langere tijd een bijdrage kunnen leveren aan het verstrekken van nooddrinkwater en het plaatsen van noodvoorzieningen zoals sanitaire voorzieningen.
Pagina 8 van 12
Multidisciplinaire oefeningen COPI, ROT en GBT/RBT Besparing: € 160.000 Toelichting De wettelijke kerntaak van de VRGZ is het voorbereiden op de bestrijding van branden en het organiseren van de rampenbestrijding en crisisbeheersing, inclusief de advisering over de gemeentelijke voorbereidingen daarop. Om gemeentelijke functionarissen voor te bereiden worden jaarlijks verschillende oefeningen gehouden (COPI/ROT/BT). Bij deze oefeningen zijn crisisfunctionarissen aanwezig van de VRGZ, gemeenten, politie en andere partners. We zitten in onzekere tijden, waar we veel verwachten van de weerbaarheid van de burgers maar zeker ook van de crisisorganisatie. Met elkaar oefenen is daarom nu meer dan ook noodzaak. Grote incidenten zijn vaak dermate complex dat je met elkaar goed geoefend moet zijn. Voor veel crisisfunctionarissen, met name van gemeenten, is dit een neventaak. Dat zien we tijdens de oefeningen ook terug. Wat doen we niet meer? Het aantal multidisciplinaire oefeningen wordt gehalveerd en er wordt gebruik gemaakt van een beperkt aantal terugkerende scenario’s. Er worden geen nieuwe scenario’s ontwikkeld. Risico’s • Niet alle crisisfunctionarissen kunnen jaarlijks oefenen. • Minder vakbekwame crisisorganisatie • Mensen kennen elkaar minder of niet, omdat ze elkaar niet tegenkomen.
• Door gebruik van repeterende scenario’s, worden minder diverse typen incidenten goed getraind. • Onvoldoende kennis en ervaring leidt tot suboptimale samenwerking op die momenten waar een goed functionerend team het verschil kan maken in een goede afwikkeling van een incident of crisis.
In de praktijk Incident: neergestorte gevechtshelikopter De N320 Culemborg-Lienden is tussen de weg naar Beusichem en de N834 afgesloten vanwege een helikopterongeluk bij Zoelmond. Een apache gevechtshelikopter vliegt maandagavond tegen de bliksemafleiders van een hoogspanningsmast, met een grote stroomstoring tot gevolg. Ruim 24.000 huishoudens zitten uren zonder elektriciteit. De goed getrainde crisisorganisatie wordt ingeschakeld om dit incident te beheersen en om de gevolgen zo snel mogelijk op te lossen: vijf uur later had iedereen weer elektriciteit. In dit geval was de samenwerking goed. Functionarissen weten elkaar te vinden en weten van elkaar wat ze doen. Bij een halvering van het aantal oefenmomenten, gaat deze samenwerking niet meer soepel, wat grote invloed heeft op de kwaliteit van de besluitvorming en goede inzet van mensen en middelen.
Pagina 9 van 12
Piketten ROT Besparing: € 290.000 Toelichting Het Regionaal Operationeel Team (ROT) bestaat uit verschillende functionarissen uit de hele regio die nu op piket staan. Ze krijgen een piketvergoeding om binnen een wettelijk gestelde tijd op locatie te zijn. Het gaat om: • Regionaal Operationeel Leider • Algemeen Commandant Geneeskundige Zorg • Hoofd Informatie Geneeskundige Zorg • Algemeen Commandant Crisiscommunicatie • Communicatieadviseur ROT/BT • Floormanager Het ROT wordt opgeroepen bij opschaling vanaf GRIP2. Dit gebeurt bij flitsincidenten en bij de grote landelijke crises zoals COVID-19 en de asielcrisis. Wat doen we niet meer? De functionarissen gaan van een hard piket naar een vrije instroompiket (kanspiket). Dit betekent dat de functionarissen mogen komen, maar niemand is verplicht. Er is daarmee geen garantie op opkomst binnen de gestelde termijnen of zelfs helemaal niet. Risico’s • Een ROT dat compleet en op tijd start is niet reëel. Het kan dus zijn dat de Operationeel Leider niet aanwezig is en er geen aanspreekpunt is voor de burgemeester. • Er is geen gegarandeerde start van de werkzaamheden zoals vastgesteld in het wettelijk Besluit Veiligheidsregio’s.
Uit de jaarlijkse rode draden analyse, input voor de risicoanalyse van de Inspectie Justitie en Veiligheid, blijkt dat de opkomst van vrije instroom van met name gemeentelijke crisisfunctionarissen voor verbetering vatbaar is. • Het vinden van voldoende mensen om de poule van deze crisisrollen te vullen, wordt buitengewoon lastig. • Bij langdurige crisis is het moeilijker om deze crisisrollen langdurig in te vullen.
In de praktijk Incident: brand buurtbatterij Bij een energiebedrijf in Culemborg staat een auto in brand tegen een buurtbatterij. Een buurtbatterij is een batterij die zelf opgewekte stroom van meerdere huishoudens kan opslaan. De beveiliger heeft een bluspoging gedaan, maar heeft de brand niet uitgekregen. Uit de buurtbatterij komt inmiddels dikke witte en zwarte rook. De rook trekt richting het centrum van Culemborg. In het effectgebied is een woon-zorgcomplex een basisschool en een middelbare school. Het ROT wordt bij elkaar geroepen. Het is een week na de vierdaagse en veel mensen hebben vakantie. De Regionaal Operationeel Leider start met de vergadering en ziet wie er zijn: deze keer is binnen de gewenste tijd de floormanager opgekomen en de Algemeen Commandanten Politiezorg en Crisiscommunicatie. Helaas was de rest op vakantie of ver buiten de regio. Tijdens het incident vindt dus geen goed gecoördineerde hulpverlening plaats en ook besluiten zijn niet met complete informatie en afweging te nemen, waardoor de effecten voor de omgeving veel groter zijn geworden, en er meer inwoners zijn met gezondheids- en materiële schade.
Pagina 10 van 12
Overzicht wettelijke en specifieke taken veiligheidsregio Brandweerzorg
Art 3, eerste lid Wvr: a. het voorkomen, beperken en bestrijden van brand, het beperken van brandgevaar, het voorkomen en beperken van ongevallen bij brand en al hetgeen daarmee verband houdt
b. het beperken en bestrijden van gevaar voor mensen en dieren bij Rampenbestrijding en crisisbeheersing
ongevallen anders dan bij brand. Art. 10 Wvr a. het inventariseren van risico’s van branden, rampen en crises; b. het adviseren van het bevoegd gezag over risico’s van branden, rampen en crises in de bij of krachtens de wet aangewezen gevallen alsmede in de gevallen die in het beleidsplan zijn bepaald; c. het adviseren van het college van burgemeester en wethouders over de taak, bedoeld in artikel 3, eerste lid; d. het voorbereiden op de bestrijding van branden en het organiseren van de rampenbestrijding en de crisisbeheersing; e. het instellen en in stand houden van een brandweer; f. het instellen en in stand houden van een GHOR; g. het voorzien in de meldkamerfunctie; h. het aanschaffen en beheren van gemeenschappelijk materieel; i. het inrichten en in stand houden van de informatievoorziening binnen de diensten van de veiligheidsregio en tussen deze diensten en de andere diensten en organisaties die betrokken zijn bij de onder d, e, f, en g genoemde taken. Art. 25 Wvr: De door het bestuur van de veiligheidsregio ingestelde brandweer voert in ieder geval de volgende taken uit: a. het voorkomen, beperken en bestrijden van brand; b. het beperken en bestrijden van gevaar voor mensen en dieren bij ongevallen anders dan bij brand; c. het waarschuwen van de bevolking; d. het verkennen van gevaarlijke stoffen en het verrichten van ontsmetting; e.
het adviseren van andere overheden en organisaties op het gebied van de brandpreventie, brandbestrijding en het voorkomen, beperken en bestrijden van ongevallen met gevaarlijke stoffen. f. de brandweer voert tevens taken uit bij rampen en crises in het kader van de rampenbestrijding en de crisisbeheersing.
Geneeskundige hulpverlening
Art 46 en 49 Wvr: Het verschaffen van informatie en het zorg dragen voor de communicatie over rampen en crisis Art. 33 Wvr Organisatorische verbanden die zorg of een andere dienst verlenen waarop aanspraak bestaat ingevolge artikel 3.1.1 van de Wet langdurige zorg of ingevolge een zorgverzekering als bedoeld in artikel 1, onderdeel d, van de Zorgverzekeringswet, zorgaanbieders als bedoeld in de Wet op de beroepen in de individuele gezondheidszorg, Regionale Ambulancevoorzieningen en gezondheidsdiensten in die regio, die een taak hebben binnen de geneeskundige hulpverlening, treffen de nodige Pagina 11 van 12
maatregelen met het oog op hun taak en de voorbereiding daarop. Het bestuur van de veiligheidsregio, de Regionale Ambulancevoorziening en de in die regio werkzame organisatorische verbanden, zorgaanbieders en diensten, bedoeld in het eerste lid, maken schriftelijke afspraken over de inzet van deze organisatorische verbanden, zorgaanbieders en diensten bij de uitvoering van hun taak en op de voorbereiding daarop.
Specifieke taken en niet wettelijke taken De wet en het besluit VR is niet uitputtend in de taakbeschrijving van de veiligheidsregio. Hieronder zijn de belangrijkste taken opgesomd die afgeleid zijn van de wet en via expliciete besluiten c.q. de programmabegroting zijn toebedeeld aan de veiligheidsregio. Het betreft: • Adviseren van het bevoegd gezag over de risico’s van branden, rampen en crisis en de gevolgen op de leefomgeving in de regio Gelderland-Zuid • Adviseren bij regiogrensoverschrijdende risico’s en effecten, in samenwerking met buurregio’s, onder meer op het gebied van evenementenveiligheid en in het kader van de Omgevingswet • Het inrichten en in stand houden van de informatievoorziening binnen de diensten van de veiligheidsregio en tussen deze diensten en de andere diensten en organisaties die betrokken zijn bij incidentbestrijding, risico- en crisisbeheersing. • Het sluiten van convenanten met de politie, andere overheden en derden over de afstemming, voorbereiding of uitvoering van taken die betrekking hebben op de hulpverlening en veiligheid • Bestuurlijk platform voor sociaal-maatschappelijke veiligheidsthema’s voor de gemeenten in de regio, uiteraard in goede afstemming met andere gremia.
De VRGZ faciliteert dit platform zodat bestuurlijke afstemming kan plaatsvinden over gezamenlijke thema’s • Coördinatie en uitvoering Programma bevolkingszorg en crisiscommunicatie (vanaf invoering tweede tranche van wijzigingen Wet veiligheidsregio’s, medio 2027, wordt dit een wettelijke taak). • Overige niet wettelijke taken: o Het uitvoeren van brandonderzoek naar de oorzaak van de brand o Afhijsen van patiënten als andere hulpdiensten, zoals ambulancepersoneel, de patiënt niet veilig kunnen bereiken of verplaatsen. o First Responder Brandweer (AED) om zo de responstijd bij medische noodgevallen te verkorten, waardoor de overlevingskansen van slachtoffers groter worden o Specialistische taken; taken die de repressieve organisatie uitvoert die niet vallen onder de basisbrandweerzorg, zoals die beschreven is in het Besluit veiligheidsregio’s, en die extra inzet van materieel, personeel, opleiden of oefenen vragen. De wettelijke en afgeleide taken en bevoegdheden zijn nader uitgewerkt in artikel 5 van de Gemeenschappelijke regeling Veiligheidsregio Gelderland-Zuid.
Pagina 12 van 12